Tag Archives: duurzaam

Duurzame keuzes met een knipoog

Gepubliceerd op

Nefit Bosch wil met video’s en andere uitingen consumenten en installateurs met een knipoog verleiden tot het maken van duurzame keuzes. Tijdelijk voordeel moet dit nog aantrekkelijker maken. Bovendien kunnen consumenten ook dit jaar hun CO2-uitstoot compenseren door bomen te laten planten.

Naast volledig elektrische oplossingen, zoals bodemwarmtepompen, luchtwarmtepompen en ventilatiewarmtepompen, staan de spotlights bij Nefit Bosch op hybride oplossingen. Met de grootschalige uitrol van hybride warmtepompen kan op de middellange termijn grote klimaatwinst behaald worden, wijst de producent op verschillende rapporten. Toch blijft ook de cv-ketel voorlopig nog gewild. “De grote groep die bij vervanging kiest voor een hr-ketel bieden we ook dit jaar de mogelijkheid hun CO2 te compenseren”, zegt Jan Blom van Nefit Bosch. “Zelf werken we sinds 2020 100% CO2-neutraal. Niet alleen wij in Deventer, maar al onze 400 vestigingen.”

150.000 bomen
In het kader van de vorige actie heeft Nefit Bosch 150.000 bomen laten planten. Die zijn samen goed voor CO2-reductie van 30.000 ton en dragen voor een deel ook bij aan het natuurherstel in Nederland. Naast de bomenactie maken consumenten dit najaar aanspraak op een financieel voordeel tot 375 euro.

Installateursactie
Bij het installeren van twee of meer hr-ketels, airco’s, warmtepompen of zonneboilers van Nefit Bosch kunnen installateurs dit najaar professioneel Bosch Blauw gereedschap cadeau krijgen met een winkelwaarde tot 290 euro.

Recycle-service
Installateurs kunnen het hele jaar door kosteloos gebruikmaken van de Recycle-service van Nefit Bosch. Oude cv-ketels worden opgehaald en voor 90% gerecycled door een gecertificeerd bedrijf. Voor elke ingeleverde ketel ontvangt de installateur een vergoeding. Meer informatie over de acties is te vinden op www.nefit-bosch.nl/alle-acties.

 

Milieuprestatie en ‘BENG 4’

Gepubliceerd op

Per 1 juli 2021 is een milieuprestatie-eis van 0,8 van kracht voor nieuwe woningen. Het doel is om de eis stapsgewijs scherper te stellen en uiterlijk in 2030 te halveren. Deze regelgeving zal op termijn ook verregaande gevolgen hebben voor installateurs, vertelt Harm Valk, senior-adviseur energie & duurzaamheid bij Nieman Raadgevende Ingenieurs.

De MilieuPrestatie Gebouwen (MPG) is bij elke aanvraag voor een omgevingsvergunning verplicht. De MPG geeft aan wat de milieubelasting is van de materialen die in een gebouw worden toegepast. Het gaat hierbij om nieuwe kantoorgebouwen (groter dan 100 m2) en om nieuwbouwwoningen. Let op, de nieuwe eis van 0,8 geldt alléén voor nieuwbouwwoningen.

Levenscyclus
Hoe lager de MPG, hoe duurzamer het materiaalgebruik. De milieuprestatie van materialen van gebouwen zal een steeds belangrijkere factor worden in de totale milieubelasting van een gebouw. Om de milieubelasting van een enkel materiaal te bepalen, wordt een LevensCyclusAnalyse (LCA) uitgevoerd. De LCA moet wordt uitgevoerd door een gekwalificeerde deskundige. De LCA resulteert in 11 indicatoren voor de milieubelasting van een product. Deze 11 indicatoren worden samengevoegd tot één waarde: de schaduwkosten per eenheid van het product (kg, m3, m2 of iets dergelijks).

Som schaduwkosten
De MPG van een gebouw is de som van de schaduwkosten van alle toegepaste materialen in een gebouw. Hierbij moet ook rekening worden gehouden met de materialen die worden vervangen tijdens de levensduur van het gebouw. De totale som wordt gedeeld door de levensduur en door het bruto vloeroppervlak van een gebouw. De MPG wordt vervolgens uitgedrukt in de schaduwkosten per vierkante meter bvo per jaar.

Rekenregels
Om een MPG uit te rekenen, moet elk materiaal in een ontwerp worden geïdentificeerd en moet worden bepaald hoeveel ervan wordt toegepast. Ondanks dat in de softwarepakketten veel met standaardproducten gewerkt kan worden, kost het goed uitrekenen van de MPG relatief veel tijd. De rekenregels zijn gedefinieerd in de EN 15978. Programma's waarmee je de MPG kan berekenen, vind je op Rekeninstrumenten - nationale milieudatabase.

Maatwerk
Gebouwdelen die de grootste bijdrage aan de MPG leveren zijn gevels, vloeren en installaties. In totaal is dit vaak 60% tot 80% van de MPG. Een en ander kan echter sterk variëren, afhankelijk van de geometrie en het installatieconcept.

Installateurs
Welke consequenties heeft de aanscherping van de milieuprestatie-eis nu voor de installateur? Harm Valk van Nieman Raadgevende Adviseurs maakt eerst een kritische kanttekening. “Het probleem is dat er voor veel installaties geen goede milieudata beschikbaar zijn”, vertelt hij. De bouw lijkt haar zaakjes al meer op orde te hebben, de installatiebranche moet nog een inhaalslag maken.

Belang data
Die inhaalslag is broodnodig, om nieuwbouwprojecten in de toekomst ook te laten voldoen aan de steeds strenger wordende milieuprestatie-eisen. Hier ligt een taak voor de fabrikanten en leveranciers. Zij zullen in eerste instantie alle data moeten vergaren over de milieu-impact van de door hun gebruikte materialen, waarbij ze kijken naar de gehele levenscyclus van winning tot het moment dat ze worden afgedankt. “Daarbij worden onder andere de toxiciteit en embedded energy meegenomen.” Voor alle duidelijkheid: embedded CO2, in het Nederland ‘ingesloten energie’ is de som van alle energie die nodig is om goederen of diensten te produceren, beschouwd alsof die energie in het product zelf was opgenomen of 'belichaamd’. “In de (nabije) toekomst zal het invloed gaan hebben op het werk van de installateur; als een leverancier zijn gegevens niet op orde heeft, kan toepassing van zijn producten lastig worden; de aanwezigheid en kwaliteit van de informatie in de materiaaldatabase wordt dan een extra selectiecriterium in de werkvoorbereidingsfase”, aldus Valk.

Energieprestaties
Zoals iedereen weet, worden niet alleen de materiaaleisen aangescherpt, maar liggen de energieprestatie-eisen ook al jarenlang onder de loep. Ook op het laatgenoemde terrein zijn dit jaar belangrijke wijzingen doorgevoerd, stipt Valk nog maar eens aan.

EPDB
Om die aanscherping toe te lichten en begrijpelijk te maken, is wel enige achtergrondinformatie vereist. Op 10 juli 2018 heeft de Europese Commissie de herziene Europese Energy Performance of Buildings Directive (EPBD III) vastgesteld. Deze richtlijn heeft als doel om de energie-efficiëntie van gebouwen te verbeteren, waardoor het energiegebruik daalt. De richtlijn is op 10 maart 2020 geïmplementeerd in de Nederlandse wet- en regelgeving. Vanaf deze datum moet aan de regeling en eisen worden voldaan. De regeling bevat onder andere bepalingen over:
-systeemeisen voor technische bouwsystemen;
-het documenteren van de energieprestatie van technische bouwsystemen;
-zelfregulerende apparatuur voor het regelen van de temperatuur per kamer of zone;
-laadinfrastructuur voor elektrische auto’s;
-keuringen van verwarmings- en airconditioningssystemen;
-gebouwautomatisering- en -controlesystemen.

Technische Afspraak
Een deel van de EPBD is in Nederland uitgewerkt in de Nederlands Technische Afspraak (NTA 8800). In de NTA 8800 is de bepalingsmethode voor de energieprestatie van gebouwen vastgelegd. Op 1 januari 2021 is de NTA 8800 in werking getreden. Een prestatieberekening volgens, in overeenstemming met de NTA 8800 is verplicht bij de aanvraag van een Omgevingsvergunning. Het gaat hierbij dus alleen om nieuwbouw. Voor nieuwe en bestaande gebouwen wordt het Energielabel ook op een NTA 8800-berkening gebaseerd.

BENG
De energieprestatie wordt uitgedrukt in drie indicatoren, de zogenaamde BENG-eisen. Het gaat dan om de behoefte aan energie voor verwarmen en koelen, het primair (fossiele) energiegebruik en het aandeel hernieuwbare energie. Met het van kracht worden van de drie BENG-eisen is de EPC vervallen. Een Omgevingsvergunning mag alleen worden verleend als uit berekening blijkt dat een gebouw aan de eisen voldoet.

Systeemrendement
Daarnaast wordt er een aparte eis gesteld aan het systeemrendement van installaties in de woningbouw en utiliteit. We hebben het dan over de totale prestaties van ingebouwde verlichting en een ruimteverwarmings-, ruimtekoelings-, warm tapwater- en ventilatiesysteem. “Zowel in de nieuwbouw als bij vervangingswerkzaamheden in de bestaande bouw geldt nu dat installaties een bepaald minimum rendement moeten hebben, en ingeregeld moeten kunnen worden en dat de eindgebruiker invloed moet kunnen hebben op de instellingen.” Stel dat je als installateur een ketel gaat vervangen, dan gebruik je dus nu voorinstelbare ventielen. Overigens geldt deze eis van instelbaarheid en regelbaarheid in de bestaande bouw alleen als de meerkosten niet hoger uitvallen dan 20% van de oorspronkelijke kosten.

BENG 4
Ook nieuw is de TO-juli-eis, ook wel ‘BENG 4 eis’ genoemd op de werkvloer. TO-juli staat voor ‘Temperatuur Overschrijding juli’ en is een aanvullende eis. TO-juli is een indicator voor verlaging van het risico op oververhitting. Om dit tegen te gaan staat de installateur en ook bouwkundig aannemer een breed pallet aan oplossingen tot zijn beschikking. Je kunt dan onder andere denken aan zonwering, de toepassing van warmtepompen met koelingsmogelijkheden en zomernachtventilatie. Kortom: op het gebied van regelgeving zijn belangrijke wijzingen doorgevoerd. Het is raadzaam om alles nog eens rustig na te lezen.

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Installatieconcepten

Als we het over comfort hebben, kan er naast wettelijke eisen ook sprake zijn van persoonlijke wensen waaraan een bouwproject ...
Verder Lezen

NTA 8800 certificering voor Samsung lucht/water-warmtepompen

De Samsung EHS ClimateHub Split lucht/water-warmtepomp met geïntegreerde boilertank is gecertificeerd volgens de NTA 8800 testwijze. De kwaliteitscertificaten voor de ...
Verder Lezen

Refurbished ready ventilatie-unit

Jaga heeft haar ventilatie-unit Oxygen2 vernieuwd. Hierbij is vooral gekeken naar refurbishment en materiaalgebruik. De losse componenten van de Oxygen2 ...
Verder Lezen

Warmteterugwinning in badkamer in gestapelde bouw

Warmteterugwinning (wtw) in de badkamer bestaat al geruime tijd. In de gestapelde bouw is het realiseren van deze energiebesparende maatregel ...
Verder Lezen

All-electric wonen en ondernemen in beeld

Gepubliceerd op

De verduurzaamheidsopgave is groot. De communicatie daarover wordt voor een belangrijk deel op de schouders van de installateurs gelegd. Het is echter een verantwoordelijkheid voor de hele keten vindt Alklima, distributeur van de klimaatoplossingen van Mitsubishi Electric. Het bedrijf initieerde daarom de Balanced Living-campagne. Als onderdeel daarvan maakte het bedrijf met John Williams acht filmpjes bij particulieren en ondernemers over de ervaringen met een warmtepomp en andere duurzame maatregelen.

De vele voordelen van warmtepomptechniek zijn bij de meeste mensen nog niet of nauwelijks bekend. Zoals geen verbruik van waardevolle fossiele brandstof, een hoog energetisch rendement en een lage energierekening, en het comfort om naast verwarmen ook te koelen. Daarnaast leven er ook veel vragen: hoe groot is de binnenunit, maakt de buitenunit veel geluid, is het ook in de winter wel voldoende warm?

Acht filmpjes
De nieuwste stap in de veelzijdige Balance Living-campagne zijn de acht filmpjes bij mensen thuis en ondernemers bij hun bedrijf. John Williams, bekend van tv-programma’s als ‘Help, mijn man is Klusser’ en ‘Een dubbeltje op zijn kant’ neemt poolshoogte en stelt vragen aan mensen met ervaringen. Vanaf 29 juli komt om de week een nieuw filmpje online via Youtube, Facebook en andere social mediakanalen van Alklima.

Voorbeelden
John Williams ging onder andere langs bij Jenny, die met vijf personen vrijstaand woont in Best. De enige verwarming is vloerverwarming door het hele huis, zelfs op zolder. Dit dankzij een warmtepomp die ook kan koelen. De buitenunit zit weggewerkt in een schoorsteen, dus geen aparte kast aan de gevel. Jenny legt het helder uit, maar John snapt niet hoe het allemaal mogelijk is.

Ook ging Williams op bezoek bij het meest duurzame hotel-restaurant van Nederland: Van Rossum in Woerden. Sensoren zorgen ervoor dat in de keuken niet te veel en niet te weinig lucht wordt afgezogen. De ene hotelkamer wordt verwarmd, met de warmte uit de andere hotelkamer die wordt gekoeld.

Balanced Living-campagne
Alklima is dit jaar onder de naam Balanced Living gestart met een brede informatiecampagne voor zakelijke en particuliere eindgebruikers. Zo is het hoofdkantoor uitgebreid met een grote showroom waarin Alklima-adviseurs voor installateurs een deel van de voorlichting overnemen. Ook zijn er twee e-books verschenen, eentje over warmtepompen en eentje over airconditioners, die al veel vragen van eindgebruikers wegnemen en hen voorbereiden op de offerteaanvraag bij een installateur. Andere activiteiten omvatten onder meer webinars, blogs, configurators en on- en offline advertising in onder meer Eigen Huis magazine.

Prefab installatie-unit ontzorgt installateur bij grootschalige renovatie

Onder de noemer ‘Fit to Fit’ ontwikkelt Nefit Bosch, samen met ketenpartners, oplossingen om op installatiegebied snelheid en efficiëntie te ...
Verder Lezen

Lucht zuiveren van virussen, bacteriën en fijnstof

Alklima introduceert een luchtzuiveringsunit die bescherming biedt tegen onder meer virussen (waaronder Covid-19), bacteriën, PM2,5 fijnstof en stof. De filtertechnologie, ...
Verder Lezen

Voor het eerst een jaren 70 woonwijk op waterstof

In het Groningse Wagenborgen wordt een jaren 70 woonwijk aangesloten op een waterstofnetwerk. Van de 40 aangeschreven bewoners heeft bijna ...
Verder Lezen

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

Winkelketen Action zet grootschalig in op hergebruik koudemiddel

Gepubliceerd op

De discountwinkelketen Action wint koudemiddel terug uit zijn gerenoveerde winkels voor hergebruik in vijftien nieuwe panden verspreid over Europa. Hiermee wil de winkelketen bijdragen aan een circulaire economie van koudemiddelen. Michiel Coolen, Construction Manager bij Action Group: “In 2020 hebben we meer dan 300 kg aan koudemiddel teruggewonnen uit meer dan 70% van onze gerenoveerde panden.”

Action werkt hiervoor samen met Daikin in het actieplan ‘L∞P by Daikin’. Er wordt koudemiddel teruggewonnen uit bestaande systemen en ‘geupcycled’ (of hergebruikt) tot een kwaliteit die niet te onderscheiden is van nieuw koudemiddel. Dit koudemiddel wordt ingezet in nieuwe Daikin-systemen. Daikin garandeert – onder toezicht van externe auditors – dat de hoeveelheid teruggewonnen koudemiddel uit de winkels van Action overeenkomt met de hoeveelheid die gebruikt wordt in nieuwe, gecertificeerde panden. Uiteindelijk zal zo koudemiddel uit ongeveer 40 panden worden teruggewonnen.

Beter milieu
Toshitaka Tsubouchi, vicepresident van Daikin Europe: “De basisprincipes van L∞P by Daikin dragen enorm bij aan een beter milieu. Het actieplan biedt Europese bedrijven toegang tot teruggewonnen en hergebruikt koudemiddel, zodat er jaarlijks maar liefst 250.000 kg minder nieuw koudemiddel geproduceerd hoeft te worden. Wij zijn blij dat een bedrijf als Action ons initiatief heeft ontdekt en geïntegreerd heeft in zijn eigen processen.”

Strategisch framework voor circulaire bestaande gebouwen beschikbaar

Gepubliceerd op

Het framework voor circulaire bestaande gebouwen is beschikbaar. Met dit internationale framework wil DGBC de circulaire bouwoplossingen verbreden en toepasbaar maken naar de gehele bouwsector. Een belangrijke vraag daarbij is: hoe krijgt circulariteit een plek in de gehele bouwopgave, zo ook voor bestaand vastgoed? Het framework biedt een definitie voor een bestaand circulair gebouw en indicatoren om dit meetbaar te maken.

DGBC heeft in 2018 het ‘Framework for Circular Buildings’ opgesteld gericht op nieuwbouw. Maar hoe zit het met bestaande gebouwen? 80% van het huidige vastgoed bestaat nog in 2050 en er is nog geen leidraad voor circulariteit in het bestaande vastgoed. Hoe kan die 80% op circulaire wijze beheerd en gebruikt worden? En waar moeten we voor bestaande bouw prioriteit aan geven? Dit rapport geeft invulling aan de behoefte van veel partijen om ook voor bestaande bouw circulariteit (en een circulair gebouw) te concretiseren. Het framework bestaat uit indicatoren voor bestaande gebouwen: voor de prestaties van het gebouw, het beheer en het gebruik.

Circulaire strategieën
Gebouwen vergen continu hulpbronnen, zoals energie, materialen en water, maar hebben ook een functie om bij te dragen aan het welzijn van mensen en aan de biosfeer. Deze indicatoren zijn opgenomen in dit framework. Het is dan ook niet alleen toepasbaar voor BREEAM, maar ook voor gebouweigenaren, beleidsmakers en adviseurs, die dit kunnen gebruiken om een scherp beeld van circulariteit voor de bestaande bouw te krijgen. Het framework is ook bedoeld als inspiratiedocument voor de ontwikkeling van circulaire strategieën in andere projecten en programma’s om de bestaande gebouwde omgeving sneller circulair te maken.
“Dit framework geeft een duidelijke kapstok in een woud aan allerlei ontwikkelingen”, stelt Inge van Baardwijk, Schiphol. “Energie wordt al langer geborgd in meerjarige onderhoudsplannen. Circulariteit moet een veel grotere plek krijgen in MJOP. Het framework helpt daarbij.” Pam van de Klundert, Bouwinvest, vult aan: “Met het framework kunnen we voortborduren op bestaande processen. Dit framework biedt handvatten om aan de slag te gaan met circulariteit binnen alle facetten van het gebouwmanagement.”

Indicatoren voor BREEAM(-NL) In-Use
Dit framework is een vervolg op het eerste framework, met een verdieping naar de bestaande bouw. Daarom wordt de koppeling nu gemaakt met BREEAM(-NL) In-Use, in plaats van BREEAM(-NL) Nieuwbouw. it framework is ook een handreiking aan de BRE om de Nederlandse expertise over de circulaire (bouw)economie te vertalen naar de internationale BREEAM In-Use standaard.
Tijdens de WasteBuild-conferentie op vrijdag 16 juli is het internationale rapport aangeboden aan Tom Wilson, Delivery manager BREEAM bij BRE. Wilson: “BRE en DGBC werken nauw samen om BREEAM verder te ontwikkelen. Dit rapport is een goed voorbeeld van het ontwikkelen van thought leadership op het gebied van circulariteit en duurzaam materiaalgebruik. Het framework zal richtinggevend zijn voor ons denken over circulariteit en we zullen bekijken hoe het kan worden opgenomen in toekomstige versies van BREEAM.”

Samenwerking
Het rapport kwam tot stand in een samenwerking tussen DGBC, Circle Economy, Metabolic, SGS Search, Alba Concepts en Valstar Simonis. Het framework is mede mogelijk gemaakt door de Laudes foundation, Bouwinvest en Schiphol.

PvE Gezonde Kantoren geactualiseerd

Gepubliceerd op

Er is een geactualiseerde versie beschikbaar van het Programma van Eisen Gezonde Kantoren. Dit PvE is ontwikkeld door Binnenklimaat Nederland, Platform Duurzame Huisvesting, RVO en TVVL. Het geeft de gebouweigenaar handvaten om een gezond, comfortabel en productiviteit-bevorderend binnenklimaat te waarborgen.

Regels en eisen voor kantoorgebouwen waren er altijd al, maar niet overzichtelijk bij elkaar gebracht in een document. Met deze reden werd in 2018 het Programma van Eisen Gezonde Kantoren opgesteld. Inmiddels is het PvE Gezonde kantoren (versie 1.0 uit 2018) door een groot scala partijen in gebruik genomen. Uitgangspunt is dat bij nieuwbouw en renovaties van kantoren vooraf eisen worden geformuleerd waarop ontwerpers, installateurs en aannemers hun plannen kunnen baseren. Het PvE bestaat uit vier onderdelen: lucht, klimaat (thermisch binnenklimaat), licht en geluid, waarbij voor elk onderdeel wordt gewerkt met drie ambitieniveaus (A t/m C). Een C betekent dat je al presteert boven de wettelijke normering.

Update gebruikersfeedback
In de praktijk blijkt dat sommige van de klasse A-, B- of C eisen uit het document tot discussies leidden of niet helemaal aansloten bij wat als ‘gangbaar’ geacht wordt. Ook waren sommige onderdelen in het PvE niet meer in lijn met algemene normen en richtlijnen. Samen met bba binnenmilieu hebben Binnenklimaat en TVVL daarom het Pve Gezonde Kantoren een inhoudelijke update gegeven.

Platform voor het realiseren van een gezond binnenklimaat vernieuwd

Omdat technische kennis en informatie voor het realiseren van een gezond binnenklimaat erg gefragmenteerd beschikbaar zijn, lanceren TVVL en Binnenklimaat ...
Verder Lezen

Is het binnenklimaat wel gezond?

Al jaren is er veel te doen over het binnenklimaat in Nederland. Gebouwen worden steeds beter geïsoleerd en inmiddels bijna ...
Verder Lezen

Te veel of te weinig?

Jarenlang werd er steen en been geklaagd over het binnenklimaat van scholen. Met name het ventilatieregime bleek vaak niet op ...
Verder Lezen

Nieuw Programma van Eisen woningventilatie

Problemen met ventilatiesystemen in woningen kunnen leiden tot gezondheidsklachten van bewoners, bijvoorbeeld door het ontstaan van schimmel. Daarom heeft Aedes ...
Verder Lezen

Platform voor het realiseren van een gezond binnenklimaat vernieuwd

Omdat technische kennis en informatie voor het realiseren van een gezond binnenklimaat erg gefragmenteerd beschikbaar zijn, lanceren TVVL en Binnenklimaat ...
Verder Lezen

Is het binnenklimaat wel gezond?

Al jaren is er veel te doen over het binnenklimaat in Nederland. Gebouwen worden steeds beter geïsoleerd en inmiddels bijna ...
Verder Lezen

Te veel of te weinig?

Jarenlang werd er steen en been geklaagd over het binnenklimaat van scholen. Met name het ventilatieregime bleek vaak niet op ...
Verder Lezen

Nieuw Programma van Eisen woningventilatie

Problemen met ventilatiesystemen in woningen kunnen leiden tot gezondheidsklachten van bewoners, bijvoorbeeld door het ontstaan van schimmel. Daarom heeft Aedes ...
Verder Lezen

‘Véél technische vakmensen nodig voor One Planet plan van Eneco’

Gepubliceerd op

Er moet snel een Deltaplan komen voor de instroom van technische vakmensen met green skills. Alleen dan zijn de plannen haalbaar om Nederland klimaatneutraal te maken. Voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland: ‘Eneco wil in 2035 klimaatneutraal zijn. Dat is een prachtige ambitie, die wij van harte ondersteunen. Maar daar hebben we véél technische vakmensen voor nodig. De techniek is het probleem niet, maar de beschikbaarheid van technici wel. Er zijn nú stevige maatregelen nodig.’ Techniek Nederland vindt dat de instroom in de techniek een speerpunt moet zijn voor het volgende kabinet.

De instroom in het technisch beroepsonderwijs daalt al jaren. Binnen enkele jaren dreigt daardoor een tekort te ontstaan van 40.000 technische vakmensen. De verduurzaming van woningen en gebouwen komt daardoor in het gedrang. Terpstra: ‘Het technisch beroepsonderwijs heeft op álle niveaus een serieuze impuls nodig. Als het klimaat en de energietransitie belangrijke onderwerpen zijn bij de kabinetsformatie, is het vanzelfsprekend dat de instroom in het technisch beroepsonderwijs óók bovenaan de agenda staat.’

Zij-instromers
Het plan van Eneco zal ten koste gaan van banen in de fossiele energiesector. Techniek Nederland ziet dat niet als een sombere ontwikkeling, maar als een kans. Technici die nu nog werkzaam zijn in bijvoorbeeld olie en gas worden in de duurzame technieksector met open armen ontvangen. Terpstra: ‘In de groene installatiebranche kunnen we zij-instromers uit de fossiele energiesector een garantie op werk bieden. Dat geldt trouwens ook voor werknemers uit andere krimpsectoren en uit sectoren die hard getroffen zijn door de coronacrisis.’ Ook hier ziet Techniek Nederland een taak voor het nieuwe kabinet. De overheid zou ondernemers in de techniek extra moeten ondersteunen bij het opleiden en begeleiden van zij-instromers.

Hybride warmtepompen
In de plannen van Eneco hebben (hybride) warmtepompen een belangrijke rol op weg naar een klimaatneutrale toekomst. De ideeën sluiten grotendeels aan bij het plan dat Techniek Nederland eerder dit jaar samen met Natuur & Milieu en Netbeheer Nederland presenteerde. Terpstra: ‘Als we op koers willen blijven voor de klimaatdoelen, zijn hybride warmtepompen onmisbaar. Dat geldt overigens ook voor andere duurzame verwarmingsopties zoals warmtenetten, groen gas, groene waterstof, aquathermie (energie uit water) en geothermie (bodemenergie). We hebben alle duurzame energieopties nodig.’

Energietransitie betaalbaar maken
Techniek Nederland wijst erop dat investeringen in een nieuwe energie-infrastructuur nodig zijn voor de overgang op aardgasvrije alternatieven. Dat is één van de redenen dat de brancheorganisatie om krachtig overheidsbeleid vraagt. Terpstra: ‘Een nieuw kabinet moet scherpe keuzes maken om de energietransitie voor iedereen betaalbaar te maken. Geef woningbezitters extra financiële ondersteuning voor de overstap naar duurzame warmte. En zorg ervoor dat duurzame oplossingen fiscaal aantrekkelijker worden dan het gebruik van fossiele energie.’

“Smart is een containerbegrip”

Gepubliceerd op

De ene na de andere fabrikant brengt ‘slimme oplossingen’ op de markt. Van slimme thermostaten, tot software voor Smart Grids. Maar hoe slim zijn deze oplossingen eigenlijk en wat voegen ze toe aan de vraag naar duurzaamheid? We vroegen het Kris de Decker, voormalige techjournalist en tegenwoordig adviseur en auteur.

Wat valt jou op als je leest over Smart Technology voor de gebouwde omgeving?
“Het is een containerbegrip. Waarom is een apparaat Smart als je er een computer inzet? Dat blijft in veel gevallen onduidelijk. Ook verdenk ik fabrikanten ervan bewust hun producten in de markt te zetten als slimme en duurzame oplossingen om zo in aanmerking te komen voor groene subsidiepotjes.”

Daar kom je op een heikel punt: er wordt immers gezegd dat slimme oplossingen ons uit de duurzaamheidscrisis gaan helpen…
“Verwarmingssystemen op zonne- en windenergie en warmteopslag in thermische massa zijn interessante oplossingen, maar daar heb je niet noodzakelijk veel elektronica voor nodig. Een technologische oplossing zoals een ‘slimme’ thermostaat is zeker geen vereiste om duurzamer te gaan verwarmen. Dat kan namelijk ook met meer lokale verwarmingssystemen of een betere lichaamsisolatie. Voor veel minder geld en energie, want al die slimme technologie kost ook veel grondstoffen. Tot slot mogen we ook wel met het nodige wantrouwen kijken naar de fabrikanten. Uiteindelijk draait een Google Nest allereerst om het vergaren van data van de gebruikers, waar dan een commerciële draai aan wordt gegeven.”

Maar Smart Grids lijken wel daadwerkelijk een bijdrage te leveren aan het duurzaam en efficiënt opwekken en distribueren van energie toch?
“Ten eerste ontbreekt vaak de fysieke infrastructuur om op deze manier te gaan schuiven met energie. Die moeten we dus eerst nog gaan bouwen. En door alles te delegeren naar machines, schuif je alle verantwoordelijkheid van je af en houdt je bepaalde gewoontes in stand. Het is zinvoller om mensen aan te sporen zelf na te denken over hun energiegebruik en besparingsmogelijkheden. Wij zijn veel slimmer dan ‘slimme’ technologie.”

Jij bent een voorstander van Low Tech oplossingen, in de praktijk is er juist sprake van een Technology Push in onze maatschappij. Hoe komt dat?
“Als je de economie wilt laten doorgroeien, moet je voortdurend nieuwe producten bedenken. Bovendien valt er veel geld te verdienen met de data die zogenaamde slimme oplossingen verzamelen. Verder is technologie echt een religie geworden. Er is een heilig geloof bij grote delen van onze maatschappij dat meer technologie de oplossing is voor alle vraagstukken.”

Tot slot, welk advies heb jij voor de installatiebranche?
“Probeer in te zetten op simpele, robuuste oplossingen die eenvoudig zijn te repareren. Wat dat betreft vind ik de manier waarop men in Afrika omgaat met onze tweedehandsauto’s wel erg verhelderend. Ze slopen er altijd als eerste alle elektronica uit, want die is veel te kwetsbaar en vaak moeilijk en alleen tegen hoge kosten te vervangen.”

Dit artikel verschijnt binnenkort in de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Meld je aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Smart infra sector sluit aan bij Techniek Nederland

De brancheorganisaties Techniek Nederland en Astrin fuseren op 1 januari 2021. Astrin vertegenwoordigt bedrijven in de smart infra, de sector ...
Verder Lezen

Nieuw: SMART.SWS voor waterbeheer op afstand

De Duitse armaturenspecialist Schell heeft een uitbreiding geïntroduceerd voor zijn bekroonde watermanagementbeheersysteem SWS, dat elektronische Schell-armaturen met elkaar verbindt en ...
Verder Lezen

Smart thermostaat nu ook met standaard verkrijgbaar

De thermostaat van het Fonterra Smart Control systeem heeft een standaard gekregen. Dit betekent dat de door Viega geleverde thermostaat ...
Verder Lezen

Wat is er slim aan Smart?

Tegenwoordig is alles smart. Voor de meeste mensen begonnen met de smartphone en nu gebruikt voor allerlei doeleinden. Maar wat ...
Verder Lezen

Iedereen kan het dak op

Gepubliceerd op

Esther Wienese (foto) wordt de DakenDiva genoemd. Zij schreef Het Rotterdamse Dakenboek: nieuw gebruik van dak en stad, is daarnaast spreker, adviseur en gids. Een gesprek over de ontwikkelingen op de daken in Nederland, de kansen die er liggen en de inzet van techniek.

Esther Wienese kreeg voor het eerst interesse in daken tijdens haar werk voor Rijkswaterstaat. Het spel tussen ruimte en water heeft impact op de inrichting van de stad, en het dak is hierbij bepalend. Als journalist kreeg ze samen met een ambtenaar van de gemeente Rotterdam het idee om te werken aan het Rotterdamse Dakenboek. “En direct was het kippenvel. Ik was gefascineerd. In 2030 woont wereldwijd naar verwachting 70% van alle mensen in een stad, waarvan 50% alleen. Ook in een stad als Rotterdam. Eenzaamheid, ontmoeten, drukte en behoefte aan stilte worden belangrijke thema’s in de stad. Steden moet zich hierop voorbereiden en dat betekent ook de daken benutten. Voor woningen, recreatie, daktuinen, daktuinbouw, wateropvang, duurzame energieopwekking. En als dat ergens kan, dan is dat in Rotterdam. Want Rotterdam heeft de meeste platte daken van Nederland: 18,5 km² ligt smachten te wachten op invulling.”

Rotterdamse aanpak
Het benutten van die daken is belangrijk, want Rotterdam groeit. En om de stad leefbaar, gezond, bereikbaar en aantrekkelijk te houden, is het dak van groot belang. Een multifunctioneel dak is een dak waarop meerdere functies te vinden zijn. Bij nieuwbouwprojecten heeft Rotterdam als voorwaarde dat elk dak minimaal twee extra functies heeft. Elke functie heeft een eigen kleur:
- Groene daken zorgen voor vergroening, dragen bij aan de luchtkwaliteit en bieden kansen om zelf groente of fruit te verbouwen.
- Blauwe daken kunnen water opvangen, vertragen overtollig regenwater, wat het riool ontlast en de kans op overstroming terugdringt.
- Gele daken wekken duurzame energie op uit zon of wind.
- Rode daken hebben allerlei sociale functies, zoals een terras, speelplek of een bar op het dak.
- Oranje daken worden gebruikt voor mobiliteit, zoals bijvoorbeeld een dakverbinding of dakbrug.
- Paarse daken zijn woondaken.
- Grijze daken zijn voor technische functies, zoals luchtbehandelingskasten en schoorstenen.

Rotterdam is koploper in het benutten van daken met een Multifunctioneel Dakenprogramma en een visie op het Rotterdamse Dakenlandschap. Wienese: “En dit kan de stad niet alleen natuurlijk. Bij het ontwikkelen van een dakenlandschap is het zaak nauw samen te werken met de dakeigenaren, -ontwikkelaars, en -makers. En de vakmensen in de techniek zijn de sleutelpersonen die het mogelijk maken. Een dak ligt er voor circa 30 jaar, dus alle partijen moeten zich ervan bewust zijn dat aanleg of vervanging van de dakbedekking hét moment is om er meer mee te doen.”

Een dak is meer
Wienese praat vol passie. Het gaat namelijk niet alleen om het dak zelf, maar vooral om de brede maatschappelijke impact. “Groene daken zorgen voor afkoeling in de stad. Het kweken van groente, fruit en bloemen in op daken heeft veel voordelen; zo kan de productie van groente en fruit lokaal afgezet worden zodat transportafstanden worden verkort. Een dakpark draagt bij aan biodiversiteit en kan een ontmoetingsplek zijn voor mensen en eenzaamheid verminderen. En wonen in een groene stad is beter voor de mens.” Als Rotterdams dakengids leidt ze mensen rond en bezoekt ze met groepen verschillende daken. “Altijd is er verwondering wat er allemaal mogelijk is, hoe prachtig een dak kan zijn. Het is pionieren met een goede missie: bijdragen aan een leefbare stad.”

Stappen zetten
Om daken zo multifunctioneel mogelijk in te zetten is er wel wat nodig. “Het begint bij bewustwording bij architecten, projectontwikkelaars, woningcorporaties, bedrijven, bewoners. Het dak is geen sluitpost, maar een extra kans om ruimte op een duurzame en kwalitatieve manier in te zetten. Er moet hier meer bewustwording voor komen. Omdat er kansen liggen, maar ook omdat het nodig is. We hebben met elkaar de opdracht om een leefbare stad te realiseren in een veranderend klimaat.” Maar het is ook nodig om samen te werken. “Een multifunctioneel dak vraagt om samenwerken met iedereen die een rol heeft.” Vakmensen in de techniek horen daar absoluut bij. Hoe meer functionaliteiten, hoe meer techniek en hoe meer vakmanschap nodig zijn. Samenwerken aan duurzaamheid en klimaatadaptie. Een thema dat ook in het Huis van Sarah aan de orde komt, een nieuwe multimediale productie voor de vakmensen in de techniek. Zes grote verhuiskisten met ieder een eigen kamer en verhaal, waar je geconfronteerd wordt met uitdagende vragen over de toekomst van technische installatiebranche en die van jezelf, op weg naar 2025 en verder.

Samenwerken
En er is volgens Wienese ook een opdracht aan de overheid. “Regels belemmeren nu vaak namelijk de mogelijkheid om écht multifunctionele daken te realiseren. Ze werken elkaar nu soms tegen. Maar dat is ook logisch op het moment dat je nieuwe mogelijkheden gaat benutten en disciplines in elkaar verweven raken.” Het is noodzakelijk dat regels meebewegen met nieuwe mogelijkheden en dat partijen met elkaar samenwerken om nieuwe totaalconcepten te ontwikkelen. “Er bestaan al voorbeelden van bedrijven die met elkaar samenwerken, juist omdat ze elkaar hard nodig hebben. Maar ook om duidelijk te maken aan overheden wat er nodig is.”

Inspiratie
Er is veel mogelijk. En het vraagt soms om in onbeperkte mogelijkheden denken. Maar het dak is er klaar voor. “Architectenbureau MVRDV – van bijvoorbeeld het Depot Boijmans van Beuningen – heeft net in opdracht van de gemeente Rotterdam een Dakencatalogus ontwikkeld met bijna 150 voorbeelden ter inspiratie. Daar heb ik een adviesrol in gehad. Denken in oneindige mogelijkheden voor fantastische steden. Deze catalogus verschijnt tijdens de Rotterdamse Dakendagen en ik zou zeggen: ‘bekijk ‘m, want je wordt er enthousiast van!’”
Dan rest er nog één vraag: waar staan we over 10 jaar? Wienese is voorzichtig optimistisch. “Ik denk dat we dan echt stappen hebben gezet. Misschien niet zover als we hopen, maar onze daken zullen niet langer lege bitumen daken zijn! We hebben ingezien dat het dak een fantastische plek is om een leefbare stad te realiseren.” 

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Artist impression:
Studio Walden

Rotterdams dakentour: een unieke tour door Rotterdam Je ziet wat er al her en der gebeurt op de daken en hoort over de ambities van de stad. Onderweg geniet je van prachtige uitzichten op de skyline van Rotterdam. Ook leuk voor bedrijven. Meer info via:
www.insiderotterdam.com

Woonstad Energie Challenge oplossing in de praktijk gebracht!

Eind 2019 zijn Breman en Itho Daalderop met hun Collectief Hybride Systeem uitgeroepen tot winnaars van de Woonstad Energie Challenge ...
Verder Lezen

Wasco breidt zonnepanelen op distributiecentrum flink uit

Technische groothandel Wasco heeft op zijn distributiecentrum op bedrijventerrein aan de Ecofactorij in Apeldoorn 1100 extra zonnepanelen geplaatst. Deze uitbreiding ...
Verder Lezen

Test met opwekking én opslag van duurzame energie in pilotwoning

Een geïntegreerd systeem voor PV-thermische energieopwekking met seizoensgebonden energieopslag. In Helmond bouwen studenten van de TU EIndhoven samen met woningcorporatie ...
Verder Lezen

Hemelwater afvoeren bij gebouwen met gecombineerd gebruik

Bij gebouwen met gecombineerde functies worden steeds hogere eisen gesteld aan functionaliteit, brandveiligheid en vandaal-bestendigheid van dakafvoeren- en leidingsystemen. Hoe ...
Verder Lezen

Hybride oplossing heeft voorkeur bij verduurzaming

Gepubliceerd op

Van de duurzame verwarmingsoplossingen lijkt een hybride oplossing de voorkeur te hebben ter vervanging van de cv-ketel. Zo wil 27 procent van de Nederlanders een hybride systeem aanschaffen wanneer hun huidige cv-ketel aan vervanging toe is.

Dit blijkt uit onderzoek van Multiscope in opdracht van Vaillant onder 1000 Nederlandse consumenten. De verwarmingsfabrikant liet dit onderzoek uitvoeren in het licht van het klimaatakkoord, dat voor Nederland als belangrijkste doel oplegt om in 2030 bijna de helft minder CO2 uit te stoten ten opzichte van 1990. De meeste Nederlanders (85 procent) denken overigens dat dit doel niet gerealiseerd wordt.

Meerderheid voelt zich niet verantwoordelijk
Om de CO2-uitstoot te reduceren moet het gasverbruik in Nederland de komende jaren sterk omlaag. Alleen voelt slechts een kleine meerderheid (58 procent) van de Nederlanders zich verantwoordelijk om hieraan een persoonlijke bijdrage te leveren. Als vervanging voor de cv-ketel zijn er momenteel twee opties waaruit men kan kiezen: volledig gasloos wonen met een warmtepomp of het fors reduceren van het gasverbruik door een hybride oplossing (combinatie van cv-ketel en warmtepomp).

Hybride heeft de voorkeur
Van de duurzame verwarmingsoplossingen lijkt een hybride oplossing de voorkeur te hebben ter vervanging van de cv-ketel. Zo wil 27 procent van de Nederlanders een hybride systeem aanschaffen wanneer hun huidige cv-ketel aan vervanging toe is. Zo’n 9 procent kiest dan liever voor een warmtepomp en 4 procent van de respondenten geeft aan al volledig van het aardgas af te zijn. Daar staat tegenover dat 27 procent van de Nederlandse bevolking van plan is opnieuw een cv-ketel te kopen.

Kleinere duurzame stappen ook stimuleren
Subsidies zijn effectief in het stimuleren van verduurzaming. Dat blijkt wel uit het aantal zonnepanelen op de Nederlandse daken en het groeiend aantal elektrische auto’s op de weg. Maar welke maatregelen moet de Nederlandse overheid de komende jaren nemen om het duurzaam verwarmen van woningen te stimuleren? De meerderheid van de Nederlanders (53 procent) zou het liefst meer subsidies voor hybride oplossingen zien, terwijl ongeveer een kwart (26 procent) vindt dat er meer geld moet komen voor subsidie van elektrische warmtepompen.

Gezamenlijk klimaatdoelen realiseren
“Het is aan ons als leverancier om samen met de installateurs de consumenten erop te wijzen dat iedereen zijn steentje bij kan dragen”, stelt Ronald Mazurel, Manager Product Management bij Vaillant. “Dat zien we ook terug in de cijfers: als volledig van het gas af gaan simpelweg niet haalbaar is, blijken veel mensen bereid een hybride oplossing te overwegen. Ik verwacht dat de verduurzaming de komende jaren in stroomversnelling gaat komen. Hopelijk slagen wij er gezamenlijk in om de klimaatdoelen tijdig te realiseren.”

Brede coalitie: vóór 2030 minstens 1 miljoen hybride warmtepompen

Vanaf 2024 moeten ieder jaar minimaal 100.000 hybride warmtepompen worden geplaatst in woningen en gebouwen. Een brede coalitie van maatschappelijke ...
Verder Lezen

Douche-wtw versterkt (hybride) warmtepomp

Badkamers worden luxer en zijn steeds vaker een ruimte voor ontspanning, met een grotere vraag naar warm tapwater als gevolg ...
Verder Lezen

Waarom de hybride warmtepomp vaak een goede keuze is

Met een hybride warmtepomp bespaar je direct op CO2. Hij wordt veelal toegepast in combinatie met een cv-ketel. Ideaal wanneer ...
Verder Lezen

Hybride oplossing

In Venlo vindt een indrukwekkende transformatie plaats. Wat ooit een drukbezocht postkantoor was, wordt nu omgetoverd in een heus museum ...
Verder Lezen

Grohe voorziet eerste 3D-geprinte woning in ons land van sanitair

Gepubliceerd op

De badkamer en de toiletruimte van de eerste Nederlandse woning van 3D-geprint beton, onderdeel van het ‘Project Milestone’, is voorzien van Grohe douchesystemen en kranen. In dit architectonische object is gekozen voor de Eurostyle toiletkraan, de Tempesta 100 doucheset, de thermostatische douchecombinatie Grohtherm 1000 en de wastafelkraan Eurosmart Cosmopolitan.

De sanitairfabrikant heeft een reeks waterbesparende technologieën ontwikkeld, zonder dat ingeleverd hoeft te worden op comfort, waaronder een waterbesparende douchekop en wastafelkraan. Ook de overige nog te bouwen woningen in dit project worden voorzien van deze sanitairoplossingen.

Mooi voorbeeld
Het project, dat een gezamenlijk bouw- en innovatieproject is van Eindhoven University of Technology, Van Wijnen, Saint-Gobain Weber Beamix, Vesteda, gemeente Eindhoven en Witteveen+Bos, is een mooi voorbeeld van hoe innovatie bijdraagt aan verduurzaming in de bouw. “We zijn supertrots”, zegt Ruben Verboon, Accountmanager Projecten bij Grohe Nederland. “We vinden het initiatief van dit project heel inspirerend en fantastisch om te volgen. Aangezien het volledig past bij onze duurzaamheidsmissie en -visie zijn we zeer vereerd dat juist dit project is voorzien van onze sanitairoplossingen. Wat we hier zien is de toekomst. En als wereldwijde koploper willen wij daar maar al te graag ons steentje aan bijdragen.”

Sanitaire oplossingen oudere bewoners

Techniek Nederland heeft een brochure gemaakt, die installateurs helpt om levensloopbestendige keuzes te maken bij natuurlijke renovatiemomenten, zoals bij een ...
Verder Lezen

Een nieuwe sanitaire revolutie?

Gezondheid en sanitaire oplossingen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Door de corona-epidemie is dat besef nu sterker dan ooit, merken ...
Verder Lezen

Sanitaire installaties

Door de coronalockdown staat in veel gebouwen het water in leidingen stil. Bijkomende zorgen om de legionellabacterie maakt legionellapreventie nóg ...
Verder Lezen

Grohe brengt voor het eerst 3D-geprinte kranen op de markt

Grohe verkoopt vanaf deze maand twee verschillende kranen gemaakt door 3D-metaaldruk. De sanitairfabrikant luidt met 3D-printing een nieuw tijdperk in ...
Verder Lezen

Prefab installatie-unit ontzorgt installateur bij grootschalige renovatie

Gepubliceerd op

Onder de noemer ‘Fit to Fit’ ontwikkelt Nefit Bosch, samen met ketenpartners, oplossingen om op installatiegebied snelheid en efficiëntie te realiseren. Woningcorporatie Talis en Dura Vermeer hebben in Nijmegen de primeur bij de vervanging van in totaal 220 sociale huurwoningen in de aardgasvrije wijk Jerusalem. Voor dit project is een all-in-one skid ontwikkeld waarin alle installatiecomponenten plug & play zijn voorgemonteerd.

Dura Vermeer past het  sloop-/nieuwbouw product ‘Blokje Om’ toe; een beproefd houtbouwproduct waarbij telkens een woonblok tot aan de bestaande fundering wordt gesloopt en binnen twintig werkdagen wordt teruggebouwd. In aansluiting daarop ontwikkelde Nefit Bosch in samenspraak met Dura Vermeer en Installatiebedrijf De Leeuw uit Boven-Leeuwen een klantspecifieke all-in-one skid. Een complete prefab installatieruimte die bij Nefit Bosch in Deventer op maat wordt geconstrueerd. Daarin worden alle installatiecomponenten geplaatst en ingeregeld, al het leidingwerk wordt voorgemonteerd. Na levering wordt de skid in de woning gehesen voor het dak erop gaat, waarna aansluiten een kwestie is van plug & play.

Complete installatie-units
De skid voor het Nijmeegse project meet 1,20 x 1,30 meter en bevat een 300 liter Nefit zonneboiler, een pv-omvormer, een Bosch Tronic Heat 3500 elektrische cv-ketel, een Bosch Tronic TR5000 doorstroomtoestel en een WTW-unit van collega-fabrikant Zehnder. Enkele van de units zijn uitgevoerd als hybride installatie en voorzien van een gasketel. Op het dak van elke woning worden twee Nefit SolarLine zonnecollectoren geplaatst. ‘Het zonneboilersysteem voorziet de woning het grootste deel van het jaar van zowel warmte als warm tapwater’, legt accountmanager business development Arjan van Eldik van Nefit Bosch uit. ‘Het doorstroomtoestel zorgt voor naverwarming van de zonneboiler, de elektrische cv-ketel springt alleen waar nodig bij. Andere varianten zijn ook mogelijk. We kunnen naar wens ook een all-electric warmtepompoplossing of een hybride combinatie van een warmtepomp en een hr-ketel in de all-in-one skid plaatsen.’

Rol installateur blijft onveranderd
Wat Nefit Bosch betreft blijft de installateur ook bij de ‘Fit to Fit’ prefab oplossingen zijn vertrouwde rol in de keten vervullen. Maar omdat installerend Nederland kampt met een tekort aan gekwalificeerd technisch personeel kan de installateur ook volledig worden ontzorgd. Nefit Bosch levert dan als onderaannemer de skids direct op de bouwplaats aan, waar de installateur ze alleen nog hoeft aan te sluiten. Hierdoor zijn er op de (bouw)locatie minder mensen nodig. Bovendien wordt veel tijdwinst geboekt en worden faalkosten geminimaliseerd.

Energiebedrijf test koppeling tussen windpark en elektrische boiler

Gepubliceerd op

Een pilotproject in de Haagse wijk Ypenburg gaat een digitale koppeling testen tussen een windpark en een elektrische boiler die is aangesloten op een stadswarmtenet. De productie en het verbruik van groene stroom worden vervolgens op uur en kwartierbasis gemeten en gecertificeerd.

Het huidige certificeringssysteem met Garanties van Oorsprong (GvO’s) werkt naar behoren, maar biedt niet de mogelijkheid om tijdsgebonden te certificeren. Een GvO vermeldt nu de start- en einddatum van productie. Met een tijdsaanduiding kan de garantie worden gegeven dat de groene stroom binnen hetzelfde uur of zelfs binnen hetzelfde kwartier wordt geproduceerd en ook geconsumeerd. Dit sluit beter aan op een energiesysteem waarin de balans tussen verbruik en opwek steeds belangrijker wordt door de toename van weersafhankelijke elektriciteitsproductie met zon en wind. Met de koppeling tussen Windpark Amalia en de elektrodeboiler in Ypenburg worden de benodigde metingen, procedures en software getest om in de toekomst tijdsgebonden te kunnen certificeren. Een transparanter certificeringssysteem geeft particuliere klanten en bedrijven nauwkeuriger inzicht in de duurzaamheid van hun stroomverbruik. Het geeft hen de mogelijkheid scherpere keuzes te maken welke elektriciteit zij willen gebruiken en bedrijven kunnen hun behaalde duurzaamheidsambities nog explicieter maken.

EnergyTag
Met het pilotproject onderzoeken Eneco, CertiQ en FlexiDAO hoe data uit verschillende systemen ten aanzien van de stroomproductie en -consumptie kunnen worden gecombineerd. Daarnaast wordt er bekeken hoe de certificering van de tijdsgebonden groene stroom ingepast kan worden in het bestaande wettelijke systeem van GvO’s. Het project is een van de zes projecten wereldwijd die de mogelijkheid van tijdsgebonden groene stroom moet gaan testen. Dit gebeurt onder de paraplu van EnergyTag, een initiatief van de energie-industrie om samen met meer dan 100 bedrijven, overheden en NGO’s te werken aan een transparanter certificeringssysteem dat beter aansluit op de toename in het aanbod van energie die wordt opgewekt met wind en zon en daarmee weersafhankelijk is. Het doel is om de energietransitie te versnellen door 24/7 certificeerbare groene stroom aan te kunnen bieden.

Samenwerking Eneco, FlexiDAO en CertiQ
Windpark Amalia van Eneco heeft een capaciteit van 120 MW en ligt 23 km van IJmuiden, voor de Nederlandse kust. De productie van dit windpark zal worden gebruikt door een 11 MW elektrodeboiler van Eneco in Ypenburg, net ten oosten van Den Haag. Deze voorziet naast een aantal gasketels het lokale stadswarmtenet van warmte. FlexiDAO levert in dit project de technologie gebaseerd op blockchain om de productie en het verbruik 24/7 te volgen, ondersteund met de meetgegevens die Eneco ter beschikking stelt. CertiQ is wettelijk verantwoordelijk voor de certificering van elektriciteit en hernieuwbare warmte en onderzoekt binnen dit pilotproject hoe een transparantere, tijdsgebonden certificering kan worden ingepast binnen het huidige systeem van certificering van duurzame energie. De eerste resultaten uit het pilotproject worden verwacht in het najaar

Warmtepompboilers gebruiken lucht vanuit WTW

In Leiden worden de komende maanden honderden woningen voor studenten en ‘young professionals’ opgeleverd. Er worden ruim 550 warmtepompboilers geïnstalleerd ...
Verder Lezen

Warmtepompboiler met inverter compressor

LG Electronics kondigt een warmtepompboiler aan, aangedreven door een inverter compressor. Deze compressor bevordert snelle en effectieve verwarming van sanitair ...
Verder Lezen

Thermische laadstations vervangen boilers in flatgebouw

Solide Vastgoed Beheer vervangt in de Groningse Vondelflat 164 grote boilers door de compacte FlexTherm Eco toestellen van Flamco. De ...
Verder Lezen

Slimme boiler vangt pieken wind- en zonnestroom op

Eneco-klanten met een elektrische boiler kunnen met een apparaatje naast hun boiler de pieken van zonne- en windenergie op te ...
Verder Lezen

‘Betere uitvoering energiesystemen in bodem noodzakelijk’

Gepubliceerd op

Op 10 mei jl. heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) een signaalrapportage ‘Risico’s bij de aanleg van gesloten bodemenergiesystemen’ gepubliceerd. Aan afwijkingen van protocollen bij de aanleg, zoals bij eerdere controles door ILT geconstateerd, moet wat worden gedaan. Branchevereniging Bodemenergie zegt in een reactie dat haar leden inmiddels de nodige stappen hebben gezet maar verdere verbeteringen nodig zijn.

Bodemenergiesystemen spelen een grote en groeiende rol in de verduurzaming van de gebouwde omgeving, met een potentie van 30% marktaandeel in 2050. Branchevereniging Bodemenergie is verheugd dat het belang van bodemenergie in de energietransitie wordt erkend. En daarmee dat bodemenergie-systemen verder moeten en zullen opschalen om bij te dragen aan de klimaat- en energiebeleidsdoelen door duurzaam en betaalbaar comfort te leveren aan eindgebruikers.

Verduurzaming op een verantwoorde manier
Voor (gesloten) bodemenergiesystemen moet in de bodem worden geboord en de risico’s voor bodem en grondwater worden beperkt door in de Regeling Bodemkwaliteit wettelijk verankerde protocollen en een erkenningsregeling, samen met een vergunnings- c.q. meldingsprocedure. Inspecties en eventueel handhaving door landelijke (ILT) en regionale (RUD’s) diensten zien toe op het naleven daarvan. De signaalrapportage van ILT geeft vijf aanbevelingen aan om de risico’s bij aanleg van bodemenergiesystemen voor het grondwater, dat bijvoorbeeld een bron is voor drinkwater, verder te beperken. De aanbevelingen van ILT komen grotendeels overeen met de aanbevelingen van de branche zelf. De vijf aanbevelingen hebben kort samengevat betrekking op:
- 2 aanbevelingen tot normenaanpassingen met betrekking tot mengverhouding van grout en verbieden gebruik van milieuschadelijke smeermiddelen;
- budget beschikbaar stellen voor actualiseren van overheid website www.bodemloket.nl;
- meer overheidsbudget voor toezichthoudende taken;
- een centrale plek voor alle toezichthouders waar de meldingen de locatie en tijd van uitvoering van de boring.
Branchevereniging Bodemenergie meldt deze aanbevelingen te ondersteunen en zich te willen inzetten om samen met boorbedrijven en overheden dit zo snel mogelijk te realiseren.

Controleren, constateren en verbeteren
Het signaalrapport blikt terug op de periode 2016 – 2018 waarin bij controles werd geconstateerd dat de protocollen niet altijd werden nageleefd. Daarop zijn in samenspraak maatregelen genomen voor verbetering die inmiddels zichtbaar wordt, stelt de branchevereniging. ILT spreekt van ‘positieve ontwikkelingen’. Voorts rapporteerde de SIKB jaarrapportage certificatietoezicht bodembeheer 2019 een positieve trend bij de 119 certificaathouders (boorbedrijven) in Nederland actief op de betreffende beoordelingsrichtlijn (BRL 2100). In vijf jaar tijd zijn afwijkingen meer dan gehalveerd met in 2019 gemiddeld minder dan een halve afwijking per certificaathouder in bijna driehonderd audits. De positieve trend is ook te zien in regionale inspecties. Zo rapporteerde bijvoorbeeld de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant een daling van 49% (28 overtredingen bij 57 inspecties) in 2019 naar 11% (3 overtredingen bij 26 inspecties) in 2020.

Rol van de branche
Branchevereniging Bodemenergie stelde met, voor en door haar leden een Gedragscode Bodemenergie op en die wordt intern gemonitord en gefaciliteerd door de Commissie Gedragscode Bodemenergie. Specifiek voor het afdichten van bodemlagen en het afvullen van boorgaten, een belangrijk aandachtspunt van het signaalrapport, wordt door de branche onderzoek gedaan naar materialen en de wijze van aanvullen, waarbij ook de drinkwatersector betrokken is. De resultaten daarvan kunnen bijdragen aan de door ILT aanbevolen aanvullende eisen. De branchevereniging is daartoe structureel in gesprek met ILT en beleidsmakers bij het ministerie van I&W.

Verdere verbetering mogelijk en nodig
Branchevereniging Bodemenergie ziet met ILT en het regionale bevoegd gezag een positieve trend in de praktijk. Toch blijkt uit de signaalrapportage van ILT dat er (veel) ruimte is voor verdere verbetering. Ze beaamt dat verdere verbetering mogelijk en nodig is en dat ILT terecht dit signaal af geeft. ‘Wij zijn benieuwd naar de nieuwste inzichten van ILT en bieden aan om kennis te nemen van de onderliggende aantallen en aard van de constateringen vanaf 2020. Aanvullend op een lopende interne inventarisatie zullen wij dan samen met overheden concrete verdere verbeteringen aan kunnen zetten. Het is daarbij essentieel om ‘de juiste oplossing bij het juiste probleem’ te vinden. Aanscherping van regels is bijvoorbeeld geen oplossing voor het niet naleven van in principe doelmatige regulering. Het stellen van eisen aan gebruikte materialen, zoals de mengverhouding van grout als afvulmateriaal van boorgaten, en aan hulpstoffen zoals smeermiddelen, kan bijvoorbeeld wél bijdragen aan steeds milieuvriendelijker werken. Daarbij dient de balans tussen performance en milieubelasting telkens te worden afgewogen. Wij zullen daaraan blijven (samen)werken. Zoals wij bijvoorbeeld over grout als afvulmateriaal al geruime tijd doen samen met Certificerende Instellingen, leveranciers en de overheden.’

Intensivering van handhaving
Als de toepassing van bodemenergie opschaalt dient tevens het toezicht mee op te schalen, denkt de branchevereniging. ‘ILT vraagt er terecht om dat omgevingsdiensten en gemeenten de mogelijkheden krijgen om hun rol in het toezicht op bodemenergiesystemen actiever in te vullen. Specifiek wordt voorgesteld dat inspecties real-time informatie hebben over booractiviteiten. Boorbedrijven melden nu al alle boringen bij vele instanties, waaronder hun Certificerende Instanties en ook bij de vergunningverlenende overheden zoals provincies, waterschappen, gemeenten en/of Omgevingsdiensten en wij zijn graag bereid mee te denken hoe deze informatie, mede gezien de planning-dynamiek, nóg actueler kan worden gemaakt.’

Integrale benadering
De verdere opschaling van bodemenergie vraagt dus een integrale benadering om de aanbevelingen uit te werken, stelt Branchevereniging Bodemenergie. ‘De branche zal graag haar aandeel blijven nemen voor verdere verbeteringen binnen onze mogelijkheden en waarbij zaken op hun integrale impact, dus inclusief de integrale energetische- en klimaatimpact, worden beschouwd. De door ILT aangegeven verbeteringen in normteksten, overheidswebsites en controlebudgetten van de overheid ondersteunen wij omdat de branche streeft naar continue verbetering over de hele linie. Wij zien verdergaande kwaliteitsverbetering als essentiële doorontwikkeling van onze branche om te groeien met een aandeel in de energietransitie van momenteel enkele procenten naar de 30% marktaandeel in 2050. Dat kan de branche niet alleen, daartoe moet de overheid ook opschalen zoals ILT aangeeft. De energietransitie vormgeven doen we immers samen.’

Risico’s voor bodem en grondwater bij aanleg van gesloten bodemenergiesystemen

Boorbedrijven houden bij de aanleg van bodemenergiesystemen onvoldoende rekening met de eisen die daaraan worden gesteld, waardoor er risico’s ontstaan ...
Verder Lezen

Bodem-warmtepomp én BRL-gecertificeerde ondersteuning voor installateurs

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch  op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

‘BENG-ready’ bodemwarmtepomp

De nieuwe Compress 7001i LWMF is het eerste model van een serie bodemwarmtepompen die Nefit Bosch op de Nederlandse markt ...
Verder Lezen

‘Wegvallen ISDE-subsidie nieuwbouw remt toepassing bodemenergie’

Vereniging BodemenergieNL betreurt het wegvallen van subsidie voor installaties bij nieuwbouw in de vernieuwde ISDE-regeling, omdat daarmee de drempel voor ...
Verder Lezen

De opkomst van luchtgebonden warmtepompen

Gepubliceerd op

Enkele jaren geleden geloofde een groep warmtepompadepten nog heilig dat grondgebonden systemen de toekomst hadden. Die tijd lijkt nu voorbij te zijn. Ja, ze zijn belangrijk, maar het zijn vooral de luchtgebonden systemen die in een rap tempo innoveren en de markt veroveren.

“Bij de bodemgebonden systemen vindt weinig innovatie plaats”, vertelt Jan Bosch, die sinds 2007 als Manager Marketing Communications werkzaam is bij Nefit Bosch, fabrikant van zowel lucht- als bodemgebonden warmtepompen. “Het zijn vooral de luchtgebonden systemen die in een rap tempo doorontwikkelen.” Martin Wendels, sinds 2010 directeur van WOLF Energiesystemen, dat eveneens beide systemen op de markt brengt, komt min of meer tot dezelfde conclusie. “De markt groeit gestaag door. Ik merk echter dat luchtgebonden systemen sneller marktaandeel veroveren. Dat gaat ten koste van de bodemgebonden varianten.”

Rendement
Dat heeft onder andere te maken met de dimensionering, het ruimtebeslag en de kosten van bodemgebonden systemen. In alle gevallen ben je ongunstiger uit dan met een luchtgebonden variant. Bovendien kruipen die qua rendement zo zoetjes aan ook meer in de richting van bodemgebonden varianten.

Koudemiddelen
Een heet hangijzer zijn de koudemiddelen. De regelgeving stuurt steeds meer aan op het gebruik van koudemiddelen met een lagere GWP, om het milieu te beschermen. Tegelijkertijd proberen fabrikanten, uiteraard, het rendement omhoog te krijgen. Dat leidt tot een verwoede zoektocht naar nieuwe alternatieven voor bestaande populaire koudemiddelen als R410A. “Natuurlijke koudemiddelen zijn duidelijk in opkomst”, vertelt Wendels. “Zeker bij luchtgebonden varianten, waarvoor ik denk dat R290 hét koudemiddel van de toekomst is.” Knelpunt blijft natuurlijk de beschikbaarheid van monteurs met een F-gassen certificaat. Hoewel opleiders en fabrikanten aangeven dat er veel animo is voor trainingen, blijkt menig installateur nog niet over de juiste papieren te beschikken. Dat verklaart ook de groeiende populariteit van monoblock-systemen, die zonder F-gassen handelingen worden geïnstalleerd.

Totale oplossing
Bosch signaleert dezelfde ontwikkelingen. Naast propaan (R290), ziet hij ook R32 en R454C aan populariteit winnen. Daarnaast lijkt de luchtgebonden warmtepomp steeds meer als een onderdeel van een totale systeemoplossing te worden beschouwd. “Dat heeft ook te maken met de pandemie. Er is meer aandacht voor het binnenklimaat, dus ook voor de samenhang tussen bijvoorbeeld lucht-lucht warmtepompen, ventilatie en airconditioning.”

Digitalisering
Overigens heeft diezelfde pandemie ook een gigantische push gegeven aan de digitalisering van de installatiebranche. Denk bijvoorbeeld in de aanpalende sanitairsector aan bewegingssensors en aanrakingsvrije kranen. Wat betreft warmtepompen neemt de behoefte aan software en tools voor online monitoring, bediening en integratie met GB-systemen toe, vertelt Bosch. Energiemanagement gaat een cruciale rol spelen in de toekomst. Naar verwachting komen er meer decentrale opslagslagsystemen – lees accu’s – die geïntegreerd worden in Smart Grids. Vroeg of laat worden warmtepompen zelfsturend, waardoor ze in staat zijn zelfstandig beslissingen te nemen over het tijdstip én de draaiuren die ze maken. Bijvoorbeeld op het moment dat er een overcapaciteit is aan groene energie op de markt. Op die manier bespaart de eindgebruiker op zijn energierekening.

Geluidsnorm
Er verschijnen regelmatig verhalen in de media over de geluidsproductie van warmtepompen. Vandaar dat de Rijksoverheid heeft ingegrepen. “Per 1 april zijn nieuwe geluidseisen gesteld aan (nieuw te plaatsen) buiten opgestelde installaties voor warmte- of koude opwekking. Het gaat hierbij om warmtepompen en airco’s die worden toegepast bij woningen en woongebouwen. Deze installaties mogen niet meer dan 40 dB geluid veroorzaken bij de buren. Met deze landelijke geluidsnorm worden buren beter beschermd tegen geluid van warmtepompen en wordt de ontwikkeling van stillere warmtepompen bevorderd”, aldus de Rijksoverheid.

Haalbaarheid
Deze nieuwe eisen vormen geen belemmering voor de verdere doorgroei van luchtgebonden systemen, geven zowel Wendels als Bosch aan. “Door een ander type ventilator te gebruiken met roterende waaiers en een vast schoepenwiel kunnen wij bijvoorbeeld prima voldoen aan de eisen”, legt Wendels uit.

Waterstofketel
Gaat de waterstofketel op termijn een bedreiging vormen voor het marktaandeel van warmtepompen? Zowel Bosch als Wendels verwachten van niet. Zo zijn er nog fikse stappen te zetten voordat er een waterstofeconomie is in Nederland, zegt Wendels. “Denk aan de productie van groene waterstof en het gereedmaken van de bestaande gasinfrastructuur voor het transport van waterstof.” Bovendien zit ‘de concurrentie’ ook niet stil, zegt Bosch. Ook warmtenetten en elektrische verwarming zijn of worden aantrekkelijke alternatieven om de warmtevraag in de gebouwde omgeving in te vullen. Tot slot verwachten beide experts dan er meer warmtepompsystemen op de markt komen die aansluiten bij binnenstedelijke condities. En dat is nu juist net de omgeving waarvoor veel experts de waterstofketel in gedachten hadden.

Hybride oplossingen
Het zou overigens ook zomaar kunnen dat waterstofketels deel gaan uitmaken van hybride oplossingen, merkt Bosch op. Op dit moment worden hybride systemen met ketels en warmtepompen door een deel van de markt gezien als de ideale oplossing om in een sneltreinvaart de energietransitie te doorlopen in de bestaande bouw. Op die manier hoef je namelijk minder/geen geld te investeren in flankerende maatregelen, zoals extra isolatie en een ander afgiftesysteem. Bovendien wordt er ook geanticipeerd op een groeiende koelingsbehoefte in de gebouwde omgeving.

Dit is voorproefje van een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ, editie juni (verschijnt 29 juni a.s.). De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Warmtepomp met actieve koeling

Vorig jaar introduceerde Vasco de warmtepomp Vica 8 AW E (Air Water Extern). Deze oplossing biedt nu meer comfort en ...
Verder Lezen

Plug and play warmtepomp doorstaat strenge winterperiode

“De strenge vorstperiode deze winter was voor ons een geschenk uit de hemel; en niet alleen vanwege de ijspret buiten”, ...
Verder Lezen

Brede coalitie: vóór 2030 minstens 1 miljoen hybride warmtepompen

Vanaf 2024 moeten ieder jaar minimaal 100.000 hybride warmtepompen worden geplaatst in woningen en gebouwen. Een brede coalitie van maatschappelijke ...
Verder Lezen

Ontwikkelaar van warmtepomp-systemen met PVT-panelen haalt €1,2 miljoen op

Dankzij een financiering van PDENH, DOEN Participaties, Enfuro Ventures en de Rabobank heeft Triple Solar 1.200.000 euro aan werkkapitaal opgehaald ...
Verder Lezen

Technische Unie zet in op circulariteit

Gepubliceerd op

De Nederlandse economie moet in 2050 volledig circulair zijn. Nu is veertig procent van het afval in Nederland afkomstig uit de bouwsector. Inzamelen en recyclen moet daarom het nieuwe normaal worden. Bij Technische Unie (TU) wordt de circulaire economie steeds zichtbaarder. De groothandel in technische installatiematerialen zet in op duurzaamheid en won er in 2019 al een prijs voor: de Recycle Power Award. Hoe pakt TU deze circulariteitsuitdaging aan?

Een paar jaar geleden besloot TU om haar duurzaamheidsactiviteiten naar een hoger niveau te tillen, vertelt Ariane van Dijk, manager Sustainable Business & Innovation bij TU: “Dat mondde uit in een MVO-programma, waarin circulariteit een centraal en concreet onderdeel is. Circulariteit speelt een ontzettend belangrijke rol in onze keten – we krijgen er van klanten steeds meer vragen over. De afvalstroom moet veel kleiner worden door grondstoffen te hergebruiken. We willen heel dicht op deze transitie zitten. Want het is letterlijk de economie die gaat veranderen, en dus ook onze business.”

Verspilling in de keten
“We doen dit voor de business, maar het gaat ook om de intrinsieke waarde van TU en van Sonepar, onze groep”, zegt Remco Tolsma, Vice president Marketing & E-Business bij TU. “We zijn een familiebedrijf en een van de eigenschappen daarvan is om heel ver vooruit te kijken – want ook de volgende generaties moeten in business blijven. En dat lukt niet als we doorgaan zoals we het nu doen. We hebben dus een heel duidelijke drive om de business én de markt te helpen.
In onze keten is ongelofelijk veel verspilling. Op een bouwplaats liggen vele containers vol met verpakkingsafval en niet gebruikte producten. Circulariteitsdenken begint met minder producten bestellen. Als verkopende partij wil je natuurlijk zoveel mogelijk producten verkopen, maar voor een betere wereld moeten we die stroom verminderen. Intussen worden we in veel productsegmenten steeds vaker geconfronteerd met een grondstoffentekort. Er ontstaat schaarste aan bepaalde elementen en dat betekent dat je producten ook beperkter de markt in kunt brengen.”

Pilots en products-as-a-service
Van Dijk: “Vanuit ons MVO-programma proberen we in de transitie naar duurzaam ondernemen explicieter te zijn in wat circulariteit en energietransitie voor ons betekenen. We doen pilots, dus testen in kleine stapjes, en parallel daaraan praten we veel met onze klanten, leveranciers en GS1.”
TU richt haar aandacht daarbij op vier punten, vervolgt Van Dijk: “Het eerste is retourlogistiek. Daarbij speelt traceerbaarheid een grote rol. Het tweede punt is de data die beschikbaar moet zijn, om te weten welke materialen het bevat en hoe het is te demonteren. Die data wil je goed aan het product koppelen, onder andere voor de retourlogistiek. Daarnaast letten we erg op de recyclebaarheid van producten en verpakkingen.
En we kijken natuurlijk naar de financiële verdienmodellen, want die kunnen ook veranderen door de circulaire economie. Dat kan bijvoorbeeld met een product-as-a-service-model, dus door meer producten te leasen of verhuren. We zien nu de trend dat je niet meer onderdelen van een installatie verkoopt, maar de hele installatie. Daarmee voorkom je veel afval en uitzoekwerk op de bouwplaats. Aan het eind van zijn levensduur gaat de installatie integraal retour en wordt deze vervolgens gerecycled. Zo ontstaan er ook nieuwe samenwerkingsvormen.”

Communicatie in de keten
Het terugdringen van de afvalstroom en het hergebruiken van gebruiksproducten zijn twee heel verschillende gebieden met vele mogelijke oplossingen. Van Dijk: “Een deel daarvan speelt in de keten, een deel kunnen we als bedrijf beïnvloeden. Eén daarvan is hoe wij onze spullen afleveren bij onze klant.” Hoe gaan we om met het materiaal dat wij daarvoor gebruiken? Dan heb je het over pallets en kratten, maar ook folies en straps. Dat heeft deels te maken met de afspraken die je met klanten en leveranciers maakt, en deels met wat je zelf inkoopt.”
Als voorbeeld geeft Van Dijk hun eigen gereedschapslijn, Tradeforce, die ze in China laten produceren: ”Die producten ontvingen we eerst in verpakkingen met veel plastic, dus hebben we gevraagd of we het duurzamer verpakt konden ontvangen en nu heeft het een kleine kartonnen verpakking. Het is dus ook maar hoe je het inkoopt en communiceert. Uiteindelijk valt of staat een draaiende circulaire economie met inzichtelijkheid en dus met het goed gedigitaliseerd krijgen van de juiste informatie.”

Unieke identificatie
Het draait om data: door transparant te zijn met informatie creëer je de mogelijkheid om een circulaire keten te kunnen realiseren. TU wil daarom op basis van de data die zij verzamelt haar klanten adviseren, zegt Tolsma, die namens TU ook lid is van het GS1 bestuur. “Wat er in het product zit moet je digitaal beschikbaar hebben, zoals in materiaalpaspoorten. Met GS1 Digital Link kun je met de barcode in een gestandaardiseerde link productdata digitaal beschikbaar maken in de keten.
Wat er in het product zit moet je digitaal beschikbaar hebben. Wanneer je circulaire producten gaat verkopen, krijg je in een homogene productenreeks te maken met afwijkende producten. Bijvoorbeeld: alle wastafels met dezelfde artikelcode en serienummer zijn exact gelijk aan elkaar. Maar we halen wastafels nu ook terug, laten ze refurbishen en nemen ze weer op voorraad. Dan is elke wastafel weer uniek. De ene is in een betere conditie dan de andere en dat bereken je door in de prijs. Maar al die eigenschappen moet je wel registreren, dus moet ieder product een eigen, identificatienummer krijgen. Daar ligt de sterke rol van GS1, om de markt te faciliteren in het gebruik van de juiste standaarden, die producten identificeren en traceerbaar maakt.”

Wasco breidt zonnepanelen op distributiecentrum flink uit

Gepubliceerd op

Technische groothandel Wasco heeft op zijn distributiecentrum op bedrijventerrein aan de Ecofactorij in Apeldoorn 1100 extra zonnepanelen geplaatst. Deze uitbreiding is goed voor 350 MWh aan zonne-energie waardoor het totaal komt op 1.062 MWh. Het is een uitbreiding van de 2800 zonnepanelen die al op het distributiecentrum liggen en past in het streven van Wasco naar duurzaamheid.

Op het dak van het distributiecentrum dat Wasco in 2016 heeft gebouwd, liggen drie voetbalvelden aan zonnepanelen. De uitbreiding betekent dat aan de bestaande 8000 m2 zonnepanelen nu 2000 m2 is toegevoegd. Het vergroot de duurzaamheid van groothandel Wasco, dat twee grote distributiecentra heeft – in Twello en in Apeldoorn – en 34 vestigingen door heel Nederland. Wasco zet niet alleen zonne-energie in, maar werkt ook op andere manieren mee aan de energietransitie. “Zo zijn bijna al onze vestigingen van het gas af. In plaats daarvan zijn warmtepompen geïnstalleerd”, legt Rob van Houten, Technisch specialist bij Wasco, uit.

Duurzaam distributiecentrum
Begin 2020 kreeg het distributiecentrum in Apeldoorn een uitbouw van 8000 m2. De uitbreiding van het aantal zonnepanelen naar 3900 stuks is onderdeel van de verduurzaming van het pand volgens de Breeam-NL Outstanding norm, de hoogst mogelijke duurzaamheidsnorm. Dat is nog een tandje duurzamer dan het in 2016 gebouwde deel dat volgens de Breeam Excellent norm gebouwd werd. Naast het gebruik van zoveel mogelijk duurzame materialen en het plaatsen van lucht/water-warmtepompen is er bij het ontwerp van de uitbouw ook veel aandacht besteed aan gezondheidsfactoren, zoals een natuurlijke lichtinval en de ecologie.

Installeren zonnepanelen zonder gereedschap
De zonnepanelen van DMEGC die op het dak van het distributiecentrum liggen, zijn geïnstalleerd door installatiebedrijf Batenburg uit Twello met het FlatFix Wave montagesysteem van Esdec. Batenburg is verantwoordelijk voor alle elektro-installatie bij Wasco en heeft speciaal gekozen voor het FlatFix Wave systeem. Esdec ontwikkelde dit systeem voor zonnepanelen op grote daken. Het bestaat uit geassembleerde modules die zonder gereedschap te installeren zijn. Dit zorgt voor een snelle installatietijd. Bovendien is de FlatFix Wave zeer geschikt voor de steeds groter wordende zonnepanelen. Elk zonnepaneel wordt met dit systeem aan de lange zijde vastgeklemd. Het voorkomt buigen door de wind en daardoor het ontstaan van haarscheurtjes in de zonnecellen.

Groot duurzaam assortiment
Wasco is een professionele groothandel in verwarming, sanitair, airconditioning, ventilatie en onderdelen. Ruim 500.000 producten vinden hun weg naar installateurs in heel Nederland. “De laatste jaren is het aantal duurzame apparaten in ons assortiment enorm vergroot”, constateert Rob. “Warmtepompen, duurzame ventilatie, smart home systemen, zonnesystemen. De vraag naar duurzame apparaten is vanwege de energietransitie sterk toegenomen.”

Ontwikkelaar van warmtepomp-systemen met PVT-panelen haalt €1,2 miljoen op

Dankzij een financiering van PDENH, DOEN Participaties, Enfuro Ventures en de Rabobank heeft Triple Solar 1.200.000 euro aan werkkapitaal opgehaald ...
Verder Lezen

Nederlandse zonnesector doorbreekt grens van 10 Gigawatt

Ondanks de coronacrisis groeide de Nederlandse zonnesector vorig jaar met 41%. Volgens het Nationaal Solar Trendrapport 2021 van onderzoeksbureau Dutch ...
Verder Lezen

Zonnewarmtenet kan bestaande wijken energieneutraal maken

Een zonnewarmtenet blijkt technisch en financieel haalbaar om bestaande wijken te verduurzamen en aardgasvrij te maken, zo heeft een consortium ...
Verder Lezen

‘Kiwa keurmerk voor zonne-energie is onnodig en onwenselijk’

Kiwa heeft gisteren een kwaliteitsregeling voor zonne-energie geïntroduceerd. De brancheorganisaties Techniek Nederland en Holland Solar vinden dit onnodig en zelfs ...
Verder Lezen

Risico’s voor bodem en grondwater bij aanleg van gesloten bodemenergiesystemen

Gepubliceerd op

Boorbedrijven houden bij de aanleg van bodemenergiesystemen onvoldoende rekening met de eisen die daaraan worden gesteld, waardoor er risico’s ontstaan voor het milieu. Dat staat in de signaalrapportage ‘Risico’s bij de aanleg van gesloten bodemenergiesystemen’ van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). De rapportage is door staatssecretaris Stientje van Veldhoven (IenW) aan de Tweede Kamer aangeboden.

Nederland wil huishoudens in de toekomst zoveel mogelijk van het gas af hebben. Bodemenergie speelt een belangrijke rol in de verduurzaming van de energievoorziening. Bij deze vorm van het opwekken van energie wordt warmte en koude aan de bodem onttrokken. Daarvoor worden diepe gaten (honderden meters diep) in de bodem geboord.

Fouten
Bodem, grondwater en de strategische drinkwatervoorraden raken verontreinigd als niet de juiste technieken en middelen worden gebruikt. Bedrijven die de systemen aanleggen, houden niet altijd rekening met het risico op vervuiling van bodem en grondwaterlagen bij het doorboren ervan. Bij het afvullen en opnieuw afdichten van boorgaten worden fouten gemaakt en milieuschadelijke stoffen gebruikt. En op verontreinigde locaties wordt onvoldoende rekening gehouden met de onderliggende schone en diepere bodemlagen. Dat blijkt uit een speciaal toezichtsproject van de ILT waarbij in de periode van 2016 tot en met 2020 extra aandacht is gegeven aan de aanleg van gesloten bodemenergiesystemen.

Zorgelijk
Programmamanager bodem, Quirine Diesbergen van de ILT: “Het is niet de eerste keer dat we hier op problemen stuiten. We hebben daarom extra toezicht gedaan en onze bevindingen zijn zorgelijk. Bodemenergie is een belangrijk onderdeel in de energietransitie, maar als de aanleg ervan milieurisico’s met zich meebrengt, dan is dat een slechte zaak. Voor een bodemenergiesysteem moet een boorgat tot wel honderden meters diep worden gemaakt. De sector moet hier echt mee aan de slag; ze moeten zorgvuldiger werken. En om daar beter toezicht op te houden, moet het voor iedereen duidelijker worden waar allemaal geboord wordt en hoe dat gebeurt. Omgevingsdiensten en gemeenten moeten prioriteit geven aan het toezicht en bedrijven wijzen op de gevaren. Wij kunnen helpen het toezicht beter te organiseren. Dat doet de ILT door opgedane kennis en ervaring te delen.”

Risico’s
In het Besluit bodemkwaliteit staat dat er geen extra risico’s mogen ontstaan voor de bodem en het grondwater bij de aanleg van bodemenergiesystemen. De ILT ziet echter dat bedrijven zich hierbij niet aan de regels houden om de bodem te beschermen. Door de boorbedrijven wordt onvoldoende gekeken welke grondlagen worden aangeboord. Ook het afdichten van deze lagen gebeurt niet op de juiste manier; bodemlagen moeten beter worden beschermd tijdens werkzaamheden. In diepere bodemlagen is namelijk schoon grondwater aanwezig dat kan worden gebruikt als drinkwater. Schoon grondwater is van belang voor de kwaliteit van ons drinkwater. De ILT ziet dat bedrijven hier onvoldoende rekening mee houden; ze moeten zorgvuldiger omgaan met de bodem.

Toezicht
Het toezicht op de aanleg van bodemenergiesystemen is primair een taak van de gemeenten. De meeste gemeenten hebben deze taak overgedragen aan omgevingsdiensten. Er zijn echter ook gemeenten die de taak zelf uitvoeren. Bedrijven die bodemenergiesystemen aanleggen, moeten dit voorafgaand aan de aanleg melden bij de gemeente. Daarnaast houdt de ILT ook zelf toezicht op basis van meldingen van overtredingen door omgevingsdiensten en gemeenten aan de ILT. De ILT ziet dat het toezicht vanuit betrokken toezichthouders (gemeenten en omgevingsdiensten) verbeterd kan worden. Zij hebben niet altijd zicht op boorlocaties en de daarbij behorende werkzaamheden. Ook verschilt de intensiteit van het toezicht en de kennis en ervaring van toezichthouders bij bodemenergiesystemen per regio.

Aanbevelingen
De ILT pleit ervoor dat bedrijven de juiste werkwijzen hanteren. En voor versterking en intensivering van het toezicht bij de aanleg van bodemenergiesystemen. Boorbedrijven moeten worden verplicht om de locatie en tijd van uitvoering van de boring voor alle toezichthouders (zowel privaat als publiek) inzichtelijk te maken. Hierdoor kan efficiënt toezicht worden gehouden en kunnen de bedrijven die willens en wetens de regels overtreden, beter worden aangepakt. De ILT gaat omgevingsdiensten en gemeenten helpen met kennisoverdracht om het toezicht te verbeteren. Ook blijft de inspectie zelf de aanleg van bodemenergiesystemen steekproefsgewijs in de gaten houden, voornamelijk op basis van meldingen van gemeenten en omgevingsdiensten.

 

 

 

Ketenduurzaamheid

Wat heeft een warmtepomp voor nut als het elektra nog in een gascentrale opgewekt wordt? Het zal niet de eerste ...
Verder Lezen

Vrije koeling en mechanische koeling

Wellicht hoort u het steeds vaker: koeling van woonhuizen. Bij toepassing van bodemenergie vaak bijkomstig ter regeneratie van de bron, ...
Verder Lezen

‘De warmtepomp is niet meer innovatief’

Nu het einde van het jaar met rasse schreden nadert, wordt het tijd voor de lijstjes. Ron Bosch, adviseur en ...
Verder Lezen

Collectief wil innovaties in warmteketen versnellen

Verschillende partijen in de warmteketen zijn het warmtecollectief WarmingUP gestart. Het collectief heeft als belangrijkste doel de ontwikkeling van collectieve ...
Verder Lezen

Robuuste maatregelen cruciaal om klimaatdoelen te halen

Gepubliceerd op

Maar liefst 88 procent van de ondernemers in de energietransitie vindt dat het nieuwe kabinet stevig aanvullend beleid moet ontwikkelen om de klimaatdoelen in 2030 te kunnen halen. Duidelijkheid op de lange termijn wordt door veel bedrijven genoemd als voorwaarde om te kunnen investeren en groeien. Zo toont bijna de helft zich voorstander van een verhoging van de SDE++-subsidie en uitbreiding van subsidies voor de verduurzaming van woningen. Dat constateren de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) en ABN AMRO in een inventarisatie naar de uitkomsten van de kabinetsformatie die bedrijven noodzakelijk vinden om de energietransitie mogelijk te maken.

De NVDE inventariseerde onder haar bedrijven en coöperaties in de duurzame energie- en mobiliteitssector hoe zij denken over de kabinetsformatie en voortgang van de energietransitie. Zij verrichtte het onderzoek tussen 28 maart en 6 april en ABN AMRO leverde een bijdrage aan de analyse van de resultaten. Uit het onderzoek blijkt dat in de sector sprake is van een groeiende onrust over de kabinetsformatie. Zo denken zes op de tien bedrijven dat beleids- en investeringsplannen - en hiermee de voortgang van de energietransitie - in het gedrang komen als er vóór de zomer geen nieuw kabinet is. Zo moet het nieuwe kabinet nog in 2021 belangrijke beslissingen nemen om de klimaatdoelen in 2030 te kunnen halen en is het door de trage kabinetsformatie de vraag of deze besluiten op tijd genomen worden.

Onduidelijkheid staat investeringen in energietransitie in de weg
Behalve snelheid zijn ook robuuste maatregelen cruciaal. Extra maatregelen zijn nodig om het doel van het kabinet-Rutte - een CO2-reductie van 49 procent - te realiseren, rekende het Planbureau voor de Leefomgeving in oktober 2020 voor in haar Klimaat- en Energieverkenning. Duidelijkheid op de lange termijn is voor veel bedrijven noodzakelijk om te kunnen investeren en groeien. Zo maken veel bedrijven zich zorgen over het voortbestaan van de subsidie Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++-subsidie). Ook netcongestie is een heikel issue en daarnaast beschouwt ruim de helft trage vergunningprocedures als een belangrijk knelpunt. Dat geldt óók voor het gebrek aan gekwalificeerd personeel. Een kwart van de bedrijven geeft aan dat er een groot tekort is aan mensen om het werk te kunnen uitvoeren.

Klimaatakkoord 2.0
Ruim twee derde van de bedrijven stelt dat het behalen van de Europese klimaatdoelen alleen mogelijk is als een ‘Klimaatakkoord 2.0’ wordt gesloten. “De bereidheid van de duurzame energiesector om met de overheid mee te denken en stappen te zetten om de klimaatdoelen te halen, is groot. Of er inderdaad een Klimaatakkoord 2.0 met input vanuit het bedrijfsleven komt, valt nog te bezien. Duidelijk is wél dat de duurzame energiesector in de startblokken staat om praktijkkennis in te brengen in het beleidsproces dat moet leiden tot verdergaande CO2-reducties”, benadrukt Olof van der Gaag, directeur van de NVDE. “Betrokkenheid van bedrijven die de uitvoering voor hun rekening nemen, kan een cruciale bijdrage leveren aan het realiseren van de klimaatambities van het nieuwe kabinet én biedt daarnaast een grotere kans op een stabiel en breed gedragen klimaatbeleid.”

Eén breed regeerakkoord is geen noodzaak
“Het Energieakkoord uit 2013 en het Klimaatakkoord uit 2019 gaven weliswaar richting aan het Nederlandse klimaatbeleid, maar zijn in zekere zin slechts een startpunt. Zo moeten alle plannen worden omgezet in nieuwe wetten en regels en kan pas in de uitvoering een emissiereductie worden bereikt”, zegt Arnold Mulder, Sector Banker Energie van ABN AMRO. “Om dit te bereiken, is het vormen van één breed regeerakkoord geen noodzaak. Het nieuwe kabinet kan er óók voor kiezen te komen tot tien of meer deelakkoorden op cruciale dossiers of mogelijk tot bedrijfsspecifieke akkoorden, zoals in de industrie. De energietransitie is een complexe puzzel die niemand alleen kan oplossen. Praten met de sector is cruciaal en uit ons onderzoek blijkt dat de sector voor duurzame energie bereid is dit gesprek aan te gaan.“

Energietransitie vergt meer aandacht voor groepenkasten in woningen

In het kader van de energietransitie vervangen we steeds meer fossiele brandstoffen door duurzame energiebronnen. In de praktijk leidt dit ...
Verder Lezen

De energietransitie: waterstof

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga van het bedrijf Feenstra is ...
Verder Lezen

Consortium wil energietransitie gebouwen versnellen

Een consortium van tien Nederlandse bedrijven en instellingen start een samenwerking die met de toepassing van ‘Internet of Energy’ de ...
Verder Lezen

Kabinet versterkt onderzoek naar energietransitie

Het kabinet maakt €18,3 miljoen vrij voor versterking van de onderzoeksfaciliteiten gericht op de energietransitie. Deze middelen worden verleend aan ...
Verder Lezen

Aardgasvrij douchen

Gepubliceerd op

Een consortium met TNO, Hametech en Beter Bad ontwikkelde een douche die het mogelijk maakt om aardgasvrij te douchen. Door een warmtewisselaar te combineren met een elektrische boiler, kan continu warm gedoucht worden zonder gebruik te maken van een cv-ketel of een warmtepomp. Het douchewater wordt met een pomp omhoog gepompt langs een warmtewisselaar, waardoor meteen warm water beschikbaar is.

Voor 2050 moeten bijna 7 miljoen woningen en 1 miljoen andere gebouwen aardgasvrij zijn. In moderne, goed geïsoleerde woningen is warm tapwater de grootste energiegebruiker.

Energie-efficiënte douchecabine
Ruimteverwarming wordt door betere isolatie, luchtdicht bouwen en warmteterugwinning al sterk teruggebracht. Maar het was nog lastig om warm tapwatergebruik terug te brengen zonder het verlies van comfort. Om de energiebesparing bij het douchen te realiseren en toch het comfort te behouden ontwikkelde TNO samen met Beter Bad en Hametech een multifunctionele energie-efficiënte douchecabine, de MEED.

Van ontwerp naar praktijk
Door een warmtewisselaar te combineren met een elektrische boiler, kan continu warm gedoucht worden zonder gebruik te maken van een cv-ketel of een warmtepomp. Het douchewater wordt met een pomp omhoog gepompt, langs een warmtewisselaar, waardoor je meteen warm water hebt.
Binnen het consortium wordt gewerkt aan het optimaal ontwerp en de constructie van de douchecabine. De individuele componenten worden gemodelleerd door TNO en worden daarna getest in het MEC laboratorium van TNO. Zowel de individuele werking als de integrale werking van de componenten spelen daarbij een cruciale rol. Samen met Beter Bad en Hametech is het eindproduct ontwikkeld en wordt de douche geproduceerd.

Demonstratiedouchecabines
Het consortium heeft de ambitieuze doelstelling om 70% van de douchewarmte terug te winnen. Dit wordt door de betrokken partijen mogelijk gemaakt door de integratie van verschillende technologieën. Een aantal demonstratiedouchecabines worden aansluitend gemaakt en beproefd. Deze prefab douchecabines zijn geïnstalleerd in particuliere woningen, bij woningbouwverenigingen en in een hotel.

Warmte hergebruiken
Het systeem vereist een elektra-aansluiting, koudwaterleiding en een afvoer. Het warme water dat bij de start van een douchebeurt wegstroomt, verwarmt het nieuwe koude water uit het leidingnet met hele hoge efficiëntie. Hierdoor kan het koude tapwater met beperkt elektrisch vermogen worden verwarmd tot een comfortabele douchetemperatuur.
Voordelen van deze douche zijn onder meer dat warm water direct uit de boiler komt, waardoor geen verlies van warmte verloren gaat. De douche is daarnaast gemakkelijk te installeren, zonder dat grote ingrepen nodig zijn.

Dit project is door TKI Urban Energy gesteund met financiering vanuit de Topsector Energie en RVO.nl.

Plug and play warmtepomp doorstaat strenge winterperiode

“De strenge vorstperiode deze winter was voor ons een geschenk uit de hemel; en niet alleen vanwege de ijspret buiten”, ...
Verder Lezen

Brede coalitie: vóór 2030 minstens 1 miljoen hybride warmtepompen

Vanaf 2024 moeten ieder jaar minimaal 100.000 hybride warmtepompen worden geplaatst in woningen en gebouwen. Een brede coalitie van maatschappelijke ...
Verder Lezen

Voor het eerst een jaren 70 woonwijk op waterstof

In het Groningse Wagenborgen wordt een jaren 70 woonwijk aangesloten op een waterstofnetwerk. Van de 40 aangeschreven bewoners heeft bijna ...
Verder Lezen

Duurzame woningen onderdeel van grootschalige aanpak woningtekort

In tien jaar tijd wil een coalitie van 34 organisaties een miljoen huizen bouwen. Ook is het de bedoeling om ...
Verder Lezen

Plug and play warmtepomp doorstaat strenge winterperiode

Gepubliceerd op

“De strenge vorstperiode deze winter was voor ons een geschenk uit de hemel; en niet alleen vanwege de ijspret buiten”, zegt Jacco Langebeeke. Hij is de ondernemer achter Vloerverwarming Nederland, die zich de laatste jaren steeds breder met verduurzaming van woningen bezighoudt. “Wij hebben zelf een warmtepomp ontwikkeld en laten die maken in Slovenië. Deze werkt zonder buitenunit maar met toevoer en afvoer van lucht door gaten in het dak. Je tilt hem zo de trap op en binnen een halve dag doet hij het. Toen het een aantal dagen erg koud werd konden we zien dat het binnen lekker warm bleef, terwijl het huis pragmatisch geïsoleerd is, dus niet helemaal ingepakt met buitenisolatie. Ik heb de huurders in Deurne ook gebeld; ze zijn heel tevreden.”

De innovatie maakte onderdeel uit van een totaalconcept voor rijwoningen, waaraan ook Artention en Green Men bijdroegen. De pilot werd gesteund via een DEI+ subsidie, een subsidieregeling van TKI Urban Energy regeling met budget van het ministerie van BZK, die door RVO.nl wordt uitgevoerd. In de regeling is ook dit jaar negen miljoen beschikbaar voor pilots en demonstraties op het gebied van aardgasvrije woningen, gebouwen en wijken. De subsidie kan oplopen tot 45% van de kosten.

Opschalen
“We bedienen nu ook particulieren”, zegt Langebeeke. “We zijn nu een woning van gasgestookte stadswarmte af aan het halen in Utrecht. Ik wil gecontroleerd maar snel opschalen. Dat kan door weinig marge te maken per woning en onze aanpak te standaardiseren. Met grote aantallen bouw je dan toch een gezonde onderneming. We blijven nu door de bank genomen binnen de energierekening voor een woning die energieneutraal is en aardgasvrij, achterstallig onderhoud en maatwerk daargelaten.”

Brede coalitie: vóór 2030 minstens 1 miljoen hybride warmtepompen

Vanaf 2024 moeten ieder jaar minimaal 100.000 hybride warmtepompen worden geplaatst in woningen en gebouwen. Een brede coalitie van maatschappelijke ...
Verder Lezen

E-Learning: met de juiste kennis aan de slag bij je klant

Als installateur wil je klanten zo goed mogelijk adviseren. Om dat waar te maken, moet je wel goed op de ...
Verder Lezen

Ontwikkelaar van warmtepomp-systemen met PVT-panelen haalt €1,2 miljoen op

Dankzij een financiering van PDENH, DOEN Participaties, Enfuro Ventures en de Rabobank heeft Triple Solar 1.200.000 euro aan werkkapitaal opgehaald ...
Verder Lezen

Natuurlijke koudemiddelen: waar blijft die massale overstap?

Hoewel het proces met horten en stoten op gang moest komen, zit de vaart er nu wel in. Nederland is ...
Verder Lezen

Brede coalitie: vóór 2030 minstens 1 miljoen hybride warmtepompen

Gepubliceerd op

Vanaf 2024 moeten ieder jaar minimaal 100.000 hybride warmtepompen worden geplaatst in woningen en gebouwen. Een brede coalitie van maatschappelijke organisaties wil dat een nieuw kabinet daarvoor 600 miljoen euro vrijmaakt. Techniek Nederland, Natuur & Milieu en Netbeheer Nederland vinden dat een grootschalige inzet van hybride warmtepompen nodig is. Volgens de ‘Coalitie HR-Hybride’ moeten er vóór 2030 1 miljoen tot 2 miljoen hybride warmtepompen zijn geïnstalleerd. Dit zou een besparing opleveren van 1,3 tot 2,6 megaton CO2. Zo’n besparing is een substantiële bijdrage aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord en de aangescherpte CO2-eisen van 55% van de Europese Unie.

Het aardgasvrij maken van woningen en woonwijken wil nog niet vlotten. Het tempo ligt ver beneden de afspraken uit het Klimaatakkoord en de ambities van het huidige kabinet. Daarom is volgens de Coalitie HR-Hybride grootschalige toepassing van hybride warmtepompen nodig. Voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland: “Woonwijken aardgasvrij maken, daar gaan we mee door. Maar als we op koers willen blijven voor het Klimaatakkoord en de Parijs-doelstellingen zijn hybride warmtepompen een onmisbare tussenstap.”

Tot 70% besparing op aardgas
Jaarlijks worden ruim 400.000 cv-ketels op aardgas vervangen. De coalitie wil dat installateurs waar mogelijk een nieuwe hr-ketel combineren met een hybride warmtepomp. Een hybride warmtepomp is relatief eenvoudig te plaatsen en levert de bewoner direct een besparing op tot 70% op het aardgasverbruik voor verwarming. Directeur Marjolein Demmers van Natuur & Milieu: “Hybride warmtepompen zijn beter voor het klimaat dan de traditionele cv-ketel. Daarom is het belangrijk deze verwarmingstechniek te stimuleren.”

Geen belemmering voor wijkaanpak
Plannen voor aardgasvrije woonwijken en de plaatsing van hybride warmtepompen hoeven elkaar niet in de weg te zitten. De Coalitie HR-Hybride richt zich op woonwijken die voorlopig niet aardgasvrij worden en op wijken waar gemeenten kiezen voor hybride als duurzame warmtevoorziening voor de komende jaren. Directeur Dick Weiffenbach van Netbeheer Nederland: “In een later stadium kunnen deze woningen alsnog aardgasvrij worden gemaakt. Maar laten we tot die tijd de CO2-uitstoot zoveel mogelijk beperken. Dan profiteert de huizenbezitter of huurder bovendien direct van een lagere energierekening.”

Stimuleringsprogramma
De Coalitie HR-Hybride wil de toepassing van hybride warmtepompen samen met de overheid gaan stimuleren. Dit moet onder meer gebeuren met een groot aantal voorbeeldprojecten, productinnovatie en monitoring van de prestaties van hybride systemen. Daarnaast is het opleiden van extra vakbekwame warmtepompmonteurs een belangrijk onderdeel van de plannen.

Extra subsidie voor woningbezitters
De Coalitie HR-Hybride vindt dat een nieuw kabinet tot 2026 jaarlijks 120 miljoen euro extra vrij moet maken. Dat geld maakt subsidie voor woningbezitters mogelijk. De Coalitie verwacht dat vanaf 2026 geen subsidie meer nodig zal zijn. Door innovatie en lagere product- en plaatsingskosten zal de hybride warmtepomp woonlastenneutraal worden. De Coalitie HR-Hybride wil samen met de overheid een voorlichtingscampagne opzetten om de voordelen van hybride warmtepompen onder de aandacht te brengen. De campagne zal zich richten op woningbezitters, maar ook op professionele opdrachtgevers, zoals woningcorporaties.

Exportkansen
Een stimulans voor hybride warmtepompen biedt ook kansen voor de export van Nederlandse producten en kennis. Duitsland is één van de Europese landen die de komende tijd juist overschakelen op aardgas voor het verwarmen van woningen. Nederlandse bedrijven kunnen in die landen helpen om de CO2-uitstoot verder te verlagen met warmtepomptechnologie.

Ook Nefit Bosch komt nu met airco’s op de markt

Nefit Bosch breidt met ingang van april zijn productportfolio uit met airconditioning. Door de veranderingen in het klimaat en het ...
Verder Lezen

Remeha komt nu ook met een airco-lijn

Remeha introduceert nu ook een airco-lijn. De Diva is gericht op particulieren en bestaat uit een assortiment voor koelen en ...
Verder Lezen

Airco met nanoe™ X remt coronavirus ook in grote ruimten af

Het remmende effect op het nieuwe coronavirus door een airconditioning met nanoe™ X is gecertificeerd, meldt Panasonic. Onderzoeksorganisatie Texcell bevestigt ...
Verder Lezen

Technologie in airco’s en luchtreiniger inactiveert Covid-19

Een technologie uit 2004 kan 99.9% van het Covid-19 virus inactiveren, zo blijkt uit wetenschappelijk onderzoek. Daikin bevestigt de werking ...
Verder Lezen

Brede coalitie van bedrijven wil dat waterstof sneller volwassen wordt

Gepubliceerd op

Meer dan 80 Nederlandse bedrijven hebben de handen ineengeslagen om te laten zien dat waterstof in Nederland een succes gaat worden voor de werkgelegenheid, economie en het klimaat. Vandaag overhandigen zij hun ‘Bidbook met Waterstof-commitments’ aan Diederik Samsom, kabinetschef van eurocommissaris Frans Timmermans.

Initiatiefnemers Gasunie, Toyota, Groningen Seaports, Remeha, Shell, Stedin Groep en Port of Amsterdam bouwden de coalitie uit tot een gezelschap van bedrijven uit de hele waterstofketen én daarbuiten: producenten, industrie, mobiliteit, techniek en advies. Van innovatieve startups tot grote multinationals.

Concrete plannen
Het bidbook toont een overzicht van nieuwe waterstofprojecten en concrete plannen in heel Nederland:
- Dieselaggregaten en machines op aardgas worden in dit bidbook omgebouwd tot mini-elektrolysers, waterstofaggregaten en -machines. In te zetten bij festivals, bouwprojecten, op campings, in fabrieken van koekjes, brood en meer. Alles plug and play.
- Bedrijven die hun schepen, vrachtwagens, zware bedrijfswagens en personenauto’s willen vervangen voor transport op waterstof; bedrijven die deze voertuigen leveren én bedrijven die de tankinfrastructuur hiervoor aanleggen en de waterstof leveren;
- De aanleg en aanpassing van offshore windparken, van grootschalige ondergrondse infrastructuur en specifieke installaties bovengronds. Van wind op zee naar waterstofgebruik achter de voordeur van een industriebedrijf of woning;
- De bouw van waterstoffabrieken en elektrolysers bij industrie- en chemiebedrijven om in de toekomst de CO2-uitstoot te verminderen.
Bedrijven investeren fors en durven risico te nemen. Ze laten zien dat Nederland de kennis, ervaring, ligging én bedrijven heeft voor een succesvolle waterstofketen.

Overheid nodig
In die keten mag de overheid niet ontbreken, vinden de bedrijven. Naast het bieden van commitment vragen ze daarom ook commitment van de overheid. Deze vragen zijn opgesteld onder regie van professor future energy systems Ad van Wijk in de vorm van ‘De 10 waterstof-commitments van Nederland’, waaronder:
1.Wij zullen waterstof liefhebben gelijk wij ook elektriciteit liefhebben.
2. Wij zullen onze gasinfrastructuur, opslagfaciliteiten, tankinfrastructuur en havenfaciliteiten ruimhartig en spoedig geschikt maken voor waterstof.
3. Wij zullen schone waterstofproductie, transport, vraag, innovatie en bedrijvigheid ruimhartig financieel ondersteunen voor een schone, gezonde en krachtige economie, werkgelegenheid, milieu en leefomgeving.
Koplopers Nederland Waterstofland is een initiatief van de zeven bedrijven achter MissieH2: Gasunie, Toyota, Groningen Seaports, Remeha, Shell, Stedin Groep en Port of Amsterdam. Op woensdag 7 april van 13.00-14.15 tijdens een online event wordt het eerste exemplaar overhandigd aan Diederik Samsom.

Voor het eerst een jaren 70 woonwijk op waterstof

In het Groningse Wagenborgen wordt een jaren 70 woonwijk aangesloten op een waterstofnetwerk. Van de 40 aangeschreven bewoners heeft bijna ...
Verder Lezen

Op weg naar waterstof: ketels voor wisselende gasmengsels

Met het oog op de enorme reductie van CO2-uitstoot die nodig is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, is ...
Verder Lezen

De energietransitie: waterstof

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga van het bedrijf Feenstra is ...
Verder Lezen

All-electric of waterstof?

All-electric of waterstof? Beide routes naar verduurzaming hebben felle voor- en tegenstanders. Maar is er ook een tussenweg mogelijk? Professor ...
Verder Lezen

Duurzaamheid en de waarde van commercieel vastgoed

Gepubliceerd op

De duurzaamheidsparagraaf onder beheer van de Dutch Green Building Council (DGBC) voor commercieel (kantoren)vastgoed is geactualiseerd. De update betreft een tweede versie van de duurzaamheidsparagraaf die een jaar geleden werd gelanceerd. Naast inhoudelijke verbeteringen is ook gewerkt aan de integratie van de paragraaf in (taxatie)software, handreikingen en trainingen. Dit levert meer mogelijkheden op om onderzoek te doen naar de relatie tussen duurzaamheid en de waarde van commercieel vastgoed.

Peter Gabriëls die namens Dutch Green Building Council betrokken is: “Willen we dat taxateurs dit gaan toepassen, dan zullen de instrumenten die zij gebruiken breed gedragen moeten worden. Daarom hebben naast de taxateurs zelf ook banken en softwareleveranciers meegewerkt aan deze doorontwikkeling.” De nieuwe versie is terug te vinden in taxatiesoftwaresystemen. Daarnaast is de duurzaamheidsparagraaf ook publiekelijk beschikbaar.

Doorontwikkeling
Bij de doorontwikkeling is gezocht naar een harmonisatie tussen de vorig jaar geïntroduceerde paragraaf en de duurzaamheidsparagraaf van het Taxatie Management Instituut (TMI). Michele Kalverla, voorzitter van de werkgroep duurzaamheid in vastgoedtaxaties, zegt daarover: “Deze vernieuwde paragraaf hebben we in samenwerking met grote en kleine taxatiebureau’s doorontwikkeld. We zijn erg verheugd dat deze nieuwe versie in taxatiesoftware en de vastgoedtaxonomie van SBR Nexus geïmplementeerd is, zodat we de paragraaf en de uitkomsten verder kunnen analyseren. Hierdoor kan er meer onderzoek gedaan worden naar duurzaamheid en de waarde.”

Betere data-analyses
René Klotz, voorzitter van TMI en betrokken bij de doorontwikkeling van de duurzaamheidsparagraaf onder beheer van DGBC. “We zien een toenemende aandacht voor duurzaamheid in de taxatiesector. Het TMI kan taxateurs nu opleiden in het gebruik van haar nieuwe versie van de paragraaf en kan het TMI hierop betere data-analyses uitvoeren. Daarnaast willen wij dat taxatiesoftware wordt gekoppeld aan externe bronnen en de informatiebronnen van Koeter Vastgoed Adviseurs. Dan kunnen we een genormaliseerd energiegebruik vaststellen van commercieel vastgoed voor alle assetcategorieën.”

Financieringsbeslissingen
De vooruitgang wordt ook gewaardeerd wordt door de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB). Banken worden namelijk al geconfronteerd met deze situatie. Met het oog op de energielabel C-verplichting voor kantoren kiezen enkele banken er individueel voor om de duurzaamheidsparagraaf voor kantoren te verplichten. “Inzicht in de duurzaamheidsprestaties van vastgoed is voor banken een relevant element om financieringsbeslissingen te nemen die helpen in het realiseren van klimaatdoelstellingen,” aldus Michiel Kuiper van de NVB.

Publiekelijk beschikbaar
De duurzaamheidsparagraaf, die is opgesteld vanuit de brede samenwerking van DGBC en partners, is voor het eerst volledig geïntegreerd in taxatiesoftwaresysteem KATE. De duurzaamheidsparagraaf is daarnaast ook publiekelijk beschikbaar gesteld. Vandaar dat deze te benaderen is via www.duurzaamheids-score.nl. Erik Schlooz: “Wij zijn van mening dat de duurzaamheidsparagraaf voor elke taxateur en vastgoedeigenaar in Nederland beschikbaar moet zijn. Door data rechtstreeks uit verschillende bronnen op te halen, geven we snel inzicht in de duurzaamheidsparameters. Ook kan de eigenaar de resultaten van zijn gebouw opslaan in het digitale gebouwenpaspoort van Property Pass.”

Duurzaamheid de standaard
Met de duurzaamheidsparagraaf wordt duurzaamheid steeds meer een standaard bij het uitvoeren van een taxatie. Door het uitvoeren van meer taxaties met inzicht in de duurzaamheidsparagraaf worden meer referenties opgebouwd. Die referenties zijn nodig om onderzoek te doen naar de impact van duurzaamheid op de waarde. Als het bewijs toeneemt dat duurzaamheid financieel loont, dan kan dat een enorme duw in de rug zijn om te investeren in duurzaam vastgoed en daarmee het behalen van de Klimaatdoelstellingen. Daarnaast is het integreren van duurzaamheid in vastgoedtaxaties ook een acties uit het Klimaatakkoord (2019).

Meten en sturen op werkelijk energiegebruik

Gepubliceerd op

Er is een uniforme rekenmethode ontwikkeld die is het mogelijk maakt gebouwen snel te beoordelen op het werkelijke energiegebruik. staat voor De Werkelijke Energie intensiteit indicator, kortweg WEii, maakt inzichtelijk wat een gebouw per vierkante meter per jaar aan energie gebruikt. Gebouweigenaren en -gebruikers krijgen zo direct inzicht in de werkelijke energieprestaties van hun pand in relatie tot gelijkwaardige panden in hun sector, in plaats van een theoretisch inzicht. Daarnaast ontstaat direct een beeld van hoe ver ze verwijderd zijn van de Parijse klimaatdoelstellingen of zelfs een energieneutraal gebouw.

De ambitie van het Klimaatakkoord is een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen in 2050 met 95% ten opzichte van 1990. Voor utiliteitsgebouwen wordt voor het realiseren van deze doelstelling vooral ingezet op het vaststellen van een wettelijke eindnorm voor de energetische kwaliteit van gebouwen in 2050. Daarom moet bijvoorbeeld nieuwbouw voldoen aan de BENG-norm, die is vastgesteld aan de hand van de methode NTA 8800. In de praktijk blijkt er echter een mismatch te zijn tussen het werkelijke energiegebruik van gebouwen en het energiegebruik dat verwacht wordt op basis van een theoretische berekening. WEii is, in tegenstelling tot BENG, ontwikkeld om wel inzicht te geven op de werkelijke energie-intensiteit van gebouwen.

Paris Proof-aanpak
WEii is een initiatief van DGBC en TVVL. Beide organisaties zijn overtuigd van het belang van meten op werkelijk energiegebruik. En ze werken dan ook al volgens dat principe: DGBC introduceerde in 2017 de Paris Proof-aanpak en TVVL is de initiator van WENG (Werkelijk EnergieNeutraal Gebouw). Die twee doelstellingen voor gebouwen zijn nu verwerkt tot scores op de WEii-ladder, die loopt van heel onzuinig via Paris Proof tot WENG.

Voor en door de markt
WEii is ontwikkeld voor en door de markt. Diverse overheidsinstanties en gezaghebbende marktpartijen hebben de afgelopen jaren in allerlei vormen meegewerkt aan de ontwikkeling van de rekenmethode, van TNO tot E-Nolis en van DWA tot het Rijksvastgoedbedrijf. Daarnaast is er voor de methode al interesse onder handhavers. Bijvoorbeeld omgevingsdiensten kunnen WEii gebruiken om de energieprestaties van gebouwen snel en correct in beeld te brengen en daarop te handhaven.

Eenvoudig en laagdrempelig
Martin Mooij is als programmamanager namens DGBC bij de ontwikkeling van WEii betrokken. Hij ziet grote kansen als het gaat om de toepasbaarheid van de tool. “Het is echt eenvoudig, je hoeft geen techneut te zijn om dit in te vullen.” Dat is volgens hem van groot belang, omdat de energietransitie ‘voor iedereen begrijpelijk moet zijn’. Daarom blijft hij ook hameren op het meten op het werkelijke energiegebruik: “Het is toch niet meer uit te leggen dat een gebouw een goed energielabel heeft, maar toch te veel energie gebruikt. Het theoretische en gebruik in de praktijk is met WEii direct terug te brengen tot één eenheid: het werkelijke energiegebruik.”

Nieuwe tool berekent invloed ventilatie op besmettingskans via aerosolen

Voor de derde maal heeft het Masterplan Ventilatie een gratis tool ontwikkeld die professionals helpt de ventilatie in gebouwen te ...
Verder Lezen

Cijfers en tabellen over energiegebruik en -besparing nu online

Kennisinstituut ISSO heeft een nieuwe versie ontwikkeld van het nu online te raadplegen ‘Energiecijfers en -tabellen’. Voorheen was dit werk ...
Verder Lezen

Quickscan ventilatie in scholen is beschikbaar

De Quickscan ventilatie in scholen is beschikbaar gekomen. Het is de tweede tool van Masterplan Ventilatie. Met deze quickscan kunnen ...
Verder Lezen

Masterplan gebouwventilatie in de maak

Goede ventilatie in gebouwen helpt verspreiding van het coronavirus tegengaan. Maar wanneer is een gebouw goed geventileerd? Verschillende experts in ...
Verder Lezen

Vooral dankzij verduurzaming blijft omzet Bosch in pandemietijd stabiel

Gepubliceerd op

Ondanks de pandemie van het coronavirus handhaafde Bosch Thermotechnology in 2020 zijn omzet op het niveau van het voorgaande jaar: 3,5 miljard euro. Aan de productzijde droegen vooral de trend naar elektrificatie en de uitbreiding van de activiteiten op het gebied van airconditioners en warmtepompen bij aan het succes. Jan Brockmann, voorzitter van de Bosch-divisie Thermotechnology: “Met onze producten voor verduurzaming, elektrificatie en digitalisering hebben wij een bijdrage geleverd aan de energietransitie in de bouwsector. Hiermee zullen we winstgevend blijven groeien.”

Elektrische toepassingen winnen steeds meer aan belang als technologisch pad in de verwarmings- en airconditioningssector, omdat ze energie bijzonder efficiënt gebruiken en omzetten. Daarom kondigde Bosch Thermotechnology in 2019 aan 100 miljoen euro te investeren in de uitbreiding van zijn warmtepompactiviteiten, met een focus op eenvoudig te installeren systeemoplossingen. “Deze investering en een aanzienlijke toename van het aantal medewerkers hebben ons een duidelijke stap voorwaarts gebracht: in 2020 noteerden we al een groei van 22,5 procent in warmtepompen in de hele EU, en in Duitsland groeide de warmtepompactiviteit zelfs met 48 procent. In 2021 zullen we blijven investeren in onze warmtepompactiviteiten en hier vooral ook in de opleiding van onze klanten om hen te helpen de sprong naar elektrificatie te maken. Dit zal onze groei versnellen en de mate van elektrificatie en dus CO2-reductie van huishoudens vergroten”, legt Jan Brockmann uit.

Regionale strategie
Met ontwikkelingscentra in Tranås (Zweden) voor Noord-Europa, in Wernau (Duitsland) voor Centraal-Europa en in Aveiro (Portugal) voor Zuid-Europa is Bosch Thermotechnology goed gepositioneerd om de Europese markt voor residentiële warmtepompen, die het grootste deel van de wereldmarkt uitmaakt, te bedienen. Om tegemoet te komen aan de verschillende eisen van de klanten, volgt de onderneming een regionale strategie in de EU met productassortimenten die zijn afgestemd op de betreffende regio en die succesvol is gebleken: in Noord-Europa, de meest volwassen warmtepompmarkt, vertegenwoordigt deze verwarmingstechnologie meer dan 90 procent van de markt. De nadruk ligt daar op optimalisatie van de prestaties.

Systeembenadering
In Centraal-Europa ligt de focus op de systeembenadering. Hier wil Bosch vooral groeien met warmtepompen in combinatie met ventilatiesystemen en met de Bosch Energy Manager voor geoptimaliseerd stroomverbruik in huis. Voor Zuid-Europa is het belangrijk om het portfolio uit te breiden met goedkope productalternatieven. Daartoe heeft Bosch Thermotechnology in 2020 een joint venture opgericht met Electra Industries Ltd. Electra Industries, met het hoofdkantoor in Rishon (Israël), is goed gepositioneerd op de Israëlische HVAC-markt. Het bedrijf heeft ervaring op het gebied van onderzoek en ontwikkeling en momenteel ongeveer 300 mensen in dienst. De twee partners zijn voornemens samen te werken bij de ontwikkeling en productie van omkeerbare warmtepompen. Naast zijn eigen productportfolio zal Bosch Thermotechnology van de nieuwe joint venture een warmtepompenportfolio betrekken dat speciaal is toegesneden op de Midden- en Zuid-Europese markt. De joint venture is bedoeld om de twee partners te helpen de kansen te grijpen die zich voordoen in de snel groeiende markt voor omkeerbare warmtepompen.

Elektrificatie
“Onze visie is om de huizen in Europa te elektrificeren - met regionaal aangepaste warmtepompen en hybride apparaten die het beste van twee werelden bieden. In alle regio's hechten wij bijzonder veel belang aan een eenvoudige installatie voor onze handelspartners en een eenvoudige bediening voor onze eindklanten. Wij bieden systeemoplossingen voor bestaande en nieuwe gebouwen die alle gebruikssituaties dekken en begeleiden onze klanten op hun weg naar elektrificatie met een breed scala aan ondersteunende diensten”, aldus Jan Brockmann.

Waterfstof
De overschakeling op klimaatneutrale systemen is een essentieel onderdeel van de EU Green Deal die alle EU-landen tegen 2050 CO2-neutraal moet maken. Voor een CO2-neutraal energiesysteem is het onontbeerlijk om de verwarmingsmarkt volledig in beschouwing te nemen, aangezien een groot deel van de uitstoot hier zijn oorsprong vindt. Bosch Thermotechnology zet in op multi-technologische oplossingen die - parallel met elektrificatie - waterstof (H2) als milieuvriendelijke energiedrager van de toekomst beschouwen. Waterstof is gemakkelijker op te slaan dan elektriciteit en kan worden gedistribueerd via het bestaande gasnet. “Voor een CO2-neutraal energiesysteem hebben we naast elektrificatie ook een waterstofstrategie voor de verwarmingsmarkt nodig. Verbrandingstoestellen zullen de komende decennia belangrijk blijven, en daarom investeren wij nu al in een H2 Ready portfolio. Wij zijn duidelijk voorstander van een multi-technologie-aanpak en zijn voorbereid op elke weg om de klimaatdoelstellingen te bereiken”, zegt Jan Brockmann.

H2 Ready-ketel
Om de mogelijke toepassingen op de verwarmingsmarkt te demonstreren, presenteerde Bosch Thermotechnology in november 2020 het prototype van een nieuw wandverwarmingstoestel, de H2 Ready-ketel, aan een internationaal publiek in zijn vestiging in Worcester in het Verenigd Koninkrijk. De nieuwe cv-ketel kan aanvankelijk werken op conventioneel aardgas of een waterstofbijmenging tot 20 procent. Zodra het lokale netwerk is overgeschakeld op waterstof, kan de cv-ketel binnen een uur worden omgeschakeld op volledig gebruik van zuivere waterstof door slechts enkele aanpassingen uit te voeren. Het eerste veldtesttoestel draait sinds september 2020 op zuivere waterstof in een eengezinswoning in Groot-Brittannië. De introductie van de eerste H2 Ready HR-ketel in het Verenigd Koninkrijk is gepland voor 2022 als onderdeel van een door de overheid gefinancierd demonstratieproject, en verdere openbare demonstratieprojecten op grote schaal zullen volgen.
Praktijktest in Nederland
In Nederland voert Bosch Thermotechnology ook de eerste praktijktests uit met betrekking tot het gebruik van waterstof in de verwarmingssector, waaronder het Uithoorn-project. Samen met steke partners zoals Nefit Bosch bouwde de netbeheerder Stedin het aardgassysteem van woningen om op waterstof. Bestaande installaties worden zo gebruikt om te testen welke aanpassingen moeten worden gedaan om verwarmingssystemen en aardgasnetten voor te bereiden op volledig gebruik van waterstof.

Industriële boilers op waterstof
Bosch Thermotechnology biedt ook al industriële boilers aan die werken op 100% waterstof of die H2 Ready zijn, d.w.z. aanvankelijk op aardgas werken maar later kunnen worden omgebouwd om pure waterstof te gebruiken. Eind 2020 leverde Bosch Industrial een nieuwe H2 Ready-ketel voor industriële toepassingen die in de toekomst een zagerij in Wunsiedel (Duitsland) van thermische energie zal voorzien. Bosch Thermotechnology levert zo ook een bijdrage aan de klimaatbescherming in de industriële sector.

Brandstofcel op waterstof
Voor een duurzame energievoorziening is Bosch bovendien bezig met de ontwikkeling van de solid oxide brandstofcel (SOFC), die ook met waterstof kan werken. In 2024 willen Bosch en zijn samenwerkingspartner Ceres Power uit Horsham (VK) beginnen met de serieproductie van gedecentraliseerde energiecentrales op basis van SOFC's. Bosch mikt op een productiecapaciteit van ongeveer 200 megawatt per jaar. Dit is genoeg om ongeveer 400.000 bewoners van elektriciteit te voorzien. Bosch zal enkele honderden miljoenen investeren in de geplande serieproductie. De productie zal plaatsvinden op de locaties Bamberg en Homburg alsmede op de locatie Wernau van Bosch Thermotechnology en de ontwikkeling zal plaatsvinden in Stuttgart-Feuerbach en Renningen (Duitsland).

Groeimarkt airconditioning
In het kader van de elektrificatie van de bouwsector zal Bosch Thermotechnology ook zijn gamma van energie-efficiënte airconditioning-units voor huishoudelijk gebruik en voor de commerciële sector uitbreiden. Deze units werken efficiënt als ze niet alleen voor koeling worden gebruikt, maar als lucht/lucht-warmtepompen ook voor verwarming. Dit is een gangbare toepassing in kleinere eengezinswoningen of flats in warmere streken zoals Zuid-Europa of Azië en voor commerciële VRF-systemen (variabele koelmiddeldoorstroming) in alle streken, bijvoorbeeld in hotels en winkelcentra. In veel regio's van de wereld - intussen ook in Centraal-Europa - is airconditioning onmisbaar in woongebouwen en commerciële panden om een aangenaam en gezond temperatuurniveau in het gebouw te creëren. “Met onze airconditioners willen wij een bijdrage leveren aan gezondheid en welzijn en tegelijkertijd ook een duurzame bijdrage leveren aan de CO2-besparing in deze bedrijfstak”, legt Jan Brockmann uit. Airconditioning is een wereldwijde groeimarkt, goed voor twee derde van de totale HVAC-markt en kent een hogere marktgroei dan de segmenten verwarming en sanitair warm water. “Ons doel is om onze positie in de airconditioningsector in beide segmenten aanzienlijk te versterken en ook hier de motor te zijn voor energie-efficiënte technologieën”, benadrukt Jan Brockmann.

Digitale diensten met focus op de comfortbeleving
De coronapandemie met lockdowns en uitreisbeperkingen heeft de mogelijkheden van de digitale transformatie duidelijk aangetoond. Daarom zijn digitale services en online klantenondersteuning twee gebieden waarin Bosch Thermotechnology fors investeert. De focus van de uitbreiding ligt op comfortbeleving. Het bedrijf biedt installateurs en handelspartners zoals planners, projectontwikkelaars en architecten digitale oplossingen en diensten die hun werk vergemakkelijken: van het digitale Partner Portal tot online trainingen en van technologiefora voor bijscholing tot grote digitale evenementen. “Onze ervaring in 2020 heeft aangetoond dat digitalisering nieuwe kansen voor ons opent. Het is belangrijk dat we geen standaardoplossingen gebruiken, maar ons digitale aanbod afstemmen op de individuele behoeften van onze verschillende klantgroepen. We zijn overspoeld met inschrijvingen voor sommige van onze online opleidingen. Onze klanten waarderen het dat wij hen veilige en tegelijkertijd innovatieve manieren van contact en interactie bieden. Juist in tijden waarin persoonlijke contacten sterk aan banden worden gelegd, biedt de uitbreiding van onze digitale diensten ons de mogelijkheid om onze sterke merken nog sterker te maken en nog beter te verankeren in het klantenbewustzijn”, aldus Thomas Bauer, lid van de directie en verantwoordelijk voor verkoop en marketing.

Installatiebedrijven positief over omzet

Ondernemers in de bouwketen zijn positiever over de omzetontwikkeling dan aan het begin van de coronacrisis. Nog maar één op ...
Verder Lezen

Bedrijven die gebouwen verduurzamen herstellen goed van coronacrisis

Ondernemers die huizen verduurzamen, hebben zich in november goed hersteld van de coronacrisis. Zo is de omzet van twee op ...
Verder Lezen

Stedin start proef met verwarmen van woningen op waterstof

In Uithoorn stroomt vanaf vandaag waterstof door het bestaande aardgasnet. Veertien sloopwoningen zijn gereed gemaakt voor tijdelijke verwarming met waterstof ...
Verder Lezen

Warmtepompen met aanvoertemperatuur tot 68 ℃

Nefit Bosch introduceert acht nieuwe bodemwarmtepompen van 22 tot 80 kW, geschikt voor zowel grote woningbouw, gestapelde bouw als utiliteit ...
Verder Lezen

Gasloos renoveren met warmtepomp en convectoren

Gepubliceerd op

NIBE en Jaga organiseren op donderdag 15 april samen een gratis webinar waarin de mogelijkheden worden besproken om bestaande woningen gasloos te maken, of in stappen voor te bereiden op een gasloze toekomst, door toepassing van (hybride) warmtepompen in combinatie met laag temperatuur convectoren.

Woningcorporaties in Nederland staan de komende decennia voor de enorme uitdaging om meer dan twee miljoen bestaande rijwoningen en galerijwoningen gasloos te maken. En ook zijn steeds meer particuliere woningeigenaren en VvE’s op zoek naar haalbare en betaalbare oplossingen om van het aardgas af te stappen. Wordt de cv-ketel daarbij vervangen door een warmtepomp, dan moeten vaak ook de bestaande radiatoren worden vervangen door een lage temperatuur afgiftesysteem. Vloerverwarming is dan een mogelijkheid, maar dat is in bestaande bouw niet makkelijk te realiseren.

Onderwerpen
In het gratis webinar zullen onder meer de volgende onderwerpen aan bod komen:
-overzicht NIBE warmtepompen en Jaga laagtemperatuurconvectoren;
-verwarmen met een lage aanvoertemperatuur: zo werkt het;
-mogelijkheden van (passieve) verkoeling met de warmtepomp en laagtemperatuurconvectoren;
-waarborgen van voldoende warmtapwatercomfort zonder cv-ketel;
-combinatie warmtepomp en laagtemperatuurconvectoren slim regelen;
Verder komen aan de orde aandachtspunten zoals:
-Past de warmtepomp wel in de beschikbare ruimte?
-Krijgen huurders/bewoners minimaal het comfort als ze gewend zijn?
-Hoe zit het met het geluid van een warmtepomp?
-Kunnen huurders/bewoners blijven of moeten ze tijdelijk verhuizen?
Ook financiële aspecten zoals investering, onderhoud, energiegebruik, monitoring en TCO zullen de revue passeren. Verder zullen enkele referentieprojecten worden besproken waarin warmtepompen zijn toegepast in combinatie met Jaga LT-convectoren.

Aanmelden voor dit gratis webinar kan via: https://lnkd.in/ge8uQvK

Van ´damper-flapper’ naar smartregeltechniek

Sinds de uitvinding van de ‘damper-flapper’ om kolenkachels aan te sturen, is er veel gebeurd. Vlak na de introductie van ...
Verder Lezen

Voor het eerst een jaren 70 woonwijk op waterstof

In het Groningse Wagenborgen wordt een jaren 70 woonwijk aangesloten op een waterstofnetwerk. Van de 40 aangeschreven bewoners heeft bijna ...
Verder Lezen

Veilig en gezond een duurzame toekomst in

Een jong bedrijf met een duurzame ambitie. WARP Systems in Nieuwkoop heeft groen bloed. Door de dunste watergedragen vloer-, wand ...
Verder Lezen

Bestendig voor de toekomst

We zijn op weg naar de verkiezingen van de Tweede Kamer in 2021. Het kan u bijna niet ontgaan zijn ...
Verder Lezen

Vooral jongeren hebben ambitie om hun woning te verduurzamen

Gepubliceerd op

Ondanks dat het energielabel verplicht is sinds 2008, weten vier van de tien Nederlanders niet welk energielabel hun woning heeft. Generatie X en babyboomers weten vaker dan millennials niet wat hun energielabel is. De jongere generatie is niet alleen beter op de hoogte van het energielabel, ze zijn ook veel vaker van plan om het label in het komende jaar te verbeteren. De lage energierekening is voor de meeste Nederlanders die willen verduurzamen, ermee bezig zijn of dit hebben gedaan (62%) de drijfveer om te verduurzamen en het energielabel te verbeteren. Dat blijkt uit onderzoek van online consumentenadviseur Pricewise onder 1.000 respondenten, in samenwerking met onafhankelijk veldwerkbureau Panel Inzicht.

Ondanks de grote onwetendheid over het eigen energielabel, geeft 61% van de Nederlanders wel aan te weten hoe het energielabel verbeterd kan worden. Vooral Nederlanders met een laag energielabel (B t/m G) weten hoe het energielabel te verhogen is, vergeleken met mensen met een hoog energielabel (A). Babyboomers hebben ondanks onwetendheid over hun eigen energielabel wél de meeste kennis van de manieren waarop ze het energielabel kunnen verhogen. Volgens Tomas Bleker, energiespecialist bij Pricewise, hebben babyboomers ook meer financiële middelen om verduurzaming te verwezenlijken. “Desondanks zien we dat vooral jongeren, met name millennials, de ambitie hebben om zo snel mogelijk te verduurzamen. Met de financiële regelingen vanuit de overheid zal verduurzaming de komende jaren in alle generaties normaal en mogelijk zijn.”

Terugverdientijd verduurzaming voor velen te lang
Bleker vindt het dan ook niet gek dat de meeste Nederlanders die niet van plan zijn om te verduurzamen, dit niet doen vanwege financiële redenen (41%). Niet alleen kosten voor verduurzaming spelen een rol: de te lange terugverdientijd van de verduurzaming is voor 28% van de Nederlanders doorslaggevend om hun woning niet te verduurzamen. Bleker: “In eerste instantie zien veel mensen ervan af vanwege de lange terugverdientijd en kosten. Zo zijn zonnepanelen bijvoorbeeld pas rendabel na zo’n acht jaar bij doorgaans zes tot tien zonnepanelen, afhankelijk van de ligging en het aantal zonuren. Toch levert verduurzaming van je woning je hoe dan ook iets op. Je huis wordt beduidend meer waard als het een energielabel A draagt. Als je weet welk energielabel jouw woning draagt, worden de mogelijkheden om te verduurzamen en daarmee nog meer te besparen op de energierekening pas duidelijk. Het is daarom niet alleen belangrijk om je energie te vergelijken en te kijken of het goedkoper kan, maar het is ook belangrijk te kijken naar waar de energie verloren gaat. Zo blijft jouw energierekening het laagst.”

Voor het eerst een jaren 70 woonwijk op waterstof

In het Groningse Wagenborgen wordt een jaren 70 woonwijk aangesloten op een waterstofnetwerk. Van de 40 aangeschreven bewoners heeft bijna ...
Verder Lezen

Analyse programma’s politieke partijen op duurzaamheid en gebouwde omgeving

In de programma’s van de politieke partijen voor de komende Tweede Kamerverkiezingen wordt vooral aandacht gevraagd voor het transformeren van ...
Verder Lezen

Betuwse camping voorzien van veilig en duurzaam watergebruik

Sinds Rob en Sophie de camping De Betuwe Hoeve in Ommeren zo’n 5 jaar gelden hebben overgenomen, hebben ze er ...
Verder Lezen

Hybride oplossing

In Venlo vindt een indrukwekkende transformatie plaats. Wat ooit een drukbezocht postkantoor was, wordt nu omgetoverd in een heus museum ...
Verder Lezen

Test met opwekking én opslag van duurzame energie in pilotwoning

Gepubliceerd op

Een geïntegreerd systeem voor PV-thermische energieopwekking met seizoensgebonden energieopslag. In Helmond bouwen studenten van de TU EIndhoven samen met woningcorporatie Woonbedrijf en bouwbedrijf Hurks een pilotwoning met dit systeem.

Brainport Smart District moet de slimste wijk ter wereld worden. In dit deel van de Helmondse wijk Brandevoort worden allerlei nieuwe technieken en inzichten toegepast om een duurzame en mooie leef- en werkomgeving te creëren. Studenten van de Technische Universiteit Eindhoven (Team CASA) bouwen hier samen met woningcorporatie Woonbedrijf en bouwbedrijf Hurks een woning (CASA 1.0) met technologie die door de studenten is bedacht. Het project ontvangt subsidie vanuit Europa, de provincie Noord-Brabant en het ministerie van EZK. Doel is om een alternatief voor sociale huurwoningen te bouwen dat Comfortable, Affordable en Sustainable Alternative (CASA) is. Bedenker en teammanager Antoine Post: “In deze pilot testen we de juiste dimensionering van bouwkundige en installatietechnische technieken met als doel deze voor toekomstige woningbouw te kunnen opschalen.”

Installatietechniek
In de woning met drie appartementen worden verschillende bestaande technieken samengevoegd, veelal gebaseerd op vernieuwende technologieën. Op installatiegebied komt er een systeem voor de opwekking én opslag van duurzame energie. Het systeem is opgebouwd uit bestaande componenten die echter op een unieke manier worden geïntegreerd ten behoeve van verwarming, koeling en ventilatie. Zonne-energie wordt via het PV-thermische dak (PV-panelen met onderliggend buizenstelsel) opgewekt om de woning te verwarmen en van elektriciteit te voorzien. Het opgewarmde water wordt opgeslagen in een enorme tank (100.000 liter) onder de woning. Zo kan er in de winter warmte onttrokken worden om het gebouw energieneutraal te verwarmen en van warm tapwater te voorzien. “Het water wordt door een warmtepomp opgewarmd tot 75 graden Celsius en blijft door de grote buffer minimaal 30 graden. Mocht de temperatuur toch daaronder komen, dan kunnen we met de warmtepomp bijverwarmen”, zegt Post. Door het energiesurplus van de zomer ‘s winters te gebruiken, worden piekbelastingen van het elektriciteitsnet voorkomen.

Componenten en monitoring
Flamco levert verschillende componenten van dit systeem, zoals een Flexcon Premium expansievat met 15 jaar garantie, energiebesparende XStream lucht- en vuilafscheiders, buffervaten, mengvaten, vul- en tapkranen, filters, flowsensoren en beveiligingen. Ook de energiemeters die de thermische prestaties van het systeem (opslag en verbruik) monitoren, komen van deze fabrikant. De data kan op afstand worden uitgelezen via Flamconnect Remote Rervice. Daarmee heeft de installateur real time inzicht in en controle over de conditie van het systeem. Zo kan hij pro-actief op (storings)meldingen reageren en die op afstand verhelpen.

Blijven leren
De woning is begin mei 2021 klaar. Het grote appartement op de begane grond (60 m2) betrekt Post zelf, ook om uit eerste hand te kunnen evalueren. “Wij hebben redelijk vertrouwen in het systeem, want het zijn vertrouwde componenten. We testen in de praktijk wat wij berekend hebben, want de systeemintegratie is nieuw. Mocht het nodig zijn, dan kunnen we de dimensionering aanpassen. Maar het project is nu al geslaagd, want we hebben veel geleerd.”

Mag het een graadje lager?

Om legionellagroei te voorkomen is een minimumtemperatuur van het warme water vereist van 60 oC in collectieve installaties en van ...
Verder Lezen

Hybride oplossing

In Venlo vindt een indrukwekkende transformatie plaats. Wat ooit een drukbezocht postkantoor was, wordt nu omgetoverd in een heus museum ...
Verder Lezen

Thermische laadstations vervangen boilers in flatgebouw

Solide Vastgoed Beheer vervangt in de Groningse Vondelflat 164 grote boilers door de compacte FlexTherm Eco toestellen van Flamco. De ...
Verder Lezen

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

Voor het eerst een jaren 70 woonwijk op waterstof

Gepubliceerd op

In het Groningse Wagenborgen wordt een jaren 70 woonwijk aangesloten op een waterstofnetwerk. Van de 40 aangeschreven bewoners heeft bijna iedereen inmiddels toegezegd mee te willen doen. Met dit project willen de initiatiefnemers aantonen dat waterstof, naast restwarmte, groen gas en all-electric, één van de oplossingen voor aardgasvrij wonen is.

Het gebruik van waterstof voor het verwarmen van bestaande oudere woningen is een techniek die wereldwijd nog in de kinderschoenen staat. In opdracht van Groninger Huis isoleert Energiewacht voor aanvang van de aanleg van de waterstofleiding deze huizen tot energielabel niveau B. De woningen worden verwarmd met een hybride warmtepomp van Intergas, die wordt onderhouden door Energiewacht. Deze hybride warmtepomp draait zoveel mogelijk op duurzaam opgewekte stroom en op koude momenten wordt waterstof gebruikt. De woningen krijgen zonnepanelen en de bewoners gaan inductiekoken. Het project wordt daarnaast mogelijk gemaakt door een lokaal agrarisch bedrijf waar het waterstof wordt geproduceerd en opgeslagen. Met dit project doen de deelnemende partijen essentiële ervaringen op voor de energietransitie.

Bewoners hebben de belangrijkste stem
“Onze bewoners hebben ervoor gezorgd dat het project echt door kan gaan”, vertelt directeur-bestuurder van Groninger Huis Laura Broekhuizen. “We hebben veertig woningen uitgekozen, de bewoners persoonlijk uitleg gegeven over het project en wat het voor hen betekent en gevraagd of ze mee willen doen. Wij zijn er echt trots op dat we voldoende deelname hebben en zo samen bijdragen aan een duurzame toekomst.” Groninger Huis werkt in Wagenborgen ook mee aan een ander project: Nieuwborgen.net. Dit project biedt de overige huurders en eigenaren de mogelijkheid over te stappen op groen gas.

Lange termijn verkenningen
Het gaat in Wagenborgen om het eerste waterstof woonproject van Nederland in een jaren 70 woonwijk. “Met deze pilot in een oudere woonwijk doen we, samen met bewoners en de deelnemende partijen, ervaring op hoe we woningen met behulp van waterstof het beste kunnen verduurzamen waarbij we zoveel mogelijk gebruikmaken van de bestaande gasleidingen”, vertelt Sybe bij de Leij, innovatiemanager bij Enexis Groep.
Wethouder duurzaamheid Meindert Joostens van de gemeente Eemsdelta: “De gemeente Eemsdelta is positief over het project en we werken daaraan graag mee. Dit is belangrijk voor de lange termijn verkenningen in de zoektocht naar nieuwe energievormen. Voor een succesvolle energietransitie is draagvlak van inwoners heel belangrijk. Daarom verheugt het ons dat al 30 gezinnen zich voor de pilot hebben aangemeld. Samenwerking tussen diverse partijen en bewoners is hierin de sleutel tot succes.”

De potentie van waterstof
Duurzaam geproduceerde waterstof is CO2-neutraal. De toepassing van waterstof in de gebouwde omgeving lijkt veel potentieel te hebben, maar moet nog verder onderzocht worden. Met de productie, distributie en het gebruik van waterstof is nog geen grootschalige ervaring opgedaan. De netbeheerders pleiten er daarom voor om tot 2030 in te zetten op de ontwikkeling en het gebruik van waterstof in de industrie en in een aantal projecten in de gebouwde omgeving.

Waterstof als onderdeel van energietransitie
Het afbouwen van het aardgasverbruik komt de komende jaren in een stroomversnelling. Daarbij wordt gestreefd naar het aardgasloos maken van 200.000 woningen per jaar, bijvoorbeeld door over te gaan op groen gas, een elektrische warmtepomp (hybride of all-electric) of een warmtenet. In de toekomst kan waterstof een aanvulling zijn op dit palet aan mogelijkheden. Het gezamenlijk opdoen van ervaring is hierbij essentieel. Dit gaat verder dan alleen de gasnetbeheerders, maar raakt ook leveranciers van toestellen, veiligheidsinstanties, gemeenten en andere overheden. Bij de uitwerking van het Klimaatakkoord is de inzet van waterstof voor de netbeheerders een belangrijk aandachtspunt.

Op weg naar waterstof: ketels voor wisselende gasmengsels

Met het oog op de enorme reductie van CO2-uitstoot die nodig is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, is ...
Verder Lezen

De energietransitie: waterstof

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga van het bedrijf Feenstra is ...
Verder Lezen

All-electric of waterstof?

All-electric of waterstof? Beide routes naar verduurzaming hebben felle voor- en tegenstanders. Maar is er ook een tussenweg mogelijk? Professor ...
Verder Lezen

“Waterstof zal Nederland veroveren”

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga (foto) van het bedrijf Feenstra ...
Verder Lezen

Analyse programma’s politieke partijen op duurzaamheid en gebouwde omgeving

Gepubliceerd op

In de programma’s van de politieke partijen voor de komende Tweede Kamerverkiezingen wordt vooral aandacht gevraagd voor het transformeren van kantoren tot woningen. De coronacrisis, plus het nijpend tekort aan woningen in Nederland lijkt een nieuw politiek licht te schijnen op de verduurzaming van de utiliteitsbouw. Dutch Green Building Council analyseerde de verkiezingsprogramma’s van de dertien zittende politieke partijen op de thema’s duurzaamheid en gebouwde omgeving.

Als het om de gebouwde omgeving gaat, valt vooral de woningnood op. In acht van deze dertien bestudeerde verkiezingsprogramma’s wordt geopteerd voor het ombouwen en transformeren van leegstaande kantoren tot woningen, als antwoord op de woningnood in Nederland. Een prima uitgangspunt volgens DGBC, al is wel de vraag hoeveel utiliteitsgebouwen er nog beschikbaar zijn voor die transformatie.

Duurzaamheid gebouwen
Verder wordt door een aantal politieke partijen eisen gesteld aan de duurzaamheid van de gebouwen, zoals betere isolatie en eigen energie-opwek met zonnepanelen. Dit gaat echter niet veel verder dan de huidige wetgeving. Een partij die wel verregaande ambities heeft, is de Partij voor de Dieren. Die partij heeft het meest concrete verduurzamingsprogramma voor bedrijfsgebouwen. En een helder doel: 65% minder energiegebruik en energieneutraal in 2030. Dat heeft zelfs sterke overeenkomsten met Paris Proof, het plan van DGBC om de gebouwde omgeving te verduurzamen.

Energielabels uit de gratie
Bij de vorige verkiezingen in 2017 hadden veel partijen de energielabelplicht voor kantoren in 2023 nog prominent opgenomen in de verkiezingsprogramma’s. Deze energielabels lijken uit de gratie: slechts bij een paar partijen komt het energielabel aan de orde. VVD wil geen verplichte labelsprongen meer voor woningen, SGP wil vooral kijken naar de werkelijke energieprestatie. Een weg die DGBC al is ingeslagen met WEii (Werkelijke Energie intensiteits indicator), een rekentool om een gebouw op werkelijk energiegebruik te beoordelen.

Stimulerende maatregelen
Overheidsmaatregelen zoals de SDE++ en de Milieu investeringsaftrek worden gezien als logische manieren om verduurzaming te stimuleren. DGBC ziet dat ook terug in Breeam-NL waar deze stimulansen goed werken om snel stappen te maken. Wel wil PvdA de huidige stimuleringsregeling Duurzame Energie beter benutten. VVD ziet kansen om de Milieu Investeringsaftrek beter geschikt te maken voor het thema circulaire economie.

Materialenpaspoort op de agenda
De circulaire economie heeft, zeker bij de partijen met een groene klimaatagenda, een prominente plek gekregen in de verkiezingsprogramma’s. D66, GroenLinks, Partij voor de Dieren en ChristenUnie stellen voor het materialenpaspoort in te voeren. PvdA stelt voor het rijksprogramma Circulaire Economie uit te breiden. Concrete doelen waarmee de partijen naar een volledig circulaire (bouw)economie toewerken zijn nauwelijks terug te vinden in de programma’s, of worden geschaard onder de CO2-doelstellingen. Daar valt volgens DGBC nog wel wat terrein te winnen.

Naar Parijs of niet?
PVV en Forum voor Democratie willen dat Nederland haar steun aan het Klimaatakkoord opzegt. Aan de andere kant zijn vier partijen die de Parijse klimaatdoelen eerder willen bereiken: GroenLinks, Partij voor de Dieren, D66 en SP. “DGBC hoopt en verwacht dat de politieke partijen na de verkiezingen hun verantwoordelijkheid nemen om de weg naar de klimaatdoelen te versnellen. De klimaatverandering is nu al alarmerend, nog meer CO2-uitstoot maakt het probleem alleen maar groter”, zegt Annemarie van Doorn, directeur van DGBC.

“Er zijn méér technici nodig op alle opleidingsniveaus”

In de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen wijst Techniek Nederland voorzitter Doekle Terpstra de politiek op het belang van het ...
Verder Lezen

Analyse programma’s politieke partijen op duurzaamheid en gebouwde omgeving

In de programma’s van de politieke partijen voor de komende Tweede Kamerverkiezingen wordt vooral aandacht gevraagd voor het transformeren van ...
Verder Lezen

“Bevorder technisch vakmanschap”

Metaalunie roept de overheid op om slim produceren te stimuleren, te zorgen voor eenduidige regels en minder regeldruk, de rekening ...
Verder Lezen

Belangstelling uit politiek voor betaalbare overstap op warmtepomp

Vorige week bezocht een D66-delegatie van Tweede Kamerleden en een plaatselijke wethouder de Helmondse wijk Rijpelberg. Ze verwijderden daar symbolisch ...
Verder Lezen

Gebufferd regenwater voedt groen dak

Gepubliceerd op

In Londense wijk Chalk Farm is een groen-blauw dak toegepast op twee woningen. Een blauw dak, ook wel retentiedak genoemd, slaat water op wanneer het regent en geeft dit gecontroleerd terug. Het concept is bedacht om kostbare grondstoffen niet verloren te laten gaan, maar vooral ook om de grote toevloed van regenwater af te remmen en dus wateroverlast te voorkomen. Gecombineerd met een groendak of daktuin, wordt het gebufferde regenwater gebruikt om het groene dak te voeden.

Tony Brown, National Technical Manager bij Renolit Cramlington, fabrikant van de dakafdichtingsbanen die gebruikt zijn in dit project: “De banen zijn flexibel en inzetbaar op alle soorten ondergronden. Dit groen-blauwe dak staat garant voor een geoptimaliseerd regenwatermanagement, aangenamere binnentemperaturen – en dus energiebesparing op airconditioning – en ook een betere geluidsisolatie. De milieuvriendelijke toepassing levert een maximaal energievoordeel, waardoor het project hoog scoort op vlak van ecologische duurzaamheid en bijdraagt aan een betere levenskwaliteit.”

Volledig recycleerbaar
Toegepast is een volvlakkig verkleefde dakbaan in combinatie met een sedum groendaksysteem. ACO was verantwoordelijk voor het waterretentiesysteem en de watervertragende modules voor de blauwe daken. De dakbanen hebben een levensduur van meer dan 40 jaar, wat bevestigd wordt in het BBA rapport over deze dakbanen. Ze zijn volledig recycleerbaar en bevatten bovendien een belangrijk aandeel gerecycleerd materiaal. Een dakbaan vereist minder onderhoud en minder interventies na installatie. In het geval van een dergelijke delicate combinatie van een blauw dak met een groendak zouden de kosten anders hoog kunnen oplopen.

Hemelwater afvoeren bij gebouwen met gecombineerd gebruik

Bij gebouwen met gecombineerde functies worden steeds hogere eisen gesteld aan functionaliteit, brandveiligheid en vandaal-bestendigheid van dakafvoeren- en leidingsystemen. Hoe ...
Verder Lezen

Europa’s duurzaamste drijvende woonwijk

Amsterdam-Noord herbergt sinds kort de duurzaamste drijvende woonwijk van Europa. Het betreft de waterwijk Schoonschip met drijvende houten huizen, verbonden ...
Verder Lezen

Afvalwater levert energie op in nul-op-de-meter wijk

KAW-architecten heeft een wijk van 31 nul-op-de-meter woningen ontworpen aan de rand van Groningen, genaamd Rietoevers. In het project zijn ...
Verder Lezen

Utrechtse studenten bouwen betaalbaar duurzaam huis

Een team van zestig studenten van de Hogeschool Utrecht bouwt momenteel aan het huis van de toekomst. De studenten maken ...
Verder Lezen

‘Ook tijdens koude week draaide warmtepomp als een zonnetje’

Gepubliceerd op

De afgelopen week stond de warmtepomp vanwege het koude weer extra in de belangstelling. Dit vanwege de vraag of een warmtepomp het wel warm zou kunnen krijgen. Nu het koudefront weer op zijn retour is, reden voor Itho Daalderop om één van haar klanten aan het woord te laten over de prestaties van de WPU warmtepomp.

Nicolaas van Everdingen is eigenaar van adviesbureau Plushuis. Zijn bedrijf heeft meer dan 20 woningen (nieuwbouw en renovatie) naar all-electric en energieleverend gebracht. In enkele van deze woningen zijn de water/water-warmtepomp WPU en balansventilatie HRU van Itho Daalderop  geïnstalleerd. De WPU warmtepomp maakt gebruik van energie uit de bodem.

Gepassioneerd verduurzamer
Voordat een woning een Plushuis© genoemd mag worden, worden er verschillende aanpassingen gedaan aan de schil. Van Everdingen stelt een rapport op met te nemen maatregelen om de woning energieleverend en dus ‘Plus op de meter’ te krijgen. Als gepassioneerd verduurzamer houdt Nicolaas al geruime tijd de energieprestaties van alle Plushuizen bij. Afgelopen zomer, in de heetste week van het jaar, is door hem de #hetemeetweek in het leven geroepen. Nu we de afgelopen week weer eens echt winterweer hebben gehad, is de #koudemeetweek van start gegaan. Hierin is bijgehouden hoe de woningen presteren tijdens de kou. Dit filmpje van Van Everdingen geeft inzicht in de ‘machinekamer’ van het energiezuinigste Plushuis in Ede met een Itho Daalderop water/water warmtepomp van het type WPU.

Goede prestaties
In de grafiek hiernaast is het energiegebruik van de water/water-warmtepomp te zien en ter vergelijk een lucht/water-warmtepomp in een ander Plushuis. Alhoewel de woningen erg verschillen (nieuwbouw versus “vernieuwbouwde” jaren ’30 woning) is het interessant om te zien hoe de verschillende woningen het doen. De WPU scoorde eerder al het beste onder alle Plushuizen qua energiegebruik (en die woning kreeg dan ook het predicaat Energiezuinigste Plushuis© 2020. www.plushuis.nu/Wedstrijd_Plushuis_2020).
Tijdens de #koudemeetweek blijkt de WPU bijzonder goed te presteren (zie oranje lijn). In vergelijking met een lucht/water warmtepomp (blauwe lijn) valt op wat een enorm verschil in energieverbruik de woningen laten zien. De gemiddelde netbelasting door de WPU blijft met ca. 540 Watt ver onder het vermogen van ca. 1500 tot 2000 Watt dat netbeheerders in bestaande woonwijken per woning beschikbaar hebben. Bij de luchtwater-warmtepomp ligt dat met 1400 Watt duidelijk hoger.
In grafiek hiernaast is te zien dat de brontemperatuur netjes rond de 7-8 graden blijft liggen, wat conform verwachting is. Conclusie: de WPU die energie uit de bodem benut met een bron die gevuld is met zuiver water in plaats van met chemicaliën zoals glycol, draait het hele jaar als een zonnetje. Ook wanneer het buiten extreem koud is.

 

Fotograaf: Raimond Zoeter

Warmtepompboilers gebruiken lucht vanuit WTW

In Leiden worden de komende maanden honderden woningen voor studenten en ‘young professionals’ opgeleverd. Er worden ruim 550 warmtepompboilers geïnstalleerd ...
Verder Lezen

Duurzame woningen onderdeel van grootschalige aanpak woningtekort

In tien jaar tijd wil een coalitie van 34 organisaties een miljoen huizen bouwen. Ook is het de bedoeling om ...
Verder Lezen

Drukte bij installateurs: veel kleumende bewoners en kapotte cv-ketels

Nederland is in de greep van de winter en dat is te merken bij de verwarmingsbedrijven. Veel oudere cv-ketels en ...
Verder Lezen

Spraakgestuurde slimme thermostaat

Het Franse Netatmo introduceert de Slimme Modulerende Thermostaat op de Nederlandse markt. Gebruikers kunnen deze thermostaat spraakgestuurde opdrachten geven, op ...
Verder Lezen

Warmtepompboilers gebruiken lucht vanuit WTW

Gepubliceerd op

In Leiden worden de komende maanden honderden woningen voor studenten en ‘young professionals’ opgeleverd. Er worden ruim 550 warmtepompboilers geïnstalleerd. De betrokken adviseur en installateur gaven deze boilers een hele nieuwe functie.

De projectontwikkelaar van Leiden is Yours kwam in een vroeg stadium van de bouw voor een uitdaging te staan. Het opwarmen van het tapwater voor de complexen bleek lastiger dan gedacht. Kortom: de vraag veranderde, daarom nam de opdrachtgever een gespecialiseerd adviesbureau in de arm. Dat was VIAC. Zij gingen op zoek naar een installateur en een fabrikant die snel de juiste oplossing konden ontwikkelen die aan de specifieke vraag voor ‘Leiden is Yours’ voldeed.

Kleine kamers, op grote hoogte
“Als wij ergens komen, weten mensen dat we niet meteen zomaar gaan implementeren”, zegt Paul Vink, directeur bij VIAC. “Wij bekijken wat de uitdaging is en met wie wij die aangaan.” De technische uitdagingen die het Leiden is Yours-project zo interessant maken, hebben volgens hem te maken met de implementatie in kleine kamers, op grote hoogte.
In de complexen van het Leiden is Yours-project wonen straks meer dan 2000 studenten en young professionals. “Die moeten individueel van warm water worden voorzien, en het is onwenselijk om alle appartementen een grote installatie te geven”, zegt Vink. “Grotere installaties hebben namelijk méér energie nodig en kosten logischerwijs meer ruimte: ruimte die in de Leiden is Yours-appartementen spaarzaam is. Vaillant bleek te beschikken over warmtepompboilers die genoeg vermogen leveren om twee éénkamerappartementen van warm water te voorzien, maar klein genoeg zijn om tactvol weggewerkt te worden. De studentenkamers maken per twee appartementen gebruik van één boiler. Young professionals krijgen er één per appartement, omdat die groter zijn.

Niet voor de klus ontworpen
VIAC en Breman bedachten een manier om gebruikte lucht vanuit een warmteterugwinning (WTW) te gebruiken voor het verwarmen van het water. De boilers van Vaillant hebben een dermate hoog rendement dat ook relatief koude lucht, al vanaf -7 graden Celsius, gebruikt kan worden voor de verwarming. Er loopt namelijk een vorstvrije vloeistof door de boiler, die ‘warmte’ (ook bij lichte tot matige vriestemperaturen) aan de lucht onttrekt en later weer afgeeft. De technici van Breman bedachten samen met Vaillant een constructie waarin een WTW afvoerlucht (die al is afgekoeld) gebruikt voor de verwarming van water. De WTW koelt lucht en ventileert die naar de warmtepompboiler. Deze gebruikt die lucht vervolgens om het tapwater naar behoefte te verwarmen. Feitelijk gebruik je dus lucht die normaal gewoon naar buiten zou worden geblazen (opnieuw) als warmtebron.
Zo kan de energielevering voor Leiden is Yours volledig onafhankelijk van een stroomnet of leverancier gerealiseerd worden. De daken van de appartementen liggen vol zonnepanelen en ook de cv en warmwatervoorziening zijn duurzaam gemaakt. “Dat gaan we in de toekomst natuurlijk steeds meer zien”, zegt Vink. “De wetgeving is daar heel duidelijk over en met dit soort projecten laten we zien dat het kan.”

Opstelling bedenken
De praktische oplossing voor het grote Yours-project is grotendeels bedacht door Breman Zuid-Holland, de installateur van alle WTW installaties in ‘Yours’. Breman heeft de constructie die voor warm water zorgt ook geplaatst Zij namen de producten van Vaillant op in een geheelontwerp, omdat zij zagen dat het product zou werken voor de toepassing die VIAC en zij voor ogen hadden.
Het enige probleem: Breman moest aantonen dat het ontwerp werkte, met factoren die niet zomaar theoretisch berekend konden worden. Bij installatie in grote gebouwen, met lange leidingen en op grote hoogte, komen drukfactoren kijken die niet gemakkelijk zijn te berekenen of in te schatten. “Daarom bouwden we de volledige constructie in onze werkplaats alvast een keer op”, zegt Mark Dam van Breman, “Zo konden we direct meten of de theoretische berekeningen klopten. Daar zijn VIAC en Vaillant ook bij geweest. We konden meten dat de boiler zijn beloofde rendement behield, monitoren dat alles naar behoren werkte. Begin oktober 2020 plaatsten we de eerste opstellingen, die prefab uit de fabriek komen, ook op de bouwlocatie. Alles klopte. Daar ga je natuurlijk al vanuit, maar omdat het een nieuw concept is wil je toch in de praktijk zien dat het werkt!”

Volledig nieuw concept
VIAC, Breman en Vaillant kwamen in het Yours-project samen tot een geheel nieuw concept. Geen van de partijen was eerder betrokken bij een project waarbij deze bijzondere eisen (compact, hoogbouw, op individuele basis en kostenefficiënt) tot deze specifieke oplossing leidde. “Dat is een compliment waard naar alle partijen”, zegt Harry Lips, accountmanager bij Vaillant. “We stonden voor een uitdaging toen de vraag van de opdrachtgever eigenlijk ineens veranderde. De lucht die de warmtepompboiler moest gebruiken kwam niet van de corridor in de gebouwen, zoals in een eerdere fase van het project, maar vanuit de luchtafvoer van de WTW. Dat we daar met z’n allen dit nieuwe concept voor hebben ontwikkeld is uniek, en de kans is groot dat we deze oplossing in de toekomst vaker gaan zien.”
Ook Mark Dam, projectleider bij Breman, ziet kansen om de ontworpen constructie vaker toe te passen. “Dat ligt natuurlijk grotendeels bij de opdrachtgever. Maar er worden zoveel studentenwoningen gebouwd. Wij hebben met dit concept laten zien het mogelijk is om kleine appartementen met aparte warmtepompboilers van warmwater te voorzien. En ook nog op een duurzame manier.”

Vaillant Group zet in op forse vermindering van CO2-uitstoot

De Vaillant Group heeft een klimaatstrategie voor de lange termijn ontwikkeld om volledig klimaatneutraal te worden. De groep wil de ...
Verder Lezen

Warmtepompboiler met inverter compressor

LG Electronics kondigt een warmtepompboiler aan, aangedreven door een inverter compressor. Deze compressor bevordert snelle en effectieve verwarming van sanitair ...
Verder Lezen

Vaillant gaat installateurs certificeren met ‘Bewijs van Vakmanschap’

Vaillant gaat installateurs van cv-ketels certificeren met een ‘Bewijs van Vakmanschap’. Sinds 1 oktober 2020 is de Gasketelwet van kracht ...
Verder Lezen

Klachten warmtepompboiler: ‘Geen goede afstemming op bouwkundige situatie’

Het programma Radar behandelde de toepassing van warmtepompboilers in een oud kantoorpand. Het pand is op de begane grond is ...
Verder Lezen

Duurzame woningen onderdeel van grootschalige aanpak woningtekort

Gepubliceerd op

In tien jaar tijd wil een coalitie van 34 organisaties een miljoen huizen bouwen. Ook is het de bedoeling om bestaande woningen duurzamer te maken. Techniek Nederland is één van de organisaties achter deze Actieagenda Wonen. Voorzitter Doekle Terpstra: “Waar mogelijk worden woningen aardgasvrij gemaakt. Zo nodig kiezen we voor een tussenstap met hybride warmtepompen om op een later moment de woningen alsnog aardgasvrij te maken.”

Nederland komt nu al meer dan 330.000 huizen tekort. Wonen dreigt voor veel mensen onbetaalbaar te worden. Een hele generatie kan daardoor de aansluiting op de woningmarkt verliezen. De leefbaarheid in veel wijken gaat achteruit. Daar komt bij dat de verduurzaming van woonwijken niet snel genoeg op gang komt. Een coalitie van organisaties wil de problemen nu stevig aanpakken. Zij hebben daarom de Actieagenda Wonen opgesteld. De betrokken partijen zijn actief op het terrein van wonen, bouwen, zorg en welzijn. Ze vertegenwoordigen uiteenlopende belangen, maar slaan voor dit doel de handen ineen. De Actieagenda Wonen wordt breed gedragen en biedt oplossingen voor de komende tien jaar.

Verduurzaming
Verduurzaming is een cruciaal onderdeel van de Actieagenda Wonen. Voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland: “We willen jaarlijks 100.000 nieuwbouwwoningen voorzien van een duurzame energievoorziening. Zo krijgen veel Nederlanders een huis dat duurzaam én comfortabel is. Ook in de bestaande bouw voorziet de Actieagenda in grootschalige verduurzaming. Waar mogelijk worden woningen aardgasvrij gemaakt. In veel gevallen is dat nog niet mogelijk. Daar kiezen we voor een tussenstap met hybride warmtepompen. Zo halveren we het aardgasverbruik. Op een later moment worden de woningen dan alsnog aardgasvrij gemaakt.”

Minister voor Wonen
De partijen betrokken partijen bieden de Actieagenda Wonen nu al aan een volgend kabinet aan. De voorstellen zijn haalbaar als een nieuw kabinet actief bijdraagt en een aantal randvoorwaarden regelt, zo vindt het collectief. De partners van de Actieagenda Wonen vragen financiële steun, verbetering van investeringscondities, een aantal nieuwe beleidsmaatregelen en een actieve rol van het Rijk op de woningmarkt. Een minister voor Wonen moet de uitvoering van het plan coördineren, vinden de opstellers.

In een dag een woning inclusief installaties

Verschillende partijen uit de prefab bouwindustrie hebben de koppen bij elkaar gestoken om het woningtekort in Nederland aan te pakken ...
Verder Lezen

Overheid speelt sleutelrol om schade bouw te beperken

Op de lange termijn zal de bouw last krijgen van een dalende vraag, doordat zowel het producenten- als consumentenvertrouwen sterk ...
Verder Lezen

Spanning op woningmarkt neemt komende jaren toe

De maatregelen rond stikstof kunnen niet voorkomen dat de nieuwbouw van woningen op korte termijn terugvalt. Tegelijkertijd verwacht het CBS ...
Verder Lezen

Wet die versnelde besluiten over projecten mogelijk maakt door Eerste Kamer

De Eerste Kamer heeft ingestemd met de Invoeringswet Omgevingswet. Deze wet bundelt en vereenvoudigt de regels voor ontwikkelingen in de ...
Verder Lezen

Vaillant Group zet in op forse vermindering van CO2-uitstoot

Gepubliceerd op

De Vaillant Group heeft een klimaatstrategie voor de lange termijn ontwikkeld om volledig klimaatneutraal te worden. De groep wil de eigen CO2-uitstoot tegen 2030 met 50 procent verminderen in vergelijking tot 2018. Dit moet worden gerealiseerd door energie uit hernieuwbare bronnen te putten, het energiegebruik binnen productieprocessen en eigen gebouwen te reduceren en te investeren in een milieuvriendelijk wagenpark. Op dit moment is zo’n negentig procent van de uitstoot afkomstig van productielocaties en uitstoot van bedrijfswagens.

Sinds vorig jaar compenseert het bedrijf zijn resterende emissies al volledig door te investeren in bestaande bebossingsprojecten in Midden- en Zuid-Amerika. Daarnaast wil de Vaillant Group op lange termijn eigen bebossingsprojecten opzetten in de opkomende economieën. Het doel is om in 2030 genoeg nieuwe bosgebieden gecreëerd te hebben, om de noodzakelijke uitstoot van het bedrijf volledig te kunnen compenseren.

Volledig hernieuwbare energiebronnen
Norbert Schiedeck, CEO van de Vaillant Group, legt uit: “Met de nieuwe klimaatstrategie zal de Vaillant Group vanaf dit jaar de CO2-emissies die we genereren tijdens productieprocessen en bedrijfsactiviteiten volledig compenseren. We halveren de CO2-uitstoot tegen 2030, we schakelen over op energie uit hernieuwbare bronnen en zullen bebossingsprojecten ondersteunen en ontwikkelen. Om tegen 2050 volledig klimaatneutraal te zijn, is het absoluut noodzakelijk dat het gas- en elektriciteitsnet na 2030 geleidelijk wordt omgeschakeld op volledig hernieuwbare energiebronnen.”

Op weg naar waterstof: ketels voor wisselende gasmengsels

Met het oog op de enorme reductie van CO2-uitstoot die nodig is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, is ...
Verder Lezen

Duurzame waterkrachtprojecten profiteren van verkochte afscheiders

Flamco doneert voor elke XStream afscheider die het bedrijf in het eerste kwartaal van 2021 verkoopt, een bedrag aan twee ...
Verder Lezen

De energietransitie: waterstof

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga van het bedrijf Feenstra is ...
Verder Lezen

Nederlanders springen zuinig om met hun verwarming

Uit onderzoek van Jaga en Markteffect blijkt dat bijna de helft van de Nederlanders eerst warme kleding aantrekt als ze ...
Verder Lezen

Het registreren van duurzame gebouwen blijft toenemen

Gepubliceerd op

In 2020 is het aantal vierkante meter gebouwen dat is voorzien van een GPR Gebouw Certificaat met bijna 20% toegenomen tot 6,9 miljoen m2. Vastgoedeigenaren en -organisaties laten de mate van duurzaamheid van de panden in hun portefeuille steeds vaker vastleggen met dit certificaat.

Het meten en valideren van duurzaamheid met GPR Gebouw gaat verder dan het thema energiebesparing alleen. Een duurzaam gebouw is gezonder en comfortabeler voor gebruikers en is aanpasbaar aan veranderende wensen. Daarmee is het ook financieel voordeliger en meer rendement gevend, aldus stichting W/E adviseurs duurzaam bouwen, die het certificaat verstrekt.

Ontwikkeling zet door
Al ruim 5 jaar groeit het aantal vierkante meter gebouwen dat is voorzien van een GPR Gebouw Certificaat jaarlijks met dubbele cijfers. In totaal zijn nu gebouwen met een totaaloppervlak van bijna 7 miljoen vierkante meter voorzien van een GPR Gebouw Certificaat. Hierbij gaat het voor 84% om woningbouw en voor 16% om utiliteitsbouw.

Waardevol
W/E adviseurs duurzaam bouwen benadrukt dat organisaties met een GPR Gebouw Certificaten beter scoren in de duurzaamheidsbenchmark GRESB: de internationale benchmark die vastgoedfondsen beoordeelt op duurzaamheid. De wereldwijde duurzaamheidsstandaard GRESB erkent het GPR Gebouw Certificaat volwaardig, met full points.

Slim inzetten warmtepompen en warmtenetten maakt elektriciteitssysteem duurzamer

Het slimmer inzetten van warmtepompen en warmtenetten kan in theorie veel flexibele elektriciteitsvraag opleveren: in uren met weinig duurzame elektriciteit ...
Verder Lezen

‘Digitaal energielabel is geldverspilling en schiet doel voorbij’

De Tweede Kamer moet het amendement dat voorstelt om de aanvraag voor het energielabel digitaal te doen, niet aannemen. Gebeurt ...
Verder Lezen

Digitaal kennismaken met de toekomst van de branche

“Ik ben Sarah, ik ben zwanger en ik zet dus een kind op de wereld die in 2040 net volwassen ...
Verder Lezen

Winnaars ZEN-prijs bekend

De winnaars van de ZEN-prijs voor zeer energiezuinige nieuwbouwwoningen zijn bekendgemaakt. Dat gebeurde tijdens het online thuiscongres ‘BENG! Zo doe ...
Verder Lezen

Op weg naar waterstof: ketels voor wisselende gasmengsels

Gepubliceerd op

Met het oog op de enorme reductie van CO2-uitstoot die nodig is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, is het aannemelijk dat in de toekomst een mix van zowel energieopwekkers als energiedragers gebruikt gaat worden voor de verwarming van onze huizen en gebouwen. Denk aan elektriciteit, opgewekt door de zon en de wind, aardgas, maar ook hernieuwbare brandstofbronnen, zoals synthetisch methaan en waterstof geproduceerd zonder kooldioxide. De Duitse ketelfabrikant Viessmann is ervan overtuigd dat met name waterstof een sleutelrol zal spelen. ‘Het is de meest logische manier om de verwarmingsmarkt klimaatneutraal te maken.’

Uit een proefstudie van het Duitse energieagentschap (dena) blijkt bijvoorbeeld dat een mix van elektrische oplossingen, zoals warmtepompen en waterstof in de bouwsector de kosten van het energiesysteem tegen 2050 met ten minste €260 miljard zou kunnen verlagen. Door gebruik te maken van waterstof kan immers de bestaande gasinfrastructuur worden gebruikt en is minder uitbreiding nodig van elektriciteitsnetten en reservestroomcentrales. Bovendien maakt deze nieuwe brandstof het mogelijk om de CO2-uitstoot in zeer korte tijd aanzienlijk te verminderen. Het is al mogelijk om tot 20% waterstof toe te voegen aan aardgas in het net. Dit zou de uitstoot van broeikasgassen met ongeveer 7% per jaar kunnen verminderen.

Aan de voorkant inregelen
De komende jaren zullen zich echter nog kenmerken door een overgang. Deels aardgas, deels elektriciteit, deels waterstof, wellicht zelfs gas dat geïmporteerd wordt. Dat kan problemen opleveren, want afhankelijk van het soort gas dat wordt gebruikt, moet in een verwarmingsketel de mengverhouding met lucht worden aangepast. En daar is normaliter een monteur voor nodig.
Alle toestellen van Viessmann zijn daarom inmiddels uitgerust met lambda control. Deze technologie past de lucht-gasverhouding van het toestel meteen en automatisch aan. Viessmann biedt hiermee ook een oplossing voor installatiebedrijven die een groeiend tekort hebben aan monteurs. Lambda control zorgt bovendien voor schone verbranding en het beste rendement.
Kees de Haan Commercieel Directeur Viessmann Nederland: “Door aan de voorkant in te regelen dat wisselende gasmengsels voor onze apparatuur technisch geen probleem vormen, maken we woningen en gebouwen klaar voor de toekomst, ontlasten we installateurs die worstelen met een toenemend tekort aan goede technici en hoeven bewoners niet extra thuis te blijven voor een bezoek van de monteur."

H2ready condensatieketels
De technologie die nodig is om gebruik te maken van dergelijke aardgas-waterstofmengsels om gebouwen te verwarmen is al beschikbaar en in duizenden installaties in de markt in gebruik. De nieuwste gascondensatieketels van Viessmann, de Vitodens 200 en 300 en de Vitocrossal 100 en 200 worden al bediend met 20 tot 30% waterstof. Een team van ingenieurs en technici test op dit moment in het Viessmann Innovation Center ook ‘H2ready’ condenserende ketels voor gebruik met zuivere waterstof. Deze apparaten komen in de loop van 2024 op de markt.

Duurzame waterkrachtprojecten profiteren van verkochte afscheiders

Gepubliceerd op

Flamco doneert voor elke XStream afscheider die het bedrijf in het eerste kwartaal van 2021 verkoopt, een bedrag aan twee duurzame waterkrachtprojecten in Brazilië. De hoogte hiervan hangt samen met de jaarlijkse CO2-besparingen die de verkochte afscheiders opleveren. Deze besparingen worden door Flamco verdubbeld en vervolgens gedoneerd. Flamco verwacht enkele tonnen aan CO2-gelieerde besparingen te doneren.

Flamco XStream lucht- en vuilafscheiders besparen tot 15 procent energie en daarmee koolstofdioxide (CO2). Ze maken cv-installaties niet alleen efficiënter en rendabeler, maar beperken ook de uitstoot van dit broeikasgas. Op jaarbasis kan de CO2-besparing oplopen tot ongeveer 300 kg CO2-equivalent per huishouden, aldus de fabrikant. Deze CO2-besparing staat gelijk aan 20% van de CO2-uitstoot veroorzaakt door het jaarlijkse elektriciteitsverbruik van één huishouden.

VN-gecertificeerde projecten
Flamco bedacht een manier om de waarde van die CO2-besparingen significant te verdubbelen. De specialist in hydronic flow control vond een bijpassend doel in de vorm van twee kleinschalige waterkrachtprojecten in de Braziliaanse staat Rio Grande do Sul: SHP Engenheiro Ernesto Jorge Dreher (17,95 MW) en Engenheiro Henrique Kotzian (13,23 MW). Deze duurzame waterkrachtcentrales helpen de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Ze zijn als project door de UNFCCC (United Nations Framework Convention on Climate Change) gecertificeerd onder het Kyoto Protocol van de UN Climate Change Convention. Om deze projecten financieel te ondersteunen, zal Flamco van hen koolstofcertificaten kopen. Niet om daarmee de eigen CO2-uitstoot te compenseren, maar juist om de besparing met de afscheiders te verdubbelen.

CO2-besparing verdubbelen.

Ecologische winst
De twee projecten die Flamco ondersteunt zijn in velerlei opzichten duurzaam. Ten eerste wekken de centrales hernieuwbare energie op zonder negatieve milieueffecten doordat ze in tegenstelling tot thermo-elektrische centrales geen fossiele brandstoffen gebruiken. Ze hebben met hun kleine waterreservoirs van 0,83 en 0,66 km2 vrijwel geen significante milieueffecten in vergelijking met grote waterkrachtcentrales. Verder gebruiken ze natuurlijke beddingen om schade aan bodem, flora, fauna en de aanwezige waterbronnen te voorkomen.

Sociaal-economische duurzaamheid
Daarnaast dragen de twee projecten bij aan de regionale sociaal-economische vooruitgang en levenskwaliteit. Zo stimuleren ze de directe lokale banengroei, het onderwijs (vakopleiding en milieu-educatie) en de technologische ontwikkeling en infrastructuur. Ook zorgen ze voor een betrouwbare energievoorziening, extra (belasting)inkomsten en het aantrekken van nieuwe bedrijvigheid.

Slimme maatregelen om efficiënter te verwarmen

Het duurzaam verwarmen van de bestaande gebouwde omgeving en daarmee de CO2-uitstoot verlagen is een enorme uitdaging. Het energiegebruik moet ...
Verder Lezen

3-in-1 oplossing verwijdert lucht en vuil uit systeemwater

Spirotech introduceert de SpiroCross XC-M, een nieuwe oplossing voor hydraulische balancering, automatische luchtverwijdering en magnetische vuilafscheiding. Deze 3-in-1 oplossing helpt ...
Verder Lezen

Magneetfilters voor op de hoofdleiding

Rekon Installatietechniek, gespecialiseerd in systeemwaterkwaliteit, brengt een range magneetfilters van het Britse Adey op de Nederlandse markt. De grootste uit ...
Verder Lezen

Lucht- en vuilafscheider

De Herz lucht- en vuilafscheider van ontzinkingsbestendig messing, dient om slibdeeltjes en lucht te scheiden van verwarmings- en koelsystemen. Het is ...
Verder Lezen

De energietransitie: waterstof

Gepubliceerd op

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga van het bedrijf Feenstra is ervan overtuigd dat waterstof ook Nederland zal veroveren. Maar het is een weg die we nog met elkaar moeten verkennen. In Uithoorn werd onlangs een proef gestart met het inzetten van waterstof in bestaande (sloop)woningen. Woningen die eerder op aardgas werden verwarmd. Met positief resultaat. Een nieuwe toekomst voor de installateur?

De maandag na de Kerst spreken we Jan Wijbenga (61). “Het is even mails wegwerken na een lang weekeinde en dan nog een paar dagen vrij.” Als commercieel manager Noord-Oost is hij verantwoordelijk voor de zakelijke markt; denk aan woningcorporaties, vastgoedbeheerders, aannemers, etc. Hij is getrouwd, heeft drie volwassen kinderen en woont in Friesland. Een gedreven en energieke man met hart voor de energietransitie.

Experimenteren thuis
Het huis van Jan Wijbenga is een proeftuin van duurzame energietoepassingen. “Ik vind dat iedereen toegang moet hebben tot duurzame energie. Ook mensen met een kleine portemonnee. Dus ik experimenteer graag thuis. Wat is mogelijk tegen een beperkte prijs? Momenteel zet ik bijvoorbeeld in op infraroodpanelen waarmee ik gericht bepaalde ruimtes kan verwarmen. Natuurlijk is mijn huis extra geïsoleerd en liggen er voldoende zonnepanelen. Met als resultaat een nagenoeg volledige compensatie van elektra-verbruik en een sterke reductie van gasverbruik. Er is gewoon niet één oplossing voor de energietransitie. Dat is echt een illusie. We moeten met elkaar alle mogelijke opties verkennen en inzetten. We moeten experimenteren en vooruit kijken. En vergis je niet: het gaat sneller dan je denkt!” Dat weet hij ook vanuit zijn werk binnen Feenstra. “We willen vooraan lopen, meedenken en mee ontwikkelen. Maar we zorgen er wel voor dat we bij bewoners thuis oplossingen plaatsen, die bewezen zijn. We experimenteren graag met alle oplossingen die er zijn voor verduurzaming! Maar … in huizen waar mensen wonen moet het product dat we neerzetten gegarandeerd werken.”

Waterstof is de toekomst
Waterstof is één van die mogelijke oplossingen. Het leek eerst nog verre toekomst, maar het komt steeds dichterbij. De verwachting is dat vanaf 2030 waterstof steeds meer benut zal worden. Met het dichtdraaien van de gaskraan in Groningen is er juist in het Noorden van Nederland veel belangstelling voor deze brandstof. De drie noordelijke provincies en tientallen bedrijven willen het verlies aan werkgelegenheid door het stoppen van de aardgaswinning compenseren met investeringen in waterstof. Maar ook in andere delen van het land worden pilots opgestart. Het is niet alleen een kwestie van lef, maar ook doen. En dat is precies ook wat Wijbenga dacht toen het initiatief in Uithoorn voorbij kwam. “Als Feenstra willen we voorop blijven lopen. En dat betekent juist meedoen met nieuwe projecten.”

Uithoorn
Woningcorporatie Eigen Haard en netwerkbedrijf Stedin startten een waterstof-project en wilden in Uithoorn onderzoeken hoe waterstof in het bestaande aardgasnet in bestaande woningen kan worden toegepast. Er werd aan een aantal partijen gevraagd mee te doen. Feenstra wilde graag de al eerder opgedane kennis inzetten bij dit project en daarmee ook vergroten. Wijbenga: “Het ging om een aantal sloopwoningen; de perfecte plaats om dit met elkaar te verkennen. Door elke keer zo samen te werken, kunnen we kennis stapelen. Niet alleen binnen het bedrijf, maar ook in de keten.” Bij de overstap van aardgas naar waterstof werden de bestaande gasleidingen en verbindingen onderzocht, zowel in de straat als in de woningen. “Het verwarmen van de woningen gebeurde met speciale waterstof cv-ketels. Die worden inmiddels al door verschillende partijen ontwikkeld (o.a. Remeha en Nefit-Bosch) en juist met projecten als deze verder verbeterd. Waterstof vraagt om nieuwe kennis en vaardigheden van onze monteurs. En ook daarvoor gebruiken we de ervaringen in Uithoorn. Hoe kunnen we opleidingen en opleiders voeden op weg naar een toekomst met meer waterstof?”

Innoveren
Verschillende vormen van waterstof, maar voor Wijbenga is de opgave helder: “Natuurlijk moeten we kiezen voor de ‘groene’ waterstof; anders is het dweilen met de kraan open. En overigens is het goed te weten dat er bij de verbranding van waterstof geen CO2-uitstoot is. Geen mogelijkheid tot koolmonoxidevergiftiging dus.” De pilot in Uithoorn maar ook andere projecten in Nederland bewijzen dat het mogelijk is. Wijbenga: “Het zijn de eerste stappen. Maar we moeten blijven innoveren. Innoveren en experimenteren helpt ons om ervoor te zorgen dat wij gereed zijn voor de periode na 2030.Er wordt natuurlijk al veel ondernomen; want anders hadden we ook in Uithoorn geen stappen kunnen zetten. Maar er is meer nodig. Uit het project in Uithoorn komen vragen die we met elkaar moeten beantwoorden. Denk dan bijvoorbeeld aan wet- en regelgeving en de ontwikkeling van veiligheidsprotocollen en de opleidingen.”

Leeds
Is het dan een kwestie van de lange adem? Van de verre toekomst? Integendeel volgens Wijbenga. “Ik merk de interesse en het geloof in de energietransitie. Ik zie opleidingscentra schakelen op die nieuwe toekomst. En in Nederland zien we in de mobiliteit al mooie ontwikkelingen. “We zien steeds meer auto’s op waterstof rijden. Geweldig toch? Maar het is grootser… Dat heeft de stad Leeds in Engeland wel bewezen. Onder de noemer ‘project H21’ moeten hier via het oude aardgasnetwerk miljoenen huishoudens en bedrijven worden voorzien van schoon waterstof. In 2028 willen de initiatiefnemers in het noorden van Engeland van start gaan, om in 2050 te eindigen in Londen. De grootste energietransitie van het Verenigd Koninkrijk. Een project dat al vanaf 2017 loopt.”

Leren
Waterstof vergt andere kennis en skills. Maar het begin is al gemaakt. “Bij de Hanze Hoge School wordt kennis ontwikkeld en gedeeld met de vakmensen van de toekomst. Een docent benaderde me met een waterstof-katern. Mijn Feenstra collega’s van onze regionale opleidingscentra en ik hebben graag meegelezen. Het is een gespreksonderwerp onder monteurs merk ik; zij willen leren.” Wat zijn de aandachtsgebieden? Het gaat om kennis over waterstof , de andere manier van installeren en het ontwikkelen van en werken met nieuwe protocollen. “We hoeven niet op punt nul te beginnen. Dat is het mooie. We kunnen vanuit praktijk en theorie stappen zetten.” Wijbenga is enthousiast en dat zal hij blijven: “We gaan nieuwe wegen in en die ontdekkingstocht geeft spanning, kansen en prachtige vergezichten. Mooi toch! Ik werk er graag aan mee.”

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

All-electric of waterstof?

All-electric of waterstof? Beide routes naar verduurzaming hebben felle voor- en tegenstanders. Maar is er ook een tussenweg mogelijk? Professor ...
Verder Lezen

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

Opschalen: van BENG naar BELG

Het idee voor ChargeFreeHome ontstond bij grondlegger Henk van Houten toen hij zag wat een BENG-woning inhoudt en dat vergeleek ...
Verder Lezen

Warmtepomptrends

Vorige jaar maakte Nefit Bosch bekend 100 miljoen euro te gaan investeren in de verdere ontwikkeling van warmtepompsystemen. De technologiegigant ...
Verder Lezen

Leidse installateurs en mbo’ers gaan samen waterzijdig inregelen

Gepubliceerd op

Leidse installateurs brengen studenten van mboRijnland in de praktijk de kneepjes van het waterzijdig inregelen bij. Dat is het resultaat van een samenwerking tussen de gemeente Leiden, CIV Smart Technology, mboRijnland en lokale installatiebedrijven. De installateurs krijgen eerst een opleiding van een dag, waarna ze gecertificeerd zijn voor het waterzijdig inregelen. Vervolgens gaan ze samen met de studenten van de opleiding Technicus Engineering Installatietechniek aan de slag in Leidse woningen.

Waterzijdig inregelen is een techniek waarmee cv-installaties energiezuinig en efficiënt kunnen worden ingesteld. Iets wat in veel woningen op dit moment niet het geval is. Door de mbo-studenten mee te laten lopen met installateurs, krijgen zij het inregelen onder de knie. Het mes snijdt daarmee aan twee kanten: én Leidse woningen worden energiezuiniger én in de toekomst zijn er voldoende installateurs in de regio Leiden.

Pilotproject
Wijkambassadeurs Anton de Gruyl en Marius Ballieux hebben zich de afgelopen maanden ingezet om lokale installateurs te interesseren mee te doen aan een pilotproject. Marius Ballieux: “Dit is een unieke samenwerking voor zowel het mbo, de gemeente als de installateurs. mboRijnland heeft speciaal voor dit project de opleiding inhoudelijk aangepast. Het is echt geweldig dat zij daartoe bereid waren.”

Technisch personeel is schaars
Wethouder Fleur Spijker (energietransitie) is blij met dit initiatief: “Goed opgeleid technisch personeel is schaars. Tegelijkertijd is kennis over verwarmingsinstallaties in woningen en bedrijfspanden essentieel om de energietransitie goed vorm te geven. Hartstikke mooi dat deze samenwerking van de grond is gekomen.”

Foto: leerlingen mboRijnland, wijkambassadeur Marius Ballieux en wethouder Fleur Spijker (duurzame verstedelijking)

Meer informatie over het waterzijdig inregelen, de wijkambassadeurs duurzaamheid en de samenwerking met de installateurs is te vinden op www.gagoed.nl.

Kundig inregelen vereist

Het inzetten van duurzame warmte stopt niet bij de leveringsgrens. Er is een ware zoektocht gaande naar de meest geschikte ...
Verder Lezen

Slimme maatregelen om efficiënter te verwarmen

Het duurzaam verwarmen van de bestaande gebouwde omgeving en daarmee de CO2-uitstoot verlagen is een enorme uitdaging. Het energiegebruik moet ...
Verder Lezen

“Den Haag had waterzijdig inregelen al lang verplicht moeten stellen”

Minister Wiebes maakte afgelopen week bekend dat waterzijdig inregelen niet geplaatst wordt op de lijst met erkende maatregelen. Volgens de ...
Verder Lezen

87 miljoen euro voor energieadvies en kleine besparende maatregelen

Om eigenaren van koopwoningen te helpen minder energie te gebruiken, stelt het ministerie van Binnenlandse Zaken 87 miljoen euro beschikbaar ...
Verder Lezen

All-electric of waterstof?

Gepubliceerd op

All-electric of waterstof? Beide routes naar verduurzaming hebben felle voor- en tegenstanders. Maar is er ook een tussenweg mogelijk? Professor Ad van Wijk van de TU/Delft denkt van wel.

Ad van Wijk is een specialist op het gebied van energiesystemen. Hij pleit al geruime tijd voor een grootscheepse overstap op waterstof om zo een duurzaamheidstransitie te bewerkstelligen.

Waarom pleit u dan tegelijkertijd voor all-electric oplossingen?
“Het is geen kwestie van óf - óf, maar én - én. Een all-electric-economie sluit namelijk geen waterstof uit en omgekeerd ook niet. Je kunt waterstof omzetten in elektriciteit en andersom.”

Maar waarom zou je dat willen?
“Deze werkwijze biedt een aantal voordelen. Ten eerste is waterstof een ideaal, goedkoop opslagmedium. Beter en veel goedkoper ook dan de accu’s waarover we nu beschikken. Daarvoor worden zeldzame metalen gebruikt en ze verliezen veel energie bij langdurige opslag. Daarnaast biedt waterstof een ander belangrijk voordeel. Het is goedkoper om waterstof te transporten over lange afstanden dan elektriciteit.”

Tot nu toe hoor je protagonisten van de waterstofeconomie vooral pleiten voor de omzetting van lokale duurzame elektriciteit in waterstof. Dus gebruikmakend van windmolenparken in de Noordzee en pv-velden in Nederland. Waarom heeft u het dan plotseling over grote afstanden?
“Windmolenparken ver op zee zijn rendabel, maar onze Noordzee biedt onvoldoende ruimte om in onze behoeften te voorzien. En zonne-energie opwekken voor de omzetting in waterstof kan bijvoorbeeld in de Sahara met een veel hoger rendement plaatsvinden dan hier. Dus ik pleit voor én- én. Op deze wijze ga je uiteindelijk toe naar een mondiale energiemarkt, zoals we die nu ook al kennen voor gas en olie.”

Welke specifieke voordelen biedt waterstof voor de gebouwde omgeving?
“We lopen vooral in de bestaande bouw tegen grote problemen aan als we woningen willen verduurzamen met warmtepompen. Dat kan te maken hebben met het ruimtebeslag, de geluidsproductie en de extra kosten voor isolatie en een nieuw lt-afgiftesysteem. Bovendien wordt de salderingsregeling afgebouwd. Installeer je daarentegen een waterstofketel, dan hoef je alleen maar de bestaande aardgasgestookte cv-ketel te vervangen. Je kan ook kiezen voor een hybride oplossing, waarbij de warmtepomp het leeuwendeel van de verwarmingsvraag oppakt en de waterstofketel als achtervang functioneert en de productie van warm tapwater voor zijn rekening neemt. In beide gevallen heb je als bijkomende voordelen ook nog eens dat je minder aanpassingen aan het elektriciteitsnet hoeft te plegen, je gebruik kan maken van het aanwezig gasnet en ruimtes snel kan verwarmen als dat nodig is.”

En hoe zit het dan in de nieuwbouw?
“Daar is een all-electric systeem in de vorm van een warmtepomp een prima oplossing. Je kan namelijk al direct de ideale randvoorwaarden creëren, door de woningen goed te isoleren en het juiste lt-afgiftesysteem te installeren.”

Stel de bestaande bouw stapt massaal over op waterstofketels, kleven daar dan nog nadelen aan?
“Om het optimaal te laten renderen, moet je eigenlijk wel op wijkniveau de overstap maken, want er zijn aanpassingen nodig aan het gasnet. Daarnaast zijn er voorzieningen nodig voor de opslag van waterstof.”

In hoeverre laat de wetgeving het al toe om van Nederland een all-electric economie te maken met een waterstofinfrastructuur?
“Er zijn nog wel behoorlijke hobbels te nemen. De gaswet moet worden aangepast om het aardgasnetwerk te kunnen gebruiken. Ook zijn er extra veiligheidsprotocollen nodig voor de omgang met en het gebruik van waterstof in de gebouwde omgeving.”

Tot slot, we zitten nu in een soort tussenfase: welk advies zou u willen meegeven aan de installateur?
“Qua keteltechniek hoeft hij zijn kennis waarschijnlijk maar weinig bij te schaven. Houd gewoon de ontwikkelingen in de gaten en oriënteer je alvast op waterstofketels én warmtepompen. Op termijn verwacht ik een doorbraak.”

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

“Waterstof zal Nederland veroveren”

De energietransitie gaat niet over één oplossing. Waterstof is één van de oplossingen. Jan Wijbenga (foto) van het bedrijf Feenstra ...
Verder Lezen

Stedin start proef met verwarmen van woningen op waterstof

In Uithoorn stroomt vanaf vandaag waterstof door het bestaande aardgasnet. Veertien sloopwoningen zijn gereed gemaakt voor tijdelijke verwarming met waterstof ...
Verder Lezen

All-Electric: meer dan warmtepomp én vloerverwarming

Het lijkt erop dat de introductie van de NTA 8800 (BENG) leidt tot een blikvernauwing op het gebied van warmteafgiftesystemen ...
Verder Lezen

Hoofdkantoor Aalberts genomineerd voor duurzaamste gebouw

Gepubliceerd op

Het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control (Flamco en Comap) is genomineerd voor de Breeam Awards 2021. “De nominatie is een erkenning dat wij met onze ambities een van de duurzaamste kantoorgebouwen ter wereld realiseren”, zegt Henk Robers, Chief Operational Officer van Flamco. “Als we winnen, is ons pand ontwerptechnisch overeenkomstig Breeam-criteria een jaar lang het duurzaamste gebouw ter wereld.”

Het hoofdkantoor is genomineerd in de categorie Commercial Buildings - Design Stage, samen met vier andere gegadigden uit Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Een onafhankelijke jury heeft de shortlist samengesteld op basis van de hoogste Breeam-beoordelingsprestaties en de bijzonderheid van projecten.

Kansrijke prestaties
Flamco Group scoorde volgens de Breeam beoordelingsmethode met 90% uitzonderlijk hoog. Medio 2020 ontving Flamco Group het Breeam ‘Outstanding’ ontwerpcertificaat voor het nieuwe kantoorgebouw aan de Fort Blauwkapel in Almere. “Daarnaast is het gebouwontwerp bijzonder doordat het geheel energieneutraal is, zowel de gebouwgebonden als de gebruikersgebonden installaties”, licht Breeam-expert Tom Linneman van Linneman Bouw en Advies toe. Linneman, die Aalberts hfc begeleidt om zo duurzaam mogelijk te bouwen, heeft goede hoop dat zij door de combinatie van de hoge score en bijzonderheid wint.

Online prijsuitreiking
Breeam maakt duurzaam bouwen integraal meetbaar en is de meest gebruikte certificeringsmethode in Europa. De awards worden jaarlijks uitgereikt voor duurzame prestaties van gebouwen. De jurering vindt dit jaar, vanwege het coronavirus, online plaats. De prijsuitreiking staat gepland op 25 maart a.s. De oplevering van de nieuwbouw vindt plaats in juni 2021.

Foto: Artist impression van het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control. Fotocredit: Flamco B.V.

Nu ook Breeam-NL speciaal voor woningen

Ook voor het verduurzamen van bestaande woningen is er nu ook een speciale Breeam-NL beoordelingsrichtlijn beschikbaar. Breeam-NL In-Use Woningen is ...
Verder Lezen

Hoofdkantoor Flamco/Comap bij top duurzame gebouwen in Nederland

Het nieuwe hoofdkantoor van Aalberts hydronic flow control heeft het Breeam ‘Outstanding’ ontwerpcertificaat gekregen voor het nieuwe kantoorgebouw in Almere ...
Verder Lezen

 Groothandel Wasco klaar met uitbreiding distributiecentrum

Vier jaar na de opening van Wasco’s nieuwe distributiecentrum in Apeldoorn, is nu ook de uitbreiding hiervan gereed. In juni ...
Verder Lezen

Verzekeraar scoort met hoofdkantoor hoog op duurzaamheid

Het hoofdkantoor van verzekeraar Vivat heeft een hoge duurzaamheidsscore behaald bij de laatste Breeam-certificatie. Het gebouw behaalde drie sterren op ...
Verder Lezen

Econic en Itho Daalderop gaan samenwerken

Gepubliceerd op

Econic en Itho Daalderop hebben een samenwerkingsovereenkomst getekend over de levering van Itho Daalderop WPU water/water-warmtepompen. Naast de WPU maken de warmtepompvoorraadvaten WPV en de Booster warmtepomp deel uit van het contract. De samenwerking betekent voor klanten van Econic (woningeigenaren) meer mogelijkheden om te kiezen hoe zij hun woning willen laten verwarmen/koelen. Econic verhuurt de installaties aan de eigenaar van de woning als onderdeel van een verduurzamingspakket.

De WPU is een water/water-warmtepomp en maakt via een bodemlus gebruik van energie uit de bodem. Als voordelen van dit systeem noemt Itho Daalderop: het hoogste rendement in de markt, een met water gevulde bron, een uiterst stille werking, altijd passieve koeling beschikbaar en zowel in trapkastopstelling als gestapelde opstelling inzetbaar. De warmtepomp is standaard voorzien van monitoringsmogelijkheid.

Wasco en econic starten duurzame samenwerking

Wasco en econic gaan samenwerken. De bedrijven hopen zo hun gezamenlijke ambitie sneller te realiseren: duurzame oplossingen zo snel en ...
Verder Lezen

WTW-units met zoneringsoplossingen

Itho Daalderop voegt twee zoneringsoplossingen toe aan zijn HRU 400 WTW-units: de HRU 400 QuattroZone en HRU 400 DuoZone. Deze ...
Verder Lezen

Wasco en Aircovent intensiveren samenwerking

Vanaf eind januari verhuist Aircovent naar een nieuwe locatie in Rotterdam Noord om samengevoegd te worden met de Wasco-vestiging. Daarnaast ...
Verder Lezen

Nieuwe investeerder biedt Itho Daalderop en Klimaatgarant armslag voor groei

Gimv heeft haar meerderheidsbelang in Climate for Life Holding (Itho Daalderop en Klimaatgarant) verkocht aan Parcom. Hiermee komen de financiële ...
Verder Lezen

Slim inzetten warmtepompen en warmtenetten maakt elektriciteitssysteem duurzamer

Gepubliceerd op

Het slimmer inzetten van warmtepompen en warmtenetten kan in theorie veel flexibele elektriciteitsvraag opleveren: in uren met weinig duurzame elektriciteit kan een deel van de warmtesystemen tijdelijk pauzeren en in uren met veel elektriciteit uit zon en wind kunnen de warmtesystemen juist extra verwarmen. Dit kan in 2030 al 0.5 tot 1 GW tijdelijke flexibiliteit opleveren. Hiervoor moeten warmtepompen slim aangestuurd kunnen worden. Daarnaast moeten de juiste voorwaarden worden gesteld, zodat het slimmer inzetten van warmtesystemen (financieel) nog aantrekkelijker wordt voor eigenaren van deze systemen.

Dit blijkt uit het rapport 'Warmtetransitie en Energiesysteem', dat TenneT samen met een aantal marktpartijen heeft opgesteld in het kader van het E-TOP programma. Hieronder een samenvatting van dit rapport.

Toenemende flexibiliteit door weersafhankelijke bronnen
Flexibele vraag wordt steeds belangrijker in het elektriciteitsnet en -systeem. Het maakt meer CO2-reductie mogelijk, door zoveel mogelijk gebruik te maken van beschikbare elektriciteit uit zon en wind op de momenten dat die er volop is, en zo weinig mogelijk op de uren waarop gascentrales de meeste elektriciteit produceren. Ook kan flexibele vraag bijdragen aan snellere verduurzaming door piekbelasting af te vlakken als de capaciteit van het elektriciteitsnet dreigt te worden overschreden.
In 2030 is landelijk een groot vermogen aan nieuwe flexibiliteit nodig, vele gigawatts aan flexibele elektriciteitsvraag en opslag. Deze flexibiliteit is nodig om variabele opwek uit zon en wind maximaal te gebruiken in uren van overvloed, en de elektriciteitsvraag te verlagen in uren zonder elektriciteit uit zon en wind. Daarmee kan bijvoorbeeld de CO2-uitstoot van gascentrales verder worden verlaagd. Van belang is de keuze voor warmtesystemen die flexibel kunnen worden gestuurd.
Aan de andere kant kan het toepassen van inflexibele warmtesystemen op koude dagen leiden tot een hoge piek in de elektriciteitsvraag. Als dat samenvalt met een week met weinig elektriciteit uit wind- of zonneparken, dan kan dit veel elektriciteit vragen uit back-up centrales .

Slim aansturen draagt bij aan betaalbaarheid en CO2 reductie
Het piekvermogen kan lager worden als we de warmtepompen slim kunnen aansturen. Een warmtepomp kan tijdelijk terugschakelen, terwijl een goed geïsoleerde woning nog enige tijd voldoende warm blijft. Hybride warmtepompen zijn nog flexibeler omdat deze bij elektriciteitstekorten tijdelijk kunnen terugvallen op gas. Zo wordt de piekvraag naar elektriciteit verlaagd en blijven woningen warm.
Maar er gaan ook dagen komen met een overvloed aan elektriciteit uit zon en wind, meer dan de elektriciteitsvraag. Dan kunnen warmtenetten met elektrische boilers en warmteopslag een belangrijke rol spelen. De warmteopslag wordt gevuld zodat deze duurzame energie op een volgende dag duurzaam woningen kan verwarmen.
Deze regelbare (flexibele) elektriciteitsvraag voor warmte draagt bij aan CO2 reductie door zoveel mogelijk de elektriciteit te gebruiken in uren met overvloedige wind en zon, en zo min mogelijk in de uren met grotendeels gasgestookte elektriciteit.
Dit helpt om de energierekening van consumenten in de toekomst niet hoger te maken dan nodig. Dit voordeel kan door een contract met flexibele prijzen met de leverancier of een korting bij het ter beschikking stellen van flexibiliteit. Deze voordelen zijn de eerstkomende jaren nog klein maar groeien richting 2030 en blijven groeien met meer elektriciteit uit zonne- en windparken. Aan de andere kant leiden inflexibele elektriciteitsvraag of warmtesystemen met een hoog piekvermogen juist tot additionele kosten voor netverzwaring en back-up vermogen voor koude winterweken zonder zon of wind. Warmtesystemen worden voor vele jaren geïnstalleerd en daarom loont het om flexibele opties vooraf te stimuleren.

Samenwerking
Op dit moment worden plannen voor het verduurzamen van warmte en elektriciteit nog los van elkaar bedacht. Het is van belang dat de kansen voor flexibiliteit in het elektriciteitssysteem gaan meetellen in de klimaatplannen. In het Klimaatakkoord is het belang van een slimme regeling voor warmtepompen en andere nieuwe stroomverbruikers zoals laadpalen al opgenomen.

Versnellen van de energietransitie
De studie 'Warmtetransitie en Energiesysteem', waar verschillende partijen aan hebben bijgedragen, is uitgevoerd in het kader van het E-TOP programma. Dit programma is eind 2019 gelanceerd om samen met partners en stakeholders in het energiesysteem te werken aan het versnellen van de energietransitie. Het E-TOP programma bestaat uit een jaarlijks evenement waarin de dialoog wordt gezocht met de verschillende stakeholders in het energiesysteem. Aansluitend zijn er twee werkgroepen aan de slag gegaan om twee verschillende thema’s nader uit te diepen. De eerste werkgroep is aan de slag gegaan met het onderwerp Flexibiliteit en Warmte in de Gebouwde Omgeving. De tweede werkgroep met het onderwerp Elektrificatie en het Toekomstige Vraagprofiel. Dit rapport is opgesteld door TenneT, met inbreng van  deze eerste werkgroep. Deze bestond uit experts uit energiebedrijven, netbeheerders, techniek en installatie-branche en kennisinstellingen

Elektrisch of waterstof?

De installatiebranche toonde het afgelopen jaar veel innovatiedrang om de gewenste transitie naar een duurzamere samenleving te bewerkstelligen. Op die ...
Verder Lezen

Aardbevingsbestendig wonen

Het project De Hamplaats komt voort uit de ‘Versterkingsopgave Groningen’ naar aanleiding van de opgelopen aardbevingsschade. Het betreft 24 woningen, ...
Verder Lezen

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

Prefab huis met PVT-panelen als bron voor een warmtepomp

In het Tilburgse natuurgebied Drijflanen staat een duurzaam prefab huis met PVT-panelen als bron voor een warmtepomp. Het is genomineerd ...
Verder Lezen

Wasco en econic starten duurzame samenwerking

Gepubliceerd op

Wasco en econic gaan samenwerken. De bedrijven hopen zo hun gezamenlijke ambitie sneller te realiseren: duurzame oplossingen zo snel en toegankelijk mogelijk in de markt zetten. econic verwijst installatiepartners voortaan door naar Wasco, technische groothandel in verwarming, sanitair, airconditioning, ventilatie en onderdelen.

Commercieel directeur Xander Hagens tekende de overeenkomst namens Wasco. “Wij hebben een enorme duurzame ambitie. Daarom werken wij ook graag samen met bedrijven die dezelfde of vergelijkbare ambities hebben. econic is zo’n bedrijf. We kiezen voor elkaar omdat we vertrouwen hebben in wat we samen kunnen realiseren. De energietransitie versnellen, of in ieder geval waarmaken.”

Duurzame oplossingen voor iedereen
Om ervoor te zorgen dat duurzame oplossingen voor iedereen beschikbaar worden, werkt econic samen met strategische partners. Zij maken afspraken met onder andere projectontwikkelaars, investeringsmaatschappijen, woningbouwverenigingen en particulieren over het verduurzamen van nieuwe of bestaande woningen. Namens econic tekende COO Jan-Willem van Wensem de samenwerkingsovereenkomst. “Een overeenkomst met Wasco was voor ons een logische keuze. Wij zoeken partijen die ons kunnen helpen de CO2-emissie te verlagen. Om dat te bereiken, willen we duurzame oplossingen zo snel en toegankelijk mogelijk in de markt zetten. Door afspraken te maken met een groothandel als Wasco en diverse fabrikanten, zorgen we ervoor dat de prijzen behapbaar worden, waardoor de markt sneller kiest voor onze duurzame producten en oplossingen in plaats van niet-duurzame alternatieven.”

Wasco en Aircovent intensiveren samenwerking

Vanaf eind januari verhuist Aircovent naar een nieuwe locatie in Rotterdam Noord om samengevoegd te worden met de Wasco-vestiging. Daarnaast ...
Verder Lezen

Met prefab sneller werken zonder schade

In de hectiek op de bouwplaats gaat weleens iets mis. Heel logisch, maar je kunt de doorlooptijd en de faalkosten ...
Verder Lezen

Wasco breidt assortiment ventilatie uit met homecare systemen

Per 1 januari 2021 is het ventilatie-assortiment van BUVA verkrijgbaar via Wasco. Tot nu toe had BUVA een rechtstreeks distributiebeleid ...
Verder Lezen

 Groothandel Wasco klaar met uitbreiding distributiecentrum

Vier jaar na de opening van Wasco’s nieuwe distributiecentrum in Apeldoorn, is nu ook de uitbreiding hiervan gereed. In juni ...
Verder Lezen

WELL-certificaat voor voorwandsysteem

Gepubliceerd op

Het Prevista inbouwreservoir is bekroond met een 4-sterrenlabel voor gebruik in woonomgevingen en een 6-sterrenlabel voor gebruik in openbare omgevingen. Het reservoir onderscheidt zich door een zeer gering waterverbruik en uitstekende hygiëne.

De Europese sanitair-armaturenindustrie heeft onder de paraplu van de VDMA, het onafhankelijke classificeringsysteem WELL ontwikkeld. Er wordt getest of sanitairproducten, zoals armaturen en reservoirs, zoveel mogelijk rekening houden met een laag watergebruik, gecombineerd met een hoog gebruikscomfort onder hygiënische omstandigheden.

Gering waterverbruik
Voor inbouwreservoirs staat het efficiënte watergebruik volgens de WELL-criteria voorop. Hiertoe worden de reservoirs getest op onderhoudsvrije werking bij geringere spoelwaterhoeveelheden. Het Prevista inbouwreservoir van Viega heeft bij een volledige spoeling van de toiletpot conform EN 997 de hoogste waterefficiëntie. Daardoor kreeg het in de categorie ‘Home’ de hoogste score. De maximale score behaalde het Viega inbouwreservoir in dit segment ook omdat de spoeling eenvoudig en zonder gereedschap op kleinere hoeveelheden kan worden ingesteld: van 3,5 tot 7,5 liter volume bij de volledige spoelhoeveelheid en van 2 tot 4 liter bij een deelspoeling.

Maximale score bij hygiëne
Voor de toepassing ‘Public’ bij de WELL-certificering gelden twee aanvullende hygiënecriteria. Zo wordt ook beoordeeld of voor het inbouwreservoir contactloze bedieningsplaten worden geleverd en of een automatische hygiënespoeling bij gebruiksonderbrekingen mogelijk is. De bedieningsplaten uit de series Visign for Style, Visign for More en Visign for Public, worden gecombineerd met het Prevista voorwandsysteem en omvatten contactloze varianten.
Daarnaast wordt optioneel een automatische spoelmogelijkheid bij gebruiksonderbrekingen geboden. Hiermee werd bij de WELL-juryleden het maximale puntenaantal behaald. Bovendien geldt als onafhankelijk bewijs dat het Viega voorwandsysteem zich in openbare omgevingen onderscheidt met een uitstekende hygiëne.

Hoe creëer je een veilige en comfortabele badkamer?

Catherine Keyl heeft het eerste exemplaar in ontvangst genomen van de whitepaper ‘De levensloopbestendige badkamer’. De co-productie van Viega en ...
Verder Lezen

Kunststof buishouders voor voorwandsysteem

Viega Nederland heeft het programma toebehoren voor het Prevista Dry Plus voorwandsysteem uitgebreid met kunststof buishouders. Met de buishouders zijn ...
Verder Lezen

Matzwarte wc-bedieningsplaten

Viega brengt de wc-bedieningsplaten uit het Visign for Style-programma nu ook in matzwarte uitvoering op de markt. Visign for Style ...
Verder Lezen

Aanraakvrije wc-bediening

De wc-bedieningsplaat TECElux Mini en wc-module TECElux heeft een aanraakvrije bediening. Besmetting en overdracht van bacteriën en virussen via de ...
Verder Lezen

Nu ook Breeam-NL speciaal voor woningen

Gepubliceerd op

Ook voor het verduurzamen van bestaande woningen is er nu ook een speciale Breeam-NL beoordelingsrichtlijn beschikbaar. Breeam-NL In-Use Woningen is de lokale variant van het internationale Breeam In-Use Residential, waarmee deze volledig toepasbaar is op de Nederlandse woonvoorraad.

Dankzij de holistische benadering van Breeam-NL wordt er verder gekeken dan alleen naar energiebesparing. Het beperken van het waterverbruik of een gezonde en comfortabele woning en aandacht voor materiaalstromen zijn eveneens belangrijke onderwerpen.

Asset en Beheer
Breeam-NL In-Use Woningen is toepasbaar voor grondgebonden woningen en appartementencomplexen. Het is mogelijk om Deel 1 Asset en Deel 2 Beheer te certificeren. Naast de gebouwcomponenten kan dus ook het beheer van de woningen op duurzaamheid getoetst worden.

Nieuwe categorieën
In de nieuwe beoordelingsrichtlijn zijn twee nieuwe categorieën geïntroduceerd, in de vorm van ‘Materiaalstromen’ en ‘Bestendigheid’. ‘Materiaalstromen’ stimuleert het behoedzaam en verantwoord gebruik van materialen, wat bijdraagt aan de transitie naar een circulaire economie. ‘Bestendigheid’ stimuleert het inzichtelijk maken van risico’s, zoals klimaat-gerelateerde risico’s, maar ook het beheren en minimaliseren van deze risico’s en de daaruit voortvloeiende impact. Hierdoor kunnen woongebouwen ook beter worden bewapend tegen bijvoorbeeld de gevolgen van klimaatverandering (zoals droogte, overstromingen en hittestress).

Integraal aan de slag
Thomas Heye, Senior Projectmanager bij Dutch Green Building Council: "Er ligt een omvangrijke verduurzamingsopgave van 7,5 miljoen bestaande woningen. Breeam-NL In-Use Woningen biedt concrete handvatten om met deze verduurzamingsopgave integraal aan de slag te gaan en tevens het leefklimaat van bewoners te verbeteren."

Webinar
Donderdag 28 januari organiseert DGBC in het kader van de lancering van Breeam-NL In-Use Woningen een introductie-webinar.

Remontabele houten huizen voorzien van vraaggestuurde ventilatie

Gepubliceerd op

Een huis dat comfortabel, gezond, circulair, energieneutraal, onderhoudsarm en levensloopbestendig is? Hiermee ging Bouw•Novum drie jaar geleden aan de slag. Het resultaat: een integrale woonoplossing met onder andere een zonneschoorsteen die voor natuurlijke ventilatie en een veel daglicht zorgt.

Sinds dit voorjaar staan de eerste woningen in Nijverdal. Comfortabel en gezond wonen smelt op een slimme manier samen met energiezuinigheid, circulariteit en levensloopbestendigheid. Enkele highlights: de houten woning is volledig remontabel gebouwd en aan te passen naar de verschillende levensfasen van de bewoners. Duurzaam wonen is onder andere gegarandeerd door zorgvuldig en beperkt grondstoffengebruik (detail: er is bijvoorbeeld gekozen voor kozijnloze beglazing), ontkoppelde bouw (drager en inbouw volledig gescheiden), lokale productie en prefabricage en een volledig gebruik van duurzame en natuurlijke energiebronnen. Bij dit alles staat de bewoner centraal. Zo zorgt het hout voor een prettige woonbeleving en is de zonneschoorsteen een spil in de energiehuishouding, maar speelt deze ook een sleutelrol bij een aangenaam binnenklimaat.

Het kan en moet anders
Gerrit Hospers, Marcel van den Noort, beiden van Bouw•Novum, Marcel Vreeken van Velux Nederland en Keimpe Van der Wal van Duco Ventilation & Sun Control komen net terug van een bezoek aan het project. Hospers: “Het eerste idee voor de woningen ontstond drie jaar geleden. Het is fantastisch dat ze er nu echt staan en van bewoners te horen hoeveel plezier ze eraan beleven. Onze hoge verwachtingen zijn écht uitgekomen!”
De Bouw•Novum 5.4 woning is ontstaan uit de gedachte dat zowel het bouwproces als het eindresultaat anders kan en moet. Van den Noort: “Het traditionele bouwproces is inefficiënt, gefragmenteerd en biedt weinig ruimte voor integrale innovaties. Daarbij wordt de bewoner bovendien vaak uit het oog verloren. Zo doen we er als sector bijvoorbeeld alles aan om woningen nul-op-de-meter te maken. Daar gaat een behoorlijk deel van het budget van de woning heen, maar het gaat ten koste van ruimte en comfort en andere aspecten van gezond wonen. Zeker binnen sociale woningbouw ligt dit gevaar op de loer, en dit terwijl we de komende jaren veel grondgebonden woningen in een rij moeten gaan vervangen. Dat moest dus anders, we wilden integrale kwaliteit bieden.”

Met kennispartners op zoek naar oplossingen
De uitdaging was om op een beukmaat van 5.40 meter alle maatschappelijke vraagstukken die er spelen integraal op te pakken. Met de bewoner centraal en met een prijs die bij sociale woningbouw past. Hospers: “We zijn simpelweg begonnen door op te schrijven wat er maatschappelijk allemaal speelt en daar passende antwoorden op te vinden. Je gaat dan kijken wat er beschikbaar is in de markt en verschillende kennispartijen bij elkaar brengen om gezamenlijk tot oplossingen te komen. Zo kwam ook Velux in beeld. De zonneschoorsteen voor extra daglicht en natuurlijke ventilatie zat al vroeg in het ontwerp. Dan heb je een lichtstraat nodig die open kan en voor natuurlijke trek kan zorgen. En voor dagen waarop natuurlijk ventileren minder comfortabel is, neemt het zon- en CO2-gestuurde ventilatiesysteem (natuurlijke toevoer en mechanische afvoer) van Duco het over.”

Slimme vraagsturing
“Vraaggestuurde systemen leveren een fikse energiebesparing op ten opzichte van continu draaiende ventilatiesystemen”, verduidelijkt Van der Wal. Door gebruik te maken van natuurlijke luchtstromen kan er nóg meer bespaard worden op energie. De DucoBox Focus met zonesturing vormt het kloppend hart van het systeem. Deze ventilatiebox met interne regelkleppen onderscheidt zich van een traditionele ventilatiebox door regeling op de luchtafvoer per ruimte. Zonaal ventileren leidt tot kleinere ventilatiehoeveelheden en dus minder ‘ventilatieverliezen’. Het verwarmingsgebruik wordt zo tot een minimum herleid. Het resultaat? Een optimaal thermisch comfort in alle leefruimtes. Elektronisch gestuurde toevoerroosters TronicMiniMax voorzien de droge ruimtes van verse buitenlucht.”

BENG-proof met natuurlijke oplossingen
Keimpe Van der Wal legt uit waarom het project hem zo inspireert. “Er worden in deze woningen fantastische stappen gezet op het gebied van energiezuinigheid, maar het wooncomfort en de gezondheid van bewoners staan centraal. Binnenklimaat, comfort en energie zijn echt in balans. De woning voldoet aan de BENG-eisen door met een verantwoorde balans gebruik te maken van integrale technologische oplossingen, zonder de aarde uit te putten. De toepassing van hout, de unieke natuurlijke energiebesparende ventilatie en het benutten van wat de natuur ons te bieden heeft.”

Zomernachtkoeling zorgt voor comfort
De eerdergenoemde zonneschoorsteen speelt een belangrijke rol in het energiezuinige concept. Deze zorgt ervoor dat de woning op een duurzame manier wordt geventileerd, verwarmd, maar ook gekoeld. Natuurlijke koeling wordt door de hoge isolatiegraad van woningen, de verstedelijking en de klimaatverandering steeds belangrijker. Niet voor niets is aan de BENG-eisen de TOjuli-indicator toegevoegd die grenzen stelt aan de temperatuuroverschrijding in nieuwe woningen.
Van den Noort: “De zonneschoorsteen wordt gebruikt voor zomernachtkoeling, in combinatie met DucoGrille Solid roosters (++ M 30Z) voor draai/kiepramen. Na een warme zomerdag kan de hele woning eenvoudig en energiezuinig worden gekoeld door thermische trek.” Hospers vult aan: “Hittestress komt steeds vaker voor, mensen krijgen hun woning gewoon niet meer koel, terwijl ze er wel behoefte aan hebben. Wij bouwen met lichte massa, dat zorgt ervoor dat de warmte niet in het gebouw blijft zitten. In combinatie met de zomernachtventilatie zorgt het ervoor dat je deze woning wel op een energiezuinige manier koel kunt houden.”

Meebewegen met een gezin
In de Bouw•Novum 5.4 woning zullen mensen met plezier wonen. En ook blijven wonen, want door het slimme concept zijn de woningen zeer levensloopbestendig. Van den Noort: “De woning kan meegroeien met de levensfasen van een gezin. Als er behoefte ontstaat aan meer ruimte, kan de basiswoning worden uitgebreid met een opbouw en aanvullende installaties. Het dak, dakbedekking en de lichtstraat van de basiswoning verhuizen mee. Deze opbouw komt van een woning waarbij de bewoners die ruimte juist niet meer nodig hebben omdat kinderen bijvoorbeeld uit huis gaan. Zo voorkom je ook grondstofverspilling.”
Hospers vult aan: “Door de toevoeging van een schuifdeur, een wand en het draaien van de keuken, kunnen we bovendien eenvoudig een slaapkamer en badkamer realiseren op de begane grond. Dat maakt de woningen erg levensloopbestendig. De woningen zijn nu al smart, onder andere omdat je het licht met je stem of telefoon kunt aansturen. Dit vullen we uiteindelijk ook aan met domotica-oplossingen die mensen kunnen helpen om langer in de woning te blijven wonen.”

Duurzaam en betaalbaar
Onze maatschappij vraagt heel nadrukkelijk naar duurzame woningen, alleen is duurzaam ook vaak duurder dan traditionele woningen. Hospers: “Bewoners zijn bereid om extra te betalen voor milieubesparende en energiezuinige woningen, maar het moet wel betaalbaar blijven. Vanzelfsprekend hebben we daar over nagedacht tijdens de ontwikkeling. Seriematige fabrieksproductie, collectief inkopen van woningaantallen, rekenen met restwaarde en lage exploitatiekosten zijn de sleutels om de woningen betaalbaar te maken en te houden. Tel daar de in- en uitbreidbaarheid en levensloopbestendigheid bij op, dan hoeven wij niet uit te leggen dat dit enorm bijdraagt aan de betaalbaarheid.”

Ambitie waargemaakt
De woning kent bijna te veel ingenieuze oplossingen om op te noemen, die elkaar op een slimme manier aanvullen. Van den Noort: “Je hebt het over productontwikkeling, waarbij allemaal deeloplossingen voor de uiteindelijke kwaliteit en het woongenot zorgen. Hospers: “Het was een lange reis. Uiteraard ontwikkelen we dit nog verder door, maar die betaalbare duurzame gezonde woning is geen ambitie meer. Ze staan er gewoon en worden met veel plezier en comfort bewoond.”

Rol van ventilatie onderschat

De Nederlandse overheid stelt 360 miljoen euro beschikbaar om schoolbesturen en gemeenten te helpen bij het aanpassen van de ventilatiesystemen ...
Verder Lezen

Wasco breidt assortiment ventilatie uit met homecare systemen

Per 1 januari 2021 is het ventilatie-assortiment van BUVA verkrijgbaar via Wasco. Tot nu toe had BUVA een rechtstreeks distributiebeleid ...
Verder Lezen

Nieuwe tool berekent invloed ventilatie op besmettingskans via aerosolen

Voor de derde maal heeft het Masterplan Ventilatie een gratis tool ontwikkeld die professionals helpt de ventilatie in gebouwen te ...
Verder Lezen

Compact ventilatietoestel voor appartementen en vervangingsmarkt

De Flair-range van Brink Climate Systems is met de introductie van de Flair 200 verder uitgebreid. Volgens de Nederlandse fabrikant ...
Verder Lezen

Een boom voor iedere LBK

Gepubliceerd op

OC Verhulst is een platina partnership aangegaan met Viridi Air en garandeert daarmee dat voor iedere verkochte luchtbehandelingskast in Nederland een boom zal worden gepland. Het partnership geeft tevens het recht op het gebruik van het Schone Lucht Kwaliteitsbeeldmerk.

OC Verhulst is producent en ontwikkelaar van luchtbehandelingskasten. Met het partnerschap wordt een langdurige samenwerking aangegaan om de lucht in Nederland verder te verbeteren, zowel in de gebouwen als daarbuiten. De afnemers van OC Verhulst zullen per LBK een certificaat ontvangen met daarin een verwijzing naar de betreffende boom die geplant is.

Groene filters
Door het planten van groene filters (zogenaamde groene stroken bestaand uit speciale bomen) in Nederland via Viridi Air, wil OC Verhulst een extra bijdrage leveren aan een betere toekomst voor volgende generaties. Naar verwachting zal komend jaar een extra filtering van 8.800 kg CO2, 600 kg (ultra)fijnstof, 200 kg ozon en 80 kg stikstofdioxide gerealiseerd worden. De daadwerkelijk waarden, zullen gecommuniceerd worden via de website en sociale kanalen van OC Verhulst.

Ketelfabrikant plant 15 bomen voor elke hr-ketel

Nefit Bosch introduceert een CO2-compensatieprogramma voor zijn gasketels. Consumenten die dit najaar een hr-ketel aanschaffen of huren, kunnen de CO2-uitstoot ...
Verder Lezen

Grohe realiseert CO2-neutrale productie

Fabrikant van badkameroplossingen en keukenkranen Grohe heeft een CO2-neutrale productie gerealiseerd. Thomas Fuhr, CEO van Grohe AG. "We mikken nu ...
Verder Lezen

Feenstra wil installateurs op elektrische bakfiets naar klant sturen

In 2018 nam Feenstra voor haar activiteiten in Amsterdam de eerste elektrische bussen in gebruik. Ook werd de ambitie uitgesproken ...
Verder Lezen