Tag Archives: duurzaam

‘Ook tijdens koude week draaide warmtepomp als een zonnetje’

Gepubliceerd op

De afgelopen week stond de warmtepomp vanwege het koude weer extra in de belangstelling. Dit vanwege de vraag of een warmtepomp het wel warm zou kunnen krijgen. Nu het koudefront weer op zijn retour is, reden voor Itho Daalderop om één van haar klanten aan het woord te laten over de prestaties van de WPU warmtepomp.

Nicolaas van Everdingen is eigenaar van adviesbureau Plushuis. Zijn bedrijf heeft meer dan 20 woningen (nieuwbouw en renovatie) naar all-electric en energieleverend gebracht. In enkele van deze woningen zijn de water/water-warmtepomp WPU en balansventilatie HRU van Itho Daalderop  geïnstalleerd. De WPU warmtepomp maakt gebruik van energie uit de bodem.

Gepassioneerd verduurzamer
Voordat een woning een Plushuis© genoemd mag worden, worden er verschillende aanpassingen gedaan aan de schil. Van Everdingen stelt een rapport op met te nemen maatregelen om de woning energieleverend en dus ‘Plus op de meter’ te krijgen. Als gepassioneerd verduurzamer houdt Nicolaas al geruime tijd de energieprestaties van alle Plushuizen bij. Afgelopen zomer, in de heetste week van het jaar, is door hem de #hetemeetweek in het leven geroepen. Nu we de afgelopen week weer eens echt winterweer hebben gehad, is de #koudemeetweek van start gegaan. Hierin is bijgehouden hoe de woningen presteren tijdens de kou. Dit filmpje van Van Everdingen geeft inzicht in de ‘machinekamer’ van het energiezuinigste Plushuis in Ede met een Itho Daalderop water/water warmtepomp van het type WPU.

Goede prestaties
In de grafiek hiernaast is het energiegebruik van de water/water-warmtepomp te zien en ter vergelijk een lucht/water-warmtepomp in een ander Plushuis. Alhoewel de woningen erg verschillen (nieuwbouw versus “vernieuwbouwde” jaren ’30 woning) is het interessant om te zien hoe de verschillende woningen het doen. De WPU scoorde eerder al het beste onder alle Plushuizen qua energiegebruik (en die woning kreeg dan ook het predicaat Energiezuinigste Plushuis© 2020. www.plushuis.nu/Wedstrijd_Plushuis_2020).
Tijdens de #koudemeetweek blijkt de WPU bijzonder goed te presteren (zie oranje lijn). In vergelijking met een lucht/water warmtepomp (blauwe lijn) valt op wat een enorm verschil in energieverbruik de woningen laten zien. De gemiddelde netbelasting door de WPU blijft met ca. 540 Watt ver onder het vermogen van ca. 1500 tot 2000 Watt dat netbeheerders in bestaande woonwijken per woning beschikbaar hebben. Bij de luchtwater-warmtepomp ligt dat met 1400 Watt duidelijk hoger.
In grafiek hiernaast is te zien dat de brontemperatuur netjes rond de 7-8 graden blijft liggen, wat conform verwachting is. Conclusie: de WPU die energie uit de bodem benut met een bron die gevuld is met zuiver water in plaats van met chemicaliën zoals glycol, draait het hele jaar als een zonnetje. Ook wanneer het buiten extreem koud is.

 

Fotograaf: Raimond Zoeter

Warmtepompboilers gebruiken lucht vanuit WTW

In Leiden worden de komende maanden honderden woningen voor studenten en ‘young professionals’ opgeleverd. Er worden ruim 550 warmtepompboilers geïnstalleerd ...
Verder Lezen

Duurzame woningen onderdeel van grootschalige aanpak woningtekort

In tien jaar tijd wil een coalitie van 34 organisaties een miljoen huizen bouwen. Ook is het de bedoeling om ...
Verder Lezen

Drukte bij installateurs: veel kleumende bewoners en kapotte cv-ketels

Nederland is in de greep van de winter en dat is te merken bij de verwarmingsbedrijven. Veel oudere cv-ketels en ...
Verder Lezen

Spraakgestuurde slimme thermostaat

Het Franse Netatmo introduceert de Slimme Modulerende Thermostaat op de Nederlandse markt. Gebruikers kunnen deze thermostaat spraakgestuurde opdrachten geven, op ...
Verder Lezen

Warmtepompboilers gebruiken lucht vanuit WTW

Gepubliceerd op

In Leiden worden de komende maanden honderden woningen voor studenten en ‘young professionals’ opgeleverd. Er worden ruim 550 warmtepompboilers geïnstalleerd. De betrokken adviseur en installateur gaven deze boilers een hele nieuwe functie.

De projectontwikkelaar van Leiden is Yours kwam in een vroeg stadium van de bouw voor een uitdaging te staan. Het opwarmen van het tapwater voor de complexen bleek lastiger dan gedacht. Kortom: de vraag veranderde, daarom nam de opdrachtgever een gespecialiseerd adviesbureau in de arm. Dat was VIAC. Zij gingen op zoek naar een installateur en een fabrikant die snel de juiste oplossing konden ontwikkelen die aan de specifieke vraag voor ‘Leiden is Yours’ voldeed.

Kleine kamers, op grote hoogte
“Als wij ergens komen, weten mensen dat we niet meteen zomaar gaan implementeren”, zegt Paul Vink, directeur bij VIAC. “Wij bekijken wat de uitdaging is en met wie wij die aangaan.” De technische uitdagingen die het Leiden is Yours-project zo interessant maken, hebben volgens hem te maken met de implementatie in kleine kamers, op grote hoogte.
In de complexen van het Leiden is Yours-project wonen straks meer dan 2000 studenten en young professionals. “Die moeten individueel van warm water worden voorzien, en het is onwenselijk om alle appartementen een grote installatie te geven”, zegt Vink. “Grotere installaties hebben namelijk méér energie nodig en kosten logischerwijs meer ruimte: ruimte die in de Leiden is Yours-appartementen spaarzaam is. Vaillant bleek te beschikken over warmtepompboilers die genoeg vermogen leveren om twee éénkamerappartementen van warm water te voorzien, maar klein genoeg zijn om tactvol weggewerkt te worden. De studentenkamers maken per twee appartementen gebruik van één boiler. Young professionals krijgen er één per appartement, omdat die groter zijn.

Niet voor de klus ontworpen
VIAC en Breman bedachten een manier om gebruikte lucht vanuit een warmteterugwinning (WTW) te gebruiken voor het verwarmen van het water. De boilers van Vaillant hebben een dermate hoog rendement dat ook relatief koude lucht, al vanaf -7 graden Celsius, gebruikt kan worden voor de verwarming. Er loopt namelijk een vorstvrije vloeistof door de boiler, die ‘warmte’ (ook bij lichte tot matige vriestemperaturen) aan de lucht onttrekt en later weer afgeeft. De technici van Breman bedachten samen met Vaillant een constructie waarin een WTW afvoerlucht (die al is afgekoeld) gebruikt voor de verwarming van water. De WTW koelt lucht en ventileert die naar de warmtepompboiler. Deze gebruikt die lucht vervolgens om het tapwater naar behoefte te verwarmen. Feitelijk gebruik je dus lucht die normaal gewoon naar buiten zou worden geblazen (opnieuw) als warmtebron.
Zo kan de energielevering voor Leiden is Yours volledig onafhankelijk van een stroomnet of leverancier gerealiseerd worden. De daken van de appartementen liggen vol zonnepanelen en ook de cv en warmwatervoorziening zijn duurzaam gemaakt. “Dat gaan we in de toekomst natuurlijk steeds meer zien”, zegt Vink. “De wetgeving is daar heel duidelijk over en met dit soort projecten laten we zien dat het kan.”

Opstelling bedenken
De praktische oplossing voor het grote Yours-project is grotendeels bedacht door Breman Zuid-Holland, de installateur van alle WTW installaties in ‘Yours’. Breman heeft de constructie die voor warm water zorgt ook geplaatst Zij namen de producten van Vaillant op in een geheelontwerp, omdat zij zagen dat het product zou werken voor de toepassing die VIAC en zij voor ogen hadden.
Het enige probleem: Breman moest aantonen dat het ontwerp werkte, met factoren die niet zomaar theoretisch berekend konden worden. Bij installatie in grote gebouwen, met lange leidingen en op grote hoogte, komen drukfactoren kijken die niet gemakkelijk zijn te berekenen of in te schatten. “Daarom bouwden we de volledige constructie in onze werkplaats alvast een keer op”, zegt Mark Dam van Breman, “Zo konden we direct meten of de theoretische berekeningen klopten. Daar zijn VIAC en Vaillant ook bij geweest. We konden meten dat de boiler zijn beloofde rendement behield, monitoren dat alles naar behoren werkte. Begin oktober 2020 plaatsten we de eerste opstellingen, die prefab uit de fabriek komen, ook op de bouwlocatie. Alles klopte. Daar ga je natuurlijk al vanuit, maar omdat het een nieuw concept is wil je toch in de praktijk zien dat het werkt!”

Volledig nieuw concept
VIAC, Breman en Vaillant kwamen in het Yours-project samen tot een geheel nieuw concept. Geen van de partijen was eerder betrokken bij een project waarbij deze bijzondere eisen (compact, hoogbouw, op individuele basis en kostenefficiënt) tot deze specifieke oplossing leidde. “Dat is een compliment waard naar alle partijen”, zegt Harry Lips, accountmanager bij Vaillant. “We stonden voor een uitdaging toen de vraag van de opdrachtgever eigenlijk ineens veranderde. De lucht die de warmtepompboiler moest gebruiken kwam niet van de corridor in de gebouwen, zoals in een eerdere fase van het project, maar vanuit de luchtafvoer van de WTW. Dat we daar met z’n allen dit nieuwe concept voor hebben ontwikkeld is uniek, en de kans is groot dat we deze oplossing in de toekomst vaker gaan zien.”
Ook Mark Dam, projectleider bij Breman, ziet kansen om de ontworpen constructie vaker toe te passen. “Dat ligt natuurlijk grotendeels bij de opdrachtgever. Maar er worden zoveel studentenwoningen gebouwd. Wij hebben met dit concept laten zien het mogelijk is om kleine appartementen met aparte warmtepompboilers van warmwater te voorzien. En ook nog op een duurzame manier.”

Vaillant Group zet in op forse vermindering van CO2-uitstoot

De Vaillant Group heeft een klimaatstrategie voor de lange termijn ontwikkeld om volledig klimaatneutraal te worden. De groep wil de ...
Verder Lezen

Warmtepompboiler met inverter compressor

LG Electronics kondigt een warmtepompboiler aan, aangedreven door een inverter compressor. Deze compressor bevordert snelle en effectieve verwarming van sanitair ...
Verder Lezen

Vaillant gaat installateurs certificeren met ‘Bewijs van Vakmanschap’

Vaillant gaat installateurs van cv-ketels certificeren met een ‘Bewijs van Vakmanschap’. Sinds 1 oktober 2020 is de Gasketelwet van kracht ...
Verder Lezen

Klachten warmtepompboiler: ‘Geen goede afstemming op bouwkundige situatie’

Het programma Radar behandelde de toepassing van warmtepompboilers in een oud kantoorpand. Het pand is op de begane grond is ...
Verder Lezen

Duurzame woningen onderdeel van grootschalige aanpak woningtekort

Gepubliceerd op

In tien jaar tijd wil een coalitie van 34 organisaties een miljoen huizen bouwen. Ook is het de bedoeling om bestaande woningen duurzamer te maken. Techniek Nederland is één van de organisaties achter deze Actieagenda Wonen. Voorzitter Doekle Terpstra: “Waar mogelijk worden woningen aardgasvrij gemaakt. Zo nodig kiezen we voor een tussenstap met hybride warmtepompen om op een later moment de woningen alsnog aardgasvrij te maken.”

Nederland komt nu al meer dan 330.000 huizen tekort. Wonen dreigt voor veel mensen onbetaalbaar te worden. Een hele generatie kan daardoor de aansluiting op de woningmarkt verliezen. De leefbaarheid in veel wijken gaat achteruit. Daar komt bij dat de verduurzaming van woonwijken niet snel genoeg op gang komt. Een coalitie van organisaties wil de problemen nu stevig aanpakken. Zij hebben daarom de Actieagenda Wonen opgesteld. De betrokken partijen zijn actief op het terrein van wonen, bouwen, zorg en welzijn. Ze vertegenwoordigen uiteenlopende belangen, maar slaan voor dit doel de handen ineen. De Actieagenda Wonen wordt breed gedragen en biedt oplossingen voor de komende tien jaar.

Verduurzaming
Verduurzaming is een cruciaal onderdeel van de Actieagenda Wonen. Voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland: “We willen jaarlijks 100.000 nieuwbouwwoningen voorzien van een duurzame energievoorziening. Zo krijgen veel Nederlanders een huis dat duurzaam én comfortabel is. Ook in de bestaande bouw voorziet de Actieagenda in grootschalige verduurzaming. Waar mogelijk worden woningen aardgasvrij gemaakt. In veel gevallen is dat nog niet mogelijk. Daar kiezen we voor een tussenstap met hybride warmtepompen. Zo halveren we het aardgasverbruik. Op een later moment worden de woningen dan alsnog aardgasvrij gemaakt.”

Minister voor Wonen
De partijen betrokken partijen bieden de Actieagenda Wonen nu al aan een volgend kabinet aan. De voorstellen zijn haalbaar als een nieuw kabinet actief bijdraagt en een aantal randvoorwaarden regelt, zo vindt het collectief. De partners van de Actieagenda Wonen vragen financiële steun, verbetering van investeringscondities, een aantal nieuwe beleidsmaatregelen en een actieve rol van het Rijk op de woningmarkt. Een minister voor Wonen moet de uitvoering van het plan coördineren, vinden de opstellers.

In een dag een woning inclusief installaties

Verschillende partijen uit de prefab bouwindustrie hebben de koppen bij elkaar gestoken om het woningtekort in Nederland aan te pakken ...
Verder Lezen

Overheid speelt sleutelrol om schade bouw te beperken

Op de lange termijn zal de bouw last krijgen van een dalende vraag, doordat zowel het producenten- als consumentenvertrouwen sterk ...
Verder Lezen

Spanning op woningmarkt neemt komende jaren toe

De maatregelen rond stikstof kunnen niet voorkomen dat de nieuwbouw van woningen op korte termijn terugvalt. Tegelijkertijd verwacht het CBS ...
Verder Lezen

Wet die versnelde besluiten over projecten mogelijk maakt door Eerste Kamer

De Eerste Kamer heeft ingestemd met de Invoeringswet Omgevingswet. Deze wet bundelt en vereenvoudigt de regels voor ontwikkelingen in de ...
Verder Lezen

Vaillant Group zet in op forse vermindering van CO2-uitstoot

Gepubliceerd op

De Vaillant Group heeft een klimaatstrategie voor de lange termijn ontwikkeld om volledig klimaatneutraal te worden. De groep wil de eigen CO2-uitstoot tegen 2030 met 50 procent verminderen in vergelijking tot 2018. Dit moet worden gerealiseerd door energie uit hernieuwbare bronnen te putten, het energiegebruik binnen productieprocessen en eigen gebouwen te reduceren en te investeren in een milieuvriendelijk wagenpark. Op dit moment is zo’n negentig procent van de uitstoot afkomstig van productielocaties en uitstoot van bedrijfswagens.

Sinds vorig jaar compenseert het bedrijf zijn resterende emissies al volledig door te investeren in bestaande bebossingsprojecten in Midden- en Zuid-Amerika. Daarnaast wil de Vaillant Group op lange termijn eigen bebossingsprojecten opzetten in de opkomende economieën. Het doel is om in 2030 genoeg nieuwe bosgebieden gecreëerd te hebben, om de noodzakelijke uitstoot van het bedrijf volledig te kunnen compenseren.

Volledig hernieuwbare energiebronnen
Norbert Schiedeck, CEO van de Vaillant Group, legt uit: “Met de nieuwe klimaatstrategie zal de Vaillant Group vanaf dit jaar de CO2-emissies die we genereren tijdens productieprocessen en bedrijfsactiviteiten volledig compenseren. We halveren de CO2-uitstoot tegen 2030, we schakelen over op energie uit hernieuwbare bronnen en zullen bebossingsprojecten ondersteunen en ontwikkelen. Om tegen 2050 volledig klimaatneutraal te zijn, is het absoluut noodzakelijk dat het gas- en elektriciteitsnet na 2030 geleidelijk wordt omgeschakeld op volledig hernieuwbare energiebronnen.”

Op weg naar waterstof: ketels voor wisselende gasmengsels

Met het oog op de enorme reductie van CO2-uitstoot die nodig is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, is ...
Verder Lezen

Duurzame waterkrachtprojecten profiteren van verkochte afscheiders

Flamco doneert voor elke XStream afscheider die het bedrijf in het eerste kwartaal van 2021 verkoopt, een bedrag aan twee ...
Verder Lezen

De energietransitie: waterstof

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga van het bedrijf Feenstra is ...
Verder Lezen

Nederlanders springen zuinig om met hun verwarming

Uit onderzoek van Jaga en Markteffect blijkt dat bijna de helft van de Nederlanders eerst warme kleding aantrekt als ze ...
Verder Lezen

Het registreren van duurzame gebouwen blijft toenemen

Gepubliceerd op

In 2020 is het aantal vierkante meter gebouwen dat is voorzien van een GPR Gebouw Certificaat met bijna 20% toegenomen tot 6,9 miljoen m2. Vastgoedeigenaren en -organisaties laten de mate van duurzaamheid van de panden in hun portefeuille steeds vaker vastleggen met dit certificaat.

Het meten en valideren van duurzaamheid met GPR Gebouw gaat verder dan het thema energiebesparing alleen. Een duurzaam gebouw is gezonder en comfortabeler voor gebruikers en is aanpasbaar aan veranderende wensen. Daarmee is het ook financieel voordeliger en meer rendement gevend, aldus stichting W/E adviseurs duurzaam bouwen, die het certificaat verstrekt.

Ontwikkeling zet door
Al ruim 5 jaar groeit het aantal vierkante meter gebouwen dat is voorzien van een GPR Gebouw Certificaat jaarlijks met dubbele cijfers. In totaal zijn nu gebouwen met een totaaloppervlak van bijna 7 miljoen vierkante meter voorzien van een GPR Gebouw Certificaat. Hierbij gaat het voor 84% om woningbouw en voor 16% om utiliteitsbouw.

Waardevol
W/E adviseurs duurzaam bouwen benadrukt dat organisaties met een GPR Gebouw Certificaten beter scoren in de duurzaamheidsbenchmark GRESB: de internationale benchmark die vastgoedfondsen beoordeelt op duurzaamheid. De wereldwijde duurzaamheidsstandaard GRESB erkent het GPR Gebouw Certificaat volwaardig, met full points.

Slim inzetten warmtepompen en warmtenetten maakt elektriciteitssysteem duurzamer

Het slimmer inzetten van warmtepompen en warmtenetten kan in theorie veel flexibele elektriciteitsvraag opleveren: in uren met weinig duurzame elektriciteit ...
Verder Lezen

‘Digitaal energielabel is geldverspilling en schiet doel voorbij’

De Tweede Kamer moet het amendement dat voorstelt om de aanvraag voor het energielabel digitaal te doen, niet aannemen. Gebeurt ...
Verder Lezen

Digitaal kennismaken met de toekomst van de branche

“Ik ben Sarah, ik ben zwanger en ik zet dus een kind op de wereld die in 2040 net volwassen ...
Verder Lezen

Winnaars ZEN-prijs bekend

De winnaars van de ZEN-prijs voor zeer energiezuinige nieuwbouwwoningen zijn bekendgemaakt. Dat gebeurde tijdens het online thuiscongres ‘BENG! Zo doe ...
Verder Lezen

Op weg naar waterstof: ketels voor wisselende gasmengsels

Gepubliceerd op

Met het oog op de enorme reductie van CO2-uitstoot die nodig is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, is het aannemelijk dat in de toekomst een mix van zowel energieopwekkers als energiedragers gebruikt gaat worden voor de verwarming van onze huizen en gebouwen. Denk aan elektriciteit, opgewekt door de zon en de wind, aardgas, maar ook hernieuwbare brandstofbronnen, zoals synthetisch methaan en waterstof geproduceerd zonder kooldioxide. De Duitse ketelfabrikant Viessmann is ervan overtuigd dat met name waterstof een sleutelrol zal spelen. ‘Het is de meest logische manier om de verwarmingsmarkt klimaatneutraal te maken.’

Uit een proefstudie van het Duitse energieagentschap (dena) blijkt bijvoorbeeld dat een mix van elektrische oplossingen, zoals warmtepompen en waterstof in de bouwsector de kosten van het energiesysteem tegen 2050 met ten minste €260 miljard zou kunnen verlagen. Door gebruik te maken van waterstof kan immers de bestaande gasinfrastructuur worden gebruikt en is minder uitbreiding nodig van elektriciteitsnetten en reservestroomcentrales. Bovendien maakt deze nieuwe brandstof het mogelijk om de CO2-uitstoot in zeer korte tijd aanzienlijk te verminderen. Het is al mogelijk om tot 20% waterstof toe te voegen aan aardgas in het net. Dit zou de uitstoot van broeikasgassen met ongeveer 7% per jaar kunnen verminderen.

Aan de voorkant inregelen
De komende jaren zullen zich echter nog kenmerken door een overgang. Deels aardgas, deels elektriciteit, deels waterstof, wellicht zelfs gas dat geïmporteerd wordt. Dat kan problemen opleveren, want afhankelijk van het soort gas dat wordt gebruikt, moet in een verwarmingsketel de mengverhouding met lucht worden aangepast. En daar is normaliter een monteur voor nodig.
Alle toestellen van Viessmann zijn daarom inmiddels uitgerust met lambda control. Deze technologie past de lucht-gasverhouding van het toestel meteen en automatisch aan. Viessmann biedt hiermee ook een oplossing voor installatiebedrijven die een groeiend tekort hebben aan monteurs. Lambda control zorgt bovendien voor schone verbranding en het beste rendement.
Kees de Haan Commercieel Directeur Viessmann Nederland: “Door aan de voorkant in te regelen dat wisselende gasmengsels voor onze apparatuur technisch geen probleem vormen, maken we woningen en gebouwen klaar voor de toekomst, ontlasten we installateurs die worstelen met een toenemend tekort aan goede technici en hoeven bewoners niet extra thuis te blijven voor een bezoek van de monteur."

H2ready condensatieketels
De technologie die nodig is om gebruik te maken van dergelijke aardgas-waterstofmengsels om gebouwen te verwarmen is al beschikbaar en in duizenden installaties in de markt in gebruik. De nieuwste gascondensatieketels van Viessmann, de Vitodens 200 en 300 en de Vitocrossal 100 en 200 worden al bediend met 20 tot 30% waterstof. Een team van ingenieurs en technici test op dit moment in het Viessmann Innovation Center ook ‘H2ready’ condenserende ketels voor gebruik met zuivere waterstof. Deze apparaten komen in de loop van 2024 op de markt.

Duurzame waterkrachtprojecten profiteren van verkochte afscheiders

Gepubliceerd op

Flamco doneert voor elke XStream afscheider die het bedrijf in het eerste kwartaal van 2021 verkoopt, een bedrag aan twee duurzame waterkrachtprojecten in Brazilië. De hoogte hiervan hangt samen met de jaarlijkse CO2-besparingen die de verkochte afscheiders opleveren. Deze besparingen worden door Flamco verdubbeld en vervolgens gedoneerd. Flamco verwacht enkele tonnen aan CO2-gelieerde besparingen te doneren.

Flamco XStream lucht- en vuilafscheiders besparen tot 15 procent energie en daarmee koolstofdioxide (CO2). Ze maken cv-installaties niet alleen efficiënter en rendabeler, maar beperken ook de uitstoot van dit broeikasgas. Op jaarbasis kan de CO2-besparing oplopen tot ongeveer 300 kg CO2-equivalent per huishouden, aldus de fabrikant. Deze CO2-besparing staat gelijk aan 20% van de CO2-uitstoot veroorzaakt door het jaarlijkse elektriciteitsverbruik van één huishouden.

VN-gecertificeerde projecten
Flamco bedacht een manier om de waarde van die CO2-besparingen significant te verdubbelen. De specialist in hydronic flow control vond een bijpassend doel in de vorm van twee kleinschalige waterkrachtprojecten in de Braziliaanse staat Rio Grande do Sul: SHP Engenheiro Ernesto Jorge Dreher (17,95 MW) en Engenheiro Henrique Kotzian (13,23 MW). Deze duurzame waterkrachtcentrales helpen de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Ze zijn als project door de UNFCCC (United Nations Framework Convention on Climate Change) gecertificeerd onder het Kyoto Protocol van de UN Climate Change Convention. Om deze projecten financieel te ondersteunen, zal Flamco van hen koolstofcertificaten kopen. Niet om daarmee de eigen CO2-uitstoot te compenseren, maar juist om de besparing met de afscheiders te verdubbelen.

CO2-besparing verdubbelen.

Ecologische winst
De twee projecten die Flamco ondersteunt zijn in velerlei opzichten duurzaam. Ten eerste wekken de centrales hernieuwbare energie op zonder negatieve milieueffecten doordat ze in tegenstelling tot thermo-elektrische centrales geen fossiele brandstoffen gebruiken. Ze hebben met hun kleine waterreservoirs van 0,83 en 0,66 km2 vrijwel geen significante milieueffecten in vergelijking met grote waterkrachtcentrales. Verder gebruiken ze natuurlijke beddingen om schade aan bodem, flora, fauna en de aanwezige waterbronnen te voorkomen.

Sociaal-economische duurzaamheid
Daarnaast dragen de twee projecten bij aan de regionale sociaal-economische vooruitgang en levenskwaliteit. Zo stimuleren ze de directe lokale banengroei, het onderwijs (vakopleiding en milieu-educatie) en de technologische ontwikkeling en infrastructuur. Ook zorgen ze voor een betrouwbare energievoorziening, extra (belasting)inkomsten en het aantrekken van nieuwe bedrijvigheid.

Slimme maatregelen om efficiënter te verwarmen

Het duurzaam verwarmen van de bestaande gebouwde omgeving en daarmee de CO2-uitstoot verlagen is een enorme uitdaging. Het energiegebruik moet ...
Verder Lezen

3-in-1 oplossing verwijdert lucht en vuil uit systeemwater

Spirotech introduceert de SpiroCross XC-M, een nieuwe oplossing voor hydraulische balancering, automatische luchtverwijdering en magnetische vuilafscheiding. Deze 3-in-1 oplossing helpt ...
Verder Lezen

Magneetfilters voor op de hoofdleiding

Rekon Installatietechniek, gespecialiseerd in systeemwaterkwaliteit, brengt een range magneetfilters van het Britse Adey op de Nederlandse markt. De grootste uit ...
Verder Lezen

Lucht- en vuilafscheider

De Herz lucht- en vuilafscheider van ontzinkingsbestendig messing, dient om slibdeeltjes en lucht te scheiden van verwarmings- en koelsystemen. Het is ...
Verder Lezen

De energietransitie: waterstof

Gepubliceerd op

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga van het bedrijf Feenstra is ervan overtuigd dat waterstof ook Nederland zal veroveren. Maar het is een weg die we nog met elkaar moeten verkennen. In Uithoorn werd onlangs een proef gestart met het inzetten van waterstof in bestaande (sloop)woningen. Woningen die eerder op aardgas werden verwarmd. Met positief resultaat. Een nieuwe toekomst voor de installateur?

De maandag na de Kerst spreken we Jan Wijbenga (61). “Het is even mails wegwerken na een lang weekeinde en dan nog een paar dagen vrij.” Als commercieel manager Noord-Oost is hij verantwoordelijk voor de zakelijke markt; denk aan woningcorporaties, vastgoedbeheerders, aannemers, etc. Hij is getrouwd, heeft drie volwassen kinderen en woont in Friesland. Een gedreven en energieke man met hart voor de energietransitie.

Experimenteren thuis
Het huis van Jan Wijbenga is een proeftuin van duurzame energietoepassingen. “Ik vind dat iedereen toegang moet hebben tot duurzame energie. Ook mensen met een kleine portemonnee. Dus ik experimenteer graag thuis. Wat is mogelijk tegen een beperkte prijs? Momenteel zet ik bijvoorbeeld in op infraroodpanelen waarmee ik gericht bepaalde ruimtes kan verwarmen. Natuurlijk is mijn huis extra geïsoleerd en liggen er voldoende zonnepanelen. Met als resultaat een nagenoeg volledige compensatie van elektra-verbruik en een sterke reductie van gasverbruik. Er is gewoon niet één oplossing voor de energietransitie. Dat is echt een illusie. We moeten met elkaar alle mogelijke opties verkennen en inzetten. We moeten experimenteren en vooruit kijken. En vergis je niet: het gaat sneller dan je denkt!” Dat weet hij ook vanuit zijn werk binnen Feenstra. “We willen vooraan lopen, meedenken en mee ontwikkelen. Maar we zorgen er wel voor dat we bij bewoners thuis oplossingen plaatsen, die bewezen zijn. We experimenteren graag met alle oplossingen die er zijn voor verduurzaming! Maar … in huizen waar mensen wonen moet het product dat we neerzetten gegarandeerd werken.”

Waterstof is de toekomst
Waterstof is één van die mogelijke oplossingen. Het leek eerst nog verre toekomst, maar het komt steeds dichterbij. De verwachting is dat vanaf 2030 waterstof steeds meer benut zal worden. Met het dichtdraaien van de gaskraan in Groningen is er juist in het Noorden van Nederland veel belangstelling voor deze brandstof. De drie noordelijke provincies en tientallen bedrijven willen het verlies aan werkgelegenheid door het stoppen van de aardgaswinning compenseren met investeringen in waterstof. Maar ook in andere delen van het land worden pilots opgestart. Het is niet alleen een kwestie van lef, maar ook doen. En dat is precies ook wat Wijbenga dacht toen het initiatief in Uithoorn voorbij kwam. “Als Feenstra willen we voorop blijven lopen. En dat betekent juist meedoen met nieuwe projecten.”

Uithoorn
Woningcorporatie Eigen Haard en netwerkbedrijf Stedin startten een waterstof-project en wilden in Uithoorn onderzoeken hoe waterstof in het bestaande aardgasnet in bestaande woningen kan worden toegepast. Er werd aan een aantal partijen gevraagd mee te doen. Feenstra wilde graag de al eerder opgedane kennis inzetten bij dit project en daarmee ook vergroten. Wijbenga: “Het ging om een aantal sloopwoningen; de perfecte plaats om dit met elkaar te verkennen. Door elke keer zo samen te werken, kunnen we kennis stapelen. Niet alleen binnen het bedrijf, maar ook in de keten.” Bij de overstap van aardgas naar waterstof werden de bestaande gasleidingen en verbindingen onderzocht, zowel in de straat als in de woningen. “Het verwarmen van de woningen gebeurde met speciale waterstof cv-ketels. Die worden inmiddels al door verschillende partijen ontwikkeld (o.a. Remeha en Nefit-Bosch) en juist met projecten als deze verder verbeterd. Waterstof vraagt om nieuwe kennis en vaardigheden van onze monteurs. En ook daarvoor gebruiken we de ervaringen in Uithoorn. Hoe kunnen we opleidingen en opleiders voeden op weg naar een toekomst met meer waterstof?”

Innoveren
Verschillende vormen van waterstof, maar voor Wijbenga is de opgave helder: “Natuurlijk moeten we kiezen voor de ‘groene’ waterstof; anders is het dweilen met de kraan open. En overigens is het goed te weten dat er bij de verbranding van waterstof geen CO2-uitstoot is. Geen mogelijkheid tot koolmonoxidevergiftiging dus.” De pilot in Uithoorn maar ook andere projecten in Nederland bewijzen dat het mogelijk is. Wijbenga: “Het zijn de eerste stappen. Maar we moeten blijven innoveren. Innoveren en experimenteren helpt ons om ervoor te zorgen dat wij gereed zijn voor de periode na 2030.Er wordt natuurlijk al veel ondernomen; want anders hadden we ook in Uithoorn geen stappen kunnen zetten. Maar er is meer nodig. Uit het project in Uithoorn komen vragen die we met elkaar moeten beantwoorden. Denk dan bijvoorbeeld aan wet- en regelgeving en de ontwikkeling van veiligheidsprotocollen en de opleidingen.”

Leeds
Is het dan een kwestie van de lange adem? Van de verre toekomst? Integendeel volgens Wijbenga. “Ik merk de interesse en het geloof in de energietransitie. Ik zie opleidingscentra schakelen op die nieuwe toekomst. En in Nederland zien we in de mobiliteit al mooie ontwikkelingen. “We zien steeds meer auto’s op waterstof rijden. Geweldig toch? Maar het is grootser… Dat heeft de stad Leeds in Engeland wel bewezen. Onder de noemer ‘project H21’ moeten hier via het oude aardgasnetwerk miljoenen huishoudens en bedrijven worden voorzien van schoon waterstof. In 2028 willen de initiatiefnemers in het noorden van Engeland van start gaan, om in 2050 te eindigen in Londen. De grootste energietransitie van het Verenigd Koninkrijk. Een project dat al vanaf 2017 loopt.”

Leren
Waterstof vergt andere kennis en skills. Maar het begin is al gemaakt. “Bij de Hanze Hoge School wordt kennis ontwikkeld en gedeeld met de vakmensen van de toekomst. Een docent benaderde me met een waterstof-katern. Mijn Feenstra collega’s van onze regionale opleidingscentra en ik hebben graag meegelezen. Het is een gespreksonderwerp onder monteurs merk ik; zij willen leren.” Wat zijn de aandachtsgebieden? Het gaat om kennis over waterstof , de andere manier van installeren en het ontwikkelen van en werken met nieuwe protocollen. “We hoeven niet op punt nul te beginnen. Dat is het mooie. We kunnen vanuit praktijk en theorie stappen zetten.” Wijbenga is enthousiast en dat zal hij blijven: “We gaan nieuwe wegen in en die ontdekkingstocht geeft spanning, kansen en prachtige vergezichten. Mooi toch! Ik werk er graag aan mee.”

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

All-electric of waterstof?

All-electric of waterstof? Beide routes naar verduurzaming hebben felle voor- en tegenstanders. Maar is er ook een tussenweg mogelijk? Professor ...
Verder Lezen

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

Opschalen: van BENG naar BELG

Het idee voor ChargeFreeHome ontstond bij grondlegger Henk van Houten toen hij zag wat een BENG-woning inhoudt en dat vergeleek ...
Verder Lezen

Warmtepomptrends

Vorige jaar maakte Nefit Bosch bekend 100 miljoen euro te gaan investeren in de verdere ontwikkeling van warmtepompsystemen. De technologiegigant ...
Verder Lezen

Leidse installateurs en mbo’ers gaan samen waterzijdig inregelen

Gepubliceerd op

Leidse installateurs brengen studenten van mboRijnland in de praktijk de kneepjes van het waterzijdig inregelen bij. Dat is het resultaat van een samenwerking tussen de gemeente Leiden, CIV Smart Technology, mboRijnland en lokale installatiebedrijven. De installateurs krijgen eerst een opleiding van een dag, waarna ze gecertificeerd zijn voor het waterzijdig inregelen. Vervolgens gaan ze samen met de studenten van de opleiding Technicus Engineering Installatietechniek aan de slag in Leidse woningen.

Waterzijdig inregelen is een techniek waarmee cv-installaties energiezuinig en efficiënt kunnen worden ingesteld. Iets wat in veel woningen op dit moment niet het geval is. Door de mbo-studenten mee te laten lopen met installateurs, krijgen zij het inregelen onder de knie. Het mes snijdt daarmee aan twee kanten: én Leidse woningen worden energiezuiniger én in de toekomst zijn er voldoende installateurs in de regio Leiden.

Pilotproject
Wijkambassadeurs Anton de Gruyl en Marius Ballieux hebben zich de afgelopen maanden ingezet om lokale installateurs te interesseren mee te doen aan een pilotproject. Marius Ballieux: “Dit is een unieke samenwerking voor zowel het mbo, de gemeente als de installateurs. mboRijnland heeft speciaal voor dit project de opleiding inhoudelijk aangepast. Het is echt geweldig dat zij daartoe bereid waren.”

Technisch personeel is schaars
Wethouder Fleur Spijker (energietransitie) is blij met dit initiatief: “Goed opgeleid technisch personeel is schaars. Tegelijkertijd is kennis over verwarmingsinstallaties in woningen en bedrijfspanden essentieel om de energietransitie goed vorm te geven. Hartstikke mooi dat deze samenwerking van de grond is gekomen.”

Foto: leerlingen mboRijnland, wijkambassadeur Marius Ballieux en wethouder Fleur Spijker (duurzame verstedelijking)

Meer informatie over het waterzijdig inregelen, de wijkambassadeurs duurzaamheid en de samenwerking met de installateurs is te vinden op www.gagoed.nl.

Kundig inregelen vereist

Het inzetten van duurzame warmte stopt niet bij de leveringsgrens. Er is een ware zoektocht gaande naar de meest geschikte ...
Verder Lezen

Slimme maatregelen om efficiënter te verwarmen

Het duurzaam verwarmen van de bestaande gebouwde omgeving en daarmee de CO2-uitstoot verlagen is een enorme uitdaging. Het energiegebruik moet ...
Verder Lezen

“Den Haag had waterzijdig inregelen al lang verplicht moeten stellen”

Minister Wiebes maakte afgelopen week bekend dat waterzijdig inregelen niet geplaatst wordt op de lijst met erkende maatregelen. Volgens de ...
Verder Lezen

87 miljoen euro voor energieadvies en kleine besparende maatregelen

Om eigenaren van koopwoningen te helpen minder energie te gebruiken, stelt het ministerie van Binnenlandse Zaken 87 miljoen euro beschikbaar ...
Verder Lezen

All-electric of waterstof?

Gepubliceerd op

All-electric of waterstof? Beide routes naar verduurzaming hebben felle voor- en tegenstanders. Maar is er ook een tussenweg mogelijk? Professor Ad van Wijk van de TU/Delft denkt van wel.

Ad van Wijk is een specialist op het gebied van energiesystemen. Hij pleit al geruime tijd voor een grootscheepse overstap op waterstof om zo een duurzaamheidstransitie te bewerkstelligen.

Waarom pleit u dan tegelijkertijd voor all-electric oplossingen?
“Het is geen kwestie van óf - óf, maar én - én. Een all-electric-economie sluit namelijk geen waterstof uit en omgekeerd ook niet. Je kunt waterstof omzetten in elektriciteit en andersom.”

Maar waarom zou je dat willen?
“Deze werkwijze biedt een aantal voordelen. Ten eerste is waterstof een ideaal, goedkoop opslagmedium. Beter en veel goedkoper ook dan de accu’s waarover we nu beschikken. Daarvoor worden zeldzame metalen gebruikt en ze verliezen veel energie bij langdurige opslag. Daarnaast biedt waterstof een ander belangrijk voordeel. Het is goedkoper om waterstof te transporten over lange afstanden dan elektriciteit.”

Tot nu toe hoor je protagonisten van de waterstofeconomie vooral pleiten voor de omzetting van lokale duurzame elektriciteit in waterstof. Dus gebruikmakend van windmolenparken in de Noordzee en pv-velden in Nederland. Waarom heeft u het dan plotseling over grote afstanden?
“Windmolenparken ver op zee zijn rendabel, maar onze Noordzee biedt onvoldoende ruimte om in onze behoeften te voorzien. En zonne-energie opwekken voor de omzetting in waterstof kan bijvoorbeeld in de Sahara met een veel hoger rendement plaatsvinden dan hier. Dus ik pleit voor én- én. Op deze wijze ga je uiteindelijk toe naar een mondiale energiemarkt, zoals we die nu ook al kennen voor gas en olie.”

Welke specifieke voordelen biedt waterstof voor de gebouwde omgeving?
“We lopen vooral in de bestaande bouw tegen grote problemen aan als we woningen willen verduurzamen met warmtepompen. Dat kan te maken hebben met het ruimtebeslag, de geluidsproductie en de extra kosten voor isolatie en een nieuw lt-afgiftesysteem. Bovendien wordt de salderingsregeling afgebouwd. Installeer je daarentegen een waterstofketel, dan hoef je alleen maar de bestaande aardgasgestookte cv-ketel te vervangen. Je kan ook kiezen voor een hybride oplossing, waarbij de warmtepomp het leeuwendeel van de verwarmingsvraag oppakt en de waterstofketel als achtervang functioneert en de productie van warm tapwater voor zijn rekening neemt. In beide gevallen heb je als bijkomende voordelen ook nog eens dat je minder aanpassingen aan het elektriciteitsnet hoeft te plegen, je gebruik kan maken van het aanwezig gasnet en ruimtes snel kan verwarmen als dat nodig is.”

En hoe zit het dan in de nieuwbouw?
“Daar is een all-electric systeem in de vorm van een warmtepomp een prima oplossing. Je kan namelijk al direct de ideale randvoorwaarden creëren, door de woningen goed te isoleren en het juiste lt-afgiftesysteem te installeren.”

Stel de bestaande bouw stapt massaal over op waterstofketels, kleven daar dan nog nadelen aan?
“Om het optimaal te laten renderen, moet je eigenlijk wel op wijkniveau de overstap maken, want er zijn aanpassingen nodig aan het gasnet. Daarnaast zijn er voorzieningen nodig voor de opslag van waterstof.”

In hoeverre laat de wetgeving het al toe om van Nederland een all-electric economie te maken met een waterstofinfrastructuur?
“Er zijn nog wel behoorlijke hobbels te nemen. De gaswet moet worden aangepast om het aardgasnetwerk te kunnen gebruiken. Ook zijn er extra veiligheidsprotocollen nodig voor de omgang met en het gebruik van waterstof in de gebouwde omgeving.”

Tot slot, we zitten nu in een soort tussenfase: welk advies zou u willen meegeven aan de installateur?
“Qua keteltechniek hoeft hij zijn kennis waarschijnlijk maar weinig bij te schaven. Houd gewoon de ontwikkelingen in de gaten en oriënteer je alvast op waterstofketels én warmtepompen. Op termijn verwacht ik een doorbraak.”

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

“Waterstof zal Nederland veroveren”

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga (foto) van het bedrijf Feenstra ...
Verder Lezen

Stedin start proef met verwarmen van woningen op waterstof

In Uithoorn stroomt vanaf vandaag waterstof door het bestaande aardgasnet. Veertien sloopwoningen zijn gereed gemaakt voor tijdelijke verwarming met waterstof ...
Verder Lezen

All-Electric: meer dan warmtepomp én vloerverwarming

Het lijkt erop dat de introductie van de NTA 8800 (BENG) leidt tot een blikvernauwing op het gebied van warmteafgiftesystemen ...
Verder Lezen

Hoofdkantoor Aalberts genomineerd voor duurzaamste gebouw

Gepubliceerd op

Het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control (Flamco en Comap) is genomineerd voor de Breeam Awards 2021. “De nominatie is een erkenning dat wij met onze ambities een van de duurzaamste kantoorgebouwen ter wereld realiseren”, zegt Henk Robers, Chief Operational Officer van Flamco. “Als we winnen, is ons pand ontwerptechnisch overeenkomstig Breeam-criteria een jaar lang het duurzaamste gebouw ter wereld.”

Het hoofdkantoor is genomineerd in de categorie Commercial Buildings - Design Stage, samen met vier andere gegadigden uit Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Een onafhankelijke jury heeft de shortlist samengesteld op basis van de hoogste Breeam-beoordelingsprestaties en de bijzonderheid van projecten.

Kansrijke prestaties
Flamco Group scoorde volgens de Breeam beoordelingsmethode met 90% uitzonderlijk hoog. Medio 2020 ontving Flamco Group het Breeam ‘Outstanding’ ontwerpcertificaat voor het nieuwe kantoorgebouw aan de Fort Blauwkapel in Almere. “Daarnaast is het gebouwontwerp bijzonder doordat het geheel energieneutraal is, zowel de gebouwgebonden als de gebruikersgebonden installaties”, licht Breeam-expert Tom Linneman van Linneman Bouw en Advies toe. Linneman, die Aalberts hfc begeleidt om zo duurzaam mogelijk te bouwen, heeft goede hoop dat zij door de combinatie van de hoge score en bijzonderheid wint.

Online prijsuitreiking
Breeam maakt duurzaam bouwen integraal meetbaar en is de meest gebruikte certificeringsmethode in Europa. De awards worden jaarlijks uitgereikt voor duurzame prestaties van gebouwen. De jurering vindt dit jaar, vanwege het coronavirus, online plaats. De prijsuitreiking staat gepland op 25 maart a.s. De oplevering van de nieuwbouw vindt plaats in juni 2021.

Foto: Artist impression van het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control. Fotocredit: Flamco B.V.

Nu ook Breeam-NL speciaal voor woningen

Ook voor het verduurzamen van bestaande woningen is er nu ook een speciale Breeam-NL beoordelingsrichtlijn beschikbaar. Breeam-NL In-Use Woningen is ...
Verder Lezen

Hoofdkantoor Flamco/Comap bij top duurzame gebouwen in Nederland

Het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control heeft het Breeam ‘Outstanding’ ontwerpcertificaat gekregen voor het nieuwe kantoorgebouw in Almere ...
Verder Lezen

 Groothandel Wasco klaar met uitbreiding distributiecentrum

Vier jaar na de opening van Wasco’s nieuwe distributiecentrum in Apeldoorn, is nu ook de uitbreiding hiervan gereed. In juni ...
Verder Lezen

Verzekeraar scoort met hoofdkantoor hoog op duurzaamheid

Het hoofdkantoor van verzekeraar Vivat heeft een hoge duurzaamheidsscore behaald bij de laatste Breeam-certificatie. Het gebouw behaalde drie sterren op ...
Verder Lezen

Econic en Itho Daalderop gaan samenwerken

Gepubliceerd op

Econic en Itho Daalderop hebben een samenwerkingsovereenkomst getekend over de levering van Itho Daalderop WPU water/water-warmtepompen. Naast de WPU maken de warmtepompvoorraadvaten WPV en de Booster warmtepomp deel uit van het contract. De samenwerking betekent voor klanten van Econic (woningeigenaren) meer mogelijkheden om te kiezen hoe zij hun woning willen laten verwarmen/koelen. Econic verhuurt de installaties aan de eigenaar van de woning als onderdeel van een verduurzamingspakket.

De WPU is een water/water-warmtepomp en maakt via een bodemlus gebruik van energie uit de bodem. Als voordelen van dit systeem noemt Itho Daalderop: het hoogste rendement in de markt, een met water gevulde bron, een uiterst stille werking, altijd passieve koeling beschikbaar en zowel in trapkastopstelling als gestapelde opstelling inzetbaar. De warmtepomp is standaard voorzien van monitoringsmogelijkheid.

Wasco en econic starten duurzame samenwerking

Wasco en econic gaan samenwerken. De bedrijven hopen zo hun gezamenlijke ambitie sneller te realiseren: duurzame oplossingen zo snel en ...
Verder Lezen

WTW-units met zoneringsoplossingen

Itho Daalderop voegt twee zoneringsoplossingen toe aan zijn HRU 400 WTW-units: de HRU 400 QuattroZone en HRU 400 DuoZone. Deze ...
Verder Lezen

Wasco en Aircovent intensiveren samenwerking

Vanaf eind januari verhuist Aircovent naar een nieuwe locatie in Rotterdam Noord om samengevoegd te worden met de Wasco-vestiging. Daarnaast ...
Verder Lezen

Nieuwe investeerder biedt Itho Daalderop en Klimaatgarant armslag voor groei

Gimv heeft haar meerderheidsbelang in Climate for Life Holding (Itho Daalderop en Klimaatgarant) verkocht aan Parcom. Hiermee komen de financiële ...
Verder Lezen

Slim inzetten warmtepompen en warmtenetten maakt elektriciteitssysteem duurzamer

Gepubliceerd op

Het slimmer inzetten van warmtepompen en warmtenetten kan in theorie veel flexibele elektriciteitsvraag opleveren: in uren met weinig duurzame elektriciteit kan een deel van de warmtesystemen tijdelijk pauzeren en in uren met veel elektriciteit uit zon en wind kunnen de warmtesystemen juist extra verwarmen. Dit kan in 2030 al 0.5 tot 1 GW tijdelijke flexibiliteit opleveren. Hiervoor moeten warmtepompen slim aangestuurd kunnen worden. Daarnaast moeten de juiste voorwaarden worden gesteld, zodat het slimmer inzetten van warmtesystemen (financieel) nog aantrekkelijker wordt voor eigenaren van deze systemen.

Dit blijkt uit het rapport 'Warmtetransitie en Energiesysteem', dat TenneT samen met een aantal marktpartijen heeft opgesteld in het kader van het E-TOP programma. Hieronder een samenvatting van dit rapport.

Toenemende flexibiliteit door weersafhankelijke bronnen
Flexibele vraag wordt steeds belangrijker in het elektriciteitsnet en -systeem. Het maakt meer CO2-reductie mogelijk, door zoveel mogelijk gebruik te maken van beschikbare elektriciteit uit zon en wind op de momenten dat die er volop is, en zo weinig mogelijk op de uren waarop gascentrales de meeste elektriciteit produceren. Ook kan flexibele vraag bijdragen aan snellere verduurzaming door piekbelasting af te vlakken als de capaciteit van het elektriciteitsnet dreigt te worden overschreden.
In 2030 is landelijk een groot vermogen aan nieuwe flexibiliteit nodig, vele gigawatts aan flexibele elektriciteitsvraag en opslag. Deze flexibiliteit is nodig om variabele opwek uit zon en wind maximaal te gebruiken in uren van overvloed, en de elektriciteitsvraag te verlagen in uren zonder elektriciteit uit zon en wind. Daarmee kan bijvoorbeeld de CO2-uitstoot van gascentrales verder worden verlaagd. Van belang is de keuze voor warmtesystemen die flexibel kunnen worden gestuurd.
Aan de andere kant kan het toepassen van inflexibele warmtesystemen op koude dagen leiden tot een hoge piek in de elektriciteitsvraag. Als dat samenvalt met een week met weinig elektriciteit uit wind- of zonneparken, dan kan dit veel elektriciteit vragen uit back-up centrales .

Slim aansturen draagt bij aan betaalbaarheid en CO2 reductie
Het piekvermogen kan lager worden als we de warmtepompen slim kunnen aansturen. Een warmtepomp kan tijdelijk terugschakelen, terwijl een goed geïsoleerde woning nog enige tijd voldoende warm blijft. Hybride warmtepompen zijn nog flexibeler omdat deze bij elektriciteitstekorten tijdelijk kunnen terugvallen op gas. Zo wordt de piekvraag naar elektriciteit verlaagd en blijven woningen warm.
Maar er gaan ook dagen komen met een overvloed aan elektriciteit uit zon en wind, meer dan de elektriciteitsvraag. Dan kunnen warmtenetten met elektrische boilers en warmteopslag een belangrijke rol spelen. De warmteopslag wordt gevuld zodat deze duurzame energie op een volgende dag duurzaam woningen kan verwarmen.
Deze regelbare (flexibele) elektriciteitsvraag voor warmte draagt bij aan CO2 reductie door zoveel mogelijk de elektriciteit te gebruiken in uren met overvloedige wind en zon, en zo min mogelijk in de uren met grotendeels gasgestookte elektriciteit.
Dit helpt om de energierekening van consumenten in de toekomst niet hoger te maken dan nodig. Dit voordeel kan door een contract met flexibele prijzen met de leverancier of een korting bij het ter beschikking stellen van flexibiliteit. Deze voordelen zijn de eerstkomende jaren nog klein maar groeien richting 2030 en blijven groeien met meer elektriciteit uit zonne- en windparken. Aan de andere kant leiden inflexibele elektriciteitsvraag of warmtesystemen met een hoog piekvermogen juist tot additionele kosten voor netverzwaring en back-up vermogen voor koude winterweken zonder zon of wind. Warmtesystemen worden voor vele jaren geïnstalleerd en daarom loont het om flexibele opties vooraf te stimuleren.

Samenwerking
Op dit moment worden plannen voor het verduurzamen van warmte en elektriciteit nog los van elkaar bedacht. Het is van belang dat de kansen voor flexibiliteit in het elektriciteitssysteem gaan meetellen in de klimaatplannen. In het Klimaatakkoord is het belang van een slimme regeling voor warmtepompen en andere nieuwe stroomverbruikers zoals laadpalen al opgenomen.

Versnellen van de energietransitie
De studie 'Warmtetransitie en Energiesysteem', waar verschillende partijen aan hebben bijgedragen, is uitgevoerd in het kader van het E-TOP programma. Dit programma is eind 2019 gelanceerd om samen met partners en stakeholders in het energiesysteem te werken aan het versnellen van de energietransitie. Het E-TOP programma bestaat uit een jaarlijks evenement waarin de dialoog wordt gezocht met de verschillende stakeholders in het energiesysteem. Aansluitend zijn er twee werkgroepen aan de slag gegaan om twee verschillende thema’s nader uit te diepen. De eerste werkgroep is aan de slag gegaan met het onderwerp Flexibiliteit en Warmte in de Gebouwde Omgeving. De tweede werkgroep met het onderwerp Elektrificatie en het Toekomstige Vraagprofiel. Dit rapport is opgesteld door TenneT, met inbreng van  deze eerste werkgroep. Deze bestond uit experts uit energiebedrijven, netbeheerders, techniek en installatie-branche en kennisinstellingen

Elektrisch of waterstof?

De installatiebranche toonde het afgelopen jaar veel innovatiedrang om de gewenste transitie naar een duurzamere samenleving te bewerkstelligen. Op die ...
Verder Lezen

Aardbevingsbestendig wonen

Het project De Hamplaats komt voort uit de ‘Versterkingsopgave Groningen’ naar aanleiding van de opgelopen aardbevingsschade. Het betreft 24 woningen, ...
Verder Lezen

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

Prefab huis met PVT-panelen als bron voor een warmtepomp

In het Tilburgse natuurgebied Drijflanen staat een duurzaam prefab huis met PVT-panelen als bron voor een warmtepomp. Het is genomineerd ...
Verder Lezen

Wasco en econic starten duurzame samenwerking

Gepubliceerd op

Wasco en econic gaan samenwerken. De bedrijven hopen zo hun gezamenlijke ambitie sneller te realiseren: duurzame oplossingen zo snel en toegankelijk mogelijk in de markt zetten. econic verwijst installatiepartners voortaan door naar Wasco, technische groothandel in verwarming, sanitair, airconditioning, ventilatie en onderdelen.

Commercieel directeur Xander Hagens tekende de overeenkomst namens Wasco. “Wij hebben een enorme duurzame ambitie. Daarom werken wij ook graag samen met bedrijven die dezelfde of vergelijkbare ambities hebben. econic is zo’n bedrijf. We kiezen voor elkaar omdat we vertrouwen hebben in wat we samen kunnen realiseren. De energietransitie versnellen, of in ieder geval waarmaken.”

Duurzame oplossingen voor iedereen
Om ervoor te zorgen dat duurzame oplossingen voor iedereen beschikbaar worden, werkt econic samen met strategische partners. Zij maken afspraken met onder andere projectontwikkelaars, investeringsmaatschappijen, woningbouwverenigingen en particulieren over het verduurzamen van nieuwe of bestaande woningen. Namens econic tekende COO Jan-Willem van Wensem de samenwerkingsovereenkomst. “Een overeenkomst met Wasco was voor ons een logische keuze. Wij zoeken partijen die ons kunnen helpen de CO2-emissie te verlagen. Om dat te bereiken, willen we duurzame oplossingen zo snel en toegankelijk mogelijk in de markt zetten. Door afspraken te maken met een groothandel als Wasco en diverse fabrikanten, zorgen we ervoor dat de prijzen behapbaar worden, waardoor de markt sneller kiest voor onze duurzame producten en oplossingen in plaats van niet-duurzame alternatieven.”

Wasco en Aircovent intensiveren samenwerking

Vanaf eind januari verhuist Aircovent naar een nieuwe locatie in Rotterdam Noord om samengevoegd te worden met de Wasco-vestiging. Daarnaast ...
Verder Lezen

Met prefab sneller werken zonder schade

In de hectiek op de bouwplaats gaat weleens iets mis. Heel logisch, maar je kunt de doorlooptijd en de faalkosten ...
Verder Lezen

Wasco breidt assortiment ventilatie uit met homecare systemen

Per 1 januari 2021 is het ventilatie-assortiment van BUVA verkrijgbaar via Wasco. Tot nu toe had BUVA een rechtstreeks distributiebeleid ...
Verder Lezen

 Groothandel Wasco klaar met uitbreiding distributiecentrum

Vier jaar na de opening van Wasco’s nieuwe distributiecentrum in Apeldoorn, is nu ook de uitbreiding hiervan gereed. In juni ...
Verder Lezen

WELL-certificaat voor voorwandsysteem

Gepubliceerd op

Het Prevista inbouwreservoir is bekroond met een 4-sterrenlabel voor gebruik in woonomgevingen en een 6-sterrenlabel voor gebruik in openbare omgevingen. Het reservoir onderscheidt zich door een zeer gering waterverbruik en uitstekende hygiëne.

De Europese sanitair-armaturenindustrie heeft onder de paraplu van de VDMA, het onafhankelijke classificeringsysteem WELL ontwikkeld. Er wordt getest of sanitairproducten, zoals armaturen en reservoirs, zoveel mogelijk rekening houden met een laag watergebruik, gecombineerd met een hoog gebruikscomfort onder hygiënische omstandigheden.

Gering waterverbruik
Voor inbouwreservoirs staat het efficiënte watergebruik volgens de WELL-criteria voorop. Hiertoe worden de reservoirs getest op onderhoudsvrije werking bij geringere spoelwaterhoeveelheden. Het Prevista inbouwreservoir van Viega heeft bij een volledige spoeling van de toiletpot conform EN 997 de hoogste waterefficiëntie. Daardoor kreeg het in de categorie ‘Home’ de hoogste score. De maximale score behaalde het Viega inbouwreservoir in dit segment ook omdat de spoeling eenvoudig en zonder gereedschap op kleinere hoeveelheden kan worden ingesteld: van 3,5 tot 7,5 liter volume bij de volledige spoelhoeveelheid en van 2 tot 4 liter bij een deelspoeling.

Maximale score bij hygiëne
Voor de toepassing ‘Public’ bij de WELL-certificering gelden twee aanvullende hygiënecriteria. Zo wordt ook beoordeeld of voor het inbouwreservoir contactloze bedieningsplaten worden geleverd en of een automatische hygiënespoeling bij gebruiksonderbrekingen mogelijk is. De bedieningsplaten uit de series Visign for Style, Visign for More en Visign for Public, worden gecombineerd met het Prevista voorwandsysteem en omvatten contactloze varianten.
Daarnaast wordt optioneel een automatische spoelmogelijkheid bij gebruiksonderbrekingen geboden. Hiermee werd bij de WELL-juryleden het maximale puntenaantal behaald. Bovendien geldt als onafhankelijk bewijs dat het Viega voorwandsysteem zich in openbare omgevingen onderscheidt met een uitstekende hygiëne.

Hoe creëer je een veilige en comfortabele badkamer?

Catherine Keyl heeft het eerste exemplaar in ontvangst genomen van de whitepaper ‘De levensloopbestendige badkamer’. De co-productie van Viega en ...
Verder Lezen

Kunststof buishouders voor voorwandsysteem

Viega Nederland heeft het programma toebehoren voor het Prevista Dry Plus voorwandsysteem uitgebreid met kunststof buishouders. Met de buishouders zijn ...
Verder Lezen

Matzwarte wc-bedieningsplaten

Viega brengt de wc-bedieningsplaten uit het Visign for Style-programma nu ook in matzwarte uitvoering op de markt. Visign for Style ...
Verder Lezen

Aanraakvrije wc-bediening

De wc-bedieningsplaat TECElux Mini en wc-module TECElux heeft een aanraakvrije bediening. Besmetting en overdracht van bacteriën en virussen via de ...
Verder Lezen

Nu ook Breeam-NL speciaal voor woningen

Gepubliceerd op

Ook voor het verduurzamen van bestaande woningen is er nu ook een speciale Breeam-NL beoordelingsrichtlijn beschikbaar. Breeam-NL In-Use Woningen is de lokale variant van het internationale Breeam In-Use Residential, waarmee deze volledig toepasbaar is op de Nederlandse woonvoorraad.

Dankzij de holistische benadering van Breeam-NL wordt er verder gekeken dan alleen naar energiebesparing. Het beperken van het waterverbruik of een gezonde en comfortabele woning en aandacht voor materiaalstromen zijn eveneens belangrijke onderwerpen.

Asset en Beheer
Breeam-NL In-Use Woningen is toepasbaar voor grondgebonden woningen en appartementencomplexen. Het is mogelijk om Deel 1 Asset en Deel 2 Beheer te certificeren. Naast de gebouwcomponenten kan dus ook het beheer van de woningen op duurzaamheid getoetst worden.

Nieuwe categorieën
In de nieuwe beoordelingsrichtlijn zijn twee nieuwe categorieën geïntroduceerd, in de vorm van ‘Materiaalstromen’ en ‘Bestendigheid’. ‘Materiaalstromen’ stimuleert het behoedzaam en verantwoord gebruik van materialen, wat bijdraagt aan de transitie naar een circulaire economie. ‘Bestendigheid’ stimuleert het inzichtelijk maken van risico’s, zoals klimaat-gerelateerde risico’s, maar ook het beheren en minimaliseren van deze risico’s en de daaruit voortvloeiende impact. Hierdoor kunnen woongebouwen ook beter worden bewapend tegen bijvoorbeeld de gevolgen van klimaatverandering (zoals droogte, overstromingen en hittestress).

Integraal aan de slag
Thomas Heye, Senior Projectmanager bij Dutch Green Building Council: "Er ligt een omvangrijke verduurzamingsopgave van 7,5 miljoen bestaande woningen. Breeam-NL In-Use Woningen biedt concrete handvatten om met deze verduurzamingsopgave integraal aan de slag te gaan en tevens het leefklimaat van bewoners te verbeteren."

Webinar
Donderdag 28 januari organiseert DGBC in het kader van de lancering van Breeam-NL In-Use Woningen een introductie-webinar.

Remontabele houten huizen voorzien van vraaggestuurde ventilatie

Gepubliceerd op

Een huis dat comfortabel, gezond, circulair, energieneutraal, onderhoudsarm en levensloopbestendig is? Hiermee ging Bouw•Novum drie jaar geleden aan de slag. Het resultaat: een integrale woonoplossing met onder andere een zonneschoorsteen die voor natuurlijke ventilatie en een veel daglicht zorgt.

Sinds dit voorjaar staan de eerste woningen in Nijverdal. Comfortabel en gezond wonen smelt op een slimme manier samen met energiezuinigheid, circulariteit en levensloopbestendigheid. Enkele highlights: de houten woning is volledig remontabel gebouwd en aan te passen naar de verschillende levensfasen van de bewoners. Duurzaam wonen is onder andere gegarandeerd door zorgvuldig en beperkt grondstoffengebruik (detail: er is bijvoorbeeld gekozen voor kozijnloze beglazing), ontkoppelde bouw (drager en inbouw volledig gescheiden), lokale productie en prefabricage en een volledig gebruik van duurzame en natuurlijke energiebronnen. Bij dit alles staat de bewoner centraal. Zo zorgt het hout voor een prettige woonbeleving en is de zonneschoorsteen een spil in de energiehuishouding, maar speelt deze ook een sleutelrol bij een aangenaam binnenklimaat.

Het kan en moet anders
Gerrit Hospers, Marcel van den Noort, beiden van Bouw•Novum, Marcel Vreeken van Velux Nederland en Keimpe Van der Wal van Duco Ventilation & Sun Control komen net terug van een bezoek aan het project. Hospers: “Het eerste idee voor de woningen ontstond drie jaar geleden. Het is fantastisch dat ze er nu echt staan en van bewoners te horen hoeveel plezier ze eraan beleven. Onze hoge verwachtingen zijn écht uitgekomen!”
De Bouw•Novum 5.4 woning is ontstaan uit de gedachte dat zowel het bouwproces als het eindresultaat anders kan en moet. Van den Noort: “Het traditionele bouwproces is inefficiënt, gefragmenteerd en biedt weinig ruimte voor integrale innovaties. Daarbij wordt de bewoner bovendien vaak uit het oog verloren. Zo doen we er als sector bijvoorbeeld alles aan om woningen nul-op-de-meter te maken. Daar gaat een behoorlijk deel van het budget van de woning heen, maar het gaat ten koste van ruimte en comfort en andere aspecten van gezond wonen. Zeker binnen sociale woningbouw ligt dit gevaar op de loer, en dit terwijl we de komende jaren veel grondgebonden woningen in een rij moeten gaan vervangen. Dat moest dus anders, we wilden integrale kwaliteit bieden.”

Met kennispartners op zoek naar oplossingen
De uitdaging was om op een beukmaat van 5.40 meter alle maatschappelijke vraagstukken die er spelen integraal op te pakken. Met de bewoner centraal en met een prijs die bij sociale woningbouw past. Hospers: “We zijn simpelweg begonnen door op te schrijven wat er maatschappelijk allemaal speelt en daar passende antwoorden op te vinden. Je gaat dan kijken wat er beschikbaar is in de markt en verschillende kennispartijen bij elkaar brengen om gezamenlijk tot oplossingen te komen. Zo kwam ook Velux in beeld. De zonneschoorsteen voor extra daglicht en natuurlijke ventilatie zat al vroeg in het ontwerp. Dan heb je een lichtstraat nodig die open kan en voor natuurlijke trek kan zorgen. En voor dagen waarop natuurlijk ventileren minder comfortabel is, neemt het zon- en CO2-gestuurde ventilatiesysteem (natuurlijke toevoer en mechanische afvoer) van Duco het over.”

Slimme vraagsturing
“Vraaggestuurde systemen leveren een fikse energiebesparing op ten opzichte van continu draaiende ventilatiesystemen”, verduidelijkt Van der Wal. Door gebruik te maken van natuurlijke luchtstromen kan er nóg meer bespaard worden op energie. De DucoBox Focus met zonesturing vormt het kloppend hart van het systeem. Deze ventilatiebox met interne regelkleppen onderscheidt zich van een traditionele ventilatiebox door regeling op de luchtafvoer per ruimte. Zonaal ventileren leidt tot kleinere ventilatiehoeveelheden en dus minder ‘ventilatieverliezen’. Het verwarmingsgebruik wordt zo tot een minimum herleid. Het resultaat? Een optimaal thermisch comfort in alle leefruimtes. Elektronisch gestuurde toevoerroosters TronicMiniMax voorzien de droge ruimtes van verse buitenlucht.”

BENG-proof met natuurlijke oplossingen
Keimpe Van der Wal legt uit waarom het project hem zo inspireert. “Er worden in deze woningen fantastische stappen gezet op het gebied van energiezuinigheid, maar het wooncomfort en de gezondheid van bewoners staan centraal. Binnenklimaat, comfort en energie zijn echt in balans. De woning voldoet aan de BENG-eisen door met een verantwoorde balans gebruik te maken van integrale technologische oplossingen, zonder de aarde uit te putten. De toepassing van hout, de unieke natuurlijke energiebesparende ventilatie en het benutten van wat de natuur ons te bieden heeft.”

Zomernachtkoeling zorgt voor comfort
De eerdergenoemde zonneschoorsteen speelt een belangrijke rol in het energiezuinige concept. Deze zorgt ervoor dat de woning op een duurzame manier wordt geventileerd, verwarmd, maar ook gekoeld. Natuurlijke koeling wordt door de hoge isolatiegraad van woningen, de verstedelijking en de klimaatverandering steeds belangrijker. Niet voor niets is aan de BENG-eisen de TOjuli-indicator toegevoegd die grenzen stelt aan de temperatuuroverschrijding in nieuwe woningen.
Van den Noort: “De zonneschoorsteen wordt gebruikt voor zomernachtkoeling, in combinatie met DucoGrille Solid roosters (++ M 30Z) voor draai/kiepramen. Na een warme zomerdag kan de hele woning eenvoudig en energiezuinig worden gekoeld door thermische trek.” Hospers vult aan: “Hittestress komt steeds vaker voor, mensen krijgen hun woning gewoon niet meer koel, terwijl ze er wel behoefte aan hebben. Wij bouwen met lichte massa, dat zorgt ervoor dat de warmte niet in het gebouw blijft zitten. In combinatie met de zomernachtventilatie zorgt het ervoor dat je deze woning wel op een energiezuinige manier koel kunt houden.”

Meebewegen met een gezin
In de Bouw•Novum 5.4 woning zullen mensen met plezier wonen. En ook blijven wonen, want door het slimme concept zijn de woningen zeer levensloopbestendig. Van den Noort: “De woning kan meegroeien met de levensfasen van een gezin. Als er behoefte ontstaat aan meer ruimte, kan de basiswoning worden uitgebreid met een opbouw en aanvullende installaties. Het dak, dakbedekking en de lichtstraat van de basiswoning verhuizen mee. Deze opbouw komt van een woning waarbij de bewoners die ruimte juist niet meer nodig hebben omdat kinderen bijvoorbeeld uit huis gaan. Zo voorkom je ook grondstofverspilling.”
Hospers vult aan: “Door de toevoeging van een schuifdeur, een wand en het draaien van de keuken, kunnen we bovendien eenvoudig een slaapkamer en badkamer realiseren op de begane grond. Dat maakt de woningen erg levensloopbestendig. De woningen zijn nu al smart, onder andere omdat je het licht met je stem of telefoon kunt aansturen. Dit vullen we uiteindelijk ook aan met domotica-oplossingen die mensen kunnen helpen om langer in de woning te blijven wonen.”

Duurzaam en betaalbaar
Onze maatschappij vraagt heel nadrukkelijk naar duurzame woningen, alleen is duurzaam ook vaak duurder dan traditionele woningen. Hospers: “Bewoners zijn bereid om extra te betalen voor milieubesparende en energiezuinige woningen, maar het moet wel betaalbaar blijven. Vanzelfsprekend hebben we daar over nagedacht tijdens de ontwikkeling. Seriematige fabrieksproductie, collectief inkopen van woningaantallen, rekenen met restwaarde en lage exploitatiekosten zijn de sleutels om de woningen betaalbaar te maken en te houden. Tel daar de in- en uitbreidbaarheid en levensloopbestendigheid bij op, dan hoeven wij niet uit te leggen dat dit enorm bijdraagt aan de betaalbaarheid.”

Ambitie waargemaakt
De woning kent bijna te veel ingenieuze oplossingen om op te noemen, die elkaar op een slimme manier aanvullen. Van den Noort: “Je hebt het over productontwikkeling, waarbij allemaal deeloplossingen voor de uiteindelijke kwaliteit en het woongenot zorgen. Hospers: “Het was een lange reis. Uiteraard ontwikkelen we dit nog verder door, maar die betaalbare duurzame gezonde woning is geen ambitie meer. Ze staan er gewoon en worden met veel plezier en comfort bewoond.”

Rol van ventilatie onderschat

De Nederlandse overheid stelt 360 miljoen euro beschikbaar om schoolbesturen en gemeenten te helpen bij het aanpassen van de ventilatiesystemen ...
Verder Lezen

Wasco breidt assortiment ventilatie uit met homecare systemen

Per 1 januari 2021 is het ventilatie-assortiment van BUVA verkrijgbaar via Wasco. Tot nu toe had BUVA een rechtstreeks distributiebeleid ...
Verder Lezen

Nieuwe tool berekent invloed ventilatie op besmettingskans via aerosolen

Voor de derde maal heeft het Masterplan Ventilatie een gratis tool ontwikkeld die professionals helpt de ventilatie in gebouwen te ...
Verder Lezen

Compact ventilatietoestel voor appartementen en vervangingsmarkt

De Flair-range van Brink Climate Systems is met de introductie van de Flair 200 verder uitgebreid. Volgens de Nederlandse fabrikant ...
Verder Lezen

Een boom voor iedere LBK

Gepubliceerd op

OC Verhulst is een platina partnership aangegaan met Viridi Air en garandeert daarmee dat voor iedere verkochte luchtbehandelingskast in Nederland een boom zal worden gepland. Het partnership geeft tevens het recht op het gebruik van het Schone Lucht Kwaliteitsbeeldmerk.

OC Verhulst is producent en ontwikkelaar van luchtbehandelingskasten. Met het partnerschap wordt een langdurige samenwerking aangegaan om de lucht in Nederland verder te verbeteren, zowel in de gebouwen als daarbuiten. De afnemers van OC Verhulst zullen per LBK een certificaat ontvangen met daarin een verwijzing naar de betreffende boom die geplant is.

Groene filters
Door het planten van groene filters (zogenaamde groene stroken bestaand uit speciale bomen) in Nederland via Viridi Air, wil OC Verhulst een extra bijdrage leveren aan een betere toekomst voor volgende generaties. Naar verwachting zal komend jaar een extra filtering van 8.800 kg CO2, 600 kg (ultra)fijnstof, 200 kg ozon en 80 kg stikstofdioxide gerealiseerd worden. De daadwerkelijk waarden, zullen gecommuniceerd worden via de website en sociale kanalen van OC Verhulst.

Ketelfabrikant plant 15 bomen voor elke hr-ketel

Nefit Bosch introduceert een CO2-compensatieprogramma voor zijn gasketels. Consumenten die dit najaar een hr-ketel aanschaffen of huren, kunnen de CO2-uitstoot ...
Verder Lezen

Grohe realiseert CO2-neutrale productie

Fabrikant van badkameroplossingen en keukenkranen Grohe heeft een CO2-neutrale productie gerealiseerd. Thomas Fuhr, CEO van Grohe AG. "We mikken nu ...
Verder Lezen

Feenstra wil installateurs op elektrische bakfiets naar klant sturen

In 2018 nam Feenstra voor haar activiteiten in Amsterdam de eerste elektrische bussen in gebruik. Ook werd de ambitie uitgesproken ...
Verder Lezen

Remeha verstevigt positie in duurzame markt

Gepubliceerd op

Remeha heeft het personeel en een deel van de werkzaamheden van Entras overgenomen. Entras initieert, begeleidt en realiseert verduurzamingstrajecten in de vastgoedsector. In die rol was het bedrijf partner van Remeha binnen het verduurzaminginitiatief Klimaat@home.
De samenvoeging met Entras zorgt voor een intensievere klantondersteuning aan de opdrachtgevers die voor het verduurzamingsconcept Klimaat@home kiezen, laat Remeha weten. Binnen dat concept focussen de partijen zich vooral op het aanbieden en integreren van klimaatsystemen die voor verduurzaming van woningen en utiliteitsgebouwen zorgen.

Samenvoeging sterktes
Entras-eigenaar Jos Bakker vervult na de samenvoeging de functie van commercieel directeur binnen het samenwerkingslabel Klimaat@home. Arthur van Schayk, algemeen directeur van Remeha, blijft actief als algemeen directeur van Klimaat@home. “We zochten naar kansen om onze positie te verstevigen in de markt”, vertelt Van Schayk. “Vanwege de strategische positie van Entras en de kennis die zij hebben over verduurzaming kozen we voor een overname van deze specifieke activiteiten.” Bakker vult aan: “Zelf liepen we tegen ons plafond aan. Met de overdracht naar Remeha hebben wij weer alle mogelijkheden om onze strategische positie uit te bouwen en duurzame groei te realiseren.”

Klimaat@home
Klimaat@home is een samenwerkingslabel voor de nieuwbouw- en renovatiemarkt waarbij de participanten complete, duurzame installatieconcepten adviseren, ontwerpen, realiseren, financieren en beheren. Behalve Remeha (klimaatinstallaties) en Entras (projectontwikkeling en financiering) zijn ook Brink (ventilatie) en Geotherm (zonnepanelen) actief binnen dit verduurzamingsconcept. De doelstelling van Klimaat@home is om via de gerealiseerde klimaatsystemen een actieve bijdrage te leveren aan de beste duurzame m2-prijs van gebouwen met maximale duurzame comfort voor de bewoners.

Stedin start proef met verwarmen van woningen op waterstof

In Uithoorn stroomt vanaf vandaag waterstof door het bestaande aardgasnet. Veertien sloopwoningen zijn gereed gemaakt voor tijdelijke verwarming met waterstof ...
Verder Lezen

Techneco wordt Remeha

Techneco wordt op 1 januari 2021 officieel Remeha. De verwarmingsfabrikant uit Apeldoorn acquireerde bijna twee jaar geleden het bedrijf dat ...
Verder Lezen

Hybride warmtepomp Elga Ace zet nieuwe norm neer

De nieuwe Elga Ace van Remeha is de hybride warmtepomp met de beste prijs/prestatieverhouding in de markt. De zeer compacte ...
Verder Lezen

Publieksprijs VSK voor waterstofketel Remeha

De winnaars van de VSK Awards zijn bekend. De juryprijzen gaan naar de luchtdichtheidstester ATT van Acin Instrumenten, Tigris K5/M5 ...
Verder Lezen

Prefab huis met PVT-panelen als bron voor een warmtepomp

Gepubliceerd op

In het Tilburgse natuurgebied Drijflanen staat een duurzaam prefab huis met PVT-panelen als bron voor een warmtepomp. Het is genomineerd als duurzaamste huis van Nederland. De woning is volledig zelfvoorzienend.

De boshut is een duurzame energiecentrale met een combinatie van gewone PV-zonnepanelen en thermische PVT-panelen op het dak. De PVT-panelen zijn aan de bovenkant een gewoon zonnepaneel die zonlicht omzetten in elektriciteit. De achterkant is een thermische wisselaar. Ze zijn de stille bron voor de water/water-warmtepomp. Samen zorgen ze voor zowel verwarming als warm water.

Harmonieus
Het duurzame huis is van architect Joris Verhoeven. Hij ontwierp zijn compacte, geprefabriceerde houten boshut op zo’n manier dat de woning harmonieus opgaat in de omgeving. De ruwe zwarte gevels vallen nauwelijks op naast de omringende boomstammen en de strategisch geplaatste ramen bieden het hele jaar door uitzichten op het steeds veranderende landschap.

Duurzaam geprefabriceerd
De zwarte houten woning van Joris is duurzaam geprefabriceerd uit houten wanden, gevuld met vlasisolatie. De binnenkant is gemaakt van berkenmultiplex. Het ontwerp, waarbij de ruwbouw ook de afwerking is, levert grote voordelen als het gaat om bouwduur en bouwkosten. Na het storten van de funderingsvloer werd het huis in slechts drie dagen geplaatst.

Gratis webinar over warmtepomp én PVT

Bij woningbouw en het gasloos renoveren van bestaande gebouwen is een warmpomp al snel de eerste keuze. Het komt echter ...
Verder Lezen

Unica installeert regeneratiedak met PVT solar in combinatie met WKO

In Woudenberg realiseert Unica Energy Solutions in opdracht van energie-exploitant Eteck een regeneratiedak met PVT-panelen van Triple Solar. Hiermee wordt ...
Verder Lezen

PVT warmtepomppaneel wint innovatieprijs

Het PVT warmtepomppaneel van Triple Solar heeft de Innovative Energy Solution Award 2018 gewonnen. Dit paneel wekt niet alleen stroom ...
Verder Lezen

PVT warmtepomppaneel genomineerd voor beursprijs

Tijdens de vakbeurs Energie 2018 toont NIBE het PVT warmtepomppaneel van Triple Solar. Dit paneel is toepasbaar als energiebron voor ...
Verder Lezen

Veilig en gezond een duurzame toekomst in

Gepubliceerd op

Een jong bedrijf met een duurzame ambitie. WARP Systems in Nieuwkoop heeft groen bloed. Door de dunste watergedragen vloer-, wand en plafondverwarming en -koeling te ontwikkelen voorziet het bedrijf in een behoefte en speelt het in op de toekomst. Michael Soederhuizen, verantwoordelijk voor de afdelingen Legal en Finance en medeoprichter van het bedrijf, ziet dagelijks nieuwe kansen. Maar hierbij is v26360ken wel een voorwaarde.

Midden in coronatijd nadenken over verduurzaming en de groei van je bedrijf. Het is absoluut mogelijk. Soederhuizen: “We zien gewoon de vraag stijgen en met een enthousiast team weten we in deze bijzondere tijd onze doelstellingen te realiseren. We hebben vanaf het begin ingezet op de ontwikkeling van een eenvoudig systeem dat door zowel de doe-het-zelver als door de professional kan worden geïnstalleerd. We vormen de verbinding, de ADSL zoals wij dat noemen, naar hen. Want onze kernwoorden zijn Actief, Dun, Snel en Licht.”

Snel en dynamisch
Wat betekent WARP eigenlijk? Soederhuizen: “De WARP-technologie is een fictieve technologie uit de televisieserie Star Trek om ruimteschepen met een snelheid groter dan de lichtsnelheid te laten voortbewegen. Het inspireerde ons voor de naam van ons bedrijf. We zijn een jong bedrijf dat mee wil gaan in de uitdagingen die er liggen. Denk aan de renovatiegolf in de woningbouw. Misschien wil men eindelijk verlost zijn van de radiatoren. Of wil men een lagere energierekening of zich voorbereiden op het gasloos wonen. Op termijn wil men de overstap maken naar bijvoorbeeld een warmtepomp of laagtemperatuur-verwarming. Het zijn allemaal mogelijkheden. En wij willen hier flexibel op inspelen. Door te innoveren, produceren, verkopen én te installeren.”

Arboadviseur als partner
Bij de groei van het bedrijf komen ook andere vraagstukken kijken. Soederhuizen: “We moeten kunnen instaan voor het veilig en gezond werken in ons bedrijf. En dat doen we nauwgezet en met alle zorgvuldigheid. Maar soms is het ook goed een expert in te schakelen. En dat hebben we gedaan. Via ArboTechniek konden we een beroep doen op een arboadviseur die ons kosteloos kon helpen. Barry Sikkens was deze persoon voor ons. Een waardevolle partner!” Arboadviseurs zijn beschikbaar in elke regio en kunnen bedrijven helpen met allerlei praktische vragen over bijvoorbeeld werksituaties, het toepassen van de Arbocatalogus en stimuleren van veilig en gezond gedrag.

Duidelijkheid
Soederhuizen had voornamelijk vragen over de RI&E. “Ik wist absoluut dat we hiermee moesten werken, maar verdwaalde een beetje in het instrument. En opeens werd me ook duidelijk wat je eigenlijk allemaal moet weten. Dat klinkt misschien raar, maar als je echt iedereen in staat wil stellen om gezond en veilig te werken, moet je weten waar je het over hebt. Laat ik een voorbeeld nemen. We leggen onder andere plafondverwarmingen en koelingssystemen aan en we namen hiervoor natuurlijk veel voorzorgmaatregelen. Maar met de inzet van de RI&E heb je kaders, lees je wat je echt moet weten en wat de stappen dan zijn. Het was heel waardevol om daar met de arboadviseur doorheen te lopen!”

Door regels kijken
Een ander punt betrof het onderwerp gevaarlijke stoffen. “Met de RI&E ga je eens kijken welke gevaarlijke stoffen je in huis hebt. En eerlijk gezegd: dat waren er meer dan ik aanvankelijk dacht. En natuurlijk was alles veilig, maar de constatering is goed.” Een ander belangrijke meerwaarde van de arboadviseur is de informatie die je van hem of haar kunt ontvangen. “Er zijn zoveel regels. Maar wat is belangrijk? Hoe kan ik het vertalen naar ons bedrijf? Naar onze mensen? Met Barry kon ik deze vertaalslag maken. Door onze gesprekken, door de hulpsites en andere tools die hij mij gaf. Het werd echt meer van ons. En dat is fijn.”

Corona
Met de uitbraak van corona kreeg het thema veilig en gezond werken een andere dimensie. “Barry belde me op in de eerste golf. We spraken samen wat grote lijnen door en daar zijn we direct mee aan de slag gegaan. WARP stelde onmiddelijk mondkapjes ter beschikking, ook voor de bezoekers van de showroom. En natuurlijk werden hygiënemaatregelen getroffen in het kantoor. De installateurs zitten zo min mogelijk in de bus bij elkaar. “En we hebben altijd veel contact met de klant. We bellen vooraf of we langs kunnen komen en of niemand ziek is.”

Voorwaarde voor succes
De meerwaarde van de arboadviseur is helder. “Hij is niet zomaar een partner, maar een kennispartner! En hij brengt een paar handen die je ook werk uit handen nemen. Barry kent de wegen, weet wat er nodig is en heeft kennis van zaken. Ik heb dat zeer gewaardeerd. Praktisch en pragmatisch. Inlevend in het bedrijf en waar wij mee bezig zijn.” En, voegt hij ernstig toe: “Als je succes wilt hebben als bedrijf, dan hoort daar veilig en gezond werken bij.”

Ambitie
Soederhuizen wil corona ook in een breder kader plaatsen. “Corona had impact op veilig en gezond werken. Maar het heeft ook laten zien dat veranderingen snel mogelijk zijn. Binnen een paar maanden konden we onze manier van werken veranderen. Maar ook onze manier van leven. Laat dat een les zijn voor de aanpak van klimaatveranderingen en de energietransitie. We hebben de wendbaarheid om te veranderen, en kunnen dat snel. Laten we dat dan óók doen als het gaat om onze energie! WARP wil hieraan bijdragen met innovatieve, energiezuinige laagtemperatuur verwarming- en koelingssystemen. Want dat is waarom we ooit zijn begonnen. Het anders doen om de wereld samen beter te maken.”

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Aanbieders en eindgebruikers van koeltechniek bundelen krachten

Aanbieders en eindgebruikers van koeltechniek hebben recent de stichting Netwerk Koude- en Klimaattechniek opgericht. De stichting gaat toezien op veiligheid ...
Verder Lezen

Veilig werken aan installaties voor gasverbranding

Om het aantal ongelukken door koolmonoxide terug te dringen, mogen werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties vanaf 2022 alleen nog worden uitgevoerd door ...
Verder Lezen

Corona helpdesk voor veilig werken in techniek geopend

Techniek Nederland en ArboTechniek hebben de Corona Helpdesk Veilig Werken in het leven geroepen. Een team van experts staat klaar ...
Verder Lezen

Veilig werken

We werken veilig of we spreken elkaar erop aan. Het lijkt logisch maar is dat niet altijd. Er zijn altijd ...
Verder Lezen

“Waterstof zal Nederland veroveren”

Gepubliceerd op

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga (foto) van het bedrijf Feenstra is ervan overtuigd dat waterstof ook Nederland zal veroveren. Maar het is een weg die we nog met elkaar moeten verkennen. In Uithoorn werd onlangs een proef gestart met het inzetten van waterstof in bestaande (sloop)woningen. Woningen die eerder op aardgas werden verwarmd. Met positief resultaat. Een nieuwe toekomst voor de installateur?

“Er is gewoon niet één oplossing voor de energietransitie”, vertelt Jan Wijbenga. “Dat is echt een illusie. We moeten met elkaar alle mogelijke opties verkennen en inzetten. We moeten experimenteren en vooruit kijken. En vergis je niet: het gaat sneller dan je denkt! Bij Feenstra willen we vooraan lopen, meedenken en mee ontwikkelen. Maar we zorgen er wel voor dat we bij bewoners thuis oplossingen plaatsen, die bewezen zijn. We experimenteren graag met alle oplossingen die er zijn voor verduurzaming! Maar… in huizen waar mensen wonen moet het product dat we neerzetten gegarandeerd werken.”

Waterstof-project
Woningcorporatie Eigen Haard en netwerkbedrijf Stedin startten een waterstof-project en wilden in Uithoorn onderzoeken hoe waterstof in het bestaande aardgasnet in bestaande woningen kan worden toegepast. Er werd aan een aantal partijen gevraagd mee te doen. Feenstra wilde graag de al eerder opgedane kennis inzetten bij dit project en daarmee ook vergroten. Wijbenga: “Het ging om een aantal sloopwoningen; de perfecte plaats om dit met elkaar te verkennen. Door elke keer zo samen te werken, kunnen we kennis stapelen. Niet alleen binnen het bedrijf, maar ook in de keten.” Bij de overstap van aardgas naar waterstof werden de bestaande gasleidingen en verbindingen onderzocht, zowel in de straat als in de woningen. “Het verwarmen van de woningen gebeurde met speciale waterstof cv-ketels. Die worden inmiddels al door verschillende partijen ontwikkeld (o.a. Remeha en Nefit-Bosch) en juist met projecten als deze verder verbeterd. Waterstof vraagt om nieuwe kennis en vaardigheden van onze monteurs. En ook daarvoor gebruiken we de ervaringen in Uithoorn. Hoe kunnen we opleidingen en opleiders voeden op weg naar een toekomst met meer waterstof?”

Innoveren
Wijbenga: “Natuurlijk moeten we kiezen voor de ‘groene’ waterstof; anders is het dweilen met de kraan open. Het is overigens goed te weten dat er bij de verbranding van waterstof geen CO2-uitstoot is. Geen mogelijkheid tot koolmonoxidevergiftiging dus.” De pilot in Uithoorn maar ook andere projecten in Nederland bewijzen dat het mogelijk is. Wijbenga: “Het zijn de eerste stappen. Maar we moeten blijven innoveren. Innoveren en experimenteren helpt ons om ervoor te zorgen dat wij gereed zijn voor de periode na 2030. Er wordt natuurlijk al veel ondernomen; want anders hadden we ook in Uithoorn geen stappen kunnen zetten. Maar er is meer nodig. Uit het project in Uithoorn komen vragen die we met elkaar moeten beantwoorden. Denk dan bijvoorbeeld aan wet- en regelgeving en de ontwikkeling van veiligheidsprotocollen en de opleidingen.”

Leeds
Is het dan een kwestie van de lange adem? Van de verre toekomst? Integendeel volgens Wijbenga. “Ik merk de interesse en het geloof in de energietransitie. Ik zie opleidingscentra schakelen op die nieuwe toekomst. En in Nederland zien we in de mobiliteit al mooie ontwikkelingen. “We zien steeds meer auto’s op waterstof rijden. Geweldig toch? Maar het is grootser… Dat heeft de stad Leeds in Engeland wel bewezen. Onder de noemer ‘project H21’ moeten hier via het oude aardgasnetwerk miljoenen huishoudens en bedrijven worden voorzien van schoon waterstof. In 2028 willen de initiatiefnemers in het noorden van Engeland van start gaan, om in 2050 te eindigen in Londen. De grootste energietransitie van het Verenigd Koninkrijk. Een project dat al vanaf 2017 loopt.”

Leren
Waterstof vergt andere kennis en skills. Maar het begin is al gemaakt. “Bij de Hanze Hoge School wordt kennis ontwikkeld en gedeeld met de vakmensen van de toekomst. Een docent benaderde me met een waterstof-katern. Mijn Feenstra collega’s van onze regionale opleidingscentra en ik hebben graag meegelezen. Het is een gespreksonderwerp onder monteurs merk ik; zij willen leren.” Wat zijn de aandachtsgebieden? Het gaat om kennis over waterstof , de andere manier van installeren en het ontwikkelen van en werken met nieuwe protocollen. “We hoeven niet op punt nul te beginnen. Dat is het mooie. We kunnen vanuit praktijk en theorie stappen zetten.” Wijbenga is enthousiast en dat zal hij blijven: “We gaan nieuwe wegen in en die ontdekkingstocht geeft spanning, kansen en prachtige vergezichten. Mooi toch! Ik werk er graag aan mee.”

Dit is een verkorte versie van een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ januari. Deze editie zal 26 januari 2021 verschijnen, De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Installaties in circulaire (ver)nieuwbouw

Gepubliceerd op

Is het wel mogelijk om circulaire installaties te ontwerpen? Met die vraag in het achterhoofd wordt nu geëxperimenteerd in een aantal proefprojecten. Johan Riezebos, directeur bij Ter Steege Advies & Innovatie vertelt over de ervaringen in het Enschedese Stroïnkslanden.

“Het is best een uitdaging om al van tevoren te bedenken hoe je afval voorkomt en wat er met de toegepaste producten moet gebeuren aan het einde van hun levensduur. Toch zien we gelukkig steeds meer zien we pilotprojecten ontstaan, waarin wordt geprobeerd om zo circulair mogelijk te bouwen.

Project Enschede
“Eén van die projecten is gerealiseerd in Enschede in de wijk Stroïnkslanden. Het ging om 7 woningen voor woningstichting De Woonplaats. Er stonden 7 eenlaagse woningen die klaar waren voor de sloophamer. Op de bestaande fundering zijn 7 nieuwe woningen opgetrokken met een HSB casco in twee lagen. We zijn in april van start gegaan, deze maand betrekken de eerste bewoners hun nieuwe woning.”

Installateur
“De Woonplaats had het project ingebracht in een masterclass Circulair Bouwen die door Pioneering (innovatief bouwnetwerk in oost-Nederland) was georganiseerd. Een aantal van de deelnemende partijen hebben samen de handschoen opgepakt en zijn gaan ontwerpen en ontdekken. Helaas was er bij de masterclass geen installatiebedrijf aanwezig. Maar via goede contacten werd Loohuis Energie- en Installatieadvies bereid gevonden om mee te denken.”

Casco
“Uitgangspunt van het ontwerp was om zoveel mogelijk van het bestaande woonblok te hergebruiken. De deelnemers wilden het bestaande casco dus liever niet slopen, maar laten staan en opnieuw gebruiken. Dan zou de door de opdrachtgever gewenste uitbreiding van het gebruiksoppervlak gerealiseerd kunnen worden in een optopping. Helaas bleek dat onmogelijk. Door onvoldoende gegevens over de ondergrond kon de constructeur geen groen licht geven voor een optopping van het bestaande casco.”

Losmaakbaar monteren
“Bovendien moesten er te veel materialen worden toegevoegd om te voldoen aan de huidige geluids- en brandwerendheidseisen (Bouwbesluit 2012). De begane grondvloer is wel intact gebleven. Deze heeft nu een extra isolatielaag, die bestaat uit dakisolatieplaten van de vorige woningen. De opbouw van de woningen bestaat uit HSB-elementen die losmaakbaar zijn gemonteerd. Om de elementen ook echt losmaakbaar te houden, zijn de elektraleidingen niet in de cascowanden geplaatst, maar in de scheidingswanden. Zo zijn de HSB-elementen ook later gewoon weer te gebruiken in een ander project.”

Houtwerk
“De houten kozijnen waren eigenlijk bestemd voor een ander project, maar bleken de verkeerde maatvoering te hebben. Ze stonden bij de timmerfabriek in de opslagruimte, waar wij ze konden ophalen. Bij de maatvoering van de wanden is rekening gehouden met de afmetingen van die kozijnen. Ook de gevelbekleding is bijzonder. Er was onvoldoende kwalitatief goed circulair hout beschikbaar om toe te passen, dus is gekozen voor Trespa-platen die van de sloop waren teruggekomen. De architect bedacht een patroon dat gemaakt kon worden van de bestaande platen met zo weinig mogelijk zaagverlies.”

Speciaal glas
“Ook vermeldenswaard is een idee dat de schilder inbracht. Hij stelde voor om vacuümglas te gebruiken. Dat is dubbelglas met een hele dunne vacuümgetrokken spouw. Qua isolatiewaarde scoort het hetzelfde als HR+++ beglazing.”

Installatietechniek
“Over de installaties die zijn toegepast is ook goed nagedacht. Er is gekozen voor warmtepompen van Ecoforest. Het gaat om thermodynamische warmtepompen met een modulaire opbouw en een modulerend vermogen van 1-9 kW. De modulaire opbouw met componenten van a-kwaliteit draagt bij aan de verlenging van de levensduur, omdat de componenten ook over tien jaar één op één uitwisselbaar zijn. Daarnaast gebruikt de warmtepomp slechts een beperkte hoeveelheid koudemiddel.”

Budgettering
“Verder denken ze bij Ecoforest ook goed na over de verpakking. De producten worden geleverd in een houten verpakking op een pallet, dus zonder het bekende piepschuim. Als je denkt aan duurzaamheid en circulariteit moeten dat soort aspecten zeker niet vergeten worden. Vanwege budgettaire overwegingen zijn bij een aantal woningen overigens andere lucht-water warmtepompen van NIBE toegepast.”

Afgiftesysteem
“Convectoren nemen de afgifte van warmte voor hun rekening. Ook dat is een bewuste keuze geweest, omdat ze eenvoudig zijn de demonteren. Vanwege dezelfde reden zijn alle cv-leidingen als opbouw uitgevoerd.”

Ventilatie
“De ventilatieleidingen zijn goed bereikbaar en niet ‘ingestort’ in de constructie. Ze maken onderdeel uit van een gebalanceerd ventilatiesysteem. Op dit moment zijn al verschillende fabrikanten aan het onderzoeken, hoe ze hun systemen meer circulair kunnen maken. Denk bijvoorbeeld aan gerefurbishde ventilatieboxen. Deze zijn op dit moment echter nog niet beschikbaar.”

Riolering en sanitair
“Het sanitair is afkomstig uit verschillende showrooms. Voor zover mogelijk zijn bestaande rioolleidingen hergebruikt. De hulpstukken zijn voor de zekerheid allemaal vervangen.”

Kosten
“Zo zijn er diverse voorbeelden te geven van mogelijkheden om afval te voorkomen en waarde toe te voegen aan een project door producten losmaakbaar te maken, na te denken over zo weinig mogelijk onderhoud en bestaande producten te hergebruiken. En hoewel circulair bouwen nu nog wel wat duurder is dan traditioneel bouwen, kan er al veel. De echte omslag zal pas komen waarschijnlijk als er een CO2-beprijzing op producten komt. Daarnaast zal het zeker helpen als de BTW over hergebruikte producten achterwege kan blijven. Die is toch al een keer betaald?”

Samenwerken
“Tot slot: Circulair bouwen vereist een andere manier van denken. Om maar een voorbeeld te geven: vroeger werd een kromme spijker recht geslagen. Tegenwoordig is alles erop gericht om zo snel mogelijk de werkzaamheden af te ronden. Daardoor is er te weinig ruimte voor hergebruik van materialen. Hier is echt een omslag in het denken nodig.” 

Uitgelicht: Lessons Learnt
“Het is belangrijk dat de opdrachtgever voldoende ruimte laat in de uitvraag. Je kunt circulariteit lastig vangen in een dichtgetimmerd bestek. Een van de redenen hiervoor is dat de regelgeving nog niet aangepast is aan een circulaire economie. Gebruikte materialen zijn vaak lastig in te passen in de bestaande eisen en regelgeving. Daarnaast zijn er voor gebruikte materialen nog geen gelijkwaardigheidsverklaringen. De eerste circulaire projecten die nu worden gerealiseerd tonen aan dat er in de hele keten nog veel moet gebeuren om ons voor te bereiden op een circulaire economie.”

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Circulaire installaties

Het komende decennium gaan we als branche over op circulaire gebouwinstallaties, daar is geen twijfel over mogelijk, volgens Merosch. Het ...
Verder Lezen

Dak vol zonnecollectoren verwarmt circulaire wijk

In de nieuwe circulaire wijk Buiksloterham heeft Westpoort Warmte het grootste zonnedak van Amsterdam gerealiseerd. Met de 1.680 collectoren levert ...
Verder Lezen

Strategie om circulaire installaties te ontwerpen ondergaat praktijktoets

Vanuit de markt is er veel aandacht voor circulaire bouwmaterialen, maar over circulaire gebouwinstallaties is nog weinig bekend. Dit ondanks ...
Verder Lezen

Circulaire dakbedekking op nieuwbouw

Voor het eerst is in een nieuwbouwproject circulaire dakbedekking toegepast. Dit gebeurde op de British School in The Netherlands in ...
Verder Lezen

Overgangsregeling voor vakbekwame EP-adviseurs

Gepubliceerd op

In aanloop naar de inwerkingtreding van bepalingsmethode NTA 8800, op 1 januari aanstaande, is duidelijk geworden dat een deel van de EP-adviseurs het bewijs van vakbekwaamheid niet tijdig zal halen. Dat komt onder andere door de huidige coronamaatregelen, discussies in de politiek en de kwaliteit van de examens. Hierdoor zouden de EP-adviseurs hun werk na 1 januari 2021 niet kunnen uitvoeren. Om de EP-adviesmarkt al op korte termijn zo sterk mogelijk te maken, is een overgangsregeling in het leven geroepen. Tot 1 juli 2021 geldt dat personen die nog in het traject zitten om vakbekwaam EP-adviseur te worden in bepaalde situaties toch een opname mogen doen als zij aantoonbaar vakbekwaam zijn.

Door de overgangsregeling kunnen ongeveer 150 extra adviseurs per 1 januari aan het werk. Daarnaast biedt de overgangsregeling perspectief aan adviseurs om sneller hun werkzaamheden op te kunnen pakken door de vereiste examenmodules te behalen.

Overgangsregeling
Aanstaande EP-adviseurs moeten op het moment van de opname aantoonbaar in staat zijn, volgens de voorschriften van BRL 9500, een opname te maken van de bouwkundige schil en de installaties van gebouwen. Zij moeten alle benodigde examenmodules voor het van toepassing zijnde deelgebied basis- of detailniveau hebben behaald, met uitzondering van de software modules (W4b, W4d, U4b, U4d). Het is essentieel dat de registratie van de energieprestatie wél gebeurt door een volledig vakbekwaam adviseur conform de BRL 9500-U of BRL 9500-W. De overgangsregeling geldt nadrukkelijk tot 1 juli 2021.

BENG, een update

Op 1 januari 2021 gaat het nieuwe ‘Stelsel Energieprestatie Gebouwen’ van start, met nieuwe eisen aan gebouwen en nieuwe rekenmethoden ...
Verder Lezen

All-Electric: meer dan warmtepomp én vloerverwarming

Het lijkt erop dat de introductie van de NTA 8800 (BENG) leidt tot een blikvernauwing op het gebied van warmteafgiftesystemen ...
Verder Lezen

Onderdelen Stelsel Energieprestatie gebouwen geactualiseerd

Per 1 januari 2021 treedt het nieuwe Stelsel EPG in werking waarmee de energieprestatie van gebouwen wordt bepaald en de ...
Verder Lezen

Definitieve versie NTA 8800 ‘Energieprestatie van Gebouwen’ vrijgegeven

De definitieve versie van NTA 8800 ‘Energieprestatie van Gebouwen’ is gepubliceerd. Deze versie wordt vanaf 2020 aangewezen door de overheid ...
Verder Lezen

Anders verduurzamen

Gepubliceerd op

We moeten zo snel mogelijk en op grote schaal de CO2-uitstoot omlaag krijgen. Daarbij draait het vooral om de pieken in het gas-, de warmte- en het elektriciteitsgebruik. Vervolgens kunnen we dan de basislast aanpakken, betoogt Ronald Rovers. Volgens de bouwfysicus en Fellow van de Faculteit Bouwkunde aan de TU/E is het tijd voor een totaal andere benadering, waarbij een hoofdrol is weggelegd voor de installatiebranche.

“Traditioneel zijn installaties vaak uitgelegd op het invullen van de piekvraag. Dan zat je altijd goed. Dat was met fossiele, altijd beschikbare brandstof geen probleem. Maar met de huidige energietransitie kunnen we niet meer op deze weg doorgaan. De ironie is namelijk dat juist tijdens piekperiodes het aanbod aan duurzame energie het meest beperkt is. Daarom zijn we eigenlijk wel gedwongen om te zoeken naar een nieuwe en veel lagere balans tussen vraag en aanbod.”

Geen tijd meer
“En dat moet snel gebeuren. We hebben geen jaren de tijd meer om te wachten tot allerlei ideeën en onderzoeken tot prachtige nieuwe innovaties leiden. Maar, als we de curve alvast af kunnen buigen, dan winnen we wel wat tijd. Eigenlijk zouden we dit zo spoedig mogelijk moeten oppakken en op een manier die flexibel is, dat wil zeggen vervolgstappen niet in de weg zit.”

Rol installateur
“En daarbij komt de installateur om de hoek kijken. Een effectieve manier die snel resultaat oplevert, is om niet een complete renovatie uit te voeren, maar om een kleine warmtepomp naast de gasketel te hangen en die in hybride vorm samen te laten werken. Onderzoeken laten zien dat dat al tot 40% reductie kan leiden in het gasgebruik, vooral in het voor- en naseizoen. De gasvraag is daarmee significant kleiner, Groningen wordt ontlast en we zijn minder afhankelijk van Russisch gas. De gasketel springt dan namelijk alleen bij als het kwik fors daalt. Overigens zal dat met de stijgende temperaturen en warmere winters ook steeds minder vaak voorkomen. Als we er niet in slagen de klimaatverandering echt af te wenden, wordt die gasketel op termijn zelfs vanzelf overbodig.”

Elektriciteitsvraagstuk
“Natuurlijk leidt een elektrische warmtepomp tot een grotere elektriciteitsvraag. Daarom moeten we bij de installatie van een warmtepomp het dak ook direct volleggen met pv-panelen. Zo zet je forse stappen, want zowel de gasvraag als de CO2-uitstoot wordt gereduceerd en het aandeel hernieuwbare energie gaat omhoog. Deze eerste, eenvoudige fase in de energietransitie, kan snel worden uitgevoerd. Er hoeft niet aan de woning zelf te worden gesleuteld en de kosten zijn te overzien. Als we deze eerste fase binnen een paar jaar realiseren, boeken we al enorme vooruitgang.”

Lange adem
“Uiteindelijk willen we helemaal af van fossiele brandstoffen. Daarvoor moeten we sowieso de pieken in de warmtevraag tijdens de wintermaanden omlaag krijgen en de woning zelf aanpakken. Bijvoorbeeld door de woning te renoveren, de gevels en daken zwaar te isoleren en een lt-afgiftesysteem te installeren. Maar zelfs al zouden we erin slagen ieder jaar 100.000 woningen onder handen te nemen, dan zouden we nog 70 jaar bezig zijn. Tegen die tijd is een mogelijk gevaarlijke klimaatverandering, we praten dan over een temperatuurstijging van meer dan 3 graden, al onvermijdelijk. Met alle gevolgen van dien. Mocht er toch voor deze aanpak worden gekozen dan is stap 1 geen zinloze exercitie geweest. Op termijn zullen de installaties immers ook aan vervanging toe zijn en alles wat je in de tussentijd hebt bespaard aan energiegebruik is mooi meegenomen.”

Addertje
“Toch zit er een addertje onder het gras. Zowel het ‘verduurzamen’ van de woning als het optuigen van het resterende hernieuwbare energienetwerk vragen om enorm veel materialen, waarvan de productie voorlopig nog met veel CO2-emissies gepaard gaat. Zoveel zelfs, dat, als we alles bij elkaar optellen voor de hele woningvoorraad, het weer meer is dan we ons kunnen permitteren. We moeten dus ook een piekvraag in materialen vermijden.”

Nieuwe aanpak
“En dat brengt me bij de volgende stap: We moeten van het idee af dat we de hele woning moeten verduurzamen. Dat het huis 24 uur per dag op 21 graden gehouden moet worden. Als we de hele woning inpakken, doen we net alsof het 365 dagen per jaar vriest. Vandaar dat ik pleit voor een andere oplossing: het omturnen van bestaande woningen tot, wat ik, ‘zomer-winterwoningen’ noem. In de winter als het echt koud is, trekken we ons terug in de kern van de woning, zeg de eethoek en de keuken, en zorgen we dat we een paar weken alleen dat deel comfortabel houden. Precies de weken waarin de warmtepomp het net niet meer aankan en de gasketel bij zou moeten springen.”

Zonering
“Op deze wijze hoeven we niet hele woningen te isoleren en van een nieuw verwarmingssysteem te voorzien. Je pakt alleen een kleine kern aan, isoleert dat gedeelte en installeert een passend verwarmingssysteem. Vergelijk het met wat oudere huizen, waar nog schuifdeuren en lokale kachels in zaten. Die schuifdeuren doen we dicht. Alles bij elkaar scheelt dat een enorme hoeveelheid werk, materialen en energie. Bovendien brengt deze oplossing een lagere netbelasting met zich mee en volstaat al een lagere capaciteit van centrale systemen, zoals het elektriciteits- of warmtenet. Tot slot wordt het zo ook eenvoudiger om een balans te vinden tussen zomer- en winterbelasting van het net.”

Creativiteit
“Overigens vraagt zo’n kern-oplossing wel om de nodige creativiteit, ook van installateurs en aanpalende disciplines. Zelf ben ik op zoek gegaan naar een moderne schuifdeur, maar merkte al snel dat de keuze beperkt is. Of het wordt een vaste deur, die een barrière vormt voor de rest van het jaar, of het zijn enkelglas schuifdeuren, veelal hangend met spleten. Een mooie oplossing van dubbelglas, die in de zomer uit zicht verdwijnt, is er (nog) niet. Ook in het schakelen met twee temperatuurzones valt nog wat te ontdekken. De rest van het huis moet immers wel vorstvrij blijven, eventueel bijvoorbeeld met een infrarood paneel op de badkamer. Maar, terwijl we die eerste stap uitvoeren, waarbij woningen worden voorzien van hybride warmtepompen en zonnepanelen, ontwikkelen we de zomer-winter woning gewoon verder. Bij beide stappen speelt de installateur een belangrijke rol. Hij zou ze bijvoorbeeld als deel- of totaalpakket kunnen aanbieden.”

Integraal ontwerpen
“Waar het op neerkomt, is dat we de woningbouw en utiliteit niet kunnen blijven benaderen zoals we dat altijd gedaan hebben. We moeten in het licht van de energietransitie waarin we ons nu bevinden, de gebouwde omgeving opnieuw uitvinden. We hebben niet alleen voor de bestaande bouw een creatieve, snelle en effectieve aanpak nodig, maar ook in de nieuwbouw. Bouwfysici, installatieadviseurs, installateurs, bouwkundige aannemers en architecten zullen gezamenlijk met elkaar moeten optrekken, om zowel het energiegebruik als de materiaalbelasting drastisch omlaag te brengen, gas uit te faseren, en de CO2-uitstoot op 0 te krijgen. Hier ligt overigens ook een taak voor de vakopleidingen om mensen klaar te stomen.”

CO2-lockdown
“In Oostenrijk heeft men al een aantal gebouwen zodanig weten te ontwerpen, dat ze op basis van de interne warmtelast en zonnewarmte geheel zonder verwarmingsinstallaties kunnen functioneren. Of dat de ultieme oplossing is, zal de tijd moeten leren, maar het geeft aan dat we op een heel diep, fundamenteel niveau anders naar de gebouwde omgeving moeten leren kijken. Te beginnen bij de bestaande bouw: de curve moet snel omlaag. Net zoals we nu de verspreiding van het coronavirus willen elimineren, moeten we dat ook met CO2-emissies doen. Om nog grotere rampen, of zelfs een CO2-lockdown te voorkomen.”

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Opschalen: van BENG naar BELG

Het idee voor ChargeFreeHome ontstond bij grondlegger Henk van Houten toen hij zag wat een BENG-woning inhoudt en dat vergeleek ...
Verder Lezen

Van veldverwarming tot airco op hotelboot

Installatietechniek is vaak maatwerk. Bijna geen project is hetzelfde. Een goed voorbeeld hiervan zijn de installatieprojecten in dit artikel. Stuk ...
Verder Lezen

De toekomst van de warmtepomp

Opleidingscentrum GO0 organiseerde in samenwerking met brancheorganisatie NVKL onlangs een online variant van de Dag van de Warmtepomp. In twee ...
Verder Lezen

Bedrijven die gebouwen verduurzamen herstellen goed van coronacrisis

Gepubliceerd op

Ondernemers die huizen verduurzamen, hebben zich in november goed hersteld van de coronacrisis. Zo is de omzet van twee op drie bedrijven die actief zijn in de duurzame energiesector gelijk of zelfs hoger dan begin dit jaar werd verwacht, constateert de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) in een inventarisatie van de effecten van de coronacrisis op deze bedrijven. Deze stijging is onder meer het gevolg van een groeiende groep huizenbezitters die bereid is in het eigen huis te investeren. Dit komt ook naar voren in een aanvullende analyse van ABN AMRO. Hieruit blijkt dat huiseigenaren tijdens de tweede golf veel positiever zijn over hun financiële vooruitzichten dan aan het begin van de crisis. Hierdoor is de bereidheid om de woning te verduurzamen gegroeid van 11 naar 18 procent.

De NVDE verrichte het onderzoek in de periode tussen de tweede golf die in november begon en vóór de lockdown die sinds 15 december van kracht is. Uit haar onderzoek blijkt dat vooral bedrijven die zich focussen op verduurzaming van de gebouwde omgeving tot nu toe relatief ongeschonden uit de crisis zijn gekomen. Vlak na het uitbreken van de crisis overheerste echter een negatief sentiment en rekende toen slechts 16 procent op een gelijkblijvende of hogere omzet. Een half jaar later geldt dit voor maar liefst 66 procent. Ook is het aantal bedrijven dat een daling van minstens 20 procent verwachtte sterk gedaald. In maart ging bijna de helft van de bedrijven hiervan uit, terwijl dit in november nog maar voor iets meer dan één op de tien bedrijven gold.

Positiever financiële situatie
Dat de omzetontwikkeling van duurzame energiebedrijven zich positiever ontwikkelt dan verwacht, heeft deels te maken met de financiële situatie van huizenbezitters. Zij schatten hun financiële situatie ten tijde van de tweede golf namelijk veel positiever in dan tijdens de eerste golf, zo blijkt uit enquêtes van ABN AMRO. Terwijl in april slechts 17 procent verwachtte dat hun financiële situatie zou verbeteren, gold dit in november voor ruim één op de vijf huizenbezitters. Hierdoor is de bereidheid om meer uit te geven aan de verduurzaming van de woning gegroeid van 11 naar 18 procent. Bij woningeigenaren van wie de financiële positie tijdens de crisis juist is verbeterd, is zelfs ruim een kwart bereid in de verduurzaming van hun woning te investeren.

Sterke financiële buffers
“De bereidheid om te investeren in de eigen woning kan niet los worden gezien van het feit dat we sinds de coronacrisis veel meer tijd in en om het eigen huis doorbrengen. De verbetering van de financiële situatie wordt niet zo zeer veroorzaakt door een inkomensstijging, maar door lagere uitgaven aan bijvoorbeeld vervoer, vakantie en de horeca”, zegt Arnold Mulder, Sector Banker Energie van ABN AMRO. “Dat sterke financiële buffers belangrijk zijn voor verduurzaming van de eigen woning blijkt ook uit eerder onderzoek van de bank in september 2019. Toen gaf ruim driekwart van de Nederlandse huizenbezitters aan niet extra te willen lenen voor verduurzaming van de eigen woning, terwijl 80 procent wel bereid is om hiervoor spaargeld te gebruiken.”

Nieuw op te starten projecten
Ondanks deze positieve signalen wijst de NVDE erop dat het stilvallen van nieuw op te starten projecten een bron van zorg blijft, net als het personeelstekort. Veel ondernemers pleiten er daarom voor dat steunmaatregelen óók worden ingezet om de weg vrij te maken naar een meer duurzame economie en de crisis wordt benut om hierbij vooruitgang te boeken. “Het is cruciaal dat de overheidssteun ook en misschien wel juist wordt gericht op de verduurzaming van onze economie. De huizenmarkt is hiervan een belangrijk onderdeel”, benadrukt Olof van der Gaag, directeur van de NVDE. “Het belangrijkste knelpunt op dit moment is het stilvallen van nieuw op te starten projecten. Door de lockdown is naast het Groeifonds daarom óók financiële steun op korte termijn weer actueel. Wij pleiten er voor dat dit zo veel mogelijk wordt benut om de werkgelegenheid en omzet te bevorderen in de duurzame energiesector.”

Veiliger verduurzamen van appartementen

Steeds meer appartementseigenaren en VvE’s overwegen om zonnepanelen met een eigen opslagbatterij te plaatsen. Er is echter nog geen passende ...
Verder Lezen

‘Lening voor verduurzamen huis is hard nodig’

Het kabinet liet onlangs weten een plan uit het Klimaatakkoord te schrappen, dat een speciale lening mogelijk moet maken voor ...
Verder Lezen

‘Verduurzamen woning voor vrijwel niemand rendabel’

Zonder aanvullend beleid zal de bijdrage van huiseigenaren aan het halen van het Klimaatakkoord fors minder zijn dan waar de ...
Verder Lezen

Honderden miljoenen voor verduurzamen woningen en gebouwen

 Minister Wiebes trekt honderden miljoenen euro uit voor het verduurzamen van woningen en gebouwen. Daarmee wil hij de vaart houden ...
Verder Lezen

Cascade zónder ketelpompen in woonzorgcomplex

Gepubliceerd op

Voor bewoners en medewerkers van Woonzorgcentrum De Horst in Eindhoven is betrouwbaar warmtecomfort een belangrijk aspect van de 24-uurs zorg. De 169 appartementen en 14 zorgwoningen van het complex zijn onlangs voorzien van vier ketels van elk 250 kW in een cascade-opstelling. Wat opvalt is dat het systeem werkt zónder ketelpompen, waardoor het energiegebruik tot 25% omlaag kan.

Het cascadesysteem van staande HR-ketels draait zónder ketelpompen en open verdeler. Er is dus geen scheiding tussen de ketels en het transport- en afgiftesysteem. De temperatuur en de flow worden volledig op de vraag afgestemd. Onnodig rondpompen van warmte kan op die manier worden voorkomen. Dit levert forse energiebesparingen op. Bovendien leidt het gebruik van minder pompen tot een minder storingsgevoelige installatie.

Grote variabele flow en temperatuurverschillen
In de zoektocht naar toestellen die in het geschetste systeem probleemloos zouden kunnen draaien, kwam SY-nergie uit Tilburg uit bij de Bosch Condens 7000F; een toestel dat de grote variabele flow en grote temperatuurverschillen van het systeem aan kan. Het toestel is leverbaar in vermogens van 75 tot 300 kW. In combinatie met de bijbehorende MX25-regelingen en het gebouwbeheersysteem is volgens de fabrikant een energiebesparing van 15 tot 25% mogelijk.

Eerste stap naar verduurzaming
De vier hr-ketels van elk 250 kW zijn geïnstalleerd door Van den Hoff Installatiebedrijf. Het tapwater wordt verwarmd door middel van een zonneboilersysteem. De compacte uitvoering van het cascadesysteem zorgt ervoor dat er ruimte over blijft om in de toekomst duurzame componenten, zoals een hybride luchtwarmtepomp, bij te plaatsen. Bovendien zijn de ketels voorbereid op alternatieve gassoorten die zich mogelijk in de toekomst aandienen.

Slim klimatiseren: kinderen verwarmen school

In deze tijden van Corona is er volop aandacht voor ventilatie. Ook bij scholen. Volgens Carl-peter Goossen wordt het tijd ...
Verder Lezen

Van veldverwarming tot airco op hotelboot

Installatietechniek is vaak maatwerk. Bijna geen project is hetzelfde. Een goed voorbeeld hiervan zijn de installatieprojecten in dit artikel. Stuk ...
Verder Lezen

Warmtepompen met aanvoertemperatuur tot 68 ℃

Nefit Bosch introduceert acht nieuwe bodemwarmtepompen van 22 tot 80 kW, geschikt voor zowel grote woningbouw, gestapelde bouw als utiliteit ...
Verder Lezen

Doorontwikkelde gasketels voor utiliteit klaar voor waterstof

Remeha lanceert de ketels GAS 320 Ace en GAS 620 Ace. Beide zijn geschikt om te branden op aardgas aangevuld ...
Verder Lezen

Alle Daikin VRV-systemen in Europa nu beschikbaar met gerecycled koudemiddel

Gepubliceerd op

Daikin Europe breidt zijn circulaire economie-programma verder uit naar alle VRV-units die in heel Europa worden geproduceerd en verkocht. Dit maakt onderdeel uit van het LooP by Daikin programma, dat ervoor zorgt dat de fabrikant jaarlijks 250.000 kg minder nieuw koudemiddel produceert. Europese klanten krijgen namelijk toegang tot gerecycled koudemiddel. Een onafhankelijke certificering garandeert dat het gerecyclede koudemiddel voldoet aan alle kwaliteitsnormen en correct werd toegewezen aan gecertificeerde LooP by Daikin VRV-units. Als onderdeel van zijn wereldwijde koudemiddelbeleid plant Daikin een verdere uitbreiding naar andere producten en koudemiddelen.

De basisprincipes van het programma zijn als volgt: Daikin recyclet koudemiddelen uit bestaande systemen via zijn netwerk van installateurs, brengt die opnieuw op het kwaliteitsniveau van nieuw koudemiddel en wijst die vervolgens toe aan nieuwe VRV-systemen die in Europa worden geproduceerd en verkocht.

Uitbreiding
LooP by Daikin werd in 2019 gelanceerd voor een beperkt aantal VRV-units. Het bedrijf breidt het programma nu uit tot alle VRV-units die vanaf november 2020 in Europa worden geproduceerd en verkocht. Het LooP by Daikin programma geldt nu voor alle EU-lidstaten, Albanië, Bosnië-Herzegovina, IJsland, Kosovo, Montenegro, Noord-Macedonië, Noorwegen, Servië, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk.

Populair
In totaal bespaart LooP by Daikin jaarlijks 250.000 kg nieuw geproduceerd koudemiddel. Sinds de lancering is het programma erg populair gebleken op de Europese markt. Bedrijven als retailer Action hebben het programma overgenomen. Deze Nederlandse winkelketen met meer dan 1.400 winkels in heel Europa gebruikt koudemiddelen die teruggewonnen zijn uit hun oude winkels en na recycling gebruikt worden in hun nieuwe of gerenoveerde winkels.

Circulaire economie
“LooP by Daikin is een perfect voorbeeld van een circulaire economie”, zegt George Dimou, VRV-productmanager bij Daikin Europe. “We doen ons uiterste best om onze producten zo energiezuinig mogelijk te maken, de kringloop van onze producten te sluiten en al onze partners en klanten te motiveren om samen met ons de CO2-uitstoot te verminderen. Een verantwoordelijk materiaalgebruik is een integraal onderdeel van deze ambitie. LooP by Daikin is daar een illustratie van. Door ervoor te zorgen dat grondstoffen niet uitgeput raken, besparen we tonnen nieuw koudemiddel en verkleinen we onze impact op het milieu.”

Europese Green Deal
Het LooP by Daikin programma past bij de ambities van het Europese Green Deal Actieplan voor een circulaire economie, dat Daikin Europe ondersteunt. De Europese Commissie heeft zich tot doel gesteld om afval, kunststof- en materiaalgebruik in de hele Europese Unie te verminderen. Circulaire projecten zoals LooP by Daikin met een tastbare impact op het gebruik van natuurlijke hulpbronnen zijn één van de bijdragen van de HVAC-R industrie aan de strijd tegen materiaalverspilling. Bovendien betekent investeren in een lokale circulaire economie en in Europese bedrijven ook een duurzame investering in de Europese economie, aldus Daikin. Op die manier overlappen de ambities van de Green Deal die van de 'Next Generation EU', het post-COVID-19 herstelprogramma van de Europese Unie.

Onafhankelijk auditproces
Daarnaast heeft het hergebruik van gerecyclede koudemiddel geen gevolgen voor de quota van de Europese richtlijn voor F-gassen en ondersteunt het de groei van de HVAC-R industrie op een duurzame manier. Een onafhankelijk auditproces garandeert dat het gerecyclede koudemiddel voldoet aan exact dezelfde kwaliteitsnormen als nieuw geproduceerd koudemiddel. Dit proces zorgt er ook voor dat de administratieve toewijzing van het gerecyclede koudemiddel correct verloopt: voor elke gecertificeerde LooP by Daikin unit op de markt is er een equivalent van 100% gerecyclede koudemiddel dat wordt gebruikt in de fabrieken van Daikin.

Technologie in airco’s en luchtreiniger inactiveert Covid-19

Een technologie uit 2004 kan 99.9% van het Covid-19 virus inactiveren, zo blijkt uit wetenschappelijk onderzoek. Daikin bevestigt de werking ...
Verder Lezen

Nieuw VRV-systeem op weg naar CO2-neutraliteit in 2050

Daikin Nederland introduceert een nieuw VRV-systeem. De VRV 5 S-serie is de laatste van een reeks productinnovaties om de doelstellingen ...
Verder Lezen

Europese locatie Daikin in Zaltbommel

Daikin Europe bouwt haar logistieke infrastructuur in Nederland. In Zaltbommel is een logistiek centrum in gebruik genomen. Voor de Nederlandse ...
Verder Lezen

Opschalen: van BENG naar BELG

Gepubliceerd op

Het idee voor ChargeFreeHome ontstond bij grondlegger Henk van Houten toen hij zag wat een BENG-woning inhoudt en dat vergeleek met zijn energieplus-woning. De werktuigbouwkundige pleit voor een energietransitie waarbij verduurzaming naar een hoger niveau wordt getild. ‘Van BENG naar BELG’ noemt hij dat, oftewel van een Bijna Energie Neutraal Gebouw naar een Bewust Energie Leverend Gebouw.

Een BELG-woning kan het hele jaar zelfvoorzienend zijn en elektriciteit leveren. In het geval van een starterwoning gaat het om 13.000 kWh en bij een semibungalow om 27.000 kWh aan overcapaciteit. Dat scheelt op jaarbasis meer dan 15.000 kg aan CO2-uitstoot per woning.

Wijkaanpak
Van Houten pleit voor een wijkgerichte aanpak, waarbij zowel aandacht wordt geschonken aan energiebesparingsmogelijkheden als de productie van groene energie. Alle huizen krijgen een lessenaarsdak met geïntegreerde zonnepanelen. Bovendien worden ze voorzien van PVT-panelen, een dik isolatiepakket, Triple glas, aardwarmtepomp en accu’s. Via WTW-systemen in de ventilatie, douche, keuken en riolering valt een verdere energiebesparing te realiseren. Dat geldt ook voor de PCM-vloer die tot de additionele mogelijkheden behoort.

Buurtopslag
Daarnaast komt er een energieopslag op buurtniveau met de mogelijkheid om elektriciteit door te geven aan nabijgelegen woningen en bidirectionele elektrische (deel)auto’s te laten inpluggen.

Monitoring
Door de energiestromen te monitoren en te sturen krijgt de bewoner zicht op en controle over zijn eigen gebruik. Zowel voor huishoudelijke doeleinden als voor de gebouwgebonden installaties. De markt heeft al de nodige oplossingen om hierin ondersteuning te bieden. Zoals (remote access) monitoringssystemen van Envitron.

Selectief
Volgens Van Houten is het onontkoombaar om een grote hoeveelheid installaties in de woningen op te nemen als je een dergelijk ambitieus project wilt realiseren. Het team achter ChargeFreeHome gaat daarbij wel selectief te werk. Zo zijn ze een uitgesproken voorstander van een All-Electric benadering. Waterstofketels, waar nu veel over te doen is, zien ze niet als een serieuze kandidaat, omdat bij de productie van het gas de omzetverliezen wel 75% kunnen bedragen. Ook biomassa valt buiten de boot vanwege de schadelijke stoffen die vrijkomen bij de uitstoot.

Ecologisch bouwen
ChargeFreeHomes zijn niet alleen energieleverend, maar ook ecologisch verantwoord. Vandaar dat er wordt gekozen voor een schil van natuurlijke materialen als hout, hennep en stro. Hiervoor willen de initiatiefnemers deels leunen op de expertise van BCD Advies, dat onder andere geïnspireerd wordt door ecologisch bouwer Ecococon.

Financiering
Ook aan de financiering is gedacht. De bedoeling is om niet langer te kijken naar de maximale kooplast, zoals gangbaar is, maar naar de maximale woonlast. Verdien je bij wijze van spreken 12 appels per maand, dan mag je er 4 verwonen. Op deze manier wordt een starterswoning ook weer betaalbaar (zie rekenvoorbeeld).

Uitdagingen
Natuurlijk zijn er problemen te overwinnen, maar die zitten niet aan de technische kant. Er wordt gebruik gemaakt van Proven Technology. Als de juiste vakmensen die installeert, krijg je een goed werkend systeem. Ook het gebrek aan arbeidskrachten zal geen belemmering vormen. Die kan worden ingevuld door de uitstroom die zal plaatsvinden in de fossiele sector, zegt Van Houten. De grootste bottleneck heeft te maken met de inrichting van onze maatschappij. De focus ligt nog te veel op het trekken van nieuwe kabels voor een landelijk net, waar een gigantisch bedrag van 40 miljard voor nodig is. Dat is onbegrijpelijk, als je je realiseert dat je ook decentraal elektriciteit kan opwekken en gebruiken.

Stand van zaken
Inmiddels is het eerste project van start gegaan. Het betreft een CPO in Breda, waar 25 toekomstige bewoners bij betrokken zijn. Ook lopen er al de nodige aanvragen. Om het concept verder uit te rollen, gaat grondlegger Van Houten graag de samenwerking aan met installateurs. Zoals wel blijkt uit dit artikel is er namelijk volop werk voor de branche: van het installeren van systemen voor het opwekken van duurzame energie en klimatisering tot de monitoring van elektriciteitsgebruik.

Auteur: ChargeFreeHome

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

 

Rekenvoorbeeld
Om te voldoen aan de eis van de nul-vraag aan energiegebruik moet er minimaal 5X zoveel opgewekt worden als je zelf nodig hebt. In december wekken zonnepanelen gemiddeld 2% van hun jaarlijkse opbrengst op. Stel dat is 385 kWh, dan is de jaarlijkse opbrengst 19.250 kWh. Tegelijkertijd gebruikt een gemiddeld gezin ongeveer 11% van hun jaarlijkse portie energie in december. Omgerekend komt dat neer op 3500 kWh. Als je dan 5x zoveel wil opwekken als benodigd is, kom je uit op 17.500 kWh. Zeg met een veilige marge ongeveer 19.250 kWh.

Energiebundel
Iedere woning krijgt een nulvraag-garantie-certificaat. Om dit zeker te stellen krijgen bewoners een energiebundel. Een starterswoning zal jaarlijks 16.320 kWh opwekken en 3.100 kWh gebruiken. Er blijft dus per jaar 13.220 kWh over. Een semibungalow zal jaarlijks 30.800 kWh opwekken en daarvan 3.800 kWh gebruiken, waardoor er 27.000 kWh overblijft. Bij een wijk met 50 woningen is dat meer dan 1 miljoen kWh. Een starterswoning heeft 36 zonnepanelen van 400 wp op het dak, daarvoor is 60 m2 aan dakoppervlak nodig. Op de uitbouw komen 6 PVT-panelen van 320 wp te liggen van HRsolar (10 m2 aan dakoppervlak).

Overcapaciteit
Bij thuiskomst wordt de bidirectionele elektrische auto aangesloten op het net, waarna de netbeheerder naar believen de elektriciteit eruit haalt en later op de nacht weer bijvult.
Daardoor zal onderweg laden nauwelijks meer nodig zijn. Een CFH-woning zal op zonnige dagen de thuisaccu/buurtaccu en de aangesloten elektrische (deel)auto’s weer opladen, waarna de netbeheerder de energie in de avond weer kan verdelen. Bij, zeg, een woonwijk met 500 woningen kan men denken aan een laadplein met laadpalen in verschillende vermogens, die niet alleen geschikt zijn voor de elektrische deelauto’s, maar ook voor elektrische fietsen/scooters. Overigens kan de beschikbare elektriciteit ook voor andere doeleinden worden gebruikt, bijvoorbeeld om de lokale stomerij te laten draaien.

 

BENG, een update

Op 1 januari 2021 gaat het nieuwe ‘Stelsel Energieprestatie Gebouwen’ van start, met nieuwe eisen aan gebouwen en nieuwe rekenmethoden ...
Verder Lezen

Rekenen met BENG

NEN 7120 maakt binnenkort plaats voor NTA 8800. De BENG-rekenmethodiek vraagt om een andere benadering van het ontwerpproces. Ventilatie- en ...
Verder Lezen

BENG: een laatste update

Op 1 januari 2021 gaat het nieuwe ‘stelsel Energieprestatie Gebouwen’ van start, met nieuwe eisen aan gebouwen en nieuwe rekenmethoden ...
Verder Lezen

‘BENG-ready’ bodemwarmtepomp

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

Geothermie bundelt krachten in nieuwe brancheorganisatie

Gepubliceerd op

De brancheorganisatie Geothermie Nederland gaat vanaf 1 januari 2021 van start. De bestaande organisaties Platform Geothermie (2002) en DAGO (2014) gaan op in deze nieuwe organisatie. De nieuwe organisatie verenigt alle ondernemingen en organisaties met een zakelijk belang in de geothermiesector.

Geothermie Nederland beoogt de centrale verbinder te zijn voor belangenbehartiging, kennisopbouw, innovatie, draagvlakcreatie, informatievoorziening én ontmoeting. De brancheorganisatie en haar leden zetten zich in om geothermieprojecten te ontwikkelen en te exploiteren.

Kennisbundeling
Radboud Vorage, voorzitter Geothermie Nederland: “Als één organisatie bundelen we nu alle kennis over geothermie in Nederland, dat is voor onze leden en voor de energietransitie van groot belang.” In principe blijven de leden van DAGO en de deelnemers van Platform Geothermie lid van de vereniging. Ook andere partijen die deel uitmaken van de geothermiesector kunnen lid worden van Geothermie Nederland. De vereniging gaat met circa 75 leden van start. Overheidsorganisaties worden aangemoedigd ‘kennispartner’ te worden. Zo kunnen ze uit de eerste hand kennis en praktijkervaring opdoen en meepraten over de uitdagingen waar de sector voor staat. Hiermee wil Geothermie Nederland een actieve bijdrage leveren aan de warmtetransitie en de beschikbaarheid van duurzame en betaalbare warmte voor burgers en bedrijven.

Uitdagingen
Frank Schoof, vicevoorzitter Geothermie Nederland: “Met deze stap bundelt de aardwarmtesector haar krachten en wordt ze de woordvoerder voor de totale geothermiesector. De komende jaren zijn cruciale jaren voor de ontwikkeling van geothermie in Nederland. De verwachtingen ten aanzien van geothermie zijn groter dan ooit tevoren. Daarnaast worden er hoge eisen aan veiligheid gesteld en aan de communicatie met de omgeving en is het draagvlak voor geothermieprojecten niet altijd vanzelfsprekend. Wij willen, samen met onze leden, gericht aan deze uitdagingen werken.”

Branche verdiept zich nog nauwelijks in geothermie

Uit een studie van Energie Beheer Nederland blijkt dat 2,6 miljoen huizen en gebouwen van warmte kunnen worden voorzien door ...
Verder Lezen

De toekomst van de warmtepomp

Opleidingscentrum GO0 organiseerde in samenwerking met brancheorganisatie NVKL onlangs een online variant van de Dag van de Warmtepomp. In twee ...
Verder Lezen

Ultra-Diepe Geothermie: CO2 vrije warmte voor woningen en gebouwen

In samenwerking met de Universiteit Utrecht deed HermandDeGroot ingenieurs onderzoek naar de grootste voordelen van Ultra-Diepe Geothermie (UDG) ten opzichte ...
Verder Lezen

Stedin start proef met verwarmen van woningen op waterstof

Gepubliceerd op

In Uithoorn stroomt vanaf vandaag waterstof door het bestaande aardgasnet. Veertien sloopwoningen zijn gereed gemaakt voor tijdelijke verwarming met waterstof. De techniek wordt voor het eerst in Nederland door Stedin toegepast. Stedin werkt hierbij samen met woningcorporatie Eigen Haard, de gemeente Uithoorn en energieconsultant DNV GL. Feenstra voert werkzaamheden aan de binneninstallatie uit en Nefit Bosch en Remeha leveren de waterstof cv-ketels.

Het verwarmen van woningen met waterstof kan in de toekomst een alternatief zijn naast volledig elektrisch en warmtenetten. In Uithoorn wordt dit nu in de praktijk onderzocht. De ombouw van aardgas naar waterstof bestaat uit een aantal stappen. Het onderzoeken van bestaande gasleidingen en verbindingen zowel in de straat als in de woningen en het verwarmen van woningen met speciale waterstof cv-ketels. Stedin werkt hierbij op basis van strenge veiligheidseisen en in nauwe samenwerking met de lokale brandweer en onder toezicht van de Veiligheidsregio.

Mijlpaal
“In Uithoorn onderzoeken we in de praktijk hoe wij ons bestaande aardgasnet geschikt kunnen maken voor waterstof. Gedurende een aantal weken stroomt er waterstof door de gasleidingen en verwarmen we de huizen met waterstof. Zo leren we over wat een ombouw van aardgas naar waterstof precies betekent voor ons als netbeheerder en voor de partijen waarmee wij samenwerken”, vertelt Marc van der Linden, CEO van Stedin. “Dat dit nu in de praktijk gebeurt is een mijlpaal voor Stedin. Het toont aan dat we de gebouwde omgeving, met de juiste stappen en een aantal aanpassingen in ons netwerk, technisch geschikt kunnen maken voor het gebruik van duurzame gassen en waterstof in de toekomst.”

Rol waterstof in de gebouwde omgeving
Vóór 2030 verwacht Stedin niet dat waterstof een grote rol gaat spelen in de gebouwde omgeving, maar wel een belangrijke. Naast groen gas kunnen andere duurzame gassen op termijn wel een grote rol vervullen in de gebouwde omgeving. Waterstof kan daar zeker onderdeel van zijn. Om na 2030 waterstof als volwaardig alternatief in te kunnen zetten is het daarom belangrijk om nu kennis en ervaring op te doen en te ontdekken welke rol waterstof kan krijgen, denkt Stedin. Van der Linden: “Innoveren en experimenteren helpt ons om ervoor te zorgen dat wij gereed zijn voor de periode na 2030. Het bestaande aardgasnet is hierbij van grote waarde en krijgt een tweede leven. Uit dit project komt een aantal vragen die we moeten beantwoorden voordat we waterstof als volwaardige optie in de gebouwde omgeving kunnen inzetten. Daarbij is ook wet- en regelgeving vanuit de Rijksoverheid een belangrijk aspect.”

Een uitlegvideo van dit project is te vinden op: www.stedin.net/waterstof.

Uitgelicht: H2 Ready ketel van Nefit Bosch

De H2 Ready ketel van Nefit Bosch kan door een installateur binnen een uur worden omgebouwd naar een 100% waterstoftoestel. Het geheim zit hem onder andere in de speciale brander, het gasblok, de ventilator en de elektronica. Jan Rijnen, commercieel directeur van Nefit Bosch: “Wij verwachten dat deze toestellen hun meerwaarde gaan bewijzen in de energietransitie. In Engeland is er zelfs sprake van dat nieuwe gasketels vanaf 2025 voorbereid moeten zijn op waterstof.” Naast het project in Uithoorn worden de toestellen van Bosch ook in projecten in Engeland ingezet.

Een-op-een vervanging
Omdat het toestel ook op aardgas functioneert, is deze oplossing geschikt voor een-op-een vervanging in elke bestaande woning. De H2 Ready ketel van Nefit Bosch kan zonder aanpassingen worden geïnstalleerd. De afmetingen van dit waterstoftoestel zijn vergelijkbaar met die van huidige cv-ketels. Een ander voordeel is dat gebruikers hetzelfde verwarmingscomfort ervaren als dat wat ze gewend waren met de aardgasketel. De waterstofketel levert dezelfde prestaties als een conventionele cv-ketel op gas. Het verschil is dat bij verbranding van waterstof geen kooldioxide (CO2) of koolmonoxide (CO) vrijkomt. De NOx-uitstoot is bij het Nefit Bosch-toestel extreem laag.

Groene waterstof
In Europa, en vooral in Nederland en Engeland, zijn de verwachtingen ten aanzien van waterstof hoog gespannen. De EU heeft plannen voor het bouwen van elektrolysers – waterstoffabrieken - die in 2030 miljoenen tonnen groene waterstof moeten opwekken. Deze ontwikkeling zal mede bepalen in hoeverre waterstof een van de pijlers van de energietransitie gaat worden. Bosch denkt dat waterstof vanaf 2030 een rol kan gaan spelen in de bebouwde omgeving. Het is van belang om nu te kijken naar de implicaties, zoals dat gebeurt in Uithoorn.

Alternatief voor bestaande gebouwen
Voor de gebouwde omgeving zijn er meer verduurzamingsopties dan waterstof. Volgens Nefit Bosch is waterstof vooral interessant wanneer andere opties, zoals warmtenetten en elektrificatie, niet haalbaar zijn. “Wij denken dan onder andere aan de combinatie met een hybride warmtepomp, zodat je met dezelfde hoeveelheid waterstof meer woningen kunt verwarmen”, zegt Rijnen. Als energiedrager kan waterstof voor onbepaalde tijd worden opgeslagen. Onderzoeken hebben aangetoond dat bestaande aardgasleidingen relatief eenvoudig geschikt zijn te maken voor het transport van waterstof. Net als in de jaren zestig, toen Nederland van stadsgas naar aardgas overging, zullen de huidige gastoestellen moeten worden vervangen. De ‘H2 Ready’-ketel biedt die mogelijkheid: eerst op gas en wanneer het zover is binnen een uur om te zetten naar 100% waterstof.

Waterstof bij Bosch
Naast waterstofketels voor woningen ontwikkelt Bosch op tal van andere gebieden emissieloze en op waterstof gebaseerde technologieën. Zo levert Bosch al industriële warmwater- en processtoomketels die werken op waterstof. Ook maakt het bedrijf brandstofcellen die energie opwekken voor industrie, computercentra, woonwijken en laadstations voor elektrische voertuigen. Daarnaast is Bosch ook ver met de ontwikkeling van aandrijfsystemen voor vrachtwagens die gebruikmaken van waterstoftechnologie. “In onze visie gaat waterstof op termijn een rol spelen bij het verwarmen van onze huizen, maar eerste instantie gaat het vooral om industrie en mobiliteit. Waar we kansen zien, zet Bosch in op waterstof”, zegt Jan Rijnen.

 

Doorontwikkelde gasketels voor utiliteit klaar voor waterstof

Remeha lanceert de ketels GAS 320 Ace en GAS 620 Ace. Beide zijn geschikt om te branden op aardgas aangevuld ...
Verder Lezen

Drie waterstof cv-ketels doorlopen praktijktest

Binnenkort wordt drie maanden lang waterstoftechnologie voor woningen in de praktijk getest. De test vindt plaats in een proefopstelling van ...
Verder Lezen

Proefproject: gasnet over op waterstof

In het najaar van 2020 start netbeheerder Stedin in Uithoorn het project ‘tijdelijke ombouw van aardgas naar waterstof’. Feenstra is ...
Verder Lezen

Miljoenen huishoudens in 2030 op door groene waterstof opgewekte elektriciteit

Een consortium van Gasunie, Groningen Seaports en Shell Nederland heeft vanmiddag aangekondigd te willen beginnen met het project NortH2: de ...
Verder Lezen

Zonnewarmtenet kan bestaande wijken energieneutraal maken

Gepubliceerd op

Een zonnewarmtenet blijkt technisch en financieel haalbaar om bestaande wijken te verduurzamen en aardgasvrij te maken, zo heeft een consortium van wetenschappers en bedrijven onder leiding van de TU Delft aangetoond. Het consortium heeft dit concept technisch uitgewerkt en voor een bestaande Haarlemse jarendertigwijk technisch en financieel doorgerekend. Daarnaast is in een proefopstelling in The Green Village in Delft aangetoond dat het systeem werkt. Hiermee ligt er een ontwerp klaar voor het duurzaam verwarmen van huizen van een hele wijk, zonder dat een externe warmtebron nodig is.

Om de doelen uit het klimaatakkoord te behalen, wordt hard gezocht naar manieren om bestaande wijken en gebouwen te verduurzamen en van het aardgas te ontkoppelen. Het zonnewarmtenet is een van de mogelijke oplossingen die het afgelopen jaar is ontwikkeld en getest. Dit net bestaat uit PVT-panelen (zonnepanelen die zowel warmte als elektriciteit opwekken) op het dak, een zeer lage temperatuur warmtenet gekoppeld aan een warmte/koudeopslag onder de grond en een warmtepomp in iedere woning. Op deze manier worden de woningen op een energieneutrale manier voorzien van warm water, verwarming in de winter en koeling in de zomer.

Slimme verdeling van warmte
Een speciale ‘afleverset’, een kastje met leidingen, pompjes en kleppen, zorgt ervoor dat de warmte van de het warmtenet en de PVT-panelen optimaal benut wordt. In de zomer wordt alle overtollige PVT-warmte via het netwerk in de ondergrondse opslag opgeslagen. In de tussenseizoenen wordt de warmte zowel geleverd door de PVT-panelen als door het netwerk vanuit de warmte/koudeopslag. In de winter wordt de warmte hoofdzakelijk uit de warmte/koudeopslag geleverd, waardoor de warmtepomp een hoog rendement kan halen.  Een proefopstelling van het zonnewarmtenet is gebouwd en succesvol getest op The Green Village op de TU Delft.

Klaar voor duurzame wijkoplossing
De resultaten van de studie in Haarlem en de proefopstelling in Delft zijn overtuigend, aldus de initiatiefnemers. Het ontwerp van het zonnewarmtenet is volledig uitgewerkt. Zo is het benodigde aantal PVT-panelen per woning vastgesteld, maar ook de benodigde temperatuurniveaus voor warmteopslag en warmtedistributie. Daarnaast is getoetst hoe alle regelingen stabiel met elkaar kunnen functioneren. Aan de hand daarvan is geconcludeerd dat het systeem technisch werkt en de huizen in de wijk het hele jaar rond, met behulp van de panelen en het zonnewarmtenet, van genoeg warmte worden voorzien. De opgewekte elektriciteit uit de panelen is voldoende voor het functioneren van de warmtepomp.

Meest duurzame wijkoplossing
Het systeem is daarmee energieneutraal voor de warmtelevering. Ivo Pothof, onderzoeker bij TU Delft en Deltares, is enthousiast over het zonnewarmtenet: “Het is de meest duurzame wijkoplossing voor de bestaande bouw die ik ken, omdat er via de PVT-panelen maximaal gebruik wordt gemaakt van lokale energie. Het concept is uitgebreid vergeleken met andere oplossingen voor bestaande woonwijken en komt in al die vergelijkingen naar boven drijven.’

Financiële haalbaarheid
Ook op financieel gebied blijkt het zonnewarmtenet een interessant concept. Aan het begin moet een forse investering gedaan worden, maar daarna zijn er geen variabele energiekosten meer. Hierdoor is het zonnewarmtenet na enkele jaren goedkoper dan gas en de meeste andere alternatieven. De jaarlijkse kosten bestaan dan alleen uit onderhoud en aflossing van de gedane investering. De eigen elektriciteitsbehoefte van de warmtepomp wordt door de PVT-panelen opgewekt én het elektriciteitsnet hoeft niet te worden verzwaard, omdat er geen piekverbruik is in de winter. Met voldoende participatie uit de wijk en bij een laag rentepercentage is het zonnewarmtenet dus ook financieel een interessante oplossing.

Implementatie
Het consortium, bestaande uit de TU Delft, Deltares, Greenvis, Stichting SpaarGas, Triple Solar, Fortes Energy Systems, de WarmteTRansitieMakers en ENGIE hoopt dat het zonnewarmtenet een gangbare methode wordt om bestaande wijken te verduurzamen.

Van veldverwarming tot airco op hotelboot

Installatietechniek is vaak maatwerk. Bijna geen project is hetzelfde. Een goed voorbeeld hiervan zijn de installatieprojecten in dit artikel. Stuk ...
Verder Lezen

A.O.Smith completeert assortiment met warmtepompen

Duurzaamheid is belangrijk. Juist ook op het vakgebied van warmwater bereiding, verwarming en koeling. In Nederland introduceerde A.O. Smith ruim ...
Verder Lezen

Een dik pak isolatie

Als ik op een winterse dag naar buiten ga, neem ik vrijwel nooit een stapel boterhammen met pindakaas mee. Wel ...
Verder Lezen

Update Handboek Zonne-energie is verschenen

Er is een nieuwe versie van het Handboek Zonne-energie verschenen. Hij is aangepast aan de huidige techniek met de onderwerpen ...
Verder Lezen

Europa’s duurzaamste drijvende woonwijk

Gepubliceerd op

Amsterdam-Noord herbergt sinds kort de duurzaamste drijvende woonwijk van Europa. Het betreft de waterwijk Schoonschip met drijvende houten huizen, verbonden door steigers als straten. De woonboten zijn stuk voor stuk energie-neutraal uitgevoerd en gebouwd van duurzame materialen, zoals gecertificeerd hout, gerecycled beton en hoogwaardig isolatieglas. Het project is door de bewoners zelf op de kaart is gezet.

“Het heeft liters bloed, zweet, tranen gekost en eindeloos veel geduld, maar dat was het meer dan waard,” vertelt Joan Kramer, één van de bewoners. “Het idee voor Schoonschip was al jaren in ontwikkeling toen Buiksloterham werd aanwezen als plek om te experimenteren met circulair bouwen. Daar, in een zijkanaal van het IJ, wonnen we een tender voor een plek met dertig kavels, of beter gezegd dertig drijvende betonbakken, omdat we van alle ingediende plannen de hoogste duurzaamheidsambities hadden. Een aantal kavels vulden we in als twee-op-één-bak, zodat er nu 46 woningen zijn. We hebben met z’n allen één aansluiting op het elektriciteitsnet via een smartgrid en géén gas. Regenwater wordt opgevangen, afvalwater gefilterd en hergebruikt en alle energie komt van zonnepanelen en warmtewisselaars.”

Bevlogen
Kramer vervolgt: “Om vanaf nul zoiets moois neer te zetten als Schoonschip, heb je een bepaald type mensen nodig, denk ik. We zijn hier met allemaal kritische creatievelingen, die heel bevlogen waren om de drijvende wijk samen te bedenken en uit te voeren. Nu het klaar is, is er een tastbare, goed functionerende, energieneutrale woonwijk.

[Foto: Michael van Oosten]

Verduurzaming hele wijken in één keer aanpakken

Gepubliceerd op

Het leer- en innovatieprogramma Mensen Maken de Transitie is van start gegaan. Het programma moet de verduurzaming van bestaande woningen versnellen. Door een betere ketensamenwerking, slimmere productieprocessen en (bij)scholing van werknemers moet het straks eenvoudiger worden om hele wijken in één keer aan te pakken. Het programma is een initiatief van onder meer Techniek Nederland, Bouwend Nederland, Netbeheer Nederland, de MBO Raad, Vereniging Hogescholen, 4TU en FNV. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ondersteunt het programma.

In 2030 moeten er volgens het Klimaatakkoord 1,5 miljoen woningen verduurzaamd zijn. Mensen Maken De Transitie gaat de kennis over verduurzaming van bestaande wijken bij elkaar brengen en toegankelijk maken. De ervaringen uit de aardgasvrije proefwijken en grote renovatieprojecten zijn daarvoor de basis. Het onderwijs neemt de nieuwe kennis over verduurzaming op in opleidingen. Zo draagt het leer- en innovatieprogramma bij aan een haalbare en betaalbare energietransitie voor iedereen in ons land.

Voor en door uitvoerende partijen
Het programma richt zich op de mensen en bedrijven die de verduurzaming van bestaande woningen uitvoeren, zoals bouwbedrijven, woningbouwcorporaties, installateurs, onderhoudsbedrijven en netbeheerders. Mensen Maken de Transitie legt verbindingen tussen deze partijen, stimuleert hen om successen te delen, agendeert knelpunten uit de praktijk en biedt oplossingen. Samen leren bedrijven hoe verduurzaming in een gestroomlijnd proces kan plaatsvinden.

Méér technische vakmensen opleiden
Er is nu al een grote behoefte aan technische vakmensen en die groei zet door. Het gewenste tempo kan met het huidige aantal technici niet behaald worden. Mensen Maken de Transitie richt zich daarom ook op de instroom van voldoende technische vakmensen met green skills. De deelnemende partijen zullen zich inzetten om zoveel mogelijk mensen om te scholen. Daarnaast is bijscholing nodig van huidige werknemers in bouw en techniek. In de bijscholingsprogramma’s is aandacht voor nieuwe technieken en nieuwe manieren van werken.

Samenwerking tussen beroepspraktijk en het onderwijs
De energietransitie vraagt om een nauwe samenwerking tussen de beroepspraktijk en het onderwijs. De onderwijssector is daarom nauw betrokken bij Mensen Maken de Transitie. De MBO Raad, de Vereniging Hogescholen en de vier technische universiteiten van Nederland (4TU) gaan de nieuwe inzichten op het gebied van de energietransitie een prominente plaats geven in hun onderwijsprogramma’s. Afgestudeerde technici zijn er daardoor klaar voor om hun bijdrage te leveren aan de verduurzaming van Nederland.

Warmtepompen en elektriciteitsaansluitingen
Mensen Maken de Transitie levert praktische kennis op die helpt om verduurzaming van woningen en gebouwen efficiënter uit te voeren. Voor het verzwaren van de elektriciteitsaansluiting die nodig is voor het aansluiten van een warmtepomp zijn nu nog een installatiemonteur en een monteur van de netbeheerder nodig. Door onder meer de opleiding van installateurs aan te passen, voert straks één installatiemonteur de werkzaamheden uit.

Warmtenetten
De komende jaren komen er steeds meer warmtenetten in ons land. Mensen Maken de Transitie analyseert waar aanleg van warmtenetten gaat plaatsvinden en zorgt dat daar ook de noodzakelijke opleidingen voor warmtemonteurs beschikbaar komen. Het programma maakt ook het aardgasvrij maken van huizenblokken eenvoudiger. Waar bewoners dat eerst individueel moesten aanvragen, kunnen woningcorporaties en Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) de aanvraag voor bewoners nu in één keer afhandelen.

Intentieverklaring
Vijfentwintig partijen, waaronder Techniek Nederland, Netbeheer Nederland, Bouwend Nederland, MBO Raad, Vereniging Hogescholen, 4TU en FNV hebben in 2019 afgesproken om samen te werken aan de enorme energietransitie opgave. Op initiatief van de SER maakten zij vorig jaar afspraken middels een intentieverklaring. Het leer- en innovatieprogramma dat nu is gestart, komt daaruit voort.

Veiliger verduurzamen van appartementen

Steeds meer appartementseigenaren en VvE’s overwegen om zonnepanelen met een eigen opslagbatterij te plaatsen. Er is echter nog geen passende ...
Verder Lezen

‘Verduurzamen woning voor vrijwel niemand rendabel’

Zonder aanvullend beleid zal de bijdrage van huiseigenaren aan het halen van het Klimaatakkoord fors minder zijn dan waar de ...
Verder Lezen

Honderden miljoenen voor verduurzamen woningen en gebouwen

 Minister Wiebes trekt honderden miljoenen euro uit voor het verduurzamen van woningen en gebouwen. Daarmee wil hij de vaart houden ...
Verder Lezen

Essent helpt woningcorporaties hun woningvoorraad te verduurzamen

Essent en zijn lokale dochterbedrijven hebben Wooneffect ontwikkeld. Dit initiatief helpt woningcorporaties stap voor stap met het verduurzamen van hun ...
Verder Lezen

‘Digitaal energielabel is geldverspilling en schiet doel voorbij’

Gepubliceerd op

De Tweede Kamer moet het amendement dat voorstelt om de aanvraag voor het energielabel digitaal te doen, niet aannemen. Gebeurt dit toch dan kost dit de belastingbetaler veel geld terwijl de woningbezitter een waardeloos stuk papier ontvangt. De FedEC, de branchevertegenwoordiging van de energieprestatieadviseurs, roept Kamerleden op het amendement niet aan te nemen. Woningkopers en -huurders hebben het recht te weten wat ze kopen of huren. Daarnaast helpt een betrouwbaar energielabel bij de verduurzaming van woningen.

Op 3 december zal de Kamer stemmen over amendement 37 van Kamerleden Koerhuis en Terpstra. De indieners willen daarmee bereiken dat woningbezitters de aanvraag van een energielabel toch weer digitaal kunnen doen, zonder tussenkomst van een “dure energie-expert”. De FedEC heeft echter de indruk dat de initiatiefnemers voor het amendement onvoldoende geïnformeerd zijn. In eerste aanleg, in amendement 36, verwezen ze zelfs naar een verkeerde Europese richtlijn. Er is in elk geval volop reden om te twijfelen aan een correcte onderbouwing. De FedEC trekt zich dit overigens zelf ook aan, omdat ook zij de initiatiefnemers blijkbaar beter hadden moeten informeren.

‘Onbetrouwbare overheid’
De FedEC wil dat een professionele beoordeling ten grondslag ligt aan het energielabel. Alleen zo kunnen kopers en huurders op de uitkomst vertrouwen en kan het label bijdragen aan duurzaamheid en een beter klimaat. De leden van FedEC investeren daarvoor in kennis en kunde om deze professionaliteit te kunnen waarmaken. ‘De branche heeft fors geïnvesteerd in de nieuwe rekenmethodiek. Energieadviseurs volgen omscholing, gaan op examen en ontwerpen platforms om de klanten zo goed en voordelig mogelijk te kunnen helpen. Het getuigt van een zeer onbetrouwbare overheid als nu, enkele weken voor invoering op 1 januari 2021, de plannen, investeringen, omscholingen en examens voor niets blijken te zijn’, stelt de FedEC. ‘Want dat zal het gevolg zijn als het amendement wordt aangenomen. Dit verdraagt zich niet met het algemene beginsel van behoorlijk bestuur. Ook richting haar inwoners heeft de overheid de taak om betrouwbaar te zijn. Als een energielabel is vastgesteld volgens een wettelijk aangewezen methodiek, hebben de inwoners van Nederland het recht op een betrouwbaar energielabel. Zo krijgt een potentiële woningkoper of huurder betrouwbare informatie over de energetische prestatie van de woning.’

‘Appels met peren’
Het nieuwe digitaal aan te vragen energielabel moet volgens het amendement wel worden uitgedrukt in kWh/m2/jaar. ‘Alleen is dat niet mogelijk via de werkwijze en kosten van het huidige digitaal energielabel’, stelt de FedEC. Het nieuwe digitale energielabel wordt duurder voor zowel de burgers als de overheid. Daarom is het onterecht de kosten van het huidige digitaal energielabel af te zetten tegenover het nieuwe volwaardige energielabel, gebaseerd op de NTA8800. Daarnaast is het digitale energielabel onbetrouwbaar. De aanvrager ontvangt dan een briefje waarbij iemand bureaucratisch een label vaststelt, alleen maar omdat je daarmee (mogelijk) voldoet aan de Europese richtlijn. Het algemene beginsel van behoorlijk bestuur bevat niet voor niets het ‘zorgvuldigheidsbeginsel’.’

‘Goedkoop is duurkoop’
Het argument dat de overheid met een digitaal energielabel de woningbezitter niet op kosten jaagt, is verkiezingsretoriek. Iedereen die vindt dat een koper of huurder recht heeft op waar voor zijn geld en dus recht heeft om te weten wat hij koopt of huurt, zou tegenstander moeten zijn van dit nieuwe digitale energielabel. Zou de overheid een digitaal energielabel op basis van NTA8800 moeten invoeren - onder druk van het amendement - dan moet zij fors investeren in nieuwe online software. Deze kosten komen uit de schatkist en worden door de belastingbetaler opgebracht. Zo betaalt de woningverkoper indirect toch meer. Als de wet op 1 januari 2021 daarentegen ongewijzigd van kracht gaat, betaalt de woningverkoper of -verhuurder direct aan de energieadviseur en krijgt daarvoor wel een inhoudelijk goed energielabel. Bovendien is het energielabel alleen nodig bij verkoop of verhuur. Dus iedereen die al voor 31 december een energielabel heeft aangevraagd (dat 10 jaar geldig is) of die niet van plan is een woning te verkopen of verhuren hoeft helemaal geen energielabel aan te vragen. En als je toch een woning verkoopt, dan vallen de kosten voor het waardevolle energielabel in het niet bij de kosten voor de notaris, makelaar en hypotheekadviseur en de duizenden euro’s waarmee de vraagprijs van woningen in de oververhitte woningmarkt momenteel worden overboden.’

‘Neem ook systemen voor vloerverwarming mee in het Energielabel voor woningen’

Tegelzettersorganisatie Bovatin heeft een open brief gestuurd aan de Tweede Kamer, waarin gevraagd wordt om ook vloerverwarmingssystemen mee te wegen ...
Verder Lezen

Publicaties energieprestatie aangepast aan nieuwe rekenmethodiek energielabel

De ISSO-publicaties 75.1 Handleiding Energieprestatie utiliteitsgebouwen en 82.1 Handleiding Energieprestatie woningen en woongebouwen zijn aangepast en gepubliceerd in de ISSO-KennisBank ...
Verder Lezen

Nieuwe woningen krijgen tot vier plusjes achter het energielabel A

In de slipstream van de nieuwe BENG-regelgeving krijgen woningen per 1 juli 2020 een nieuwe indeling van energielabels. De indeling ...
Verder Lezen

Woningbezit gemiddeld naar energielabel A

Woningcorporatie Oost Flevoland Woondiensten wil haar totale woningbezit gemiddeld naar energielabel A brengen. Een nieuwe stap is de geplande modernisering ...
Verder Lezen

All-Electric: meer dan warmtepomp én vloerverwarming

Gepubliceerd op

Het lijkt erop dat de introductie van de NTA 8800 (BENG) leidt tot een blikvernauwing op het gebied van warmteafgiftesystemen. Wijd en zijd wordt een All-Electric installatieconcept met warmtepomp en vloerverwarming gepropageerd als de ideale oplossing. Hiermee ligt namelijk een optimale BENG-score in het verschiet. Maar gaan we daarmee niet voorbij aan het echte doel van verwarmen?, vraagt Rob Verbrugge van Verbrugge Klimaat Advies zich af.

Sinds 2020 mogen nieuwbouwwoningen geen aansluiting meer hebben voor aardgas. Sindsdien winnen All-Electric-concepten met warmtepompen rap aan populariteit. Vandaag is All-Electric gemeengoed geworden en geniet het een hoge mate van populariteit. Maar voldoet het concept wel aan alle wensen? Kloppen de prognoses en levert deze installatie-oplossing ook het zo gewenste eindproduct, namelijk behaaglijke warmte op de plek en het tijdstip dat de bewoner dat wenst?

Wat is een comfortabele woning?
Denken dat All-Electric het vervangen van de cv-ketel is door het plaatsen van een warmtepomp, is te kort door de bocht. Niet alleen verschillen de aanschafkosten, ook op technisch gebied verandert er veel. Het kleinere vermogen van de warmtepomp is namelijk bij installatietechnische onvolkomenheden niet vergevingsgezind, zoals de cv- ketel dat nog wel was. Vloerverwarming als laagtemperatuur-systeem is, mede ingegeven door de mogelijkheden van onder andere warmtepompen, vaak de eerste keuze. Het rendement is heilig, er wordt meestal meer waarde aan gehecht dan aan de bewonerswensen. Bouwers, adviseurs en zelfs de installateur gaan ervan uit dat de luchtkolom in de woning op twintig graden altijd de juiste behaaglijkheid biedt. Helaas klopt deze aanname niet.

Onvoldoende flexibel
Je over deze materie kritisch uitlaten, vraagt bijna om verkettering. De normopstellers, bouwers, adviseurs en fabrikanten van warmtepompen zijn tenslotte allemaal in hun nopjes met de combinatie van warmtepomp en vloerverwarming. Toch zijn er ondertussen ruim voldoende voorbeelden van bewoners die minder goed te spreken zijn over hun verwarmingssysteem. Ze krijgen namelijk de ruimte wel keurig op een temperatuur van twintig graden, maar ervaren nauwelijks behaaglijke warmte. Waar de moderne mens door technische innovaties vrijwel alles op zijn eigen gekozen moment kan regelen, kan dat met zijn All-Electric installatie absoluut niet. Ervaar je in de avonduren tijdens inactieve momenten onvoldoende warmte, dan is de ultra lage temperatuurverwarming niet in staat hier (snel) wat aan te doen.

Vloerbekleding
Daarnaast is dit afgiftesysteem niet met elke vloerbekleding te combineren, hoewel verkopers van hout, laminaat en tapijt dat wel roepen. Stenen vloeren geven door hun lage warmteweerstand nog enigszins warmte af, maar andere vloersoorten doen dit door hun hoge weerstand niet of nauwelijks. De ruimte blijft weliswaar eenvoudig op een temperatuur van 20 graden, maar enige vorm van warmtebeleving wordt niet meer ervaren. All-Electric installaties met vloerverwarming hebben eigenlijk aanvulling nodig van snelle flexibele stralingswarmte op plekken waar de bewoner inactief is.

Verdiepingen
Op de verdiepingen is het vloerverwarmingssysteem vanwege zijn traagheid niet in staat om op een flexibele basis snel warmte af te geven. En dat is problematisch. Zeker in deze tijd van thuiswerken wil de bewoner snel zijn afgiftesysteem kunnen bijsturen en daar zijn andere systemen beter in dan vloerverwarming.

Elektrische vloerverwarming
De elektrische variant van vloerverwarming werkt aanzienlijk sneller, is lokaal inzetbaar en de warmte voelt behaaglijker aan. Maar hier worden de elektriciteitskosten, het benodigde vermogen en de normeisen weer als nadelen ervaren. Het is echter mogelijk om daar creatieve en duurzame warm tapwater- en ventilatieoplossingen voor te bedenken. Daarnaast valt dit in andere verblijfsruimten eenvoudig te combineren met lokale verwarming, waardoor er een minder hoog vermogen nodig is. Bij deze oplossingen wordt vaak te snel gedacht aan het nadeel van COP 1, terwijl er juist volop voordelen en mogelijkheden zijn.

De kern
Het lijkt erop, dat onze zoektocht naar duurzaamheid ons doet vergeten waar verwarmen echt om gaat. De mens wil flexibele voelbare warmte op de plek en het moment dat hij daar behoefte aan heeft. Deze heeft hij al die jaren verkregen door een combinatie van straling en convectie als warmteoverdrachtsoorten. De verwarmingssector heeft haar kennis hierover laten versloffen. Wie weet er nog dat echte warmte immer stralingswarmte is en dat luchttemperatuur slechts alleen het verschil tussen de lucht en de mens kan verkleinen, waardoor men minder warmte verliest? Luchtverwarming is in feite helemaal geen vorm van verwarming, maar een vorm van isolatie.

Experts in warmte
Als de mens kou ervaart, heeft hij behoefte aan snel te verkrijgen voelbare warmte. En dat is uitsluitend te realiseren met installaties die stralingswarmte leveren. In de All-Electric woning kan dat in de vorm van een lokaal warmteafgiftesysteem, bijvoorbeeld boven de zithoek. Nu zien we dat bewoners dit oplossen met fleecedekens, elektrische blaaskacheltjes of het plaatsen van vervuilende houtkachels. Ik pleit ervoor dat installatiebedrijven weer verwarmingsexperts worden. Deskundigen die echt kijken naar wensen en behoeften en daar creatief invulling aan geven met inachtneming van de geldende normen. Warmte is een vak en is méér dan 24 uur per dag dezelfde temperatuur leveren. Als een bewoner kou ervaart, wil hij snel worden opgewarmd. Als dit uitgangspunt weer de standaard wordt, dan wordt iedereen echt happy met All-Electric.

Het hele artikel over All-electric staat in de januari-editie van IZ. Deze special over All-electric is vanaf 26 januari digitaal te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl.

Onderdelen Stelsel Energieprestatie gebouwen geactualiseerd

Gepubliceerd op

Per 1 januari 2021 treedt het nieuwe Stelsel EPG in werking waarmee de energieprestatie van gebouwen wordt bepaald en de kwaliteit van het Energieprestatie Advies is geborgd. De Nederlandse Technische Afspraak NTA 8800 ‘Energieprestatie van gebouwen’ vormt de basis aan de hand waarvan de energieprestatie van een gebouw kan worden bepaald. Vanaf 1 januari 2021 zijn de geactualiseerde onderdelen van het Stelsel EPG beschikbaar.

Het Stelsel EPG bestaat uit de bepalingsmethode NTA 8800 ‘Energieprestatie van gebouwen’ waarop de andere onderdelen van het stelsel zijn gebaseerd. Beoordelingsrichtlijnen borgen de kwaliteit van de energieprestatierapportages en de software. Opnameprotocollen geven aan welke gegevens de energieprestatieadviseur moet verzamelen om de energieprestatie van het gebouw te kunnen bepalen. In het afgelopen half jaar zijn kleine aanpassingen en verduidelijkingen verwerkt in NTA 8800 als gevolg van o.a. ervaringen in de markt. Dit zijn slechts aanvullingen en kleine verbeteringen op de onderdelen van het stelsel die per 1 juli 2020 beschikbaar zijn gesteld. In afstemming met het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is daarom besloten eind 2020 nieuwe versies of wijzigings- en interpretatiedocumenten te publiceren bij de verschillende onderdelen van het stelsel. Dit zorgt ervoor dat het gehele stelsel op één lijn wordt gebracht op het moment dat het in werking treedt op 1 januari 2021.

Onderdelen beschikbaar per 1 januari 2021
Per 1 januari 2021 zijn de volgende onderdelen van het Stelsel EPG beschikbaar:
•             Een aanvullingsblad bij NTA 8800 waarin ontvangen interpretaties en omissies per 1 juli jl. zijn geïntegreerd. Deze wijzigingen zijn in de tekst gemarkeerd met de aanduiding ‘A1’. De volledige benaming van deze nieuwe versie van NTA 8800 wordt: NTA 8800:2020+A1:2020.
•             Interpretatie- en wijzigingsbladen bij de ISSO publicatie voor utiliteitsbouw 75.1 en de ISSO publicatie 82.1 voor woningen en woongebouwen.
•             Wijzigingsbladen bij de beoordelingsrichtlijnen BRL 9500 Utiliteitsbouw en Woningbouw en BRL 9501.
•             Geattesteerde software die aansluit bij NTA 8800:2020+A1:2020. Deze software is geschikt voor het berekenen van de energieprestatie van een gebouw volgens NTA 8800.

Wat is de rol van de techniek over 20 jaar?

Aanstaande woensdag 24 juni verschijnt Scenario2040, een studie waarmee Techniek Nederland in beeld brengt hoe de samenleving er over twintig ...
Verder Lezen

Garantie op duurzame nieuwbouw

Bewoners van nieuwbouwwoningen kunnen een garantie krijgen op de energiezuinigheid ervan als deze worden gebouwd volgens het House Energy Optimum ...
Verder Lezen

Nieuwe methode om energieprestatie te bepalen zo goed als klaar

Vanaf 1 januari 2020 treedt de nieuwe bepalingsmethode energieprestatie NTA 8800 in werking. Deze bepalingsmethode is bedoeld om te kunnen ...
Verder Lezen

“Zonder kwaliteitsborging zijn we in 2050 niet energieneutraal”

In 2050 moet de Nederlandse gebouwde omgeving energieneutraal zijn. Volgens Ron Bosch, dga van technisch adviesbureau TIAB gaat dat ons ...
Verder Lezen

Doorontwikkelde gasketels voor utiliteit klaar voor waterstof

Gepubliceerd op

Remeha lanceert de ketels GAS 320 Ace en GAS 620 Ace. Beide zijn geschikt om te branden op aardgas aangevuld met 20% waterstof. De GAS 320 Ace wordt doorontwikkeld om in de toekomst zelfs op een aansluiting met 100% waterstof te draaien. De GAS 320 Ace en GAS 620 Ace zijn de doorontwikkelde versies van respectievelijk de GAS 310 ECO Pro en de GAS 610 ECO Pro. De ketels zijn vooral geschikt voor het verwarmen van grote utiliteitsgebouwen.

Door de hogere Delta T is de GAS 320/620 Ace onder meer inzetbaar voor hybride systemen, als pieklastketel of voor de tapwatervoorziening. Ook bij collectieve verwarmingssystemen, waar vaak een hogere Delta T van 40 graden gebruikelijk is, biedt deze ketel uitkomst.

Hoge vermogens
De ketels zijn met een vermogen van 285 kW tot meer dan 1 MW vooral geschikt voor het verwarmen van grotere utiliteitsgebouwen zoals ziekenhuizen, grote kantoorpanden en appartementencomplexen. Het hoge vermogen maakt dat ze snel aan de warmtevraag in dergelijke gebouwen kunnen voldoen. Toch zijn de afmetingen beperkt gebleven, waardoor ze door een standaard deuropening passen. Installatie- en onderhoudswerkzaamheden aan de GAS 320/620 Ace zijn gemakkelijk door de eenvoudig bereikbare componenten en de intuïtieve functietoetsen. De installateur heeft door LED-verlichting in het toestel – die ook bij stroomuitval werkt – altijd goed zicht op de onderdelen en functietoetsen van de ketels.

Voorbereid op de toekomst
De GAS 320/620 kunnen nu al (deels) op waterstof draaien. Remeha werkt op dit moment aan een aangepaste GAS 320 Ace die uitsluitend op waterstof kan branden. Tevens werken de GAS 320/620 binnenkort ook op andere duurzame gassen en zijn ze te combineren met warmtepompen of andere, bestaande cv-ketels. Bovendien is het mogelijk om meerdere ketels in cascade aan elkaar te koppelen.

Koppeling met gebouwbeheer
Beide ketels zijn te koppelen met verschillende gebouwbeheersystemen via het Modbus- of Bacnet-protocol. Installateurs kunnen alle informatie van de ketel ter plekke uitlezen of de instellingen aanpassen via de Smart Service Tool en de Smart Service app. De installateur krijgt bovendien direct een melding als de ketel in storing is of als er een onderhoudsbeurt aankomt. Hiervoor zijn deze cv-ketels gekoppeld met het besturingsplatform eSmart Inside.

Lage gebruikskosten
Een condenserende warmtewisselaar van aluminium gietwerk zorgt voor een hoog rendement gedurende een lange periode, aldus de fabrikant, wat resulteert in een laag energiegebruik en lage emissiewaarden. De hoge connectiviteit draagt daarnaast ook bij aan lagere servicekosten en optimale planning voor onderhoudswerkzaamheden.

Drie waterstof cv-ketels doorlopen praktijktest

Binnenkort wordt drie maanden lang waterstoftechnologie voor woningen in de praktijk getest. De test vindt plaats in een proefopstelling van ...
Verder Lezen

Proefproject: gasnet over op waterstof

In het najaar van 2020 start netbeheerder Stedin in Uithoorn het project ‘tijdelijke ombouw van aardgas naar waterstof’. Feenstra is ...
Verder Lezen

Miljoenen huishoudens in 2030 op door groene waterstof opgewekte elektriciteit

Een consortium van Gasunie, Groningen Seaports en Shell Nederland heeft vanmiddag aangekondigd te willen beginnen met het project NortH2: de ...
Verder Lezen

Waterstof en hybride warmtepomp centraal op Building Holland

Het programma van Building Holland 2020 is definitief. Verspreid over drie podia komen in totaal 150 sprekers aan het woord ...
Verder Lezen

Drijvend kantoor als uithangbord voor duurzaam bouwen

Gepubliceerd op

Het Floating Office Rotterdam (FOR) wordt het nieuwe hoofdkantoor van het Global Commission on Adaptation (GCA). Het drijvende kantoorgebouw, ontworpen door Powerhouse Company en ontwikkeld door RED Company, wordt een uithangbord voor duurzaam bouwen. Zo gaat het gebouw de warmte oogsten van het oppervlaktewater, komen er PV-panelen op het dak te liggen en krijgt het drijvende kantoor een gebalanceerd ventilatiesysteem. Eind 2020 moet het gebouw klaar zijn voor gebruik.

Maar wat heeft Bill Gates hier nu mee te maken, zal de lezer zich afvragen? Het GCA is een initiatief van verschillende landen en de Wereldbank en wordt voorgezeten door voormalig VN-voorzitter Ban Ki-moon, Bill Gates en Kristalina Georgieva (algemeen directeur van het IMF). Het GCA ontwikkelt en deelt kennis over het veranderende klimaat in de wereld en de wijze hoe daarop ingespeeld kan worden.

Drijvende bouw
Het GCA helpt wereldwijd landen en steden om klimaatbestendig te worden. Drijvende bouw wordt gezien als één van de antwoorden op klimaatverandering, vertelt Rico Logman van DWA. Vandaar dus deze bijzondere keuze. Rico Logman is als senior-adviseur betrokken bij het installatietechnisch ontwerp van Floating Office Rotterdam.

Voordelen
Wat zijn dan de voordelen van drijvende bouw, zal je je wellicht afvragen. Allereerst gebruik je geen land om een gebouw neer te zetten. Daarnaast gelden er geen verplichtingen met betrekking tot de hemelwaterafvoer. Daarvoor zijn de eisen aangescherpt, tegenwoordig dienen pandeigenaren zoveel mogelijk hun eigen hemelwater vast te houden op locatie en waar mogelijk te infiltreren. Dat brengt nogal wat werkzaamheden en kosten met zich mee. Denk bijvoorbeeld aan aparte infiltratievoorzieningen.

Zeespiegelstijging
En tot slot heb je als gebouweigenaar en gebruiker geen last van de zeespiegelstijging.
In de periode 1901-2010 is de zeespiegel met 19 centimeter gestegen. De komende eeuw kan de zeespiegel tussen de 26 en 82 centimeter verder stijgen. Langs de Nederlandse kust heeft het zeeniveau de afgelopen eeuw gelijke tred gehouden met het wereldgemiddelde. Er is geen tempoversnelling geconstateerd in de laatste decennia, aldus het KNMI.

Passieve maatregelen
Kortom, drijvend bouwen is klimaatadaptief bouwen. Maar, met het oog op een duurzame toekomst zijn nog meer maatregelen genomen. Dat begint al bij het gebouw zelf, legt Logman uit. “Floating Office Rotterdam is in feite een rechthoekig gebouw met een puntdak. Het pand heeft geen rare hoekjes, exotische aanhangsels en dergelijke. Door compact te bouwen, reduceer je het oppervlak en daarmee de energievraag.” Bovendien wordt het gebouw grondig geïsoleerd, de beoogde RC-waardes zitten tussen de 6 en 10. Daarmee voldoe je in feite al deels aan de norm voor passief bouwen.

Trias Energetica
Alleen een dik isolatiepakket volstaat niet om hoge RC-waardes te bereiken. Daar is meer voor nodig. Luchtdicht bouwen bijvoorbeeld en het gebruik van Triple glas. Ook hier wordt rekening mee gehouden. Logman zoomt uitgebreid in op de bouwkundige aspecten om te verduidelijken hoe er al in de ontwerpfase gewerkt is volgens de uitgangspunten van de Trias Energetica. Door slim te bouwen kan je de energievraag al fors reduceren, waardoor er minder installatietechniek aan te pas komt om de resterende behoefte, uiteraard zoveel mogelijk ‘groen’, in te vullen.

Zonverkaveling
Ook zonverkaveling draagt hier een steentje aan bij. “De PV-panelen komen op het zuidelijke deel van het gebouw te liggen, waar het rendement normaliter het hoogst is. Ook krijgt Floating Office Rotterdam overstekken in de vorm van balkons, om de zomerse warmte zoveel mogelijk buiten te houden, maar wel de stralen van de laaghangende winterzon te ontvangen,” legt Logman uit. De binnenzonwering reageert automatisch als binnendringende zonnestralen het pand toch nog ongewenst zouden opwarmen. Het speciale materiaal weerkaatst het zonlicht, voordat het in het gebouw als warmte vrijkomt. In de winternachten helpt de zonwering om het gebouw een extra isolatiedeken te geven en ongewenste afkoeling te voorkomen.

Installatietechniek
Op het dak van Floating Office Rotterdam komt maar liefst voor 800 m2 aan PV-panelen te liggen. “Dat is in principe dekkend voor de gebouwgebonden energievraag. Mocht er een tekort aan stroom zijn, dan kan het reguliere net altijd nog bijspringen. Binnenstedelijk is dit de beste oplossing. Windenergie was geen optie, vanwege de geluidsproductie en de slagschaduw die de wieken creëren.”

Zorgvuldige afweging
Overigens luisterde het nauw met de hoeveelheid PV-panelen. “In eerste instantie overwoog men om het hele dak vol te leggen met PV-panelen. De gemeente wilde echter een waterberging en een omgeving die biodiversiteit bevordert. Daarnaast bleek uit berekeningen dat het ook geen duurzame oplossing was om het hele dak vol te leggen met PV-panelen. De stroomopbrengst zou in geen verhouding staan tot de hoeveelheid niet hernieuwbaar materiaal en energie die nodig zou zijn om de panelen te fabriceren”, legt Logman uit. Het onderstreept nog maar eens wat er allemaal bij komt kijken als je echt duurzaam wilt bouwen. De PV-panelen komen nu op de zuidzijde te liggen van het dak, de noordzijde krijgt een sedumvegetatie, die ook fungeert als waterberging. “Hiermee profiteren omwonenden in de omliggende hoogbouw ook van het aanzicht van een groen dak.”

LED
Ledverlichting is nu wel de standaard in nieuwbouw utiliteitsprojecten. Waren er enkele jaren geleden nog discussies over het kostenplaatje versus de opbrengst en energiebesparing, tegenwoordig is dit een no-brainer. De Ledverlichting wordt gekoppeld aan bewegingssensoren en is daglichtgestuurd. “De intensiteit van het zonlicht bepaalt of de verlichting meer of minder wordt gedimd”, licht Logman toe.

Warmteopwekking
Het gebouw wordt op een bijzondere en state-of-the-art wijze voorzien van warmte. Onder het gebouw bevinden zich namelijk 15 gekoppelde drijflichamen. In de bodem van deze bakken bevinden zich ingestorte leidingen. Deze leidingen wisselen energie uit met het oppervlaktewater, vertelt Logman. “De temperatuur van het water zit tussen de 0 en 25 °C, dus we zijn al een aardig eind op weg. Met twee warmtepompen verhogen we indien nodig de temperatuur tot het juiste niveau. Is er extra koeling nodig voor de warme zomermaanden, geen probleem, er staan ook 2 LBK’s die kunnen bijspringen. Zowel de warmtepompen als LBK’s staan opgesteld in de technische ruimten, die zich bevinden in de drijflichamen. Ze bevinden zich dus deels onder waterniveau en zijn via een vaste trap te bereiken.”

Afgiftesystemen
De begane grond krijgt een vloerverwarmingssysteem, maar de twee bouwlagen erboven niet. Die worden voorzien van klimaatplafondeilanden. Waarom eigenlijk? “In het benedendeel komt de horecafunctie, daarboven zitten de kantoren”, vertelt Logman. Het functieverschil gaat met een andere warmte- en koelingsvraag gepaard. “Op de bovenverdiepingen hebben we een afgiftesysteem nodig met een snelle reactietijd, beneden in de horeca mikken we juist op een constante temperatuur.” De DWA-adviseur geeft aan dat LT-radiatoren geen optie waren. “Ze zouden zichtbaar zijn, wat niet past bij het interieurplan. Bovendien zouden ze minder goed presteren dan de plafondklimaateilanden in deze bouwopgave.”

Airconditioning en ventilatie
Floating Office krijgt een balansventilatiesysteem met WTW. In het kantoordeel voorzien van warmtewielen en in de keuken van een kruistroomwisselaar. “Zo kunnen we in de kantoren ook nog een deel van de vochtproductie terugwinnen, terwijl de kruistroomwisselaar in de keuken warmte kan terugwinnen uit de afzuigkap.” Floating Office Rotterdam maakt als icoon van duurzaamheid met deze keuze een behoorlijk statement. “We hebben niet gekozen voor natuurlijke ventilatie, omdat we met het gebalanceerde systeem makkelijker het comfort kunnen garanderen van de eindgebruikers. Je hoeft je geen zorgen te maken over situaties waarin het kwik enorm stijgt of daalt. Bovendien vermijden we zo eventuele problemen met winddruk en -trek”, vertelt de DWA-adviseur.

Circulaire installaties
Als het om circulariteit gaat, heeft de installatiebranche nog grote stappen te zetten, beaamt Logman. Bij bouwkundige aannemers en architecten is het circulair denken zo langzamerhand wel ingeburgerd (zie bijvoorbeeld ook het artikel over de materialenbank ‘Madaster’ in IZ Maart). Volgens Logman heeft het deels te maken met de fysieke eigenschappen van de materialen. In de installatiebranche werk je bijvoorbeeld niet met hout of baksteen, maar met kunststoffen, stalen leidingen en ga zo maar door. Bovendien zit het nog niet in het systeem van fabrikanten om te denken in termen van modulair bouwen en installeren en demontabiliteit. Bij het ontwerp van Floating Office Rotterdam is wel gekeken naar de demontabiliteit van de installaties. Zo is het mogelijk om de klimaatplafondeilanden en het leidingwerk relatief eenvoudig te verwijderen, waardoor ze te zijner tijd eventueel weer één op één zijn her te gebruiken in een ander bouwproject.

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl.

De bouw van Floating Office Rotterdam is in februari begonnen, het gebouw moet volgens planning eind 2020 worden opgeleverd.

BAM verduurzaamt kantoor van Enexis in Den Bosch

BAM Bouw en Techniek is gestart met de verduurzaming en optimalisatie van het kantoor van Enexis Netbeheer in Den Bosch ...
Verder Lezen

Duurzaamheid monitoren

Wanneer is een gebouw echt duurzaam en hoe meet je dat? Mario Boot, Project- en Service Manager bij BeNext vertelt ...
Verder Lezen

Hoofdkantoor Flamco/Comap bij top duurzame gebouwen in Nederland

Het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control heeft het Breeam ‘Outstanding’ ontwerpcertificaat gekregen voor het nieuwe kantoorgebouw in Almere ...
Verder Lezen

Gratis themadag over BENG

Iedere adviseur zal ermee te maken krijgen: de BENG-eisen. De nieuwe bepalingsmethodiek NTA8800 vervangt vanaf 1 januari 2021 de EPC- ...
Verder Lezen

Branche verdiept zich nog nauwelijks in geothermie

Gepubliceerd op

Uit een studie van Energie Beheer Nederland blijkt dat 2,6 miljoen huizen en gebouwen van warmte kunnen worden voorzien door geothermie. Waarom zijn er dan nog nauwelijks projecten gerealiseerd met aardwarmte in de gebouwde omgeving? Adviseur Runa Lentz van Merosch weet er meer over.

Lentz is bij Merosch de contactpersoon voor begeleiding van geothermieprojecten. Volgens de adviseur zijn er verschillende redenen aan te wijzen waarom aardwarmte nog nauwelijks voet aan de grond heeft gekregen in Nederland.

Zo’n enorme potentie en toch staat de techniek hier nog in de kinderschoenen. Hoe komt dat?
“Allereerst omdat we relatief weinig weten over de aardlagen dieper dan 3 kilometer. De afgelopen decennia hebben we ons vooral geconcentreerd op de ondiepe aardlagen, omdat daar gas te vinden viel. Daarmee kom je ook bij het volgende punt: we hebben onszelf jarenlang beholpen met gas, onze infrastructuur was daar ook op uitgelegd. Er was dus geen reden om onszelf te gaan verdiepen in geothermie.”

Wat komt er allemaal bij kijken om een geothermische installatie aan te leggen?
“Het is een complexe operatie. Eerst worden er twee putten geboord tot een diepte van maximaal ongeveer 4000 m. Uit de ene put wordt warm water omhoog gepompt. De warmte wordt via een warmtewisselaar afgegeven, waarna het afgekoelde water de andere put in gaat. Naast de installatie moet ook een technische ruimte worden gerealiseerd. Al met al ben je gemiddeld tussen de 6 maanden tot 2 jaar kwijt om een geothermische installatie aan te leggen.”

Kan je een dergelijk systeem zowel in de nieuwbouw als bestaande bouw toepassen?
“Eigenlijk is geothermie vooral interessant om de warmtevoorziening van woningen in de bestaande bouw snel te verduurzamen. Je kan namelijk water leveren met een temperatuur van 70°C of hoger. Dat is gunstig, want je hoeft dan geen verwarmingsinstallaties in bestaande woningen te vervangen.”

En hoe zit het dan met de concurrentie van warmtepompen en op termijn waterstofketels?
“Waterstof is nog te duur voor de gebouwde omgeving. Ik zie daar vooral een toekomst voor weggelegd in de industrie. Warmtepompen kan je niet overal toepassen. In de centra van steden is er veel potentie voor warmtenetwerken. Die kan je van warmte voorzien via geothermie.”

Het is ook mogelijk om met geothermie elektriciteit op te wekken. Hoe gaat dat proces in zijn werk?
“In Nederland gebeurt dit nog niet, maar het kan wel. Ultradiepe geothermie (UDG) wordt op 5 tot 7 kilometer diepte gewonnen en levert een temperatuur hoger dan 120°C op, waarmee een aanvullende installatie elektriciteit kan opwekken. Maar dit is alleen interessant al er een subsidieregeling van kracht is. Anders kan je niet concurreren met wind- en zonne-energie. In Nederland kennen wij geen subsidieregeling.”

Tot slot, wat dient de installateur nu al te weten over geothermie?
“Dat het om collectieve systemen gaat, die vooral interessant zijn voor de bestaande bouw. Op dit moment is nog maar één project gerealiseerd, dus het loont nog nauwelijks om je er echt in te gaan verdiepen.”

Meer weten over geothermie? Lees dan het hele artikel in de december-editie van IZ. Deze is vanaf 2 december digitaal te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl.

Afbeelding: Diepe Geothermie. Bron: Merosch

Rekenen met BENG

Gepubliceerd op

NEN 7120 maakt binnenkort plaats voor NTA 8800. De BENG-rekenmethodiek vraagt om een andere benadering van het ontwerpproces. Ventilatie- en zonweringfabrikant Duco organiseert daarom op donderdag 26 november a.s. het gratis webinar ‘Bengt u nog mee?’ voor ontwerpers en voorschrijvers.

De bouwregelgeving groeit en bloeit, maar wordt eigenlijk vooral strenger. Alle nieuwbouwwoningen moeten tegen volgend jaar voldoen aan de BENG-eisen. De BENG-indicatoren en TOjuli zijn in de branche intussen goed bekend. Maar tijdens het webinar gaat Duco een stap verder.

Uitgewerkte BENG-concepten
Ventilatie-expert Richard Geraerts zet beknopt de nieuwe rekenmethodiek uiteen en vertelt waaraan de BENG-woning moet voldoen. Vervolgens toont adviseur Joy den Hartog welke oplossingen de rekenmethodiek positief beïnvloeden aan de hand van uitgewerkte BENG-concepten. Onder andere de volgende vragen komen aan bod: Welke invloed heeft buitenzonwering op de bouwkundige schil? Wat zijn belangrijke TOjuli-remmers? Hoe kan een ventilatiesysteem met zonesturing bijdragen aan BENG? En op welke manier zorgt vraagsturing voor een energiezuinige werking van het ventilatiesysteem?

Inschrijven
Het webinar is na inschrijving gratis te volgen. Tijdens de live-uitzending is er gelegenheid om vragen te stellen via de chatbox. Het webinar kan ook achteraf worden teruggekeken. Meer info via www.duco.eu/beng.

BENG: een laatste update

Op 1 januari 2021 gaat het nieuwe ‘stelsel Energieprestatie Gebouwen’ van start, met nieuwe eisen aan gebouwen en nieuwe rekenmethoden ...
Verder Lezen

‘BENG-ready’ bodemwarmtepomp

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

Via e-learning een betaalbare BENG

Voor opdrachtgevers en professionals in de bouw- en installatiesector is er nu een online platform, AZEB Learn, waarmee via e-learning ...
Verder Lezen

Gratis themadag over BENG

Iedere adviseur zal ermee te maken krijgen: de BENG-eisen. De nieuwe bepalingsmethodiek NTA8800 vervangt vanaf 1 januari 2021 de EPC- ...
Verder Lezen

Afsluiten gasleiding kost bewoner voortaan niets

Gepubliceerd op

Consumenten hoeven de hoge kosten die gepaard gaan met het afsluiten van de gasleiding niet langer zelf te betalen. Wie van zijn gasaansluiting af wilde moest, daar nog enkele honderden euro’s voor betalen. Vanaf nu worden deze kosten gedragen door de netbeheerder.

GroenLinks heeft aangedrongen op deze regeling. De partij vond het oneerlijk om voorlopers in duurzaamheid een rekening van enkele honderden euro’s te presenteren. GroenLinks Kamerlid Tom van der Lee: “We moeten de komende decennia allemaal van het aardgas af. Het is belangrijk dat we burgers helpen deze stap te zetten en niet met deze onnodige en oneerlijke kosten op te zadelen. Deze stap is alvast geregeld voor iedereen die voorop loopt en gasvrij wil gaan wonen.”

Luxe appartementen nu gasloos dankzij luchtwarmtepompen

Op de Koemarkt in Purmerend staat een compleet nieuwe, multifunctionele evenementenlocatie: De Markthal. De naam en de uitstraling van het ...
Verder Lezen

Flexibel gasloos

Op de radio hoort Karel steevast een reclame van een bekend ketelmerk voorbij komen. De fabrikant biedt bij aanschaf van ...
Verder Lezen

Stulz verhuist naar gasloos bedrijfspand

Stulz verlaat eind 2021 Amstelveen voor een nieuw gasloos pand in Hoofddorp op industrieterrein ‘De President’. Het bedrijf gaat op ...
Verder Lezen

GroenLinks wil kosten bewoner voor afsluiten gasleiding halveren

GroenLinks wil dat consumenten niet meer volledig opdraaien voor de kosten van een gasafsluiting. de bedragen hiervoor variëren nu van ...
Verder Lezen

BAM verduurzaamt kantoor van Enexis in Den Bosch

Gepubliceerd op

BAM Bouw en Techniek is gestart met de verduurzaming en optimalisatie van het kantoor van Enexis Netbeheer in Den Bosch. Het kantoorgebouw met een totaal vloeroppervlak van 2.672 m2 voldoet na de verbouwing aan energielabel A. BAM voorziet het dak van een nieuw isolatiepakket en vervangt onder meer de bestaande klimaatinstallatie en de verlichting.

De installatiewerkzaamheden bestaan op hoofdlijnen uit het vervangen van werktuigbouwkundige en elektrotechnische installaties en het aanbrengen van PV-panelen op een geïsoleerd dakpakket.

Hergebruik
BAM realiseert de verduurzaming in bouwteamverband met installatieadviseur Innax en interieurarchitect DZAP. De sloopwerkzaamheden zijn afgerond. Daarbij heeft BAM al het sloopafval gescheiden en zorgen partners voor recycling. Onder meer de glazen systeemwanden zijn zorgvuldig gedemonteerd voor hergebruik bij een ander bedrijf. BAM is gestart met de bouwkundige en installatietechnische werkzaamheden. In maart 2021 verwacht Enexis Netbeheer het kantoorgebouw weer in gebruik te nemen.

BAM verwerft opdracht voor onderhoud gebouwinstallaties Rijksgebouwen

BAM Bouw en Techniek heeft opdracht gekregen voor het onderhoud aan elektrotechnische en klimaattechnische gebouwinstallaties in Rijksgebouwen. Onderdeel van de ...
Verder Lezen

BAM bouwt koeltorengebouw voor chipfabrikant

BAM heeft van chipfabrikant NXP opdracht gekregen om voor haar productiefaciliteit in Nijmegen een nieuw koeltorengebouw te realiseren. De opdracht ...
Verder Lezen

BAM gaat installaties van mboRijnland beheren en onderhouden

BAM Bouw en Techniek – Regio Zuidwest gaat in opdracht van mboRijnland het beheer en onderhoud uitvoeren aan de elektrotechnische ...
Verder Lezen

BAM laat sensor ontwikkelen om binnenklimaat automatisch te optimaliseren

BAM heeft een sensor laten ontwikkelen die het binnenklimaat meet en verschillende functies van het gebouw aanstuurt. De sensor wordt ...
Verder Lezen

BENG: een laatste update

Gepubliceerd op

Op 1 januari 2021 gaat het nieuwe ‘stelsel Energieprestatie Gebouwen’ van start, met nieuwe eisen aan gebouwen en nieuwe rekenmethoden. Inmiddels is het duidelijk wat de gevolgen zijn. Die zijn relevant voor zowel installateurs als installatieadviseurs.

Eerst een korte opfrisser: BENG staat voor Bijna Energie-Neutrale Gebouwen en is de opvolger van de EPC, die sinds 1995 gebruikt wordt om stapsgewijs strengere eisen te stellen aan de energieprestatie van nieuwbouw. Er komen nu aparte eisen voor drie belangrijke aspecten van een (bijna) energieneutraal gebouw, berekend met een nieuw opgezette rekenmethode: de NTA 8800.

Indicatoren
De eerste indicator (BENG-1) stelt een maximum aan de energiebehoefte voor verwarming en koeling. Daarmee wordt een goed bouwkundig ontwerp gewaardeerd. BENG-2 stelt een grens aan het vooraf berekende gebruik van fossiele energie, en waardeert daarmee de toepassing van energiezuinige technieken. Die twee eisen worden uitgedrukt in kWh/m2.jaar, onafhankelijk van de energiedrager, dus ook als het niet gaat om een all-electric oplossing. Het gaat daarbij om zogenaamde ‘primaire energie’, die niet een-op-een vergelijkbaar is met kWh op de elektriciteitsmeter. De derde eis stelt toepassing van hernieuwbare energie in elk plan verplicht. Nog niet 100%, daarom is het ‘bijna’ energieneutraal. Voor woningen komt er daarnaast een eis aan het risico op temperatuuroverschrijding in de zomer: de ‘TO-juli’. Uit de eerste ervaringen blijkt dat juist deze een grote invloed zal gaan hebben op het energieconcept en dus op de toe te passen installaties.

Energielabel
Voor bestaande gebouwen komt er een nieuw energielabel. Dat wordt gebaseerd op dezelfde NTA 8800. Dat betekent dat alle technieken die beschikbaar zijn voor nieuwbouw, nu ook gewaardeerd kunnen worden voor bestaande gebouwen. Omdat ook het Energielabel uitgedrukt gaat worden in kWh/m2, net als BENG-2, zal ongeveer de helft van de gebouwen hetzelfde label houden en kan het andere deel net in een andere labelklasse uitkomen. Voor woningen geldt bovendien dat het doe-het-zelf-label voor particulieren, met 10 vragen, komt te vervallen. Als je een nieuw Energielabel nodig hebt, bijvoorbeeld bij verkoop, dan moet er een gediplomeerd adviseur komen inspecteren. Bestaande Energielabels houden overigens hun geldigheid van 10 jaar.

Ingrijpend
Terug naar de nieuwbouw, want daar zijn de gevolgen het meest ingrijpend. In de utiliteitsbouw zien we dat het voldoen aan de tweede en derde BENG-eis de grootste uitdaging zal vormen. De tweede eis betekent dat er bij systeemselectie goed zal moeten worden gelet op het systeemrendement en op de energievraag van pompen, ventilatoren en andere vormen van hulpenergie. De eis aan hernieuwbare energie vraagt nog wel wat toelichting. Dat is meer dan uitsluitend het plaatsen van PV-panelen op het dak. Ook het benutten van omgevingsenergie telt mee, zoals bij de inzet van warmtepompsystemen of vormen van warmte/koude-opslag. Zonthermische systemen zijn interessant bij gebouwen met een hoge tapwatervraag zoals sportaccommodaties of in de zorg.

TO-juli
Bij woningbouw is van de BENG-eisen ook de tweede indicator veelal het meest kritisch. Toch zien we bij inzet van warmtepompen, met een gebruikelijke COP voor verwarming en tapwater, dat het realiseren van de eis goed mogelijk is. De meeste aandacht bij woningen en appartementengebouwen vraagt, zoals eerder gezegd, het voldoen aan de nieuwe eis met betrekking tot het risico op oververhitting. In de BENG-berekening wordt daarvoor automatisch het indicatiegetal TO-juli berekend. Als daaraan voldaan wordt, mag aangenomen worden dat het risico op oververhitting voldoende mate beperkt is. Het is echter geen garantie: in de praktijk blijft men daarvoor afhankelijk van het weer en van het gedrag van de bewoner. Het TO-juli-getal kan worden beïnvloed door de toepassing van passieve maatregelen zoals zonwering en zonwerend glas, die opwarming voorkomen óf extra ventilatievoorzieningen die in de zomernacht de warmte kunnen afvoeren. Nieuw is dat daarbij speciale zomernachtventilatieluiken meetellen in de berekening. In het buitenland zijn die al regelmatig te zien.

Koeling
Naast de bouwkundige maatregelen is het aanbrengen van een koelsysteem in woningen een mogelijkheid. Nu warmtepompen meer en meer de standaard worden, is die stap veel minder groot dan voorheen. Bij bodemsystemen is het feitelijk een noodzaak voor een goed thermisch evenwicht in de bodem. Dat levert bovendien veel comfort op tegen zeer lage energiekosten: alleen de circulatiepomp hoeft te draaien. In de BENG-uitkomsten zie je dat nauwelijks terug. Bij lucht/water-warmtepompen is de mogelijkheid voor koeling er (afhankelijk van het type) ook, maar dan wordt de warmtepomp ingezet en stijgt de BENG-2 uitkomst mee. Soms is dan compensatie in de vorm van PV nodig. Let wel altijd op de geschiktheid van het afgiftesysteem in verband met het condensrisico; het blijven per slot van rekening vormen van hoog temperatuur koeling.

Vrijstelling
Voor vrijstelling van de TO-juli-eis is het bovendien nodig dat een koelinstallatie voldoende capaciteit heeft en alle verblijfsruimten bedient. Een losse split-unit in een werkkamer levert dus wel een hoger energiegebruik in BENG-2, maar geen vrijstelling van de TO-juli-eis op. Ook van systemen die de ventilatielucht in een woning koelen is niet altijd zeker of de capaciteit voldoende toereikend is. Omdat TO-juli niet meer is dan een indicatie, is het altijd mogelijk om het risico op oververhitting nauwkeurig te berekenen. Daarvoor is de methode GTO (gewogen temperatuur overschrijding) aangewezen, waarbij hogere temperaturen zwaarder meetellen. Dat is werk voor een hierin gespecialiseerde adviseur.

Certificering
Tot slot: bent u zelf betrokken bij het maken van energieprestatieberekeningen of het afmelden van Energielabels? Hou er dan rekening mee dat vanaf 1 januari alle berekeningen die een formele status krijgen, zoals bij een bouwaanvraag, gemaakt moeten worden door een gediplomeerd adviseur die werkt bij daarvoor een gecertificeerd bedrijf. Op dit moment is het daarom aardig druk bij zowel opleiders als exameninstituten.

Meer weten over de nieuwe BENG-regels? Lees dan het hele artikel in de december-editie van IZ. Deze is vanaf 2 december digitaal te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl.

Slimme maatregelen om efficiënter te verwarmen

Het duurzaam verwarmen van de bestaande gebouwde omgeving en daarmee de CO2-uitstoot verlagen is een enorme uitdaging. Het energiegebruik moet ...
Verder Lezen

Methode voor betaalbaar energieneutraal bouwen nogmaals geïntroduceerd

Omdat eerder geplande events dit voorjaar vanwege het coronavirus zijn uitgesteld, wordt AZEB in september en oktober nogmaals geïntroduceerd. Dit ...
Verder Lezen

‘BENG-ready’ bodemwarmtepomp

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

ZEN-woningen scoren gemiddeld bijna acht als rapportcijfer

Uit een woonbelevingsonderzoek blijkt dat ZEN-woningen gemiddeld bijna een acht scoren als rapportcijfer. Tijdens het online BENG-congres op 26 mei ...
Verder Lezen

100 miljoen voor aardgasvrije wijken

Gepubliceerd op

Negentien gemeenten hebben geld gekregen om een dorp, wijk of buurt aardgasvrij of ‘aardgasvrij-ready’ te maken. Minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties trok in totaal een bedrag van 100 miljoen euro uit voor de tweede ronde van 'proeftuinen aardgasvrij'. 71 gemeenten hadden een voorstel ingediend om in aanmerking te komen voor een bijdrage van de minister.

Techniek Nederland reageert middels voorzitter Doekle Terpstra verheugd op dit nieuws: “Met expertise van installateurs en technisch dienstverleners kunnen we resultaat boeken. Cruciaal is dat we zorgen voor draagvlak bij bewoners. Dat vergt inzet van alle betrokken partijen.”

Leren door doen
De proeftuinen zijn onderdeel van het Programma aardgasvrije wijken (PAW). Met dit programma doen gemeenten kennis en ervaring op. Daardoor wordt het mogelijk om bestaande wijken haalbaar en betaalbaar te verduurzamen. In oktober 2018 zijn de eerste proeftuinen gestart in 27 gemeenten. Het PAW draagt bij aan de doelstelling uit het Klimaatakkoord om 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen te verduurzamen tot en met 2030. Het doel van het programma is om te leren hoe het aardgasvrij maken van wijken kan worden ingericht en opgeschaald. Daarvoor is het noodzakelijk dat er daadwerkelijk aardgasvrije woningen en andere gebouwen via een wijkgerichte aanpak gerealiseerd worden. Met deze tweede ronde komt het aantal proeftuinen in totaal op 46. Die omvatten in totaal circa 35.000 woningen en andere gebouwen. Uiteindelijk moeten binnen het PAW zo’n 50.000 woningen en andere gebouwen duurzaam worden gemaakt.

Klimaatadaptatie en circulair bouwen
De negentien nieuwe proeftuinen zorgen niet alleen voor meer volume, maar ook voor meer variatie. Er zijn verschillende warmtetechnieken, de bewoners doen op verschillende manieren mee en de projecten vinden plaats in verschillende soorten wijken en woningen. De keus is ook op bepaalde proeftuinen gevallen omdat de verbinding wordt gemaakt met bijvoorbeeld klimaatadaptatie en circulair bouwen. Doordat er meer proeftuinen komen, wordt het mogelijk om 'rode draden' beter in kaart te brengen. Waar kan het best worden begonnen? Welke aanpak werkt in welke situatie?

Derde ronde proeftuinen in 2021
In 2021 volgt een derde ronde proeftuinen. De evaluatie van deze ronde zal daarvoor de basis zijn. In de derde ronde zal meer nadruk liggen op stapsgewijze oplossingen die veel CO2 kunnen besparen.

Lees hier de Kamerbrief van minister Ollongren en bekijk het overzicht van de proeftuinen.

Verdubbeling subsidie voor duurzame innovaties in gebouwde omgeving

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) investeert dit jaar €30 miljoen extra in de regeling Missiegedreven Onderzoek Ontwikkeling ...
Verder Lezen

Nederlandse woning verliest veel warmte in korte tijd

Woningen in Nederland weten minder warmte binnen te houden dan andere Europese landen. Onderzoek, uitgevoerd tussen december 2019 en januari ...
Verder Lezen

Professionals en studenten gaan samen strijd aan om verduurzaming in Limburg

In Limburg gaan multidisciplinaire teams van professionals - aangevuld met studenten -  dit jaar oplossingen ontwikkelen voor de verduurzaming en ...
Verder Lezen

Wel of niet een nieuwe cv-ketel op gas?

Zeker 600.000 mensen zullen in de komende drie jaar voor de vraag komen te staan: wat te doen als de ...
Verder Lezen

Consortium wil energietransitie gebouwen versnellen

Gepubliceerd op

Een consortium van tien Nederlandse bedrijven en instellingen start een samenwerking die met de toepassing van ‘Internet of Energy’ de energietransitie in Nederland wil versnellen. Het consortium - TROEF genaamd – ontwikkelt hiervoor een nieuw gelaagd energie-ecosysteem waarmee duurzame energie transparant en optimaal kan worden uitgewisseld tussen gebouwen en gebieden, met een zo laag mogelijke CO2-uitstoot als gevolg. De samenwerkingsovereenkomst die betrokken partijen begin oktober hebben gesloten, heeft een looptijd van vier jaar.

TROEF wil aantonen dat samenwerken in een energiegemeenschap loont. Het verbinden van verschillende ‘slimme eilandjes’ middels het ‘Internet of Energy’ vormt in belangrijke mate de route naar het energiesysteem van de toekomst. Door de beschikbare data en kennis van gebouwen slim en effectief te benutten, kunnen gebouweigenaren zelf energie inkopen en energie en CO2-rechten uitwisselen met andere gebouwen.

Beginnen bij de gebruiker
TROEF wil de gebruiker een actieve bijdrage laten leveren aan het energiesysteem en meer laten profiteren van verduurzaming. Centraal in deze doelstelling staan het optimaal benutten van energie in een gezond gebouw, het aantoonbaar maken van de herkomst van energie en het verlagen van de barrières voor gebruikers om te profiteren van het delen van energie.

Stabiliteit energienet
Door gebouwen slimmer te maken is het mogelijk lokaal opgewekte energie te benutten op het moment dat deze beschikbaar is. Dat resulteert niet alleen in energiebesparing, maar leidt ook tot efficiënt gebruik van lokaal opgewekte energie en voorkomt pieken op het net. Dit betekent dat gebruikers kunnen kiezen voor aantoonbaar duurzame energie en voordelige prijzen. Hiermee wordt tevens een bijdrage geleverd aan de stabiliteit en betaalbaarheid van het energienet.

Prototype
TROEF zet in eerste instantie in op de ontwikkeling van een prototype van een gelaagd energie-ecosysteem. Dit prototype wordt gevormd door een 'Layered Energy System' (LES) voor de uitwisseling van energie tussen gebouwen in een lokale energiegemeenschap, interfacing-techniek voor koppelen van gebouwen aan het LES-platform en een Internet-of-Energy-platform voor het verbinden van meerdere lokale energiegemeenschappen. De door TROEF te ontwikkelen energie-ecosystemen zullen op korte termijn in verschillende living labs op meerdere locaties in Nederland worden beproefd.

Subsidie
TROEF heeft bij RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) een MOOI-subsidie (Gebouwde omgeving Missiegedreven Onderzoek, Ontwikkeling en Innovatie) aangevraagd. Het consortium wordt gevormd door AM, BAM, Entrnce International Holding, KPN, OrangeNXT, Stedin Netbeheer, Stichting Hogeschool Utrecht, NEN, Technische Universiteit Eindhoven en Tymlez.

 

 

 

 

 

Kabinet versterkt onderzoek naar energietransitie

Het kabinet maakt €18,3 miljoen vrij voor versterking van de onderzoeksfaciliteiten gericht op de energietransitie. Deze middelen worden verleend aan ...
Verder Lezen

Investering voor versnelling energietransitie met hybride warmtepompen

Het Zuid-Hollandse energie-innovatiefonds ENERGIIQ en duurzaam investeerder Fair Capital Partners Impact Investing gaan investeren in HeatTransformers. Het bedrijf is gespecialiseerd ...
Verder Lezen

Onduidelijkheid over gemeentebeleid energietransitie

Veel bewoners willen zich alvast voorbereiden op de energietransitie maar hebben geen idee wat hun gemeente van plan is. Gemeenten ...
Verder Lezen

Doekle Terpstra: “Zonder technieksector geen energietransitie”

Voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland tekent vandaag in Madurodam voor steun aan het Klimaatakkoord. Eric Wiebes, minister van Economische ...
Verder Lezen

Test om teleurstelling met warmtepomp te voorkomen

Gepubliceerd op

De vraag of een woning geschikt is voor verwarmen op lage temperaturen is voor steeds meer huiseigenaren relevant, maar ook moeilijk te beantwoorden. Voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal en marktversneller Enpuls bieden daarom de ‘50 graden test’ aan. Tijdens de test zetten bewoners twee weken de aanvoertemperatuur van de cv ketel op 50 graden. Na afloop evalueren zij het comfort in huis met hulp van een online tool. Een woning die goed is geïsoleerd en met 50 graden voldoende comfort geeft, is geschikt voor verwarmen op lage temperatuur. Bijvoorbeeld met een volledige of hybride warmtepomp.

Een huis dat niet comfortabel warm voelt gedurende de testperiode is nog niet geschikt. Mariken Stolk, energie expert van Milieu Centraal: “Bewoners krijgen dan het advies om de isolatie te verbeteren, de capaciteit van de radiatoren te vergroten, of om de ventilatie zuiniger te maken. De bewoners van huizen die al redelijk geïsoleerd zijn maar niet heel goed, krijgen het advies om een hybride warmtepomp te overwegen. Hiermee bespaar je direct op het verbruik van aardgas, en kun je de komende jaren maatregelen te nemen om de isolatie van de woning te verbeteren. Slimme momenten zijn bijvoorbeeld een verbouwing of onderhoud.”

Ervaringen
Enpuls en Milieu Centraal ontwikkelden de test op basis van ervaringen met een pilot van Enpuls. Ontwikkelaar Bregje Vos van Enpuls: “Veel woningeigenaren twijfelen nog of hun huis geschikt is om duurzaam te verwarmen. Met concrete tools en hulpmiddelen zoals de 50-gradentest willen we woningeigenaren stap voor stap vooruithelpen.”

Nuttige ervaring
Thomas, bewoner van een jaren 90-woning, deed mee aan deze pilot. ”Over twee jaar is mijn cv aan vervanging toe, ik ben benieuwd of de hybride warmtepomp voor mij dan een optie is. Deze test was een nuttige ervaring, het comfort bleef in huis gelijk. Ik ben ook aan het denken gezet over het verbeteren van de isolatie en het optimaal instellen van mijn verwarmingsinstellingen

Warmtepomp mét waterkoeler maakt kaasfabriek bijna gasloos

Voor een nagenoeg gasloos en duurzaam productieproces van verschillende kaassoorten is in een nieuw gebouw van kaasfabriek Rouveen Kaasspecialiteiten in ...
Verder Lezen

Webinar vervangt ‘Dag van de warmtepomp’

Na 'De dag van de Warmtepomp', 'Het jaar van de Warmtepomp' en ‘De week van de Warmtepomp’, is dit jaar, ...
Verder Lezen

Hybride warmtepomp met OpenTherm aansturing

De nieuwe Elga Ace van Remeha is een hybride warmtepomp die functioneert met alle merken hr-ketels en past bij elk ...
Verder Lezen

Van E naar A+ met hybride warmtepompen

Ruim honderd jaren 60-woningen in Blerick maken een stap van energielabel E naar A+ door over te schakelen op hybride ...
Verder Lezen

Veiliger verduurzamen van appartementen

Gepubliceerd op

Steeds meer appartementseigenaren en VvE’s overwegen om zonnepanelen met een eigen opslagbatterij te plaatsen. Er is echter nog geen passende wet- en regelgeving op dit gebied, waardoor het niet duidelijk is aan welke minimale veiligheidseisen een installatie moet voldoen en welke maatregelen VvE’s moeten nemen. Om ernstige ongevallen, zoals brand, te voorkomen, is nu een handreiking verschenen die alle maatregelen en adviezen op bouwkundig, installatietechnisch en organisatorisch gebied omschrijft.

Volgens het CBS werd vorig jaar 40% meer stroom door zonnepanelen opgewekt in Nederland. Het grootste deel van deze toename (70%) is toe te schrijven aan grotere installaties op daken van gebouwen en op de grond. Er was echter ook sprake van een aantal grote branden, die vaak het gevolg bleken van constructie- en installatiefouten. De handreiking zorgt ervoor dat alle betrokken partijen, zoals de VvE, installateurs en de brandweer, vanaf het begin weten waar zij op moeten letten en wat zij kunnen doen om veiligheidsrisico’s te minimaliseren.

Relatief nieuwe ontwikkeling
De plaatsing van zonnepanelen, steeds vaker in combinatie met een opslagsysteem, is een relatief nieuwe ontwikkeling. In de eerste plaats is het belangrijk dat men op de hoogte is van de minimale kwaliteits- en veiligheidseisen waar het zonnepaneelsysteem moet voldoen. Vervolgens zijn er de te nemen maatregelen voor de installatie. Het dak wordt bijvoorbeeld opeens met veel extra gewicht belast en moet dit op de lange termijn kunnen dragen. Bovendien moeten de zonnepanelen ook goed bereikbaar zijn voor zowel onderhoudswerkzaamheden als hulpverlening. Tevens is het van belang dat de Veiligheidsregio en de brandweer tijdig op de hoogte worden gesteld van de installatie, ook als de betreffende VvE of woningcorporatie geen vergunningaanvraag voor de installatie hoeft te doen.

Van regionaal naar digitaal
De handreiking is een initiatief van het Instituut voor Fysieke Veiligheid, Voor de VVE en de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. Het document zal op 13 oktober gepresenteerd worden in een live webinar. Hierbij zijn, naast de betrokken partijen, ook het Nationaal Warmtefonds en de BNG Bank aanwezig om maatregelen toe te lichten en vragen te beantwoorden. Het oorspronkelijke plan was om op regionaal niveau bijeenkomsten te organiseren, echter vanwege de COVID-19 situatie is gekozen voor een live webinar van 60 minuten.

Foto: In Maassluis is op 29 september het eerste verduurzamingsproject opgeleverd waarbij aan alle maatregelen uit  de handreiking is voldaan.

‘Lening voor verduurzamen huis is hard nodig’

Het kabinet liet onlangs weten een plan uit het Klimaatakkoord te schrappen, dat een speciale lening mogelijk moet maken voor ...
Verder Lezen

‘Verduurzamen woning voor vrijwel niemand rendabel’

Zonder aanvullend beleid zal de bijdrage van huiseigenaren aan het halen van het Klimaatakkoord fors minder zijn dan waar de ...
Verder Lezen

Honderden miljoenen voor verduurzamen woningen en gebouwen

 Minister Wiebes trekt honderden miljoenen euro uit voor het verduurzamen van woningen en gebouwen. Daarmee wil hij de vaart houden ...
Verder Lezen

‘Lening voor verduurzamen huis is hard nodig’

Gepubliceerd op

Het kabinet liet onlangs weten een plan uit het Klimaatakkoord te schrappen, dat een speciale lening mogelijk moet maken voor het verduurzamen van huizen. De ‘gebouwgebonden financiering’ – waarbij de lening is gekoppeld aan het huis en niet aan de bewoner – blijkt te ingewikkeld en te duur. Toch zijn de mogelijkheden voor langlopende leningen met een lage rente hiermee niet uitgeput, benadrukt brancheorganisatie Techniek Nederland.

‘Uit intensief overleg met kredietverstrekkers is naar voren gekomen dat commerciële kredietverstrekkers naar verwachting niet in staat zullen zijn een product aan te bieden dat voldoende aantrekkelijk is ten opzichte van bestaande financieringsopties voor verduurzaming’, schrijft ‘minister Ollongren aan de Tweede Kamer. Ook staan Europese en nationale regels in de weg om een lening in te voeren die niet direct aan een persoon is gekoppeld.

Perspectief
Techniek Nederland blijft benadrukken dat het verduurzamen van eigen woningen en corporatiewoningen aantrekkelijker moet worden. ‘Daarvoor zijn aanvullende maatregelen zoals langlopende leningen met een lage rente of andere, vergelijkbare maatregelen hard nodig.’ Er is ook nog perspectief, ziet de brancheorganisatie. ‘Minister Ollongren heeft namelijk al aangekondigd om de mogelijkheden verder te onderzoeken in het publieke domein. Zij heeft het Nationaal Warmtefonds gevraagd te onderzoeken onder welke voorwaarden zij een gebouwgebonden financiering kunnen ontwikkelen en aanbieden.’

Ander relevant nieuws van onze redactie

Warmtewiel wel of niet stilzetten vanwege coronavirus?

Naar aanleiding van de huidige coronavirus pandemie kwam REHVA, de Europese overkoepelende vereniging voor klimaatinstallaties, medio maart met aanbevelingen voor het ...
Verder Lezen

WTW met tegenstroom-platenwisselaars en warmtewielen

Auerhaan introduceert een programma warmteterugwinunits met tegenstroom-platenwisselaars en warmtewielen. In totaal omvat deze nieuwe WTW-serie van het fabricaat Lemmens een ...
Verder Lezen

Luchtbehandelingskasten met hypermodern warmtewiel

Ned Air bv, fabrikant van luchtbehandelingssystemen, komt met een nieuwe unit: de RotorLine. De RotorLine is een serie luchtbehandelingskasten die ...
Verder Lezen

Hoofdkantoor Flamco/Comap bij top duurzame gebouwen in Nederland

Gepubliceerd op

Het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control heeft het Breeam ‘Outstanding’ ontwerpcertificaat gekregen voor het nieuwe kantoorgebouw in Almere. Daarmee staat het in de Nederlandse top tien van Breeam-gecertificeerde kantoorgebouwen. Onderdelen van Aalberts zijn Flamco en Comap, die verantwoordelijk zijn voor de productie, verkoop en distributie van alle Hydronic Flow Control producten voor verwarming-, koeling-, water- en solarsystemen

“Als fabrikant van energie-efficiënte oplossingen hebben wij duurzame ambities. Daarom grijpen we deze kans aan om ook ons eigen, nieuwe kantoorgebouw zo duurzaam mogelijk te bouwen”, aldus Henk Robers, Chief Operational Officer van Flamco.

Nederlandse top tien
Breeam maakt duurzaam bouwen integraal meetbaar en is de meest gebruikte certificeringsmethode in Europa. Tom Linneman: “Flamco scoort 90%. Slechts tien tot vijftien procent van de kantoorgebouwen bereikt het predicaat ‘outstanding’. Hiermee behoort Flamco als Breeam-gecertificeerd kantoor tot de top 10 van Nederland.”

Gezondheid en energie
De score op het gebied van gezondheid & comfort bedraagt 86% en op energiegebied 96%, mede dankzij isolatie, zonnepanelen, LED-verlichting en energiezuinige installaties. Verder voorkomt het ontbreken van een gasaansluiting de verbranding van fossiele brandstoffen, wat een 83% score oplevert in de categorie ‘vervuiling’.

Het gebouw zal begin 2021 worden opgeleverd.