Tag Archives: verwarming

Driekwart van Nederland verwarmt nog met gas

Gepubliceerd op

Ondanks de opmars van de warmtepomp, is de cv-ketel nog altijd veruit de meest gebruikte verwarmingsbron in Nederlandse huishoudens. Ruim driekwart van de Nederlanders stookt nog op gas. De warmtepomp komt met zeven procent op plek twee, terwijl vijf procent van Nederland aangeeft aangesloten te zijn op stadsverwarming. Dit blijkt uit onderzoek van energiebedrijf Zonneplan, in samenwerking met onafhankelijk veldwerkbureau Panel Inzicht.

Naast de cv-ketel, warmtepomp en stadsverwarming worden ook de elektrische kachel en de houtkachel nog af en toe genoemd. Beide hebben een aandeel van drie procent. Met 12,7 procent is de houtkachel met name in Groningen nog populair. Andere verwarmingsbronnen, zoals de pelletkachel, zonneboiler of infraroodpanelen hebben slechts een marginaal aandeel.

Warmtepomp populairst in Flevoland en Friesland
In vrijwel alle Nederlandse provincies ligt het aandeel van de cv-ketels als voornaamste verwarmingsbron grofweg tussen de 70 en 80 procent. Flevoland vormt daarop echter de grote uitzondering. In ‘s lands jongste provincie maakt nog een kleine 55 procent gebruik van een cv-ketel. Zo’n een op de zeven Flevolandse woningen wordt inmiddels verwarmd met behulp van een warmtepomp. Daarnaast is een op de vijf huizen aangesloten op stadsverwarming, waarbij (grotendeels) gebruikgemaakt wordt van restwarmte uit industrieën.
Ook in Friesland is de warmtepomp bovengemiddeld populair. 13,6 procent van de Friese huishoudens heeft er een. Desondanks maakt bijna driekwart van de gezinnen in Friesland nog gebruik van een cv-ketel. In Zeeland ligt dit percentage met ruim 83 procent nog hoger. Hier valt dan ook nog een grote slag te slaan. Slechts 3,3 procent van de Zeeuwen maakt gebruik van een warmtepomp. In Overijssel is dit overigens nog net iets minder.

Warmtepomp populairst onder twintigers
Kijkend naar de diverse leeftijdscategorieën valt uit het onderzoek van Zonneplan op te maken dat vooral de jongere groep Nederlanders zich bezighoudt met duurzamer verwarmen. Van de tweeduizend ondervraagden met een eigen huur- of koopwoning tussen de 18 en 29 jaar geeft namelijk 14 procent aan een warmtepomp te hebben, terwijl de cv-ketel een aandeel heeft van ‘slechts’ 65 procent. In alle andere leeftijdscategorieën ligt dit laatste getal boven de 80 procent. Opvallend is dat de ‘ouderwetse’ en zeer vervuilende houtkachel daarentegen alleen onder twintigers en dertigers (respectievelijk 6,1 en 4,7 procent) nog enige populariteit geniet.

Terugverdientijd warmtepomp
Bij de keuze voor een warmtepomp speelt de terugverdientijd vaak een rol. Uit het onderzoek blijkt dat 26 procent van de ondervraagden die een warmtepomp overwegen willen dat de terugverdientijd hooguit vijf jaar bedraagt. Nog eens 25 procent neemt ook genoegen met een terugverdientijd van zes tot tien jaar. De grootste groep, ruim 40 procent, geeft echter aan nog niet te weten bij welke terugverdientijd zij een warmtepomp interessant acht. Bij de huidige energietarieven is een warmtepomp in veel gevallen binnen vier tot zes jaar terug te verdienen.

Van het gas af maar bewoner centraal

Hoe kun je circulair en betaalbaar renoveren, waarbij gezondheid, comfort en de bewoner niet uit het oog worden verloren? Die ...
Verder Lezen

Woning op waterstof moet draagvlak creëren voor aardgasvrij gasnet

Sinds deze week stroomt er via een container waterstof naar een woning in het Zuid-Hollandse Stad aan ’t Haringvliet. In ...
Verder Lezen

Fabriek Bosch Deventer geleidelijk over van gasketels op systeemoplossingen en waterstof

De overheidsdoelen voor de energietransitie zijn ambitieus en als gevolg hiervan zal de Nederlandse markt voor verwarmingsoplossingen de komende jaren ...
Verder Lezen

Aardgasvrij douchen

Een consortium met TNO, Hametech en Beter Bad ontwikkelde een douche die het mogelijk maakt om aardgasvrij te douchen. Door ...
Verder Lezen

IR verwarming

Gepubliceerd op

Er zitten diverse tools in de gereedschapskist om gebouwen aardgasvrij te verwarmen. De meest bekende zijn warmtepompen en stadswarmte. Er is echter ook een andere mogelijkheid die aandacht verdient: infrarood verwarming. In dit artikel vertelt Branchevereniging IG-Infrarood over de werking, normering en belangrijke ontwikkelingen in deze sector.

Met infrarood verwarming wordt in de bouw directe elektrische stralingsverwarming bedoeld. Dat betekent dat het niet water-gevoerd is en verwarming met infrarood straling geschiedt.

Stralingsverwarming
Warmteafgiftesystemen zoals radiatoren, convectoren en vloerverwarming beïnvloeden vooral de luchttemperatuur in een ruimte. Stralingsverwarming daarentegen heeft vooral invloed op de stralingstemperatuur. De (warmte)comfortbeleving van de mens wordt bepaald door een samenspel van de gemiddelde luchttemperatuur en de gemiddelde stralingstemperatuur. Voor behoud van comfort is een lagere luchttemperatuur te compenseren met een hogere stralingstemperatuur (en omgekeerd). Dit kan omdat met convectie de luchtdeeltjes verwarmd worden, terwijl met infrarood straling objecten verwarmd worden. Daarmee kunnen infrarood panelen een goed comfort bieden bij lagere kamertemperaturen. De energetische voordelen van infrarood verwarming berusten onder andere op dit principe.

NEN-norm
Infrarood panelen zijn de meest voorkomende toepassing van infrarood verwarming. Mag elk elektrisch verwarmingssysteem met een stekker zich infrarood verwarming/paneel noemen? Nee, zeker niet. In februari 2021 is de lang verwachte norm NEN-EN-IEC 60675-3 gepubliceerd, die antwoord geeft op twee belangrijke vragen: 1. Wat is een infrarood paneel en 2. Hoe meet je het stralingsrendement van een infrarood paneel. Het stralingsrendement is het aandeel energie dat aan de voorzijde van een paneel als infrarood straling wordt afgegeven. Alleen een paneel met een stralingsrendement hoger dan of gelijk aan 40% mag een infrarood paneel genoemd worden.

Volledige oplossing
Infrarood verwarming kent verschillende toepassingen. De toepassing als lokale verwarming lijkt bekend te zijn. Over het volgende punt heerst echter grote onduidelijkheid, die we direct maar wegnemen: een woning mag volledig met infrarood panelen verwarmd worden, mits per ruimte aangestuurd. De toelichting van RVO op de ‘Systeemeisen technische bouwsystemen - EPBD III’ erkent dit.

Energie-investeringsaftrek
Infrarood panelen kunnen in de woningbouw, utiliteit en industrie toegepast worden. Veelzijdigheid en flexibiliteit zijn belangrijke eigenschappen van de panelen. Ze kunnen namelijk snel warmtecomfort leveren op de plek waar dat nodig is. Vooral in grote ruimten met beperkte menselijke bezetting en in ruimten met hoge(re) plafonds is dit voordelig. Bij traditionele convectie verwarming zou namelijk de lucht in de gehele ruimte of zone verwarmd moeten worden. Met infrarood verwarming kan dat effectief beperkt worden tot de werkplek. Hierin zijn verschillende oplossingen mogelijk: plafondpanelen, wandpanelen, maar ook panelen onder een bureau. Het plaatselijk verwarmen met infrarood panelen is daarom ook onderdeel van de Energielijst 2022 (code 270103), waarmee het in aanmerking komt voor de Energie-investeringsaftrek (EIA).

Installatieconcepten
Hoe ziet een ‘infrarood woning’ er uit? In het geval van hoofdverwarming wordt - in de meeste gevallen - de ruimteverwarming verzorgd door infrarood panelen, wordt warm water bereid middels een warmtepomp-/zonneboiler (met elektrische naverwarming) en zijn zonnepanelen toegepast voor hernieuwbare opwekking. Dit concept is duurzaam en voldoet aan de bouwregelgeving. In de lokale toepassing verwarmt een warmtepomp (of cv-ketel) met lage temperatuur afgifte de woonkamer, waarbij infrarood panelen worden toegepast in de overige ruimtes, zoals badkamer, slaapkamers of kantoorkamer. Het grote voordeel hiervan is dat er relatief snel ‘comfort’ geleverd kan worden in ruimten met beperkte aanwezigheid.

Ontwerp en montage
Zoals bij alle installaties is het bij infrarood verwarming van belang dat het installatieconcept goed ontworpen wordt en alles deugdelijk wordt geïnstalleerd. Het monteren van infrarood panelen is relatief eenvoudig. Qua handelingen is het vergelijkbaar met het ophangen van een plafondlamp, dus ophangpunten boren, aansluiten en monteren. De meeste aandacht gaat uit naar het ontwerp. Denk bijvoorbeeld aan bepaling van benodigd vermogen en het verdelen van het vermogen over de ruimte. Daar moet een goed plan voor opgesteld worden.

Praktisch document
De branche ziet het als haar verantwoordelijkheid om professionals de handvaten te bieden om overweg te kunnen met infrarood verwarming. Zo wordt er in samenwerking met een gerenommeerd kennisinstituut de laatste hand gelegd aan een praktisch document over infrarood verwarming in de bouw: van uitleg over de werking tot praktische ontwerp- en installatieadviezen.

Comfortonderzoek
We weten nu wat het is, hoe het werkt, hoe je het kunt toepassen en dat je het mag toepassen. Maar de grote vraag is natuurlijk: hoe zit het met de comfortbeleving en energieprestaties van infrarood panelen in de praktijk? In de meest recente studie is in opdracht TKI Urban Energy en RVO door W/E adviseurs onderzoek gedaan naar het energiegebruik en de comfortbeleving van residentiële verwarming met infrarood stralingspanelen. In de winter van 2020/2021 zijn 52 woningen met infrarood panelen als hoofdverwarming gemonitord. Diverse aspecten zijn daarbij in ogenschouw genomen, waaronder energiegebruik, comfortbeleving en het vermogen van de panelen in verhouding tot de woning.

Aandachtspunten
Er zijn veel interessante bevindingen. Zo is – binnen de beperkingen van het onderzoek – de comfortbeleving overwegend positief te noemen. De onderzoekers stellen ook dat het energiegebruik een stuk minder is dan bij de gemiddelde gasgestookte woning. Aandachtspunten zijn er uiteraard ook, zoals piekbelastingen en de plaatsing van panelen in relatie tot (dis)comfort. Voor meer informatie zie: www.topsectorenergie.nl/agenda/webinar-onderzoek-naar-infraroodverwarming-woningen.

Onderhoud
Infrarood verwarming kan een belangrijke bijdrage leveren aan de nationale klimaatdoelstellingen en de reductie van het aardgasgebruik. De voornaamste energetische voordelen zijn het kunnen leveren van comfort bij lagere kamertemperaturen en het snel kunnen verwarmen. De aanschafkosten zijn relatief laag en de onderhoudsbehoefte verwaarloosbaar. Er zitten geen bewegende/mechanische onderdelen in infrarood panelen. Twee keer per jaar de panelen afnemen met een zachte doek is voldoende qua onderhoud. Dit maakt infrarood verwarming vanuit een Total Costs of Ownership (aanschaf, beheer en onderhoud tijdens de levensduur) benadering een interessante en nodige optie. Er zijn echter belangrijke voorwaarden waaraan voldaan moet worden bij toepassing van infrarood panelen om discomfort en een hoog energiegebruik te voorkomen: een genormeerde warmte transmissie berekening en een goede plaatsing van panelen in een ruimte.

Ontwikkeling keurmerk
Er is nog een belangrijke ontwikkeling gaande die zal helpen om het kaf van het koren te scheiden: de uitwerking van een kwaliteitskeurmerk voor infrarood panelen. IG Infrarood werkt samen met deskundige partijen aan een keurmerk volledig gebaseerd op de nieuwe norm NEN-EN-IEC 60675-3. Zo wordt in een oogopslag duidelijk dat een paneel inderdaad een infrarood paneel is en wat de minimale efficiency is 

Elektrisch verwarmen, ook via Wifi

Vasco brengt een breed programma elektrische verwarming op de markt, waaronder elektrische radiatoren met wifi-module. Met de nieuwe module E-Volve ...
Verder Lezen

Elektrische bijverwarming of stand-alone oplossing

 De nieuwe elektrische convectorverwarmer Heat Convector 4000 van Nefit Bosch maakt het mogelijk om bijna elke ruimte snel te verwarmen ...
Verder Lezen

Infrarood verwarming: kansrijk of discutabel?

Over de waarde van infraroodverwarming in de energietransitie in de gebouwde omgeving is nog veel discussie. Voorstanders claimen dat infrarood ...
Verder Lezen

Energieneutrale appartementen krijgen infrarood in plaats van warmtepompen

De West-Friese woningcorporatie De Woonschakel uit Medemblik bouwt 24 nieuwe energieneutrale appartementen voor de sociale woningsector in Bovenkarspel. Het gaat ...
Verder Lezen

Voorbereid op verwarmen met waterstof

Gepubliceerd op

De Vaillant ecoTEC plus is nu geschikt voor bijmenging van 20 procent waterstof aan het aardgas. De cv-ketel is getest en gevalideerd om zonder aanpassingen woningen te verwarmen en van warm water te voorzien. Het assortiment van Vaillant, producten die geschikt zijn voor bijmenging tot 20 procent waterstof, zal in de komende maanden verder worden uitgebreid.

Ronald Mazurel, manager product management bij Vaillant, laat weten zeer verheugd te zijn. “Deze duurzame ontwikkeling op het gebied van waterstof is essentieel in de ontwikkeling van klimaatneutrale energie-oplossing voor toekomstbestendige verwarmingssystemen. Daarbij heeft het toestel dankzij IoniDetect-technologie een verbeterd installatie- en onderhoudsgemak. Kortom, een duurzame en intelligentie cv-ketel van deze tijd.”

Routekaart naar 100 procent waterstof
In 2050 moeten alle woningen aardgasvrij zijn, met als doel bij te dragen aan het verminderen van de totale CO2-uitstoot in Nederland. Het verwarmen met groene waterstof is voor de langere termijn één van de kansrijke routes naar een duurzame toekomst, denkt Vaillant. Het bedrijf bereidt zich hier nu al op voor en heeft een routekaart opgesteld voor de transitie van cv-ketels op aardgas naar cv-ketels op waterstof:
- Nu is 20 procent waterstof bijmenging technisch mogelijk met de nieuwe ecoTEC plus cv-ketel die vorig jaar werd geïntroduceerd. Met het bijmengen van maximaal 20 procent waterstof kan een CO2-reductie van zo’n 7 procent per cv-ketel worden gerealiseerd. Vaillant bereidt zich hiermee voor op toekomstige wijzigingen in wet- en regelgeving waarin een grotere rol voor groene waterstof wordt verwacht als energiedrager.
- Vanaf 2025 is Vaillant voornemens om nieuwe cv-ketels te leveren die 100 procent H2 ready zijn. Deze cv-ketels zullen in een later stadium met een conversiekit worden omgezet naar werking op 100% waterstof.
- De verwachting bestaat dat er uiterlijk 2030 meer duidelijkheid is vanuit de overheid over de beschikbaarheid en precieze rol van waterstof voor gebouwen in Nederland. Vaillant bereidt zich voor op de toekomst en ontwikkelt tegelijkertijd nieuwe cv-ketels die uiteindelijk af-fabriek zijn ontworpen om te verwarmen op 100 procent waterstof.

Verduurzamingsroutes
Het realiseren van de klimaatdoelen vraagt volgens Vaillant om meerdere verduurzamingsroutes passend bij verschillende woonsituaties. Verduurzamen is nu onder meer mogelijk met hybride warmtepompen en all-electric warmtepompen. In combinatie met duurzame gassen in de toekomst - waaronder groene waterstof - kan een hybride warmtepomp bovendien een eindoplossing zijn richting 2050.

Best geteste ketel

Gepubliceerd op

De Vaillant ecoTEC exclusive CW5 is deze maand door de Consumentenbond uitgeroepen tot ‘Beste uit de test’. Alle ketels werden beoordeeld op elf verschillende punten. Op vijf hiervan heeft de Vaillant ecoTEC exclusive CW5 een acht of hoger gescoord, met een gemiddeld eindcijfer van 7,9.

Behalve op energiezuinigheid scoort de cv-ketel sterk op het verwarmen op een laag pitje (8,8) en geluid (8,6). Dat de cv-ketel zo stil is met een modulatie tot 1:12 komt door toepassing van IoniDetect technologie, vertelt Ronald Mazurel, manager product management bij Vaillant. “De ketel kan daardoor energiezuinig werken op een laag pitje wanneer er maar weinig warmte wordt gevraagd. Daarnaast regelt de IoniDetect gasaanpassing automatisch verschillende aardgassoorten en -kwaliteiten en zorgt de technologie voor een constant geoptimaliseerde verbranding. De cv-ketel heeft ook een Green iQ label. Een systeem met dit label staat erom bekend de uitstoot te verminderen, de kosten te verlagen, zonder dat er aan comfort ingeleverd wordt. Daarnaast kan deze cv-ketel gecombineerd worden met een warmtepomp, wat het een hybride oplossing maakt.”

Verheugd
Mazurel, is zeer verheugd met de beoordeling. “Dat de ecoTEC exclusive CW5 nu als beste uit de test komt is voor ons een belangrijke waardering voor het product. Bij de productontwikkeling is veel aandacht besteed aan het reduceren van geluid en het verder verbeteren van de prestaties. De resultaten uit de test van de Consumentenbond bevestigen dat we hier goed in geslaagd zijn.”

Verwarmingsoplossing na 10 jaar ontwikkeling in testfase

Gepubliceerd op

Cooll uit Enschede test een in eigen beheer ontwikkelde verwarmingsoplossing, die naar eigen zeggen 30% op het gasgebruik van een hr-ketel bespaart. Dit rendement is onlangs bevestigd door het Fraunhofer Instituut. De primeur vindt plaats in Kampen, in een sociale huurwoning van Deltawonen. Het Enschedese bedrijf noemt de technologie veelbelovend, omdat de besparing zonder forse aanpassingen van de woning, en zonder ruimte- en comfortverlies wordt gerealiseerd.

Eind 2021 heeft KIWA de testmodellen flink aan de tand gevoeld en heeft de warmtepomp een CE GAR veldtest certificaat gekregen. “Het behalen van dit certificaat maakt deze veldtest mogelijk en geeft ons inzichten voor het definitieve productontwerp. De installatie en het gedrag van de warmtepomp  levert ons een schat aan informatie op voor de verdere ontwikkeling”, legt Stefan van Uffelen, CEO van Coll, uit.

Resultaten
Van Uffelen vervolgt: “Na meer dan tien jaar ontwikkeling van onze gepatenteerde thermische warmtepomptechnologie gaan wij nu de markt op. We gaan de wereld laten zien dat dit dé verwarmingsoplossing is van de toekomst. Niet alleen in Nederland uiteraard. Volgend jaar willen we 50 toestellen produceren waarvan ook een deel beschikbaar zal zijn voor pilots in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland. Dan begint voor Cooll ook het buitenlandse avontuur.”
De uit de Universiteit Twente voortgekomen onderneming heeft warmtepomptechnologie ontwikkeld die de huidige hr-ketel één op één kan vervangen. De adsorptiewarmtepomp van Cooll verwarmt met aardgas, maar zou op termijn ook kunnen verwarmen met andere groene gassen zoals waterstofgas.

Toekomstbestendig alternatief
Technisch dienstverlener Van Dorp liet eind vorig aar nog weten te investeren in deze nieuwe ontwikkeling. Het bedrijf is hierbij al 10 jaar betrokken en maakt met deze investering nu ook de opschaling mogelijk. Henk Willem van Dorp: “Vanuit onze intrinsieke motivatie om de wereld beter achter te laten, besteden wij veel aandacht aan de verduurzaming van installaties en gebouwen. We zetten hierbij in op duurzame technieken en kiezen voor all-electric waar het kan, maar geloven we ook in de technologie van Cooll omdat het een toekomstbestendig alternatief is voor gebouwen waarvoor een elektrisch of hybride warmtepompsysteem nog niet haalbaar is. Daarnaast is het systeem geschikt gemaakt om te verwarmen met waterstofgas, een ontwikkeling waar wij veel vertrouwen in hebben en graag in mee pionieren.”

Monoblock warmtepompen met aanvoer tot 75 °C

Onlangs is NIBE gestart met de levering van de NIBE S2125-serie. Deze modulerende lucht/water monoblock warmtepompen kunnen breed worden toegepast ...
Verder Lezen

Nederlandse startup introduceert AI gedreven hybride warmtepomp

De Nederlandse startup Quatt heeft de ambitie om de komende tien jaar één miljoen Nederlandse woningen te verduurzamen met een ...
Verder Lezen

Circulatieleidingen voor tapwater en warmtepompen

In nieuwe, hogere smalle woonhuizen, die populair zijn in de stedelijke omgeving, komt het relatief vaak voor dat er een ...
Verder Lezen

Warmtepomp met prefab installatieframe

De nieuwe warmtepomp Eria Tower Ace S van Remeha is een combitoestel dat vergezeld gaat van een installatieframe om de ...
Verder Lezen

Kennis over individuele cv-installaties geactualiseerd

Gepubliceerd op

ISSO heeft de kennis in ISSO-kleintje Individuele centrale verwarmingsinstallaties in woningen een update gegeven. De verduurzaming van het vastgoed heeft veel gevolgen voor cv-systemen. Warmtepompen zijn niet meer weg te denken, en ook bouwkundige verbeteringen aan woningen hebben invloed op het functioneren van het cv-systeem. Dat vraagt ook om andere kennis. Die kennis is na een update terug te vinden in ISSO-kleintje Individuele centrale verwarmingsinstallaties in woningen.

De kennis biedt professionals veel hulp bij het installeren en onderhouden van cv-installaties. Ook voor advisering in cv-installaties is deze kennis geschikt. Toen de publicatie verscheen, in 2006, bepaalden alleen nog gasgestookte cv-ketels en aansluitingen op de stadsverwarming de eisen voor cv-installaties. De komst van de warmtepomp heeft die eisen veranderd. In combinatie met bouwkundige verbeteringen aan woningen, zoals betere isolatie en kierdichting, heeft dat gezorgd voor heel anders functionerende cv-systemen. Voldoende aanleiding voor ISSO om de kennis te updaten. Een andere reden daarvoor, waren nieuwe of aangepaste wetgeving en kwaliteitseisen.

Installaties achter de opwekker
Na de update van de kennis is het Kleintje weer in lijn met de verduurzamingsslag. Het zwaartepunt van dit vernieuwde Kleintje ligt bij de installaties achter de opwekker. Andere onderwerpen die in Kleintje CV aan bod komen, zijn onder meer:
-Installatieconcepten met warmtepomp, cv-ketel en warmtenet;
-Het benodigde vermogen bepalen en dimensionering van het afgiftesysteem;
-Selectie (LT) radiatoren/ convectoren en vloerverwarming;
-Waterzijdig inregelen;
-Luchtdoorlatendheid testen en infraroodmetingen;
-Ventilatie;
-Beveiliging en drukverlies;
-Aandachtspunten verduurzaming.

Ruimtes apart regelen
In dit nieuwe Kleintje heeft ISSO ook het regelen van het klimaat per ruimte beschreven. Met moderne thermostaatknoppen en zoneregelaars is het comfort voor bewoners en werknemers flink te vergroten. De vraag naar apart te regelen ruimtes groeit.

ISSO-kleintje Individuele centrale verwarmingsinstallaties in woningen is te vinden in ISSO Open.

Nederlandse startup introduceert AI gedreven hybride warmtepomp

Gepubliceerd op

De Nederlandse startup Quatt heeft de ambitie om de komende tien jaar één miljoen Nederlandse woningen te verduurzamen met een door kunstmatige intelligentie (AI) gedreven hybride warmtepomp. Hiervoor heeft het bedrijf €265.000 aan financiering opgehaald. Opvallend is dat Quatt de hybride warmtepomp direct online aan de consument gaat aanbieden.

De benodigde hoge investering voor de installatie van warmtepompen in bestaande woningen weerhoudt dit segment van de beoogde energietransitie. Deze woningen zijn onvoldoende geïsoleerd om over te stappen op een volledig elektrische warmtepomp. Daarnaast heb je hiervoor aangepaste radiatoren of vloerverwarming nodig. Voor startup Quatt reden om in te zetten op hybride warmtepompen, waarbij de cv-ketel in gebruik blijft en er geen additionele aanpassingen nodig zijn in de woning. Hiermee kunnen de naar schatting 7.5 miljoen bestaande woningen in Nederland zonder warmtepomp, voor minder dan een kwart van de kosten, zonder additionele investering in de woning tot 80% van het gas af, aldus de startup.

Innovatie is kind van de rekening
Dit maakt de positieve milieu-impact van de hybride warmtepomp op nationale schaal vele malen groter dan die van all-electric warmtepompen, zo bedachten de broers, Bas en Marijn Flipse, oprichters van de startup. “De hybride warmtepomp bestaat al enige tijd, maar is de afgelopen jaren nauwelijks doorontwikkeld. En dat heeft alles te maken met de markt en de leveringsketen, die innovatie in de weg staat,” aldus Bas. “Wanneer niemand een substantieel deel van de leveringsketen beheerst en de productontwikkeling ver van de eindgebruiker staat, is innovatie het kind van de rekening. Traditionele partijen blijven dan gewoon doen waar ze goed in zijn: importeren, verkopen of installeren.”
En dus namen de broers met startup Quatt het heft in eigen handen door het concept van de hybride warmtepomp verder te ontwikkelen, te innoveren en deze direct online aan de consument aan te bieden. Met €265.000 aan opgehaalde financiering staat de startup in de startblokken om de adoptie van warmtepompen te accelereren en duurzame impact te maken. De stip op de horizon is om de hybride warmtepompen van Quatt te installeren in tot 1.000.000 Nederlandse woningen.

Complex aansturingsprobleem
De belangrijkste innovatie bij de nieuwe hybride warmtepomp van Quatt zit in de regeltechniek voor efficiënte inzet en lagere energiekosten voor de consument. Marijn legt uit: “Bij het toepassen van een hybride warmtepomp ontstaat een complex aansturingsprobleem. Ieder huis is verschillend, qua volume, isolatie en verwarmingstype. Daarnaast heb je te maken met twee verwarmingsbronnen: de warmtepomp en de cv-ketel. In principe wil je de warmtepomp zoveel mogelijk gebruiken, maar de efficiëntie van de warmtepomp is niet constant en wordt lager naarmate de buitentemperatuur daalt. Ook werkt een warmtepomp op relatief lage temperaturen. Er zijn dus momenten waarop het voordeliger of noodzakelijk wordt om de cv-ketel toch even aan te zetten. Tot slot heb je ook nog eens te maken met externe factoren, zoals fluctuerende elektriciteitsprijzen en natuurlijk het weer. Je wilt dus dat jouw warmtepomp hier allemaal rekening mee houdt, zodat deze vaker en efficiënter wordt ingezet, bijvoorbeeld wanneer de elektriciteitsprijzen laag zijn.”

Artificial Intelligence
Quatt denkt een adequate oplossing te bieden voor dit regelprobleem met een op Artificial Intelligence en Machine Learning gebaseerd aansturingssysteem. Hierdoor wordt de inzet van de hybride warmtepomp verhoogd, wat kan leiden tot een additionele kostenbesparing van tot ongeveer 20% ten opzichte van traditionele hybride warmtepompen, denken de mannen van Quatt. Ten slotte worden de hybride warmtepompen van Quatt direct aan de consument geleverd, waardoor de huidige lange leveringsketens via fabrikant naar installateur naar de woning achterwege blijft. Dit resulteert in een prijs die gemiddeld 30-50% lager ligt dan die van traditionele hybride warmtepompen, aldus de startup.

‘All-electric ready’
Het argument dat Nederland met hybride warmtepompen niet écht van het gas af gaat leggen oprichters Marijn en Bas naast zich neer: “Natuurlijk wil je uiteindelijk helemaal van het gas af. Daarom maken we onze warmtepomp ‘all-electric ready’. De hardware en software is voorbereid op het aansluiten van een hoge-temperatuur warmtepomp die we in de toekomst op de markt zullen brengen. Hiermee kunnen de Nederlandse woningen stapsgewijs, makkelijk en betaalbaar helemaal van het gas af.”
Inmiddels zijn er bij Quatt in de afgelopen maand ruim 100 pre-orders voor de hybride warmtepompen geplaatst, die naar verwachting in de herfst van 2022 worden geïnstalleerd.

 

 

Luchtverwarming

Gepubliceerd op

Zuiniger omgaan met energie. In de praktijk betekent dat meer dak-, vloer- en spouwisolatie en kierdicht bouwen. Daarnaast moeten gebouwgebonden energiesystemen zuiniger en bij voorkeur fossielarm of -vrij worden. We verwarmen daardoor onze gebouwen vrijwel uitsluitend nog via convectie. Stralingswarmte is in deze systemen volledig verdwenen, zegt adviseur Rob Verbrugge. Maar levert dit wel het gewenste comfort op? Verbrugge heeft er ernstige twijfels over.

Lucht als medium is in gebouwen bijna alles bepalend geworden. Enerzijds wordt het gebruikt om te verwarmen en anderzijds om te ventileren. We hebben de dominantie positie van luchtverwarming ongemerkt geaccepteerd. Het gaat niet meer om de mens, maar om het gebouw. Vreemd eigenlijk. Als een gebouw nooit door mensen zou worden gebruikt, dan zou verwarmen onnodig zijn.

Ontstaan
Hoe heeft eigenlijk luchtverwarming haar dominante positie verworven? Daarvoor moeten we teruggaan naar de jaren ’90. De cv-ketels van destijds moduleerden nog niet en verwarmden meestal centraal, via radiatoren. De watertemperatuur was hoog, waardoor radiatoren warmte overdroegen via straling en convectie (lucht).

Trendbreuk
Toen midden jaren ’90 cv-ketels gingen moduleren, veranderde ook de warmteoverdracht. Via de bijbehorende modulerende kamerthermostaat, vermogensreductie en lage watertemperaturen werd de kamertemperatuur tot op de tiende graad constant gehouden. Waar de branche aannam dat dit het meest comfortabel was, constateerden gebruikers daarentegen een negatieve verandering. Zij ervaarden een gemis aan stralingswarmte. “Het is met de nieuwe ketel, net zoals met de oude, nog altijd twintig graden, maar het lijkt wel alsof het vroeger warmer was dan nu”, was een veel gehoorde opmerking. Moduleren zorgde ervoor dat verwarmen van lucht (convectie) steeds belangrijker werd. De jaren erna is het medium lucht vrijwel alleenheerser geworden in onze centrale verwarming. Door het gebruik van LT-afgiftesystemen en de grootschalige toepassing van warmtepompen is ieder beetje aangename stralingswarmte verdwenen.

Voor- en nadelen
Lucht als verwarmingsmedium lijkt zo logisch. We kunnen het meten in graden Celsius. Daardoor kunnen we de temperatuur regelen en er makkelijk mee rekenen, wat bij stralingswarmte veel moeilijker is. Je kan, mits de woning goed geïsoleerd is, met lagere temperaturen eenvoudig de gewenste kamertemperatuur realiseren. Toch zegt dat lang niet alles over het ervaren van behaaglijke warmte. Feitelijk is lucht een slechte opnemer van warmte. Het kost veel energie om lucht te verwarmen. Toch heeft dit ook voordelen. Doordat lucht slecht warmte opneemt, verliest de mens zijn warmte minder snel. Verwarmen met lucht is eigenlijk helemaal geen verwarming, maar isolatie. Hogere luchttemperaturen zorgen ervoor dat het verschil tussen de lucht en onze huid kleiner is, waardoor wij minder warmte verliezen. Een hele ruimte met lucht verwarmen voor de warmtebehoefte van de mens is echter uiterst inefficiënt. Daarnaast heeft convectie de nare eigenschap dat de warmste lucht zich boven in een ruimte bevindt en er ook altijd luchtcirculatie ontstaat. Dit zorgt er tevens voor dat vervuilende stoffen gaan circuleren en zich eenvoudig kunnen verspreiden.

Strijdtoneel
Voor wie het ontgaan is, de ventilatiebranche vertegenwoordigd in diverse normcommissies, is in een ‘burgeroorlog’ verwikkeld. De luchtoorlog gevoerd door de C-en D-troepen is al jaren gaande en zorgt nu voor uitstel van een nieuw te ontwikkelen norm. Raamroosters wel of niet acceptabel, niet tijdig of helemaal niet filters vervangen bij balansventilatie, een halve of hele meter vanaf de gevel rekenen voor de leefzone of niet, eenvoudig te ontregelen ventielen na schoonmaken, meer of minder lucht... alles zal de revue passeren voor de nieuwe norm. Ik vraag me echter af of ze daar nog wel beseffen dat ventileren vooral gaat om onze gezondheid. CO2 meten en regelen is aardig, maar koolstofdioxide is niet snel ziekmakend. De echte vervuiling zit in de vluchtige organische stoffen, in fijnstof en in bacteriën en schimmels. En deze stoffen meten en regelen we nog zelden of nooit. Laten de krijgsheren zich eens buigen over de fijnstofconcentraties die na het bereiden van onze avondmaaltijd nog urenlang in de lucht blijven hangen, zoals 5 jaar geleden is aangetoond door TNO. Ik hoop dat men bij de normcommissies ook in de gaten heeft dat balansventilatie in de nieuwbouw vaak leidt tot te droge lucht en dat luchtbevochtiging een serieuze zaak wordt. En misschien moet men zelfs nog verder in de toekomst kijken en tot de conclusie komen dat zelfs het reinigen van binnenlucht niet te vermijden zal zijn, als we een echt gezond binnenklimaat willen creëren.

Niet zaligmakend
Het EPC nul tijdperk en het tijdperk NTA 8800 hebben ons laten geloven dat balansventilatie met warmteterugwinning de beste vorm van ventileren is. Of dit gebaseerd is op gezondheid, energiegebruik of thermisch comfort is mij nog niet geheel duidelijk. Bij gezondheid heb ik nog geen leverancier gezien die stuurt op de eerder beschreven schadelijke stoffen. Het energiegebruik is lager dan bij natuurlijke ventilatie met een MV-box. Maar bij toepassing van ventilatiewarmtepompen is het gebruik voor natuurlijke- en balansventilatie in evenwicht. De geïntegreerde gebouwgebonden energie-oplossing StralendWARM is hiervan een zeer goed voorbeeld. Hier geen vallende koude lucht door raamroosters, maar stijgende warme lucht via ventilatieradiatoren en terugwinning van warmte via een ventilatiewarmtepomp. Dan blijft over het thermisch comfort. Raamroosters worden vaak genoemd als bron van thermisch discomfort. Met name als ze gecombineerd worden met ultra lage temperatuur vloerverwarming. De echte oorzaak is, dat de roosters veelal onjuist zijn gedimensioneerd en door onjuiste toepassing dwarsventilatie realiseren. Daarnaast zijn lage vloertemperaturen medeverantwoordelijk voor deze thermische comfortklachten, tijdens periodes van menselijke inactiviteit. En dit komt ook voor bij balansventilatie.

Verkeerde aanname
Hoe komen we op het idee, dat lucht met een constante temperatuur van 20 graden zo comfortabel is? Vloerverwarming is wellicht de meest voorkomende vorm van afgifte in onze nieuwste warmtepompwoningen. De op korte afstand naast elkaar gepropte vloerverwarmingsslangen hebben ten opzichte van de warmteverliezen (te) veel vermogen. Hierdoor kan dit thermisch actieve bouwoppervlak met slechts één graad meer de gewenste kamertemperatuur realiseren. De vloer, mede afhankelijk van het soort bekleding, zal niet als koud ervaren worden, maar geeft de bewoner ook geen enkele warmtebeleving. Daarnaast gaat het om een traagwerkend systeem. Snel en tijdelijk de temperatuur aanpassen, is simpelweg onmogelijk. Dit alles zou weleens de reden kunnen zijn, waarom gebruikers steeds vaker hun kamerthermostaat structureel op 22 of 23 graden hebben ingesteld. Het is bijna onbegrijpelijk dat in deze moderne tijd alles te regelen is behalve onze cv-systemen. Het mogelijk zuinige energetische karakter dat aan deze systemen wordt toegeschreven is blijkbaar belangrijker dan de warmtewensen. En, het werkelijke comfort van warme lucht wordt duidelijk overschat door de bouw- en installatiebranche.

Warmtecirculatie
De tweede vorm van warmteafgifte via LT-systemen is pure luchtverwarming. Daar zijn convectoren ook specifiek voor ontworpen. Overigens hebben LT-convectoren nog maar nauwelijks iets te maken met convectie. In het verleden verwarmden HT-convectoren de passerende lucht, waardoor deze ging stijgen en er circulatie ontstond. Met de huidige lage systeemtemperaturen is het voor een convector vrijwel onmogelijk om warmtecirculatie te realiseren. Daarom zijn deze convectoren voorzien van kleine ventilatoren. Hiermee wordt luchtcirculatie geforceerd gerealiseerd. Alleen nu met nauwelijks aanwezige warmte. Relatief koele bewegende droge lucht is voor ons thermisch comfort zeker niet aangenaam. Bovendien zorgt droge circulerende lucht bij de mens voor onttrekking van warmte via evaporatie.

Armoedige aanpassingen
Uitsluitend verwarmen met lucht is voor de mens zelden comfortabel. Wanneer stralingswarmte ontbreekt, is er voor de mens geen mogelijkheid echt warm te worden. De resultaten van deze manier van verwarmen laten zich dan ook zien. Bewoners stellen de kamerthermostaat 2 à 3 graden hoger in. Houtkachels worden ingezet ter compensatie. Bewoners zitten tijdens inactieve momenten onder fleecedekens of hebben een warmtekussen aangeschaft. Maar ondanks dit discomfort worden er nog steeds nieuwe projecten opgeleverd met dezelfde klachten. De problematiek wordt in de branche nog maar nauwelijks onderkend. Bij de eerste klachten worden bewoners vaak het bos ingestuurd met de mededeling, ‘u moet nog wennen aan de nieuwe manier van verwarmen’. En dat is natuurlijk klinkklare onzin.

Alternatieven
Als je in Nederland kritisch bent over het gebruik van warmtepompen, lt-afgiftesystemen en balansventilatie, wordt je al snel verketterd. Toch moeten we naast de energie-efficiëntie van warmtepompen ook de nadelen durven te benoemen. De traagheid van een warmtepompsysteem met LT-afgifte is voor velen zeer irritant en onwenselijk. Daarnaast leidt een 3 graden hogere instelling van de kamerthermostaat al snel tot 20% tot 25% meer energiegebruik. Bewoners die dit hebben ervaren, blijken wel dolenthousiast te zijn over lokaal inzetbare infraroodpanelen, als ze die aanschaffen. Op die manier zijn ze namelijk op de plek waar hun inactieve momenten plaatsvinden weer voorzien van stralingswarmte. Stralingswarmte is voor de mens de meest behaaglijke vorm van verwarmen. Niet voor niets zien we bijna iedereen in maart bij zonnig weer en zelfs relatief koele temperaturen, een plekje in de zon en uit de wind zoeken.

Toekomst
Ondanks de heftige weerstand, winnen infraroodverwarmingsoplossingen stukje bij beetje terrein. En dat wordt ondersteund door binnenlandse en buitenlandse rapporten. Nu ook de bouw verandert van puur steen en beton naar steeds vaker hout, zal dat consequenties hebben voor de wijze waarop we verwarmen en het soort systeem dat we inzetten. Doordat de accumulatie van warmte en stralingsasymmetrie van houten woningen anders is, zal ook de manier van verwarmen gaan veranderen. Stralingswarmte via infraroodpanelen zou dan weleens een betere vorm van verwarmen kunnen blijken te zijn. Tot die tijd zullen we ook in de traditionele bouw langzaam maar zeker steeds meer combinaties gaan zien. Denk bijvoorbeeld aan een basis luchtverwarming met warmtepompsystemen gecombineerd met lokale verwarming via infraroodpanelen. In dat geval kan de kamerthermostaat weer terug naar 19 of 20 graden en gaat tijdens inactieve perioden het lokale infraroodpaneel aan voor de echte warmte-ervaring. Net zoals het altijd is geweest; stralingswarmte en convectiewarmte in de juiste samenhang met elkaar en natuurlijk regelbaar voor het hoogst mogelijke thermische comfort. De behoudende installatiebranche zal deze comfortabele mogelijkheden hopelijk sneller gaan omarmen dan dat men deed bij het acceptatieproces van warmtepompen 

Tomaten telen dankzij speciale luchtbehandelingskasten

Technokas is deze week gestart met de assemblage en installatie van de eerste van in totaal 16 luchtbehandelingskasten op de ...
Verder Lezen

Warme lucht

Gisteren was in het nieuws dat de Techniek Nederland, natuur en milieu en Netbeheer Nederland vinden dat de verkoop van ...
Verder Lezen

Warmtepompboilers gebruiken lucht vanuit WTW

In Leiden worden de komende maanden honderden woningen voor studenten en ‘young professionals’ opgeleverd. Er worden ruim 550 warmtepompboilers geïnstalleerd ...
Verder Lezen

Van het gas af? Met luchtverwarming zit je goed

Een brede coalitie dringt aan op het verbod van standaard cv-ketels vanaf 2021, want Nederland moet van het gas af ...
Verder Lezen

HR-toestel voor de projectenmarkt

Gepubliceerd op

Nefit Bosch introduceert de Nefit 2300i, een nieuw cv-toestel dat specifiek voor de projectenmarkt beschikbaar komt. Het toestel vormt een aanvulling op het HR-portfolio voor dit segment dat tot nu toe bestond uit de Nefit ProLine NxT en Nefit ProLine Eco series. De Nefit 2300i biedt een oplossing wanneer, naast comfort voor de gebruikers en zekerheid voor de opdrachtgever, de prijs een belangrijke rol speelt.

De Nefit 2300i toestel kent een bijna geruisloze werking en moduleert terug tot slechts 10% van zijn maximale vermogen, aldus de fabrikant. Er zijn twee uitvoeringen: HRC25/3 en HRC25/4. De laatste levert  13,5 liter water van 40°C per minuut, wat overeenkomt met comfortklasse CW4.

Energiebesparing
In combinatie met de EasyControl thermostaat kan het toestel via de app op afstand worden bediend en met gebruik van de slimme radiatorkranen van Bosch (accessoire) is zoneregeling mogelijk. Het energielabel bij deze combinatie is A+. Het toestel is voorbereid voor combinatie met een hybride warmtepomp.

Tijdwinst bij installatie en onderhoud
Dankzij de slimme ophangbeugel is het toestel snel te installeren. De verwijderbare zijpanelen vergroten het onderhoud- en servicegemak. Met de Service Key kan de installateur de toestelgegevens eenvoudig uitlezen. En desgewenst is een weersafhankelijke regeling snel ingesteld.

De Nefit 2300i is al toegepast in honderdduizenden huishoudens in Europa.

Van Dorp investeert in ketelvervanger met superrendement

De Van Dorp Groep investeert in een compacte adsorptiewarmtepomp die de huidige hr-ketel kan vervangen zonder dat daar grote aanpassingen ...
Verder Lezen

Laatste cv-ketel Itho Daalderop krijgt plaatsje in fabriek

Op 19 november heeft Itho Daalderop haar laatste cv-ketel geproduceerd. Itho Daalderop zet hiermee een volgende stap naar verduurzaming. Itho ...
Verder Lezen

Nefit Bosch zoekt groei met warmtepompen voor nieuwbouw

Nefit Bosch is als verwarmingsproducent al jaren een speler op de renovatiemarkt en heeft sterke ambities om te groeien op ...
Verder Lezen

Nefit Bosch introduceert universele adapter voor rookgasafvoer

Als eerste cv-producent introduceert Nefit Bosch een universele rookgasafvoer/luchttoevoer adapter voor zijn HR-toestellen. Met de nieuwe, gepatenteerde adapter zijn de ...
Verder Lezen

Gescheiden boren naar aardwarmte en drinkwater

Gepubliceerd op

Klimaatverandering, een groeiende drinkwatervraag en bedreigingen van drinkwaterbronnen zorgen ervoor dat aanvullende grondwatervoorraden aangewezen moeten worden voor de drinkwatervoorziening. Mijnbouwactiviteiten zoals boren naar aardwarmte (geothermie) kunnen een risico vormen voor grondwater voor de drinkwatervoorziening. Uitgangspunt moet daarom zijn dat zij ruimtelijk van elkaar worden gescheiden. De provincies en drinkwaterbedrijven roepen het Rijk daarom op te zorgen voor een goede bescherming van de toekomstige voorraden voor ons drinkwater.

Provincies en drinkwaterbedrijven hebben een verkenning Robuuste drinkwatervoorziening opgesteld. Doel hiervan is de toekomstige drinkwatervoorziening veiligstellen. Hiertoe zijn aanvullende grondwatervoorraden voor de drinkwatervoorziening aangewezen en zorgen we voor voldoende beschikbaarheid van drinkwater. De drinkwatervraag kan tot 2040 met gemiddeld 30% stijgen maar de beschikbaarheid van voldoende kwalitatief goed water voor drinkwater is niet vanzelfsprekend.
Ook de energietransitie heeft ruimte nodig in de ondergrond. Door middel van geothermie wordt warmte van diep in de aarde gebruikt voor de verwarming van huizen, kassen of industrie. Boren voor mijnbouw, waaronder geothermie, kan risico’s opleveren voor het grondwater. Bij deze aanwijzing van grondwatervoorraden voor de drinkwatervoorziening is daar zorgvuldig rekening mee gehouden.

Mijnbouw en drinkwatervoorziening náást elkaar
Functiescheiding tussen mijnbouw en drinkwater is van belang voor de Aanvullende Strategische Voorraden (ASV's). Uitgangspunt moet zijn dat het Rijk dit dient te respecteren bij vergunningverlening voor mijnbouwactiviteiten. Dat is het advies van provincies en drinkwaterbedrijven in de verkenning Robuuste drinkwatervoorziening. Bij de aanwijzing van de ASV’s is rekening gehouden met bestaand gebruik van de gebieden en nieuwe ontwikkelingen als geothermie. Hiermee is zorgvuldig beoordeeld hoeveel en waar extra reserves voor de toekomstige drinkwatervoorziening nodig zijn en welk beschermingsbeleid daarbij gewenst is.
Jelle Hannema, directievoorzitter Vitens en voorzitter stuurgroep Bodem & Infrastructuur Vewin: “Voor een goede bescherming van de ASV’s en het veiligstellen van de drinkwatervoorziening op lange termijn moet functiescheiding ook gelden bij vergunningverlening voor mijnbouwactiviteiten. Daarom vragen we het Rijk uitsluiting van mijnbouw in de toekomstige voorraadgebieden voor de drinkwatervoorziening op te nemen in de Mijnbouwwet. Mijnbouw en drinkwaterproductie kunnen náást elkaar plaatsvinden, sámen gaat niet.”

‘Beschermen om te blijven’
Jeannette Baljeu, gedeputeerde provincie Zuid-Holland en lid van de gezamenlijke provincies in de Stuurgroep water: “Provincies zijn verantwoordelijk voor het beschikbaar stellen van voldoende drinkwaterbronnen van voldoende kwaliteit. De bevolkingsgroei en toename van drinkwatergebruik vergroten de vraag naar voldoende zoetwaterbronnen. Dit verhoogt het belang tot bescherming van bestaande en gereserveerde drinkwaterbronnen vanuit het principe `beschermen om te blijven’. Provincies erkennen ook het belang van geothermie voor de energietransitie. En staan open voor mogelijkheden van maatwerk die beide belangen ten goede komen. Uitgangspunt voor de provincies blijft daarbij wel de ruimtelijke scheiding van deze functies.”

Vermijd risico’s op onomkeerbare schade
Grondwater is een belangrijke bron voor ons drinkwater. Ongeveer 60% van het drinkwater in Nederland wordt van grondwater gemaakt. Gebruik van de diepe ondergrond door geothermie vormt een risico voor de kwaliteit van deze grondwaterbronnen. De verwachting is dat de komende decennia het aantal geothermieprojecten toeneemt vanwege de energietransitie. Wanneer grondwater eenmaal vervuild raakt, kan het voor altijd onbruikbaar worden voor de drinkwaterproductie. Vanuit het voorzorgsbeginsel – ook de Structuurvisie Ondergrond sluit elk risico zoveel mogelijk uit – is een goede bescherming van de grondwatervoorraden van groot belang.

Drinkwaterbehoefte in de toekomst
Het rapport is een uitwerking van de Structuurvisie Ondergrond (STRONG). Hierin heeft het Rijk aan provincies en drinkwaterbedrijven gevraagd aan te geven waar aanvullende grondwaterreserves voor de toekomstige drinkwatervoorziening noodzakelijk zijn. En wat daarvoor het beschermingsbeleid moet zijn. In het rapport is per provincie uitgewerkt hoe groot de extra drinkwaterbehoefte is richting 2040/2050 en hoe daarin kan worden voorzien. Deels gebeurt dit door Aanvullende Strategische Voorraden aan te wijzen. Ook wordt gekeken hoe de drinkwatervraag te verminderen via waterbesparing en een passender gebruik van drinkwater.
“Er is sprake van een groeiende drinkwatervraag. Klimaatverandering zorgt voor toenemende droogte en we zien dat bronnen voor drinkwater vervuild zijn. We willen Nederland in de toekomst ook van goed en voldoende drinkwater voorzien. Maar dat betekent wel dat we zuinig om moeten gaan met de bronnen die we hebben deze goed moeten beschermen. Onnodig risico’s nemen is daarbij geen optie!” aldus Hannema.

Eindrapportage Verkenning Robuuste Drinkwatervoorziening 2040

 

Energie uit damwanden

Door stalen damwanden te voorzien van collectoren, kunnen havenkades, kanaaloevers, bouwkuipen, dijken en alle andere waterkeringen ons van warmte en ...
Verder Lezen

Opschalen: van BENG naar BELG

Het idee voor ChargeFreeHome ontstond bij grondlegger Henk van Houten toen hij zag wat een BENG-woning inhoudt en dat vergeleek ...
Verder Lezen

Geothermie bundelt krachten in nieuwe brancheorganisatie

De brancheorganisatie Geothermie Nederland gaat vanaf 1 januari 2021 van start. De bestaande organisaties Platform Geothermie (2002) en DAGO (2014) ...
Verder Lezen

Branche verdiept zich nog nauwelijks in geothermie

Uit een studie van Energie Beheer Nederland blijkt dat 2,6 miljoen huizen en gebouwen van warmte kunnen worden voorzien door ...
Verder Lezen

Mag het een graadje hoger?

Gepubliceerd op

Hij haalde er de landelijke pers mee en dat overkomt een wetenschapper niet dagelijks. Wouter van Marken Lichtenbelt was dan ook betrokken bij een bijzonder onderzoek. Zes jaar later lijken de resultaten enigszins te zijn ingedaald bij de installatiebranche. Maar er is nog een lange weg te gaan.

In 2015 publiceerde Nature Climate Change een artikel dat de wereld over ging. De auteurs Boris Kingma en Wouter van Marken Lichtenbelt van de Universiteit Maastricht suggereerden dat de gemiddeld kantoortemperatuur voor een man prettig is, maar voor een vrouw ‘ongerieflijk’.

‘Mannenklimaat’
Wouter van Marken Lichtenbelt is in het dagelijks leven hoogleraar Ecologische Energetica en Gezondheid. “Mannen en vrouwen ervaren de temperatuur op een andere manier”, vertelt hij. “Heel kort door de bocht kan wel gesteld worden dat het binnenklimaat vaak een mannenklimaat is. Met name dan als het om de beleving van kou gaat. Vrouwen hebben het sneller koud dan mannen, omdat ze minder warmte produceren.”

Studie uit 2015
In de studie van 2015 was het metabolisme van zestien licht geklede vrouwen onder de loep genomen. Uit de resultaten bleek dat zij liever werken onder een temperatuur van ongeveer 3° C hoger dan mannen. Van Marken Lichtenbelt en Kingma concludeerden destijds dat de normen voor het binnenklimaat moeten worden aangepast, waarbij rekening wordt gehouden met de metabolische waarden voor vrouwen. Dit levert een beter thermisch comfort én energiebesparing op.

Andere factoren
Overigens blijken niet alleen sekseverschillen van invloed te zijn op de temperatuurbeleving. Er zijn meer factoren, legt Van Marken Lichtenbelt uit. “Denk bijvoorbeeld aan fitheid. Als je regelmatig traint, kan je lichaam zich makkelijker aanpassen aan temperatuurverschillen. Bovendien gaat je weerstand omhoog.”

Leeftijd
Daarnaast speelt ook leeftijd een rol. Iedere lezer is waarschijnlijk wel eens bij bejaarde klanten geweest die hun thermostaat op een tropische temperatuur hadden staan. “Bij ouderen is de thermoregulatie kritischer, ze hebben sneller de neiging om af te koelen. Vandaar dus.”
Onontgonnen gebied
En dan is er nog obesitas. “Mensen met drastisch overgewicht hebben het sneller warm.” Ook etniciteit lijkt van invloed te zijn op de temperatuurbeleving. “Eigenlijk is dit nog onontgonnen gebied. Mensen uit de Tropen hebben de neiging om meer te stoken, maar dat blijkt vooral gebaseerd te zijn op temperatuurverschillen en gewenning.” Evenals andere etniciteiten hebben mensen uit de Tropen namelijk ook bruin vet.

Bruin vet
Bruin vet, voor alle duidelijkheid, is een vetweefsel dat energie omzet in warmte - het verbrandt calorieën. Het vet wordt actief als het lichaam het koud heeft en zorgt er dan door verbranding voor dat de lichaamstemperatuur op peil blijft. Zoogdieren die een winterslaap houden, gebruiken hetzelfde bruin vet om tijdens hun winterslaap warm te blijven.

Persoonlijke klimatisering
Met deze kennis in het achterhoofd, snapt de lezer wel hoe belangrijk het is om het binnenklimaat af te stemmen op de persoonlijke wensen van gebruikers. Dat is ook precies wat Van Marken Lichtenbelt betoogt. “Systemen die centraal geregeld worden, leveren vaker klachten op en gebruiken netto ook meer energie.” De wetenschapper is eerder gecharmeerd van zonering en persoonlijke klimatiseringsoplossingen, waarbij bijvoorbeeld het bureaublad wordt verwarmd en een persoonlijk ventilatiesysteem het hoofd koelt.

Stralingswarmte
Niet voor niets geeft Van Marken Lichtenbelt een voorbeeld met stralingsverwarming. “Mensen ervaren dit als zeer comfortabel. Vandaar ook de populariteit van vloerverwarming. Enige nadeel is wel dat het systeem weinig dynamisch is en traag werkt. Het is wenselijk als je het een en ander kan bijsturen, bijvoorbeeld met infraroodpanelen en ventilatie.”

Koelingsbehoefte
Tot dusverre hebben we het vooral gehad over de warmtebehoefte, hoe zit het met de koelingsbehoefte? “We zien daar kleinere verschillen tussen de seksen, maar merken bijvoorbeeld wel dat ouderen sneller last hebben van warmte of zoals ik al eerder zei; mensen met obesitas.”

Indalen
Inmiddels zijn we 6 jaar verder. Zijn de inzichten van de wetenschappelijke studie destijds al doorgedrongen tot de installatiebranche? “Ik heb het idee van wel. Ik heb al talloze Webinars en lezingen over het onderwerp gegeven. Daarnaast lijkt comfort ‘an sich’ een belangrijker thema te zijn geworden in de installatiebranche. Kijk bijvoorbeeld maar de populariteit van slimme ventilatiesystemen en het toenemende aantal WELL Building Standard certificeringstrajecten.”

Smart Technology
Niet alleen de ventilatiesystemen worden slimmer, eigenlijk is er over de gehele breedte sprake van een groeiende populariteit van Smart Technology. “Ik zie allerlei nieuwe beheer- en monitoringssystemen op de markt komen. Op zich een prima ontwikkeling, maar er kleven wel wat risico’s aan vast. Allereerst heb je het hackgevaar, daarnaast moet de gebruiker goed worden geïnstrueerd over de werking van het systeem en die moet ook de wil hebben om allerlei aanvullende handelingen te plegen. Bijvoorbeeld het regelmatig vervangen van filters in gebalanceerde ventilatiesystemen. Ook blijken die slimme systemen een bepaalde kwetsbaarheid te hebben.”

Zelf regelen
“Al met al zou ik nooit de algehele controle van het binnenklimaat overlaten aan Smart Technology. De mens moet de mogelijkheid behouden om in te grijpen, bijvoorbeeld door een raam open te kunnen zetten. Bovendien is het verstandig om op individueel niveau aandacht te blijven besteden aan de gezondheid. Als gebruikers fit zijn, kunnen ze, zoals ik al eerder aangaf, beter omgaan met temperatuurverschillen. En, uiteindelijk blijkt uit ons onderzoek dat zowel af en toe in de kou als in de warmte goed is voor onze gezondheid/weerbaarheid en dat ook daarom een dynamisch binnenklimaat wenselijk is.”

Meeschakelen
“De branche loopt vaak voor op de politiek”, heeft Van Marken Lichtenbelt gemerkt. En dat levert de nodige frustraties op. Hoeveel druk is er vanuit Den Haag en Europa om er echt werk van te maken? “Het is belangrijk dat de politiek mee schakelt”, merkt Van Marken Lichtenbelt terecht op. “Laten we vooral doorgaan met Green Deals en dergelijke.”

Adviezen

Van Marken Lichtenbelt heeft een aantal duidelijke adviezen voor de installatiebranche om het gewenste comfortniveau te bereiken in gebouwen.
1. Zorg voor een dynamisch binnenklimaat met ruimte voor persoonlijke regeling.
2. Zorg voor een eenvoudig te bedienen installatie met een gebruiksvriendelijke interface.
3. Zorg dat de ramen open kunnen en gebruik zo min mogelijk de Airco-installatie.
4. “In feite ontwerp je een installatieconcept dat uit twee lagen bestaat. Er is een centraal beheerd systeem en een tweede systeem dat fluctuaties aan kan. Maak je gebruik van sensoren, beperk je dan niet tot CO2, maar let ook op vocht en Vluchtige Organische Stoffen. Ze hebben bijvoorbeeld in een kantooromgeving allemaal invloed op de productiviteit.”

‘Ook tijdens koude week draaide warmtepomp als een zonnetje’

De afgelopen week stond de warmtepomp vanwege het koude weer extra in de belangstelling. Dit vanwege de vraag of een ...
Verder Lezen

Nederlanders springen zuinig om met hun verwarming

Uit onderzoek van Jaga en Markteffect blijkt dat bijna de helft van de Nederlanders eerst warme kleding aantrekt als ze ...
Verder Lezen

Elektrische bijverwarming of stand-alone oplossing

 De nieuwe elektrische convectorverwarmer Heat Convector 4000 van Nefit Bosch maakt het mogelijk om bijna elke ruimte snel te verwarmen ...
Verder Lezen

Ondanks toegenomen thuiswerken slechts 5% meer verwarming

Nederlanders gebruikten hun verwarming vorige maand 5% meer dan in maart 2019, blijkt uit recent onderzoek onder ruim 1.500 woonhuiseigenaren ...
Verder Lezen

Twee dagen internationale aandacht voor warmtepompen

Gepubliceerd op

Deze week namen 260 experts uit 26 landen deel aan de zevende European Heat Pump Summit. Samen met 34 sprekers bespraken ze de actualiteit op het gebied van warmtepompen, variërend van innovatieve technologieën, toepassingen en koudemiddelen tot het gebruik van hybride systemen en hogetemperatuurwarmtepompen. Verder presenteerden 16 bedrijven en verenigingen hun diensten en productinnovaties aan het aanwezige vakpubliek. De conferentie werd aangevuld met digitale componenten, zoals een livestream en chatfuncties.

Bezoekers van over de hele wereld kregen 34 gevarieerde presentaties voorgeschoteld, verdeeld over de vier hoofdthema's: marktontwikkelingen, R&D, ontwikkeling van componenten en warmtepomptoepassingen. Hoogtepunten van het programma waren het rapport over de warmtepompconferentie in Zuid-Korea in april 2021; markt- en energiebeleidsontwikkelingen (Duits en internationaal); afgerond, lopend en gepland onderzoek naar technologie en toepassingen; de laatste ontwikkelingen van industriële bedrijven en onderzoekscentra; hybride systemen; hoge temperatuurwarmtepompen en speciale toepassingen in industrie en commercie met specifieke voorbeelden uit de praktijk. Alle presentaties werden ook als livestream online uitgezonden en blijven tot en met 5 november 2021 online beschikbaar voor deelnemers.

Kennisoverdracht op het hoogste niveau
Dr. Rainer Jakobs, technisch coördinator van de European Heat Pump Summit over het event: “De presentaties gingen over de nieuwste onderwerpen in de warmtepompindustrie, inclusief wetenschap, ontwikkeling in de industrie en technologie, en hun toepassing. Kennisoverdracht op het hoogste niveau in combinatie met intensieve netwerkmogelijkheden stonden opnieuw centraal en zorgden voor meerwaarde. Zo waren er de presentaties van Thomas Nowak, ehpa, over de ontwikkeling van warmtepompen in Europa gedurende het huidige decennium, en van James Beal, UK DIT, over de activiteiten van Britse bedrijven. Er was een duidelijke boodschap: warmtepompen nemen een vlucht in een- en meergezinswoningen, in het bedrijfsleven en in de stroomvoorziening. Dit werd bevestigd door de presentatie van Arianna Passamonti, Fraunhofer IGE, waarin ze beschreef hoe warmtepompen wetenschappelijk worden gepromoot met behulp van financiering van de overheid. De presentatie van Rüdiger Rudischhauser, SRM/TEC Group, ging over de mogelijkheid om koeling en verwarming effectief met elkaar te verbinden. Hij kwam met het voorbeeld van een vleesverwerkingsbedrijf dat zeer effectief gebruik maakte van beide aspecten van de warmtepomp. Het onderwerp meergezinswoningen kwam meerdere keren uitgebreid aan bod en er werden verschillende oplossingen geboden. Dr. Marek Miara, Fraunhofer ISE, die toezicht hield op de IEA-bijlage over dit onderwerp, presenteerde de algemene situatie en een breed scala aan voorbeelden. Bart Asperlagh van Daikin presenteerde specifieke oplossingen vanuit het oogpunt van de fabrikant.”

Praktische verbindingen
De bijbehorende Foyer Expo bood de aanwezigen de kans om de kloof met de praktijk te overbruggen. Ze konden uit de eerste hand nieuwe producten ontdekken van bekende fabrikanten van componenten en warmtepompen. De focus van exposanten, verenigingen en instellingen uit binnen- en buitenland lag op professionele dialoog en het vinden van antwoorden op individuele vragen.

Hr-ketels met hoog modulatiebereik

Gepubliceerd op

Vaillant presenteert nieuwe modellen van de hr-ketels ecoTEC plus en ecoTEC exclusive. Dankzij de intuïtieve bediening van het nieuwe touchscreen en een verbeterd ontwerp zijn deze ketels gemakkelijk te installeren en onderhouden.

De Vaillant ecoTEC plus en ecoTEC exclusive hebben het energielabel A voor verwarming. Gecombineerd met de vSMART, sensoHOME of sensoCOMFORT thermostaat en buitenvoeler wordt het energielabel voor verwarming A+. Beide modellen zijn uitgerust met de nieuwe intelligente IoniDetect-technologie waarmee een optimale verbranding mogelijk wordt. Deze technologie meet de kwaliteit van de verbranding en past vervolgens automatisch de parameters aan om een optimale verbranding te garanderen. De technologie zorgt daarnaast voor een hoger modulatiebereik waardoor de ketel extra energiezuinig werkt als de thermostaat weinig warmte vraagt. Het modulatiebereik van de ecoTEC plus is 1:9 en de ecoTEC exclusive heeft een modulatiebereik tot 1:12.

Installatie- en onderhoudsvriendelijk
Beide modellen zijn uitgerust met een full-text display met touchscreen en een duidelijke menustructuur. Voor onderhoud hoeft alleen het frontpaneel los gemaakt te worden. Alle onderdelen zijn goed bereikbaar. Het is niet nodig om eerst andere onderdelen te demonteren om bij een specifiek onderdeel te komen en de zijpanelen hoeven niet te worden verwijderd bij de onderhoudsbeurt. Daarnaast biedt het uitgebreide diagnosemenu de mogelijkheid om onderdelen afzonderlijk te testen. De toestellen zijn ook uitgerust met een installatie-assistent die de installateur stap voor stap begeleidt bij de inbedrijfstelling.

Stap voor stap hydraulisch inregelen
De nieuwe ‘hydraulisch balanceren assistent’ helpt bij het stap voor stap hydraulisch inregelen van de verwarmingsinstallatie via de Grundfos GO Balance App. Ook is het mogelijk om klanten beheer op afstand te bieden, dankzij de optionele sensoNET VR921 communicatiemodule. Hiermee kunnen onderhoudsmonteurs en servicemedewerkers niet alleen storingsmeldingen op afstand uitlezen, maar kunnen zij ook parameters aanpassen en prestaties monitoren.

Beschikbaarheid
De ecoTEC plus serie bestaat uit vijf combiketels in de CW-klassen 3 tot en met 6. De ecoTEC exclusive is beschikbaar als CW5 en CW6. Vanaf medio juni zijn de eerste modellen leverbaar.

Hybride oplossing heeft voorkeur bij verduurzaming

Van de duurzame verwarmingsoplossingen lijkt een hybride oplossing de voorkeur te hebben ter vervanging van de cv-ketel. Zo wil 27 ...
Verder Lezen

Winstgevendheid installateurs onder druk door prijsstijgingen en haperende leveringen

Door aantrekkende economieën, waaronder die van de bouw en duurzame energiesector, is de wereldwijde vraag naar grondstoffen inmiddels aanzienlijk. De ...
Verder Lezen

Prefab installatie-unit ontzorgt installateur bij grootschalige renovatie

Onder de noemer ‘Fit to Fit’ ontwikkelt Nefit Bosch, samen met ketenpartners, oplossingen om op installatiegebied snelheid en efficiëntie te ...
Verder Lezen

Op weg naar waterstof: ketels voor wisselende gasmengsels

Met het oog op de enorme reductie van CO2-uitstoot die nodig is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, is ...
Verder Lezen

Warmtepomp zonder buitenunit voor verwarming, warm water en ventilatie

Gepubliceerd op

Nefit Bosch brengt een nieuwe ventilatiewarmtepomp op de markt. De Compress 3800i EW is een alles-in-één oplossing voor verwarming, warm water en ventilatie, zonder buitenunit of bronboring. Hij maakt gebruikt van restwarmte uit de ventilatielucht en kan worden toegepast in zowel nieuwbouw, als bestaande bouw. De warmtepomp is geschikt voor situaties met een geringe warmtevraag, zoals goed geïsoleerde appartementen of vakantiewoningen tot ca. 75 m2 die zijn voorzien van een lagetemperatuurafgiftesysteem.

Met een vermogen van 1,6 kW dekt de warmtepomp het grootste gedeelte van de warmtevraag af. Indien nodig kan hij bijverwarmen door middel van een 9 kW elektrisch element. De ventilatiewarmtepomp heeft een hoge COP van 4,41 (A20/W45 bij 41 l/s) en energielabel A++. De binnenlucht wordt meerdere malen per dag ververst. De RVS-boiler levert 258 liter water van 40 graden. De warmtepomp neemt weinig ruimte in beslag en is met 34 dB fluisterstil.

Touchscreen in kleur en app
Via het display kan de gebruiker het verwarmings- en warm watercomfort aanpassen en heeft hij een overzicht van de prestaties van de warmtepomp. De Compress 3800i is standaard voorzien van een internetaansluiting: alle gebruikersfuncties zijn ook beschikbaar via de nieuwe Bosch HomeCom Easy app. Via het display en de Easy Service app in combinatie met de Smart Service Key heeft de installateur bovendien toegang tot alle technische details en historie.

Installatiegemak: twee delen
Voor het installatiegemak is de Compress 3800i te transporteren in twee delen. Daarbij is er voldoende ruimte aan de onderzijde beschikbaar voor het eenvoudig aansluiten van de leidingen. Het toestel is voorzien van automatische ontluchters.
Alles is weggewerkt achter de mantel, inclusief de RVS-boiler van 186 liter en een expansievat. De warmtepomp moet eenmalig worden ingesteld op basis van de eisen in het Bouwbesluit. Voor het inregelen en inbedrijfsstellen kan de installateur een beroep doen op de service van Nefit Bosch. In dat geval geldt bovendien 5 jaar garantie.

Kwaliteitsverklaring
De gelijkwaardigheidsverklaring van de Compress 3800i EW is voor zowel CV, als tapwater te downloaden via BureauCRG. De ISDE-subsidie bedraagt 1400 euro.

Luchtgebonden warmtepompen

Enkele jaren geleden geloofde een groep warmtepompadepten nog heilig dat grondgebonden systemen de toekomst hadden. Die tijd lijkt nu voorbij ...
Verder Lezen

NTA 8800 certificering voor Samsung lucht/water-warmtepompen

De Samsung EHS ClimateHub Split lucht/water-warmtepomp met geïntegreerde boilertank is gecertificeerd volgens de NTA 8800 testwijze. De kwaliteitscertificaten voor de ...
Verder Lezen

De opkomst van luchtgebonden warmtepompen

Enkele jaren geleden geloofde een groep warmtepompadepten nog heilig dat grondgebonden systemen de toekomst hadden. Die tijd lijkt nu voorbij ...
Verder Lezen

Imago-risico warmtepomp

De warmtepomp is aan een gestage opmars bezig, maar loopt een flink imagorisico. Dat zegt Michel van Bronkhorst van het ...
Verder Lezen

Hybride oplossing heeft voorkeur bij verduurzaming

Gepubliceerd op

Van de duurzame verwarmingsoplossingen lijkt een hybride oplossing de voorkeur te hebben ter vervanging van de cv-ketel. Zo wil 27 procent van de Nederlanders een hybride systeem aanschaffen wanneer hun huidige cv-ketel aan vervanging toe is.

Dit blijkt uit onderzoek van Multiscope in opdracht van Vaillant onder 1000 Nederlandse consumenten. De verwarmingsfabrikant liet dit onderzoek uitvoeren in het licht van het klimaatakkoord, dat voor Nederland als belangrijkste doel oplegt om in 2030 bijna de helft minder CO2 uit te stoten ten opzichte van 1990. De meeste Nederlanders (85 procent) denken overigens dat dit doel niet gerealiseerd wordt.

Meerderheid voelt zich niet verantwoordelijk
Om de CO2-uitstoot te reduceren moet het gasverbruik in Nederland de komende jaren sterk omlaag. Alleen voelt slechts een kleine meerderheid (58 procent) van de Nederlanders zich verantwoordelijk om hieraan een persoonlijke bijdrage te leveren. Als vervanging voor de cv-ketel zijn er momenteel twee opties waaruit men kan kiezen: volledig gasloos wonen met een warmtepomp of het fors reduceren van het gasverbruik door een hybride oplossing (combinatie van cv-ketel en warmtepomp).

Hybride heeft de voorkeur
Van de duurzame verwarmingsoplossingen lijkt een hybride oplossing de voorkeur te hebben ter vervanging van de cv-ketel. Zo wil 27 procent van de Nederlanders een hybride systeem aanschaffen wanneer hun huidige cv-ketel aan vervanging toe is. Zo’n 9 procent kiest dan liever voor een warmtepomp en 4 procent van de respondenten geeft aan al volledig van het aardgas af te zijn. Daar staat tegenover dat 27 procent van de Nederlandse bevolking van plan is opnieuw een cv-ketel te kopen.

Kleinere duurzame stappen ook stimuleren
Subsidies zijn effectief in het stimuleren van verduurzaming. Dat blijkt wel uit het aantal zonnepanelen op de Nederlandse daken en het groeiend aantal elektrische auto’s op de weg. Maar welke maatregelen moet de Nederlandse overheid de komende jaren nemen om het duurzaam verwarmen van woningen te stimuleren? De meerderheid van de Nederlanders (53 procent) zou het liefst meer subsidies voor hybride oplossingen zien, terwijl ongeveer een kwart (26 procent) vindt dat er meer geld moet komen voor subsidie van elektrische warmtepompen.

Gezamenlijk klimaatdoelen realiseren
“Het is aan ons als leverancier om samen met de installateurs de consumenten erop te wijzen dat iedereen zijn steentje bij kan dragen”, stelt Ronald Mazurel, Manager Product Management bij Vaillant. “Dat zien we ook terug in de cijfers: als volledig van het gas af gaan simpelweg niet haalbaar is, blijken veel mensen bereid een hybride oplossing te overwegen. Ik verwacht dat de verduurzaming de komende jaren in stroomversnelling gaat komen. Hopelijk slagen wij er gezamenlijk in om de klimaatdoelen tijdig te realiseren.”

Brede coalitie: vóór 2030 minstens 1 miljoen hybride warmtepompen

Vanaf 2024 moeten ieder jaar minimaal 100.000 hybride warmtepompen worden geplaatst in woningen en gebouwen. Een brede coalitie van maatschappelijke ...
Verder Lezen

Douche-wtw versterkt (hybride) warmtepomp

Badkamers worden luxer en zijn steeds vaker een ruimte voor ontspanning, met een grotere vraag naar warm tapwater als gevolg ...
Verder Lezen

Waarom de hybride warmtepomp vaak een goede keuze is

Met een hybride warmtepomp bespaar je direct op CO2. Hij wordt veelal toegepast in combinatie met een cv-ketel. Ideaal wanneer ...
Verder Lezen

Hybride oplossing

In Venlo vindt een indrukwekkende transformatie plaats. Wat ooit een drukbezocht postkantoor was, wordt nu omgetoverd in een heus museum ...
Verder Lezen

Buitenunit in woning en toch geluidsarm

Gepubliceerd op

NIBE is een collegiale samenwerking aangegaan met HydrotopWorks uit Deventer. Deze jonge onderneming biedt diverse prefab-oplossingen voor lucht/water-warmtepompen. Eén daarvan is de HydroTop: een compacte inbouwunit die het mogelijk maakt om de buitenunit geluidsarm in de woning te plaatsen.

Net als een dakraam wordt deze unit naadloos ingebouwd in het schuine dak van de woning. Het deel waar buitenlucht langs naar binnen wordt gezogen steekt daarbij zo’n 15 centimeter boven het dakvlak uit. De prefab-unit kan zowel seriematig als individueel worden toegepast in nieuwbouw, maar ook bij verduurzaming van bestaande woningen.

Geluidsarme oplossing
Dankzij de isolatie, het afwerkingsniveau en de bereikbaarheid is de HydroTop een geluidsarme oplossing. Hij kan eenvoudig worden geïnstalleerd en van binnenuit worden onderhouden. Er is geen extra dakdoorvoer nodig. De unit kan worden gecombineerd met een afvoerkanaal van de mechanische ventilatie of de WTW-unit.
De HydroTop is geschikt voor de NIBE lucht/water-warmtepompen NIBE F2040-6 (monoblock) en NIBE AMS 10-6 en NIBE AMS 20-6 (splituitvoeringen). Monteren is mogelijk in schuine daken met een dakhelling van 30° t/m 60°. De unit is voorzien van een kunststof (PE) behuizing, montageplaat, scharnieren en aluminium buitenkap. De afmetingen bedragen 1270 x 1270 x 1500 mm (hoogte x breedte x diepte) en het gewicht (leeg) is 140 kg.

Nieuwe geluideisen buitenunits treden pas 1 april a.s. in werking

In het Bouwbesluit 2012 (Staatsblad 2020, nr. 189) worden nieuwe geluideisen gesteld aan (nieuw te plaatsen) buiten opgestelde installaties voor ...
Verder Lezen

Rekenhulp voor geluid buitenunits airco’s en warmtepompen beschikbaar

Per 1 januari 2021 treden de geluidseisen voor buitenunits voor airco’s en warmtepompen in werking. De rekentool om het geluid ...
Verder Lezen

“Warmtepomp maakt geluid, geen lawaai”

Een wetsvoorstel van minister Kajsa Ollongren, als onderdeel van het nieuwe bouwbesluit, moet het geluid van buitendelen van warmtepompen aan ...
Verder Lezen

“Geluidseis op buitenunits is kortzichtige maatregel”

Buiten de woning geplaatste warmtepompen en airco’s mogen straks niet meer dan 40 dB geluid veroorzaken bij de buren. Dit ...
Verder Lezen

‘Betere uitvoering energiesystemen in bodem noodzakelijk’

Gepubliceerd op

Op 10 mei jl. heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) een signaalrapportage ‘Risico’s bij de aanleg van gesloten bodemenergiesystemen’ gepubliceerd. Aan afwijkingen van protocollen bij de aanleg, zoals bij eerdere controles door ILT geconstateerd, moet wat worden gedaan. Branchevereniging Bodemenergie zegt in een reactie dat haar leden inmiddels de nodige stappen hebben gezet maar verdere verbeteringen nodig zijn.

Bodemenergiesystemen spelen een grote en groeiende rol in de verduurzaming van de gebouwde omgeving, met een potentie van 30% marktaandeel in 2050. Branchevereniging Bodemenergie is verheugd dat het belang van bodemenergie in de energietransitie wordt erkend. En daarmee dat bodemenergie-systemen verder moeten en zullen opschalen om bij te dragen aan de klimaat- en energiebeleidsdoelen door duurzaam en betaalbaar comfort te leveren aan eindgebruikers.

Verduurzaming op een verantwoorde manier
Voor (gesloten) bodemenergiesystemen moet in de bodem worden geboord en de risico’s voor bodem en grondwater worden beperkt door in de Regeling Bodemkwaliteit wettelijk verankerde protocollen en een erkenningsregeling, samen met een vergunnings- c.q. meldingsprocedure. Inspecties en eventueel handhaving door landelijke (ILT) en regionale (RUD’s) diensten zien toe op het naleven daarvan. De signaalrapportage van ILT geeft vijf aanbevelingen aan om de risico’s bij aanleg van bodemenergiesystemen voor het grondwater, dat bijvoorbeeld een bron is voor drinkwater, verder te beperken. De aanbevelingen van ILT komen grotendeels overeen met de aanbevelingen van de branche zelf. De vijf aanbevelingen hebben kort samengevat betrekking op:
- 2 aanbevelingen tot normenaanpassingen met betrekking tot mengverhouding van grout en verbieden gebruik van milieuschadelijke smeermiddelen;
- budget beschikbaar stellen voor actualiseren van overheid website www.bodemloket.nl;
- meer overheidsbudget voor toezichthoudende taken;
- een centrale plek voor alle toezichthouders waar de meldingen de locatie en tijd van uitvoering van de boring.
Branchevereniging Bodemenergie meldt deze aanbevelingen te ondersteunen en zich te willen inzetten om samen met boorbedrijven en overheden dit zo snel mogelijk te realiseren.

Controleren, constateren en verbeteren
Het signaalrapport blikt terug op de periode 2016 – 2018 waarin bij controles werd geconstateerd dat de protocollen niet altijd werden nageleefd. Daarop zijn in samenspraak maatregelen genomen voor verbetering die inmiddels zichtbaar wordt, stelt de branchevereniging. ILT spreekt van ‘positieve ontwikkelingen’. Voorts rapporteerde de SIKB jaarrapportage certificatietoezicht bodembeheer 2019 een positieve trend bij de 119 certificaathouders (boorbedrijven) in Nederland actief op de betreffende beoordelingsrichtlijn (BRL 2100). In vijf jaar tijd zijn afwijkingen meer dan gehalveerd met in 2019 gemiddeld minder dan een halve afwijking per certificaathouder in bijna driehonderd audits. De positieve trend is ook te zien in regionale inspecties. Zo rapporteerde bijvoorbeeld de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant een daling van 49% (28 overtredingen bij 57 inspecties) in 2019 naar 11% (3 overtredingen bij 26 inspecties) in 2020.

Rol van de branche
Branchevereniging Bodemenergie stelde met, voor en door haar leden een Gedragscode Bodemenergie op en die wordt intern gemonitord en gefaciliteerd door de Commissie Gedragscode Bodemenergie. Specifiek voor het afdichten van bodemlagen en het afvullen van boorgaten, een belangrijk aandachtspunt van het signaalrapport, wordt door de branche onderzoek gedaan naar materialen en de wijze van aanvullen, waarbij ook de drinkwatersector betrokken is. De resultaten daarvan kunnen bijdragen aan de door ILT aanbevolen aanvullende eisen. De branchevereniging is daartoe structureel in gesprek met ILT en beleidsmakers bij het ministerie van I&W.

Verdere verbetering mogelijk en nodig
Branchevereniging Bodemenergie ziet met ILT en het regionale bevoegd gezag een positieve trend in de praktijk. Toch blijkt uit de signaalrapportage van ILT dat er (veel) ruimte is voor verdere verbetering. Ze beaamt dat verdere verbetering mogelijk en nodig is en dat ILT terecht dit signaal af geeft. ‘Wij zijn benieuwd naar de nieuwste inzichten van ILT en bieden aan om kennis te nemen van de onderliggende aantallen en aard van de constateringen vanaf 2020. Aanvullend op een lopende interne inventarisatie zullen wij dan samen met overheden concrete verdere verbeteringen aan kunnen zetten. Het is daarbij essentieel om ‘de juiste oplossing bij het juiste probleem’ te vinden. Aanscherping van regels is bijvoorbeeld geen oplossing voor het niet naleven van in principe doelmatige regulering. Het stellen van eisen aan gebruikte materialen, zoals de mengverhouding van grout als afvulmateriaal van boorgaten, en aan hulpstoffen zoals smeermiddelen, kan bijvoorbeeld wél bijdragen aan steeds milieuvriendelijker werken. Daarbij dient de balans tussen performance en milieubelasting telkens te worden afgewogen. Wij zullen daaraan blijven (samen)werken. Zoals wij bijvoorbeeld over grout als afvulmateriaal al geruime tijd doen samen met Certificerende Instellingen, leveranciers en de overheden.’

Intensivering van handhaving
Als de toepassing van bodemenergie opschaalt dient tevens het toezicht mee op te schalen, denkt de branchevereniging. ‘ILT vraagt er terecht om dat omgevingsdiensten en gemeenten de mogelijkheden krijgen om hun rol in het toezicht op bodemenergiesystemen actiever in te vullen. Specifiek wordt voorgesteld dat inspecties real-time informatie hebben over booractiviteiten. Boorbedrijven melden nu al alle boringen bij vele instanties, waaronder hun Certificerende Instanties en ook bij de vergunningverlenende overheden zoals provincies, waterschappen, gemeenten en/of Omgevingsdiensten en wij zijn graag bereid mee te denken hoe deze informatie, mede gezien de planning-dynamiek, nóg actueler kan worden gemaakt.’

Integrale benadering
De verdere opschaling van bodemenergie vraagt dus een integrale benadering om de aanbevelingen uit te werken, stelt Branchevereniging Bodemenergie. ‘De branche zal graag haar aandeel blijven nemen voor verdere verbeteringen binnen onze mogelijkheden en waarbij zaken op hun integrale impact, dus inclusief de integrale energetische- en klimaatimpact, worden beschouwd. De door ILT aangegeven verbeteringen in normteksten, overheidswebsites en controlebudgetten van de overheid ondersteunen wij omdat de branche streeft naar continue verbetering over de hele linie. Wij zien verdergaande kwaliteitsverbetering als essentiële doorontwikkeling van onze branche om te groeien met een aandeel in de energietransitie van momenteel enkele procenten naar de 30% marktaandeel in 2050. Dat kan de branche niet alleen, daartoe moet de overheid ook opschalen zoals ILT aangeeft. De energietransitie vormgeven doen we immers samen.’

Risico’s voor bodem en grondwater bij aanleg van gesloten bodemenergiesystemen

Boorbedrijven houden bij de aanleg van bodemenergiesystemen onvoldoende rekening met de eisen die daaraan worden gesteld, waardoor er risico’s ontstaan ...
Verder Lezen

Bodem-warmtepomp én BRL-gecertificeerde ondersteuning voor installateurs

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch  op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

‘BENG-ready’ bodemwarmtepomp

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

‘Wegvallen ISDE-subsidie nieuwbouw remt toepassing bodemenergie’

Vereniging BodemenergieNL betreurt het wegvallen van subsidie voor installaties bij nieuwbouw in de vernieuwde ISDE-regeling, omdat daarmee de drempel voor ...
Verder Lezen

De opkomst van luchtgebonden warmtepompen

Gepubliceerd op

Enkele jaren geleden geloofde een groep warmtepompadepten nog heilig dat grondgebonden systemen de toekomst hadden. Die tijd lijkt nu voorbij te zijn. Ja, ze zijn belangrijk, maar het zijn vooral de luchtgebonden systemen die in een rap tempo innoveren en de markt veroveren.

“Bij de bodemgebonden systemen vindt weinig innovatie plaats”, vertelt Jan Bosch, die sinds 2007 als Manager Marketing Communications werkzaam is bij Nefit Bosch, fabrikant van zowel lucht- als bodemgebonden warmtepompen. “Het zijn vooral de luchtgebonden systemen die in een rap tempo doorontwikkelen.” Martin Wendels, sinds 2010 directeur van WOLF Energiesystemen, dat eveneens beide systemen op de markt brengt, komt min of meer tot dezelfde conclusie. “De markt groeit gestaag door. Ik merk echter dat luchtgebonden systemen sneller marktaandeel veroveren. Dat gaat ten koste van de bodemgebonden varianten.”

Rendement
Dat heeft onder andere te maken met de dimensionering, het ruimtebeslag en de kosten van bodemgebonden systemen. In alle gevallen ben je ongunstiger uit dan met een luchtgebonden variant. Bovendien kruipen die qua rendement zo zoetjes aan ook meer in de richting van bodemgebonden varianten.

Koudemiddelen
Een heet hangijzer zijn de koudemiddelen. De regelgeving stuurt steeds meer aan op het gebruik van koudemiddelen met een lagere GWP, om het milieu te beschermen. Tegelijkertijd proberen fabrikanten, uiteraard, het rendement omhoog te krijgen. Dat leidt tot een verwoede zoektocht naar nieuwe alternatieven voor bestaande populaire koudemiddelen als R410A. “Natuurlijke koudemiddelen zijn duidelijk in opkomst”, vertelt Wendels. “Zeker bij luchtgebonden varianten, waarvoor ik denk dat R290 hét koudemiddel van de toekomst is.” Knelpunt blijft natuurlijk de beschikbaarheid van monteurs met een F-gassen certificaat. Hoewel opleiders en fabrikanten aangeven dat er veel animo is voor trainingen, blijkt menig installateur nog niet over de juiste papieren te beschikken. Dat verklaart ook de groeiende populariteit van monoblock-systemen, die zonder F-gassen handelingen worden geïnstalleerd.

Totale oplossing
Bosch signaleert dezelfde ontwikkelingen. Naast propaan (R290), ziet hij ook R32 en R454C aan populariteit winnen. Daarnaast lijkt de luchtgebonden warmtepomp steeds meer als een onderdeel van een totale systeemoplossing te worden beschouwd. “Dat heeft ook te maken met de pandemie. Er is meer aandacht voor het binnenklimaat, dus ook voor de samenhang tussen bijvoorbeeld lucht-lucht warmtepompen, ventilatie en airconditioning.”

Digitalisering
Overigens heeft diezelfde pandemie ook een gigantische push gegeven aan de digitalisering van de installatiebranche. Denk bijvoorbeeld in de aanpalende sanitairsector aan bewegingssensors en aanrakingsvrije kranen. Wat betreft warmtepompen neemt de behoefte aan software en tools voor online monitoring, bediening en integratie met GB-systemen toe, vertelt Bosch. Energiemanagement gaat een cruciale rol spelen in de toekomst. Naar verwachting komen er meer decentrale opslagslagsystemen – lees accu’s – die geïntegreerd worden in Smart Grids. Vroeg of laat worden warmtepompen zelfsturend, waardoor ze in staat zijn zelfstandig beslissingen te nemen over het tijdstip én de draaiuren die ze maken. Bijvoorbeeld op het moment dat er een overcapaciteit is aan groene energie op de markt. Op die manier bespaart de eindgebruiker op zijn energierekening.

Geluidsnorm
Er verschijnen regelmatig verhalen in de media over de geluidsproductie van warmtepompen. Vandaar dat de Rijksoverheid heeft ingegrepen. “Per 1 april zijn nieuwe geluidseisen gesteld aan (nieuw te plaatsen) buiten opgestelde installaties voor warmte- of koude opwekking. Het gaat hierbij om warmtepompen en airco’s die worden toegepast bij woningen en woongebouwen. Deze installaties mogen niet meer dan 40 dB geluid veroorzaken bij de buren. Met deze landelijke geluidsnorm worden buren beter beschermd tegen geluid van warmtepompen en wordt de ontwikkeling van stillere warmtepompen bevorderd”, aldus de Rijksoverheid.

Haalbaarheid
Deze nieuwe eisen vormen geen belemmering voor de verdere doorgroei van luchtgebonden systemen, geven zowel Wendels als Bosch aan. “Door een ander type ventilator te gebruiken met roterende waaiers en een vast schoepenwiel kunnen wij bijvoorbeeld prima voldoen aan de eisen”, legt Wendels uit.

Waterstofketel
Gaat de waterstofketel op termijn een bedreiging vormen voor het marktaandeel van warmtepompen? Zowel Bosch als Wendels verwachten van niet. Zo zijn er nog fikse stappen te zetten voordat er een waterstofeconomie is in Nederland, zegt Wendels. “Denk aan de productie van groene waterstof en het gereedmaken van de bestaande gasinfrastructuur voor het transport van waterstof.” Bovendien zit ‘de concurrentie’ ook niet stil, zegt Bosch. Ook warmtenetten en elektrische verwarming zijn of worden aantrekkelijke alternatieven om de warmtevraag in de gebouwde omgeving in te vullen. Tot slot verwachten beide experts dan er meer warmtepompsystemen op de markt komen die aansluiten bij binnenstedelijke condities. En dat is nu juist net de omgeving waarvoor veel experts de waterstofketel in gedachten hadden.

Hybride oplossingen
Het zou overigens ook zomaar kunnen dat waterstofketels deel gaan uitmaken van hybride oplossingen, merkt Bosch op. Op dit moment worden hybride systemen met ketels en warmtepompen door een deel van de markt gezien als de ideale oplossing om in een sneltreinvaart de energietransitie te doorlopen in de bestaande bouw. Op die manier hoef je namelijk minder/geen geld te investeren in flankerende maatregelen, zoals extra isolatie en een ander afgiftesysteem. Bovendien wordt er ook geanticipeerd op een groeiende koelingsbehoefte in de gebouwde omgeving.

Dit is voorproefje van een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ, editie juni (verschijnt 29 juni a.s.). De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Warmtepomp met actieve koeling

Vorig jaar introduceerde Vasco de warmtepomp Vica 8 AW E (Air Water Extern). Deze oplossing biedt nu meer comfort en ...
Verder Lezen

Plug and play warmtepomp doorstaat strenge winterperiode

“De strenge vorstperiode deze winter was voor ons een geschenk uit de hemel; en niet alleen vanwege de ijspret buiten”, ...
Verder Lezen

Brede coalitie: vóór 2030 minstens 1 miljoen hybride warmtepompen

Vanaf 2024 moeten ieder jaar minimaal 100.000 hybride warmtepompen worden geplaatst in woningen en gebouwen. Een brede coalitie van maatschappelijke ...
Verder Lezen

Ontwikkelaar van warmtepomp-systemen met PVT-panelen haalt €1,2 miljoen op

Dankzij een financiering van PDENH, DOEN Participaties, Enfuro Ventures en de Rabobank heeft Triple Solar 1.200.000 euro aan werkkapitaal opgehaald ...
Verder Lezen

Warmtepomp met actieve koeling

Gepubliceerd op

Vorig jaar introduceerde Vasco de warmtepomp Vica 8 AW E (Air Water Extern). Deze oplossing biedt nu meer comfort en flexibiliteit. Zo kan de woning niet alleen in de winter worden verwarmd maar in de zomer ook worden gekoeld – via vloerverwarming of ventilo-convectoren.

Met de lucht/water-warmtepomp Vica 8 AW E biedt Vasco Group voortaan ook de mogelijkheid tot actieve koeling. Hierbij wordt het proces omgekeerd en wordt de warme buitenlucht gebruikt om koud water op te wekken (tot bijvoorbeeld 7°C). In combinatie met vloerverwarming wordt er zo veel mogelijk gewerkt met 18°C om condensvorming te voorkomen. In combinatie met Vasco Vica Combi Collect wordt aangeraden om de koeltemperatuur op minimaal 18°C te houden. De warmtepomp blijft in de zomer garanderen dat er voldoende sanitair warm water beschikbaar is.

Energietransitie vergt meer aandacht voor groepenkasten in woningen

In het kader van de energietransitie vervangen we steeds meer fossiele brandstoffen door duurzame energiebronnen. In de praktijk leidt dit ...
Verder Lezen

Aardgasvrij douchen

Een consortium met TNO, Hametech en Beter Bad ontwikkelde een douche die het mogelijk maakt om aardgasvrij te douchen. Door ...
Verder Lezen

Plug and play warmtepomp doorstaat strenge winterperiode

“De strenge vorstperiode deze winter was voor ons een geschenk uit de hemel; en niet alleen vanwege de ijspret buiten”, ...
Verder Lezen

Warme lucht

Gisteren was in het nieuws dat de Techniek Nederland, natuur en milieu en Netbeheer Nederland vinden dat de verkoop van ...
Verder Lezen

Plug and play warmtepomp doorstaat strenge winterperiode

Gepubliceerd op

“De strenge vorstperiode deze winter was voor ons een geschenk uit de hemel; en niet alleen vanwege de ijspret buiten”, zegt Jacco Langebeeke. Hij is de ondernemer achter Vloerverwarming Nederland, die zich de laatste jaren steeds breder met verduurzaming van woningen bezighoudt. “Wij hebben zelf een warmtepomp ontwikkeld en laten die maken in Slovenië. Deze werkt zonder buitenunit maar met toevoer en afvoer van lucht door gaten in het dak. Je tilt hem zo de trap op en binnen een halve dag doet hij het. Toen het een aantal dagen erg koud werd konden we zien dat het binnen lekker warm bleef, terwijl het huis pragmatisch geïsoleerd is, dus niet helemaal ingepakt met buitenisolatie. Ik heb de huurders in Deurne ook gebeld; ze zijn heel tevreden.”

De innovatie maakte onderdeel uit van een totaalconcept voor rijwoningen, waaraan ook Artention en Green Men bijdroegen. De pilot werd gesteund via een DEI+ subsidie, een subsidieregeling van TKI Urban Energy regeling met budget van het ministerie van BZK, die door RVO.nl wordt uitgevoerd. In de regeling is ook dit jaar negen miljoen beschikbaar voor pilots en demonstraties op het gebied van aardgasvrije woningen, gebouwen en wijken. De subsidie kan oplopen tot 45% van de kosten.

Opschalen
“We bedienen nu ook particulieren”, zegt Langebeeke. “We zijn nu een woning van gasgestookte stadswarmte af aan het halen in Utrecht. Ik wil gecontroleerd maar snel opschalen. Dat kan door weinig marge te maken per woning en onze aanpak te standaardiseren. Met grote aantallen bouw je dan toch een gezonde onderneming. We blijven nu door de bank genomen binnen de energierekening voor een woning die energieneutraal is en aardgasvrij, achterstallig onderhoud en maatwerk daargelaten.”

Brede coalitie: vóór 2030 minstens 1 miljoen hybride warmtepompen

Vanaf 2024 moeten ieder jaar minimaal 100.000 hybride warmtepompen worden geplaatst in woningen en gebouwen. Een brede coalitie van maatschappelijke ...
Verder Lezen

E-Learning: met de juiste kennis aan de slag bij je klant

Als installateur wil je klanten zo goed mogelijk adviseren. Om dat waar te maken, moet je wel goed op de ...
Verder Lezen

Ontwikkelaar van warmtepomp-systemen met PVT-panelen haalt €1,2 miljoen op

Dankzij een financiering van PDENH, DOEN Participaties, Enfuro Ventures en de Rabobank heeft Triple Solar 1.200.000 euro aan werkkapitaal opgehaald ...
Verder Lezen

Natuurlijke koudemiddelen: waar blijft die massale overstap?

Hoewel het proces met horten en stoten op gang moest komen, zit de vaart er nu wel in. Nederland is ...
Verder Lezen

Ontwikkelaar van warmtepomp-systemen met PVT-panelen haalt €1,2 miljoen op

Gepubliceerd op

Dankzij een financiering van PDENH, DOEN Participaties, Enfuro Ventures en de Rabobank heeft Triple Solar 1.200.000 euro aan werkkapitaal opgehaald. Triple Solar is een snelgroeiende scale-up in de energietransitie. Het bedrijf ontwikkelt warmtepompsystemen met PVT-panelen als energiebron. Triple Solar gebruikt het kapitaal voor het opschalen van hun activiteiten in grootschalige nieuwbouwprojecten in Nederland, Duitsland, België en het Verenigd Koninkrijk.

Het Triple Solar®-systeem is een alternatief voor warmtepompen die gebruikmaken van een bodembron of buitenunits. Het Amsterdamse bedrijf past dit systeem toe in zowel nieuwbouw als bestaande bouw.

Duurzame ambitie
Cees Mager, CEO bij Triple Solar: “Deze werkkapitaalfinanciering maakt het mogelijk de ingezette groei uit te bouwen. Stilstand is achteruitgang. Er moeten nog miljoenen huizen verduurzaamd worden in de komende 30 jaar en daarom is groeikapitaal voor innovatieve bedrijven essentieel”. Anthony Viellevoije, Investment Director bij PDENH: “We zijn enorm trots op Triple Solars succes en hebben het volste vertrouwen in het team en het innovatieve systeem dat zich inmiddels duidelijk bewezen heeft. We leveren dan ook graag een bijdrage aan deze financiering. De ‘verder zonder gas- oplossing’ die Triple Solar biedt, past naadloos in onze duurzame ambitie”.

Impact maken met  CO2-reductie
Merijn ten Thije, Investment Manager bij DOEN Participaties: “DOEN Participaties financiert duurzame start-ups en scale-ups die impact maken met  CO2-reductie. Aandachtspunt voor DOEN is dat de energietransitie voor iedereen toegankelijk is. Omdat de producten van Triple Solar ook geschikt zijn voor particulieren en huurders van woningcorporaties past Triple Solar heel goed bij onze ambities.”

Versnelling van de groei
Erik Schut, medeoprichter van Enfuro Ventures: “Het Triple Solar-team heeft de afgelopen jaren fantastisch werk gedaan. Het bedrijf heeft zich ontwikkeld van een innovatieve start-up tot een succesvolle scale-up die een belangrijke bedrage levert aan de energietransitie. We zijn trots dat we deze bijdrage kunnen leveren aan de versnelling van de groei van Triple Solar”.

Innovatieve ontwikkelaar
Pieter Mullink, Accountmanager Rabobank Amsterdam:  “Triple Solar is een innovatieve ontwikkelaar van energiesystemen waarmee ze woningen van warmte, warm water en elektriciteit voorzien zodat ze geheel van het gas kunnen. Ze onderscheiden zich met hun techniek en ervaring. Rabobank is al lang partner van Triple Solar en trots dat we ze kunnen ondersteunen in hun belangrijke werk en snelle groei“.

Foto: Het bijna voltallige team van Triple Solar (fotocredit: Jorien Walsmit)

Ook dynamisch inregelen nu opgenomen in ISSO-publicatie 65

Gepubliceerd op

De kennis in ISSO-publicatie 65 ‘Inregelen van ontwerpvolumestromen in klimaatinstallaties’ is herzien. De inregelmethoden die de publicatie beschrijft, zijn een uitwerking van de in NEN-EN 14336 genoemde methoden. Aan de publicatie heeft ISSO kennis toegevoegd over het dynamisch inregelen van de ontwerpvolumestromen.

Deze ISSO-publicatie geeft methoden voor het inregelen van de ontwerpvolumestromen in klimaatinstallaties voor verwarmen en/of koelen. Het gaat daarbij specifiek om klimaatinstallaties van utiliteitsgebouwen en woongebouwen met een collectieve klimaatinstallatie. Inregelen is noodzakelijk om een klimaatinstallatie in vollast en deellastsituaties te laten functioneren volgens het ontwerp.

Inregelmethoden
De inregelmethoden beschreven in deze publicatie zijn toe te passen bij:
•             Nieuwbouwinstallaties;
•             Installaties die niet of onvoldoende zijn ingeregeld;
•             Renovatieprojecten;
•             Vervangen van bijvoorbeeld ketel en afstemmen vermogensvraag en vermogenslevering.

Praktisch
De aanleiding voor deze herziening was het feit dat de NEN-EN 14336 ‘Verwarmingssystemen in gebouwen’ weliswaar noemt welke inregelmethoden bestaan, maar niet uitlegt hoe die praktisch uitvoerbaar zijn. ISSO heeft het, samen met de partners uit de Kontaktgroep, op zich genomen de methoden in deze publicatie op praktijkniveau uit te werken.

Inhoud
De publicatie beschrijft het inregelproces, waarin onder meer de benodigde eisen, documenten en verantwoordelijkheden zijn vastgesteld. Deze kennis is bedoeld voor bedrijven en installatieontwerpers om hun kwaliteitssysteem aan te vullen. Het is een instrument om inregelen op te nemen in regelgeving. De publicatie gaat ook inhoudelijk in op de inregelmethoden, en uit welke onderdelen ze zijn opgebouwd. Dynamisch inregelen is een nieuwe toevoeging aan deze herziene publicatie. Dynamisch inregelen maakt het realiseren van ontwerpvolumestromen eenvoudiger, waardoor de kans afneemt dat een installatie niet is ingeregeld.

‘Ook tijdens koude week draaide warmtepomp als een zonnetje’

Gepubliceerd op

De afgelopen week stond de warmtepomp vanwege het koude weer extra in de belangstelling. Dit vanwege de vraag of een warmtepomp het wel warm zou kunnen krijgen. Nu het koudefront weer op zijn retour is, reden voor Itho Daalderop om één van haar klanten aan het woord te laten over de prestaties van de WPU warmtepomp.

Nicolaas van Everdingen is eigenaar van adviesbureau Plushuis. Zijn bedrijf heeft meer dan 20 woningen (nieuwbouw en renovatie) naar all-electric en energieleverend gebracht. In enkele van deze woningen zijn de water/water-warmtepomp WPU en balansventilatie HRU van Itho Daalderop  geïnstalleerd. De WPU warmtepomp maakt gebruik van energie uit de bodem.

Gepassioneerd verduurzamer
Voordat een woning een Plushuis© genoemd mag worden, worden er verschillende aanpassingen gedaan aan de schil. Van Everdingen stelt een rapport op met te nemen maatregelen om de woning energieleverend en dus ‘Plus op de meter’ te krijgen. Als gepassioneerd verduurzamer houdt Nicolaas al geruime tijd de energieprestaties van alle Plushuizen bij. Afgelopen zomer, in de heetste week van het jaar, is door hem de #hetemeetweek in het leven geroepen. Nu we de afgelopen week weer eens echt winterweer hebben gehad, is de #koudemeetweek van start gegaan. Hierin is bijgehouden hoe de woningen presteren tijdens de kou. Dit filmpje van Van Everdingen geeft inzicht in de ‘machinekamer’ van het energiezuinigste Plushuis in Ede met een Itho Daalderop water/water warmtepomp van het type WPU.

Goede prestaties
In de grafiek hiernaast is het energiegebruik van de water/water-warmtepomp te zien en ter vergelijk een lucht/water-warmtepomp in een ander Plushuis. Alhoewel de woningen erg verschillen (nieuwbouw versus “vernieuwbouwde” jaren ’30 woning) is het interessant om te zien hoe de verschillende woningen het doen. De WPU scoorde eerder al het beste onder alle Plushuizen qua energiegebruik (en die woning kreeg dan ook het predicaat Energiezuinigste Plushuis© 2020. www.plushuis.nu/Wedstrijd_Plushuis_2020).
Tijdens de #koudemeetweek blijkt de WPU bijzonder goed te presteren (zie oranje lijn). In vergelijking met een lucht/water warmtepomp (blauwe lijn) valt op wat een enorm verschil in energieverbruik de woningen laten zien. De gemiddelde netbelasting door de WPU blijft met ca. 540 Watt ver onder het vermogen van ca. 1500 tot 2000 Watt dat netbeheerders in bestaande woonwijken per woning beschikbaar hebben. Bij de luchtwater-warmtepomp ligt dat met 1400 Watt duidelijk hoger.
In grafiek hiernaast is te zien dat de brontemperatuur netjes rond de 7-8 graden blijft liggen, wat conform verwachting is. Conclusie: de WPU die energie uit de bodem benut met een bron die gevuld is met zuiver water in plaats van met chemicaliën zoals glycol, draait het hele jaar als een zonnetje. Ook wanneer het buiten extreem koud is.

 

Fotograaf: Raimond Zoeter

Warmtepompboilers gebruiken lucht vanuit WTW

In Leiden worden de komende maanden honderden woningen voor studenten en ‘young professionals’ opgeleverd. Er worden ruim 550 warmtepompboilers geïnstalleerd ...
Verder Lezen

Duurzame woningen onderdeel van grootschalige aanpak woningtekort

In tien jaar tijd wil een coalitie van 34 organisaties een miljoen huizen bouwen. Ook is het de bedoeling om ...
Verder Lezen

Drukte bij installateurs: veel kleumende bewoners en kapotte cv-ketels

Nederland is in de greep van de winter en dat is te merken bij de verwarmingsbedrijven. Veel oudere cv-ketels en ...
Verder Lezen

Spraakgestuurde slimme thermostaat

Het Franse Netatmo introduceert de Slimme Modulerende Thermostaat op de Nederlandse markt. Gebruikers kunnen deze thermostaat spraakgestuurde opdrachten geven, op ...
Verder Lezen

Op weg naar waterstof: ketels voor wisselende gasmengsels

Gepubliceerd op

Met het oog op de enorme reductie van CO2-uitstoot die nodig is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, is het aannemelijk dat in de toekomst een mix van zowel energieopwekkers als energiedragers gebruikt gaat worden voor de verwarming van onze huizen en gebouwen. Denk aan elektriciteit, opgewekt door de zon en de wind, aardgas, maar ook hernieuwbare brandstofbronnen, zoals synthetisch methaan en waterstof geproduceerd zonder kooldioxide. De Duitse ketelfabrikant Viessmann is ervan overtuigd dat met name waterstof een sleutelrol zal spelen. ‘Het is de meest logische manier om de verwarmingsmarkt klimaatneutraal te maken.’

Uit een proefstudie van het Duitse energieagentschap (dena) blijkt bijvoorbeeld dat een mix van elektrische oplossingen, zoals warmtepompen en waterstof in de bouwsector de kosten van het energiesysteem tegen 2050 met ten minste €260 miljard zou kunnen verlagen. Door gebruik te maken van waterstof kan immers de bestaande gasinfrastructuur worden gebruikt en is minder uitbreiding nodig van elektriciteitsnetten en reservestroomcentrales. Bovendien maakt deze nieuwe brandstof het mogelijk om de CO2-uitstoot in zeer korte tijd aanzienlijk te verminderen. Het is al mogelijk om tot 20% waterstof toe te voegen aan aardgas in het net. Dit zou de uitstoot van broeikasgassen met ongeveer 7% per jaar kunnen verminderen.

Aan de voorkant inregelen
De komende jaren zullen zich echter nog kenmerken door een overgang. Deels aardgas, deels elektriciteit, deels waterstof, wellicht zelfs gas dat geïmporteerd wordt. Dat kan problemen opleveren, want afhankelijk van het soort gas dat wordt gebruikt, moet in een verwarmingsketel de mengverhouding met lucht worden aangepast. En daar is normaliter een monteur voor nodig.
Alle toestellen van Viessmann zijn daarom inmiddels uitgerust met lambda control. Deze technologie past de lucht-gasverhouding van het toestel meteen en automatisch aan. Viessmann biedt hiermee ook een oplossing voor installatiebedrijven die een groeiend tekort hebben aan monteurs. Lambda control zorgt bovendien voor schone verbranding en het beste rendement.
Kees de Haan Commercieel Directeur Viessmann Nederland: “Door aan de voorkant in te regelen dat wisselende gasmengsels voor onze apparatuur technisch geen probleem vormen, maken we woningen en gebouwen klaar voor de toekomst, ontlasten we installateurs die worstelen met een toenemend tekort aan goede technici en hoeven bewoners niet extra thuis te blijven voor een bezoek van de monteur."

H2ready condensatieketels
De technologie die nodig is om gebruik te maken van dergelijke aardgas-waterstofmengsels om gebouwen te verwarmen is al beschikbaar en in duizenden installaties in de markt in gebruik. De nieuwste gascondensatieketels van Viessmann, de Vitodens 200 en 300 en de Vitocrossal 100 en 200 worden al bediend met 20 tot 30% waterstof. Een team van ingenieurs en technici test op dit moment in het Viessmann Innovation Center ook ‘H2ready’ condenserende ketels voor gebruik met zuivere waterstof. Deze apparaten komen in de loop van 2024 op de markt.

Hogere watertemperaturen bij lagere buitentemperaturen

Gepubliceerd op

Trane introduceert nieuwe Sintesis™ Advantage CXAF-lucht/water-warmtepompen. Ze zijn geschikt voor de vervanging van boilers voor comforttoepassingen die op fossiele brandstof draaien en  garanderen hogere watertemperaturen bij lagere buitentemperaturen dan de eerdere modellen. De nieuwe modellen zijn geoptimaliseerd voor omstandigheden met een gedeeltelijke belasting en bieden een tot 10% betere prestatiecoëfficiënt (COP) en een toename tot 15% van de seizoensgebonden prestatiecoëfficiënt (SCOP).

Wanneer er ruimtekoeling nodig is, kunnen de nieuwe Sintesis™ Advantage CXAF-warmtepompen gecombineerd worden met een geïntegreerd warmteterugwinningssysteem, waardoor klanten de 'gratis warmte' kunnen hergebruiken in eindtoepassingen met lage temperaturen, zoals het herverwarmen van zwembaden, luchtontvochtiging, maar ook voor gelijktijdige airconditioning.

Nederlanders springen zuinig om met hun verwarming

Gepubliceerd op

Uit onderzoek van Jaga en Markteffect blijkt dat bijna de helft van de Nederlanders eerst warme kleding aantrekt als ze het koud hebben. Een kwart kruipt liever met een dekentje op de bank, alvorens de verwarming hoger te zetten. Ook blijkt dat Nederlanders in hun dagelijkse leven rekening houden met het milieu, mits het uitkomt en het niet te veel extra kost.

Naast de inrichting, maakt de temperatuur een woning het meest comfortabel, vinden we. Maar wat is dan een comfortabele temperatuur? Het onderzoek wijst uit dat dit gemiddeld 20 graden is in onze woonkamer. Dit is ook de ruimte waar we de temperatuur het meest comfortabel vinden. Door het vele thuiswerken zijn ook andere ruimtes, zoals de slaapkamer en de zolder, ineens werkplekken geworden en verwachten we ook hier een betere temperatuur.

Verwarming lager om energie te besparen
Veel mensen hebben een traditionele cv-ketel (79%) als warmtebron in huis. Hoewel er duurzamere systemen zijn, zoals een warmtepomp of zonne-energie, proberen mensen wel bewust om te gaan met hun cv-ketel. 84% zet wel eens de verwarming lager om energie te besparen. Eén vierde hiervan doet dit standaard. Door de verwarming standaard 1 graad lager te zetten dan gewend, is er minder CO2-uitstoot en kan er al snel 100 euro per jaar bespaard worden door een huishouden. Ook zet 65% van de Nederlanders de verwarming lager in de nacht of als ze het huis verlaten om niet onnodig te stoken.

Jaga heeft het onderzoek in samenwerking met Markteffect laten uitvoeren onder 509 woningeigenaren in Nederland. De ondervraagden waren 25 jaar en ouder en wonend in Nederland.

Drukte bij installateurs: veel kleumende bewoners en kapotte cv-ketels

Nederland is in de greep van de winter en dat is te merken bij de verwarmingsbedrijven. Veel oudere cv-ketels en ...
Verder Lezen

Miljoenste cv-ketel van ATAG geïnstalleerd bij Fries gezin

Begin november liet ATAG Verwarming weten sinds 1997 één miljoen cv-ketels te hebben geproduceerd en verkocht. Inmiddels is die miljoenste ...
Verder Lezen

Appendage om snel ketel bij te vullen beschermt tegen overdruk

Flamco introduceert een inlaat-vulcombinatie die het warmtapwatertoestel tijdens de verwarmingscyclus tegen overdruk beschermt. Tegelijkertijd is het een hulpmiddel om een ...
Verder Lezen

Stedin start proef met verwarmen van woningen op waterstof

In Uithoorn stroomt vanaf vandaag waterstof door het bestaande aardgasnet. Veertien sloopwoningen zijn gereed gemaakt voor tijdelijke verwarming met waterstof ...
Verder Lezen

Bioketels nog nauwelijks in trek

Gepubliceerd op

De branche van bioketels kwam in 2020 tot een abrupte stop, blijkt uit het jaarverslag van de branchevereniging voor bioketelleveranciers, de NBKL. Subsidies werden voor een belangrijk deel beëindigd, net als de MIA/Vamil-regeling. De afzet van bioketels was zeer beperkt. Wel werd nog een aantal nieuwe projecten in gebruik genomen waardoor de hoeveelheid duurzame warmte uit bioketels in 2020 met circa 3-4 PJ toenam. De werkgelegenheid liep zeer sterk terug, van de circa 720 arbeidsplaatsen gingen er 400 verloren in dit crisisjaar.

De hoeveelheid duurzame biomassa in de vorm van houtpellets en houtchips die in Nederland geoogst en gebruikt wordt, blijft nog stijgen. Deze houtsnippers komen met name van milieustraten, groenaannemers e.d. Houtpellets worden geproduceerd van zaagsel en houtresten uit timmer- en meubelfabrieken.

Aanscherping emissienormen
In 2020 ging veel aandacht uit naar een mogelijke aanscherping van de emissienormen voor bioketels van 0,5 – 50 MW. De NBKL staat achter een aanscherping, mits de toegezegde subsidies ter compensatie van de meerkosten er ook komen. De Nederlandse emissienormen behoren overigens nu al tot de striktste ter wereld.

Wat zijn bioketels?
Bioketels werken ongeveer hetzelfde als cv-ketels, maar dan op snoei- en houtafval in plaats van gas: ze zetten dit om in warmte en soms ook elektriciteit. Daarnaast lopen er proeven om voedselafval en bermgras om te zetten naar brandstof voor bioketels. De NBKL laat weten dat de nieuwste generatie bioketels rendementen kent die oplopen tot ver boven de 90% en een hele lage uitstoot van fijnstof hebben.

Sector bioketels groeit met 15%

De sector bio-energie is het afgelopen jaar, net als in 2018, gegroeid met ongeveer 15 %. Dat blijkt uit het ...
Verder Lezen

‘Wegvallen ISDE-subsidie nieuwbouw remt toepassing bodemenergie’

Vereniging BodemenergieNL betreurt het wegvallen van subsidie voor installaties bij nieuwbouw in de vernieuwde ISDE-regeling, omdat daarmee de drempel voor ...
Verder Lezen

“Bioketels zijn beste optie voor duurzame warmte”

“Bioketels zijn nodig om van het gas af te gaan waar warmtenetten en -pompen niet passen. Er is meer subsidie ...
Verder Lezen

“Bioketels zijn nodig voor een aardgasvrije toekomst”

Er zijn meer bioketels nodig om Nederland te helpen van het gas af te komen. Dit blijkt uit een studie ...
Verder Lezen

Ennatuurlijk neemt vijf warmte- en koude projecten over

Gepubliceerd op

Hydreco en Ennatuurlijk hebben een overeenkomst gesloten voor de overname van vijf warmte- en koude projecten. Het gaat om de WKO-netten, installaties en aansluitingen van 1.400 klanten in Eindhoven, Boxtel, Steenbergen en Goirle. Ennatuurlijk is een warmtebedrijf met landelijke spreiding, dat ruim 85.000 consumenten en 1.200 zakelijke klanten bedient.

De overname sluit aan op de ambities van Ennatuurlijk om, veelal via lokale oplossingen, duurzame energie voor iedereen mogelijk te maken en bij te dragen aan de versnelling hiervan. Deze overname vergroot de lokale verankering en geeft het bedrijf de mogelijkheid verder uit te breiden. De aanpak sluit verder aan bij de duurzaamheidsambities. De warmte- en koudeprojecten die Ennatuurlijk overneemt zijn op zichzelf al duurzaam.

Cascade zónder ketelpompen in woonzorgcomplex

Gepubliceerd op

Voor bewoners en medewerkers van Woonzorgcentrum De Horst in Eindhoven is betrouwbaar warmtecomfort een belangrijk aspect van de 24-uurs zorg. De 169 appartementen en 14 zorgwoningen van het complex zijn onlangs voorzien van vier ketels van elk 250 kW in een cascade-opstelling. Wat opvalt is dat het systeem werkt zónder ketelpompen, waardoor het energiegebruik tot 25% omlaag kan.

Het cascadesysteem van staande HR-ketels draait zónder ketelpompen en open verdeler. Er is dus geen scheiding tussen de ketels en het transport- en afgiftesysteem. De temperatuur en de flow worden volledig op de vraag afgestemd. Onnodig rondpompen van warmte kan op die manier worden voorkomen. Dit levert forse energiebesparingen op. Bovendien leidt het gebruik van minder pompen tot een minder storingsgevoelige installatie.

Grote variabele flow en temperatuurverschillen
In de zoektocht naar toestellen die in het geschetste systeem probleemloos zouden kunnen draaien, kwam SY-nergie uit Tilburg uit bij de Bosch Condens 7000F; een toestel dat de grote variabele flow en grote temperatuurverschillen van het systeem aan kan. Het toestel is leverbaar in vermogens van 75 tot 300 kW. In combinatie met de bijbehorende MX25-regelingen en het gebouwbeheersysteem is volgens de fabrikant een energiebesparing van 15 tot 25% mogelijk.

Eerste stap naar verduurzaming
De vier hr-ketels van elk 250 kW zijn geïnstalleerd door Van den Hoff Installatiebedrijf. Het tapwater wordt verwarmd door middel van een zonneboilersysteem. De compacte uitvoering van het cascadesysteem zorgt ervoor dat er ruimte over blijft om in de toekomst duurzame componenten, zoals een hybride luchtwarmtepomp, bij te plaatsen. Bovendien zijn de ketels voorbereid op alternatieve gassoorten die zich mogelijk in de toekomst aandienen.

Slim klimatiseren: kinderen verwarmen school

In deze tijden van Corona is er volop aandacht voor ventilatie. Ook bij scholen. Volgens Carl-peter Goossen wordt het tijd ...
Verder Lezen

Van veldverwarming tot airco op hotelboot

Installatietechniek is vaak maatwerk. Bijna geen project is hetzelfde. Een goed voorbeeld hiervan zijn de installatieprojecten in dit artikel. Stuk ...
Verder Lezen

Warmtepompen met aanvoertemperatuur tot 68 ℃

Nefit Bosch introduceert acht nieuwe bodemwarmtepompen van 22 tot 80 kW, geschikt voor zowel grote woningbouw, gestapelde bouw als utiliteit ...
Verder Lezen

Doorontwikkelde gasketels voor utiliteit klaar voor waterstof

Remeha lanceert de ketels GAS 320 Ace en GAS 620 Ace. Beide zijn geschikt om te branden op aardgas aangevuld ...
Verder Lezen

Geothermie bundelt krachten in nieuwe brancheorganisatie

Gepubliceerd op

De brancheorganisatie Geothermie Nederland gaat vanaf 1 januari 2021 van start. De bestaande organisaties Platform Geothermie (2002) en DAGO (2014) gaan op in deze nieuwe organisatie. De nieuwe organisatie verenigt alle ondernemingen en organisaties met een zakelijk belang in de geothermiesector.

Geothermie Nederland beoogt de centrale verbinder te zijn voor belangenbehartiging, kennisopbouw, innovatie, draagvlakcreatie, informatievoorziening én ontmoeting. De brancheorganisatie en haar leden zetten zich in om geothermieprojecten te ontwikkelen en te exploiteren.

Kennisbundeling
Radboud Vorage, voorzitter Geothermie Nederland: “Als één organisatie bundelen we nu alle kennis over geothermie in Nederland, dat is voor onze leden en voor de energietransitie van groot belang.” In principe blijven de leden van DAGO en de deelnemers van Platform Geothermie lid van de vereniging. Ook andere partijen die deel uitmaken van de geothermiesector kunnen lid worden van Geothermie Nederland. De vereniging gaat met circa 75 leden van start. Overheidsorganisaties worden aangemoedigd ‘kennispartner’ te worden. Zo kunnen ze uit de eerste hand kennis en praktijkervaring opdoen en meepraten over de uitdagingen waar de sector voor staat. Hiermee wil Geothermie Nederland een actieve bijdrage leveren aan de warmtetransitie en de beschikbaarheid van duurzame en betaalbare warmte voor burgers en bedrijven.

Uitdagingen
Frank Schoof, vicevoorzitter Geothermie Nederland: “Met deze stap bundelt de aardwarmtesector haar krachten en wordt ze de woordvoerder voor de totale geothermiesector. De komende jaren zijn cruciale jaren voor de ontwikkeling van geothermie in Nederland. De verwachtingen ten aanzien van geothermie zijn groter dan ooit tevoren. Daarnaast worden er hoge eisen aan veiligheid gesteld en aan de communicatie met de omgeving en is het draagvlak voor geothermieprojecten niet altijd vanzelfsprekend. Wij willen, samen met onze leden, gericht aan deze uitdagingen werken.”

Branche verdiept zich nog nauwelijks in geothermie

Uit een studie van Energie Beheer Nederland blijkt dat 2,6 miljoen huizen en gebouwen van warmte kunnen worden voorzien door ...
Verder Lezen

De toekomst van de warmtepomp

Opleidingscentrum GO0 organiseerde in samenwerking met brancheorganisatie NVKL onlangs een online variant van de Dag van de Warmtepomp. In twee ...
Verder Lezen

Ultra-Diepe Geothermie: CO2 vrije warmte voor woningen en gebouwen

In samenwerking met de Universiteit Utrecht deed HermandDeGroot ingenieurs onderzoek naar de grootste voordelen van Ultra-Diepe Geothermie (UDG) ten opzichte ...
Verder Lezen

Stedin start proef met verwarmen van woningen op waterstof

Gepubliceerd op

In Uithoorn stroomt vanaf vandaag waterstof door het bestaande aardgasnet. Veertien sloopwoningen zijn gereed gemaakt voor tijdelijke verwarming met waterstof. De techniek wordt voor het eerst in Nederland door Stedin toegepast. Stedin werkt hierbij samen met woningcorporatie Eigen Haard, de gemeente Uithoorn en energieconsultant DNV GL. Feenstra voert werkzaamheden aan de binneninstallatie uit en Nefit Bosch en Remeha leveren de waterstof cv-ketels.

Het verwarmen van woningen met waterstof kan in de toekomst een alternatief zijn naast volledig elektrisch en warmtenetten. In Uithoorn wordt dit nu in de praktijk onderzocht. De ombouw van aardgas naar waterstof bestaat uit een aantal stappen. Het onderzoeken van bestaande gasleidingen en verbindingen zowel in de straat als in de woningen en het verwarmen van woningen met speciale waterstof cv-ketels. Stedin werkt hierbij op basis van strenge veiligheidseisen en in nauwe samenwerking met de lokale brandweer en onder toezicht van de Veiligheidsregio.

Mijlpaal
“In Uithoorn onderzoeken we in de praktijk hoe wij ons bestaande aardgasnet geschikt kunnen maken voor waterstof. Gedurende een aantal weken stroomt er waterstof door de gasleidingen en verwarmen we de huizen met waterstof. Zo leren we over wat een ombouw van aardgas naar waterstof precies betekent voor ons als netbeheerder en voor de partijen waarmee wij samenwerken”, vertelt Marc van der Linden, CEO van Stedin. “Dat dit nu in de praktijk gebeurt is een mijlpaal voor Stedin. Het toont aan dat we de gebouwde omgeving, met de juiste stappen en een aantal aanpassingen in ons netwerk, technisch geschikt kunnen maken voor het gebruik van duurzame gassen en waterstof in de toekomst.”

Rol waterstof in de gebouwde omgeving
Vóór 2030 verwacht Stedin niet dat waterstof een grote rol gaat spelen in de gebouwde omgeving, maar wel een belangrijke. Naast groen gas kunnen andere duurzame gassen op termijn wel een grote rol vervullen in de gebouwde omgeving. Waterstof kan daar zeker onderdeel van zijn. Om na 2030 waterstof als volwaardig alternatief in te kunnen zetten is het daarom belangrijk om nu kennis en ervaring op te doen en te ontdekken welke rol waterstof kan krijgen, denkt Stedin. Van der Linden: “Innoveren en experimenteren helpt ons om ervoor te zorgen dat wij gereed zijn voor de periode na 2030. Het bestaande aardgasnet is hierbij van grote waarde en krijgt een tweede leven. Uit dit project komt een aantal vragen die we moeten beantwoorden voordat we waterstof als volwaardige optie in de gebouwde omgeving kunnen inzetten. Daarbij is ook wet- en regelgeving vanuit de Rijksoverheid een belangrijk aspect.”

Een uitlegvideo van dit project is te vinden op: www.stedin.net/waterstof.

Uitgelicht: H2 Ready ketel van Nefit Bosch

De H2 Ready ketel van Nefit Bosch kan door een installateur binnen een uur worden omgebouwd naar een 100% waterstoftoestel. Het geheim zit hem onder andere in de speciale brander, het gasblok, de ventilator en de elektronica. Jan Rijnen, commercieel directeur van Nefit Bosch: “Wij verwachten dat deze toestellen hun meerwaarde gaan bewijzen in de energietransitie. In Engeland is er zelfs sprake van dat nieuwe gasketels vanaf 2025 voorbereid moeten zijn op waterstof.” Naast het project in Uithoorn worden de toestellen van Bosch ook in projecten in Engeland ingezet.

Een-op-een vervanging
Omdat het toestel ook op aardgas functioneert, is deze oplossing geschikt voor een-op-een vervanging in elke bestaande woning. De H2 Ready ketel van Nefit Bosch kan zonder aanpassingen worden geïnstalleerd. De afmetingen van dit waterstoftoestel zijn vergelijkbaar met die van huidige cv-ketels. Een ander voordeel is dat gebruikers hetzelfde verwarmingscomfort ervaren als dat wat ze gewend waren met de aardgasketel. De waterstofketel levert dezelfde prestaties als een conventionele cv-ketel op gas. Het verschil is dat bij verbranding van waterstof geen kooldioxide (CO2) of koolmonoxide (CO) vrijkomt. De NOx-uitstoot is bij het Nefit Bosch-toestel extreem laag.

Groene waterstof
In Europa, en vooral in Nederland en Engeland, zijn de verwachtingen ten aanzien van waterstof hoog gespannen. De EU heeft plannen voor het bouwen van elektrolysers – waterstoffabrieken - die in 2030 miljoenen tonnen groene waterstof moeten opwekken. Deze ontwikkeling zal mede bepalen in hoeverre waterstof een van de pijlers van de energietransitie gaat worden. Bosch denkt dat waterstof vanaf 2030 een rol kan gaan spelen in de bebouwde omgeving. Het is van belang om nu te kijken naar de implicaties, zoals dat gebeurt in Uithoorn.

Alternatief voor bestaande gebouwen
Voor de gebouwde omgeving zijn er meer verduurzamingsopties dan waterstof. Volgens Nefit Bosch is waterstof vooral interessant wanneer andere opties, zoals warmtenetten en elektrificatie, niet haalbaar zijn. “Wij denken dan onder andere aan de combinatie met een hybride warmtepomp, zodat je met dezelfde hoeveelheid waterstof meer woningen kunt verwarmen”, zegt Rijnen. Als energiedrager kan waterstof voor onbepaalde tijd worden opgeslagen. Onderzoeken hebben aangetoond dat bestaande aardgasleidingen relatief eenvoudig geschikt zijn te maken voor het transport van waterstof. Net als in de jaren zestig, toen Nederland van stadsgas naar aardgas overging, zullen de huidige gastoestellen moeten worden vervangen. De ‘H2 Ready’-ketel biedt die mogelijkheid: eerst op gas en wanneer het zover is binnen een uur om te zetten naar 100% waterstof.

Waterstof bij Bosch
Naast waterstofketels voor woningen ontwikkelt Bosch op tal van andere gebieden emissieloze en op waterstof gebaseerde technologieën. Zo levert Bosch al industriële warmwater- en processtoomketels die werken op waterstof. Ook maakt het bedrijf brandstofcellen die energie opwekken voor industrie, computercentra, woonwijken en laadstations voor elektrische voertuigen. Daarnaast is Bosch ook ver met de ontwikkeling van aandrijfsystemen voor vrachtwagens die gebruikmaken van waterstoftechnologie. “In onze visie gaat waterstof op termijn een rol spelen bij het verwarmen van onze huizen, maar eerste instantie gaat het vooral om industrie en mobiliteit. Waar we kansen zien, zet Bosch in op waterstof”, zegt Jan Rijnen.

 

Doorontwikkelde gasketels voor utiliteit klaar voor waterstof

Remeha lanceert de ketels GAS 320 Ace en GAS 620 Ace. Beide zijn geschikt om te branden op aardgas aangevuld ...
Verder Lezen

Drie waterstof cv-ketels doorlopen praktijktest

Binnenkort wordt drie maanden lang waterstoftechnologie voor woningen in de praktijk getest. De test vindt plaats in een proefopstelling van ...
Verder Lezen

Proefproject: gasnet over op waterstof

In het najaar van 2020 start netbeheerder Stedin in Uithoorn het project ‘tijdelijke ombouw van aardgas naar waterstof’. Feenstra is ...
Verder Lezen

Miljoenen huishoudens in 2030 op door groene waterstof opgewekte elektriciteit

Een consortium van Gasunie, Groningen Seaports en Shell Nederland heeft vanmiddag aangekondigd te willen beginnen met het project NortH2: de ...
Verder Lezen

Bijna 3 kilo ijzer uit de vloerverwarming

Gepubliceerd op

Een B&B in Landsmeer kampte al een tijdje met comfortklachten. De verwarming functioneerde niet meer optimaal. Installateur er bijgehaald om het probleem te verhelpen. Dat leverde maar liefst 2,7 kilo ijzer op, afkomstig uit de vloerverwarming.

Wilfred de Regt van Rekon Installatietechniek zag al snel wat er aan de hand was. Met 8 man ging hij aan de slag. Onder andere de bestaande cv-ketel werd beter afgesteld, naar de waterzijdige inregeling ‘gefinetuned’ en de vloerverwarming schoongemaakt. Daar kwam dus maar liefst 2,7 kilo ijzer uit.

Bijzondere klus
De nieuwe verdeler is voorzien van een magneetfilter, die ervoor zorgt dat de platenwisselaar niet vervuild raakt. “Een mooie en vooral ook bijzondere klus”, vindt De Regt. Tijd om ervan te genieten heeft hij echter nauwelijks. Het is momenteel razend druk. Andere klanten staan alweer te trappelen om zijn hulp.

Ook bezig met een bijzondere klus of net afgerond. Laat het ons – en daarmee uw vakgenoten – vooral weten. Dat kan via: redactie@merlijnplus.nl

Zonnewarmtenet kan bestaande wijken energieneutraal maken

Gepubliceerd op

Een zonnewarmtenet blijkt technisch en financieel haalbaar om bestaande wijken te verduurzamen en aardgasvrij te maken, zo heeft een consortium van wetenschappers en bedrijven onder leiding van de TU Delft aangetoond. Het consortium heeft dit concept technisch uitgewerkt en voor een bestaande Haarlemse jarendertigwijk technisch en financieel doorgerekend. Daarnaast is in een proefopstelling in The Green Village in Delft aangetoond dat het systeem werkt. Hiermee ligt er een ontwerp klaar voor het duurzaam verwarmen van huizen van een hele wijk, zonder dat een externe warmtebron nodig is.

Om de doelen uit het klimaatakkoord te behalen, wordt hard gezocht naar manieren om bestaande wijken en gebouwen te verduurzamen en van het aardgas te ontkoppelen. Het zonnewarmtenet is een van de mogelijke oplossingen die het afgelopen jaar is ontwikkeld en getest. Dit net bestaat uit PVT-panelen (zonnepanelen die zowel warmte als elektriciteit opwekken) op het dak, een zeer lage temperatuur warmtenet gekoppeld aan een warmte/koudeopslag onder de grond en een warmtepomp in iedere woning. Op deze manier worden de woningen op een energieneutrale manier voorzien van warm water, verwarming in de winter en koeling in de zomer.

Slimme verdeling van warmte
Een speciale ‘afleverset’, een kastje met leidingen, pompjes en kleppen, zorgt ervoor dat de warmte van de het warmtenet en de PVT-panelen optimaal benut wordt. In de zomer wordt alle overtollige PVT-warmte via het netwerk in de ondergrondse opslag opgeslagen. In de tussenseizoenen wordt de warmte zowel geleverd door de PVT-panelen als door het netwerk vanuit de warmte/koudeopslag. In de winter wordt de warmte hoofdzakelijk uit de warmte/koudeopslag geleverd, waardoor de warmtepomp een hoog rendement kan halen.  Een proefopstelling van het zonnewarmtenet is gebouwd en succesvol getest op The Green Village op de TU Delft.

Klaar voor duurzame wijkoplossing
De resultaten van de studie in Haarlem en de proefopstelling in Delft zijn overtuigend, aldus de initiatiefnemers. Het ontwerp van het zonnewarmtenet is volledig uitgewerkt. Zo is het benodigde aantal PVT-panelen per woning vastgesteld, maar ook de benodigde temperatuurniveaus voor warmteopslag en warmtedistributie. Daarnaast is getoetst hoe alle regelingen stabiel met elkaar kunnen functioneren. Aan de hand daarvan is geconcludeerd dat het systeem technisch werkt en de huizen in de wijk het hele jaar rond, met behulp van de panelen en het zonnewarmtenet, van genoeg warmte worden voorzien. De opgewekte elektriciteit uit de panelen is voldoende voor het functioneren van de warmtepomp.

Meest duurzame wijkoplossing
Het systeem is daarmee energieneutraal voor de warmtelevering. Ivo Pothof, onderzoeker bij TU Delft en Deltares, is enthousiast over het zonnewarmtenet: “Het is de meest duurzame wijkoplossing voor de bestaande bouw die ik ken, omdat er via de PVT-panelen maximaal gebruik wordt gemaakt van lokale energie. Het concept is uitgebreid vergeleken met andere oplossingen voor bestaande woonwijken en komt in al die vergelijkingen naar boven drijven.’

Financiële haalbaarheid
Ook op financieel gebied blijkt het zonnewarmtenet een interessant concept. Aan het begin moet een forse investering gedaan worden, maar daarna zijn er geen variabele energiekosten meer. Hierdoor is het zonnewarmtenet na enkele jaren goedkoper dan gas en de meeste andere alternatieven. De jaarlijkse kosten bestaan dan alleen uit onderhoud en aflossing van de gedane investering. De eigen elektriciteitsbehoefte van de warmtepomp wordt door de PVT-panelen opgewekt én het elektriciteitsnet hoeft niet te worden verzwaard, omdat er geen piekverbruik is in de winter. Met voldoende participatie uit de wijk en bij een laag rentepercentage is het zonnewarmtenet dus ook financieel een interessante oplossing.

Implementatie
Het consortium, bestaande uit de TU Delft, Deltares, Greenvis, Stichting SpaarGas, Triple Solar, Fortes Energy Systems, de WarmteTRansitieMakers en ENGIE hoopt dat het zonnewarmtenet een gangbare methode wordt om bestaande wijken te verduurzamen.

Van veldverwarming tot airco op hotelboot

Installatietechniek is vaak maatwerk. Bijna geen project is hetzelfde. Een goed voorbeeld hiervan zijn de installatieprojecten in dit artikel. Stuk ...
Verder Lezen

A.O.Smith completeert assortiment met warmtepompen

Duurzaamheid is belangrijk. Juist ook op het vakgebied van warmwater bereiding, verwarming en koeling. In Nederland introduceerde A.O. Smith ruim ...
Verder Lezen

Een dik pak isolatie

Als ik op een winterse dag naar buiten ga, neem ik vrijwel nooit een stapel boterhammen met pindakaas mee. Wel ...
Verder Lezen

Update Handboek Zonne-energie is verschenen

Er is een nieuwe versie van het Handboek Zonne-energie verschenen. Hij is aangepast aan de huidige techniek met de onderwerpen ...
Verder Lezen

Nog veel subsidie beschikbaar voor energiebesparing in huis

Gepubliceerd op

Het totaalbudget voor de Subsidie energiebesparing eigen huis (SEEH) is €84 miljoen. Op 1 november 2020 was nog meer dan de helft van dit budget beschikbaar – ruim €50 miljoen –  om voor het einde van dit jaar uit te keren. Toon Bouten, CEO van tado°, aanbieder van slimme thermostaten: “De voorlichting over verduurzaming van de overheid naar de burgers moet véél beter. Mensen weten vaak niet wat de opties zijn, wat het kost en wat het oplevert. Terwijl er verschillende subsidies zijn die je kunt ontvangen als je je huis groener maakt, bijvoorbeeld voor isolatie maar ook voor energiezuinig ventilatiesystemen en slimme thermostaten.”

In Nederland kun je €120 subsidie aanvragen voor slimme thermostaten. Deze subsidieregeling voor eigenaar en bewoner geldt nog tot en met 31 december 2020. De subsidie voor Verenigingen van Eigenaren loopt tot en met 31 december 2022. Volgens Bouten kun je gemiddeld 22% aan energie besparen door slimme thermostaten te installeren. “Nederlandse huizen verliezen bijvoorbeeld gemiddeld na 5 uur tijd 2,4°C aan warmte, waardoor ze gedeeltelijk voor niks stoken.” (Onderzoek tado°, uitgevoerd tussen december 2019 en januari 2020 onder 80.000 huizen).

Geen warmte verloren
Slimme thermostaten zijn uitgerust met verschillende intelligente functies om ervoor te zorgen dat er geen warmte verloren gaat. Ze kunnen bijvoorbeeld de verwarming uitschakelen wanneer er niemand meer thuis is, de verwarming lager zetten als er een raam open staat of de verwarming afstemmen op het lokale weer. Verder bieden slimme radiatorthermostaten intelligente verwarmingsschema's voor individuele kamers, waardoor het hele huis niet onnodig wordt verwarmd.

Zelfregulerende apparatuur verplicht
Bouwbesluit 2012 (dat sinds maart 2020 is gewijzigd) stelt aanvullende eisen aan het vervangen van een verwarmingssysteem. Wanneer dit gebeurt, is het verplicht om zelfregulerende apparatuur te installeren die de temperatuur per ruimte of zone kan regelen.

 

Subsidie ventilatie scholen later beschikbaar

De Specifieke Uitkering Ventilatie in Scholen (SUVIS) wordt uiterlijk op 30 november a.s. gepubliceerd door de minister van BZK. Het ...
Verder Lezen

Verdubbeling subsidie voor duurzame innovaties in gebouwde omgeving

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) investeert dit jaar €30 miljoen extra in de regeling Missiegedreven Onderzoek Ontwikkeling ...
Verder Lezen

Ondersteuning bij subsidie Renovatieversneller

Op 29 juni a.s. gaat De subsidieregeling Renovatieversneller van start. Deze is bedoeld om huurwoningen beter, sneller en betaalbaar te ...
Verder Lezen

Brede coalitie roept minister op budget voor SDE+-subsidie te verhogen

Ruim 6.000 projecten voor zonne-energie op daken dreigen niet door te gaan doordat de subsidiepot leeg is. Dit brengt het ...
Verder Lezen

Slim klimatiseren: kinderen verwarmen school

Gepubliceerd op

In deze tijden van Corona is er volop aandacht voor ventilatie. Ook bij scholen. Volgens Carl-peter Goossen wordt het tijd om andere concepten toe te passen. De directeur van Adviesbureau BouwNext legt uit wat goed ventileren inhoudt en hoe je met inspiratie uit het (recente) verleden tot verrassend goed werkende concepten kan komen.

De ventilatie van scholen is nu net zo’n ‘hot item’ als 100 jaar geleden. Tijdens de TBC- uitbraak in de eerste helft van de vorige eeuw werden vele ‘buitenscholen’ opgericht, onder andere in de duinen van Scheveningen. In 1927 werd bovendien de ‘Vereniging voor openluchtscholen voor het gezonde kind’ opgericht in Amsterdam. Deze liet in 1930 een openluchtschool ontwerpen door architect Jan Duiker. Het is een rank gebouw met heel veel glas en grote taats ramen die ook in het voor- en najaar geheel konden worden geopend. De school werd in 1993 en 2008 gerestaureerd. BNA brengt op dit moment op haar website een onderzoekstudie van Micha de Haas opnieuw onder de aandacht, die tot doel had om de openluchtschool weer nieuw leven in te blazen.

Niet alleen vierkante meters
Het onderzoeksteam zocht onder andere naar zachtere en eigentijdse varianten van de buitenlokalen van openluchtscholen. Dat leverde een variatie op aan installatieconcepten en bouwkundige oplossingen. Er is echt een omwenteling nodig om scholen als meer te zien dan alleen vierkante meters klassen, leerpleinen en gangen. Een loggia, dakterras, patio of erker zijn allemaal voorbeelden van verschillende klimaatzones of bufferruimtes. Deze bouwkundige ingrepen kunnen bijdragen aan een gedifferentieerd binnen- en buitenklimaat.

Frisse Scholen
Hoe zit dat op installatietechnisch niveau? Laten we daarvoor eerst een kijken aan welke voorwaarden ventilatie moet voldoen om gezond en energiezuinig te zijn. Volstaan de eisen in het Bouwbesluit eigenlijk wel? Artikel 3.29 geeft aan dat 8,5 dm3 /s per persoon aan luchtverversing nodig is. Dit komt neer op 30,6 m3 /h per leerling of 948 m3 /h in een volle klas. Voor bestaande scholen is dit 3,44 dm3 /s (12,4 m3 /h oftewel 384 m3 /h voor de hele klas). Met deze eisen kunnen we niet echt uit de voeten. In 2008 heeft RVO een PvE voor Frisse Scholen ontwikkeld, waarvan de laatste vernieuwde versie dateert uit 2015. Onder andere door dit PvE is in het Bouwbesluit 2012 de eis van 30,6 m3 /h opgenomen. Daarnaast valt in artikel 3.30 van het Bouwbesluit te lezen dat de toevoer van verse lucht in de leefzone van een verblijfsgebied niet groter mag zijn dan 0,2 m/s. In de praktijk is dit vrijwel onhaalbaar, omdat een klas in zijn totaliteit als leefzone kan worden aangemerkt. Zelfs in moderne scholen vraagt het om de nodige inspanning om aan deze eis te voldoen. Voor alle duidelijkheid: het PvE Frisse Scholen kent 3 klassen. C is voor bestaande scholen, klasse B ligt op niveau Bouwbesluit en klasse A is veel beter dan Bouwbesluit en het meest energiezuinig (A++++). Helaas is het ook nauwelijks 100% haalbaar.

VOS en fijnstof
Wat is ‘fris’? In Nederland is veel aandacht voor ventilatie, vandaar dat er ook veelvuldig onderzoek naar wordt verricht, onder andere door Wim Zeiler van de TU Eindhoven en Bas Knoll van TNO Indoor Climate. Zij hebben ervoor gezorgd dat voor scholen de eis van 8,5 dm3 /s per persoon is vastgesteld. Wij ademen zuurstof in en blazen CO2 uit. Het CO2-gehalte is dus een indicator van de hoeveelheid zuurstof die er nog in de lucht aanwezig is. Bovendien geeft het een idee over de concentratie VOS (vluchtige Organische Stoffen) en fijnstof. Is het CO2-gehalte hoog, dan geldt dat eveneens voor VOS en fijnstof.

Bovengrens
Tegenwoordig geldt een bovengrens van 1200 ppm CO2. In 80% van onze scholen ligt de waarde aanmerkelijk ho­­-
ger dan 1200 ppm CO2. Bij te weinig ventilatie in klaslokalen kunnen klachten als geurhinder, oogirritatie, hoofdpijn en meer dan normale vermoeidheid voorkomen. CO2 veroorzaakt deze ef­-
fecten niet zelf, de klachten ontstaan door te hoge concentraties van andere stoffen die zich ophopen of door te weinig zuurstof. De maximale ventilatie­capaciteit die het Bouwbesluit aanhoudt, 30,6 m3/h per leerling, levert een CO2-gehalte op van 800 ppm. Dat is 100% beter dan de 1200 ppm die als goed wordt bestempeld.

Eigentijds
Door tijdig de klimaatcondities te veranderen, kan je een prettige leeromgeving creëren. Dat is echt het voordeel van een openluchtschool, ook al weet je dat het maar 57% van de tijd fijn is om in de open lucht les te geven. 100 jaar geleden verhuisde men vanaf maart naar een buitenverblijf om in oktober weer terug te keren naar binnen. In hedendaagse passiefscholen is het ook mogelijk om te sturen op klimaatcondities. In dit concept wil je de passieve zonne-energie zo optimaal mogelijk gebruiken in de school. Veel glas, openslaande deuren, zomernachtventilatie naast een regelbare ventilatie zijn dan ook mogelijkheden om ‘het buiten op een eigentijdse manier naar binnen te halen’. Met de nZEB-tool (PHPP) kan je rekenen aan de concepten en door aan de ‘knoppen te draaien’ kan je alles al goed op elkaar afstemmen in de ontwerpfase.

Projecten
Bij onze eerste passiefschool in 2011 in Ede zeiden we al van tevoren dat de kinderen de school zouden verwarmen. Dat bleek ook in de praktijk zo te zijn. De kinderen blijken meer warmte af te geven dan wat we nodig hebben om het transmissieverlies te compenseren en de ventilatielucht op te warmen. In februari 2012 was de warmtepomp in storing gegaan en de indicator die dit moest aangeven zat achter een wachtwoord op het scherm. Drie dagen heeft de warmtepomp het niet gedaan, toch bleef het gewoon warm. Alleen in de docentenkamer was het kil als je binnenkwam. In 2012 werden er ook metingen gedaan door Wim Zeiler in de school: 32% < 800, 22% tussen de 800 en 1000, 46% tussen de 1000 en 1200 en < 1% boven de 1200 ppm. De school werd destijds in 2012 uitgeroepen tot de ‘Friste School van Nederland’. Kortom, dit is een goed werkend concept.

Geen WTW
Door het CO2-gehalte goed te monitoren en alleen te ventileren als het nodig is, wordt het mogelijk om koude lucht in te blazen zonder extra verwarming. Dat hadden we ook al bij de Veldhuizerschool gezien. Wij hebben dit nog beter onderzocht en daarvoor diverse passiefscholen in de EU bezocht. We zagen dat de interne warmte van de kinderen vele malen hoger is dan wat we verliezen aan transmissieverlies en deze vorm van ventilatie. Afgelopen jaar is dan ook De Schakel in Vlaardingen gerenoveerd en voorzien van een nieuwe indeling die beter op de onderwijsmethode is afgestemd. Daarnaast kreeg het gebouw een nieuw ventilatiesysteem en een nieuwe warmtepomp. Dankzij prefab gevelelementen, waarin al de installatieroosters en dergelijke zijn opgenomen, konden we de klaslokalen eenvoudig renoveren. De ventilatie is decentraal en in cascade van klaslokaal naar het leerplein en weer naar buiten. En, omdat er geen WTW-units worden toegepast en de lucht niet recirculeert, wordt er voor 100% gebruik gemaakt van buitenlucht.

Uitgelicht: Adviezen
Kijk verder dan de prestatie-eisen. Door goed af te stemmen op transmissieverlies, warmteaccumulatie, daglicht, hoeveelheid warmte die binnen kan komen, schaduwvorming en luchtdichtheid kan je een andere installatie realiseren. Zie klimatisering dus altijd als een geheel van bouwkundige en installatietechnische randvoorwaarden en voer al vooraf simulaties uit. We zien namelijk bij bestaande utiliteitsgebouwen dat er regelmatig pas achteraf goed afgestemd wordt op eigenschappen als ‘te snelle opwarming’ of ‘een traag werkend systeem’. In dergelijke gevallen kunnen sensoren en een andere inregeling soms wel leiden tot 40% minder energiegebruik, plus een aangenamer binnenklimaat. Deze ingrepen kun je dus echter vermijden door al direct het juiste installatieconcept te bedenken en toe te passen.

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Platte unit voor schoolventilatie

Aan het leveringsprogramma schoolventilatie van Auerhaan is de Global LP serie voor buitenopstelling toegevoegd. De platte vormgeving van deze serie ...
Verder Lezen

Braziliaans schoolproject wint ‘waterprijs’

Een initiatief voor duurzame architectonische oplossingen voor een school in Brazilië heeft de Water Research Prize gekregen. Gerecycled materiaal en ...
Verder Lezen

School schakelt over op CO2 warmtepomp

De Anne Frank Montessorischool in Doesburg gaat van het aardgas af door toepassing van een hogetemperatuur-warmtepomp. Het systeem bestaat uit ...
Verder Lezen

Welke ventilatie past het beste bij een school?

Op maar liefst 70% van de scholen is de kwaliteit van het binnenklimaat ondermaats. Een gezond binnenklimaat kan juist de ...
Verder Lezen

Berlo vertrekt na 16 jaar bij ATAG

Gepubliceerd op

CEO Carl Berlo vertrekt per 1 januari a.s. bij ATAG Verwarming. Hij zal worden opgevolgd door Rob Maassen als Country Manager Nederland.

Berlo, die bijna 16 jaar werkzaam is geweest in Lichtenvoorde, over zijn vertrek: “Ik kijk terug met veel voldoening en trots. Het was een toptijd. Per 1 januari 2021 zal ik verder gaan met ondernemen als CEO bij een andere Achterhoekse parel, 247 TailorSteel in Varsseveld.”
Rob Maassen werkt al lange tijd bij ATAG en heeft diverse functies bij R&D en productmanagement bekleed. Maassen zal verantwoordelijk zijn voor het vermarkten van de merken ATAG, ELCO en Ariston in de Nederlandse markt. Marco Eimers zal als Commercieel Directeur de verantwoordelijkheid voor de verkoop dragen.

Eén miljoen cv-ketels, “en daar blijft het niet bij”

Sinds 1997 zijn er één miljoen cv-ketels van Atag geproduceerd en verkocht. Het productienummer van de miljoenste ketel is geregistreerd ...
Verder Lezen

Nu ook Elco producten verkrijgbaar bij Wasco

Het volledige onderdelenassortiment van Elco is nu bij Wasco verkrijgbaar. Elco is een merk van Atag Verwarming Nederland, dat sinds ...
Verder Lezen

ATAG CV-ketels gecertificeerd voor 30% bijmenging waterstof

ATAG Verwarming legt de focus op waterstof: Ontwikkelingstrajecten rondom bijmenging van waterstof, hoger dan de huidige CE normering toelaat, zijn ...
Verder Lezen

ATAG Verwarming en ELCO Heating Solutions gaan samen

ATAG Verwarming en ELCO Heating Solutions gaan per 1 februari a.s. samen. Zo ontstaat één bedrijf dat in de utiliteitssector ...
Verder Lezen

Warmtepompen met aanvoertemperatuur tot 68 ℃

Gepubliceerd op

Nefit Bosch introduceert acht nieuwe bodemwarmtepompen van 22 tot 80 kW, geschikt voor zowel grote woningbouw, gestapelde bouw als utiliteit. Deze Compress 7000 LW serie kent horizontale en verticale varianten. In eerste instantie zijn zes modellen leverbaar: twee andere varianten volgen komend jaar. Aan elkaar gekoppeld in een cascade-opstelling kunnen ze tot 400 kW verwarmingsvermogen leveren. Alle varianten kunnen worden gecombineerd met nieuwe warmwaterboilers, die speciaal voor deze grootvermogen warmtepompen zijn ontworpen.

De Compress 7000 LW heeft twee afzonderlijke compressoren en een nieuw koelcircuit. Bij een lagere warmtevraag kan het vermogen van de warmtepomp worden gehalveerd. Naast extra energiebesparing is een aanvoertemperatuur van 68 ℃ mogelijk, resulterend in hoge COP- en SCOP-waarden. Daarnaast zijn de warmtepompen uitgevoerd met een nieuwe injectietechnologie en asymmetrische warmtewisselaars.

Ook koeling
De Compress 7000 LW kan tot negen verschillende verwarmingscircuits aansturen. Met een optionele koelunit kan de warmtepomp ook op warme dagen zorgen voor een aangenaam binnenklimaat. De software zorgt voor een energiebesparende werking bij de meest uiteenlopende toepassingen.

Eenvoudige installatie
De horizontale varianten zijn naar keuze aan de bovenkant, achterkant of zijkant aan te sluiten. Bij een aantal modellen, vereenvoudigen een ingebouwd elektrisch element, een driewegklep en circulatiepompen de installatie verder.

Integratie in elk gebouwbeheersysteem
Compress 7000 LW is uitgerust met het controlecentrum Rego 5200 dat is voorbereid voor communicatie via Modbus en BACnet. Hierdoor kan de warmtepomp worden geïntegreerd in vrijwel elk aanwezig gebouwbeheerssysteem. Via een gebruiksvriendelijke interface voor PC kan de beheerder de status monitoren en de warmtepomp bedienen.

Ondersteuning
Nefit Bosch is BRL 6000-21 gecertificeerd en heeft een serviceorganisatie om de installateur te ondersteunen bij ontwerp, realisatie en beheer van bodemwarmtepompsystemen. Bij inbedrijfstelling door Nefit Bosch is vijf jaar garantie mogelijk.

De toekomst van de warmtepomp

Opleidingscentrum GO0 organiseerde in samenwerking met brancheorganisatie NVKL onlangs een online variant van de Dag van de Warmtepomp. In twee ...
Verder Lezen

Bodem-warmtepomp én BRL-gecertificeerde ondersteuning voor installateurs

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch  op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

‘BENG-ready’ bodemwarmtepomp

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

Bodemwarmtepomp beste gasloze optie voor Ouddorpse sociale huurwoningen

De 71 NOM-nieuwbouwwoningen van Woningbouwvereniging Beter Wonen in Ouddorp en Stellendam, hebben een bodemwarmtepomp. Volgens Energieadviseur Frank Deuring is een ...
Verder Lezen

Duurzaam rookgasafvoersystemen aanleggen

Gepubliceerd op

Om het aantal ongelukken door koolmonoxide terug te dringen, mogen werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties vanaf 2022 alleen nog worden uitgevoerd door bedrijven die hiervoor gecertificeerd zijn. Deze maatregel is hard nodig en moet samen met ‘het nieuwe beugelen’ de bakkers en slagers in de markt te weren. Hieronder enige hands on adviezen.

KIWA heeft speciaal voor het certificeringstraject de richtlijn BRL6000-25 KIWA richtlijn ‘Werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties in verband met koolmonoxide’ ontwikkeld. De Certificaathouder [lees installateur] kan zich in de deelgebieden 1 t/m 3 bekwamen en gecertificeerd worden. Aangezien het om een samenhangend geheel gaat, is het raadzaam om je alle deelgebieden eigen te maken, zodat je goed beslagen ten ijs kan komen.

Deelgebieden
1. Vanaf het moment van opleveren dient de installateur te hebben voldaan aan een juiste installatie van een gasverbrandingstoestel, zowel voor de verbrandingsluchttoevoervoorzieningen en/of de rookgasafvoervoorzieningen. Dit impliceert ook dat de installateur op de juiste wijze moet beugelen op de betreffende mof van de rookgasbuis.
2. Voor het uitvoeren van reparatiewerkzaamheden aan bestaande gasverbrandingstoestellen, verbrandingsluchttoevoervoorzieningen en/of rookgasafvoervoorzieningen dient de installateur of technicus gecertificeerd te zijn. Ook in dit geval dient de installateur te voldoen aan de voorschriften voor het nieuwe beugelen.
3. De installateur of technicus dient eveneens gecertificeerd te zijn voor het uitvoeren van onderhoud aan bestaande gasverbrandingstoestellen, verbrandingsluchttoevoervoorzieningen of rookgasafvoervoorzieningen. Daarnaast moet hij het nieuwe beugelen onder de knie hebben en het samenhangend geheel van een gasverbrandingstoestel, verbrandingsluchttoevoervoorzieningen of rookgasafvoervoorzieningen kennen.

Het nieuwe beugelen
Wat is nu dan de beste manier om een rookgasafvoersysteem te installeren? Het is verstandig om daarvoor bij Rogafa je licht op te steken. Dankzij de gezamenlijke basisvoorschriften van de Vereniging van Nederlandse Fabrieken van Gasafvoerleidingssystemen kan de installateur met behulp van checklists controleren of er wordt voldaan aan de gestelde eisen.

Basisvoorschriften
1. Beugel op de mof van het rookgasmateriaal.
2. Monteer de leiding op afschot naar de ketel toe.
3. Maak en borg gasdichte verbindingen.
4. Zorg voor trekontlasting bij dakdoorvoeren.

Materiaalkeuze
Voor elke materiaalkeuze is een checklist voorhanden. Dan kan je denken aan:
1. enkelwandige kunststof verbindingsleidingen voor de afvoer van rookgassen;
2. enkelwandige metalen verbindingsleidingen voor de afvoer van rookgassen;
3. concentrische verbindingen voor de afvoer van rookgassen en de toevoer van verbrandingslucht (van toepassing op materialisatie bij 1 of 2);
4. verbindingsleidingen voor de toevoer van verbrandingslucht (van toepassing op materialisatie bij 1 of 2);
5. enkelwandige metalen kanalen in de schacht voor de afvoer van rookgassen en/of de toevoer van verbrandingslucht.

Aandachtspunten
Bij het werken aan gasverbrandingstoestellen en toebehoren dient de installateur ook te letten op:
1. de visuele uitstraling van een gasverbrandingstoestel, zowel wat betreft de verbrandingsluchttoevoervoorzieningen als/en of rookgasafvoervoorzieningen;
2. de aansluiting op het toestel, appendages en dakdoorvoeren;
3. de afdichting van alle verbindingen;
4. de voorschriften van de fabrikant van de gastoestellen;
5. de voorschriften van de fabrikant van de rookgasbuizen en luchttoevoerbuizen;
6. de voorschriften van de fabrikant van de rookgasdoorvoer.

Project case
Recentelijk werd in Den Bosch een nieuwbouwproject opgeleverd. Bij de eindcontrole constateerde de inspecteur een groot aantal fouten. Hij lette daarbij op de aandachtspunten, zoals die eerder in dit artikel zijn omschreven. De installatie voldeed niet aan de richtlijnen van het nieuwe beugelen:
1. Er waren diverse soorten materiaal door elkaar gebruikt.
2. Zowel voor de verbrandingsluchttoevoervoorzieningen en/of rookgasafvoervoorzieningen had de installateur verschillende fabricaten toegepast.
3. Er waren verschillende soorten beugels en merken door elkaar gebruikt.
4. Het afschot naar de ketel was te marginaal.
5. De rookgasdakdoorvoer kon gelift worden, waardoor verbindingen los konden raken.
6. De afdekmanchet aan het dakvlak was niet luchtdicht en kierde.

Wetgeving en normen
De woning was gebouwd zonder een bouwkundig bestek, waarin een adviesbureau normaliter alles laat verankeren, zodat de installatie voldoet aan de NPR en andere relevante normen. Kan een aannemer dan zomaar alle defecten aan de installatie ter kennisgeving aannemen en het er vervolgens bij laten? Nee. Sowieso moet hij te allen tijde voldoen aan de NPR 3378-46, de Leidraad bij de NEN 2757-1. De NEN 2757 is namelijk geborgd in het Bouwbesluit 2012. Verder dient de installateur altijd de installatievoorschriften van de rookgasafvoer- en de toestelfabrikant op te volgen.
Ook de per 1 juli 2020 aangenomen Gasketelwet moet nagevolgd worden. Nadat deze wet definitief in werking treedt, geldt er een overgangsperiode van 18 maanden voor iedereen die aan gasverbrandingsinstallaties gaat werken tot 100 kW.

Niet mixen
Verder is het niet toegestaan om in de aansluitleiding componenten van verschillende materialen of fabricaten te mixen, behalve daar waar de fabrikant van het systeem dit toelaat. Let dus altijd op de installatievoorschriften van de rookgasafvoer- en de toestelfabrikant.

Rechtszaak
Als er een ongeval plaats vindt en een installatie wijkt af van een NPR, dan zal een rechter wel degelijk een van toepassing zijnde NPR bij zijn oordeel betrekken, omdat dit documenten zijn die belanghebbenden (lees: branche gerelateerde bedrijven) in de branche hebben opgesteld. Dus ook hier weer geldt het motto: ‘schoenmaker blijf bij je leest’.

Afsluiting
Het nieuwe beugelen is niet van gisteren, maar wordt al sinds 2012 uitgebreid gepromoot. Toch lijken de principes nog niet overal evengoed te zijn doorgedrongen. Twijfel je of je het wel goed onder de knie hebt, spijker dan je kennis bij. Bijvoorbeeld via: www.rogafa.nl. En zorg er daarnaast voor dat je zo snel mogelijk aan de BRL6000-25 KIWA richtlijn ‘Werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties in verband met koolmonoxide’ voldoet.

Uitgelicht: Hoe moet ik beugelen?
Pas de daarvoor bestemde beugels toe en teken jouw leidingaanleg goed af. Houd ook rekening met de uitzetting van toegepaste materialen. Monteer alles dus spanningsvrij op de juiste lengte en gebruik daarvoor passend gereedschap. Overigens is het geen goed idee om een waterpomptang te gebruiken om beugels in de muur te draaien of moertjes van een beugel aan te draaien. Gebruik in plaats daarvan een baco of passende steeksleutels. Ontbraam het materiaal dat je hebt afgezaagd, anders zou je de rubberinlage en afdichtringen van de toe te passen materialen kunnen beschadigen en hiermee ongemerkt lekkages kunnen veroorzaken. Gebruik een zeepsopmiddel dat circa 1% zeepoplossing bevat om de nieuwe stugge materialen gemakkelijk in elkaar te krijgen. Benut de maximale ruimte die bijvoorbeeld in een mof aanwezig is voor een goede verbinding in de leiding. Tot slot: je kan geen Kit, PUR, vaseline, olie, Parkers, schroeven of Tie-wrap gebruiken om werkzaamheden te fixeren of te vergemakkelijken.

TIAB BV Onderhoud en Beheer Vastgoed

Richtlijnen rookgasafvoer voor niet-gasgestookte installaties

NEN heeft twee praktijkrichtlijnen voor rookgasafvoersystemen, NPR 2758 en NPR 2759, ter commentaar gepubliceerd. Belanghebbenden kunnen tot 1 februari 2021 ...
Verder Lezen

Norm voor rookgasafvoer ter commentaar gepubliceerd

De norm voor gebouwgebonden rookgasafvoersystemen, NEN 2757-2, is voor commentaar gepubliceerd. De norm wordt aangewezen door het Bouwbesluit 2012. Tot ...
Verder Lezen

Herziene norm gebouw gebonden rookgasafvoer gepubliceerd

De herziene norm voor gebouwgebonden rookgasafvoersystemen, NEN 2757-1, is gepubliceerd. Deze norm betreft gebouwgebonden systemen met een belasting tot 130 ...
Verder Lezen

‘Vooral collectieve rookgasafvoer vraagt om extra aandacht’

De Gezondheidsraad waarschuwde er vandaag in de Volkskrant voor dat koolstofmonoxide al schadelijk is bij veel lagere concentraties dan tot ...
Verder Lezen

Spraakgestuurd verwarmen

Gepubliceerd op

Nefit Bosch introduceert twee nieuwe mogelijkheden voor spraakbediening van de EasyControl thermostaat. Ten eerste .tiarda, de nieuwe virtuele assistent van Bosch. Gebruikers kunnen onder meer opdrachten geven via Google Home, Google Assistant en Facebook Messenger. Wie een iPhone of ander Apple apparaat gebruikt kan zijn verwarming ook via Siri regelen. Beide voice control-opties zijn kosteloos beschikbaar voor gebruikers van de EasyControl thermostaat. Eerder dit jaar introduceerde Nefit Bosch de ondersteuning van de spraakassistent Alexa van Amazon. 

Met de nieuwe virtuele assistent .tiarda werkt Nefit Bosch verder aan de ontwikkeling van smart home-gerelateerde oplossingen voor Android en iOS apparaten. De spraakassistent reageert op vragen en opmerkingen van de gebruiker. Door integratie met de sociale kanalen van de gebruiker wordt de interactie met de verwarming nog gemakkelijker, is het idee achter .tiarda.

Google Home
Onderweg chatten met de thermostaat en thuis communiceren via Google Home: de digitale assistent .tiarda begrijpt ook nuances in de taal. "Ik heb het koud" is voor .tiarda al voldoende om de temperatuur te verhogen. De mogelijkheden worden op den duur steeds uitgebreider. “.tiarda leert van haar gebruiker, maar ook van andere gebruikers,” zegt Cor van Wijk, productmanager bij Nefit Bosch, “op basis van de gebruikspatronen kan ze zo steeds beter anticiperen op gebruikersvoorkeuren.”

EasyControl en .tiarda
Met de komst van .tiarda krijgt de EasyControl een extra functie die veel gebruikers zal aanspreken. Zijn de plannen gewijzigd? Dan kan .tiarda de verwarming bijsturen. In combinatie met de slimme draadloze radiatorthermostaten van Nefit Bosch kunnen gebruikers met hun stem het comfort in elk afzonderlijk vertrek regelen. Ook het aanpassen van klokprogramma’s, het instellen van de radiatoren of de vakantiefunctie kan eenvoudig met .tiarda. De virtuele assistent helpt ook bij kleine problemen en geeft inzicht. Bijvoorbeeld door het energieverbruik te vergelijken met dat in vorige perioden of met het gemiddelde van andere gebruikers.

Siri (Apple)
Naast .tiarda ondersteunt EasyControl nu ook Apple’s spraakassistent Siri. Na het instellen van Siri shortcut spraakcommando’s kan Siri de huidige temperaturen geven en kan de temperatuur worden ingesteld. Ook de Home/Away-modus kan zo worden ingesteld. Gebruikers kunnen hun eigen (Nederlandstalige) spraakopdrachten definiëren.

Alexa (Amazon)
Eerder dit jaar introduceerde Nefit Bosch voor EasyControl al de ondersteuning van de spraakassistent Alexa van Amazon, vooralsnog in het Engels. Deze biedt gebruikers vergelijkbare voice control-mogelijkheden als de andere opties.

Luxe appartementen nu gasloos dankzij luchtwarmtepompen

Op de Koemarkt in Purmerend staat een compleet nieuwe, multifunctionele evenementenlocatie: De Markthal. De naam en de uitstraling van het ...
Verder Lezen

Nefit introduceert compacte elektrische cv-ketel

Tronic Heat 3500 van Nefit Bosch is een nieuwe serie toestellen voor centrale verwarming met verwarmingsvermogens van 4 tot en ...
Verder Lezen

Veel animo voor Nefit evenement over warmtepomp

Zo’n 170 installateurs, adviseurs, aannemers en vertegenwoordigers van woningcorporaties uit Nederland waren op dinsdag 2 juli te gast op de ...
Verder Lezen

Nefit komt met verbeterde versie van populair hr-toestel

Nefit komt met een nieuwe variant van één van haar meest verkochte hr-toestellen: de ProLine Eco. Dit toestel is speciaal ...
Verder Lezen

All-Electric: meer dan warmtepomp én vloerverwarming

Gepubliceerd op

Het lijkt erop dat de introductie van de NTA 8800 (BENG) leidt tot een blikvernauwing op het gebied van warmteafgiftesystemen. Wijd en zijd wordt een All-Electric installatieconcept met warmtepomp en vloerverwarming gepropageerd als de ideale oplossing. Hiermee ligt namelijk een optimale BENG-score in het verschiet. Maar gaan we daarmee niet voorbij aan het echte doel van verwarmen?, vraagt Rob Verbrugge van Verbrugge Klimaat Advies zich af.

Sinds 2020 mogen nieuwbouwwoningen geen aansluiting meer hebben voor aardgas. Sindsdien winnen All-Electric-concepten met warmtepompen rap aan populariteit. Vandaag is All-Electric gemeengoed geworden en geniet het een hoge mate van populariteit. Maar voldoet het concept wel aan alle wensen? Kloppen de prognoses en levert deze installatie-oplossing ook het zo gewenste eindproduct, namelijk behaaglijke warmte op de plek en het tijdstip dat de bewoner dat wenst?

Wat is een comfortabele woning?
Denken dat All-Electric het vervangen van de cv-ketel is door het plaatsen van een warmtepomp, is te kort door de bocht. Niet alleen verschillen de aanschafkosten, ook op technisch gebied verandert er veel. Het kleinere vermogen van de warmtepomp is namelijk bij installatietechnische onvolkomenheden niet vergevingsgezind, zoals de cv- ketel dat nog wel was. Vloerverwarming als laagtemperatuur-systeem is, mede ingegeven door de mogelijkheden van onder andere warmtepompen, vaak de eerste keuze. Het rendement is heilig, er wordt meestal meer waarde aan gehecht dan aan de bewonerswensen. Bouwers, adviseurs en zelfs de installateur gaan ervan uit dat de luchtkolom in de woning op twintig graden altijd de juiste behaaglijkheid biedt. Helaas klopt deze aanname niet.

Onvoldoende flexibel
Je over deze materie kritisch uitlaten, vraagt bijna om verkettering. De normopstellers, bouwers, adviseurs en fabrikanten van warmtepompen zijn tenslotte allemaal in hun nopjes met de combinatie van warmtepomp en vloerverwarming. Toch zijn er ondertussen ruim voldoende voorbeelden van bewoners die minder goed te spreken zijn over hun verwarmingssysteem. Ze krijgen namelijk de ruimte wel keurig op een temperatuur van twintig graden, maar ervaren nauwelijks behaaglijke warmte. Waar de moderne mens door technische innovaties vrijwel alles op zijn eigen gekozen moment kan regelen, kan dat met zijn All-Electric installatie absoluut niet. Ervaar je in de avonduren tijdens inactieve momenten onvoldoende warmte, dan is de ultra lage temperatuurverwarming niet in staat hier (snel) wat aan te doen.

Vloerbekleding
Daarnaast is dit afgiftesysteem niet met elke vloerbekleding te combineren, hoewel verkopers van hout, laminaat en tapijt dat wel roepen. Stenen vloeren geven door hun lage warmteweerstand nog enigszins warmte af, maar andere vloersoorten doen dit door hun hoge weerstand niet of nauwelijks. De ruimte blijft weliswaar eenvoudig op een temperatuur van 20 graden, maar enige vorm van warmtebeleving wordt niet meer ervaren. All-Electric installaties met vloerverwarming hebben eigenlijk aanvulling nodig van snelle flexibele stralingswarmte op plekken waar de bewoner inactief is.

Verdiepingen
Op de verdiepingen is het vloerverwarmingssysteem vanwege zijn traagheid niet in staat om op een flexibele basis snel warmte af te geven. En dat is problematisch. Zeker in deze tijd van thuiswerken wil de bewoner snel zijn afgiftesysteem kunnen bijsturen en daar zijn andere systemen beter in dan vloerverwarming.

Elektrische vloerverwarming
De elektrische variant van vloerverwarming werkt aanzienlijk sneller, is lokaal inzetbaar en de warmte voelt behaaglijker aan. Maar hier worden de elektriciteitskosten, het benodigde vermogen en de normeisen weer als nadelen ervaren. Het is echter mogelijk om daar creatieve en duurzame warm tapwater- en ventilatieoplossingen voor te bedenken. Daarnaast valt dit in andere verblijfsruimten eenvoudig te combineren met lokale verwarming, waardoor er een minder hoog vermogen nodig is. Bij deze oplossingen wordt vaak te snel gedacht aan het nadeel van COP 1, terwijl er juist volop voordelen en mogelijkheden zijn.

De kern
Het lijkt erop, dat onze zoektocht naar duurzaamheid ons doet vergeten waar verwarmen echt om gaat. De mens wil flexibele voelbare warmte op de plek en het moment dat hij daar behoefte aan heeft. Deze heeft hij al die jaren verkregen door een combinatie van straling en convectie als warmteoverdrachtsoorten. De verwarmingssector heeft haar kennis hierover laten versloffen. Wie weet er nog dat echte warmte immer stralingswarmte is en dat luchttemperatuur slechts alleen het verschil tussen de lucht en de mens kan verkleinen, waardoor men minder warmte verliest? Luchtverwarming is in feite helemaal geen vorm van verwarming, maar een vorm van isolatie.

Experts in warmte
Als de mens kou ervaart, heeft hij behoefte aan snel te verkrijgen voelbare warmte. En dat is uitsluitend te realiseren met installaties die stralingswarmte leveren. In de All-Electric woning kan dat in de vorm van een lokaal warmteafgiftesysteem, bijvoorbeeld boven de zithoek. Nu zien we dat bewoners dit oplossen met fleecedekens, elektrische blaaskacheltjes of het plaatsen van vervuilende houtkachels. Ik pleit ervoor dat installatiebedrijven weer verwarmingsexperts worden. Deskundigen die echt kijken naar wensen en behoeften en daar creatief invulling aan geven met inachtneming van de geldende normen. Warmte is een vak en is méér dan 24 uur per dag dezelfde temperatuur leveren. Als een bewoner kou ervaart, wil hij snel worden opgewarmd. Als dit uitgangspunt weer de standaard wordt, dan wordt iedereen echt happy met All-Electric.

Het hele artikel over All-electric staat in de januari-editie van IZ. Deze special over All-electric is vanaf 26 januari digitaal te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl.

Eerste Friese monteurs op praktijkexamen Vakmanschap CO

Gepubliceerd op

Zeven installatiemonteurs leggen vandaag het nieuwe, verplichte praktijkexamen Vakmanschap CO af. Dat gebeurt voor het eerst bij ROC De Friese Poort in Leeuwarden. Het examen is een wettelijke certificering waar alle installateurs vanaf 1 april 2022 aan moeten voldoen. ROC De Friese Poort en IW Contract Onderwijs werken samen om in de noordelijke provincies alle installatiemonteurs tijdig voor te bereiden op de nieuwe certificeringseisen.

De certificering waar de opleidingspartners de monteurs op voorbereiden, komt voort uit wetgeving die in oktober van kracht is geworden. Daarin is geregeld dat vanaf april 2022 alleen gecertificeerde monteurs bepaalde werkzaamheden mogen verrichten aan cv-installaties.

Veiligheidswaarborgen
Het nieuwe wettelijk stelsel voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties beoogt zo de gebruikers van die installaties extra veiligheidswaarborgen te garanderen. Het Rijk en de installatiebranche willen zo vooral ongelukken met koolmonoxidevergiftiging voorkomen.
De installatiemonteurs kunnen voor hun theorie- en praktijktraining terecht bij De Friese Poort in Leeuwarden. Daar wordt ook het theorie-examen Vakmanschap CO afgenomen. De theorie- en praktijkinstructie en het afnemen van het theorie-examen gebeurt in de regel op dezelfde dag. Deelnemers die het theorie-examen hebben gehaald, kunnen bij IW Contract Onderwijs vervolgens het praktijkexamen aanvragen. Ook dat wordt op locatie De Friese Poort in Leeuwarden afgenomen.

Maatwerk
Opleidingspartners IW Contract Onderwijs en De Friese Poort werken samen in maatwerktrajecten waarin monteurs snel en efficiënt op de nieuwe wettelijke eisen worden voorbereid. “We willen installatiebedrijven zo goed mogelijk faciliteren”, zegt Misel Sicic, opleidingsadviseur contractonderwijs van IW Noord, Oost en Flevoland.  “Er moeten veel vakmensen gecertificeerd worden. Om dat efficiënt te kunnen doen, moeten soms per bedrijf of per individu maatwerktrajecten aangeboden worden. In de samenwerking met De Friese Poort hebben we de randvoorwaarden geschapen om, heel flexibel, passende maatwerktrajecten te leveren.”

Cruciale veiligheidsaspecten
Het Vakmanschap CO examen omvat alle cruciale veiligheidsaspecten van het werk aan gasinstallaties. Het bereidt voor op het veilig installeren, repareren, onderhouden en in bedrijf stellen van cv-ketels en warmwatertoestellen. Ook de kanalen voor luchttoevoer en rookgasafvoer komen aan bod in de nieuwe wettelijke certificering van de monteurs.

(foto: ©IWnederland)

Vaillant gaat installateurs certificeren met ‘Bewijs van Vakmanschap’

Vaillant gaat installateurs van cv-ketels certificeren met een ‘Bewijs van Vakmanschap’. Sinds 1 oktober 2020 is de Gasketelwet van kracht ...
Verder Lezen

Update CO-certificering: “Doe het goed of doe het niet”

Op 28 mei 2019 heeft de Tweede Kamer een wetsvoorstel aangenomen om het werken aan gasverbrandingsinstallaties te reguleren, de wettelijke ...
Verder Lezen

Honderd Feenstra monteurs hebben inmiddels certificaat CO-preventie

Gisteren mocht de 100e Feenstra-monteur het erkende certificaat CO-preventie in ontvangst nemen. Sinds juni 2019 voeren de Feenstra-opleidingscentra in Amsterdam ...
Verder Lezen

Certificering ‘werken aan gasketels’ loopt vertraging op

De wettelijke regeling voor gasverbrandingsinstallaties zal niet per 1 januari a.s. worden ingevoerd. Met de invoering had de Tweede Kamer ...
Verder Lezen

Techneco wordt Remeha

Gepubliceerd op

Techneco wordt op 1 januari 2021 officieel Remeha. De verwarmingsfabrikant uit Apeldoorn acquireerde bijna twee jaar geleden het bedrijf dat zich richt op de ontwikkeling en levering van compleet geïntegreerde warmtepompsystemen in nieuwe en bestaande woningbouw en utiliteit. Het eerste resultaat van de samenwerking is de hybride warmtepomp Elga Ace.

Over de doelstellingen van de overname zegt algemeen directeur van Remeha, Arthur van Schayk: “We streven naar een aanzienlijk marktaandeel in warmtepompen in 2025.” Jasper Serlie, verantwoordelijk voor de vestiging in Delft, benadrukt een invloedrijke speler in de nieuwbouwmarkt te willen zijn. “Maar laten we niet vergeten dat er nog altijd heel veel cv-ketels worden verkocht in Nederland. We moeten absoluut proberen ons marktaandeel hierin te laten groeien.”

Kenniscentrum
Remeha richt zich op drie segmenten: nieuwbouw, utiliteit en residentieel. Vanuit de Delftse vestiging stuurt Jasper Serlie het segment nieuwbouw aan. Daarbij ligt de focus op warmtepompen. De vestiging in Delft wordt het kenniscentrum voor warmtepompen.

Relaties helpen
“We willen relaties helpen met marketing, het optimaliseren van het productportfolio en logistiek”, vertelt Van Schayk. Serlie vult hem aan: “We zijn ervan overtuigd dat bedrijven partners nodig hebben, die kennis kunnen overdragen en de problematiek begrijpen en daarvoor oplossingen aanbieden.” Die rol wil Remeha op zich nemen.

Doorontwikkelde gasketels voor utiliteit klaar voor waterstof

Remeha lanceert de ketels GAS 320 Ace en GAS 620 Ace. Beide zijn geschikt om te branden op aardgas aangevuld ...
Verder Lezen

Hybride warmtepomp Elga Ace zet nieuwe norm neer

De nieuwe Elga Ace van Remeha is de hybride warmtepomp met de beste prijs/prestatieverhouding in de markt. De zeer compacte ...
Verder Lezen

Hybride warmtepomp met OpenTherm aansturing

De nieuwe Elga Ace van Remeha is een hybride warmtepomp die functioneert met alle merken hr-ketels en past bij elk ...
Verder Lezen

Techneco ingelijfd door Remeha

Remeha heeft per 1 januari van dit jaar alle aandelen van Techneco overgenomen. Techneco is een Nederlandse specialist in warmtepompen ...
Verder Lezen

Doorontwikkelde gasketels voor utiliteit klaar voor waterstof

Gepubliceerd op

Remeha lanceert de ketels GAS 320 Ace en GAS 620 Ace. Beide zijn geschikt om te branden op aardgas aangevuld met 20% waterstof. De GAS 320 Ace wordt doorontwikkeld om in de toekomst zelfs op een aansluiting met 100% waterstof te draaien. De GAS 320 Ace en GAS 620 Ace zijn de doorontwikkelde versies van respectievelijk de GAS 310 ECO Pro en de GAS 610 ECO Pro. De ketels zijn vooral geschikt voor het verwarmen van grote utiliteitsgebouwen.

Door de hogere Delta T is de GAS 320/620 Ace onder meer inzetbaar voor hybride systemen, als pieklastketel of voor de tapwatervoorziening. Ook bij collectieve verwarmingssystemen, waar vaak een hogere Delta T van 40 graden gebruikelijk is, biedt deze ketel uitkomst.

Hoge vermogens
De ketels zijn met een vermogen van 285 kW tot meer dan 1 MW vooral geschikt voor het verwarmen van grotere utiliteitsgebouwen zoals ziekenhuizen, grote kantoorpanden en appartementencomplexen. Het hoge vermogen maakt dat ze snel aan de warmtevraag in dergelijke gebouwen kunnen voldoen. Toch zijn de afmetingen beperkt gebleven, waardoor ze door een standaard deuropening passen. Installatie- en onderhoudswerkzaamheden aan de GAS 320/620 Ace zijn gemakkelijk door de eenvoudig bereikbare componenten en de intuïtieve functietoetsen. De installateur heeft door LED-verlichting in het toestel – die ook bij stroomuitval werkt – altijd goed zicht op de onderdelen en functietoetsen van de ketels.

Voorbereid op de toekomst
De GAS 320/620 kunnen nu al (deels) op waterstof draaien. Remeha werkt op dit moment aan een aangepaste GAS 320 Ace die uitsluitend op waterstof kan branden. Tevens werken de GAS 320/620 binnenkort ook op andere duurzame gassen en zijn ze te combineren met warmtepompen of andere, bestaande cv-ketels. Bovendien is het mogelijk om meerdere ketels in cascade aan elkaar te koppelen.

Koppeling met gebouwbeheer
Beide ketels zijn te koppelen met verschillende gebouwbeheersystemen via het Modbus- of Bacnet-protocol. Installateurs kunnen alle informatie van de ketel ter plekke uitlezen of de instellingen aanpassen via de Smart Service Tool en de Smart Service app. De installateur krijgt bovendien direct een melding als de ketel in storing is of als er een onderhoudsbeurt aankomt. Hiervoor zijn deze cv-ketels gekoppeld met het besturingsplatform eSmart Inside.

Lage gebruikskosten
Een condenserende warmtewisselaar van aluminium gietwerk zorgt voor een hoog rendement gedurende een lange periode, aldus de fabrikant, wat resulteert in een laag energiegebruik en lage emissiewaarden. De hoge connectiviteit draagt daarnaast ook bij aan lagere servicekosten en optimale planning voor onderhoudswerkzaamheden.

Drie waterstof cv-ketels doorlopen praktijktest

Binnenkort wordt drie maanden lang waterstoftechnologie voor woningen in de praktijk getest. De test vindt plaats in een proefopstelling van ...
Verder Lezen

Proefproject: gasnet over op waterstof

In het najaar van 2020 start netbeheerder Stedin in Uithoorn het project ‘tijdelijke ombouw van aardgas naar waterstof’. Feenstra is ...
Verder Lezen

Miljoenen huishoudens in 2030 op door groene waterstof opgewekte elektriciteit

Een consortium van Gasunie, Groningen Seaports en Shell Nederland heeft vanmiddag aangekondigd te willen beginnen met het project NortH2: de ...
Verder Lezen

Waterstof en hybride warmtepomp centraal op Building Holland

Het programma van Building Holland 2020 is definitief. Verspreid over drie podia komen in totaal 150 sprekers aan het woord ...
Verder Lezen

Elektrisch verwarmen, ook via Wifi

Gepubliceerd op

Vasco brengt een breed programma elektrische verwarming op de markt, waaronder elektrische radiatoren met wifi-module. Met de nieuwe module E-Volve Wifi stuurt de Climate Control app van deze fabrikant voortaan ook elektrische radiatoren aan via het wifi-netwerk thuis.

De module communiceert via bluetooth met een kleine temperatuursensor in dezelfde ruimte. De volledige regeling gebeurt vervolgens via de app op de smartphone. De gebruiker kan bijvoorbeeld vier standaardscenario’s op maat instellen (opstaan, weg, thuis, slapen). E-Volve Wifi is beschikbaar voor de elektrische badkamerradiatoren Iris, Agave, Aster, Carré Bad, Zana Bad, Viola en Niva.

Ook de aluminium radiatoren Oni-EL en Beams Mono-EL werken elektrisch. Op beide radiatoren is de elektrische weerstand weggewerkt achter een afdekplaat aan de achterzijde. Ook de ontvangmodule is onzichtbaar geïntegreerd in de achterzijde. Oni-EL is de elektrische variant van de watervoerende Oni, de dunste Vasco-radiator (8 mm), en kent twee varianten: type O-NP-EL met een ‘gesloten’ vlakke voorplaat en type O-P-EL met twee uitsparingen om handdoeken te drogen.

Bij de Beams Mono-EL zijn de verticale profielen (150 mm breed) van bijkomende vinnen voorzien om de warmteafgifte te verhogen.

De E-Tech elektrische radiator met RF-bediening biedt gelijkmatige stralingswarmte via infrarood-technologie. De voorzijde van laatstgenoemde is gemaakt uit gehard veiligheidsglas en afgewerkt met een strak aluminium frame. Zo geeft E-Tech elk interieur direct een designlook. De WRX-thermostaat met intuïtieve touch-display heeft onder meer een weekprogrammering en openraamdetectie. E-Tech wordt verticaal gemonteerd, op een minimale wandafstand. De elektrische aansluiting bevindt zich aan de achterzijde van de radiator.

Elektrische producten voor verwarming en airconditioning

Vaillant introduceert vier elektrische producten voor verwarming en airconditioning. Het betreft onder andere infraroodpanelen en elektrische ketels. “Nu er steeds ...
Verder Lezen

Revolutionair droogbouwsysteem voor elektrische vloerverwarming.

Met een opbouwhoogte van slechts 12 mm en 31 mm is MAGNUM Heatboard het dunste droogbouw systeem in zijn soort ...
Verder Lezen

Elektrische vloerverwarming voor ‘natte’en ‘droge’ vloeren

Uponor introduceert een programma elektrische vloerverwarming. Deze verwarming is geschikt voor vloerafwerking met keramische of gietvloeroplossingen (nat systeem) en voor ...
Verder Lezen

Elektrische vloerverwarming volgens adviesbureau voordeliger dan warmtepomp

Speedheat, leverancier van elektrische vloerverwarming, heeft adviesbureau Bouwvisie laten onderzoeken welke duurzame oplossing in huis op de lange termijn het ...
Verder Lezen

Branche verdiept zich nog nauwelijks in geothermie

Gepubliceerd op

Uit een studie van Energie Beheer Nederland blijkt dat 2,6 miljoen huizen en gebouwen van warmte kunnen worden voorzien door geothermie. Waarom zijn er dan nog nauwelijks projecten gerealiseerd met aardwarmte in de gebouwde omgeving? Adviseur Runa Lentz van Merosch weet er meer over.

Lentz is bij Merosch de contactpersoon voor begeleiding van geothermieprojecten. Volgens de adviseur zijn er verschillende redenen aan te wijzen waarom aardwarmte nog nauwelijks voet aan de grond heeft gekregen in Nederland.

Zo’n enorme potentie en toch staat de techniek hier nog in de kinderschoenen. Hoe komt dat?
“Allereerst omdat we relatief weinig weten over de aardlagen dieper dan 3 kilometer. De afgelopen decennia hebben we ons vooral geconcentreerd op de ondiepe aardlagen, omdat daar gas te vinden viel. Daarmee kom je ook bij het volgende punt: we hebben onszelf jarenlang beholpen met gas, onze infrastructuur was daar ook op uitgelegd. Er was dus geen reden om onszelf te gaan verdiepen in geothermie.”

Wat komt er allemaal bij kijken om een geothermische installatie aan te leggen?
“Het is een complexe operatie. Eerst worden er twee putten geboord tot een diepte van maximaal ongeveer 4000 m. Uit de ene put wordt warm water omhoog gepompt. De warmte wordt via een warmtewisselaar afgegeven, waarna het afgekoelde water de andere put in gaat. Naast de installatie moet ook een technische ruimte worden gerealiseerd. Al met al ben je gemiddeld tussen de 6 maanden tot 2 jaar kwijt om een geothermische installatie aan te leggen.”

Kan je een dergelijk systeem zowel in de nieuwbouw als bestaande bouw toepassen?
“Eigenlijk is geothermie vooral interessant om de warmtevoorziening van woningen in de bestaande bouw snel te verduurzamen. Je kan namelijk water leveren met een temperatuur van 70°C of hoger. Dat is gunstig, want je hoeft dan geen verwarmingsinstallaties in bestaande woningen te vervangen.”

En hoe zit het dan met de concurrentie van warmtepompen en op termijn waterstofketels?
“Waterstof is nog te duur voor de gebouwde omgeving. Ik zie daar vooral een toekomst voor weggelegd in de industrie. Warmtepompen kan je niet overal toepassen. In de centra van steden is er veel potentie voor warmtenetwerken. Die kan je van warmte voorzien via geothermie.”

Het is ook mogelijk om met geothermie elektriciteit op te wekken. Hoe gaat dat proces in zijn werk?
“In Nederland gebeurt dit nog niet, maar het kan wel. Ultradiepe geothermie (UDG) wordt op 5 tot 7 kilometer diepte gewonnen en levert een temperatuur hoger dan 120°C op, waarmee een aanvullende installatie elektriciteit kan opwekken. Maar dit is alleen interessant al er een subsidieregeling van kracht is. Anders kan je niet concurreren met wind- en zonne-energie. In Nederland kennen wij geen subsidieregeling.”

Tot slot, wat dient de installateur nu al te weten over geothermie?
“Dat het om collectieve systemen gaat, die vooral interessant zijn voor de bestaande bouw. Op dit moment is nog maar één project gerealiseerd, dus het loont nog nauwelijks om je er echt in te gaan verdiepen.”

Meer weten over geothermie? Lees dan het hele artikel in de december-editie van IZ. Deze is vanaf 2 december digitaal te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl.

Afbeelding: Diepe Geothermie. Bron: Merosch

Duurzaam gasafvoersystemen aanleggen

Gepubliceerd op

Om het aantal ongelukken door koolmonoxide terug te dringen, mogen werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties vanaf 2022 alleen nog worden uitgevoerd door bedrijven die hiervoor gecertificeerd zijn. Deze maatregel is hard nodig en moet samen met ‘het nieuwe beugelen’ de bakkers en slagers in de markt te weren. Hieronder enige hands on adviezen.

KIWA heeft speciaal voor het certificeringstraject de richtlijn BRL6000-25 KIWA richtlijn ‘Werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties in verband met koolmonoxide’ ontwikkeld. De Certificaathouder [lees installateur] kan zich in de deelgebieden 1 t/m 3 bekwamen en gecertificeerd worden. Aangezien het om een samenhangend geheel gaat, is het raadzaam om je alle deelgebieden eigen te maken, zodat je goed beslagen ten ijs kan komen.

Deelgebieden
1. Vanaf het moment van opleveren dient de installateur te hebben voldaan aan een juiste installatie van een gasverbrandingstoestel, zowel voor de verbrandingsluchttoevoervoorzieningen en/of de rookgasafvoervoorzieningen. Dit impliceert ook dat de installateur op de juiste wijze moet beugelen op de betreffende mof van de rookgasbuis.
2. Voor het uitvoeren van reparatiewerkzaamheden aan bestaande gasverbrandingstoestellen, verbrandingsluchttoevoervoorzieningen en/of rookgasafvoervoorzieningen dient de installateur of technicus gecertificeerd te zijn. Ook in dit geval dient de installateur te voldoen aan de voorschriften voor het nieuwe beugelen.
3. De installateur of technicus dient eveneens gecertificeerd te zijn voor het uitvoeren van onderhoud aan bestaande gasverbrandingstoestellen, verbrandingsluchttoevoervoorzieningen of rookgasafvoervoorzieningen. Daarnaast moet hij het nieuwe beugelen onder de knie hebben en het samenhangend geheel van een gasverbrandingstoestel, verbrandingsluchttoevoervoorzieningen of rookgasafvoervoorzieningen kennen.

Het nieuwe beugelen
Wat is nu dan de beste manier om een rookgasafvoersysteem te installeren? Het is verstandig om daarvoor bij Rogafa je licht op te steken. Dankzij de gezamenlijke basisvoorschriften van de Vereniging van Nederlandse Fabrieken van Gasafvoerleidingssystemen kan de installateur met behulp van checklists controleren of er wordt voldaan aan de gestelde eisen.

Basisvoorschriften
1. Beugel op de mof van het rookgasmateriaal.
2. Monteer de leiding op afschot naar de ketel toe.
3. Maak en borg gasdichte verbindingen.
4. Zorg voor trekontlasting bij dakdoorvoeren.

Materiaalkeuze
Voor elke materiaalkeuze is een checklist voorhanden. Dan kan je denken aan:
1. enkelwandige kunststof verbindingsleidingen voor de afvoer van rookgassen;
2. enkelwandige metalen verbindingsleidingen voor de afvoer van rookgassen;
3. concentrische verbindingen voor de afvoer van rookgassen en de toevoer van verbrandingslucht (van toepassing op materialisatie bij 1 of 2);
4. verbindingsleidingen voor de toevoer van verbrandingslucht (van toepassing op materialisatie bij 1 of 2);
5. enkelwandige metalen kanalen in de schacht voor de afvoer van rookgassen en/of de toevoer van verbrandingslucht.

Aandachtspunten
Bij het werken aan gasverbrandingstoestellen en toebehoren dient de installateur ook te letten op:
1. de visuele uitstraling van een gasverbrandingstoestel, zowel wat betreft de verbrandingsluchttoevoervoorzieningen als/en of rookgasafvoervoorzieningen;
2. de aansluiting op het toestel, appendages en dakdoorvoeren;
3. de afdichting van alle verbindingen;
4. de voorschriften van de fabrikant van de gastoestellen;
5. de voorschriften van de fabrikant van de rookgasbuizen en luchttoevoerbuizen;
6. de voorschriften van de fabrikant van de rookgasdoorvoer.

Project case
Recentelijk werd in Den Bosch een nieuwbouwproject opgeleverd. Bij de eindcontrole constateerde de inspecteur een groot aantal fouten. Hij lette daarbij op de aandachtspunten, zoals die eerder in dit artikel zijn omschreven. De installatie voldeed niet aan de richtlijnen van het nieuwe beugelen:
1. Er waren diverse soorten materiaal door elkaar gebruikt.
2. Zowel voor de verbrandingsluchttoevoervoorzieningen en/of rookgasafvoervoorzieningen had de installateur verschillende fabricaten toegepast.
3. Er waren verschillende soorten beugels en merken door elkaar gebruikt.
4. Het afschot naar de ketel was te marginaal.
5. De rookgasdakdoorvoer kon gelift worden, waardoor verbindingen los konden raken.
6. De afdekmanchet aan het dakvlak was niet luchtdicht en kierde.

Wetgeving en normen
De woning was gebouwd zonder een bouwkundig bestek, waarin een adviesbureau normaliter alles laat verankeren, zodat de installatie voldoet aan de NPR en andere relevante normen. Kan een aannemer dan zomaar alle defecten aan de installatie ter kennisgeving aannemen en het er vervolgens bij laten? Nee. Sowieso moet hij te allen tijde voldoen aan de NPR 3378-46, de Leidraad bij de NEN 2757-1. De NEN 2757 is namelijk geborgd in het Bouwbesluit 2012. Verder dient de installateur altijd de installatievoorschriften van de rookgasafvoer- en de toestelfabrikant op te volgen.
Ook de per 1 juli 2020 aangenomen Gasketelwet moet nagevolgd worden. Nadat deze wet definitief in werking treedt, geldt er een overgangsperiode van 18 maanden voor iedereen die aan gasverbrandingsinstallaties gaat werken tot 100 kW.
Niet mixen
Verder is het niet toegestaan om in de aansluitleiding componenten van verschillende materialen of fabricaten te mixen, behalve daar waar de fabrikant van het systeem dit toelaat. Let dus altijd op de installatievoorschriften van de rookgasafvoer- en de toestelfabrikant.

Rechtszaak
Als er een ongeval plaats vindt en een installatie wijkt af van een NPR, dan zal een rechter wel degelijk een van toepassing zijnde NPR bij zijn oordeel betrekken, omdat dit documenten zijn die belanghebbenden (lees: branche gerelateerde bedrijven) in de branche hebben opgesteld. Dus ook hier weer geldt het motto: ‘schoenmaker blijf bij je leest’.

Afsluiting
Het nieuwe beugelen is niet van gisteren, maar wordt al sinds 2012 uitgebreid gepromoot. Toch lijken de principes nog niet overal evengoed te zijn doorgedrongen. Twijfel je of je het wel goed onder de knie hebt, spijker dan je kennis bij. Bijvoorbeeld via: www.rogafa.nl. En zorg er daarnaast voor dat je zo snel mogelijk aan de BRL6000-25 KIWA richtlijn ‘Werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties in verband met koolmonoxide’ voldoet 

TIAB BV Onderhoud en Beheer Vastgoed

Vaillant gaat installateurs certificeren met ‘Bewijs van Vakmanschap’

Vaillant gaat installateurs van cv-ketels certificeren met een ‘Bewijs van Vakmanschap’. Sinds 1 oktober 2020 is de Gasketelwet van kracht ...
Verder Lezen

Gasketelwet treedt per 1 oktober in werking

Op 1 oktober 2020 treedt het wettelijk stelsel voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties, zoals cv-ketels, gashaarden en geisers, dan eindelijk in ...
Verder Lezen

Veilig werken aan installaties voor gasverbranding

Om het aantal ongelukken door koolmonoxide terug te dringen, mogen werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties vanaf 2022 alleen nog worden uitgevoerd door ...
Verder Lezen

Detector die diversiteit aan gassen meet

Het gasdetectie- en meetinstrument EX-TEC PM 4 van Sewerin is vervangen door de nieuwe EX-TEC PM 580. Net als zijn ...
Verder Lezen

Rekenhulp voor geluid buitenunits airco’s en warmtepompen beschikbaar

Gepubliceerd op

Per 1 januari 2021 treden de geluidseisen voor buitenunits voor airco’s en warmtepompen in werking. De rekentool om het geluid van een buitenunit op de erfgrens te kunnen bepalen, is nu te downloaden op de site van de Rijksoverheid. Een buitenunit mag vanaf volgend jaar overdag niet meer dan 45 dB produceren en ’s nachts niet meer dan 40 dB.

In het Bouwbesluit 2012 worden geluideisen gesteld aan (nieuw te plaatsen) buiten opgestelde installaties voor warmte- of koudeopwekking. Het gaat hierbij om warmtepompen en airco’s voor woningen en woongebouwen. De planning is om deze eisen op 1 januari 2021 inwerking te laten treden per koninklijk besluit.

Geluidseis aannemelijk maken
De bepalingsmethode voor deze eisen is vastgelegd in de Regeling Bouwbesluit 2012 die gelijktijdig inwerking zal treden. Deze bepalingsmethode is een geluidsmeting op locatie. Op basis van akoestische berekeningen kan men echter vooraf aannemelijk maken dat voldaan wordt aan de geluidseis. Voor deze berekeningen heeft het ministerie van BZK een rekentool laten opstellen en een daarbij behorende handleiding. Zowel de rekentool als handleiding zijn hier te downloaden.

“Warmtepomp maakt geluid, geen lawaai”

Een wetsvoorstel van minister Kajsa Ollongren, als onderdeel van het nieuwe bouwbesluit, moet het geluid van buitendelen van warmtepompen aan ...
Verder Lezen

“Geluidseis op buitenunits is kortzichtige maatregel”

Buiten de woning geplaatste warmtepompen en airco’s mogen straks niet meer dan 40 dB geluid veroorzaken bij de buren. Dit ...
Verder Lezen

Minister scherpt geluidseisen buitengeplaatste warmtepompen en airco’s aan

Buiten de woning geplaatste warmtepompen en airco’s mogen straks niet meer dan 40 dB geluid veroorzaken bij de buren. Dit ...
Verder Lezen

Leidraad om geluidsproductie en zichtbaarheid warmtepompen te verminderen

NVKL, DHPA en Techniek Nederland hebben gezamenlijk een leidraad opgesteld ter vermindering van geluidsproductie en zichthinder van warmtepompen. Deze leidraad ...
Verder Lezen

De Nederlandse Verwarmingsindustrie krijgt nieuwe voorman

Gepubliceerd op

Met ingang van 1 januari 2021 zal Anne Jaap Deinum aantreden als branchemanager van de Nederlandse Verwarmingsindustrie. Hij volgt daarmee Coen van de Sande op. Deinum is een nieuw gezicht in de branche maar binnen FME vertrouwd met verenigingsmanagement én met fabrikanten van metaalverwerkende bedrijven.

Henk Sijbring, voorzitter van de Nederlandse Verwarmingsindustrie, is content met de opvolging. “Ik heb er alle vertrouwen in dat Anne Jaap een waardevolle toevoeging gaat zijn en zich snel zal thuis voelen binnen de branche”.

Handen uit de mouwen
Deinum heeft zin in de nieuwe uitdaging: “De energietransitie is een groot maatschappelijk thema, die zeker ook invloed heeft op de gebouwde omgeving en dus de Nederlandse Verwarmingsindustrie. Er is al heel wat bereikt, zeker op het gebied van lobby, maar nu moeten de handen uit de mouwen om het 3-stappenplan concreet vorm te geven. In de gebouwde omgeving  zijn behoorlijke energiereducties te realiseren, zowel op warmte- als tapwaterverbruik”.
Van de Sande, in de afgelopen drie jaar intensief betrokken bij het vormgeven en realiseren van de Nederlandse Verwarmingsindustrie, start op 1 januari 2021 als directeur van de Nederlandse Vereniging van Koeltechnische Leveranciers (NVKL), waar hij Henry Kruiper opvolgt. “Onze wegen zullen niet definitief scheiden”, aldus Van de Sande. “Beide brancheorganisaties zijn gevestigd in het FME huis waar we op meerdere dossiers binnen de gebouwde omgeving samenwerken met FME en collega-branches FEDET, Binnenklimaat Nederland, VLR en WCM.”

Slimme maatregelen om efficiënter te verwarmen

Het duurzaam verwarmen van de bestaande gebouwde omgeving en daarmee de CO2-uitstoot verlagen is een enorme uitdaging. Het energiegebruik moet ...
Verder Lezen

Innovatiekracht moet duurzaamheidsambities vorm geven

Nederland is één van de meest innovatieve en concurrerende landen ter wereld. Wanneer is er sprake van innovatiekracht? Gemakshalve gaan ...
Verder Lezen

Zonder warmtepomp geen hybridisering

Eind maart kwam minister Wiebes met de Groen-Gas-Routekaart en de Waterstof-visie. Deze zijn koersbepalend voor de ontwikkelingen in de energietransitie ...
Verder Lezen

Realiteitszin in de warmtetransitie

Begin februari stond de installatiewereld in het teken van de tweejaarlijkse VSK. De aandacht ging uit naar de 2 W’s: ...
Verder Lezen

Vaillant gaat installateurs certificeren met ‘Bewijs van Vakmanschap’

Gepubliceerd op

Vaillant gaat installateurs van cv-ketels certificeren met een ‘Bewijs van Vakmanschap’. Sinds 1 oktober 2020 is de Gasketelwet van kracht. Die wet verbiedt consumenten zelf een cv-ketel te installeren of repareren. Elke installateur die een cv-ketel plaatst, onderhoudt, repareert of inspecteert moet per 1 april 2022 voorzien zijn van dit certificaat.

Gunduz Yilmaz, manager field services bij Vaillant: “Wij besteden veel aandacht aan de veiligheid en kwaliteit van onze producten en vinden het natuurlijk ook belangrijk dat deze producten vervolgens veilig geïnstalleerd en op de juiste manier onderhouden worden. Het installeren van cv-ketels vereist vakmanschap. Door het opleiden en certificeren van de installateurs dragen wij bij aan het waarborgen van de veiligheid.”

Koolmonoxidevergiftiging
De Gasketelwet en de certificering komen voort uit een rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid in 2015, waarin de gevaren van koolmonoxide in kaart zijn gebracht. Volgens www.brandweer.nl belanden elk jaar enkele honderden Nederlanders in het ziekenhuis door koolmonoxidevergiftiging. De wet en certificering moet onveilige situaties en hierdoor nieuwe slachtoffers voorkomen.

Eerst het online theorie-examen
Het Bewijs van Vakmanschap is geldig voor werkzaamheden aan ketels tot 100 KW en is vijf jaar geldig. Om examen te mogen doen moeten installateurs eerst het online theorie-examen succesvol afronden. Binnen de certificering voor het bewijs biedt Vaillant de praktijkexamens aan voor het profiel ‘Service en Onderhoud’, niveau 2 en niveau 3/4. De certificering duurt één dag en bestaat uit een voorbereidende training en een praktijkexamen. De kosten voor de hele dag, inclusief examen en certificaat, bedragen €495. Ook is het mogelijk om alleen het praktijkexamen zonder aanvullende training af te nemen. De kosten bedragen dan €300. De vereiste tijdsinvestering is dan één dagdeel. Aanmelden voor de training en/of het praktijkexamen is mogelijk via: www.vaillant.nl/co-certificering

Gasketelwet treedt per 1 oktober in werking

Op 1 oktober 2020 treedt het wettelijk stelsel voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties, zoals cv-ketels, gashaarden en geisers, dan eindelijk in ...
Verder Lezen

Elektrische producten voor verwarming en airconditioning

Vaillant introduceert vier elektrische producten voor verwarming en airconditioning. Het betreft onder andere infraroodpanelen en elektrische ketels. “Nu er steeds ...
Verder Lezen

Cv-ketel pas na 27 jaar vervangen

Wij zullen doorgaan. In 1972 scoorde Ramses Shaffy er een hit mee. Het is een tekst die de sector nu ...
Verder Lezen

Onderhouds-vriendelijke hr-ketel

Vaillant presenteert met de introductie van ecoFIT pro een nieuwe serie hr-ketels. De ecoFIT pro hr-ketel is een compacte en ...
Verder Lezen

Kundig inregelen vereist

Gepubliceerd op

Het inzetten van duurzame warmte stopt niet bij de leveringsgrens. Er is een ware zoektocht gaande naar de meest geschikte duurzame warmtebronnen als alternatief voor aardgas en dat allemaal tegen de laagste maatschappelijke kosten. Toch wordt in dit proces nog vaak vergeten dat de kwaliteit van de binneninstallatie een belangrijke rol speelt.

‘Beperk het energiegebruik door verspilling tegen te gaan’; zo luid de eerste stap van de Trias Energetica. Het reduceren van warmteverliezen in de traditionele cv-installaties met radiatoren zoals we deze sinds 1970 kennen, speelt hierbij een belangrijke rol. Het verlagen van de warmtebehoefte draagt niet alleen bij aan lagere energiekosten voor de bewoner maar heeft ook positieve effecten bij de exploitatie van een warmtenet. Het op de juiste manier benutten en verdelen van warmte zorgt voor lagere retourtemperaturen en daarmee lagere distributieverliezen in en buiten de woning.

Nieuwe regelgeving
Op 10 maart 2020 is het herziene Bouwbesluit gepubliceerd met daarin volop aandacht voor warmteverliezen. Nieuwe regels moeten ons gaan helpen om op een gezonde manier jaarlijks 30.000 tot 50.000 gebouwen aardgasvrij te krijgen. Het Bouwbesluit omschrijft op welke wijze nieuwe en bestaande verwarminsginstallaties adequaat moeten zijn gedimensioneerd, geïnstalleerd, ingeregeld en ook instelbaar moeten zijn.

Voorkomen overcapaciteit
Omdat overcapaciteit een slechte invloed heeft op het rendement geeft het herziene Bouwbesluit aandacht aan het dimensioneren van installatieonderdelen. Dit betekent dat bij het plaatsen van een nieuwe warmteopwekker rekening moet worden gehouden met de warmtebehoefte van het gebouw. Bij de overstap naar een warmtenet of een duurzame warmtepompinstallatie is het belangrijk om te weten wat de werkelijke warmtebehoefte in een woning of woongebouw is. Bij na-isolatie van de vloer, dak en muren loont het om opnieuw een warmteverliesberekening te laten maken. Hiermee kan worden voorkomen dat er onnodig overcapaciteit wordt geïnstalleerd. Het ‘op maat’ installeren van de juiste componenten maakt de installatie vaak goedkoper en zorgt voor een stabiele en efficiënte werking van de installatie.

Slim afstellen
Het Bouwbesluit maakt installatieprofessionals ook verantwoordelijk voor de juiste afstelling van de warmteopwekking en het afgiftesysteem. In collectieve installaties moeten onnodig hoge aanvoertemperaturen worden voorkomen door een energetisch optimale stooklijn in te stellen. Deze afstelling mag niet ten koste gaan van het comfort. Ook moet de installatie waterzijdig worden ingeregeld. De snelheid waarmee het verwarmde water wordt getransporteerd en de wijze waarop de warmte wordt verdeeld is immers van essentieel belang voor het beperken van warmteverlies en het verbeteren van efficiency.

Dynamisch inregelen
Er zijn verschillende methoden om installaties in te regelen. Toch zal de traditionele manier van inregelen met inregelafsluiters per woning of strang langzaam verdwijnen. Het Bouwbesluit omschrijft dat het verwarmingssysteem optimaal moet kunnen presteren bij typische gebruiksomstandigheden. Dus ook wanneer de helft van de radiatoren dicht staat moet ernaar gestreefd worden dat door de overige radiatoren niet onnodig veel water stroomt. In de nieuwe richtlijnen voor het bepalen van de energieprestatie van gebouwen worden zogeheten dynamische oplossingen voor waterzijdig inregelen positiever beoordeeld.
Er worden in de richtlijnen twee dynamische methoden omschreven (zie ook kadertekst):
1: een drukverschilregeling per strang of woning i.c.m. voorinstelbare radiatorafsluiters;
2: radiatorafsluiters met geïntegreerde drukverschilregelaar.

Kenmerkend voor beide oplossingen is de aanwezigheid van drukverschilregelaars (Δp). In combinatie met de begrenzing van de maximum doorlaat (Kv) van de radiatorafsluiters wordt hiermee voorkomen dat in deellast situaties onnodig veel water door de installatie stroomt.

Controle warmteverbruik
Wanneer bewoners meer controle hebben over de verwarmingsinstallatie, wordt het makkelijker om het verbruik te verlagen. In de meeste gevallen vindt verbruiksafhankelijke afrekening plaats op basis van warmtekostenverdelers op de radiatoren of doorstroommeters per appartement. De nieuwe regels in het Bouwbesluit verplichten de toepassing van radiatorthermostaten om energieverspilling te reduceren en gebruikers meer controle te geven over hun verwarmingssysteem. In VvE’s zien we ook steeds vaker het gebruik van programmeerbare radiatorthermostaten. Hierdoor wordt het voor de bewoner nog makkelijker om te besparen. Bovendien “past” het via de app kunnen bedienen van je verwarmingsinstallatie bij deze tijd.

Geïnformeerde bewoners
Het goed informeren van bewoners blijkt de sleutel tot succes. Het aanbrengen van thermostaatkranen en het inregelen van radiatoren is een merkbare verandering voor de bewoners. Waar bewoners voorheen gewend waren dat hun radiatoren van boven tot onder bloedheet waren, zullen zij nu merken dat de onderkant van de radiatoren lauw en soms bijna koud aanvoelt. Ook de bediening van thermostaatkranen is niet zo vanzelfsprekend. De ogenschijnlijk eenvoudige knop met stand 1 t/m 5 wordt niet altijd aangezien als een automatische temperatuurregeling.
Bewoners die gefrustreerd raken zorgen voor ongewenste mond-tot-mondreclame en hardnekkige misverstanden die eenvoudig vooraf te voorkomen zijn. Informeer bewoners goed en laat ze achter met een duidelijke handleiding.

Tot slot
We kennen inmiddels genoeg voorbeelden waarbij de overgang naar duurzame warmte niet tot succes leidde. Dit soort fouten zijn noodzakelijke stappen op de weg naar succes. Het feit dat de nodige maatregelen voor afgifte- en distributieverliezen staan omschreven in de nieuwe wet- en regelgeving, laat zien dat we een hoop geleerd hebben. Duurzame warmte stopt dus niet bij het aanbrengen van een nieuwe warmtebron, maar is grensoverschrijdend. De warmte die we niet verspillen hoeven we ook niet duurzaam op te wekken 

Auteur: Ed Vissenberg, Sales Manager Woningbouw Danfoss

Smart thermostaat nu ook met standaard verkrijgbaar

De thermostaat van het Fonterra Smart Control systeem heeft een standaard gekregen. Dit betekent dat de door Viega geleverde thermostaat ...
Verder Lezen

Honderden miljoenen voor verduurzamen woningen en gebouwen

 Minister Wiebes trekt honderden miljoenen euro uit voor het verduurzamen van woningen en gebouwen. Daarmee wil hij de vaart houden ...
Verder Lezen

Vernieuwd Naturalis verduurzaamt warmte-installatie

Renovatie en nieuwbouw bieden bij uitstek mogelijkheden voor gebouweigenaren om de warmtevoorziening verder te verduurzamen. Naturalis in Leiden maakte bij ...
Verder Lezen

“Den Haag had waterzijdig inregelen al lang verplicht moeten stellen”

Minister Wiebes maakte afgelopen week bekend dat waterzijdig inregelen niet geplaatst wordt op de lijst met erkende maatregelen. Volgens de ...
Verder Lezen