Tag Archives: duurzaam

Drijvend kantoor als uithangbord voor duurzaam bouwen

Gepubliceerd op

Het Floating Office Rotterdam (FOR) wordt het nieuwe hoofdkantoor van het Global Commission on Adaptation (GCA). Het drijvende kantoorgebouw, ontworpen door Powerhouse Company en ontwikkeld door RED Company, wordt een uithangbord voor duurzaam bouwen. Zo gaat het gebouw de warmte oogsten van het oppervlaktewater, komen er PV-panelen op het dak te liggen en krijgt het drijvende kantoor een gebalanceerd ventilatiesysteem. Eind 2020 moet het gebouw klaar zijn voor gebruik.

Maar wat heeft Bill Gates hier nu mee te maken, zal de lezer zich afvragen? Het GCA is een initiatief van verschillende landen en de Wereldbank en wordt voorgezeten door voormalig VN-voorzitter Ban Ki-moon, Bill Gates en Kristalina Georgieva (algemeen directeur van het IMF). Het GCA ontwikkelt en deelt kennis over het veranderende klimaat in de wereld en de wijze hoe daarop ingespeeld kan worden.

Drijvende bouw
Het GCA helpt wereldwijd landen en steden om klimaatbestendig te worden. Drijvende bouw wordt gezien als één van de antwoorden op klimaatverandering, vertelt Rico Logman van DWA. Vandaar dus deze bijzondere keuze. Rico Logman is als senior-adviseur betrokken bij het installatietechnisch ontwerp van Floating Office Rotterdam.

Voordelen
Wat zijn dan de voordelen van drijvende bouw, zal je je wellicht afvragen. Allereerst gebruik je geen land om een gebouw neer te zetten. Daarnaast gelden er geen verplichtingen met betrekking tot de hemelwaterafvoer. Daarvoor zijn de eisen aangescherpt, tegenwoordig dienen pandeigenaren zoveel mogelijk hun eigen hemelwater vast te houden op locatie en waar mogelijk te infiltreren. Dat brengt nogal wat werkzaamheden en kosten met zich mee. Denk bijvoorbeeld aan aparte infiltratievoorzieningen.

Zeespiegelstijging
En tot slot heb je als gebouweigenaar en gebruiker geen last van de zeespiegelstijging.
In de periode 1901-2010 is de zeespiegel met 19 centimeter gestegen. De komende eeuw kan de zeespiegel tussen de 26 en 82 centimeter verder stijgen. Langs de Nederlandse kust heeft het zeeniveau de afgelopen eeuw gelijke tred gehouden met het wereldgemiddelde. Er is geen tempoversnelling geconstateerd in de laatste decennia, aldus het KNMI.

Passieve maatregelen
Kortom, drijvend bouwen is klimaatadaptief bouwen. Maar, met het oog op een duurzame toekomst zijn nog meer maatregelen genomen. Dat begint al bij het gebouw zelf, legt Logman uit. “Floating Office Rotterdam is in feite een rechthoekig gebouw met een puntdak. Het pand heeft geen rare hoekjes, exotische aanhangsels en dergelijke. Door compact te bouwen, reduceer je het oppervlak en daarmee de energievraag.” Bovendien wordt het gebouw grondig geïsoleerd, de beoogde RC-waardes zitten tussen de 6 en 10. Daarmee voldoe je in feite al deels aan de norm voor passief bouwen.

Trias Energetica
Alleen een dik isolatiepakket volstaat niet om hoge RC-waardes te bereiken. Daar is meer voor nodig. Luchtdicht bouwen bijvoorbeeld en het gebruik van Triple glas. Ook hier wordt rekening mee gehouden. Logman zoomt uitgebreid in op de bouwkundige aspecten om te verduidelijken hoe er al in de ontwerpfase gewerkt is volgens de uitgangspunten van de Trias Energetica. Door slim te bouwen kan je de energievraag al fors reduceren, waardoor er minder installatietechniek aan te pas komt om de resterende behoefte, uiteraard zoveel mogelijk ‘groen’, in te vullen.

Zonverkaveling
Ook zonverkaveling draagt hier een steentje aan bij. “De PV-panelen komen op het zuidelijke deel van het gebouw te liggen, waar het rendement normaliter het hoogst is. Ook krijgt Floating Office Rotterdam overstekken in de vorm van balkons, om de zomerse warmte zoveel mogelijk buiten te houden, maar wel de stralen van de laaghangende winterzon te ontvangen,” legt Logman uit. De binnenzonwering reageert automatisch als binnendringende zonnestralen het pand toch nog ongewenst zouden opwarmen. Het speciale materiaal weerkaatst het zonlicht, voordat het in het gebouw als warmte vrijkomt. In de winternachten helpt de zonwering om het gebouw een extra isolatiedeken te geven en ongewenste afkoeling te voorkomen.

Installatietechniek
Op het dak van Floating Office Rotterdam komt maar liefst voor 800 m2 aan PV-panelen te liggen. “Dat is in principe dekkend voor de gebouwgebonden energievraag. Mocht er een tekort aan stroom zijn, dan kan het reguliere net altijd nog bijspringen. Binnenstedelijk is dit de beste oplossing. Windenergie was geen optie, vanwege de geluidsproductie en de slagschaduw die de wieken creëren.”

Zorgvuldige afweging
Overigens luisterde het nauw met de hoeveelheid PV-panelen. “In eerste instantie overwoog men om het hele dak vol te leggen met PV-panelen. De gemeente wilde echter een waterberging en een omgeving die biodiversiteit bevordert. Daarnaast bleek uit berekeningen dat het ook geen duurzame oplossing was om het hele dak vol te leggen met PV-panelen. De stroomopbrengst zou in geen verhouding staan tot de hoeveelheid niet hernieuwbaar materiaal en energie die nodig zou zijn om de panelen te fabriceren”, legt Logman uit. Het onderstreept nog maar eens wat er allemaal bij komt kijken als je echt duurzaam wilt bouwen. De PV-panelen komen nu op de zuidzijde te liggen van het dak, de noordzijde krijgt een sedumvegetatie, die ook fungeert als waterberging. “Hiermee profiteren omwonenden in de omliggende hoogbouw ook van het aanzicht van een groen dak.”

LED
Ledverlichting is nu wel de standaard in nieuwbouw utiliteitsprojecten. Waren er enkele jaren geleden nog discussies over het kostenplaatje versus de opbrengst en energiebesparing, tegenwoordig is dit een no-brainer. De Ledverlichting wordt gekoppeld aan bewegingssensoren en is daglichtgestuurd. “De intensiteit van het zonlicht bepaalt of de verlichting meer of minder wordt gedimd”, licht Logman toe.

Warmteopwekking
Het gebouw wordt op een bijzondere en state-of-the-art wijze voorzien van warmte. Onder het gebouw bevinden zich namelijk 15 gekoppelde drijflichamen. In de bodem van deze bakken bevinden zich ingestorte leidingen. Deze leidingen wisselen energie uit met het oppervlaktewater, vertelt Logman. “De temperatuur van het water zit tussen de 0 en 25 °C, dus we zijn al een aardig eind op weg. Met twee warmtepompen verhogen we indien nodig de temperatuur tot het juiste niveau. Is er extra koeling nodig voor de warme zomermaanden, geen probleem, er staan ook 2 LBK’s die kunnen bijspringen. Zowel de warmtepompen als LBK’s staan opgesteld in de technische ruimten, die zich bevinden in de drijflichamen. Ze bevinden zich dus deels onder waterniveau en zijn via een vaste trap te bereiken.”

Afgiftesystemen
De begane grond krijgt een vloerverwarmingssysteem, maar de twee bouwlagen erboven niet. Die worden voorzien van klimaatplafondeilanden. Waarom eigenlijk? “In het benedendeel komt de horecafunctie, daarboven zitten de kantoren”, vertelt Logman. Het functieverschil gaat met een andere warmte- en koelingsvraag gepaard. “Op de bovenverdiepingen hebben we een afgiftesysteem nodig met een snelle reactietijd, beneden in de horeca mikken we juist op een constante temperatuur.” De DWA-adviseur geeft aan dat LT-radiatoren geen optie waren. “Ze zouden zichtbaar zijn, wat niet past bij het interieurplan. Bovendien zouden ze minder goed presteren dan de plafondklimaateilanden in deze bouwopgave.”

Airconditioning en ventilatie
Floating Office krijgt een balansventilatiesysteem met WTW. In het kantoordeel voorzien van warmtewielen en in de keuken van een kruistroomwisselaar. “Zo kunnen we in de kantoren ook nog een deel van de vochtproductie terugwinnen, terwijl de kruistroomwisselaar in de keuken warmte kan terugwinnen uit de afzuigkap.” Floating Office Rotterdam maakt als icoon van duurzaamheid met deze keuze een behoorlijk statement. “We hebben niet gekozen voor natuurlijke ventilatie, omdat we met het gebalanceerde systeem makkelijker het comfort kunnen garanderen van de eindgebruikers. Je hoeft je geen zorgen te maken over situaties waarin het kwik enorm stijgt of daalt. Bovendien vermijden we zo eventuele problemen met winddruk en -trek”, vertelt de DWA-adviseur.

Circulaire installaties
Als het om circulariteit gaat, heeft de installatiebranche nog grote stappen te zetten, beaamt Logman. Bij bouwkundige aannemers en architecten is het circulair denken zo langzamerhand wel ingeburgerd (zie bijvoorbeeld ook het artikel over de materialenbank ‘Madaster’ in IZ Maart). Volgens Logman heeft het deels te maken met de fysieke eigenschappen van de materialen. In de installatiebranche werk je bijvoorbeeld niet met hout of baksteen, maar met kunststoffen, stalen leidingen en ga zo maar door. Bovendien zit het nog niet in het systeem van fabrikanten om te denken in termen van modulair bouwen en installeren en demontabiliteit. Bij het ontwerp van Floating Office Rotterdam is wel gekeken naar de demontabiliteit van de installaties. Zo is het mogelijk om de klimaatplafondeilanden en het leidingwerk relatief eenvoudig te verwijderen, waardoor ze te zijner tijd eventueel weer één op één zijn her te gebruiken in een ander bouwproject.

De bouw van Floating Office Rotterdam is in februari begonnen, het gebouw moet volgens planning eind 2020 worden opgeleverd.

BAM verduurzaamt kantoor van Enexis in Den Bosch

BAM Bouw en Techniek is gestart met de verduurzaming en optimalisatie van het kantoor van Enexis Netbeheer in Den Bosch ...
Verder Lezen

Duurzaamheid monitoren

Wanneer is een gebouw echt duurzaam en hoe meet je dat? Mario Boot, Project- en Service Manager bij BeNext vertelt ...
Verder Lezen

Hoofdkantoor Flamco/Comap bij top duurzame gebouwen in Nederland

Het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control heeft het Breeam ‘Outstanding’ ontwerpcertificaat gekregen voor het nieuwe kantoorgebouw in Almere ...
Verder Lezen

Gratis themadag over BENG

Iedere adviseur zal ermee te maken krijgen: de BENG-eisen. De nieuwe bepalingsmethodiek NTA8800 vervangt vanaf 1 januari 2021 de EPC- ...
Verder Lezen

Branche verdiept zich nog nauwelijks in geothermie

Gepubliceerd op

Uit een studie van Energie Beheer Nederland blijkt dat 2,6 miljoen huizen en gebouwen van warmte kunnen worden voorzien door geothermie. Waarom zijn er dan nog nauwelijks projecten gerealiseerd met aardwarmte in de gebouwde omgeving? Adviseur Runa Lentz van Merosch weet er meer over.

Lentz is bij Merosch de contactpersoon voor begeleiding van geothermieprojecten. Volgens de adviseur zijn er verschillende redenen aan te wijzen waarom aardwarmte nog nauwelijks voet aan de grond heeft gekregen in Nederland.

Zo’n enorme potentie en toch staat de techniek hier nog in de kinderschoenen. Hoe komt dat?
“Allereerst omdat we relatief weinig weten over de aardlagen dieper dan 3 kilometer. De afgelopen decennia hebben we ons vooral geconcentreerd op de ondiepe aardlagen, omdat daar gas te vinden viel. Daarmee kom je ook bij het volgende punt: we hebben onszelf jarenlang beholpen met gas, onze infrastructuur was daar ook op uitgelegd. Er was dus geen reden om onszelf te gaan verdiepen in geothermie.”

Wat komt er allemaal bij kijken om een geothermische installatie aan te leggen?
“Het is een complexe operatie. Eerst worden er twee putten geboord tot een diepte van maximaal ongeveer 4000 m. Uit de ene put wordt warm water omhoog gepompt. De warmte wordt via een warmtewisselaar afgegeven, waarna het afgekoelde water de andere put in gaat. Naast de installatie moet ook een technische ruimte worden gerealiseerd. Al met al ben je gemiddeld tussen de 6 maanden tot 2 jaar kwijt om een geothermische installatie aan te leggen.”

Kan je een dergelijk systeem zowel in de nieuwbouw als bestaande bouw toepassen?
“Eigenlijk is geothermie vooral interessant om de warmtevoorziening van woningen in de bestaande bouw snel te verduurzamen. Je kan namelijk water leveren met een temperatuur van 70°C of hoger. Dat is gunstig, want je hoeft dan geen verwarmingsinstallaties in bestaande woningen te vervangen.”

En hoe zit het dan met de concurrentie van warmtepompen en op termijn waterstofketels?
“Waterstof is nog te duur voor de gebouwde omgeving. Ik zie daar vooral een toekomst voor weggelegd in de industrie. Warmtepompen kan je niet overal toepassen. In de centra van steden is er veel potentie voor warmtenetwerken. Die kan je van warmte voorzien via geothermie.”

Het is ook mogelijk om met geothermie elektriciteit op te wekken. Hoe gaat dat proces in zijn werk?
“In Nederland gebeurt dit nog niet, maar het kan wel. Ultradiepe geothermie (UDG) wordt op 5 tot 7 kilometer diepte gewonnen en levert een temperatuur hoger dan 120°C op, waarmee een aanvullende installatie elektriciteit kan opwekken. Maar dit is alleen interessant al er een subsidieregeling van kracht is. Anders kan je niet concurreren met wind- en zonne-energie. In Nederland kennen wij geen subsidieregeling.”

Tot slot, wat dient de installateur nu al te weten over geothermie?
“Dat het om collectieve systemen gaat, die vooral interessant zijn voor de bestaande bouw. Op dit moment is nog maar één project gerealiseerd, dus het loont nog nauwelijks om je er echt in te gaan verdiepen.”

Meer weten over geothermie? Lees dan het hele artikel in de december-editie van IZ. Deze is vanaf 2 december digitaal te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl.

Afbeelding: Diepe Geothermie. Bron: Merosch

Rekenen met BENG

Gepubliceerd op

NEN 7120 maakt binnenkort plaats voor NTA 8800. De BENG-rekenmethodiek vraagt om een andere benadering van het ontwerpproces. Ventilatie- en zonweringfabrikant Duco organiseert daarom op donderdag 26 november a.s. het gratis webinar ‘Bengt u nog mee?’ voor ontwerpers en voorschrijvers.

De bouwregelgeving groeit en bloeit, maar wordt eigenlijk vooral strenger. Alle nieuwbouwwoningen moeten tegen volgend jaar voldoen aan de BENG-eisen. De BENG-indicatoren en TOjuli zijn in de branche intussen goed bekend. Maar tijdens het webinar gaat Duco een stap verder.

Uitgewerkte BENG-concepten
Ventilatie-expert Richard Geraerts zet beknopt de nieuwe rekenmethodiek uiteen en vertelt waaraan de BENG-woning moet voldoen. Vervolgens toont adviseur Joy den Hartog welke oplossingen de rekenmethodiek positief beïnvloeden aan de hand van uitgewerkte BENG-concepten. Onder andere de volgende vragen komen aan bod: Welke invloed heeft buitenzonwering op de bouwkundige schil? Wat zijn belangrijke TOjuli-remmers? Hoe kan een ventilatiesysteem met zonesturing bijdragen aan BENG? En op welke manier zorgt vraagsturing voor een energiezuinige werking van het ventilatiesysteem?

Inschrijven
Het webinar is na inschrijving gratis te volgen. Tijdens de live-uitzending is er gelegenheid om vragen te stellen via de chatbox. Het webinar kan ook achteraf worden teruggekeken. Meer info via www.duco.eu/beng.

BENG: een laatste update

Op 1 januari 2021 gaat het nieuwe ‘stelsel Energieprestatie Gebouwen’ van start, met nieuwe eisen aan gebouwen en nieuwe rekenmethoden ...
Verder Lezen

‘BENG-ready’ bodemwarmtepomp

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

Via e-learning een betaalbare BENG

Voor opdrachtgevers en professionals in de bouw- en installatiesector is er nu een online platform, AZEB Learn, waarmee via e-learning ...
Verder Lezen

Gratis themadag over BENG

Iedere adviseur zal ermee te maken krijgen: de BENG-eisen. De nieuwe bepalingsmethodiek NTA8800 vervangt vanaf 1 januari 2021 de EPC- ...
Verder Lezen

Afsluiten gasleiding kost bewoner voortaan niets

Gepubliceerd op

Consumenten hoeven de hoge kosten die gepaard gaan met het afsluiten van de gasleiding niet langer zelf te betalen. Wie van zijn gasaansluiting af wilde moest, daar nog enkele honderden euro’s voor betalen. Vanaf nu worden deze kosten gedragen door de netbeheerder.

GroenLinks heeft aangedrongen op deze regeling. De partij vond het oneerlijk om voorlopers in duurzaamheid een rekening van enkele honderden euro’s te presenteren. GroenLinks Kamerlid Tom van der Lee: “We moeten de komende decennia allemaal van het aardgas af. Het is belangrijk dat we burgers helpen deze stap te zetten en niet met deze onnodige en oneerlijke kosten op te zadelen. Deze stap is alvast geregeld voor iedereen die voorop loopt en gasvrij wil gaan wonen.”

Luxe appartementen nu gasloos dankzij luchtwarmtepompen

Op de Koemarkt in Purmerend staat een compleet nieuwe, multifunctionele evenementenlocatie: De Markthal. De naam en de uitstraling van het ...
Verder Lezen

Flexibel gasloos

Op de radio hoort Karel steevast een reclame van een bekend ketelmerk voorbij komen. De fabrikant biedt bij aanschaf van ...
Verder Lezen

Stulz verhuist naar gasloos bedrijfspand

Stulz verlaat eind 2021 Amstelveen voor een nieuw gasloos pand in Hoofddorp op industrieterrein ‘De President’. Het bedrijf gaat op ...
Verder Lezen

GroenLinks wil kosten bewoner voor afsluiten gasleiding halveren

GroenLinks wil dat consumenten niet meer volledig opdraaien voor de kosten van een gasafsluiting. de bedragen hiervoor variëren nu van ...
Verder Lezen

BAM verduurzaamt kantoor van Enexis in Den Bosch

Gepubliceerd op

BAM Bouw en Techniek is gestart met de verduurzaming en optimalisatie van het kantoor van Enexis Netbeheer in Den Bosch. Het kantoorgebouw met een totaal vloeroppervlak van 2.672 m2 voldoet na de verbouwing aan energielabel A. BAM voorziet het dak van een nieuw isolatiepakket en vervangt onder meer de bestaande klimaatinstallatie en de verlichting.

De installatiewerkzaamheden bestaan op hoofdlijnen uit het vervangen van werktuigbouwkundige en elektrotechnische installaties en het aanbrengen van PV-panelen op een geïsoleerd dakpakket.

Hergebruik
BAM realiseert de verduurzaming in bouwteamverband met installatieadviseur Innax en interieurarchitect DZAP. De sloopwerkzaamheden zijn afgerond. Daarbij heeft BAM al het sloopafval gescheiden en zorgen partners voor recycling. Onder meer de glazen systeemwanden zijn zorgvuldig gedemonteerd voor hergebruik bij een ander bedrijf. BAM is gestart met de bouwkundige en installatietechnische werkzaamheden. In maart 2021 verwacht Enexis Netbeheer het kantoorgebouw weer in gebruik te nemen.

BAM verwerft opdracht voor onderhoud gebouwinstallaties Rijksgebouwen

BAM Bouw en Techniek heeft opdracht gekregen voor het onderhoud aan elektrotechnische en klimaattechnische gebouwinstallaties in Rijksgebouwen. Onderdeel van de ...
Verder Lezen

BAM bouwt koeltorengebouw voor chipfabrikant

BAM heeft van chipfabrikant NXP opdracht gekregen om voor haar productiefaciliteit in Nijmegen een nieuw koeltorengebouw te realiseren. De opdracht ...
Verder Lezen

BAM gaat installaties van mboRijnland beheren en onderhouden

BAM Bouw en Techniek – Regio Zuidwest gaat in opdracht van mboRijnland het beheer en onderhoud uitvoeren aan de elektrotechnische ...
Verder Lezen

BAM laat sensor ontwikkelen om binnenklimaat automatisch te optimaliseren

BAM heeft een sensor laten ontwikkelen die het binnenklimaat meet en verschillende functies van het gebouw aanstuurt. De sensor wordt ...
Verder Lezen

BENG: een laatste update

Gepubliceerd op

Op 1 januari 2021 gaat het nieuwe ‘stelsel Energieprestatie Gebouwen’ van start, met nieuwe eisen aan gebouwen en nieuwe rekenmethoden. Inmiddels is het duidelijk wat de gevolgen zijn. Die zijn relevant voor zowel installateurs als installatieadviseurs.

Eerst een korte opfrisser: BENG staat voor Bijna Energie-Neutrale Gebouwen en is de opvolger van de EPC, die sinds 1995 gebruikt wordt om stapsgewijs strengere eisen te stellen aan de energieprestatie van nieuwbouw. Er komen nu aparte eisen voor drie belangrijke aspecten van een (bijna) energieneutraal gebouw, berekend met een nieuw opgezette rekenmethode: de NTA 8800.

Indicatoren
De eerste indicator (BENG-1) stelt een maximum aan de energiebehoefte voor verwarming en koeling. Daarmee wordt een goed bouwkundig ontwerp gewaardeerd. BENG-2 stelt een grens aan het vooraf berekende gebruik van fossiele energie, en waardeert daarmee de toepassing van energiezuinige technieken. Die twee eisen worden uitgedrukt in kWh/m2.jaar, onafhankelijk van de energiedrager, dus ook als het niet gaat om een all-electric oplossing. Het gaat daarbij om zogenaamde ‘primaire energie’, die niet een-op-een vergelijkbaar is met kWh op de elektriciteitsmeter. De derde eis stelt toepassing van hernieuwbare energie in elk plan verplicht. Nog niet 100%, daarom is het ‘bijna’ energieneutraal. Voor woningen komt er daarnaast een eis aan het risico op temperatuuroverschrijding in de zomer: de ‘TO-juli’. Uit de eerste ervaringen blijkt dat juist deze een grote invloed zal gaan hebben op het energieconcept en dus op de toe te passen installaties.

Energielabel
Voor bestaande gebouwen komt er een nieuw energielabel. Dat wordt gebaseerd op dezelfde NTA 8800. Dat betekent dat alle technieken die beschikbaar zijn voor nieuwbouw, nu ook gewaardeerd kunnen worden voor bestaande gebouwen. Omdat ook het Energielabel uitgedrukt gaat worden in kWh/m2, net als BENG-2, zal ongeveer de helft van de gebouwen hetzelfde label houden en kan het andere deel net in een andere labelklasse uitkomen. Voor woningen geldt bovendien dat het doe-het-zelf-label voor particulieren, met 10 vragen, komt te vervallen. Als je een nieuw Energielabel nodig hebt, bijvoorbeeld bij verkoop, dan moet er een gediplomeerd adviseur komen inspecteren. Bestaande Energielabels houden overigens hun geldigheid van 10 jaar.

Ingrijpend
Terug naar de nieuwbouw, want daar zijn de gevolgen het meest ingrijpend. In de utiliteitsbouw zien we dat het voldoen aan de tweede en derde BENG-eis de grootste uitdaging zal vormen. De tweede eis betekent dat er bij systeemselectie goed zal moeten worden gelet op het systeemrendement en op de energievraag van pompen, ventilatoren en andere vormen van hulpenergie. De eis aan hernieuwbare energie vraagt nog wel wat toelichting. Dat is meer dan uitsluitend het plaatsen van PV-panelen op het dak. Ook het benutten van omgevingsenergie telt mee, zoals bij de inzet van warmtepompsystemen of vormen van warmte/koude-opslag. Zonthermische systemen zijn interessant bij gebouwen met een hoge tapwatervraag zoals sportaccommodaties of in de zorg.

TO-juli
Bij woningbouw is van de BENG-eisen ook de tweede indicator veelal het meest kritisch. Toch zien we bij inzet van warmtepompen, met een gebruikelijke COP voor verwarming en tapwater, dat het realiseren van de eis goed mogelijk is. De meeste aandacht bij woningen en appartementengebouwen vraagt, zoals eerder gezegd, het voldoen aan de nieuwe eis met betrekking tot het risico op oververhitting. In de BENG-berekening wordt daarvoor automatisch het indicatiegetal TO-juli berekend. Als daaraan voldaan wordt, mag aangenomen worden dat het risico op oververhitting voldoende mate beperkt is. Het is echter geen garantie: in de praktijk blijft men daarvoor afhankelijk van het weer en van het gedrag van de bewoner. Het TO-juli-getal kan worden beïnvloed door de toepassing van passieve maatregelen zoals zonwering en zonwerend glas, die opwarming voorkomen óf extra ventilatievoorzieningen die in de zomernacht de warmte kunnen afvoeren. Nieuw is dat daarbij speciale zomernachtventilatieluiken meetellen in de berekening. In het buitenland zijn die al regelmatig te zien.

Koeling
Naast de bouwkundige maatregelen is het aanbrengen van een koelsysteem in woningen een mogelijkheid. Nu warmtepompen meer en meer de standaard worden, is die stap veel minder groot dan voorheen. Bij bodemsystemen is het feitelijk een noodzaak voor een goed thermisch evenwicht in de bodem. Dat levert bovendien veel comfort op tegen zeer lage energiekosten: alleen de circulatiepomp hoeft te draaien. In de BENG-uitkomsten zie je dat nauwelijks terug. Bij lucht/water-warmtepompen is de mogelijkheid voor koeling er (afhankelijk van het type) ook, maar dan wordt de warmtepomp ingezet en stijgt de BENG-2 uitkomst mee. Soms is dan compensatie in de vorm van PV nodig. Let wel altijd op de geschiktheid van het afgiftesysteem in verband met het condensrisico; het blijven per slot van rekening vormen van hoog temperatuur koeling.

Vrijstelling
Voor vrijstelling van de TO-juli-eis is het bovendien nodig dat een koelinstallatie voldoende capaciteit heeft en alle verblijfsruimten bedient. Een losse split-unit in een werkkamer levert dus wel een hoger energiegebruik in BENG-2, maar geen vrijstelling van de TO-juli-eis op. Ook van systemen die de ventilatielucht in een woning koelen is niet altijd zeker of de capaciteit voldoende toereikend is. Omdat TO-juli niet meer is dan een indicatie, is het altijd mogelijk om het risico op oververhitting nauwkeurig te berekenen. Daarvoor is de methode GTO (gewogen temperatuur overschrijding) aangewezen, waarbij hogere temperaturen zwaarder meetellen. Dat is werk voor een hierin gespecialiseerde adviseur.

Certificering
Tot slot: bent u zelf betrokken bij het maken van energieprestatieberekeningen of het afmelden van Energielabels? Hou er dan rekening mee dat vanaf 1 januari alle berekeningen die een formele status krijgen, zoals bij een bouwaanvraag, gemaakt moeten worden door een gediplomeerd adviseur die werkt bij daarvoor een gecertificeerd bedrijf. Op dit moment is het daarom aardig druk bij zowel opleiders als exameninstituten.

Meer weten over de nieuwe BENG-regels? Lees dan het hele artikel in de december-editie van IZ. Deze is vanaf 2 december digitaal te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl.

Slimme maatregelen om efficiënter te verwarmen

Het duurzaam verwarmen van de bestaande gebouwde omgeving en daarmee de CO2-uitstoot verlagen is een enorme uitdaging. Het energiegebruik moet ...
Verder Lezen

Methode voor betaalbaar energieneutraal bouwen nogmaals geïntroduceerd

Omdat eerder geplande events dit voorjaar vanwege het coronavirus zijn uitgesteld, wordt AZEB in september en oktober nogmaals geïntroduceerd. Dit ...
Verder Lezen

‘BENG-ready’ bodemwarmtepomp

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

ZEN-woningen scoren gemiddeld bijna acht als rapportcijfer

Uit een woonbelevingsonderzoek blijkt dat ZEN-woningen gemiddeld bijna een acht scoren als rapportcijfer. Tijdens het online BENG-congres op 26 mei ...
Verder Lezen

100 miljoen voor aardgasvrije wijken

Gepubliceerd op

Negentien gemeenten hebben geld gekregen om een dorp, wijk of buurt aardgasvrij of ‘aardgasvrij-ready’ te maken. Minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties trok in totaal een bedrag van 100 miljoen euro uit voor de tweede ronde van 'proeftuinen aardgasvrij'. 71 gemeenten hadden een voorstel ingediend om in aanmerking te komen voor een bijdrage van de minister.

Techniek Nederland reageert middels voorzitter Doekle Terpstra verheugd op dit nieuws: “Met expertise van installateurs en technisch dienstverleners kunnen we resultaat boeken. Cruciaal is dat we zorgen voor draagvlak bij bewoners. Dat vergt inzet van alle betrokken partijen.”

Leren door doen
De proeftuinen zijn onderdeel van het Programma aardgasvrije wijken (PAW). Met dit programma doen gemeenten kennis en ervaring op. Daardoor wordt het mogelijk om bestaande wijken haalbaar en betaalbaar te verduurzamen. In oktober 2018 zijn de eerste proeftuinen gestart in 27 gemeenten. Het PAW draagt bij aan de doelstelling uit het Klimaatakkoord om 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen te verduurzamen tot en met 2030. Het doel van het programma is om te leren hoe het aardgasvrij maken van wijken kan worden ingericht en opgeschaald. Daarvoor is het noodzakelijk dat er daadwerkelijk aardgasvrije woningen en andere gebouwen via een wijkgerichte aanpak gerealiseerd worden. Met deze tweede ronde komt het aantal proeftuinen in totaal op 46. Die omvatten in totaal circa 35.000 woningen en andere gebouwen. Uiteindelijk moeten binnen het PAW zo’n 50.000 woningen en andere gebouwen duurzaam worden gemaakt.

Klimaatadaptatie en circulair bouwen
De negentien nieuwe proeftuinen zorgen niet alleen voor meer volume, maar ook voor meer variatie. Er zijn verschillende warmtetechnieken, de bewoners doen op verschillende manieren mee en de projecten vinden plaats in verschillende soorten wijken en woningen. De keus is ook op bepaalde proeftuinen gevallen omdat de verbinding wordt gemaakt met bijvoorbeeld klimaatadaptatie en circulair bouwen. Doordat er meer proeftuinen komen, wordt het mogelijk om 'rode draden' beter in kaart te brengen. Waar kan het best worden begonnen? Welke aanpak werkt in welke situatie?

Derde ronde proeftuinen in 2021
In 2021 volgt een derde ronde proeftuinen. De evaluatie van deze ronde zal daarvoor de basis zijn. In de derde ronde zal meer nadruk liggen op stapsgewijze oplossingen die veel CO2 kunnen besparen.

Lees hier de Kamerbrief van minister Ollongren en bekijk het overzicht van de proeftuinen.

Verdubbeling subsidie voor duurzame innovaties in gebouwde omgeving

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) investeert dit jaar €30 miljoen extra in de regeling Missiegedreven Onderzoek Ontwikkeling ...
Verder Lezen

Nederlandse woning verliest veel warmte in korte tijd

Woningen in Nederland weten minder warmte binnen te houden dan andere Europese landen. Onderzoek, uitgevoerd tussen december 2019 en januari ...
Verder Lezen

Professionals en studenten gaan samen strijd aan om verduurzaming in Limburg

In Limburg gaan multidisciplinaire teams van professionals - aangevuld met studenten -  dit jaar oplossingen ontwikkelen voor de verduurzaming en ...
Verder Lezen

Wel of niet een nieuwe cv-ketel op gas?

Zeker 600.000 mensen zullen in de komende drie jaar voor de vraag komen te staan: wat te doen als de ...
Verder Lezen

Consortium wil energietransitie gebouwen versnellen

Gepubliceerd op

Een consortium van tien Nederlandse bedrijven en instellingen start een samenwerking die met de toepassing van ‘Internet of Energy’ de energietransitie in Nederland wil versnellen. Het consortium - TROEF genaamd – ontwikkelt hiervoor een nieuw gelaagd energie-ecosysteem waarmee duurzame energie transparant en optimaal kan worden uitgewisseld tussen gebouwen en gebieden, met een zo laag mogelijke CO2-uitstoot als gevolg. De samenwerkingsovereenkomst die betrokken partijen begin oktober hebben gesloten, heeft een looptijd van vier jaar.

TROEF wil aantonen dat samenwerken in een energiegemeenschap loont. Het verbinden van verschillende ‘slimme eilandjes’ middels het ‘Internet of Energy’ vormt in belangrijke mate de route naar het energiesysteem van de toekomst. Door de beschikbare data en kennis van gebouwen slim en effectief te benutten, kunnen gebouweigenaren zelf energie inkopen en energie en CO2-rechten uitwisselen met andere gebouwen.

Beginnen bij de gebruiker
TROEF wil de gebruiker een actieve bijdrage laten leveren aan het energiesysteem en meer laten profiteren van verduurzaming. Centraal in deze doelstelling staan het optimaal benutten van energie in een gezond gebouw, het aantoonbaar maken van de herkomst van energie en het verlagen van de barrières voor gebruikers om te profiteren van het delen van energie.

Stabiliteit energienet
Door gebouwen slimmer te maken is het mogelijk lokaal opgewekte energie te benutten op het moment dat deze beschikbaar is. Dat resulteert niet alleen in energiebesparing, maar leidt ook tot efficiënt gebruik van lokaal opgewekte energie en voorkomt pieken op het net. Dit betekent dat gebruikers kunnen kiezen voor aantoonbaar duurzame energie en voordelige prijzen. Hiermee wordt tevens een bijdrage geleverd aan de stabiliteit en betaalbaarheid van het energienet.

Prototype
TROEF zet in eerste instantie in op de ontwikkeling van een prototype van een gelaagd energie-ecosysteem. Dit prototype wordt gevormd door een 'Layered Energy System' (LES) voor de uitwisseling van energie tussen gebouwen in een lokale energiegemeenschap, interfacing-techniek voor koppelen van gebouwen aan het LES-platform en een Internet-of-Energy-platform voor het verbinden van meerdere lokale energiegemeenschappen. De door TROEF te ontwikkelen energie-ecosystemen zullen op korte termijn in verschillende living labs op meerdere locaties in Nederland worden beproefd.

Subsidie
TROEF heeft bij RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) een MOOI-subsidie (Gebouwde omgeving Missiegedreven Onderzoek, Ontwikkeling en Innovatie) aangevraagd. Het consortium wordt gevormd door AM, BAM, Entrnce International Holding, KPN, OrangeNXT, Stedin Netbeheer, Stichting Hogeschool Utrecht, NEN, Technische Universiteit Eindhoven en Tymlez.

 

 

 

 

 

Kabinet versterkt onderzoek naar energietransitie

Het kabinet maakt €18,3 miljoen vrij voor versterking van de onderzoeksfaciliteiten gericht op de energietransitie. Deze middelen worden verleend aan ...
Verder Lezen

Investering voor versnelling energietransitie met hybride warmtepompen

Het Zuid-Hollandse energie-innovatiefonds ENERGIIQ en duurzaam investeerder Fair Capital Partners Impact Investing gaan investeren in HeatTransformers. Het bedrijf is gespecialiseerd ...
Verder Lezen

Onduidelijkheid over gemeentebeleid energietransitie

Veel bewoners willen zich alvast voorbereiden op de energietransitie maar hebben geen idee wat hun gemeente van plan is. Gemeenten ...
Verder Lezen

Doekle Terpstra: “Zonder technieksector geen energietransitie”

Voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland tekent vandaag in Madurodam voor steun aan het Klimaatakkoord. Eric Wiebes, minister van Economische ...
Verder Lezen

Test om teleurstelling met warmtepomp te voorkomen

Gepubliceerd op

De vraag of een woning geschikt is voor verwarmen op lage temperaturen is voor steeds meer huiseigenaren relevant, maar ook moeilijk te beantwoorden. Voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal en marktversneller Enpuls bieden daarom de ‘50 graden test’ aan. Tijdens de test zetten bewoners twee weken de aanvoertemperatuur van de cv ketel op 50 graden. Na afloop evalueren zij het comfort in huis met hulp van een online tool. Een woning die goed is geïsoleerd en met 50 graden voldoende comfort geeft, is geschikt voor verwarmen op lage temperatuur. Bijvoorbeeld met een volledige of hybride warmtepomp.

Een huis dat niet comfortabel warm voelt gedurende de testperiode is nog niet geschikt. Mariken Stolk, energie expert van Milieu Centraal: “Bewoners krijgen dan het advies om de isolatie te verbeteren, de capaciteit van de radiatoren te vergroten, of om de ventilatie zuiniger te maken. De bewoners van huizen die al redelijk geïsoleerd zijn maar niet heel goed, krijgen het advies om een hybride warmtepomp te overwegen. Hiermee bespaar je direct op het verbruik van aardgas, en kun je de komende jaren maatregelen te nemen om de isolatie van de woning te verbeteren. Slimme momenten zijn bijvoorbeeld een verbouwing of onderhoud.”

Ervaringen
Enpuls en Milieu Centraal ontwikkelden de test op basis van ervaringen met een pilot van Enpuls. Ontwikkelaar Bregje Vos van Enpuls: “Veel woningeigenaren twijfelen nog of hun huis geschikt is om duurzaam te verwarmen. Met concrete tools en hulpmiddelen zoals de 50-gradentest willen we woningeigenaren stap voor stap vooruithelpen.”

Nuttige ervaring
Thomas, bewoner van een jaren 90-woning, deed mee aan deze pilot. ”Over twee jaar is mijn cv aan vervanging toe, ik ben benieuwd of de hybride warmtepomp voor mij dan een optie is. Deze test was een nuttige ervaring, het comfort bleef in huis gelijk. Ik ben ook aan het denken gezet over het verbeteren van de isolatie en het optimaal instellen van mijn verwarmingsinstellingen

Warmtepomp mét waterkoeler maakt kaasfabriek bijna gasloos

Voor een nagenoeg gasloos en duurzaam productieproces van verschillende kaassoorten is in een nieuw gebouw van kaasfabriek Rouveen Kaasspecialiteiten in ...
Verder Lezen

Webinar vervangt ‘Dag van de warmtepomp’

Na 'De dag van de Warmtepomp', 'Het jaar van de Warmtepomp' en ‘De week van de Warmtepomp’, is dit jaar, ...
Verder Lezen

Hybride warmtepomp met OpenTherm aansturing

De nieuwe Elga Ace van Remeha is een hybride warmtepomp die functioneert met alle merken hr-ketels en past bij elk ...
Verder Lezen

Van E naar A+ met hybride warmtepompen

Ruim honderd jaren 60-woningen in Blerick maken een stap van energielabel E naar A+ door over te schakelen op hybride ...
Verder Lezen

Veiliger verduurzamen van appartementen

Gepubliceerd op

Steeds meer appartementseigenaren en VvE’s overwegen om zonnepanelen met een eigen opslagbatterij te plaatsen. Er is echter nog geen passende wet- en regelgeving op dit gebied, waardoor het niet duidelijk is aan welke minimale veiligheidseisen een installatie moet voldoen en welke maatregelen VvE’s moeten nemen. Om ernstige ongevallen, zoals brand, te voorkomen, is nu een handreiking verschenen die alle maatregelen en adviezen op bouwkundig, installatietechnisch en organisatorisch gebied omschrijft.

Volgens het CBS werd vorig jaar 40% meer stroom door zonnepanelen opgewekt in Nederland. Het grootste deel van deze toename (70%) is toe te schrijven aan grotere installaties op daken van gebouwen en op de grond. Er was echter ook sprake van een aantal grote branden, die vaak het gevolg bleken van constructie- en installatiefouten. De handreiking zorgt ervoor dat alle betrokken partijen, zoals de VvE, installateurs en de brandweer, vanaf het begin weten waar zij op moeten letten en wat zij kunnen doen om veiligheidsrisico’s te minimaliseren.

Relatief nieuwe ontwikkeling
De plaatsing van zonnepanelen, steeds vaker in combinatie met een opslagsysteem, is een relatief nieuwe ontwikkeling. In de eerste plaats is het belangrijk dat men op de hoogte is van de minimale kwaliteits- en veiligheidseisen waar het zonnepaneelsysteem moet voldoen. Vervolgens zijn er de te nemen maatregelen voor de installatie. Het dak wordt bijvoorbeeld opeens met veel extra gewicht belast en moet dit op de lange termijn kunnen dragen. Bovendien moeten de zonnepanelen ook goed bereikbaar zijn voor zowel onderhoudswerkzaamheden als hulpverlening. Tevens is het van belang dat de Veiligheidsregio en de brandweer tijdig op de hoogte worden gesteld van de installatie, ook als de betreffende VvE of woningcorporatie geen vergunningaanvraag voor de installatie hoeft te doen.

Van regionaal naar digitaal
De handreiking is een initiatief van het Instituut voor Fysieke Veiligheid, Voor de VVE en de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. Het document zal op 13 oktober gepresenteerd worden in een live webinar. Hierbij zijn, naast de betrokken partijen, ook het Nationaal Warmtefonds en de BNG Bank aanwezig om maatregelen toe te lichten en vragen te beantwoorden. Het oorspronkelijke plan was om op regionaal niveau bijeenkomsten te organiseren, echter vanwege de COVID-19 situatie is gekozen voor een live webinar van 60 minuten.

Foto: In Maassluis is op 29 september het eerste verduurzamingsproject opgeleverd waarbij aan alle maatregelen uit  de handreiking is voldaan.

‘Lening voor verduurzamen huis is hard nodig’

Het kabinet liet onlangs weten een plan uit het Klimaatakkoord te schrappen, dat een speciale lening mogelijk moet maken voor ...
Verder Lezen

‘Verduurzamen woning voor vrijwel niemand rendabel’

Zonder aanvullend beleid zal de bijdrage van huiseigenaren aan het halen van het Klimaatakkoord fors minder zijn dan waar de ...
Verder Lezen

Honderden miljoenen voor verduurzamen woningen en gebouwen

 Minister Wiebes trekt honderden miljoenen euro uit voor het verduurzamen van woningen en gebouwen. Daarmee wil hij de vaart houden ...
Verder Lezen

‘Lening voor verduurzamen huis is hard nodig’

Gepubliceerd op

Het kabinet liet onlangs weten een plan uit het Klimaatakkoord te schrappen, dat een speciale lening mogelijk moet maken voor het verduurzamen van huizen. De ‘gebouwgebonden financiering’ – waarbij de lening is gekoppeld aan het huis en niet aan de bewoner – blijkt te ingewikkeld en te duur. Toch zijn de mogelijkheden voor langlopende leningen met een lage rente hiermee niet uitgeput, benadrukt brancheorganisatie Techniek Nederland.

‘Uit intensief overleg met kredietverstrekkers is naar voren gekomen dat commerciële kredietverstrekkers naar verwachting niet in staat zullen zijn een product aan te bieden dat voldoende aantrekkelijk is ten opzichte van bestaande financieringsopties voor verduurzaming’, schrijft ‘minister Ollongren aan de Tweede Kamer. Ook staan Europese en nationale regels in de weg om een lening in te voeren die niet direct aan een persoon is gekoppeld.

Perspectief
Techniek Nederland blijft benadrukken dat het verduurzamen van eigen woningen en corporatiewoningen aantrekkelijker moet worden. ‘Daarvoor zijn aanvullende maatregelen zoals langlopende leningen met een lage rente of andere, vergelijkbare maatregelen hard nodig.’ Er is ook nog perspectief, ziet de brancheorganisatie. ‘Minister Ollongren heeft namelijk al aangekondigd om de mogelijkheden verder te onderzoeken in het publieke domein. Zij heeft het Nationaal Warmtefonds gevraagd te onderzoeken onder welke voorwaarden zij een gebouwgebonden financiering kunnen ontwikkelen en aanbieden.’

Ander relevant nieuws van onze redactie

Warmtewiel wel of niet stilzetten vanwege coronavirus?

Naar aanleiding van de huidige coronavirus pandemie kwam REHVA, de Europese overkoepelende vereniging voor klimaatinstallaties, medio maart met aanbevelingen voor het ...
Verder Lezen

WTW met tegenstroom-platenwisselaars en warmtewielen

Auerhaan introduceert een programma warmteterugwinunits met tegenstroom-platenwisselaars en warmtewielen. In totaal omvat deze nieuwe WTW-serie van het fabricaat Lemmens een ...
Verder Lezen

Luchtbehandelingskasten met hypermodern warmtewiel

Ned Air bv, fabrikant van luchtbehandelingssystemen, komt met een nieuwe unit: de RotorLine. De RotorLine is een serie luchtbehandelingskasten die ...
Verder Lezen

Hoofdkantoor Flamco/Comap bij top duurzame gebouwen in Nederland

Gepubliceerd op

Het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control heeft het Breeam ‘Outstanding’ ontwerpcertificaat gekregen voor het nieuwe kantoorgebouw in Almere. Daarmee staat het in de Nederlandse top tien van Breeam-gecertificeerde kantoorgebouwen. Onderdelen van Aalberts zijn Flamco en Comap, die verantwoordelijk zijn voor de productie, verkoop en distributie van alle Hydronic Flow Control producten voor verwarming-, koeling-, water- en solarsystemen

“Als fabrikant van energie-efficiënte oplossingen hebben wij duurzame ambities. Daarom grijpen we deze kans aan om ook ons eigen, nieuwe kantoorgebouw zo duurzaam mogelijk te bouwen”, aldus Henk Robers, Chief Operational Officer van Flamco.

Nederlandse top tien
Breeam maakt duurzaam bouwen integraal meetbaar en is de meest gebruikte certificeringsmethode in Europa. Tom Linneman: “Flamco scoort 90%. Slechts tien tot vijftien procent van de kantoorgebouwen bereikt het predicaat ‘outstanding’. Hiermee behoort Flamco als Breeam-gecertificeerd kantoor tot de top 10 van Nederland.”

Gezondheid en energie
De score op het gebied van gezondheid & comfort bedraagt 86% en op energiegebied 96%, mede dankzij isolatie, zonnepanelen, LED-verlichting en energiezuinige installaties. Verder voorkomt het ontbreken van een gasaansluiting de verbranding van fossiele brandstoffen, wat een 83% score oplevert in de categorie ‘vervuiling’.

Het gebouw zal begin 2021 worden opgeleverd.

Medisch Centrum Leeuwarden schakelt over op aardwarmte

Gepubliceerd op

Het Medisch Centrum Leeuwarden (MCL) kiest als eerste ziekenhuis in Nederland voor duurzame aardwarmte (geothermie). Het ziekenhuis heeft de ambitie om binnen tien jaar geen aardgas meer te gebruiken voor de primaire energievoorziening, met een CO2-reductie van ruim 50 procent.

Begin 2021 wordt een warmtewinput in Leeuwarden geboord en getest. Bij een geslaagde test kan vervolgens de aanleg en aansluiting op het warmtenet plaatsvinden. Het MCL kan dan in 2022 gefaseerd overschakelen van aardgas op aardwarmte. Het MCL zal uiteindelijk bijna 800.000 m3 aardgas per jaar minder verbruiken.

Bedrijfszekerheid en minder CO2 uitstoot
Andy van der Geest, projectleider bij het MCL: “Het afgelopen jaar is er veel onderzoek gedaan naar een aansluiting op het toekomstige warmtenet. Bedrijfszekerheid van de warmtelevering is voor het MCL een noodzakelijke voorwaarde. De aansluiting op het warmtenet Leeuwarden is van toegevoegde waarde binnen de toekomstige duurzame energievoorziening van het MCL. Warmte vanuit geothermie speelt een belangrijke rol bij de energietransitie en het terugdringen van onze CO2 uitstoot.”

Het geothermie-project in Leeuwarden is een samenwerking tussen Ennatuurlijk, Bouwgroep Dijkstra Draisma, EBN en Shell.

Kabinet versterkt onderzoek naar energietransitie

Gepubliceerd op

Het kabinet maakt €18,3 miljoen vrij voor versterking van de onderzoeksfaciliteiten gericht op de energietransitie. Deze middelen worden verleend aan TNO EnergieTransitie om samen met partners uit het bedrijfsleven en andere kennisinstellingen vijf onderzoekslaboratoria te realiseren. In deze labs zal onder meer onderzoek worden gedaan naar een nieuwe generatie zonne-energietoepassingen, afvang en hergebruik van CO2, industriële elektrificatie, industriële droogtechniek en de ecologische en veiligheidseffecten van zonne- en windenergieprojecten.

De onderzoeksfaciliteiten moeten een bijdrage leveren aan de versnelling van de energietransitie, verbetering van de kennispositie van het Nederlands bedrijfsleven en aan de bedrijvigheid en werkgelegenheid. In vijf onderzoekslaboratoria worden verschillende pilot- en demonstratieprojecten ontwikkeld en getest die de potentie hebben om in de toekomst op grotere schaal te worden toegepast.

Duurzaam herstel
Eric Wiebes, Minister van Economische Zaken en Klimaat: “Ook in deze onzekere tijden is het belangrijk om te investeren in versnelling van de energietransitie. Door slimme inzichten, technieken en toepassingen uit de wetenschap in samenwerking met Nederlandse bedrijven in de praktijk te testen, kunnen wij nieuwe bedrijvigheid en banen creëren die een impuls kunnen geven aan een duurzaam herstel van de Nederlandse economie”.

Substantiële bijdrage
Paul de Krom , Voorzitter Raad van Bestuur/CEO TNO: “De faciliteiten zullen door de innovaties en een nauwe samenwerking met het Nederlandse bedrijfsleven, overheid en andere kennisinstellingen een substantiële bijdrage leveren aan de klimaatdoelen en concurrentiepositie van Nederland. Bijvoorbeeld in de zonne-energieketen willen we door onderzoek en innovatie de productie van de volgende generatie zonne-energie toepassingen voor integratie in onze leefomgeving, weer naar Nederland toetrekken.”

De volgende vijf labs worden geopend:
1. Mass Customization Lab Solar
Hier wordt onderzoek gedaan naar de volgende generatie zonne-energietoepassingen (halffabricaten) met een hoog rendement, ten behoeve van toepassing in de gebouwde omgeving, de infrastructuur en voer- en vaartuigen.
2. Negative Emissions Technology Lab (NET-LAB)
In het NET-LAB wordt een test- en demonstratie omgeving gecreëerd om negatieve emissie technologieën te ontwikkelen en te testen.
3. Het Fieldlab Industriële Elektrificatie
Dit onderzoekslab, dat samen met Deltalinqs, FME, Havenbedrijf Rotterdam, InnovationQuarter, Voltachem in de haven van Rotterdam wordt vormgegeven, is gericht op integratie, demonstratie en verbetering van Power-to-Heat technologie, Power-to-Chemicals/-Fuels en CO2 hergebruik technologie.
4. Het Mollier Lab
Het onderzoek in het Mollier Lab richt zich op innovatieve en energie-efficiënte industriële droog- en ontwateringstechnologieën.
5. Environmental Impact and Safety Lab for Renewable Energy
In dit (mobiele) lab kan de impact van windturbines en zonneparken op de ecologie van land en water worden vastgesteld.

Verdubbeling subsidie voor duurzame innovaties in gebouwde omgeving

Gepubliceerd op

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) investeert dit jaar €30 miljoen extra in de regeling Missiegedreven Onderzoek Ontwikkeling & Innovatie (MOOI) specifiek op het thema Gebouwde omgeving. Om de bouw-, ontwerp- en technieksector te stimuleren en er de capaciteit op peil te houden wil het ministerie marktpartijen de komende jaren extra ondersteunen in de ontwikkeling van innovaties.

De Topsector Energie is hier blij mee want dit is belangrijk voor de doorbraak van veelbelovende combinaties van oplossingen, bijvoorbeeld combinaties met warmtepompen, zonnepanelen, batterijopslag en een nieuwe generatie warmte- en koudenetten. De MOOI-regeling zet in op snel en breed uitrolbare renovatieconcepten, gericht op de benodigde CO2-reductie in de gebouwde omgeving.

Meer kans op subsidie
TKI Urban Energy van de Topsector Energie begeleidt energie-innovaties in de gebouwde omgeving. TKI-directeur Michiel Kirch is dan ook blij met de nieuwe impuls. "De ontwikkelingen in de gebouwde omgeving gaan heel hard. Veel innovatieve bedrijven staan te trappelen om aan de slag te gaan, maar ze hebben wel steun nodig. Vanuit TKI Urban Energy helpen wij hen bij het vinden van kennis en samenwerkingspartners. Met de investering van het ministerie kunnen meer samenwerkingsverbanden financieel steun in de rug krijgen om succesvol de markt op te gaan."

Focus op Integrale oplossingen
In de MOOI-regeling ligt de focus niet op losstaande technieken, maar staan integrale oplossingen centraal van samenwerkende partijen die snel kunnen worden uitgerold. De markt reageert tot nu toe enthousiast op de regeling. Voor het thema Gebouwde Omgeving dienden verschillende consortia bij elkaar 71 voorlopige projectvoorstellen in. Daarmee wordt het oorspronkelijke subsidieplafond van € 27 miljoen ruim overschreden. Voor het ministerie van BZK was dat reden om het budget dit jaar meer dan te verdubbelen. Met deze extra investering zit er in totaal € 95 miljoen budget van het ministerie van BZK en van Economische Zaken en Klimaat (EZK) in de MOOI-regeling.

Anticyclische investering
"Vanwege het Klimaatakkoord hebben we snel, betaalbare oplossingen nodig om de CO2-uitstoot in de gebouwde omgeving te verminderen", zegt directeur Bouwen en Energie Ferdi Licher van BZK. "Door de coronacrisis dreigt de ontwikkeling daarvan stil te komen liggen, net als bouwactiviteiten en verduurzaming. Met de extra, anticyclische investering in de MOOI-regeling willen we dat voorkomen. De regeling biedt ruimte aan de markt om zelf met oplossingen te komen waarmee we onze missie om CO2 te reduceren kunnen behalen. Wie dat succesvol doet, heeft een potentiële markt van 8 miljoen woningen en wellicht een oplossing die wereldwijd interessant is."

Interessante innovaties
Kirch zit beroepsmatig dicht op energie-innovaties en ziet daarin interessante ontwikkelingen. "Denk aan de stille, zuinige en milieuvriendelijke thermo-akoestische warmtepomp. Of lichtgewicht zonnepanelen in combinatie met batterijopslag die geschikt zijn voor bedrijfsdaken zonder die te moeten verzwaren en die filevorming op het netwerk voorkomen. Veelbelovend is een nieuwe generatie warmte- en koudenetten met een grote buffercapaciteit voor warmte. Daardoor kan op elk adres op elk moment het hele jaar door warmte én koude geleverd worden. Hopelijk komen zulke baanbrekende oplossingen terug in MOOI-aanvragen."

Definitieve subsidieaanvragen
Partijen die uiterlijk 18 mei 2020 een MOOI-vooraanmelding hebben gedaan, kunnen tot 6 oktober 2020 17:00 uur hun definitieve subsidieaanvraag indienen. Manager Energie Innovatie Marian Poolen van RVO hoopt dat de markt dit met onverminderd enthousiasme doet. "De 71 aanmeldingen overtroffen alle verwachtingen. Kennelijk hebben we met de MOOI-regeling de juiste snaar in de markt geraakt. Met het verhoogde subsidiebudget ontstaat er in elk geval ruimte om meer projecten te honoreren. Zo zou er binnen de scope van de regeling een grotere variatie kunnen ontstaan van projecten en consortia, wat de energietransitie mogelijk sterker maakt."

Ketelfabrikant plant 15 bomen voor elke hr-ketel

Gepubliceerd op

Nefit Bosch introduceert een CO2-compensatieprogramma voor zijn gasketels. Consumenten die dit najaar een hr-ketel aanschaffen of huren, kunnen de CO2-uitstoot laten compenseren. Daarnaast biedt de fabrikant bij alle hr-ketels, warmtepompen en zonneboilersystemen een financieel voordeel dat kan oplopen tot 375 euro. De actie loopt van 15 september tot en met 31 december 2020.

Nefit Bosch is de eerste verwarmingsproducent in Nederland die gebruikers deze mogelijkheid biedt. Ook internationaal zijn er grote ambities: moederbedrijf Bosch ligt op koers om nog dit jaar als eerste industriële onderneming wereldwijd CO2-neutraal te werken.

Cv-ketel blijft dominant
Het afgelopen jaar werd een recordaantal cv-ketels verkocht: 450 duizend, bijna 5 procent meer dan in het jaar ervoor. In 2030 wil Nederland 49 procent minder CO2 uitstoten dan in 1990. Warmtepompen zijn onmisbaar om dit doel te halen, denken ze bij Nefit Bosch. “Wij hebben alle oplossingen in huis om elektrisch of hybride te verwarmen. Maar voor veel consumenten is een warmtepomp gewoon nog een stap te ver”, constateert Jan Blom van Nefit Bosch. “Ook de grote groep die bij vervanging kiest voor een cv-ketel willen we de mogelijkheid bieden CO2-neutraal te verwarmen. Want hoe energie-efficiënt de nieuwe generatie hr-ketels ook is, bij het stoken op gas komt CO2 vrij: gemiddeld zo’n 2.500 tot 3.000 kg per huishouden per jaar.”

Bomen voor ketels
Nefit Bosch biedt consumenten die kiezen voor een hr-ketel nu de mogelijkheid de CO2-uitstoot laten compenseren door het jaarlijks planten van bomen. Een boom kan, afhankelijk van de variabelen, in totaal zo’n 200 kg CO2 opnemen. Voor elke deelnemer laat Nefit Bosch gemiddeld 15 bomen planten om de CO2 van de hr-ketel weer uit de lucht te halen. Dat gebeurt op plekken in Europa waar het hardst nodig is, zoals door ontbossing getroffen gebieden in Spanje. Daarnaast gaat het om natuurherstel op verschillende plekken in Nederland. Het eerste jaar is voor rekening van Nefit Bosch. Consumenten hebben de mogelijkheid de compensatie jaarlijks te verlengen. “Iedereen kan volgen wat we doen en wat het oplevert”, zegt Jan Rijnen van Nefit Bosch. “Het online dashboard van onze partner Land Life Company biedt precies de transparantie die wij nodig vinden bij CO2-compensatie. We kijken ook naar de mogelijkheden om de CO2-compensatie in de toekomst een permanent karakter te geven.”

Tot 375 euro retour
Naast CO2-compensatie ontvangen deelnemers €75,- retour bij een nieuwe Nefit hr-ketel. Voor een gasloze oplossing, een elektrische warmtepomp of een zonneboiler, is dat € 150,-. Het totale voordeel kan voor een hybride systeem met zonne-energie oplopen tot € 375,-. Oude cv-ketels die worden afgedankt, kunnen voor 90% worden gerecycled. Installateurs kunnen hiervoor het hele jaar kosteloos gebruikmaken van de vorig jaar geïntroduceerde Recycle Service van Nefit Bosch.

Van E naar A+ met hybride warmtepompen

Gepubliceerd op

Ruim honderd jaren 60-woningen in Blerick maken een stap van energielabel E naar A+ door over te schakelen op hybride warmtepompen. De keuze viel op hybride omdat de meeste woningen enkele jaren geleden al een nieuwe hr cv-combiketel kregen. De warmtepomp maakt gebruik van buitenlucht en van de afgevoerde ventilatielucht als extra energiebron. Doordat de ventilatie retourlucht wordt toegevoegd aan de inkomende luchtstroom van buiten, hoeft er niet harder te worden geventileerd om aan de warmtevraag te voldoen.

De toe te passen hybride opstelling heeft geen separate buitenunit, zodat er buiten geen sprake is van geluidsoverlast. Bovendien is er minder installatiewerk nodig. De warmtepomp kan gecombineerd worden met een speciale dakdoorvoer, waardoor de luchttoevoer en -afvoer esthetisch weggewerkt worden in het dakvlak. Het betreft de monobloc HP-M 25 i lucht/water warmtepomp van Itho Daalderop, die met elk merk/type cv-ketel zijn te combineren.

Zonnepanelen en isolatie
De 124 eengezinswoningen krijgen verder acht zonnepanelen, de gevels worden geïsoleerd en er komen nieuwe, geïsoleerde daken op met een Rc-waarde van 6. De renovatiewerkzaamheden zijn in juni dit jaar gestart. De oplevering van de gerenoveerde woningen staat gepland voor begin 2021.

Aardwarmte kan voorzien in ruim een kwart van warmtevraag woningen

Gepubliceerd op

Op basis van de huidige inzichten kunnen in de toekomst zo’n 2,6 miljoen huizen en gebouwen met aardwarmte van warmte worden voorzien. Dit blijkt uit de studie WARM die in opdracht van Energie Beheer Nederland (EBN) door Berenschot en Panterra Geoconsultants is uitgevoerd. Ruim een kwart van de warmtevraag van woningen kan door aardwarmte worden voorzien. Bij glastuinbouw gaat het om 58 procent en bij de industrie om 28 procent.

De studie WARM heeft de potentie van aardwarmte in kaart gebracht en dit regionaal gekwalificeerd. Dit is gedaan door de warmtevraag van de gebouwde omgeving, de glastuinbouw en de industrie (met een warmtevraag tot 100 graden Celsius) in kaart te brengen en het ondergrondse potentieel van aardwarmte te onderzoeken. Vervolgens is geanalyseerd waar vraag en aanbod op elkaar aansloten en aardwarmte een kansrijke en betaalbare optie is. Vervolgens is onderzocht of aardwarmte dan ook de meest kostenefficiënte warmtebron is ten opzichte van andere alternatieven voor aardgas.

Goedkoopste alternatief voor aardgas
Het totale potentieel in de gebouwde omgeving, glastuinbouw en industrie bedraagt tezamen 290 PJ (1 PJ staat gelijk aan de verwarming van 30.000 woningen). Voor de gebouwde omgeving is dit 88 PJ, waarvan voor 38 PJ geldt dat aardwarmte het goedkoopste alternatief voor aardgas is. De overige 50 PJ kan ook (gedeeltelijk) door aardwarmte ingevuld worden, al zijn restwarmte of een lage temperatuur warmtebron voor deze buurten het goedkopere alternatief. Aardwarmte kan daarnaast ook een rol spelen in de verduurzaming van de glastuinbouw en de industrie, respectievelijk gaat het om 55 PJ en 147 PJ.

Masterplan Aardwarmte
WARM is één van de acties afkomstig uit het Masterplan Aardwarmte in Nederland. Het Masterplan buigt zich over de vraag hoe aardwarmte, warmtenetten en de warmtevraag zich optimaal in samenhang kunnen ontwikkelen. Daarbij geeft het plan een analyse van de huidige situatie en een routekaart met acties voor alle partijen om de gestelde ambities te behalen.

‘Verduurzamen woning voor vrijwel niemand rendabel’

Gepubliceerd op

Zonder aanvullend beleid zal de bijdrage van huiseigenaren aan het halen van het Klimaatakkoord fors minder zijn dan waar de overheid nu mee rekent. Met de huidige investeringslasten en regelingen is verduurzamen voor vrijwel niemand rendabel: niet veel huishoudens zullen hun woning kunnen verduurzamen zonder hun totale woonlasten te verhogen. Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving uit onderzoek naar kosten en opbrengsten van de verduurzaming van eigen woningen.

Nederlandse woningen moeten in 2050 energieneutraal zijn, zo staat in het Klimaatakkoord. Enkele voorlopers daargelaten wachten de meeste eigenaren met het verduurzamen van hun woonhuis, omdat ondanks de subsidies de investeringen te groot zijn, ook op de lange termijn. En mocht het al lukken om de kosten voor verduurzaming terug te verdienen met een lagere energierekening, dan duurt dat heel lang.

Zowel korte als lange termijn
Dit PBL-onderzoek, dat is uitgevoerd met input van de Amsterdam School of Real Estate (ASRE), vergelijkt de huidige energierekening van verschillende typen huishoudens met de energierekening na verduurzaming, vermeerderd met de investeringslasten. De effecten van verschillende beleids- en financieringsinstrumenten op de woonlasten zijn voor zowel de korte als de lange termijn bekeken. De bestaande en voorgenomen terugleververgoeding voor (teveel) opgewekte stroom uit zonnepanelen en de mogelijk nieuwe gebouwgebonden financiering zijn daarbij meegenomen.

Niet financieel aantrekkelijk
Gemiddeld gezien hebben eenpersoonshuishoudens met afstand de laagste energierekening, en daarmee ook het kleinste budget voor een woonlastenneutrale verbouwing. Maar ook grootverbruikers - gezinnen met wat oudere kinderen - kunnen hun woning niet zonder meer woonlastenneutraal verduurzamen.
Maar ook wanneer verduurzaming woonlastenneutraal is, hoeft deze niet financieel aantrekkelijk te zijn. Een huishouden dat zijn woning verbetert van energielabel D naar energieneutraal in combinatie met energielabel B (dus gasloos, veel zonnepanelen en een warmtepomp) met een voordelige lening, ziet zijn totale woonlasten maandelijks met 50 euro dalen. Zelfs over een periode van 30 jaar is die besparing niet genoeg om de investering van 35.000 euro terug te verdienen.

Kosten moeten nog ver dalen
Zonder extra subsidies is de verduurzaming van het eigenwoningbezit financieel gezien voorlopig dus niet haalbaar. Voor veel huishoudens zal gelden dat afwachten de voordeligste, en wellicht ook de verstandigste optie is. Het is de vraag of verduurzamen in de toekomst als gevolg van innovaties en standaardisatie wél financieel aantrekkelijk wordt. Hiervoor zullen de kosten namelijk nog ver moeten dalen.

Juridische instrumenten
Naast het subsidiëren van de verduurzaming van de eigen woning kan de overheid ook juridische instrumenten inzetten, bovenop het nu al verplicht overleggen van een energielabel bij de verkoop van een woning. Binnen de huidige regelgeving is het echter niet zomaar mogelijk om verduurzamende maatregelen in bestaande woningen te verplichten. Daarbij komt dat verplichtingen, zelfs wanneer deze gepaard gaan met subsidies, niet garanderen dat de energietransitie voor iedereen betaalbaar zal zijn. Verder onderzoek is nodig om deze mogelijkheden beter in kaart te brengen.

Op onze nieuwsbrief abonneren

Nieuw, duurzaam kantoorpand voor Wolf Energiesystemen

Gepubliceerd op

Om ruimte te geven aan de verdere groei en toekomstplannen is het team van Wolf Energiesystemen per juli 2020 gevestigd in een nieuw en duurzaam kantoorpand.

De afgelopen jaren heeft Wolf zich ontwikkelt van leverancier met een focus op luchtbehandeling en ventilatie, naar sparringpartner en realisator van totaalconcepten voor de utiliteit. Daarnaast vormen de producten en systemen op het gebied van verwarmen, koelen en ventileren voor de particuliere sector een succesvol onderdeel van de onderneming.

Showroom
De nieuwe locatie biedt ruimte voor onder meer een kantoorgedeelte en showroom. In eerste instantie worden op de bovenverdieping 25 werkplekken gerealiseerd met daarnaast nog 3 ruimtes, die multifunctioneel ingezet worden voor flexwerkplekken of als spreekkamer. Met de showroom ontstaan er betere mogelijkheden om trainingen te geven en kunnen bezoekers uit zowel het professionele segment als particulieren duidelijker zien welke oplossingen mogelijk zijn. Niet alleen in de showroom zijn de producten te zien. Verschillende producten uit het Wolf assortiment die bijdragen aan een gezond binnenklimaat zijn in werking te zien.

Gezond en comfortabel binnenklimaat
Bij de ontwikkeling van het nieuwe pand zijn de thema’s een gezond binnenklimaat en energieneutraliteit in gebruik het uitgangspunt geweest. Daarvoor zijn verschillende maatregelen getroffen. Het pand is ontworpen met het Programma van Eisen Gezonde Kantoren met label A als uitgangspunt op nagenoeg alle onderliggende thema’s. Het hele pand is voorzien van zonwering om een zo laag mogelijke koellast te creëren. Voor het creëren en behouden van een optimaal binnenklimaat is een luchtbehandelingskast geselecteerd met energielabel A+ met een lage luchtsnelheid en een zo hoog mogelijk rendement. De nieuwste generatie EC-ventilatoren zorgen naast een hoog rendement voor een lager geluidsniveau. Daarnaast wordt het pand gekoeld en verwarmd door lucht-waterwarmtepompen met natuurlijk koudemiddel. De Wolf regeltechniek waarborgt lage exploitatiekosten en eenvoudige monitoring en onderhoud. De energie voor de installaties wordt duurzaam opgewekt. Zo is het dak van het pand volledig bedekt met pv-panelen en zijn zonnecollectoren geïnstalleerd, uiteraard ook van eigen fabricaat.
Voor een comfortabel binnenklimaat is ingezet op vloerverwarming en –koeling, welke in verschillende zones wordt geregeld. Ook is er gekozen voor een variabel volumesysteem, waarmee naar behoefte geventileerd wordt op basis van comfort. Dit zorgt voor een minimaal energiegebruik en tegelijkertijd voor een optimaal binnenklimaat.

Toekomstgericht
De duurzame ideologie van Wolf strekt zich ook verder dan alleen het kantoorpand. Medewerkers worden gemotiveerd om te kiezen voor duurzamere manieren van vervoer. Zo worden er laadpalen voor elektrische auto’s geplaatst, voorbereid op het volledig elektrificeren van het wagenpark de komende jaren. Ook is een fietsenstalling gerealiseerd, met een laadmogelijkheid voor e-bikes en een douchemogelijkheid voor de medewerkers in het pand.
De huisvestingsplek heeft direct impact op de CO2-footprint. De reisafstanden voor de medewerkers is hiermee beperkt gebleven aangezien veel medewerkers in en in de directe omgeving van Kampen wonen. Daarnaast is er voor een plek gekozen waar een NS-station op loopafstand te bereiken is.

Op onze nieuwsbrief abonneren

Methode voor betaalbaar energieneutraal bouwen nogmaals geïntroduceerd

Gepubliceerd op

Omdat eerder geplande events dit voorjaar vanwege het coronavirus zijn uitgesteld, wordt AZEB in september en oktober nogmaals geïntroduceerd. Dit gebeurt op een online en een live beurs en met een cursus. Het AZEB-project (Affordable Zero Energy Buildings) heeft nagenoeg alle bestaande oplossingen voor betaalbaar energieneutraal bouwen in kaart gebracht. De AZEB-routekaart leidt bedrijven samen met hun opdrachtgevers naar het optimum tussen kosten en kwaliteit bij nieuwbouw en renovatieprojecten. Deze nieuwe methode is in een Europees project ontwikkeld onder leiding van vereniging DNA in de Bouw.

In drie jaar tijd zijn door 8 organisaties uit 6 EU-landen bewezen oplossingen verweven tot een nieuwe geïntegreerde aanpak: de AZEB-routekaart. Deze leidt opdrachtgevers, ontwerpers en bouwers in 17 stappen naar een betaalbaar energieneutraal gebouw met voorspelbare prestaties en kwaliteit, aldus de initiatiefnemers. ‘De werkelijke gebruikskosten zijn leidend. Aantoonbare kwaliteit en blijvend lage kosten effenen de weg voor betaalbare projectfinanciering. Voorspelbare kwaliteit maakt energieneutraal bouwen echt betaalbaar.’

Geen universele standaardoplossing
‘Er bestaat geen universele standaardoplossing voor energieneutraal bouwen. Aan het begin van een project moeten honderden besluiten worden genomen door de initiatiefnemer. Het zijn besluiten die vanuit elk perspectief ook weer een andere invulling kunnen krijgen, denk aan de architectonische invalshoek, de installatietechnische kant, de randvoorwaarden van de omgeving van het gebouw. In de huidige praktijk worden deze besluiten vaak genomen zonder de samenhang te begrijpen en zonder de effecten op de gebruiksfase in beeld te hebben. Door de AZEB-routekaart te volgen komt een ontwerpteam samen met de initiatiefnemer wel tot een afgewogen beslisproces en vormen expliciete kwaliteitsafspraken de kaders van het project. Maatgevend hierin is de integrale gebouwprestatie. Die borgt de gebruikerstevredenheid tot na oplevering.’

Meer dan een stappenplan
De AZEB-methode is volgens de initiatiefnemers meer dan alleen een stappenplan. ‘Het is een handreiking voor een structurele verandering van projectaanpak en bedrijfsvoering. De AZEB-routekaart behelst alle projectfases, van initiatief tot gebruik & onderhoud. Deze zijn aangevuld met twee stappen op organisatieniveau: projectevaluatie en ketenintegratie. Immers zijn de ervaringen uit een project goud waard als je deze inzet om bedrijfsprocessen te optimaliseren. Dat verhoogt de impact van een bedrijf. Praktische hulpmiddelen om de stappen in praktijk toe te passen maken deel uit van de AZEB-methode. De routekaart is ontwikkeld voor nieuwbouw en ook voor renovatie bruikbaar.’

Kennismaken met AZEB
In september en oktober zijn er opnieuw kansen om kennis te maken met AZEB. Tijdens de online beurs Building Holland Digital op 10 september staan nieuwe trends en innovaties op het gebied van de energietransitie centraal. AZEB verzorgt de breakout sessie ‘Betaalbaar BENG met voorspelbare hoge gebouwkwaliteit’ van 11.30 tot 12.00 uur. Aanmelden op https://www.buildingholland.online/programma-energietransitie/
Kennisinstituut KERN verzorgt op 18, 21 en 28 september en op 5 oktober de 4-daagse AZEB-training. In deze training op niveau HBO+ leert de cursist in 17 stappen om betaalbaar (bijna) energieneutraal te bouwen en te renoveren en maak hij intensief kennis met integraal projectmanagement. Er zijn nog enkele plekken beschikbaar. Meer informatie op https://kennisinstituutkern.nl/azeb-training-2020/
Het eerder geplande AZEB-slotcongres met binnen- en buitenlandse sprekers vindt nu plaats op 27 oktober van 13 tot 17 uur tijdens de beurs Building Holland 2020 in Amsterdam. Meer informatie en gratis inschrijven: https://www.duurzaamgebouwd.nl/agenda/20201027-azeb-slotcongres.

Op onze nieuwsbrief abonneren

Test met warmte uit het langsstromende water

Gepubliceerd op

Door warmtewisselaars in de kade aan te brengen kan er warmte worden gewonnen uit het langsstromende water en de bodem. Hierdoor kan de damwand een bron worden van warmte en koude voor nabijgelegen bebouwing, zonder dat naar bronnen hoeft te worden geboord of een warmtewisselaar in een kanaal of rivier moet worden geplaatst. Nadat de haalbaarheid hiervan is onderzocht, is gestart met een pilot. In een praktijkopstelling in De Zweth, nabij Delft, wordt de techniek nu in de praktijk getest en gedemonstreerd.

Geotechnisch adviesbureau CRUX Engineering, TU Delft, TU Eindhoven en de Groep Duurzame Energie hebben samen onderzocht of damwanden in de oever van vaarwegen een bron voor warmte en koeling kunnen zijn. Door warmtewisselaars in de kade aan te brengen kan energie worden gewonnen uit het langsstromende water en de bodem.

Haalbaarheidsstudie
Hierdoor kan de damwand een bron worden van warmte en koude voor nabijgelegen bebouwing, zonder dat je naar bronnen hoeft te boren, of een warmtewisselaar in een kanaal of rivier zou moeten plaatsen. Bij de haalbaarheidsstudie naar deze nieuwe manier van energieopwekking is onder meer onderzocht of de warmteverandering van de damwand niet nadelig zou zijn voor de grondkerende functie van de damwand. Tevens moest de studie duidelijk maken of er een interessant exploitatiemodel te maken is.

Pilot
De eerste onderzoeksfase is positief afgesloten. Dat betekent dat de projectpartners een pilot konden gaan uitvoeren. In een praktijkopstelling in De Zweth wordt de techniek nu gedemonstreerd. Damwandleverancier Gooimeer bv, licentiehouder voor het patent in Nederland, heeft zich daarbij aangesloten. Daarnaast wisselt het consortium kennis uit met Duitsland waar al twee vergelijkbare projecten met positieve resultaten lopen.

Subsidieregeling
Dit project is financieel geholpen vanuit de subsidieregeling Topsector Energiestudies (TKI Urban Energy programmalijn 3: Fysieke integratie Multifunctionele Bouwdelen) en de SBIR ('Small Business Innovation Research’) Energietransitie Vaarwegen van de Provincie Zuid-Holland en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat.

Project in Beeld: Energiekademuur
YouTube

Op onze nieuwsbrief abonneren

Ook wtw douchewater nu onderdeel Nederlandse Verwarmingsindustrie

Gepubliceerd op

De Nederlandse Verwarmingsindustrie heeft een nieuwe sectie toegevoegd: Douchewater & warmteterugwinning [D-wtw]. Q-Blue, Technea Duurzaam en Dutch Solar Systems hebben ambitieuze plannen om de sectie te laten groeien én douchewater warmteterugwinning op de kaart te zetten. “Uiteindelijk is douchewater warmteterugwinning een energiebesparende maatregel die direct bijdraagt aan het duurzaam verwarmen van tapwater binnen de gebouwde omgeving”, aldus Luuk Dijkhuis namens de nieuwe sectie.

“Verwarming en tapwater zijn nauw met elkaar verbonden, het is daarom een logische stap aan te sluiten bij de Nederlandse Verwarmingsindustrie. We onderschrijven de duurzaam verwarmen visie en leveren met de toepassing van ons product een bijdrage aan energiebesparing.”
Tapwateraandeel wordt steeds dominanter
Henk Sijbring, Voorzitter van de Nederlandse Verwarmingsindustrie is verheugd met deze uitbreiding: “De vraag naar warm water wordt steeds groter en voor warm tapwater geldt: hoe groter de vraag, des te groter de energievraag en daarmee de CO2-uitstoot. Het tapwateraandeel wordt steeds dominanter binnen het energieverbruik, door een energiebesparende maatregel zoals douchewater warmteterugwinning toe te passen, gaat het energiegebruik omlaag. Deze nieuwe sectie is daarom een hele mooie aanvulling op de producten die wij als vereniging leveren om de warmtetransitie haalbaar en betaalbaar te maken”.

Op onze nieuwsbrief abonneren

Drie waterstof cv-ketels doorlopen praktijktest

Gepubliceerd op

Binnenkort wordt drie maanden lang waterstoftechnologie voor woningen in de praktijk getest. De test vindt plaats in een proefopstelling van EnTranCe op het terrein van de Hanzehogeschool Groningen. In de proeftuin worden drie waterstof cv-ketels getest. De resultaten moeten een veilige werking in woonwijken helpen garanderen en een grootschalige toepassing van waterstof mogelijk maken.

Waterstof is een kansrijk alternatief voor aardgas. Diverse fabrikanten brengen installatietechnische producten op de markt die geschikt zijn voor waterstof. Maar hoe werken ze in de praktijk? Welke technische infrastructuur is nodig voor een veilige werking in de bebouwde omgeving? Om dat soort vragen te beantwoorden, start EnTranCe binnenkort een test met cv-ketels (Bekaert) en leidingsystemen (HSF, VSH) die geschikt zijn voor waterstof. De uitkomsten worden primair benut voor de eerste waterstofwoonwijk van 100 woningen, Nijstad-Oost in Hoogeveen, waarvan de bouw al in 2021 moet starten.

Interne én externe leidingen
De test vindt plaats in drie containers met cv-ketels die vanuit externe tanks van waterstof worden voorzien. De cv-installaties hebben een zelfde leidinglengte, maar een verschillende binneninstallatie, om zo variabel mogelijk testdata te kunnen vergaren. Ze zullen drie maanden met intermitterende cycli draaien. “Wij testen het waterstoftransport vooral op veiligheid en letten op zaken die eventueel optreden, zoals drukverlies, lekkages en geluidsoverlast”, zegt Alexander Barendregt, Project Manager bij HSF dat de leidingsystemen verzorgt.

Functioneel testen
“Wij zijn blij dat we in dit testproject kunnen participeren”, vervolgt Barendregt. “Het is een volgende stap in de transitie naar een aardgasloze energievoorziening en er is veel belangstelling voor deze praktijktest, ook vanuit het buitenland.”
Vorig jaar had HSF al een primeur met de KIWA prestatieverklaring voor vijf gasnetproducten overeenkomstig de nieuwe keuringseis KE 214 voor waterstof. “Maar nu gaan we functioneel testen of deze producten als compleet leidingsysteem veilig werken.” HSF levert de externe leidingen en zusterbedrijf VSH de interne leidingen voor de duurtest. Beide bedrijven zijn onderdeel van Aalberts.

Een video-impressie van de proefopstelling vindt u hier: https://www.youtube.com/watch?v=YPqXN-Fzxv0

Op onze nieuwsbrief abonneren

Organisch zonnefolie, radiatorventilator en warmtepomppanelen in de prijzen

Gepubliceerd op

The Green Quest Award is toegekend aan Heliatek, producent van organisch zonnefolie. Dit product wordt na 14 jaar ontwikkelen deze zomer groots opgeschaald. De publieksprijs ging naar de radiatorventilator van SpeedComfort. En de ENGIE Prijs ging naar de warmtepomppanelen van Triple Solar.

Afgelopen seizoen meldden 140 bedrijven hun innovaties aan. Een jury o.l.v. Jacqueline Cramer selecteerde 40 bedrijven die hun innovatie live bij Harm Edens op BNR Nieuwsradio mochten toelichten.

Game changer
Het juryrapport beschrijft de ontwikkelaar van zonnefolie als een game changer. Waarbij het hele plaatje, tot aan end of life, klopt. “Het is folie van organische grondstoffen en dat is vanuit milieuoogpunt super,” beschreef Cramer. “We kijken ook naar hoeveel CO2 het kost om een zonnepaneel te maken. De zonnefolie is veel sneller terugverdiend door de zonne-energie die je opwekt dan bij reguliere zonnepanelen. Dat gebeurt al in 8 maanden, en met zonnepanelen 10 keer langer.”
Guido van Tartwijk, CEO van Heliatek: “Nederland is nog een lastige markt voor ons, maar ik denk dat het met deze prijs gaat lukken. We zijn al met twee projecten bezig in de Rotterdamse haven, en ik wil daar volgend jaar wel staan met mijn spullen.“

Publieksprijs en ENGIE prijs
Mireille van Ark, hoofdredacteur van BNR Nieuwsradio reikte de publieksprijs uit aan SpeedComfort. In totaal was er 3346 keer gestemd, en daarvan gingen er 404 stemmen naar de radiatorventilator van dit bedrijf. ENGIE ten slotte, selecteerde Triple Solar als winnaar van de ENGIE prijs. Triple Solar won omdat het op geniale wijze twee bestaande technieken samenvoegt tot een innovatief product.

Verantwoording
Oud topman van DSM en speciaal corona gezant Feike Sijbesma verzorgde tijdens de uitreiking een keynote. “Als je impact hebt moet je de verantwoordelijkheid die daarbij gepaard gaat ook nemen,” antwoordde Sijbesma op de vraag wanneer duurzaamheid voor hem belangrijk werd. “Ik beeld me in dat ik op het einde van mijn leven verantwoording af moet leggen aan mijn kinderen. Dan hoop ik dat ik kan zeggen: we hebben de wereld niet in perfecte staat geërfd van onze voorouders, we hebben goed geleefd, en we hebben ook geprobeerd om de wereld een beetje beter te maken en op die manier door te geven aan jullie.”

Gebrek aan samenwerking
Feike Sijbesma betoogde de corona-pandemie te zien als een les in hoe we mondiale problemen oplossen. “Ik heb me verbaasd over het gebrek aan samenwerking dat we wereldwijd hebben gezien, terwijl het toch een grensoverschrijdend ding is. Het virus laat niet bij de grens zijn paspoort zien, zoals CO2 dat ook niet doet.” Sijbesma hoopt dat we komen tot een ‘great reset’, want ook voor corona was de wereld niet perfect.

Op onze nieuwsbrief abonneren

Proefproject: gasnet over op waterstof

Gepubliceerd op

In het najaar van 2020 start netbeheerder Stedin in Uithoorn het project ‘tijdelijke ombouw van aardgas naar waterstof’. Feenstra is een van de betrokken partijen binnen dit project en voert de werkzaamheden aan de binnenhuisinstallatie uit.

Het project bestaat uit het ombouwen van een woonblok van veertien sloopwoningen die tijdelijk met waterstof worden verwarmd. Hiertoe wordt het bestaande aardgasnet gedurende de looptijd van het project omgebouwd en geschikt gemaakt voor waterstof. Vanaf dit najaar worden de (onbewoonde) woningen met waterstof verwarmd. Met deze ombouw wordt onder andere gekeken naar hoeveel tijd het kost om het aardgasnetwerk gereed te maken voor het transport en het gebruik van waterstof in bestaande woningen. Het project is uniek in Nederland, maar is ook internationaal gezien nog niet eerder gedaan.

Uitvoerig getest
Allereerst wordt het bestaande gasnetwerk uitvoerig getest op mogelijke lekkages. Zodra de gasleidingen helemaal veilig zijn, plaatst Feenstra de waterstof cv-ketel in de woning. Hierna worden de woningen gedurende één a twee weken verwarmd met 100% waterstof in plaats van aardgas.

Mooie klus
“Onze betrokkenheid bij het omzetten van woningen van aardgas op waterstof is voor ons een mooie klus”, aldus Jan Wijbenga, commercieel manager bij Feenstra, die vanuit deze rol bij het project betrokken is. “Als een van de grotere installatiebedrijven in Nederland zijn wij betrokken bij verschillende waterstof-projecten in Nederland, maar een bestaande woning van aardgas omzetten naar waterstof is een unicum waar veel bij komt kijken en waar wij veel van kunnen leren”.

Activiteiten
De activiteiten van Feenstra bestaan uit de controle van de binnenleidingen, het afdoppen van de kookaansluitingen, het aanbrengen van de spoelvoorzieningen in de leidingen (hiermee kunnen de leidingen worden schoongespoeld met helium/stikstof), het installeren en inbedrijfstellen van de waterstof-cv-ketels, en het afpersen van de gehele installatie. Wanneer de waterstof-cv-ketels in gebruik zijn controleert en monitort Feenstra de leidingen in de woningen, waardoor eventueel mogelijke lekkages direct worden opgemerkt. Na afloop van het project worden de ketels door Feenstra afgekoppeld en ontmanteld.

Strenge veiligheidseisen
Het project van aardgas naar waterstof wordt uitgevoerd aan de hand van strenge veiligheidseisen, in afstemming met de lokale brandweer en onder toezicht van het bevoegd gezag waaronder de Veiligheidsregio. De werkzaamheden worden pas opgestart wanneer alle woningen leeg staan.

Realistische omgeving
Netbeheerder Stedin werkt binnen dit project samen met energieconsultant DNV GL, woningbouwcorporatie Eigen Haard, de gemeente Uithoorn, waterstof-cv-leveranciers Nefit Bosch en Remeha, en installateur Feenstra. Marc van der Linden, CEO van Stedin: “Er komt een hoop kijken bij de overgang van aardgas naar waterstof: de verbindingen van de leidingen, de invoer van het gas en natuurlijk het omzetten van waterstof in warmte door cv-ketels. Zo’n ombouw is nu nog nieuw en onbekend en zeker geen druk op de knop. Het is van essentieel belang dat we dit onderzoek uitvoeren in een zo realistisch mogelijke omgeving van bestaande woningbouw”.

Video:
https://www.youtube.com/watch?v=sJ4g75t3N_8&feature=youtu.be

Linkjes:
https://www.stedin.net/over-stedin/duurzaamheid-en-innovaties/waterstof

https://www.stedin.net/over-stedin/duurzaamheid-en-innovaties/waterstof/uithoorn

https://www.feenstra.com/zorgelooswonen/waterstof/

 

Op onze nieuwsbrief abonneren

Gemeente Oldambt wil aardgasloze gemeentelijke panden

Gepubliceerd op

Gemeente Oldambt wil zo veel mogelijk gemeentelijke panden vóór 2030 van het aardgas af hebben. De gemeente zet daarvoor in september een aanbesteding in de markt. Samen met een of meerdere partners wil Oldambt de komende 10 jaar op zoek gaan naar de beste alternatieven voor de bestaande aardgasaansluitingen. Daarnaast wil de gemeente positief bijdragen aan een betere wereld aan de hand van de VN Werelddoelen.

Oldambt wil met deze aanbesteding de negatieve ervaringen met aardgaswinning omzetten in kansen. Vanaf het begin van de overeenkomst stelt de gemeente het begrote budget voor aardgas, elektriciteit, netwerkkosten en onderhoudskosten beschikbaar aan de nieuwe partner(s). Het gaat indicatief om 25 gebouwen en €500.000 per jaar. De precieze getallen worden in een later stadium bekend gemaakt. De uitvoering moet binnen 10 jaar zijn gerealiseerd. Het contract loopt in beginsel tot 2050. Uitgangspunt is dat de begrote middelen tot 2050 beschikbaar gesteld worden aan de winnende inschrijver, zodat die kan investeren in alternatieve, duurzame vormen van verwarming, koeling, ventilatie en warmwatervoorzieningen. Marktpartijen worden uitgedaagd op hun visie, aanpak, vakmanschap en vaardigheden tot samenwerking en vernieuwing.

Positieve invloed als leidraad
De aanbestedingsmethode die de gemeente gekozen heeft, is Rapid Impact Contracting (RIC), ontwikkeld door KplusV en mede begeleid door Onlanders. Deze methode helpt de gemeente bij het waarmaken van het verduurzamingsbeleid, het tegengaan van klimaatverandering, het verminderen van de CO2-uitstoot en draagt direct bij aan 4 van de 17 aan de werelddoelen (Sustainable Development Goals, SDG’s):
- SDG 7 - Betaalbare en schone energie
- SDG 12 - Verantwoorde consumptie en productie
- SDG 4 – Kwaliteitsonderwijs
- SDG 17 – Partnerschap
Deze SDG’s vormen voor de gemeente een belangrijke basis om binnen de samenwerkingsovereenkomst continu ruimte voor verbetering in te bouwen. Zo kan er aldoor gebruik gemaakt worden van de laatste kennis, innovaties en techniek.

Op onze nieuwsbrief abonneren

Investering voor versnelling energietransitie met hybride warmtepompen

Gepubliceerd op

Het Zuid-Hollandse energie-innovatiefonds ENERGIIQ en duurzaam investeerder Fair Capital Partners Impact Investing gaan investeren in HeatTransformers. Het bedrijf is gespecialiseerd in het installeren van hybride warmtepompen voor woningen. De startup werd in 2018 opgericht om de energietransitie bij Nederlandse huishoudens aan te jagen.

HeatTransformers heeft een kant-en-klaar werkpakket voor installateurs ontwikkeld waarmee alle zaken rondom de installatie van de warmtepomp zijn geregeld. Op deze manier wil het bedrijf hybride warmtepompen op grote schaal toegankelijk maken voor particuliere woningeigenaren. Stijn Otten, oprichter van HeatTransformers: “We hebben ons gespecialiseerd in warmtepompen en klanttevredenheid. Daardoor zijn we een betrouwbare proces- en installatiepartner. Dankzij deze investering kunnen we, samen met onze partners, meer huishoudens bereiken en zo de energietransitie verder versnellen.”

Vestiging in Zuid-Holland
HeatTransformers werkt onder meer samen met energiemaatschappijen, aanbieders van zonnepanelen en grote consumentenorganisaties. Installatie van de warmtepompen vindt zowel plaats in eigen beheer als in samenwerking met installatiepartners. De startup heeft veel klanten in Zuid-Holland en is voornemens hier op termijn een vestiging te openen. De investering van ENERGIIQ en Fair Capital Partners Impact Investing wordt benut voor opschaling van het personeelsbestand en doorontwikkeling van de software en het productaanbod.

Toegang tot netwerk
In aanvulling op de kapitaalinjectie krijgt HeatTransformers toegang tot het netwerk van adviseurs en overheidsrelaties van InnovationQuarter, de regionale ontwikkelingsmaatschappij voor Zuid-Holland. Naar verwachting levert het van HeatTransformers denkt dat haar businessplan de komende vijf jaar voor heel Nederland een CO2-reductie oplevert van ruim een miljoen ton. Een groot deel hiervan zal worden gerealiseerd in de provincie Zuid-Holland.

Versnellen verduurzaming
Berend Potjer, Energie-gedeputeerde van de provincie Zuid-Holland: “Wij geloven dat het aanpakken van de warmtevraag in de gebouwde omgeving essentieel is om de energietransitie te laten slagen. Met hybride warmtepompen kan veel gas worden bespaard in wijken die nog niet van het gas af zijn. Zo maakt investeren in HeatTransformers het mogelijk om de verduurzaming van de woningvoorraad te versnellen. ”

Eenvoudig en betaalbaar
Daan Laméris, directeur van Fair Capital Partners Impact Investing: “HeatTransformers maakt het voor Nederlandse huishoudens eenvoudig en betaalbaar om veel minder CO2 uit te stoten en daarmee klimaatverandering tegen te gaan. Ik ben blij dat we daaraan met ons impact-investeringsfonds kunnen bijdragen.”

Op onze nieuwsbrief abonneren

Wkk-installatie verwarmt kassen maar levert vooral aan het net

Gepubliceerd op

Het Belgische glastuinbouwbedrijf Adriplant heeft warmte/krachtkoppeling (wkk) laten installeren. De warmte die de installatie opwekt dient voor verwarming van de kassen. Het overgrote deel van de stroom wordt geleverd aan het net, omdat het tuindersbedrijf hiervan slechts een klein deel verbruikt. Een rookgasreiniger voor de CO2-bemesting in de kas maakt ook onderdeel uit van de installatie.

Volgens Paul Vos, Manager Energy Solutions van het installerende Centrica Business Solutions, laat de plaatsing van het vernieuwde type MTU zien dat de duurzaamheidsontwikkelingen in de glastuinbouw niet stilstaan: “Wkk kan natuurlijk toegepast worden in verschillende sectoren zoals de maakindustrie of gezondheidszorg. In de glastuinbouw is het een alom bekende energieoplossing, maar zien we ook hier de steeds grotere vraag naar innovatie en lagere energiekosten. Dit vernieuwde type MTU-motor sluit met zijn lage gasverbruik en hoge elektrisch rendement naadloos aan bij deze vraag van tuinders.”

Toekomstbestendige stap
Benny Adriaensen van Adriplant is het daarmee eens. “We hebben in het verleden al van wkk gebruik gemaakt, dus we waren bekend met de techniek en de mogelijkheden. Als ik echter kijk wat met deze nieuwe gasmotor generatorset mogelijk is qua laag gasverbruik en het rendement op elektra, dan is dat een enorme, toekomstbestendige stap vooruit in onze duurzaamheidsambities. Voor ons is dat erg belangrijk, mede omdat de energiekosten zwaar wegen op onze totale kosten.”

Op onze nieuwsbrief abonneren

Ondersteuning bij subsidie Renovatieversneller

Gepubliceerd op

Op 29 juni a.s. gaat De subsidieregeling Renovatieversneller van start. Deze is bedoeld om huurwoningen beter, sneller en betaalbaar te verduurzamen. Rc Panels en Trans-id, onderdeel van Itho Daalderop, hebben de handen ineengeslagen om woningcorporaties te helpen om van deze subsidie gebruik te maken door vraagbundeling. De oplossing bestaat uit zowel een verbetering van dak, ramen en gevels met grondgebonden warmtepompen en ventilatie met warmteterugwinning. Bij dit aanbod is het Ondersteuningsteam Renovatieversneller in de persoon van Marjet Rutten betrokken.

Het aanbod is samengesteld op basis van reeds gerealiseerde projecten en bestaat uit prefab gevels inclusief kozijnen, een prefab dak inclusief zonnepanelen (beide met een isolatiewaarde van Rc 7) en een prefab installatiemodule die half in de gevel wordt verwerkt. Hierdoor hoeft er nagenoeg geen binnenruimte te worden opgeofferd.

Bundeling en Levering
Rc Panels en Trans-id bundelen alle ingediende projecten tot één aanvraag en verzorgen de indiening voor de Renovatieversneller. De corporatie hoeft daardoor niet zelf op zoek naar samenwerkingspartijen en tendering. De renovatiekit kan aan de eigen vaste aannemer worden geleverd, inclusief begeleiding, maar de totale renovatie kan ook door RC Panels en Trans-id verzorgd worden.

Traject
Op 11 juni verzorgen de initiatiefnemers een online meeting voor alle woningcorporaties die interesse hebben. Deze meeting wordt gemodereerd door Marjet Rutten vanuit haar rol in het ondersteuningsprogramma van de Renovatieversneller. Wie interesse heeft kan zich aanmelden via Frank Doff (f.doff@trans-id.nl) of Lianda Sjerps-Koomen (l.sjerps@rcpanels.com).

Itho Daalderop

Op onze nieuwsbrief abonneren

Afvalwater levert energie op in nul-op-de-meter wijk

Gepubliceerd op

KAW-architecten heeft een wijk van 31 nul-op-de-meter woningen ontworpen aan de rand van Groningen, genaamd Rietoevers. In het project zijn onder andere zonnepanelen, een luchtwarmtepomp en een geïntegreerd afvalwater- en biovergistingssysteem toegepast. Volgens KAW-architect Kasper Niezen was het project bijzonder omdat de wensen van de ruim dertig opdrachtgevers gevat moesten worden in één uniform beeld.

In totaal bestaat Rietoevers uit zeven vrijstaande, twaalf twee-onder-een-kap en twaalf rijtjeswoningen. Alle 31 huizen hebben dezelfde beukmaat, maar verschillen steeds een maatje in grootte. De achtertuinen zijn zo’n vijftien meter diep en liggen op het zuiden of het westen.

Verschillende opdrachtgevers
Volgens Niezen zat de uitdaging van dit project in de wensen van de verschillende opdrachtgevers die moesten worden gevat in één uniform beeld. “We hebben met alle opdrachtgevers twee individuele gesprekken gevoerd en daarop het inrichtingsontwerp afgestemd. Alleen de plek van de wc en trap stond vast. Bijna alle huizen zijn dus verschillend ingericht.”

Duurzaam
Verder zijn er veel duurzame keuzes gemaakt. Niezen: “De nul-op-de-meter woningen (energielabel A++++, red.) zijn extra goed geïsoleerd en dragen zonnepanelen. Om zoveel mogelijk panelen kwijt te kunnen, hebben we gekozen voor een asymmetrische kap met zonnepanelen op de lange schuine zonkant. De huizen zijn verder all-electric, dus zonder gasaansluiting, en worden verwarmd met een luchtwarmtepomp.”

Afvalwater als energiebron
De laatste fase van de nieuwbouwwijk Reitdiep, waar Rietoevers deel van uitmaakt, wordt extra duurzaam met speciale aandacht voor (afval)water, gericht op het benutten van energie en het terugwinnen van grondstoffen. Reitdiep is een waterrijke wijk met veel watergangen. Die worden ingericht met natuurvriendelijke oevers waardoor de waterflora en -fauna zich volop kan ontwikkelen en er een sterk ecosysteem ontstaat. Regenwater wordt in de wijk opgevangen en zorgt voor aanvoer van schoon water.

Vacuümtoiletten
Omdat afvalwater net als al het andere ‘afval’ veel nuttige stoffen en ook energie bevat, wordt er in Reitdiep gekozen voor een andere wijze van waterafvoer. Zo wordt er onderscheid gemaakt tussen zwart water (toilet) en grijs water (douche, gootsteen en wasmachine). Voor het zwarte water legt de gemeente Groningen in Reitdiep een vacuümsysteem aan met waterzuinige vacuümtoiletten. Het zwarte water wordt centraal verzameld en daarna vergist in een biovergister. Zo levert het zwarte afvalwater uiteindelijk energie op.

Natuurlijke watersysteem
Het grijze afvalwater wordt in de groene wijkrand gezuiverd met een natuurlijke filter. Die zal in ieder geval bestaan uit een wilgenveld, maar wellicht ook nog een helofytenfilter. Deze filteren het water, zodat het veilig in het natuurlijke watersysteem van de wijk kan worden opgenomen.

De eerste huizen van Rietoevers zijn begin dit jaar opgeleverd. De laatste woningen zijn voor het eind van 2020 klaar.

Op onze nieuwsbrief abonneren

ZEN-woningen scoren gemiddeld bijna acht als rapportcijfer

Gepubliceerd op

Uit een woonbelevingsonderzoek blijkt dat ZEN-woningen gemiddeld bijna een acht scoren als rapportcijfer. Tijdens het online BENG-congres op 26 mei a.s. zullen de projecten die er uitspringen strijden om de ZEN-prijs worden uitgereikt. Er zijn twee categorieën met in totaal zeven genomineerden. Het gaat om vier projecten met een hoogste rapportcijfers voor algemene waardering en drie projecten waarbij de bewoners bovengemiddeld tevreden zijn over binnenklimaat, wooncomfort, licht, verse lucht, geluid en energie.

Per 1 januari 2021 gaan de energie-eisen voor nieuwbouw naar Bijna Energieneutraal (BENG). Wat betekent dit? Hoe bouw je nieuwbouwwoningen BENG en beter? Veel opdrachtgevers, bouwers en adviseurs hebben in de afgelopen jaren al de nodige ervaringen opgedaan. In de woningbouwprojecten die zijn gerealiseerd door deelnemers aan het ZEN-platform, is naast BENG bovendien extra aandacht besteed aan wooncomfort, gezondheid, opleverkwaliteit en betaalbaarheid. onder 31 projecten met ZEN-woningen is nu een bewonersonderzoek uitgevoerd.

Staalkaart ZEN-projecten
In het voorjaar van 2019 is gepeild hoe tevreden de bewoners daadwerkelijk zijn. Bureau voor Woononderzoek heeft in een enquête gevraagd naar het oordeel van de bewoners van 31 projecten met ZEN-woningen, die minimaal 9 maanden bewoond zijn. Het streefcijfer van het ZEN-platform – minimaal een 7,5 voor bewonerstevredenheid – wordt gemiddeld ruimschoots behaald, zo blijkt uit het woonbelevingsonderzoek. Het gemiddelde rapportcijfer voor de projecten die aan het onderzoek deelnamen is een 7,9.

Prijsuitreiking twee categorieën
Er zijn twee categorieën waarvoor de ZEN-prijs zal worden uitgereikt. Genomineerd zijn vier projecten waar bewoners de hoogste rapportcijfers voor de algemene waardering hebben toegekend. En drie projecten waarbij de bewoners bovengemiddeld tevreden zijn over de aspecten binnenklimaat, wooncomfort, licht, verse lucht, geluid en energie. Samen vormen deze projecten een staalkaart van zeer energiezuinige nieuwbouwprojecten. De zeven genomineerde projecten zijn (in alfabetische volgorde):

Projecten met het hoogste algemene rapportcijfer:
• Eiland de Oevers, Rijswijk. Indiener: BAM Wonen
• Hof van Heden, Zoetermeer. Indiener: BAM Wonen en BPD
• Kroon op Jutphaas, Nieuwegein. Indiener: LBP Sight, Vink Bouw
• NOM-woningen DRU-laan, Ulft. Indiener: KlaassenGroep

Projecten met de hoogste waardering voor binnenklimaat, wooncomfort, licht, verse lucht, geluid en energie:
• De Brouwerij, Amsterdam. Indiener: VORM
• Het Verborgen Geheim, Rotterdam. Indiener: Van Omme & De Groot Projectontwikkelaars en Bouwers
Tonica en Largo, Sliedrecht. Indiener: BPD Ontwikkeling

Op onze nieuwsbrief abonneren

ISSO valideert software voor duurzaam advies

Gepubliceerd op

ISSO heeft de Energy Advice Service van The Sustainables gevalideerd. Met dit softwarepakket kunnen berekeningen voor woningen worden gemaakt die een realistisch beeld geven van mogelijke verduurzamingsmaatregelen. De software voldoet aan de gestelde eisen om het Validated by ISSO-certificaat te mogen voeren.

Op verzoek van The Sustainables heeft ISSO een controle uitgevoerd op de software aan de hand van de richtlijnen die zijn vastgelegd in de ISSO-publicaties en de NTA 8800.

Gevalideerde besparingen
“Wij hebben veel opdrachtgevers die onze software afnemen, zoals het consumentenplatform HomeQgo”, aldus Sander Verhoeff, consultant techniek & proces innovatie bij The Sustainables. “Aan de hand van het Validated by ISSO-certificaat willen we laten zien dat de berekeningen realistische besparingen geven. Zo berekent de software gemiddeld 120.000 opties door om tot een advies te komen. En kijkt de software naar verschillende opties, zoals vloer-, muur-, glas- en dakisolatie, HR ketels en hybride en all-electric warmtepompen. Het juiste advies begint dan onder andere bij het berekenen van de juiste besparingen”, zegt Verhoeff. The Sustainables hecht waarde aan kwaliteit die bekrachtigd is met het ISSO-certificaat. Verhoeff: “Op deze manier kunnen wij de consumenten een goed advies geven met gevalideerde besparingen. En kunnen we ons steentje bijdragen aan de verduurzaming van Nederland.”

Online tools
The Sustainables biedt oplossingen die de verduurzamingsmogelijkheden in kaart brengen en daarmee de aanschaf van toepassingen inzichtelijk maken. Dat doen zij door slimme online tools te bouwen om woningen op afstand in te meten. En de mogelijke verduurzamingsmaatregelen per woning door te rekenen.

Validated by ISSO
Op verzoek kan ISSO een controle uitvoeren op producten en diensten van bedrijven die op ISSO-kennis gebaseerd zijn. Een positieve beoordeling wordt bekrachtigd met het Validated by ISSO-certificaat. Het certificaat garandeert een zekere kwaliteit en is een officiële bevestiging.

Grohe schakelt over op plasticvrije verpakkingen

Gepubliceerd op

In 2018 lanceerde sanitairfabrikant Grohe een initiatief om plastic in productverpakkingen te vervangen door duurzamere alternatieven. Resultaat is dat tot op heden zo’n 10 miljoen stuks plastic productverpakkingen verwijderd werden; tegen 2021 moet dit aantal aanzienlijk worden verhoogd tot 35 miljoen stuks.

De overgang naar plasticvrije verpakkingen is een proces waarbij alle Grohe-productielocaties worden betrokken. Naast het identificeren van de meest gebruikte plastic verpakkingen, moeten nieuwe, duurzamere alternatieven worden onderzocht, getest en vervolgens geïmplementeerd. “Het aanbieden van plasticvrije verpakkingen maakt deel uit van onze uitgebreide 360-graden duurzaamheidsstrategie, die ook werknemers, leveranciers, klanten, processen, producten en onze bijdrage aan de samenleving omvat. Voor ons als merk is het belangrijk om bestaande processen voortdurend opnieuw te bekijken vanuit een duurzaamheidsperspectief ”, zegt Thomas Fuhr (foto), COO Fittings LIXIL International en CEO van Grohe AG. "De missie om tegen 2021 volledig plasticvrije productverpakkingen te realiseren, is een belangrijke stap in onze bijdrage aan de strijd tegen het wereldwijde probleem van plastic afval."

Stimulerende maatregelen in duurzame warmte nodig

Gepubliceerd op

De warmtebranche heeft door de coronacrisis behoefte aan maatregelen om het investeringsklimaat voor duurzame warmte te verbeteren. Dat stelt Stichting Warmtenetwerk. Alleen zo kunnen de voorgestelde maatregelen voor de energietransitie ongehinderd doorgang vinden. Onderzoek wijst uit dat de warmtebranche zich zorgen maakt over het halen van de klimaatdoelstellingen.

Uit het onderzoek wat Stichting Warmtenetwerk in samenwerking met de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) uitvoerde onder haar eigen leden, komt een somber toekomstbeeld over het effect van de coronacrisis op het halen van de klimaat- en energiedoelstellingen. De respondenten maken zich zorgen over het effect van de optelsom van o.a. de lage energieprijzen, verslechtering van het investeringsklimaat, vertraging van zowel kleine als grote projecten.

Nu passende maatregelen
Erik Stronk, voorzitter bij Stichting Warmtenetwerk: “Het is van belang dat de overheid nu passende maatregelen treft om het investeringsklimaat in de warmtesector te verbeteren, plannen voor verduurzaming door laat gaan en vergunningsprocedures weer oppakt. We zien vooral maatregelen die toegang tot startinvesteringen stimuleren als katalysator voor duurzame warmteprojecten. Zo kunnen we de geplande uitbreidingen van het aantal nieuwe warmteaansluitingen tijdig en verantwoord samen realiseren. Dit is van belang tijdens én na de crisis.”

De staat van de branche
Uit het onderzoek blijkt dat de warmtesector (opwek, distributie en exploitatie) er momenteel goed voorstaat. De verwachte omzetdalingen in het tweede en derde kwartaal blijven beperkt. Resultaten voor het derde kwartaal zijn afhankelijk van het doorzetten van de voorgenomen nieuwe warmte-aansluitingen bij geplande projecten. De verwachting is wel dat het investeringsklimaat slechter wordt. Ongeveer een derde van de bedrijven maakt nu gebruik van de nieuwe, coronagerichte overheidsinstrumenten. Stronk: “Het gaat goed met de branche, dus wat ons betreft is dit juist hét moment om de voorgenomen warmtetransitie door te zetten. Wij kunnen en willen door, coronacrisis of niet. We zien enorm veel kansen om juist nu samen te gaan voor de klimaatdoelstellingen. Daarvoor zijn wel stimuleringsmaatregelen nodig die investeringen in warmteprojecten laagdrempelig maken. Als gevolg van de crisis zijn stimuleringsmaatregelen nu meer nodig dan ooit.”

Over het onderzoek
Stichting Warmtenetwerk heeft de inventarisatie van de NVDE op 14 april uitgezet onder haar 210 leden, waaronder aannemers, exploitanten, fabrikanten, ingenieursbureaus, onderzoeksinstituten, overheden en woningcorporaties. Het was onderdeel van een grotere inventarisatie binnen de hele energiesector. Meer informatie over het onderzoek vind je hier en hier.

Over Stichting Warmtenetwerk
Stichting Warmtenetwerk is een platform voor spelers uit de duurzame warmtesector, van gemeente tot leverancier. In 2050 kan Nederland tot 75% van de warmtebehoefte voorzien met warmte uit klimaatneutrale bronnen. Door kennis en ons netwerk te delen, zetten we collectieve warmte op de kaart en versnellen we de energietransitie.

Via e-learning een betaalbare BENG

Gepubliceerd op

Voor opdrachtgevers en professionals in de bouw- en installatiesector is er nu een online platform, AZEB Learn, waarmee via e-learning een betaalbare BENG ontwikkeld kan worden. Geïnteresseerden kunnen starten met een gratis cursus in de Engelse taal die de AZEB-routekaart, bijbehorende hulpmiddelen en aanvullende kennis behandelt. AZEB Learn is het resultaat van het EU-project AZEB (Affordable Zero Energy Buildings), in Nederland uitgevoerd door DNA in de Bouw.

Het huidige gebrek aan kennis in de markt maakt het ontwikkelen van betaalbare en kwalitatief goede bijna energieneutrale gebouwen (BENG) lastig. Verwacht wordt dat de nieuwe Europese wetgeving voor energieneutraal bouwen en de Wet kwaliteitsborging, beide van kracht vanaf 2021, het opdoen van nieuwe kennis stimuleert. De huidige tijden van sociale afstand vergroten de kansen voor e-learning ook. AZEB Learn speelt erop in. Het platform is het resultaat van de intensieve samenwerking tussen 8 kennisorganisaties uit 6 Europese landen gedurende 3 jaar. De AZEB-methode bespaart de markt miljoenen euro’s doordat zij een grote hoeveelheid beschikbare oplossingen in Europa voor kosteneffectieve BENG’s hebben gescand, geanalyseerd en getest en de beste hebben geïntegreerd in de AZEB-routekaart. Dit stimuleert – met hulp van de EU – BENG-projecten die hoge prestaties voor energie, comfort en financiën kunnen garanderen en meer waarde leveren voor minder geld.

Structuur en inhoud van AZEB Learn
AZEB Learn behandelt alle relevante onderwerpen voor een (bijna) energieneutraal gebouw met duidelijke en praktische suggesties voor implementaties, aangevuld met informatiebronnen van ervaren en bekende AZEB-partnerorganisaties. Kennis is geïntegreerd over ontwerp, gebouwdiensten, hernieuwbare energiebronnen, inbedrijfstelling, contractering, lean-praktijken, projectbeheer, projectontwikkeling, alles met focus op een BENG.
Het lesmateriaal heeft specifieke aandacht voor de kosten van een BENG-project en de optimalisatie ervan. Ook worden voorbeelden gegeven vanuit gevalideerde cases met significante effecten voor de financiële, sociale en milieuprestaties van gebouwen.
In de kennis op AZEB Learn is gemakkelijk te navigeren van helicopterview naar specifieke details en terug. Met korte toetsen kan de cursist zijn eigen kennis testen. Op termijn is een online community beschikbaar van collega's en experts om online aangepaste antwoorden op specifieke vragen te krijgen. Ook wordt meer lesmateriaal toegevoegd, in meer talen, betaald en gratis. Een account is gratis aan te maken op https://azeb.eu/learn/.

EU-project stopt, AZEB gaat door
Het EU-project is per mei 2020 afgerond, maar AZEB gaat door. DNA in de Bouw is eigenaar van het e-learning platform en Kennisinstituut KERN beheert het (Kennisinstituut Energetische Renovatie en Nieuwbouw). KERN is als stichting gelieerd aan DNA en gericht op onderzoek, onderwijs en certificering. KERN coördineert de ontwikkeling van gratis online trainingen en betaalde online certificaatprogramma's, evenals de marketing en verkoop ervan. Andere AZEB-partners werken mogelijk samen met DNA bij het ontwikkelen en verzorgen van cursussen. In 2021 wordt de lancering van een eerste betaald AZEB online certificaatprogramma verwacht. AZEB gaat ook internationale consultancy bieden voor betaalbaar BENG-bouwen.
Doe-boek voor opdrachtgevers
Nog een resultaat van het EU-project is het Doe-boek voor opdrachtgevers die een energieneutraal project laten uitvoeren: 'Gids voor een betaalbare BENG'. Het boek introduceert de AZEB-methode vanuit het perspectief van de opdrachtgever en met de nadruk op zijn rol. Met de kennis uit het praktische boek houdt hij overzicht in de turbulentie van een bouwproject. Het boek bevat tekst en praktische uitleg aangevuld met schema’s en opdrachten om concreet aan de slag te gaan, samen met het projectteam. 128 pagina’s en uitvoering full colour. Het boek kan bij KERN worden besteld: https://kennisinstituutkern.nl/product/azeb-doeboek-voor-opdrachtgevers/

Horizon 2020, AZEB en DNA
AZEB heeft financiering ontvangen uit het Horizon 2020 onderzoeks- en innovatieprogramma van de Europese Unie onder nummer 754174. Vereniging De Nieuwe Aanpak in de Bouw (DNA) is niet alleen deelnemer, maar ook coördinator van het project. Acht partijen uit zes EU-landen hebben aan de methode gewerkt die alle bouwdisciplines voor energieneutraal bouwen integreert, van ontwerpfase tot en met oplevering. Het project duurde van juni 2017 tot 1 mei 2020.
Het AZEB slotcongres dat DNA in de Bouw organiseert tijdens Building Holland 2020 is verplaatst naar 27 oktober 2020. Aanmelden kan al via: https://www.duurzaamgebouwd.nl/agenda/20201027-azeb-slotcongres

Op onze nieuwsbrief abonneren

Overheid investeert 100 miljoen om verduurzaming huurwoningen te versnellen

Gepubliceerd op

 Om woonwijken sneller, efficiënter en betaalbaar te verduurzamen, investeert het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) 100 miljoen in de Renovatieversneller. De regeling moet ervoor zorgen dat het tempo van het verduurzamen omhoog gaat en de kosten per woning dalen. Dit is een belangrijke stap in het bereiken van de beoogde kostenverlaging van 20 tot 40 procent en versnelling naar een tempo van 200.000 verduurzaamde woningen per jaar uit het Klimaatakkoord.

Het versnellen van de verduurzaming van huurwoningen zorgt ook voor continuïteit en werkgelegenheid in de technieksector. Leden van Techniek Nederland kunnen gebruikmaken van de subsidieregeling en het ondersteuningspakket.

Innovaties en schaalvergroting
Minister Ollongren: “Om de klimaatdoelen te halen is het van essentieel belang dat huurwoningen zo snel mogelijk verduurzaamd worden. Door het bundelen van projecten kan op termijn een groot aantal woningen tegelijkertijd gerenoveerd en verduurzaamd worden. Deze regeling draagt bij aan innovaties die deze schaalvergroting mogelijk maken. Daarnaast zorgt de versneller er voor dat doorgewerkt kan worden. Wij kunnen ons niet permitteren dat de bouw vertraagt. Veel mensen zoeken een woning en er ligt een grote verduurzamingsopgave.”

Techniek Nederland is één van de initiatiefnemers
Voorzitter Doekle Terpstra: “Techniek Nederland is een van de initiatiefnemers van de Renovatieversneller. Voor onze leden is het belangrijk dat de verduurzaming van woonwijken via de Renovatieversneller voorspelbaar is. Dat maakt het eenvoudiger voor installateurs en technisch dienstverleners om werkzaamheden te plannen. Het is goed dat de overheid juist nú investeert in verduurzaming. Zo kunnen we de gevolgen van de crisis dempen en blijven de klimaatdoelen binnen handbereik.”

Sleutelrol voor woningcorporaties
Woningcorporaties spelen met hun grote woningbezit een sleutelrol in de Renovatieversneller. Installateurs kunnen wijken met gelijksoortige woningen met behulp van duurzame technieken straks grootschalig en daardoor efficiënt verduurzamen. Ook andere verhuurders, Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) en eigenaar-bewoners kunnen gebruik maken van de regeling.

Jaarlijkse inschrijfronde
De Renovatieversneller biedt tot en met 2023 jaarlijks een inschrijfronde en een zesjarig landelijk ondersteuningsprogramma met begeleiding en kennisdeling. Om in aanmerking te komen voor de regeling kunnen woningeigenaren gezamenlijk een voorstel indienen. De ingediende aanvragen concurreren met elkaar op criteria als het aantal woningen in het renovatieproject, de verwachte kostenverlaging, de mate van vernieuwing en de mogelijkheden om de aanpak te herhalen in de regionale en landelijke woningvoorraad. De aanvragen die als beste uit de competitie komen, kunnen gebruikmaken van de regeling.

20 miljoen euro in 2020
In 2020 is er 20 miljoen euro beschikbaar. Hiermee is het mogelijk om naar verwachting 3.000 tot 4.000 woningen te renoveren. Over de totale looptijd van de regeling levert dit naar verwachting circa 15.000 tot 20.000 duurzaam gerenoveerde huurwoningen op.
De Renovatieversneller levert ook kostenreductie op door vraagbundeling, industrialisering, standaardisering en ketensamenwerking. Die versnelling en kostenreductie moeten ervoor zorgen dat voor 2030 jaarlijks zo’n 200.000 woningen gerenoveerd en verduurzaamd kunnen worden.

Voorwaarden
Samenwerkingsverbanden van woningeigenaren zoals corporaties, particuliere verhuurders, VvE’s en individuele woningeigenaren kunnen een voorstel indienen voor een renovatieproject van ten minste 150 woningen gebouwd voor 1995. Per woning varieert de bijdrage van 2.000 tot 7.000 euro. De bijdrage is afhankelijk van het type woning, het pakket energiebesparende maatregelen en de warmtevraag na renovatie. De werkzaamheden moeten binnen drie jaar zijn afgerond. De aanvragen voor 2020 kunnen van 29 juni tot en met 2 november worden ingediend bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Bron: Techniek Nederland

Op onze nieuwsbrief abonneren

Grohe realiseert CO2-neutrale productie

Gepubliceerd op

Fabrikant van badkameroplossingen en keukenkranen Grohe heeft een CO2-neutrale productie gerealiseerd. Thomas Fuhr, CEO van Grohe AG. "We mikken nu op de volgende stap: eind 2021 willen we al onze verkoopkantoren wereldwijd klimaatneutraal maken." Om het zelfopgelegde doel van  CO2-vrije productie te bereiken, gebruikt Grohe sinds juli 2019 groene stroom in de Duitse logistieke centra en op vijf productielocaties die uitsluitend produceren voor het merk Grohe.

Daarnaast investeert het merk in zonnetechnologie, warmtekrachtkoppelingscentrales en productieprocessen zoals het 3D printen van metalen die materialen besparen om een waardeketen te garanderen die grondstoffen bespaart. Ook het moderne testlaboratorium in Hemer en een verhoogde recycling van materialen dragen bij aan de gestage vermindering van de CO2-voetafdruk. Als gevolg hiervan heeft Grohe zijn uitstoot van broeikasgassen met ongeveer 40 procent kunnen verminderen sinds de invoering van het duurzaamheidsprogramma in 2014, terwijl tegelijkertijd de energie-efficiëntie met 24 procent is verhoogd. Als gevolg hiervan zijn de oorspronkelijke geplande doelen aanzienlijk sneller behaald en zelfs verbeterd.

Compensatie
Grohe ondersteunt twee projecten ter compensatie van CO2-emissies die nog niet konden worden verminderd: het merk ondersteunt de exploitatie van een waterkrachtcentrale in India, dat de noodzaak van kolencentrales elimineert, en een project in Malawi, dat de reparatie en het onderhoud van boorgaten omvat die worden gebruikt voor de onttrekking van drinkwater. Als onderdeel van zijn koolstofstrategie is het sanitair merk van plan om de beproefde drieledige aanpak van ‘vermijden, verminderen en compenseren’ en zijn energie-efficiëntie elk jaar met eigen middelen te verhogen, waardoor het aandeel van de compensatie wordt verminderd.

Op onze nieuwsbrief abonneren

WELL Platinum voor bestaand kantoor DGMR

Gepubliceerd op

Als tweede in Nederland ontvangt ingenieurs- en adviesbureau DGMR voor haar bestaande kantoor in Den Haag het certificaat WELL Platinum versie 2. Met deze hoogst haalbare certificering laat het adviesbureau zien dat een aantoonbaar gezonde werkomgeving ook in een bestaand kantoor te realiseren is.

Het Haagse kantoor van DGMR heeft een positief effect op de gezondheid en het welzijn van de mensen die er werken, vindt het International WELL Building Institute (IWBI). WELL is een wereldwijde standaard met hoge eisen aan concepten als lucht, water, licht, akoestiek,  thermisch comfort, materialen en innovatie. Voor 80 procent was dit al op orde. DGMR heeft zichzelf met name verbeterd in ‘zachte’ WELL-features als geestelijke gezondheid, gemeenschap, beweging en voeding. De bewijslasten hiervoor zijn met hulp van Bureau de Bont ingevuld. Om Platinum te halen, is een score van minimaal 80 punten nodig. DGMR behaalde 87 punten.

Gezonde voeding
Zo’n 20 procent van alle werkplekken heeft nu zit-stabureaus en twee keer per week levert een lokale leverancier biologische groenten en fruit als gezonde snack. In het kantoor is veel groen in circulaire plantenbakken en medewerkers worden aangemoedigd om water te drinken. Verder biedt de DGMR Academie trainingen op het gebied van focus en timemanagement, is er een bibliotheek met boeken over gezonde voeding, goed slapen en mindfulness en is er onder andere een rust/meditatieruimte.

Intern draagvlak
DGMR heeft volop gewerkt aan intern draagvlak. Zo zijn medewerkers in interne sessies meegenomen in de betekenis van WELL voor de werkomgeving. Ook ontvingen ze de door DGMR en bba binnenmilieu ontwikkelde enquête-tool Healthy Building Index om hun tevredenheid over het binnenklimaat en de voorzieningen aan te geven. Met een gezonde-koekenproeverij werden medewerkers betrokken bij de keuze voor nieuwe koeken.

Ervaring
Al meer dan twintig jaar werkt DGMR aan gezondheid in gebouwen. Sinds de introductie van de WELL Building Standard in 2016 is het ingenieurs- en adviesbureau betrokken bij de toepassing ervan in Nederland. Met name bij nieuwbouw, zoals voor projecten als EDGE Olympic en Flow. Door het eigen kantoor in Den Haag als uitgangspunt te nemen, heeft DGMR nu ook ervaring opgedaan met WELL voor bestaande bouw en de begeleiding van het interne proces.

Rondleidingen
Steeds vaker kloppen opdrachtgevers bij DGMR aan om een gezonde werkomgeving voor gebruikers te creëren. Volgens het principe ‘practise what you preach’ is het eigen kantoor aangepast aan de WELL-eisen. Ook in de 1,5m-samenleving wil DGMR met beperkte rondleidingen in het kantoor in Den Haag aantonen dat het behalen van het hoogste WELL-certificaat ook haalbaar is in bestaande gebouwen. Daarnaast ontwikkelt DGMR een geanimeerde virtuele toer door het kantoor.

Op onze nieuwsbrief abonneren

Utrechtse studenten bouwen betaalbaar duurzaam huis

Gepubliceerd op

Een team van zestig studenten van de Hogeschool Utrecht bouwt momenteel aan het huis van de toekomst. De studenten maken een betaalbaar huis dat modulair, circulair, zelfvoorzienend en adaptief is. Het huis doet mee in de strijd om de Solar Decathlon 2020 prijs. Dit is een wedstrijd waarbij studententeams uitgedaagd worden om efficiënte en innovatieve gebouwen te ontwerpen op basis van duurzame energie. Ook leren zij wat de meerwaarde is van interdisciplinair samenwerken met complexe vraagstukken uit de praktijk.

Het huis dingt in de Solar Decathlon mee om de prijs voor het meest duurzame huis ter wereld. Het project is genomineerd omdat het complete huis volledig duurzaam is. Zo wordt het geïsoleerd met oude plantenresten en wordt regenwater voor hergebruik opgevangen. Het team onderzoekt bovendien een leasing concept waarbij materialen niet gekocht hoeven te worden. De wand-, vloer- en plafondelementen kunnen worden opgehangen met een systeem dat is ontwikkeld door de studenten zelf. Het heeft een groene gevel waar vlinders, vleermuizen en insecten in kunnen leven. Het slaat ook energie op om te gebruiken op de momenten dat de zon niet schijnt.

Warmtepomp zonder buitenunit
Team Celcius werkt met verschillende bedrijven samen om alle elementen in het huis te verduurzamen. Zo levert Vaillant de recoCOMPACT exclusive warmtepomp die werkt zonder buitenunit. Het betreft een alles-in-één lucht/water-warmtepomp met een warmwaterboiler en geïntegreerde WTW-unit voor ventilatie. De warmtepomp zorgt voor verwarming, koeling, ventilatie en warmwaterproductie en heeft het Green iQ-label, dat staat voor producten die voldoen aan de hoogste voorwaarden rondom duurzaamheid en intelligent beheer. De unit heeft daarnaast een stille werking waardoor de bewoners geen overlast ervaren. Vaillant denkt mee over de juiste werking van het systeem en levert de technische kennis, zodat de recoCOMPACT exclusive warmtepomp goed wordt geïnstalleerd.

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

CO2-lockdown voorkomen: leer van corona

Gepubliceerd op

In een open brief aan installatiewereld roept Ronald Rovers op om te leren van de coronacrisis en ervaringen hiermee te gebruiken om de CO2-uitstoot te vertragen. Rovers is internationaal actief in energie- en milieuonderzoek in relatie tot de gebouwde omgeving, fellow professor aan de TU Eindhoven en auteur van het boek ‘Gebroken Kringlopen’. 'Voorkom een CO2-lockdown.'

‘Wat nu rond het corona-virus gebeurt, dat moet, gezondheid gaat voor alles. Laat dat duidelijk zijn. Maar we maken met Corona mee, wat we met klimaat en CO2 ook gaan meemaken. Het is bij beide een kwestie van tijd, of beter tijd rekken. Bij corona, om de verspreiding te vertragen, en de ziekenhuizen te ontlasten, en het leed zo sterk als mogelijk te beperken. Ook onze CO2 uitstoot gaat veel te snel, bij het huidige tempo in de wereld, zijn we in 2027 door ons CO2 budget heen om klimaatverandering tot 1,5 graad te beperken, en in 2035 tot 2 graden. Met alle ellende van dien.

Tijd winnen
Het gaat erom die CO2 uitstoot te vertragen, zodat we langer de tijd hebben met het beschikbare maximale emissiebudget, tijd hebben om de echte transitie door te voeren, die een enorme inspanning en daarmee tijdsperiode gaat vergen. Ook hier moeten we dus tijd winnen, anders is het klimaat al overbelast voor we goed en wel zijn begonnen.

Tempo van aanpakken is te laag
Ik denk daarbij vooral aan de woningbouw. Het uiteindelijke doel is duidelijk : alle woningen zwaar isoleren en naar 0- energie brengen. Als we dat per woning aanpakken, gaat dat enorm veel tijd kosten: bij 100.000 woningen per jaar is dat al 70 jaar. En zelfs dat tempo wordt al lastig, de bouw kwam voor Corona al mensen tekort. Bovendien, die tijd hebben we dus niet, de totale emissiecurve (CO2 'verspreiding') van alle woningen samen loopt al die tijd door en omhoog. De eerste 10 à 20 jaar is het effect van die complete woning 'make over' klein, immers aan het merendeel van de woningen is dan nog niets gedaan.

Afvlakken van de piek
Dat maximale emissiebudget slinkt dan zienderogen, net zoals de IC-capaciteit vanwege Corona sterk slinkt. Net als die piek bij Corona, moeten we die piek van opgetelde CO2 emissies dus zo snel mogelijk, in ieder geval gedeeltelijk, omlaag brengen. Om met dezelfde gezamenlijke hoeveelheid CO2-emissie, langer te kunnen doen, en dus ook meer tijd hebben om alle woningen en wijken een definitieve upgrade te geven.

Nog grotere operatie
Wat zich bij corona binnen 1 jaar gaat afspelen, is eigenlijk in het kort wat zich bij klimaat en CO2 over tientallen jaren afspeelt. Daarom lijkt het minder urgent, maar is zo mogelijk een nog grotere operatie als rond corona. Met enorme consequenties, al zijn ze minder zichtbaar, en in ieder geval over langere tijd gespreid. En allemaal op de bank thuis blijven zitten, niet meer reizen, weinig uitgeven, zou helpen, maar jaren achter elkaar? Dat gaat niet lukken.

Corona geeft ons kans
Daarom is het van het grootste belang ook in tijden van corona, het klimaat doel niet uit het oog te verliezen. Sterker, corona geeft ons de kans dat nu gelijk ook goed aan te pakken, en deels de ellende van corona die ons na afloop nog te wachten staat, mee te helpen oplossen. Want we hebben zo meteen na corona ook een werkgelegenheidsprobleem, veel extra werklozen, en tevens een moeilijke opstartperiode voor allerlei bouwprojecten bijvoorbeeld.

Hybride warmtepomp en zonnepanelen binnen 4 jaar
Hoe dan? Met (bijvoorbeeld) twee eenvoudige maatregelen: alle woningen in Nederland met een gasketel, en dat zijn ze bijna allemaal, krijgen een warmtepomp hybride geschakeld met de gasketel, en tegelijk het dak vol zonnepanelen. En dat alles binnen zeg 3 à 4 jaar te realiseren. Recht toe recht aan installatiewerk, met een groot effect: gasverbruik gaat sterk omlaag, de gasketel slaat alleen nog maar aan als het echt koud is, en dat is steeds minder vaak, en het extra elektriciteitsgebruik wordt gecompenseerd door de zonnepanelen, waardoor de CO2 emissies van de woningbouw drastisch afnemen. Bovendien, is dit een enorme boost voor directe werkgelegenheid, snel op te starten en uit te voeren. Het huis hoeft dus niet eerst sterk geïsoleerd te zijn, of te zijn uitgerust met een nieuw lagetemperatuur-verwarmingssysteem. Die twee maatregelen samen , brengen de CO2 uitstoot en het gasgebruik al een stuk terug, tot wel 50% of meer in sommige gevallen. Bovendien: Die zonnepanelen moeten sowieso, en die warmtepompen zijn aan vervanging toe voordat de meeste woningen aan de beurt zijn voor een complete renovatie.

‘Emissie immuniteit’
Het zijn weinig spectaculaire maatregelen, waarmee een enorme piek vermeden wordt, en de grootste dreiging afgewend. Althans, er komt ruimte om de transitie beheersbaar te houden, tijd om ‘emissie immuniteit’ op te bouwen, zonder het systeem te overbelasten, en door die 1,5 of zelfs 2 graden heen te schieten. Wat betreft de woningbouw dan. Tijd ook om al die ander opties, warmtenetten, waterstof, of wat het ook zal worden voor te bereiden en in te voeren. Natuurlijk vergt dat opschaling van de zonnecellen en warmtepomp productie. Maar dat snappen we nu, de productie van beademingsapparaten voor corona wordt nu ook zo aangepakt.

CO2 -lockdown vermijden
Vandaar mijn pleidooi om nu door te pakken en dat andere dreigende probleem met evenveel verve aan te pakken als nu corona. We moeten nu een inspanning leveren om de emissieverspreiding beheersbaar te houden . Het is misschien niet ideaal, de warmtepompen kunnen nog verbeterd worden, maar wachten vergoot de problemen op vele andere terreinen, en een CO2 -lockdown dienen we ten alle tijden te vermijden: een plotselinge stop op CO2 emissies als we door die grenzen heen schieten. We kopen zo tijd. Bovendien helpt het de bouw te ontlasten , beperkt de energiekosten, geeft directe werkgelegenheid, maakt de samenleving zelfredzamer, en helpt dus CO2 emissies in toom te houden.

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

Nederlandse woning verliest veel warmte in korte tijd

Gepubliceerd op

Woningen in Nederland weten minder warmte binnen te houden dan andere Europese landen. Onderzoek, uitgevoerd tussen december 2019 en januari 2020 onder 80.000 huizen, wijst uit dat een Nederlandse woning bij een binnentemperatuur van 20 °C en een buitentemperatuur van 0 °C gemiddeld na 5 uur 2,4 °C verliest. In vergelijking met sommige West-Europese landen, waaronder Duitsland en Noorwegen, verliezen Nederlandse huizen tot 2,5 keer zo snel warmte in 5 uur tijd.

Het onderzoek is uitgevoerd door tado°, specialist op het gebied van intelligent klimaatbeheer voor woningen. Er is rekening gehouden met de binnen- en buitentemperatuur (in alle landen 20 °C en 0 °C). Uit het onderzoek kwam overigens naar voren dat huizen in het Verenigd Koninkrijk de meeste warmte verliezen in 5 uur tijd, namelijk 3 °C. Hier staat dan ook het grootste aantal oude woningen in Europa; maar liefst 38% van de woningen is vóór 1946 gebouwd.

Oude woningen minder goed geïsoleerd
Er zijn verschillende mogelijke verklaringen voor de resultaten van het onderzoek, bijvoorbeeld de hoeveelheid overheidssteun/subsidies, de kwaliteit van nieuwere huizen, slechte isolatie. De meeste woningen met een ouder bouwjaar zijn namelijk minder goed geïsoleerd. Hoe zit dat in Nederland? In de periode vóór 1946 werd 18,9% van de huizen gebouwd, in 1946-1980 was dit 41,9%, in 1980-2000 ging het om 26,4% en na 2000 slechts 9,5%. Een vijfde van de huizen is heel oud, wat kan hebben gezorgd voor het warmteverlies van 2,4 °C in Nederlandse huizen.

Overheidsmaatregelen
Een van de manieren om broeikasgasemissies te verminderen is door gebouwen beter te isoleren. De Nederlandse overheid heeft particulieren sinds 2 september 2019 de mogelijkheid gegeven om subsidie aan te vragen voor de isolatie van een koopwoning . Ook is er het programma aardgasvrije wijken (PAW). Gemeenten moeten een transitievisie warmte opstellen, een beleidsdocument waarin elke gemeente aangeeft hoeveel woningen en andere gebouwen in de periode tot en met 2030 geïsoleerd en/of aardgasvrij worden gemaakt. De ambitie uit het Klimaatakkoord is om tot 2030 minimaal 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen te verduurzamen.

Enorm veel besparingspotentieel
Jan Meyer, verantwoordelijk voor verwarmingsoplossingen bij E.ON Duitsland: “Verwarming en warm water zijn goed voor 79% van het uiteindelijke energiegebruik van huishoudens in de EU. Dit getal toont aan dat er een enorm veel besparingspotentieel is. Door een verouderd olieverwarmingssysteem te vervangen voor een moderne gascondensatieketel kan een huiseigenaar bijvoorbeeld tot 20% energie besparen. Verbetering van de isolatie van een gebouw en modernisering van ramen kunnen ook waardevolle investeringen zijn die het energiegebruik verlagen en het comfort verhogen. Een andere optie is het installeren van slimme thermostaten, omdat deze kunnen helpen energie te besparen door deze efficiënter te gebruiken. Dergelijke maatregelen helpen niet alleen bij het verlagen van de verwarmingskosten, maar dragen ook bij aan de bescherming van het klimaat.”

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

Miljoenen huishoudens in 2030 op door groene waterstof opgewekte elektriciteit

Gepubliceerd op

Een consortium van Gasunie, Groningen Seaports en Shell Nederland heeft vanmiddag aangekondigd te willen beginnen met het project NortH2: de productie van groene waterstof met behulp van stroom die door een megawindpark op zee wordt opgewekt. Het consortium wil  hiermee invulling gegeven aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord. Het park moet in 2030 al 3 tot 4 gigawatt aan elektriciteit leveren. Omgerekend zou dat genoeg zijn om 3,5 tot 5 miljoen huishoudens in Nederland van elektriciteit te voorzien. Dat moet in 2040 zijn gegroeid naar 10 gigawatt.

De groene waterstofproductie, initieel in de Eemshaven en later mogelijk ook op zee, zal naar verwachting zo’n 800.000 ton per jaar zijn in 2040. Dat scheelt een uitstoot van zo’n zeven megaton CO2 per jaar. NortH2 heeft de steun van de provincie Groningen en gaat op zoek naar partners om het consortium uit te breiden en dit project te realiseren.

Serieuze bijdrage aan verduurzaming
Groene waterstof, gemaakt uit hernieuwbare bronnen zoals wind en zonne-energie, staat centraal in het Nederlandse Klimaatakkoord en de Europese ‘Green Deal’. Op dit moment wordt waterstof al in grote hoeveelheden gebruikt in de industrie, maar wordt voornamelijk geproduceerd uit aardgas. Het vervangen door groene waterstof draagt serieus bij aan de verduurzaming van de industrie.

Allereerst voorziet NortH2 in de bouw van enorme windparken in de Noordzee, die stapsgewijs kunnen uitgroeien tot een uiteindelijke capaciteit van zo’n 10 gigawatt. Dat is omgerekend goed voor het elektriciteitsgebruik van circa 12,5 miljoen Nederlandse huishoudens. Hiervoor moeten veel windturbines worden gebouwd. De eerste kunnen al in 2027 gereed zijn en worden ingezet voor groene waterstofproductie.
Daarnaast voorziet het plan in een grote ‘elektrolyser’ in de Eemshaven, waar de windenergie wordt omgezet in groene waterstof. Het consortium overweegt verder de mogelijkheid om elektrolysers op zee te plaatsen.

Inzetten van aardgasinfrastructuur van Gasunie
Ten slotte is een slim transportnetwerk in Nederland en Noordwest-Europa nodig om de 800.000 ton groene waterstof naar voornamelijk industrie, maar later mogelijk ook naar de consument te brengen. Hiermee kan rond 2040 naar schatting zeven megaton CO2-uitstoot per jaar worden bespaard. Met dit project wordt de aardgasinfrastructuur van Gasunie, die nu nog vooral wordt ingezet voor aardgas en groen gas, ook gebruikt voor de opslag en het transport van waterstof.

Nieuwe partners nodig
Marjan van Loon, president-directeur van Shell Nederland: “We zetten hier met elkaar een ambitie neer die Nederland wereldwijd in de koplopersgroep plaatst op het gebied van waterstof. Bovendien draagt het bij aan het behalen van de doelstellingen van het Nederlandse Klimaatakkoord en het versnellen van de energietransitie. Dit project biedt kansen in de gehele waterstofketen. Daarnaast past het goed bij onze New Energies-aspiraties en bij onze ambities om steeds weer nieuwe manieren te vinden om CO2-uitstoot te verminderen en meer en schonere energie te leveren, thuis, onderweg en op het werk. Om dit project te realiseren zullen er verschillende nieuwe partners nodig zijn. Samen zullen we moeten pionieren en innoveren om alle beschikbare kennis en kunde die nodig is bij elkaar te brengen. De energietransitie vraagt om lef, durven en doen.”

Uitgelicht:
Als het gaat om het gebruik in een brandstofcel om elektriciteit te maken, is waterstof in alle gevallen volledig schoon. Daarbij is er geen emissie, behalve van schone waterdamp. Gaat het om hoe schoon de productie van waterstof is, dan hangt dat af van de herkomst van die waterstof. Vandaar het onderscheid tussen 'groene' waterstof (uit elektrolyse met duurzame elektriciteit van wind, zon of water) en 'grijze' waterstof (uit fossiele brandstof); bij de laatste komt CO2 vrij. Dan is er nog een 'blauwe' variant. Hierbij gaat de vrijgekomen CO2 permanent in opslag, in bijvoorbeeld lege gasvelden op zee, waardoor de zo verkregen waterstof klimaatneutraal is.

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

Essent helpt woningcorporaties hun woningvoorraad te verduurzamen

Gepubliceerd op

Essent en zijn lokale dochterbedrijven hebben Wooneffect ontwikkeld. Dit initiatief helpt woningcorporaties stap voor stap met het verduurzamen van hun woningvoorraad. In het Energieakkoord is afgesproken dat huizen van woningcorporaties dit jaar gemiddeld energielabel B moeten hebben. Doel is dat uiterlijk in 2050 de ruim twee miljoen woningen van woningcorporaties CO2-neutraal zijn.

Via Wooneffect helpen Essent en de dochterbedrijven de grote verduurzamingsopgave van corporaties inzichtelijk en concreter te maken. Zij bieden isolatieoplossingen, mechanische ventilatie, verwarmingsoplossingen, service & onderhoud, zonne-energie toepassingen en slimme oplossingen als energiemonitoring en apparaat-inzicht. Wooneffect wordt ingepast in de voor woningcorporaties vertrouwde werkprocessen en op logische momenten, zoals een verhuizing.

Expertise in huis
Essent en de dochterbedrijven laten weten alle expertise in huis te hebben om de woningvoorraad van corporaties te kunnen verduurzamen. Van advies en uitvoering tot onderhoud. Aangezien verduurzamen van woningen voor de bewoners een impactvolle gebeurtenis kan zijn, biedt Essent binnen Wooneffect ook ondersteuning bij bewonersbegeleiding aan.

Inzicht en advies
Op dit moment test Essent bij een aantal projecten de Wooneffect energiemonitoringstool. Door het monitoren van energiestromen en installaties krijgen woningcorporaties inzicht in het functioneren van warmtepompen en kunnen zij bewoners adviseren over hun energiegebruik. Daarnaast krijgen woningcorporaties inzicht in de CO2-uitstoot van hun complexen.

Ervaring in heel het land
Alma Krug, verantwoordelijk voor Wooneffect bij Essent: "Inmiddels hebben we met woningcorporaties uit heel het land ervaring opgedaan. Onze dochter Volta Limburg, bijvoorbeeld, verduurzaamde met Zaam Wonen in Stein 400 woningen van label D/E/F naar A/B. In Doetinchem verduurzaamde servicebedrijf GEAS 342 appartementen van label G naar A. Kemkens verduurzaamt woningen bij mutatie. Wanneer de woning beschikbaar komt, wordt een woning volledig gerenoveerd en klaargemaakt voor de toekomst. Zo geven we concreet invulling aan onze ambitie om iedereen stap voor stap mee te nemen in de energietransitie."

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

Binnen 20 jaar ruim 30 gebouwen overheid op schone energie

Gepubliceerd op

Rijksvastgoedbedrijf en het consortium Motion2040+, bestaande uit DWA, Rebel, TwynstraGudde en Witteveen+Bos, hebben afgesproken om voor 2040 ruim 30 overheidsgebouwen van schone energie te voorzien. De opdracht valt binnen het programma EnergieRijk Den Haag (ERDH), dat hiermee een volgende fase ingaat.

ERDH is een bestuurlijk samenwerkingsverband van onder andere het Rijk, Gemeente Den Haag en Provincie Zuid Holland. Het Programma ERDH heeft als doel een klimaatneutrale energievoorziening voor de belangrijkste (semi-) overheidsgebouwen in het centrumgebied van Den Haag. Aanvankelijk zou dat gelden voor 16 gebouwen. Inmiddels hebben 30 overheidsgebouwen in het centrum van de hofstad de doelstelling vastgelegd in een Green Deal.

Trias Territoria-principe
Kenmerkend voor de uitwerking van de gebiedsaanpak is de Trias Territoria. Dit is een ontwerpfilosofie die de aanpak ordent in een sturende benaderingsvolgorde door 1) eerst de lokale mogelijkheden voor energieopwekking en -reductie te onderzoeken, 2) dan de mogelijkheden te benutten die de omgeving biedt, bijvoorbeeld door opslag in de bodem en 3) het restant van de behoefte aan duurzame energie in te kopen. Voor ERDH betekent dit concreet eerst energiereductie en -opwek op gebouwniveau, dan opslag en uitwisseling van energie tussen de ERDH-gebouwen in een WKO-netwerk, aansluiting van de gebouwen op een verduurzaamd warmtenet en ten slotte de inkoop van groene stroom.

Smart Thermal Grid en geothermie
Het consortium werkt de benaderingsvolgorde van de Trias Territoria uit in een herhaalbare en schaalbare gebiedsaanpak die het Rijk en partners ook in andere steden kan uitrollen. Daarbij concentreert Motion2040+ zich op drie hoofdthema’s: gedeelde WKO-netwerken middels Smart Thermal Grids, geothermie voor de levering van duurzame warmte en het aanjagen van innovaties voor de duurzame energievoorziening van gebouwen.

Bijdrage aan het Klimaatakkoord
Het programma wil een voorbeeldfunctie vervullen voor verduurzaming in Nederland. Men heeft de afgelopen jaar hard gewerkt aan een gezamenlijke aanpak voor wko-netwerken, duurzame warmte en gebouwmaatregelen. Met de verduurzaming van meer dan 1 miljoen m2 vloeroppervlak rond het station Den Haag Centraal wordt een aanzienlijke energiebesparing beoogd. Daarmee draagt het programma in belangrijke mate bij aan het versneld invullen van de ambities in het Klimaatakkoord. Om dit mogelijk te maken zullen de komende jaren concrete projectvoorstellen op tafel komen waarmee samen met gebouweigenaren en betrokkenen de strategie voor verschillende type gebouwen omgezet wordt naar concrete energiesystemen.

Bewezen samenwerking
Witteveen+Bos, Rebel en DWA kregen als samenwerkingsverband Motion2040 drie jaar geleden al de opdracht om voor ERDH een advies op te stellen voor een gebiedsgerichte aanpak bij de voorgenomen verduurzaming. Met toetreding van TwynstraGudde heeft het nieuwe consortium Motion2040+ alle kennisdomeinen in huis voor dergelijke verduurzamingsvraagstukken.
Adviesbureau DWA is de trekker en brengt technische, financiële en procesmatige kennis in van de energietransitie in complexe bestuurlijke omgevingen. Rebel specialiseert zich in organisatorische, financiële en juridische vraagstukken bij verduurzaming. TwynstraGudde focust op stakeholdermanagement, programmamanagement en risicobeheersing. Witteveen+Bos is expert op het gebied van energietechnologieën en -strategieën. De integrale samenwerking tussen de bureaus is bewezen in meer dan tien eerdere samenwerkingsopgaves, waaronder de oprichting van een Programmabureau warmte-koude in de Metropoolregio Amsterdam. De partners werken op een pragmatische manier aan uitvoerbare oplossingen.

 

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

ThermoNoord opent zijn eerste centrum voor duurzaamheid

Gepubliceerd op

Vrijdag 21 februari heeft ThermoNoord in Gorredijk zijn eerste Duurzaamheidscentrum (TDC) geopend. Het TDC is een adviescentrum/showroom waarmee het bedrijf zich meer kan richten op de advisering en samenstelling van duurzame systemen, bestemd voor bestaande- en nieuwbouwwoningen.

Het TDC is bedoeld om klimaatsystemen te ervaren. Ze zijn samengesteld uit onderdelen als warmtepompen, zonnepanelen en WTW ventilatiesystemen, zodat de eindgebruiker kan zien, horen en beleven wat zo’n klimaatsysteem betekent voor zijn huis.

Naast adviescentrum is het TDC ook een scholingscentrum voor installateurs. Met regelmaat zal ThermoNoord, in samenwerking met specialistische leveranciers, trainingen verzorgen met onderwerpen als besparen, gezondheid, comfort en bijvoorbeeld de mogelijkheden voor subsidieaanvragen.

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

Praktijkboek voor begroeide gevels en daken

Gepubliceerd op

ISSO brengt het nieuwe praktijkboek Multifunctionele groene daken en gevels uit. Het boek biedt praktische informatie en tools aan professionals die begroeide gevels en daken voor gebruik, waterberging en energieopwekking willen realiseren. Als er is gekozen voor een groen dak en/of gevel biedt het ondersteuning bij het ontwerp, de realisatie, onderhoud en eventueel de sloop.

Het praktijkboek behandelt de integratie van meerdere technieken om tot een oplossing te komen, waarin meerdere functies (gebruik, waterberging en energieopwekking) en vormen van gebruikerswaarde centraal staan.
Meerdere invalshoeken
Het nieuwe praktijkboek kent meerdere invalshoeken. Enerzijds voor verschillende doelgroepen uit verschillende segmenten van de markt. En anderzijds per functie van een groen dak of gevel.
Daarnaast kan het ook gebruikt worden in onderwijs en bijscholing. Het Praktijkboek Multifunctionele groene daken en gevels is verkrijgbaar via de ISSO-KennisBank.

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

GroenLinks wil kosten bewoner voor afsluiten gasleiding halveren

Gepubliceerd op

GroenLinks wil dat consumenten niet meer volledig opdraaien voor de kosten van een gasafsluiting. de bedragen hiervoor variëren nu van 200 tot ruim 700 euro. De netbeheerder verhaalt deze kosten volledig op de individuele klant. GroenLinks wil juist dat mensen die hun nek uitsteken om hun huis te verduurzamen worden geholpen in plaatst van opgezadeld met hoge kosten. Eerder werd al een motie aangenomen van GroenLinks om dit te regelen, maar een wetswijziging bleek nodig om het ook uit te voeren.

GroenLinks Kamerlid Tom van der Lee: “Voorlopers in duurzaamheid moeten we helpen. We gaan nu wettelijk vastleggen dat de kosten voor het afsluiten van hun gasleiding gehalveerd gaan worden.”

Alle huizen moeten vóór 2050 van het aardgas af. De hoge kosten voor het afsluiten van het gas werpt daarbij een financiële drempel op. Huishoudens moeten al flink investeren in isolatie en duurzame technieken, aldus GroenLinks. De partij vindt het oneerlijk dat zij daar bovenop nog eens volledig opdraaien voor de kosten van het beëindigen van hun fossiele brandstofgebruik. GroenLinks verwacht dat het kabinet met een meer structurele oplossing komt als straks hele wijken tegelijkertijd over gaan op een andere warmtebron.

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

Prijs voor hotel met op termietenheuvels geïnspireerd binnenklimaat

Gepubliceerd op

Hotel Breeze heeft de EZK Energy Award 2019 gewonnen. De prijs werd uitgereikt door het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Het hotel is voorzien van het Earth, Wind & Fire concept, dat de natuurlijke airconditioning van termietenheuvels simuleert. De prijs wordt jaarlijks uitgereikt aan organisaties die zich positief van andere onderscheiden op het gebied van energiebesparing en duurzame opwekking van energie.

Buitenlucht die in schachten en ventilatieopeningen stroomt, zorgt ervoor dat wind door het hotel circuleert. De lucht wordt in de winter verwarmd en bevochtigd, en in de zomer gekoeld. Het concept is bedacht door dr.ing. Bronsema, raadgevend ingenieur en docent/onderzoeker bij de faculteit Bouwkunde van de TU Delft. Hij nam daarbij de binnenkant van termietenheuvels als uitgangspunt. Die is altijd op constante temperatuur, ongeacht de locatie. Zelfs in een woestijnomgeving, waar de dagtemperatuur kan stijgen tot 40 graden Celsius en het 's nachts afkoelt tot onder het vriespunt, blijft de temperatuur constant. De termieten regelen schommelingen door de luchtstromen aan te passen.

Bekijk hier de video over de verduurzaming van Hotel Breeze.

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren

Innovatie Award 2020 voor aardwarmteproject

Gepubliceerd op

Batenburg Techniek heeft met het project Aardwarmte Vogelaer de Techniek Nederland Innovatie Award 2020 gewonnen. Tijdens het innovatiecongres op de Vakbeurs VSK verkozen de aanwezige branchegenoten het aardwarmteproject boven De Energieproeftuin in Berkum en de verduurzaming van visrokerij Koelewijn in Spakenburg.

Aardwarmte Vogelaer is een project waarbij een aantal tuinbouwbedrijven in het Westland hun warmte duurzaam verkrijgen. Dat gebeurt door middel van een installatie die warm water oppompt uit een bron van 2.500 meter onder de grond en op die manier de tuinbouwkassen van warmte voorziet. Afgekoeld water gaat terug in de grond en kan later weer worden gebruikt. Zo ontstaat een volledig gesloten en duurzaam energiesysteem.

Bezoek aan hightechbedrijf
Batenburg Techniek ontving behalve de Award een cheque die besteed kan worden aan ontwikkeling en innovatie en een bezoek aan een internationaal hightechbedrijf. De Award levert de winnaar daarnaast publiciteit op.

Energietransitie
“Dit project laat zien hoe we als technisch dienstverlener een grote bijdrage kunnen leveren aan de energietransitie en het bereiken van de klimaatdoelen. We staan nog maar aan het begin, techniek wordt steeds belangrijker!”, aldus CEO Ralph van den Broek van Batenburg Techniek.

Meeste stemmen
In de aanloop naar de finale op de vakbeurs VSK stemden ruim 2.000 mensen online op één van de projecten die de hoofdredactie van vakblad EW-Installatietechniek had genomineerd. In Utrecht bepaalden de ruim 200 aanwezigen uiteindelijk de winnaar. Batenburg Techniek versloeg daarmee Loohuis Installatiegroep dat verantwoordelijk is voor de verduurzaming van 46 sociale huurwoningen in Berkum en Heinen & Hopman Installaties dat tekende voor de duurzame installaties in de hypermoderne visrokerij van Koelewijn in Spakenburg.

Hoog niveau
Algemeen directeur Erik van Engelen die de Award uitreikte was onder de indruk van het hoge niveau van alle inzendingen. ‘Techniek maakt écht het verschil, overal in onze maatschappij. Met deze Award geven we als branche ons visitekaartje af. De inzendingen zijn stuk voor stuk geweldige staaltjes van vakmanschap, innovatie, ondernemerschap en ketensamenwerking. Daar mogen we heel erg trots op zijn.’

Fotobijschrift: CEO Ralph van den Broek van Batenburg Techniek ontvangt de Techniek Nederland Innovatie Award 2020 uit handen van algemeen directeur Erik van Engelen van de ondernemersorganisatie. (Op de foto v.l.n.r.: Léon Lankester van AAB, Erik van Engelen van Techniek Nederland, Ralph van den Broek en Marcel de Pagter van Batenburg).

Filmpje Aardwarmteproject Vogelaer: https://www.youtube.com/watch?v=te7kXFveusg.

 

Cursussen en Workshops

  • Geen evenementen

Op onze nieuwsbrief abonneren