Tag Archives: duurzaam

Primeur: woningen met waterstof via bestaand gasnet

Gepubliceerd op

In Lochem worden in de wijk Berkeloord voor het eerst twaalf bewoonde woningen verwarmd met waterstof via het bestaande aardgasnet. Bij deze pilot onderzoekt Alliander op verzoek van de bewoners van deze monumentale panden of waterstof een goed alternatief is voor aardgas voor het verwarmen van woningen. Alliander werkt daarbij samen met onder andere LochemEnergie, Remeha en Westfalen Gassen Nederland BV.

In het Klimaatakkoord is afgesproken dat in 2050 7 miljoen woningen en 1 miljoen gebouwen van het aardgas af zijn. Daardoor verandert het energiesysteem en Alliander bereidt zich hierop voor. Waterstof is één van de alternatieven voor aardgas om woningen en gebouwen mee te verwarmen. Zo kan het een goed alternatief zijn voor met name woningen die moeilijk te isoleren zijn en waarvoor elektrische warmtepompen geen oplossing bieden, of in wijken waar geen warmtenet kan worden aangelegd. Een bijkomend voordeel is dat voor het transport van waterstof naar de woningen gebruik kan worden gemaakt van de gasleidingen die al in de grond liggen.

Unieke pilot
Arthur van Schayk, algemeen directeur Remeha: “De energietransitie moet versnellen en dat kunnen we alleen door als ketenpartners nauw samen te werken. Waterstof gaat, naast elektrificatie en warmtenetten, een belangrijke rol spelen in de verduurzaming van de bebouwde omgeving. Na de projecten in Rozenburg en Uithoorn hebben we nu in Lochem de primeur dat bewoonde woningen via het bestaande netwerk door middel van waterstof worden verwarmd. Met dit project willen we als fabrikant aantonen dat de Remeha cv-ketel voor waterstoftechnologie klaar is voor toepassing in de praktijk.”
Naast het feit dat in Lochem voor het leveren van waterstof het bestaande aardgasnet wordt gebruikt, is het ook een kans voor de bewoners om hun veelal monumentale woningen te verduurzamen met behoud van de waarde van hun erfgoed. Zowel bewoners als betrokken partijen hebben dan ook geïnvesteerd om deze pilot mogelijk te maken.

Veel voorbereidingen
Aan de overstap naar waterstof ging veel voorbereiding vooraf. Zo is onder meer aan de Stijgoord in Lochem door Westfalen een locatie gebouwd waar het waterstof in het bestaande gasnet wordt gevoed. In deze zogeheten invoed-installatie wordt de druk van het waterstof geregeld en wordt die voorzien van een geurstof omdat waterstof van nature geurloos is. De woningen zelf zijn eerst goed geïsoleerd. Vervolgens zijn de bestaande cv-ketels vervangen door de wereldwijd eerste gecertificeerde 100% waterstofketels van Remeha. In de straat zijn extra gasleidingen aangelegd om de woningen die niet meedoen aan de pilot te kunnen blijven voorzien van aardgas.

Werken aan het waterstofnet
Het onderhoud aan het waterstofnet gebeurt door netbeheerder Liander. Deze pilot is ook voor de netbeheerder een nieuwe stap. De werkzaamheden lijken in eerste instantie veel op het werk dat gasmonteurs dagelijks uitvoeren. Wel vraagt het om een aantal extra handelingen. Daarom heeft een groep monteurs eerder dit jaar een opleiding gevolgd, specifiek gericht op waterstof, in een speciaal voor dit doel gebouwd waterstofhuis in Apeldoorn. Begin september slaagde deze groep voor hun examen.

Drie jaar onderzoek
De pilot in Lochem duurt drie jaar. Zo kan voldoende ervaring worden opgedaan tijdens koude winters. De ervaringen worden vervolgens gedeeld met andere netbeheerders die plannen hebben voor vervolgprojecten met meer bewoners. Op die manier ontstaat steeds meer inzicht in hoe waterstof een aanvulling kan zijn bij de verduurzaming van bestaande woningen.
De pilot in Lochem is een samenwerking van burger-energiecoöperatie LochemEnergie, Remeha, Westfalen Gassen Nederland BV, Kimenai Installatiebeheer BV, Belangenvereniging Beschermd Stadsgezicht Berkeloord (BBSB) en Alliander. Mogelijk gemaakt door de gemeente Lochem en provincie Gelderland.

Proef met cv-ketels op waterstof mag van waakhond

Netbeheerder Liander mag een proefproject starten waarbij cv-ketels van huizen op waterstof overgaan. Toezichthouder Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft ...
Verder Lezen

Zuivere waterstofketel voor commerciële toepassingen klaar voor veldtesten

BDR Thermea Group, een fabrikant van binnenklimaatoplossingen, bereidt zich voor op de eerste real-life proeven van ketels op zuivere waterstof ...
Verder Lezen

Voorbereid op verwarmen met waterstof

De Vaillant ecoTEC plus is nu geschikt voor bijmenging van 20 procent waterstof aan het aardgas. De cv-ketel is getest ...
Verder Lezen

Woning op waterstof moet draagvlak creëren voor aardgasvrij gasnet

Sinds deze week stroomt er via een container waterstof naar een woning in het Zuid-Hollandse Stad aan ’t Haringvliet. In ...
Verder Lezen

Biogas voor verwarming en warmtapwater

Gepubliceerd op

Remeha zet in op de hybridisering van klimaat- en warmtapwaterinstallaties om het gasgebruik te minimaliseren. Via een samenwerking met scale-up Circ biedt de fabrikant haar klanten een nieuwe optie om installaties met biogas in plaats van aardgas te voeden.

Remeha en Circ produceren en leveren producten die elkaar aanvullen, waar het gaat om het reduceren of vervangen van het aardgasgebruik. Circ is een ontwikkelaar en producent van mini-vergisters – BioTransformers, zoals zij de apparaten noemen – die GFE-reststromen omzetten in biogas en biowater. Het biogas kan, zo nodig met een kleine nabewerking, aardgas vervangen en zo de verwarmings- of warmtapwaterinstallatie van een CO2-neutrale energiebron voorzien.

Groente- fruit- en etensresten
“Onze klanten voeden de BioTransformers hoofdzakelijk met groente- fruit- en etensresten”, vertelt Robert Kooloos, chief commercial officer bij Circ. “Daarmee produceren zij twee producten; biogas en biowater. Als het biogas vervolgens wordt gebruikt in de cv-toestellen, komt daarbij uitsluitend kortcyclische CO2 vrij. Deze CO2 uit voedselresten was anders bij verbranden of storten ook vrijgekomen. Het tweede product, biowater, is zeer rijk aan nutriënten en kan in veel gevallen als plantenvoeding worden gebruikt in bijvoorbeeld de land- en tuinbouw.” De BioTransformers van Circ zijn al te vinden in de hotelwereld en horeca, de zorgsector, de voedingsindustrie en andere sectoren met veel GFE-stromen.

“Biogas en groen gas kunnen belangrijke rol spelen”

“Remeha ziet in Circ een mooie partner waarmee onze adviseurs een extra oplossing voor handen hebben zodra zij klanten aan een efficiënte en CO2-neutrale verwarmings- of tapwaterinstallatie willen helpen” zegt Rick Bruins, business development manager bij Remeha. “In Nederland gebruiken we ongeveer 15 miljard kubieke meter aardgas in de gebouwde omgeving. Circa de helft daarvan gebruiken we in de utiliteit. Wij denken dat het realistisch is om via hybridisering het gasverbruik in de utiliteit uiteindelijk naar 2 miljard kubieke meter te reduceren. Die 2 miljard kuub zullen we door CO2-neutrale gassen moeten vervangen. Dat kan met waterstof, maar dat gas zal niet het volledige aandeel voor zijn rekening kunnen nemen. Daarom denken wij dat ook biogas en groen gas een belangrijke rol kunnen en zullen spelen.”

Zo’n 50 miljoen m3 aardgas vervangen
De BioTransformers die Circ ontwikkelt en produceert hebben verschillende capaciteiten. De kleinste verwerken 30 kilo per dag en de grootste 600 kilo GFE per dag. Het bedrijf produceert zowel de hardware als de software en zorgt dat de apparaten via een installateur bij de klant worden geïnstalleerd. “Onze klanten kopen de machine omdat zij hiermee meerdere doelen behalen. Ze vergroenen hun energievoorziening. Ze minimaliseren hun kosten voor het afvoeren van GFE-stromen. En sommige klanten kunnen het andere restproduct, biowater, goed gebruiken als voeding voor planten of leveren dit aan nabijgelegen locaties. In elk geval zorgen onze BioTransformers voor een duurzame businesscase die meestal in 2 tot 5 jaar is terugverdiend. Onze prognose is dat de toestellen die we in de jaren tot 2030 zullen verkopen in totaal zo’n 50 miljoen m3 aardgas kunnen vervangen”, zegt Kooloos.

Versnelling
Remeha en Circ willen via hun samenwerking een versnelling teweegbrengen; enerzijds in de hybridisering van cv- en warmtapwaterinstallaties, en anderzijds bij de inzet van biogas als vervanger van aardgas. “In veel horecabedrijven of voedingsindustrieën komen we als adviseur over de vloer omdat deze bedrijven willen verduurzamen”, zegt Bruins. “Maar lang niet overal is een all-electric oplossing mogelijk. Soms kun je bijvoorbeeld wel voor verwarming een warmtepomp gebruiken maar niet voor tapwater”. “En zelfs als een all-electric oplossing past, gaat Kooloos verder, “kan het alsnog interessant zijn om de BioTransformer te gebruiken. Puur omdat die bedrijven hun organische reststromen in dat geval effectief en rendabel voor verwarming en warmtapwater kunnen inzetten, en dus niet hoeven af te voeren.”

Praktijkvoorbeelden
Kortgeleden leverde Circ al een BioTransformers die feilloos samenwerkt met een cv-systeem van Remeha. Zorgcentrum de Koperhorst in Amersfoort kocht een BioTransformer50 – voor 50 kilo GFE-reststroom per dag – en gebruikt het geproduceerde biogas als energiebron voor de Remeha Quinta Ace cv-toestellen die het gebouw verwarmen. En in december wordt bij het Van der Valk Hotel in Gorinchem een BioTransformer200 -  voor 200 kilo per dag – geïnstalleerd. Het biogas van dat apparaat wordt gebruikt voor een Remeha cv-ketel, die straks met voorrang zal worden gestookt. Pas als er niet genoeg biogas is, zullen de in hybride geschakelde warmtepompen in werking treden. Volgend jaar zullen er nog enkele combinaties van een BioTransformer met Remeha cv-ketels worden geïnstalleerd, zoals bij Van der Valk Hotel Nuland en De Penitentiaire Inrichting (PI) Nieuwersluis.

 

Binnen een dag plannen voor een duurzame wijk

Gepubliceerd op

Amersfoort kreeg deze week tijdens Techathon 2022 verschillende innovatieve plannen voorgeschoteld. Zeven teams kregen één dag de tijd om plannen uit te werken voor een duurzame toekomst van de wijk Hoefkwartier. Ieder team bestond uit mbo-studenten, hbo-studenten en veelbelovende talenten van technische bedrijven. Uiteindelijk koos de jury voor het plan Next gen digitale wijk van team Croonwolter&dros/Haagse Hogeschool/mboRijnland.

De Techathon is een jaarlijks terugkerend spektakel. Studenten en professionele talenten krijgen de opdracht om in één dag tijd een concreet plan te maken voor een bestaande uitdaging in de openbare ruimte. Dit jaar ging het om de herontwikkeling van de wijk Hoefkwartier. De teams gingen  in de ochtend in alle vroegte aan het werk in Playground 33 in Amersfoort. De deelnemers moesten woekeren met de beschikbare ruimte, maar ook rekening houden met regels en randvoorwaarden op het gebied van klimaatadaptatie, circulariteit, energie, natuur en veiligheid.

Vijftig jaar vooruit
Voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland en burgemeester Lucas Bolsius van de gemeente Amersfoort gaven het startschot. Terpstra maakte duidelijk dat de Techathon geen spelletje is: ‘We verbinden de praktijk van technische bedrijven met de ideeën van studenten op het mbo en het hbo. Dat is een serieuze zaak. Samenwerking en communicatieve vaardigheden worden steeds belangrijker in de techniek. Tijdens de Techathon moet je van die vaardigheden volop gebruikmaken.’ De burgemeester keek reikhalzend uit naar de plannen. Bolsius: ‘Hoefkwartier wordt een heel nieuw, spannend stuk stad, duurzaam en dynamisch. Met de herontwikkeling van de wijk moeten we weer vijftig jaar vooruit kunnen. Er zijn veel knappe koppen voor nodig om dat zover te krijgen. Deze talenten hebben we daarbij heel hard nodig.’

Digital-twin
De jury was verrast door de kwaliteit van de gepresenteerde plannen. De teams slaagden erin om de problemen op een originele manier en vanuit verschillende perspectieven te benaderen. Toch waren de juryleden het erover eens dat het plan van team Croonwolter&dros/Haagse Hogeschool/mboRijnland eruit sprong. Met name over het idee van de Digital-twin, een digitale wijk waarin het echte Hoefkwartier kan worden gesimuleerd en geregeld, was de jury enthousiast.

5.000 euro voor de winnaars
Na het verlossende woord van de juryvoorzitter kon algemeen directeur Erik van Engelen van Techniek Nederland de captain van team Croonwolter&dros/Haagse Hogeschool/mboRijnland de beker overhandigen. Een mooie trofee, maar captain Noëlle Choong was uiteraard óók blij met de cheque van 5.000 euro die haar team in ontvangst mocht nemen. Het winnende team krijgt verder een aantal vaktechnische boeken, een energietransitiespel én een circulair bierpakket. Al in december krijgen de winnaars de gelegenheid om de inhoud van hun plan voor de herontwikkeling van Hoefkwartier voor te leggen aan de gemeenteraad van Amersfoort.

Organisatie
Techniek Nederland organiseerde de Techathon in samenwerking met de gemeente Amersfoort en de kennisorganisaties Wij Techniek, ISSO en TVVL. Techathon 2022 komt voort uit de toekomstverkenningen voor de techniekbranche: CONNECT2025, SCENARIO2040 en CONNECT2030.

Duurzaam warmte- en koudesysteem voor nieuwbouw

De gemeente Amsterdam en Eneco hebben een overeenkomst gesloten voor de aanleg van een van de grootste duurzame warmte- en ...
Verder Lezen

Nederlandse installateurs voorop in duurzaamheid

Nederlandse installateurs lijken voorop te lopen met het werken aan projecten waarbij rekening wordt gehouden met duurzaamheid. Dit komt naar ...
Verder Lezen

Wedstrijdje circulair bouwen, renoveren en installeren

Het team Kuijpers/HvA//ROC Tilburg mag zich de winnaar noemen van de Techathon 2021, een prestigieuze wedstrijd voor installatiebedrijven en technische ...
Verder Lezen

Duurzaam warmte- en koudesysteem voor drie deelgebieden in Amsterdam

Energieleverancier Eneco gaat zorgen voor het collectief warmte- en koudenet voor verwarming, koeling en warm kraanwater in drie deelgebieden in ...
Verder Lezen

100 jaar oude kazerne stapt over op gasloze stadsverwarming

Gepubliceerd op

Fort Isabella, met haar geschiedenis als verdedigingswerk van ’s-Hertogenbosch en als kazerne, gaat over op een volledig gasloos verwarmings- en koelsysteem. Op vrijdag 21 oktober wordt het systeem geactiveerd. Twee Vughtenaren realiseren op het 10 hectare grote terrein momenteel een nieuwe samenleving waar wonen, werken, educatie en recreatie worden samengebracht.

Samen met OVVIA en Van Hout Installateurs en adviseurs heeft de Isabella Groep enkele jaren geleden een 2-staps strategie bedacht om het gasloze verwarmings- en koelingssysteem te realiseren. Ten eerste zijn alle bestaande (deels monumentale, meer dan honderd jaar oude) gebouwen geïsoleerd naar energielabel A of hoger. Daarnaast is op het terrein een netwerk van warmte en koude leidingen aangelegd die alle gebouwen verbindt met de (elektrisch aangedreven) energiecentrale. Hierdoor werkt het terrein als een warmtebatterij; in de zomer wordt overtollige warmte van de gebouwen opgeslagen in de grond en in de winter wordt dit opnieuw gebruikt. In de tussenseizoenen kan overtollige energie op de ene plek direct worden hergebruikt op een andere locatie. Door het ontwerp van het systeem kan dit zeer efficiënt gebeuren. De benodigde elektriciteit voor het systeem en het terrein wordt grotendeels geleverd door meer dan 1800 PV-panelen.

Samenwerking
Het terrein gaat hiermee van meer dan 1.800.000 m3 gas verbruik per jaar in het verleden (2004) naar een volledig elektrisch systeem dat grotendeels gevoed wordt door eigen PV-panelen. Voor zover bekend is Fort Isabella het eerste gecombineerde renovatie- en nieuwbouwproject dat overgaat op een volledig gasvrij systeem.
“De keuze om hier extra in te investeren was voor ons de enige juiste. Om een dergelijke herontwikkeling en verduurzaming te kunnen realiseren heb je de hulp en samenwerking met andere partijen nodig”, aldus Olivier Koning. Samen met Tjeerd Saatrube is hij initiatiefnemer van het project en eigenaar van het terrein. “Gelukkig zagen de gemeente Vught en de provincie Noord-Brabant direct de toegevoegde waarde van het plan voor de nieuwe samenleving voor de locatie zelf en de omgeving”, vervolgt Saatrube. Vanuit de gemeente Vught kwam de goedkeuring om het terrein van het COA te kopen en de medewerking aan de benodigde wijziging van het bestemmingsplan. Voor de Erfgoedfabriek was Fort Isabella een van de belangrijke militaire erfgoederen in de provincie. De door hen verstrekte subsidie heeft haalbaarheidsonderzoeken naar de verduurzaming mogelijk gemaakt.

Binnenklimaat Label voor kantoorgebouw DGMR

Gepubliceerd op

Het kantoorgebouw van DGMR Den Haag heeft het Binnenklimaat Label gekregen van het kenniscentrum Binnenklimaattechniek. Dit Label is gebaseerd op het Programma van Eisen (PvE) gezonde kantoren, waarin standaard eisen staan voor een gezond en comfortabel binnenklimaat. De eisen gaan over de thema’s lucht, licht, klimaat en geluid. In het PvE staan praktische informatie en handvatten om de eisen te beoordelen. bba binnenmilieu werkte mee aan de ontwikkeling van het verificatieprotocol voor het label. Hiermee is op een efficiënte manier in kaart te brengen aan welke klasse een kantoorgebouw voldoet.

Er zijn drie categorieën voor de beoordeling, klasse C geeft een ‘voldoende’ aan, klasse B betekent ‘goed’ en de beste beoordeling is klasse A, met een ‘zeer goed’. De beoordeling van de thema’s gebeurt door middel van een gebouwinspectie, een vragenlijst onder de gebruikers en duurmetingen van het binnenklimaat.

‘Practice what you preach’
Paul van Bergen van DGMR: “Wij zijn als bureau dagelijks bezig met het binnenklimaat en binnenklimaat vraagstukken. Niet alleen thermisch, akoestisch en visueel maar ook met gezonde materialen, beweging en groen. ‘Practice what you preach’ is ons motto en daarom lieten wij ook een Binnenklimaat Label voor ons eigen pand opstellen. Nu eerst voor ons kantoor in Den Haag en als we gesetteld zijn in ons nieuwe kantoor in Arnhem en ook in Drachten. Meten is een belangrijk onderdeel van het label, dus het gaat om werkelijke prestaties: het heeft echte waarde.”

Inzicht waar kansen liggen
“Wij zijn er trots op dat we het label goed - Klasse B - hebben gekregen, zegt Marije te Kulve van bba binnenmilieu, ook werkzaam in het pand van DGMR in Den Haag. “De uitkomsten van de beoordeling geven echt inzicht in waar kansen liggen voor verdere verbetering van het binnenklimaat. Na het behalen van dit label blijven wij de luchtkwaliteit natuurlijk monitoren en verbeteren, voor zowel onze eigen medewerkers als voor onze klanten.”

Onafhankelijke methodiek
Remi Hompe, voorzitter kenniscentrum Binnenklimaattechniek: “Met deze onafhankelijke methodiek zorgen we ervoor dat in één oogopslag duidelijk is hoe het met het binnenklimaat van een gebouw gesteld is. Je moet als eigenaar kunnen aangeven welke klasse wenselijk is en er zeker van zijn dat de vooraf gestelde prestatie-eisen ook behaald kunnen worden. Daarom is borgen en monitoren een belangrijk onderdeel van het label. Scoor je een B? Dan geven we advies over hoe je een A kunt bereiken. We zijn ontzettend trots dat we nu bij DGMR het tweede label mogen uitreiken en hopen dat er nog vele zullen volgen.”

Database van gebouwen
Organisaties die het Binnenklimaat Label behalen, komen in een database van gebouwen die aantoonbaar gezond zijn. Het label is ontwikkeld vanuit kenniscentrum Binnenklimaattechniek, door Binnenklimaat Nederland, TVVL, TNO, BBA, OfficeVitae en DWA.

Ruim kwart voetbalclubs bezig met aanschaf warmtepomp

Gepubliceerd op

Door de gestegen energieprijzen is een gemiddelde sportvereniging dit jaar €15.000 extra kwijt aan de energierekening. Dit is een stijging van bijna 100% ten opzichte van vorig jaar. Verenigingen hebben ontzettend veel moeite om de energierekeningen te kunnen betalen en maar liefst 38% van alle verenigingen vreest inmiddels voor het voortbestaan van de club. De helft van alle clubs hebben op dit moment een variabel contract en van nog eens 22% loopt het contract binnen 6 maanden af. Deze verontrustende cijfers komen uit recent onderzoek dat de KNVB samen met Groene Club sponsor Mitsubishi Electric heeft laten uitvoeren.

“Als duurzaamheidspartner van de KNVB herkennen we de onzekerheden waar veel voetbalverenigingen mee te maken hebben. Maar waar voor veel verenigingen een warmtepomp eerst nog geen interessante investering was is dit nu volledig omgeslagen”, geeft Arjen de Jong, algemeen directeur bij Alklima de exclusief distributeur van Mitsubishi Electric aan. “Steeds meer verenigingen hebben baat bij het plaatsen van een warmtepomp als één van de mogelijkheden om energie te besparen en de club te verduurzamen. Ondanks dat we merken dat meer bedrijven, particulieren en zeker ook sportverenigingen interesse tonen in verduurzamen en de aanschaf van een warmtepomp hebben we er begrip voor dat veel zaken nog onduidelijk zijn. Daarom ben ik enorm trots dat we onze campagne “de Energietrainer” kunnen aankondigen.”

‘Energietrainer’ John Williams
“Iedereen heeft het over verduurzamen en het verlagen van de energierekening. Maar waar begin je en waar houdt het op? Ook ik worstel daarmee”, geeft John Williams aan. “Als Energietrainer help ik samen met de experts van Mitsubishi Electric de Nederlandse voetbalclubs met het verduurzamen en verlagen van de energierekening. Naast mijn presentatie-werk bij onder andere “Help mijn man is klusser” ben ik een groot voetballiefhebber en iemand die enorm veel affiniteit heeft met verduurzamen. Ik hoefde in ieder geval niet lang na te denken toen Mitsubishi Electric en de KNVB mij vroegen voor de functie van Energietrainer. Ik ben heel erg trots en blij dat ik een onderdeel mag zijn van dit project. Want hiermee kunnen wij heel veel clubs en dus mensen helpen. Want dit zijn zware tijden voor iedereen.”

Veel verenigingen maken al goede stappen
Marc Nipius is vanuit de KNVB één van de grondleggers van De groene Club: “We zijn de Groene Club in 2018 gestart om verenigingen te helpen met verduurzamen. En we zien dat veel verenigingen al goede stappen hebben gemaakt. Voornamelijk met zonnepanelen en LED-verlichting. Maar de vraag vanuit verenigingen is veranderd. We zien op dit moment een stijgende vraag naar warmteoplossingen bij verenigingen. Met Mitsubishi Electric hebben wij een partner met veel kennis op het gebied van warmtepompen. Iets waar onze verenigingen veel naar vragen. Maar liefst 27% van de verenigingen is nu al bezig met het aanschaffen van een warmtepomp en dat zal de komende jaren alleen maar toenemen. We zijn daarom ook enorm blij dat Mitsubishi Electric partner is geworden van De Groene Club.”

BDR Thermea Group verhoogt productie van warmtepompen

BDR Thermea Group, fabrikant van binnenklimaatoplossingen, breidt zijn warmtepompproductie uit om aan de snelgroeiende vraag van consumenten te voldoen naar ...
Verder Lezen

Prefab warmtepompen voor op het dak

Nefit Bosch en iBuild hebben een contract getekend waarin een meerjarige samenwerking wordt vastgelegd. Nefit Bosch gaat iBuild honderden prefab-installaties ...
Verder Lezen

Ook verhoogd prijsplafond maakt warmtepomp duur

Ook het verhoogde prijsplafond biedt geen soelaas voor wie een warmtepomp heeft of van plan was deze aan te schaffen ...
Verder Lezen

Nieuw bedrijfspand voor fabrikant warmtepompen

Binnenkort zal in opdracht van projectontwikkelaar Prohuis op bedrijventerrein Bagven Park in Breda worden gestart met de bouw van een ...
Verder Lezen

Prefab warmtepompen voor op het dak

Gepubliceerd op

Nefit Bosch en iBuild hebben een contract getekend waarin een meerjarige samenwerking wordt vastgelegd. Nefit Bosch gaat iBuild honderden prefab-installaties leveren op basis van de all-electric dakwarmtepomp die Nefit Bosch volgend jaar op de markt brengt.

Als ambitieuze start-up komt iBuild met een nieuw woningbouwconcept dat het bouwproces versnelt. Woningen worden gebouwd vanuit een vaste bodemplaat met volledig in de fabrieken van partners voorgeproduceerde elementen. Voor de duurzame verwarming en warmwatervoorziening kiest iBuild voor de nieuwe lucht-water dakwarmtepompen van Nefit Bosch, de Compress 5800i AWR ('Air Water Rooftop'). Deze specifiek voor schuine daken ontwikkelde, volledige geïntegreerde monoblockoplossing wordt in zijn geheel op het dak geplaatst. Alleen de aansluitingen, waarvoor geen specifieke certificering vereist is, gaan door het dak.

Prefab installatie
Het binnendeel, bestaande uit de compacte binnenunit, een 200 of 300 liter warmwaterboiler en een buffervat, wordt samen met een WTW-unit voorgemonteerd in het prefab configuratiecentrum van Nefit Bosch in Deventer. De complete unit wordt aangeleverd als prefab skid, zodat de installatiewerkzaamheden op locatie tot een minimum worden beperkt.

Dingen slimmer doen
“Deze werkwijze bespaart niet alleen veel tijd en schaarse menskracht, hij verlaagt ook faalkosten en minimaliseert de impact op het milieu. Als iBuild willen we een bijdrage leveren aan het oplossen van de woningnood, door dingen slimmer te doen. Maar wel met oog voor de prijs én op een zo duurzaam mogelijke wijze”, zegt William van Rijn, één van de oprichters van iBuild.
Mark Dekker, key accountmanager nieuwbouw bij Nefit Bosch, vult aan: “Als Nefit Bosch hebben we sterke ambities om te groeien op de nieuwbouwmarkt met de nieuwste warmtepomptechnologie, maar ook met prefab oplossingen. Voor ons is de samenwerking met iBuild een perfecte match.”
“Door jarenlange ervaring in de bouwwereld en het ontwerpen van gebouwen met diverse functies te combineren, hebben we een samenwerking gevonden die baanbrekend kan zijn voor de toekomstige huizenmarkt”, stelt William van Rijn.

Onderhoudsarm
“Dat iBuild kiest voor deze oplossing is eigenlijk heel logisch. Een dakopstelling kent minder beperkingen ten aanzien van geluid en ruimte”, licht Mark Dekker toe. “Onze nieuwe dakwarmtepomp is uniek in de markt. Superstil en geen risico op trillingen in de dakconstructie. Het ontwerp is gebaseerd op Nederlandse woningen en windbelastingen. Er wordt gebruikgemaakt van een natuurlijk koudemiddel (Propaan) waardoor hoge aanvoertemperaturen worden gehaald. De unit kent een lange levensduur en is onderhoudsarm.”
De nieuwe dakwarmtepomp rolt vanaf medio 2023 van de band bij Nefit Bosch in Deventer.

Ook verhoogd prijsplafond maakt warmtepomp duur

Ook het verhoogde prijsplafond biedt geen soelaas voor wie een warmtepomp heeft of van plan was deze aan te schaffen ...
Verder Lezen

Nieuw bedrijfspand voor fabrikant warmtepompen

Binnenkort zal in opdracht van projectontwikkelaar Prohuis op bedrijventerrein Bagven Park in Breda worden gestart met de bouw van een ...
Verder Lezen

Collectieve hoog temperatuur warmtepomp nu ook te waarderen in BENG

Het Bureau Controle en Registratie Gelijkwaardigheid (BCRG) heeft de SWP warmtepomp een gelijkwaardigheidsverklaring toegekend voor tapwater en ruimteverwarming. Woningbouwcorporaties en ...
Verder Lezen

Warmtepomp door prijsplafond bijna 900 euro duurder dan cv-ketel

Het prijsplafond op energie dat het kabinet op Prinsjesdag aankondigde maakt dat veel Nederlanders de aanschaf van een warmtepomp voorlopig ...
Verder Lezen

Ook verhoogd prijsplafond maakt warmtepomp duur

Gepubliceerd op

Ook het verhoogde prijsplafond biedt geen soelaas voor wie een warmtepomp heeft of van plan was deze aan te schaffen. In de meeste gevallen speel je quitte ten opzichte van verwarmen met een cv-ketel. Huishoudens die onlangs een nieuw energiecontract afsloten zijn zelfs ruim 700 euro meer kwijt wanneer zij de warmtepomp prefereren boven verwarmen op gas. Dat concludeert vergelijkingswebsite Slimster, nadat het twee weken geleden al berekende dat de eerste variant van het prijsplafond voor warmtepompeigenaren een klap in het gezicht was.

Nadat er de nodige ophef ontstond over het vorige prijsplafond - het bedrag van 70 cent per kWh was te hoog en het verbruiksplafond van 2400 kWh per jaar juist te laag - besloot het kabinet dit aan te passen naar 40 cent en 2900 kWh. Slimster berekende wat deze aanpassingen voor verschillende soorten huishoudens betekenen. Een huishouden met een gemiddeld verbruik ziet de energiekosten door de aanschaf van een al dan niet hybride warmtepomp met 100 tot 120 euro per jaar dalen. “Een minieme besparing die niet opweegt tegen de hoge aanschafkosten van een warmtepomp, zeker niet in een periode waarin veel gezinnen het spaargeld ook goed voor andere zaken kunnen gebruiken”, aldus Marco Schuurman, eigenaar van Slimster.

Nieuw contract
Huishoudens die onlangs overstapten naar een andere energieleverancier zijn nog veel duurder uit. Sterker, voor hen is het gunstiger om op gas te blijven verwarmen dan de stap naar elektrisch te zetten, concludeert Slimster. Dat komt omdat je met een warmtepomp gegarandeerd ruim over het verbruiksplafond van 2900 kWh heengaat. Heb je daarbij net een nieuw contract afgesloten, dan betaal je de torenhoge prijzen die leveranciers momenteel hanteren in hun modelcontracten. Bij Vattenfall, Eneco en Essent gaat het om gemiddeld 92 cent per kWh. Die prijs geldt dan voor bijna de helft van je elektriciteitsverbruik, wat dus niet onder het prijsplafond valt. In de praktijk komt het erop neer dat huishoudens in deze situatie met een volledig elektrische warmtepomp ruim 700 euro per jaar meer kwijt zijn aan energiekosten dan met een ouderwetse cv-ketel. Bij de keuze voor een hybride warmtepomp komt het neer op een nadeel van ruim 300 euro, blijkt uit de berekeningen van Slimster.

Elektrisch bijverwarmen
Wat nog wel uitkomst kan bieden is gebruikmaken van een airco of infraroodpaneel als elektrische bijverwarming. De thermostaat kan dan lager worden gezet, waardoor flink wordt bespaard op gaskosten en alleen de ruimte op stroom wordt verwarmd waar iemand op dat moment verblijft. Dat kan gunstig zijn wanneer iemand bijvoorbeeld overdag thuiswerkt.

Duurzame flats met extreem lage energiekosten

Gepubliceerd op

In Den Bosch heeft woningcorporatie BrabantWonen twee duurzaame flats gebouwd. Een groot deel van het jaar verwarmt de zon de woningen, een collectieve warmtepomp vult in de koude maanden aan. Dit project is een voorbeeld van betaalbare duurzaamheid voor bewoner én verhuurder: voor verwarmen en koelen betalen de bewoners maandelijks niet meer dan 35 euro.

Gevels met grote glasvlakken laten zonlicht het hele jaar maximaal binnen. Iedere woning heeft een niet geïsoleerde serre die de warmtevraag vermindert. De woningen hebben daardoor maar heel weinig verwarming nodig, gemiddeld 800-1500 watt per woning. Doordat prefab luchtdicht is gebouwd, kan snel worden verwarmd en gekoeld. Het hele gebouw wordt met een warmtepomp van 40 kW verwarmd (een gemiddeld huishouden heeft 20 kW nodig). Op het dak een dakterras met tuin, overkapt door 308 PV-panelen.
Voor warm water heeft ieder appartement een zoutbatterij, het zout wordt opgewarmd door de zonnepanelen en houdt zijn warmte 3 dagen vast. Voor de ventilatie zorgen individuele balansventilatieboxen in iedere berging.
De klimaatadaptieve flats zijn industrieel, flexibel en demontabel prefab gebouwd. Alle materialen zijn te hergebruiken en zo gekozen dat de gebouwen 3x lichter zijn dan vergelijkbare systemen.

Betaalbaar perspectief voor de energietransitie
Bahman Laké, projectleider BrabantWonen: “We zijn in 2020 gestart met het ontwerp van deze twee gebouwen met beide 31 appartementen, waarvan de helft sociale huurwoningen. Ons doel was toekomstbestendigheid zonder gas, met zoveel mogelijk natuurlijk opgewekte energie. Niet wetend dat wij geconfronteerd zouden worden met de huidige energieproblematiek. Het resultaat van die inspanning en de gedane investering is dat de energiekosten voor de verwarming en warm water ver onder het ingestelde prijsplafond ligt. Dat voordeel gaat geheel naar de bewoner.”
Bewoners betalen een maandelijks voorschot van 20 euro voor warm tapwater en voor verwarming en koeling 15 euro, of 12,50 euro in een kleinere woning. Dit is 10 keer minder dan in een gemiddeld nieuw appartementengebouw.

Miljoenennota: “Energietransitie urgenter dan ooit”

Het verduurzamen van woningen en gebouwen in Nederland is volgens ondernemersorganisatie Techniek Nederland belangrijker dan ooit. Voorzitter Doekle Terpstra vindt ...
Verder Lezen

Energietransitie en duurzaam sanitair centraal op SHK Essen

Van 6 tot en met 9 september a.s. wordt in het Duitse Essen de vakbeurs SHK georganiseerd. Ongeveer 400 exposanten ...
Verder Lezen

Beoogde energietransitie onhaalbaar door tekort aan technici

Als er niets gebeurt om het technicitekort op te lossen, is het volgens de meerderheid van de technici (56%) en ...
Verder Lezen

Nederlandse huishoudens beperken energieverbruik

Uit een onderzoek van tado°, actief op het gebied van intelligent klimaatbeheer voor woningen, blijkt dat 61,1% van de huishoudens ...
Verder Lezen

Verduurzamen van collectieve installaties

Gepubliceerd op

Verduurzamen van collectieve installaties Energy Bridge verduurzaamt collectieve installaties van wooncomplexen en kantoren. Een gat in de markt. Vandaar dat het bedrijf flink doorgroeit. Directeur Jan-Maarten Elias legt aan de hand van een project in Spijkenisse uit hoe Energy Bridge te werk gaat. Volgens Elias zijn er drie trends die nu een belangrijke stempel drukken op de bouwkolom. Ten eerste de prijsstijgingen die voortvloeien uit de schaarste aan materialen. Daarnaast is efficiency een belangrijk thema om zo goed mogelijk met bestaande arbeid en grondstoffen om te gaan en verspilling te voorkomen. Tot slot wordt er steeds meer gestuurd op CO2-uitstoot, onder andere vanuit de EPBD III. Adviseur en installateur Energy Bridge is zowel een adviseur als installateur. Elias: “In principe pakken we het gehele traject. Van consultancy tot realisatie. Maar de klant kan ook beslissen om ons slechts in te schakelen voor één van beide.” Nichespeler Het bedrijf richt zich op een niche: het verduurzamen van collectieve installaties. “Vaak gaat het om lange besluitvormingstrajecten voordat er tot realisatie wordt overgegaan”, vertelt Elias. “Energy Bridge wil een toonaangevende speler worden die op termijn ook steeds meer gestandaardiseerde producten en prefaboplossingen kan aanbieden. Project Het bedrijf schakelt het liefst zoveel mogelijk over op all-electric installaties bij verduurzamingsopgaven. Maar dat is niet altijd haalbaar. In Spijkenisse werd er daarom gekozen voor een hybride installatie met twee HT-warmtepompen van ieder 55 kW. Hiermee kan het aardgasgebruik met bijna 80 % worden teruggebracht. Uitdagingen “We werden ingeschakeld om de collectieve ketelinstallatie van een galerijflat van woningcorporatie Woonbron met 10 verdiepingen en 90 woningen te verduurzamen”, legt Elias uit. Hij kreeg daarbij te maken met twee grote uitdagingen. Ten eerste was de aansluiting op het elektriciteitsnet ontoereikend voor de nieuwe installatie. Ten tweede moesten de nieuwe warmtepompen op het dak worden gekoppeld aan de ketels en het buffervat beneden op de begane grond. Oplossingen Het project ging afgelopen mei van start en heeft een doorlooptijd van circa 6 maanden. “We hebben de aansluiting op het net verzwaard”, vertelt Elias. “De nieuwe aanvoer- en retourleidingen van de warmtepompen naar de buffervaten laten we via een aparte schacht naast de lift lopen. Om het transportverlies zoveel mogelijk te beperken worden de leidingen geïsoleerd.” Op het dak komen 140 PV-panelen te liggen, daarmee is het complex nog niet zelfvoorzienend. Bovendien blijft gelijktijdigheid een issue. De warmtepompen draaien vooral als de PV-panelen weinig opbrengen. Met een buffervat ondervangt Energy Bridge dit probleem grotendeels. “As a service” Na oplevering wordt de installatie via remote access continu gemonitord. Mocht er onderhoud en service nodig zijn dan kan de servicemonteur overal bij, mede dankzij nieuwe plateaus bij de leidingen in de lange schacht. Energy Bridge blijft verantwoordelijk voor de thermische en energetische prestaties, want de warmte wordt “as a service” aangeboden. Dit is een verkorte versie van een artikel dat binnenkort verschijnt in het praktijkblad InstallateursZaken, novemberuitgave 2022.

Energy Bridge verduurzaamt collectieve installaties van wooncomplexen en kantoren. Een gat in de markt. Vandaar dat het bedrijf flink doorgroeit. Directeur Jan-Maarten Elias legt aan de hand van een project in Spijkenisse uit hoe Energy Bridge te werk gaat.

Volgens Elias zijn er drie trends die nu een belangrijke stempel drukken op de bouwkolom. Ten eerste de prijsstijgingen die voortvloeien uit de schaarste aan materialen. Daarnaast is efficiency een belangrijk thema om zo goed mogelijk met bestaande arbeid en grondstoffen om te gaan en verspilling te voorkomen. Tot slot wordt er steeds meer gestuurd op CO2-uitstoot, onder andere vanuit de EPBD III.

Adviseur en installateur
Energy Bridge is zowel een adviseur als installateur. Elias: “In principe pakken we het gehele traject. Van consultancy tot realisatie. Maar de klant kan ook beslissen om ons slechts in te schakelen voor één van beide.”

Nichespeler
Het bedrijf richt zich op een niche: het verduurzamen van collectieve installaties. “Vaak gaat het om lange besluitvormingstrajecten voordat er tot realisatie wordt overgegaan”, vertelt Elias. “Energy Bridge wil een toonaangevende speler worden die op termijn ook steeds meer gestandaardiseerde producten en prefaboplossingen kan aanbieden.

Project
Het bedrijf schakelt het liefst zoveel mogelijk over op all-electric installaties bij verduurzamingsopgaven. Maar dat is niet altijd haalbaar. In Spijkenisse werd er daarom gekozen voor een hybride installatie met twee HT-warmtepompen van ieder 55 kW. Hiermee kan het aardgasgebruik met bijna 80 % worden teruggebracht.

Uitdagingen
“We werden ingeschakeld om de collectieve ketelinstallatie van een galerijflat van woningcorporatie Woonbron met 10 verdiepingen en 90 woningen te verduurzamen”, legt Elias uit. Hij kreeg daarbij te maken met twee grote uitdagingen. Ten eerste was de aansluiting op het elektriciteitsnet ontoereikend voor de nieuwe installatie. Ten tweede moesten de nieuwe warmtepompen op het dak worden gekoppeld aan de ketels en het buffervat beneden op de begane grond.

Oplossingen
Het project ging afgelopen mei van start en heeft een doorlooptijd van circa 6 maanden. “We hebben de aansluiting op het net verzwaard”, vertelt Elias. “De nieuwe aanvoer- en retourleidingen van de warmtepompen naar de buffervaten laten we via een aparte schacht naast de lift lopen. Om het transportverlies zoveel mogelijk te beperken worden de leidingen geïsoleerd.” Op het dak komen 140 PV-panelen te liggen, daarmee is het complex nog niet zelfvoorzienend. Bovendien blijft gelijktijdigheid een issue. De warmtepompen draaien vooral als de PV-panelen weinig opbrengen. Met een buffervat ondervangt Energy Bridge dit probleem grotendeels.

“As a service”

Na oplevering wordt de installatie via remote access continu gemonitord. Mocht er onderhoud en service nodig zijn dan kan de servicemonteur overal bij, mede dankzij nieuwe plateaus bij de leidingen in de lange schacht. Energy Bridge blijft verantwoordelijk voor de thermische en energetische prestaties, want de warmte wordt “as a service” aangeboden.

Dit is een verkorte versie van een artikel dat binnenkort verschijnt in het praktijkblad InstallateursZaken, novemberuitgave 2022.

 

 

 

 

 

 

 

 

Warmtepomp door prijsplafond bijna 900 euro duurder dan cv-ketel

Gepubliceerd op

Het prijsplafond op energie dat het kabinet op Prinsjesdag aankondigde maakt dat veel Nederlanders de aanschaf van een warmtepomp voorlopig zullen uitstellen. Dat vermoedt vergelijkingssite Slimster, na berekend te hebben wat de maatregel betekent voor huishoudens met enerzijds een cv-ketel of anderzijds een (hybride) warmtepomp. Waar zo’n warmtepomp tot meer dan 2000 euro per jaar kon besparen, zijn huishoudens met een cv-ketel in de nieuwe situatie juist tot bijna 900 euro goedkoper uit.

Slimster rekende uit wat de energiekosten voor een gemiddeld huishouden met een cv-ketel, hybride warmtepomp of all-electric warmtepomp zijn in de huidige en in de nieuwe situatie. Het gebruikte daarvoor de gemiddelde tarieven die de drie grootste energieleveranciers in hun modelcontracten hanteren als uitgangspunt en ging uit van het gemiddelde verbruik dat Milieu Centraal noemt. Daaruit blijkt dat huishoudens met een cv-ketel hun energierekening ruimschoots gehalveerd zien worden. Met een hybride warmtepomp bespaar je zo’n 31 procent, terwijl de rekening met een volledig elektrische warmtepomp met slechts 10 procent afneemt.

Elektrisch verwarmen duurder
In de huidige situatie bespaart een gezin met een hybride warmtepomp tot 1417 euro per jaar ten opzichte van een cv-ketel. Wie een all-electric warmtepomp heeft en dus volledig ‘van het gas af’ is, ziet de kosten met 2361 euro per jaar afnemen. Maar wanneer straks het prijsplafond is ingevoerd zijn een hybride en volledig elektrische warmtepomp juist respectievelijk 524 tot 871 euro per jaar duurder dan een gasgestookte cv-ketel.

Verhouding tussen gas- en stroomprijs zoek
De reden voor deze opmerkelijke verschillen is het feit dat het plafond op de gasprijs veel lager ligt dan de ‘cap’ op de stroomprijs. Waar het verschil tussen een modelcontract en het plafondtarief van de overheid wat betreft stroom slechts 24 procent bedraagt, gaat het bij gas om een afname van liefst 65 procent. Voorheen lag de prijs voor een kilowattuur stroom zo’n vier keer lager dan de prijs voor een kuub gas. Nu is dat verschil nog maar een factor twee. Ook bijvoorbeeld elektrisch koken wordt om deze reden oninteressant zolang het prijsplafond geldt.

Bijverwarmen met airco
De uitzondering geldt uiteraard voor huishoudens met zonnepanelen, die het gros van hun huidige elektriciteitsverbruik kunnen wegstrepen. Volgens Slimster tonen zonnepaneleneigenaren de laatste tijd bovendien veel interesse in airco’s. Niet alleen om ‘s zomers te kunnen koelen, maar ook om ‘s winters te kunnen bijverwarmen. De thermostaat kan dan omlaag en de airco verwarmt bijvoorbeeld de woonkamer - de ruimte waar je doorgaans het meest bent - bij tot een aangename temperatuur. Zolang je dit niet de hele dag doet, kan de combi van zonnepanelen en een airco aanzienlijk schelen in de energiekosten.

Belgische woningbezitters overwegen warmtepomp om geld te besparen

Ook onze zuiderburen maken zich druk om de energietransitie, juist nu de energieprijzen de pan uitrijzen. Eén derde van de ...
Verder Lezen

Daikin start fabriek voor warmtepompen in Polen

Daikin Europe gaat 300 miljoen euro investeren in een nieuwe fabriek in het Poolse Łódź. In juli 2024 gaat de ...
Verder Lezen

Bouw grootste warmtepomp van Nederland van start

Op dinsdag 5 juli is het startsein gegeven voor de bouw van de grootste warmtepomp van Nederland. De pomp maakt ...
Verder Lezen

In jaar tijd 17 keer zoveel aanvragen voor warmtepompen

Dinsdag 17 mei werd bekend dat de (hybride) warmtepomp vanaf 2026 de standaard wordt. Uit cijfers van de Nederlandse offertevergelijker ...
Verder Lezen

Belgische woningbezitters overwegen warmtepomp om geld te besparen

Gepubliceerd op

Ook onze zuiderburen maken zich druk om de energietransitie, juist nu de energieprijzen de pan uitrijzen. Eén derde van de woningbezitters in België overweegt om van verwarmingsinstallatie te veranderen vanwege de stijgende energiefactuur. Daarvan denkt 41% over te schakelen op een warmtepomp. Twee op drie woningbezitters ziet het zelfs als noodzaak om over te stappen op hernieuwbare energie om de energiefactuur laag te houden. 70% denkt bovendien dat de stijgende prijzen de energietransitie zullen versnellen. Dit blijkt uit een grootschalige enquête die Daikin onlangs afnam.

Onze zuiderburen verwarmen nog heel klassiek. Maar liefst 58% bezit nog een gasketel. Een deel van de verklaring hiervoor ligt bij het verouderd woningbestand. Vier op de vijf Belgische woningbezitters woont namelijk in een woning die ouder is dan 15 jaar. Toch zien veel Belgen het belang in van de overstap naar hernieuwbare energie. 65% vindt het zelfs een noodzaak, gezien de huidige economische situatie.

Hernieuwbare energie
De Belg denkt toekomstgericht en wil bijdragen aan een beter klimaat. Drie kwart van de ondervraagde Belgische woningbezitters vindt dit belangrijk. Twee op de vijf verwarmt zelfs hun woning liever niet met fossiele brandstoffen. Ook al omdat het een manier is om de energiekosten te drukken.
Van degenen die van verwarmingsinstallatie willen veranderen, overweegt 41% over te schakelen op een warmtepomp. Desondanks denkt de helft van de Belgische woningbezitters dat warmtepompen alleen interessant zijn voor nieuwbouw. Roderik Desiere, Managing Director bij Daikin Belgium, is het daar niet mee eens: “Er bestaan duurzame alternatieve verwarmingsoplossingen voor ieder bouwproject of het nu gaat om nieuwbouw of renovatie. Bij een renovatie zijn er wellicht nog bijkomende werkzaamheden nodig om de staat van de woning te verbeteren en zo het hoogst mogelijke rendement uit de warmtepomp te halen.”

Werk aan de winkel
Uit de enquête blijkt dat slechts 5% van de ondervraagden over een warmtepomp beschikt om de woning te verwarmen en koelen. Als voornaamste reden om een warmtepomp te hebben of te overwegen, geven de woningbezitters aan dat ze hiermee geld willen besparen. Eén op de vijf wil vooral zekerheid over de energietoevoer in de toekomst. Iets waar de Belg duidelijk van wakker ligt. Hij/zij is zich bewust van de veranderingen en investeringen die er nodig zijn om futureproof te verwarmen en het hoofd te bieden aan de huidige en toekomstige uitdagingen. Drie op de vijf woningbezitters zijn ervan overtuigd dat dankzij technologische innovaties de huidige energieproblemen in de toekomst opgelost kunnen worden. De keerzijde? Vier op de vijf denkt dat alleen wie veel geld heeft erin zal slagen om de energietransitie te volgen en dat de kloof tussen arm en rijk hierdoor groter zal worden.

Nederlandse huishoudens beperken energieverbruik

Uit een onderzoek van tado°, actief op het gebied van intelligent klimaatbeheer voor woningen, blijkt dat 61,1% van de huishoudens ...
Verder Lezen

Stijgende energieprijzen

Met de oorlog in Oekraïne en de daardoor stijgende energieprijzen realiseert de westerse wereld zich meer dan ooit hoe belangrijk ...
Verder Lezen

Is de kwaliteit en veiligheid van zonnesystemen in België echt beter?

De markt voor zonnestroom groeit onstuimig terwijl er ondertussen een overspannen vraag is naar installateurs. Dat levert de nodige problemen ...
Verder Lezen

Weinig animo bij Belgen om data slimme verwarming te delen

Volgens een onderzoek dat Remeha België heeft laten uitvoeren wil driekwart van de Belgen de informatie van zijn slim verwarmingstoestel ...
Verder Lezen

Duurzaam hemelwater

Gepubliceerd op

SSAB breidt haar GreenCoat® assortiment in colorcoat stalen hemelwatersystemen uit met de introductie van GreenCoat RWS Pural BT. Het hemelwatersysteem is voorzien van een coating met Bio-based Technology (BT) op basis van Zweedse koolzaadolie in plaats van fossiele olie.

Het hemelwatersysteem is verkrijgbaar in een veelheid aan kleuren en kan worden afgestemd op een GreenCoat® dak om een consistent uiterlijk voor het hele gebouw te garanderen. GreenCoat RWS producten hebben een dubbelzijdig coatingsysteem dat bescherming biedt tegen corrosie (RC5) en mechanische slijtage om de zwaarste weersomstandigheden te weerstaan. Ze zijn flexibel en vervormbaar, zodat ze op vrijwel elke manier kunnen worden gevormd. De nieuwe hemelwatersystemen bieden verder glansbehoud en kleurechtheid die de hoogste klasse (Ruv5) bereikt volgens de bijgewerkte EN 10169.

De Verwondering

Basisschool De Verwondering in Almere kan met recht een landmark worden genoemd. Het gebouw is circulair, duurzaam en opgetrokken volgens ...
Verder Lezen

Kleine update voor ISSO-kleintje Riolering

ISSO-kleintje Riolering is laatst weer op kleine punten herzien. installateurs en servicemonteurs kunnen hierin de meest gebruikte richtlijnen voor het ...
Verder Lezen

Norm voor gebouwriolering en buitenriolering binnen perceel gewijzigd

NEN 3215 stelt eisen aan de riolering voor een goede afvoer van zowel hemelwater als huishoudelijk afvalwater. Een belangrijke wijziging ...
Verder Lezen

Hemelwater afvoeren bij gebouwen met gecombineerd gebruik

Bij gebouwen met gecombineerde functies worden steeds hogere eisen gesteld aan functionaliteit, brandveiligheid en vandaal-bestendigheid van dakafvoeren- en leidingsystemen. Hoe ...
Verder Lezen

High end innovatie

Gepubliceerd op

Er komen steeds meer geïntegreerde duurzame woonconcepten op de markt. Toch blijft het voor gebruikers in veel gevallen nog pionieren. Zo ook voor Huub Lambriex en zijn vrouw Ester van Kuffeler, die een kalkhennephuis met duurzame installatietechniek lieten bouwen in het Friese Oudega.

Lambriex woonde jarenlang in Heemstede, maar had een vakantiehuis in Friesland. Daar raakte hij onder de bekoring van het landschap en de rust. Toen zich een kans voordeed om in Oudega een ecologische woning te realiseren, greep hij die met beide handen aan.

Eisen
De voormalige ondernemer legde een lijstje neer met duidelijke eisen. “We wilden een ecologisch verantwoorde woning. Niet te hoog en gestroomlijnd, omdat we hier aan het water op een windrijke locatie zitten”, vertelt hij.

Kalkhennep
Het echtpaar schakelde architectenbureau Werkstatt in voor het ontwerp. Zowel het huis als het bijgebouw zijn opgetrokken in kalhennep, dat is gestort in lagen. Een bijzondere keuze. “Kalkhennep biedt een aantal voordelen. Het ‘ademt’, haalt CO2 uit de lucht, is brandwerend, heeft isolerende en akoestische kwaliteiten en is aan het einde van de levensduur makkelijk te composteren.”

Stucwerk
De kalkhennep bestaat uit de houterige kernen van de hennepstengels, gemengd met water en kalk. Het wordt gestort in een bekisting en hardt in de lucht uit. De muren van de Oudegase woning zijn aan de binnenkant gestuct met kalk en bij het noord- en zuidwesten waar de weersinvloeden het sterkst zijn, is ook aan de buitenkant kalkstuc aangebracht.

Hout
Zowel de woning als het bijgebouw hebben een zinken dak met spouw en isolatielaag van hennepwol. Voor de constructie is gebruik gemaakt van eikenhout. Ook elders in de woning is hout toegepast, zoals Red Cedar voor de kozijnen. Het huis heeft een kanaalplaatvloer met cementdekking en een afwerklaag van kalk.

Passieve maatregelen
Door slim gebruik te maken van de lokale omstandigheden wist Werkstatt de energievraag danig te minimaliseren. Zo opent de glazen pui (HR++) aan de zuidwestelijke zijde de woning naar het zonlicht toe. Aan de andere kant is het huis juist zo dicht mogelijk van opzet. Overstekken voorkomen onnodige opwarming in de warme maanden.

RV
De ‘ademende kalkhennepgevel’ heeft nog een ander voordeel: een gunstige RV. Waar menig duurzame woning een ‘woestijnklimaat’ heeft, omdat de isolatie de luchtvochtigheid ongunstig beïnvloedt, blijft het aangenaam vertoeven in de Friese woning. Overigens heeft de woning ook een eigen natuurlijk ventilatiesysteem met schuiven onder en boven in de gevels.

PV-panelen
Het dakoppervlak is goed benut: er liggen 26 pv-panelen, daarmee heeft het echtpaar een ‘energieplus woning’. “Helemaal off-grid gaan is een optie zodra er goede accu’s op de markt zijn en de grondstoffen daarvoor kunnen worden gewonnen zonder kinderarbeid en zonder een aanslag te doen op de natuur.”

Houtkachel
Voor het koken, de productie van warm tapwater en de ruimteverwarming beschikt het huis over twee houtkachels. Ze werken op basis van het rocket stove principe. “Daardoor is er sprake van een zo schoon en efficiënt mogelijke verbranding”, vertelt Lambriex. De twee houtkachels staan aan de weerszijden van een lemen tussenwand. Deze fungeert als massa accumulator. Tegelijkertijd is ook de rookgasafvoer in de lemen wand opgenomen. Daarnaast liggen er op het dak van het bijgebouw 50 heatpipes. Deze zorgen voor de lokale verwarming en de productie van warm tapwater. Mede daarom staat er een buffervat beneden van 1000 l. Mocht het bijgebouw een overschot hebben, dan kan via een transportleiding ook een tweede buffervat (1000 l) in de bijkeuken van het huis worden gevoed. Beide buffervaten beschikken overigens ook over een elektrisch verwarmingselement voor de bovenste helft, mochten de heatpipes net iets tekortschieten. De ruimteverwarming vindt plaats via vloerverwarming op de begane grond. Daarnaast beschikt de badkamer boven in het huis over een eigen vloerverwarmingssysteem.

Sanitair
De twee gebouwen beschikken in het totaal over drie toiletten, waarvan één in een standaarduitvoering en twee composttoiletten. De composttoiletten zijn in feite houten stoelen, waaronder emmers staan met versgemaaid gras en houtzaagsel. De opbrengst wordt gebruikt voor de planten in de tuin en de eigen fruit- en groenenteelt. “Voor de rest is het sanitair vrij standaard, ja we hebben nog wel douchewater-wtw”, vertelt Lambriex.

Waterleiding
De woning heeft een eigen waterleidingaansluiting, maar die is, wonderlijk genoeg, alleen tijdens de bouw gebruikt. “We beschikken over een eigen regenwateropvang. Het regenwater gaat eerst door een helofytenfilter en komt dan in een betonnen bak van 20 kuub terecht. Voldoende om in het ergste geval 3 maanden te overleven. Als we het water willen drinken, voeren we het eerst door een koolstoffilter in de keuken. Daarnaast hebben we een septic tank voor grijs water met een overstort naar een slootje”, vertelt Lambriex.

Eindresultaat
Lambriex is erg in zijn nopjes met het eindresultaat. Hij had ook geluk met het bouwteam. De architect had al affiniteit met ecologisch bouwen, de aannemer wilde graag innoveren en de installateur was al vertrouwd met zelfvoorzienende concepten. “Het is wel een pré, heb ik gemerkt als opdrachtgever dat je weet wat je wilt en goed bent ingelezen.” Hoewel de eerste contacten al rond 2013 werden gelegd, ging de bouw pas drie jaar later van start. “We hadden veel voorbereidingstijd nodig, het was toch pionieren.” In 2019 werden de woning en bijgebouw opgeleverd. “Alles is naar wens verlopen. We hadden weliswaar alles top-geïsoleerd gebouwd, alleen het later binnen alles afstucen zette nog een keer de puntjes op de i.” 

Rocket stove

De houtkachels werken volgens het rocket stove principe, vertelt Lambriex. Wat betekent dat precies? Een rocket stove is een hittebron die gebruik maakt van een relatief kleine verbrandingskamer waarin hout wordt verbrand, en een geïsoleerde schoorsteen waarin de rookgassen vrij volledig worden verbrand voordat ze het kook-oppervlak bereiken. Door de efficiënte werking is slechts ongeveer de helft van de hoeveelheid brandstof nodig als bij een traditioneel open vuur waarboven gekookt wordt. De rocket stove wordt veel gebruikt in ontwikkelingslanden voor koken, het verwarmen van water en ruimteverwarming. De belangrijkste onderdelen van een rocket stove zijn:

1. De brandstofkamer: hierin wordt de brandstof (doorgaans hout) gestopt, van waaraf het naar de verbrandingskamer wordt aangevoerd.
2. De verbrandingskamer waar de verbranding van de brandstof plaatsvindt.
3. De schoorsteen, verticaal boven de verbrandingskamer, waarin verbrandingsgassen verbranden en waarin trek wordt opgewekt die het vuur brandende houdt.
4. De warmtewisselaar waar de warmte wordt overgedragen, bijvoorbeeld op een kookpan. Rondom de verbrandingskamer en de schoorsteen bevindt zich isolatie, waardoor de verbranding bij een zo hoog mogelijke temperatuur plaatsvindt. De brandstofkamer kan horizontaal zijn aangebracht, waarbij de brandstof handmatig wordt aangevoerd, maar hij kan ook verticaal zijn geplaatst waarbij de brandstof vanzelf door de zwaartekracht wordt toegevoerd. Als het vuur brandt, zorgt trek ervoor dat er nieuwe zuurstof door de brandstofkamer wordt aangezogen. De trek zorgt er tevens voor dat het vuur zich niet uitbreidt naar de brandstofkamer en dat er geen verbrandingsgassen in tegengestelde richting gaan stromen.

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Geen planning bij woningcorporaties om woningen te verduurzamen

Woningcorporaties worstelen met de vraag hoe ze hun bestaande woningvoorraad moeten verduurzamen. Met name de onzekerheid over technische oplossingen en ...
Verder Lezen

Circulaire basisschool met duurzame installatietechniek

Basisschool De Verwondering in Almere is een circulair en duurzaam gebouw. Dat betekent dat het gebouw makkelijk is te demonteren ...
Verder Lezen

Slimme woonconcepten met BENG-ambitie

De Belgische ventilatiefabrikant Duco zal vier ‘Duco at Home’ totaalconcepten presenteren tijdens de vakbeurs Building Holland. “Energiezuinigheid wordt in de ...
Verder Lezen

Aardgasloze woonconcepten

TBI WOONlab biedt zijn woonconcepten beterBASIShuis en lekkerEIGENhuis nu aardgasloos aan. Ook kregen de woonconcepten een upgrade. Naast aardgasloos behoren ...
Verder Lezen

Duurzaam warmte- en koudesysteem voor nieuwbouw

Gepubliceerd op

De gemeente Amsterdam en Eneco hebben een overeenkomst gesloten voor de aanleg van een van de grootste duurzame warmte- en koudeprojecten voor nieuwbouwwoningen in Nederland. Het systeem wordt gebouwd op het Amsterdamse Strandeiland. Bij de ontwikkeling van het nieuwste eiland van IJburg wordt een energieneutrale woonomgeving gemaakt, waarin dit duurzame warmte- en koudesysteem een belangrijk element vormt.

De woningen en voorzieningen die op Strandeiland komen, worden aangesloten op een lokale warmte- en koeling-voorziening. Eneco gaat hiervoor de warmte onttrekken uit het oppervlaktewater van het IJmeer, waarna het wordt opgewaardeerd naar warmte geschikt voor het warmtenet of opgeslagen in bodembronnen. Hiermee kunnen de toekomstige bewoners en gebruikers rekenen op een duurzaam systeem voor een comfortabele temperatuurbeheersing van het pand.

Criteria
Onder andere duurzaamheid en klanttevredenheid, voor zowel projectontwikkelaars als toekomstige bewoners, zijn belangrijke criteria in de ontwikkeling van het warmtenet. Eneco voldoet aan deze criteria, wat resulteert in een overeenkomst om 30 jaar lang warmte en koeling te leveren aan de bewoners en commerciële en maatschappelijke voorzieningen. In 2023 starten de eerste werkzaamheden, zodat in 2025 de eerste bewoners van Strandeiland direct gebruik kunnen maken van het nieuwe warmte- en koudesysteem.

Investeren in een duurzame stad
De aanleg van het warmte- en koudesysteem op Strandeiland draagt in belangrijke mate bij aan de ambitie van Amsterdam om in 2040 aardgasvrij te zijn als stad. In Amsterdam zijn meerdere vergelijkbare warmtevoorzieningen al in gebruik, bijvoorbeeld op het naastgelegen Centrumeiland en rond de kantoren van de Zuidas. De WKO voorziening op Strandeiland is straks het grootste duurzame warmtesysteem van Nederland voor 8.000 huizen, waarvan circa 40% sociale huur is, en 120.000 m2 aan voorzieningen zoals scholen, winkels en horeca.

Duurzame stadswijk
Door de ligging aan de IJburgbaai, het lange stadsstrand en de relatie met het water, wordt Strandeiland een ontspannen woonomgeving, uniek in Amsterdam. Duurzaamheid is hier enorm belangrijk. De woningen worden met duurzame materialen gebouwd op een natuur inclusieve wijze, dat wil zeggen met bijvoorbeeld ingebouwde vogelnestkastjes en groene daken. Zonnepanelen op de woningen wekken evenveel energie op als de bewoners nodig hebben. De ambitie is om Strandeiland zelfs energieleverend te maken; het levert meer energie op dan het verbruikt.

Hoge ambities rond nieuwbouw en verduurzaming zijn realiseerbaar

De ambitie van het kabinet is om tot en met 2030 900.00 nieuwbouwwoningen te realiseren en 1.500.000 bestaande woningen aardgasvrij ...
Verder Lezen

Duurzaam warmte- en koudesysteem voor drie deelgebieden in Amsterdam

Energieleverancier Eneco gaat zorgen voor het collectief warmte- en koudenet voor verwarming, koeling en warm kraanwater in drie deelgebieden in ...
Verder Lezen

Installaties in circulaire (ver)nieuwbouw

Is het wel mogelijk om circulaire installaties te ontwerpen? Met die vraag in het achterhoofd wordt nu geëxperimenteerd in een ...
Verder Lezen

Kennisclip: koudetechniek voor niet koudetechnici

Op een normale werkdag volgen zo’n tweehonderd monteurs en mbo-studenten praktijk- en theorielessen bij Opleidingscentrum GO. Nu ligt de parkeerplaats ...
Verder Lezen

Bouw grootste warmtepomp van Nederland van start

Gepubliceerd op

Op dinsdag 5 juli is het startsein gegeven voor de bouw van de grootste warmtepomp van Nederland. De pomp maakt onderdeel uit van een aquathermie-installatie van Eneco waarmee straks duurzame warmte wordt geproduceerd voor circa 20.000 huishoudens in gemeente Utrecht en Nieuwegein. De warmtepomp komt te staan op het terrein van de rioolwaterzuivering Utrecht van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR). Daar gaven dagelijks bestuursleden Constantijn Jansen op de Haar en Els Otterman van De Stichtse Rijnlanden samen met Cees de Haan en Manja Thiry van Eneco het officiële startsein voor de bouw. Bij een voorspoedig verloop van de bouw vormt de installatie eind 2023 een nieuwe duurzame warmtebron.

Op het terrein van de rioolwaterzuivering Utrecht wordt dagelijks zo’n 65 miljoen liter afvalwater gezuiverd. Het afvalwater dat de zuivering binnenkomt is relatief warm. Met de komst van de aquathermie-installatie vloeit de warmte niet meer weg, maar wordt de temperatuur van het gezuiverde water gebruikt voor het warmtenet. Met een warmtewisselaar en de warmtepomp wordt het water van het warmtenet op een hoge temperatuur van 75 graden gebracht. Daarna wordt dit water aan het warmtenet geleverd. Om continu te kunnen beschikken over voldoende warmte realiseert Eneco ook een buffervat van ongeveer 18 meter hoog en 18 meter breed.

583.000 GJ aan warmte
Om de warmtepomp aan te sluiten op het bestaande warmtenet, legt Eneco een nieuwe warmteleiding van 600 meter lang aan. Jaarlijks levert de installatie dan 583.000 GJ aan warmte aan het stadswarmtenet. Dit is voldoende om circa 20.000 woningen te voorzien van duurzame warmte. Dat is zo’n 15% van de totale warmtevraag van het stadswarmtenet van Utrecht en Nieuwegein. Het warmtepompgebouw zelf gaat ook energie opwekken doordat het wordt voorzien van 177 zonnepanelen die samen jaarlijks 40.000 kWh aan energie opleveren. Dat is vergelijkbaar met het energieverbruik van 13 huishoudens.

Klimaatneutraal
Zowel Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden als Eneco hebben de ambitie klimaatneutraal te worden. Door de nauwe samenwerking van beide partners in het combineren van rioolwaterzuivering met het opwekken van warmte ontstaat een nieuwe duurzame warmtebron. Hiermee investeren zij direct in het verduurzamen van de stadswarmte van gemeente Utrecht en Nieuwegein. Gemeenten die eveneens de ambitie hebben om klimaatneutraal te functioneren.
Els Otterman, dagelijks bestuurder HSDR: “Aquathermie is een duurzame warmtebron met veel potentie, zonder de bezwaren van wind- en zonne-energie. Maar liefst 40% van de woningen en bedrijfsgebouwen in onze regio kunnen  we verwarmen met warmte uit afvalwater en oppervlaktewater. De bouw van deze warmtepomp is dan ook een prachtig inspirerend en concreet voorbeeld voor gemeenten, energiebedrijven en andere samenwerkingspartners.”
Cees de Haan, Directeur Asset Development Eneco: “Samen met Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden zetten wij in op het versnellen van de energietransitie. Met de installatie die we nu bouwen, zijn we in staat om aanwezige restwarmte in het rioolwater te benutten voor ons warmtenet in Utrecht en Nieuwegein. Hiermee voorzien we vanaf eind 2023 circa 20.000 huishoudens van duurzame warmte. Een prachtig voorbeeld van een volledig duurzame energievoorziening.”

In jaar tijd 17 keer zoveel aanvragen voor warmtepompen

Dinsdag 17 mei werd bekend dat de (hybride) warmtepomp vanaf 2026 de standaard wordt. Uit cijfers van de Nederlandse offertevergelijker ...
Verder Lezen

‘Terugverdientijd warmtepomp iets meer dan 5 jaar’

Een op de zes Nederlanders overweegt de aanschaf van een warmtepomp wanneer de terugverdientijd hooguit vijf jaar bedraagt. Een even ...
Verder Lezen

Monoblock warmtepompen met aanvoer tot 75 °C

Onlangs is NIBE gestart met de levering van de NIBE S2125-serie. Deze modulerende lucht/water monoblock warmtepompen kunnen breed worden toegepast ...
Verder Lezen

Nederlandse startup introduceert AI gedreven hybride warmtepomp

De Nederlandse startup Quatt heeft de ambitie om de komende tien jaar één miljoen Nederlandse woningen te verduurzamen met een ...
Verder Lezen

‘Kabinet maakt verduurzaming gebouwde omgeving nóg aantrekkelijker’

Gepubliceerd op

Techniek Nederland is blij met de plannen die het kabinet vandaag presenteert om de verduurzaming van de gebouwde omgeving te versnellen. Voorzitter Doekle Terpstra: ‘Het kabinet heeft stevige ambities. Die zijn ook nodig om de klimaatdoelstellingen te halen. De technieksector gaat alles op alles zetten om de plannen te realiseren.’

Terpstra: ‘Het kabinet geeft een duidelijke richting aan voor verduurzaming van de gebouwde omgeving. De opgave is groot, maar samen met de overheid en onze ketenpartners zetten we er de schouders onder.’

Verduurzaming nóg aantrekkelijker
Met een mix van normering, beprijzing, financiering, subsidiëring en ondersteuning wil het kabinet de verduurzaming van woningen versnellen. Terpstra: ‘Verduurzamen loont, zeker met de huidige energieprijzen. Met deze maatregelen maakt het kabinet verduurzaming nóg aantrekkelijker.’ Ook de aanpak van utiliteitsgebouwen kan rekenen op instemming van de installateurskoepel.

Natuurlijke momenten voor verduurzaming
Het kabinet wil natuurlijke momenten benutten voor verduurzaming. Denk aan vervanging van de cv-ketel, groot onderhoud en aankoop van een nieuwe woning. Terpstra: ‘Dat is een goede aanpak. Op zulke momenten blijft de overlast voor bewoners beperkt en kunnen installateurs de woning efficiënt aanpakken.’ Verduurzaming krijgt een meer verplichtend karakter. ‘Dat is ook nodig, maar vraagt ook de inzet van het kabinet om draagvlak te behouden.’ Het kabinet wil ook wijken collectief verduurzamen. Techniek Nederland denkt dat de verduurzaming daardoor beter te plannen en te organiseren is.

Technische vakmensen zijn hard nodig
Terpstra benadrukt dat het wel zaak is om snel méér mensen te laten instromen in de techniek. ‘We hebben veel mensen nodig om warmtepompen te plaatsen, zonnepanelen aan te sluiten en warmtenetten te realiseren. Een actieplan voor het technisch beroepsonderwijs is daarom dringend nodig. We willen hierover snel in gesprek met het kabinet. Het tekort aan technische vakmensen hoeft niet de showstopper voor de energietransitie te worden. Maar dan moeten we wél op korte termijn de juiste maatregelen nemen.’

60% CO2-reductie in 2030
Het plan van het kabinet is erop gericht de CO2-uitstoot met 60% terug te dringen in 2030. Dat moet onder meer gebeuren door het programma hybride warmtepompen, het Nationaal Isolatieprogramma, de versnelde aanpak van utiliteitsgebouwen en méér duurzame warmtebronnen en -netten. Ook innovatie en een continue opdrachtenstroom moeten de versnelde verduurzaming mogelijk maken.

Daikin breidt circulaire koudemiddel strategie uit

Gepubliceerd op

Daikin Applied Europe heeft onlangs zijn L∞P programma uitgebreid en gaat gecertificeerd, gerecycled R-134a-koudemiddel gebruiken voor koudwatermachines/warmtepompen. De doelen van het programma zijn: het creëren van een circulaire koudemiddeleneconomie, het bijdragen aan een naleving van het milieubeleid van Daikin Industries voor 2050 en het voorkomen van de jaarlijkse productie van nieuw koudemiddel, waaronder zowel R-134a als R-410A (totaal 400.000 kg per jaar). Met de uitbreiding bespaart de fabrikant 60% meer koudemiddel ten opzichte van 2021.

Alles begint met het terugwinnen van het R-134a-koudemiddel uit de HVAC systemen in gebouwen door Daikin installatiepartners. Het koudemiddel wordt teruggewonnen en daarna gerecycled, waardoor het zijn oorspronkelijke kenmerken en kwaliteit terugkrijgt.

Circulair
Gerecycled koudemiddel is koudemiddelgas dat wordt teruggewonnen en opnieuw wordt verwerkt, op zo’n manier dat het dezelfde prestaties en kwaliteit als het originele koudemiddel kan leveren. Dit aspect wordt gewaarborgd door de Daikin-leveranciersprocedures en door het testen van de levering. De levering moet voldoen aan de AHRI700-vereisten (zuiverheid > 99,5%) en vervolgens wordt die bevonden als ‘even goed als het originele koudemiddel’. Het teruggewonnen R-134a-koudemiddel kan het onbeperkt worden teruggewonnen en hergebruikt.

Daikin neemt Experience Center in gebruik

Daikin Nederland heeft onlangs haar eerste Daikin Experience Center geopend, waar geïnteresseerden innovaties op het gebied van airconditioning, warmtepompen en ...
Verder Lezen

Daikin Europe breidt uit in opslag, trainingen en leveringen

Daikin Europe ziet een versnelde groei van warmtepompen in Europa. Het jaarlijks aantal geïnstalleerde warmtepompen zal in 2030 gegroeid zijn ...
Verder Lezen

Daikin verlengt samenwerking met de KNSB

Het sponsorcontract van Daikin met de schaatsbond, dat in 2018 begon en medio 2022 zou aflopen, wordt verlengd tot en ...
Verder Lezen

Daikin en Duco gaan partnership aan

Daikin Europe gaat een samenwerking aan met de Belgische fabrikant van ventilatiesystemen Duco in het segment van woonhuisventilatie. Daikin zal ...
Verder Lezen

Nederlandse huishoudens beperken energieverbruik

Gepubliceerd op

Uit een onderzoek van tado°, actief op het gebied van intelligent klimaatbeheer voor woningen, blijkt dat 61,1% van de huishoudens in Nederland in maart minder energie hebben verbruikt dan in de voorgaande jaren¹. 58,2% van de Nederlandse tado°-gebruikers zegt dat geld besparen de voornaamste reden is om hun energieverbruik te verminderen. 24,9% wil minder afhankelijk zijn van Russisch gas en 16,9% doet het vanwege het milieu.

Het onderzoek keek naar energiebesparingen en vroeg aan 3.300 Nederlandse tado°-gebruikers (in totaal aan meer dan 15.000 Europese tado°-gebruikers) of recente gebeurtenissen invloed hebben gehad op hun persoonlijke energieverbruik. Jaarlijks wordt voor grofweg €3,7 miljard aan gas en kolen naar Nederland geïmporteerd vanuit Rusland². Een andere bron spreekt over 5 miljard kuub gas³.

Afhankelijkheid verminderen
Sinds het begin van de oorlog in Oekraïne zoeken overheden, bedrijven en huishoudens manieren om hun afhankelijkheid van geïmporteerde energie te verminderen, met name aardgas. De resultaten van het onderzoek laten zien dat Europeanen energie-efficiëntie serieus nemen en actie ondernemen, concludeert tado°. Van alle Europese respondenten die in de poll hebben aangegeven dat ze hun energieverbruik hebben verminderd, wil 65,6% hoge energieprijzen vermijden, 18% wil minder afhankelijk zijn van geïmporteerd gas uit Rusland en 16,4% wil energie besparen vanwege het milieu.
Volgens de EU wordt 79% van het energieverbruik van een huis gebruikt voor verwarming en warm water, wat meestal met gas gebeurt⁴. Deze afhankelijkheid van gas voor verwarming creëert een directe link tussen recente politieke gebeurtenissen en het comfortniveau in Europese huizen. De resultaten van het onderzoek tonen aan dat Europese huishoudens in actie komen en actief proberen hun impact te verminderen.

¹ 3.300 Nederlandse tado°-gebruikers ondervraagd in april 2022
² Hoeveel gas Nederland jaarlijks uit Rusland haalt, is voor de buitenwereld geheim
³ Nederlanders willen massaal van het gas vanwege oorlog in Oekraïne | Energiecrisis | AD.nl
Heating and cooling

 

Gebouwen koelen met waterdruppels

Adiabatische koeling, het koelen door het effect van verdampend water, is geen onbekende technologie. Maar om het ook in gebouwen ...
Verder Lezen

Onverantwoordelijke verkoop verwarmingsapparatuur

Tijdens inspecties van verwarmingsapparatuur constateert de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) dat sommige aanbieders zoals technische groothandels en webwinkels, verwarmingsapparatuur ...
Verder Lezen

Kentallen energiegebruik en -besparing compleet herzien

ISSO heeft het Praktijkboek Energiecijfers en -tabellen (versie 2021) uitgebracht. Dit Praktijkboek bevat kentallen over energiegebruik en de energiebesparing van ...
Verder Lezen

Energiebeheer en -facturering inéén

Belimo, fabrikant van klepaandrijvingen, regelkleppen en sensoren voor verwarmings-, ventilatie-, en luchtbereidingstechnologie, introduceert een assortiment Belimo Energy Valves™ en energiemeters, ...
Verder Lezen

200 miljoen voor collectieve warmtesystemen

Gepubliceerd op

Het Nationaal Groeifonds heeft het consortium NieuweWarmteNu! (NWN!) een voorwaardelijke bijdrage toegekend, van 200 miljoen euro. Als de toekenning definitief wordt, kunnen maximaal 10 collectieve warmteprojecten in de gebouwde omgeving en de glastuinbouw worden ontwikkeld als vervanging voor verwarming met aardgas. Afhankelijk van de snelheid van het vervolgtraject kunnen de eerste projecten in 2023 met de bouw starten. Het project heeft een looptijd van vier jaar vanaf toekenning.

Het consortium is gematigd tevreden dat de Groeifondscommissie onder voorwaarden een bijdrage van het Nationaal Groeifonds heeft toegekend. Teun Bokhoven, voorzitter van de stuurgroep: “De huidige situatie in Europa vraagt een versnelling van de energietransitie, waaronder de warmtetransitie. Het reduceren van aardgasimport door het gebruik van duurzame warmte is extra urgent geworden. NWN! kan daar een substantiële bijdrage aan leveren in de periode tot 2030. NWN! versterkt bovendien de Nederlandse economie en leidt tot een aanzienlijke CO2-reductie. We willen daarom op korte termijn met de commissie in gesprek om snel invulling te kunnen geven aan de voorwaarden voor hun bijdrage aan NWN!”.

Versnelling
In het consortium NWN! werken overheden, (warmte) bedrijven, netbeheerders, energiecooperaties en kennisinstellingen samen om een versnelling te geven aan de inzet van duurzame collectieve warmtesystemen. Naast de projecten die NWN! wil realiseren voor de aanleg van duurzame collectieve warmtesystemen in de gebouwde omgeving en de glastuinbouw, worden diverse innovaties in de praktijk gedemonstreerd. Hierdoor wordt de benutting van duurzame warmtebronnen zoals geothermie, restwarmte, zonthermie en aquathermie aanzienlijke vergroot, aldus het consortium.

Partijen
Het NWN! consortium bestaat op dit moment uit de volgende partijen: warmtebedrijven Eneco, Ennatuurlijk, Essent, HVC, SVP en Vattenfall, partijen die werken aan energie uit de ondergrond EBN, Engie/Equans, Huisman en Shell, partijen die werken aan energie uit water NWB Bank en verschillende waterschappen, gemeenten (Metropoolregio) Amsterdam, Den Haag, Groningen, Rotterdam en Utrecht, provincies Gelderland, Limburg en Zuid-Holland, brancheorganisaties Bodemenergie Nederland, Geothermie Nederland, Netbeheer Nederland en Netwerk Aquathermie, koepelorganisaties van energiecoöperaties EnergieSamen en Energie van Utrecht, Warmtenetwerk Westland (enkele tuinders, HVC, Capturam en gemeenten Westland en Midden-Delfland) en Warmte Samenwerking Oostland (gemeenten Pijnacker-Nootdorp, Lansingerland, Zuidplas, Waddinxveen en Zoetermeer), kennisinstellingen Deltares en TNO, en de ministeries van Economische Zaken en Klimaat (penvoerder) en van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.

Collectief wil innovaties in warmteketen versnellen

Verschillende partijen in de warmteketen zijn het warmtecollectief WarmingUP gestart. Het collectief heeft als belangrijkste doel de ontwikkeling van collectieve ...
Verder Lezen

Van collectieve naar individuele warmwaterinstallatie

In Serviceresidentie Frankenstate in Bergen zijn 90 Green Energy Smartboilers van Itho Daalderop geplaatst met een lease/koop-constructie. De boilers zijn ...
Verder Lezen

‘Vooral collectieve rookgasafvoer vraagt om extra aandacht’

De Gezondheidsraad waarschuwde er vandaag in de Volkskrant voor dat koolstofmonoxide al schadelijk is bij veel lagere concentraties dan tot ...
Verder Lezen

Buisleidingsysteem voor collectieve stadsverwarming

Viega heeft haar programma uitgebreid met Megapress S. Met het buisleidingsysteem Megapress kunnen dikwandig stalen buizen van bijvoorbeeld verwarmings-, koel- ...
Verder Lezen

Voorbereid op verwarmen met waterstof

Gepubliceerd op

De Vaillant ecoTEC plus is nu geschikt voor bijmenging van 20 procent waterstof aan het aardgas. De cv-ketel is getest en gevalideerd om zonder aanpassingen woningen te verwarmen en van warm water te voorzien. Het assortiment van Vaillant, producten die geschikt zijn voor bijmenging tot 20 procent waterstof, zal in de komende maanden verder worden uitgebreid.

Ronald Mazurel, manager product management bij Vaillant, laat weten zeer verheugd te zijn. “Deze duurzame ontwikkeling op het gebied van waterstof is essentieel in de ontwikkeling van klimaatneutrale energie-oplossing voor toekomstbestendige verwarmingssystemen. Daarbij heeft het toestel dankzij IoniDetect-technologie een verbeterd installatie- en onderhoudsgemak. Kortom, een duurzame en intelligentie cv-ketel van deze tijd.”

Routekaart naar 100 procent waterstof
In 2050 moeten alle woningen aardgasvrij zijn, met als doel bij te dragen aan het verminderen van de totale CO2-uitstoot in Nederland. Het verwarmen met groene waterstof is voor de langere termijn één van de kansrijke routes naar een duurzame toekomst, denkt Vaillant. Het bedrijf bereidt zich hier nu al op voor en heeft een routekaart opgesteld voor de transitie van cv-ketels op aardgas naar cv-ketels op waterstof:
- Nu is 20 procent waterstof bijmenging technisch mogelijk met de nieuwe ecoTEC plus cv-ketel die vorig jaar werd geïntroduceerd. Met het bijmengen van maximaal 20 procent waterstof kan een CO2-reductie van zo’n 7 procent per cv-ketel worden gerealiseerd. Vaillant bereidt zich hiermee voor op toekomstige wijzigingen in wet- en regelgeving waarin een grotere rol voor groene waterstof wordt verwacht als energiedrager.
- Vanaf 2025 is Vaillant voornemens om nieuwe cv-ketels te leveren die 100 procent H2 ready zijn. Deze cv-ketels zullen in een later stadium met een conversiekit worden omgezet naar werking op 100% waterstof.
- De verwachting bestaat dat er uiterlijk 2030 meer duidelijkheid is vanuit de overheid over de beschikbaarheid en precieze rol van waterstof voor gebouwen in Nederland. Vaillant bereidt zich voor op de toekomst en ontwikkelt tegelijkertijd nieuwe cv-ketels die uiteindelijk af-fabriek zijn ontworpen om te verwarmen op 100 procent waterstof.

Verduurzamingsroutes
Het realiseren van de klimaatdoelen vraagt volgens Vaillant om meerdere verduurzamingsroutes passend bij verschillende woonsituaties. Verduurzamen is nu onder meer mogelijk met hybride warmtepompen en all-electric warmtepompen. In combinatie met duurzame gassen in de toekomst - waaronder groene waterstof - kan een hybride warmtepomp bovendien een eindoplossing zijn richting 2050.

Interpretatie ‘Energieprestatie van Gebouwen’

Gepubliceerd op

Op de site van NEN is een interpretatiedocument te downloaden bij NTA 8800:2022 ‘Energieprestatie van Gebouwen’. Het document sorteert voor op de inwerkingtreding van het Besluit bouwwerken leefomgeving en is de basis van het Stelsel EPG.

In plaats van ‘Bouwbesluit 2012’ moet vanaf het moment van inwerkingtreding worden gelezen: ‘Besluit bouwwerken leefomgeving’. In sommige gevallen wordt in NTA 8800:2022 verwezen naar specifieke artikelen in het Bouwbesluit. Welke dat zijn, en welke dit worden in het Bbl, staat in het interpretatiedocument. Daarnaast bevat het interpretatiedocument enkele redactionele aanpassingen voor NTA 8800:2022.

Gevolgen
De redactionele aanpassingen in het interpretatiedocument bij NTA 8800:2022 hebben geen effect op de andere documenten en onderdelen van het EPG-stelsel zoals de opnameprotocollen en de software. De definitieve versies van de Wijzigingsbladen voor BRL9500-W, U en de BRL9501, zullen verwijzen naar het interpretatiedocument van NEN. Deze Wijzigingsbladen liggen momenteel bij de Raad voor Accreditatie ter beoordeling, en de definitieve versies zijn derhalve nog niet gepubliceerd.
Op de website van Energieprestatie van gebouwen staat meer informatie over het Stelsel EPG. Hier is ook het interpretatiedocument te downloaden.

Verwarmingsoplossing na 10 jaar ontwikkeling in testfase

Gepubliceerd op

Cooll uit Enschede test een in eigen beheer ontwikkelde verwarmingsoplossing, die naar eigen zeggen 30% op het gasgebruik van een hr-ketel bespaart. Dit rendement is onlangs bevestigd door het Fraunhofer Instituut. De primeur vindt plaats in Kampen, in een sociale huurwoning van Deltawonen. Het Enschedese bedrijf noemt de technologie veelbelovend, omdat de besparing zonder forse aanpassingen van de woning, en zonder ruimte- en comfortverlies wordt gerealiseerd.

Eind 2021 heeft KIWA de testmodellen flink aan de tand gevoeld en heeft de warmtepomp een CE GAR veldtest certificaat gekregen. “Het behalen van dit certificaat maakt deze veldtest mogelijk en geeft ons inzichten voor het definitieve productontwerp. De installatie en het gedrag van de warmtepomp  levert ons een schat aan informatie op voor de verdere ontwikkeling”, legt Stefan van Uffelen, CEO van Coll, uit.

Resultaten
Van Uffelen vervolgt: “Na meer dan tien jaar ontwikkeling van onze gepatenteerde thermische warmtepomptechnologie gaan wij nu de markt op. We gaan de wereld laten zien dat dit dé verwarmingsoplossing is van de toekomst. Niet alleen in Nederland uiteraard. Volgend jaar willen we 50 toestellen produceren waarvan ook een deel beschikbaar zal zijn voor pilots in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland. Dan begint voor Cooll ook het buitenlandse avontuur.”
De uit de Universiteit Twente voortgekomen onderneming heeft warmtepomptechnologie ontwikkeld die de huidige hr-ketel één op één kan vervangen. De adsorptiewarmtepomp van Cooll verwarmt met aardgas, maar zou op termijn ook kunnen verwarmen met andere groene gassen zoals waterstofgas.

Toekomstbestendig alternatief
Technisch dienstverlener Van Dorp liet eind vorig aar nog weten te investeren in deze nieuwe ontwikkeling. Het bedrijf is hierbij al 10 jaar betrokken en maakt met deze investering nu ook de opschaling mogelijk. Henk Willem van Dorp: “Vanuit onze intrinsieke motivatie om de wereld beter achter te laten, besteden wij veel aandacht aan de verduurzaming van installaties en gebouwen. We zetten hierbij in op duurzame technieken en kiezen voor all-electric waar het kan, maar geloven we ook in de technologie van Cooll omdat het een toekomstbestendig alternatief is voor gebouwen waarvoor een elektrisch of hybride warmtepompsysteem nog niet haalbaar is. Daarnaast is het systeem geschikt gemaakt om te verwarmen met waterstofgas, een ontwikkeling waar wij veel vertrouwen in hebben en graag in mee pionieren.”

Monoblock warmtepompen met aanvoer tot 75 °C

Onlangs is NIBE gestart met de levering van de NIBE S2125-serie. Deze modulerende lucht/water monoblock warmtepompen kunnen breed worden toegepast ...
Verder Lezen

Nederlandse startup introduceert AI gedreven hybride warmtepomp

De Nederlandse startup Quatt heeft de ambitie om de komende tien jaar één miljoen Nederlandse woningen te verduurzamen met een ...
Verder Lezen

Circulatieleidingen voor tapwater en warmtepompen

In nieuwe, hogere smalle woonhuizen, die populair zijn in de stedelijke omgeving, komt het relatief vaak voor dat er een ...
Verder Lezen

Warmtepomp met prefab installatieframe

De nieuwe warmtepomp Eria Tower Ace S van Remeha is een combitoestel dat vergezeld gaat van een installatieframe om de ...
Verder Lezen

Van het gas af maar bewoner centraal

Gepubliceerd op

Hoe kun je circulair en betaalbaar renoveren, waarbij gezondheid, comfort en de bewoner niet uit het oog worden verloren? Die vraag vormt het uitgangspunt van het internationale Active House Symposium op woensdag 13 april 2022 in De Doelen in Rotterdam.

Er komt veel af op gemeenten en corporaties. Woningen in Nederland moeten van het gas af, moeten voldoen aan de BENG en de Wet Kwaliteitsborging en dat alles met het Klimaatakkoord in het achterhoofd. Bij al die gewenste maatregelen wordt vooral de energetische kant belicht. Het welzijn van de bewoner dreigt onderbelicht te raken, waarschuwen de organisatoren van dit symposium.

Kwaliteit meetbaar maken
Hoe pak je een grondig, circulair renovatieproject aan als gemeente of corporatie of gebouwbeheerder? Waar begin je? Het internationale Active House Symposium wil hierop antwoord geven door te laten zien hoe je kwaliteit meetbaar kunt maken. Naast sprekers, worden er praktijkvoorbeelden getoond en er diverse deelsessies gehouden.

Bewoner centraal
Het Active House Symposium toont hoe je betaalbare, gezonde gebouwen kunt maken waarbij de bewoner centraal staat. Gebouweigenaren krijgen inzicht over hoe ze gezonde, veilige en toekomstbestendige buurten en woningen kunnen realiseren. De bezoeker komt alles te weten over gebouwen met een comfortabel binnenmilieu en het belang van veel daglicht. Daarnaast is er de uitreiking van de Active House Award en worden de hernieuwde Active House Specificaties gepresenteerd.

De sprekers
Sprekers deze dag zijn o.a. Active House-voorzitter Bas Hasselaar, Michel Baars van New Horizon. Architect Daan Bruggink, Wouter van Marken Lichtenbelt van de Maastricht University, ontwikkelaar en bouwer Yvonne van der Hulst en een keur aan buitenlandse sprekers als: Sinys Lynge, Emilia-Cerna Mladin, Song Yehao en Lone Feifer.

Klik hier voor het programma

 

Gasloos renoveren met warmtepomp en convectoren

NIBE en Jaga organiseren op donderdag 15 april samen een gratis webinar waarin de mogelijkheden worden besproken om bestaande woningen ...
Verder Lezen

Luxe appartementen nu gasloos dankzij luchtwarmtepompen

Op de Koemarkt in Purmerend staat een compleet nieuwe, multifunctionele evenementenlocatie: De Markthal. De naam en de uitstraling van het ...
Verder Lezen

Flexibel gasloos

Op de radio hoort Karel steevast een reclame van een bekend ketelmerk voorbij komen. De fabrikant biedt bij aanschaf van ...
Verder Lezen

Warmtepomp mét waterkoeler maakt kaasfabriek bijna gasloos

Voor een nagenoeg gasloos en duurzaam productieproces van verschillende kaassoorten is in een nieuw gebouw van kaasfabriek Rouveen Kaasspecialiteiten in ...
Verder Lezen

Helmondse wijken schakelen over op aquathermie als warmtebron

Gepubliceerd op

In de Helmondse wijken Rijpelberg en Brouwhuis ontwikkelt warmtebedrijf Ennatuurlijk de grootste toepassing van aquathermie als warmtebron in de Benelux. Het bestaande warmtenet is er één van de eerste generatie, dus nog volledig gasgestookt. Het draait nu nog op twee stoom- en gasturbines (STEG’s), waarin bij verbranding van gas, elektriciteit wordt opgewekt. Rob Verhappen, key accountmanager bij Ennatuurlijk: “We gaan de gasturbines voorlopig wel behouden, maar dat zal in de toekomst alleen zijn voor piekmomenten of storingen. Het aardgas hiervoor zal dan op termijn vervangen moeten worden door bijvoorbeeld biogas of waterstof. Andere innovatieve bronnen, zoals aquathermie of lokale warmte uit de industrie, hebben in Helmond de échte toekomst.”

Ennatuurlijk onderzoekt momenteel de mogelijkheid om warmte uit het oppervlaktewater van de Zuid-Willemsvaart te halen. Met aquathermie slaat een warmte/koudeopslag (WKO) in de zomer warmte uit het water op in de bodem, om die in de winter te kunnen gebruiken. Hoewel de technologie niet meer helemaal nieuw is, is het in de Benelux nog niet zo groot toegepast als Ennatuurlijk het wil gaan doen. “Aquathermie heeft veel voordelen”, aldus Rob Verhappen. “Het gebruikt bijvoorbeeld relatief weinig stroom om de warmte te onttrekken, en het heeft ecologisch weinig impact.” Volgens hem kan een goede toepassing van alléén aquathermie al 50 procent CO2-reductie betekenen voor de warmtevraag in Helmond. “De benodigde elektriciteit willen we graag zo veel mogelijk duurzaam opwekken. En het is niet de enige bron die we voor de toekomst voor ogen hebben.”

Andere lokale bronnen van warmte
Verspreid over heel Nederland haalt Ennatuurlijk op veel verschillende manieren warmte uit de omgeving. Warmte uit de industrie bijvoorbeeld, waar vrijgekomen warmte uit bijvoorbeeld lokale industriële processen het warmtenet voeden, is voor Helmond óók een optie. “Maar ook ondiepe aardwarmte belooft veel goeds voor de toekomst”, zegt Verhappen. “We willen tot 2040 flink groeien. Niet alleen in Helmond, maar in heel Nederland. Het is daarom goed om te zien hoeveel duurzame innovaties er ontstaan om alternatieve energiebronnen aan te boren. In Helmond komen die de komende jaren samen om de stad een heel stuk duurzamer te maken.”

Nederlandse startup introduceert AI gedreven hybride warmtepomp

Gepubliceerd op

De Nederlandse startup Quatt heeft de ambitie om de komende tien jaar één miljoen Nederlandse woningen te verduurzamen met een door kunstmatige intelligentie (AI) gedreven hybride warmtepomp. Hiervoor heeft het bedrijf €265.000 aan financiering opgehaald. Opvallend is dat Quatt de hybride warmtepomp direct online aan de consument gaat aanbieden.

De benodigde hoge investering voor de installatie van warmtepompen in bestaande woningen weerhoudt dit segment van de beoogde energietransitie. Deze woningen zijn onvoldoende geïsoleerd om over te stappen op een volledig elektrische warmtepomp. Daarnaast heb je hiervoor aangepaste radiatoren of vloerverwarming nodig. Voor startup Quatt reden om in te zetten op hybride warmtepompen, waarbij de cv-ketel in gebruik blijft en er geen additionele aanpassingen nodig zijn in de woning. Hiermee kunnen de naar schatting 7.5 miljoen bestaande woningen in Nederland zonder warmtepomp, voor minder dan een kwart van de kosten, zonder additionele investering in de woning tot 80% van het gas af, aldus de startup.

Innovatie is kind van de rekening
Dit maakt de positieve milieu-impact van de hybride warmtepomp op nationale schaal vele malen groter dan die van all-electric warmtepompen, zo bedachten de broers, Bas en Marijn Flipse, oprichters van de startup. “De hybride warmtepomp bestaat al enige tijd, maar is de afgelopen jaren nauwelijks doorontwikkeld. En dat heeft alles te maken met de markt en de leveringsketen, die innovatie in de weg staat,” aldus Bas. “Wanneer niemand een substantieel deel van de leveringsketen beheerst en de productontwikkeling ver van de eindgebruiker staat, is innovatie het kind van de rekening. Traditionele partijen blijven dan gewoon doen waar ze goed in zijn: importeren, verkopen of installeren.”
En dus namen de broers met startup Quatt het heft in eigen handen door het concept van de hybride warmtepomp verder te ontwikkelen, te innoveren en deze direct online aan de consument aan te bieden. Met €265.000 aan opgehaalde financiering staat de startup in de startblokken om de adoptie van warmtepompen te accelereren en duurzame impact te maken. De stip op de horizon is om de hybride warmtepompen van Quatt te installeren in tot 1.000.000 Nederlandse woningen.

Complex aansturingsprobleem
De belangrijkste innovatie bij de nieuwe hybride warmtepomp van Quatt zit in de regeltechniek voor efficiënte inzet en lagere energiekosten voor de consument. Marijn legt uit: “Bij het toepassen van een hybride warmtepomp ontstaat een complex aansturingsprobleem. Ieder huis is verschillend, qua volume, isolatie en verwarmingstype. Daarnaast heb je te maken met twee verwarmingsbronnen: de warmtepomp en de cv-ketel. In principe wil je de warmtepomp zoveel mogelijk gebruiken, maar de efficiëntie van de warmtepomp is niet constant en wordt lager naarmate de buitentemperatuur daalt. Ook werkt een warmtepomp op relatief lage temperaturen. Er zijn dus momenten waarop het voordeliger of noodzakelijk wordt om de cv-ketel toch even aan te zetten. Tot slot heb je ook nog eens te maken met externe factoren, zoals fluctuerende elektriciteitsprijzen en natuurlijk het weer. Je wilt dus dat jouw warmtepomp hier allemaal rekening mee houdt, zodat deze vaker en efficiënter wordt ingezet, bijvoorbeeld wanneer de elektriciteitsprijzen laag zijn.”

Artificial Intelligence
Quatt denkt een adequate oplossing te bieden voor dit regelprobleem met een op Artificial Intelligence en Machine Learning gebaseerd aansturingssysteem. Hierdoor wordt de inzet van de hybride warmtepomp verhoogd, wat kan leiden tot een additionele kostenbesparing van tot ongeveer 20% ten opzichte van traditionele hybride warmtepompen, denken de mannen van Quatt. Ten slotte worden de hybride warmtepompen van Quatt direct aan de consument geleverd, waardoor de huidige lange leveringsketens via fabrikant naar installateur naar de woning achterwege blijft. Dit resulteert in een prijs die gemiddeld 30-50% lager ligt dan die van traditionele hybride warmtepompen, aldus de startup.

‘All-electric ready’
Het argument dat Nederland met hybride warmtepompen niet écht van het gas af gaat leggen oprichters Marijn en Bas naast zich neer: “Natuurlijk wil je uiteindelijk helemaal van het gas af. Daarom maken we onze warmtepomp ‘all-electric ready’. De hardware en software is voorbereid op het aansluiten van een hoge-temperatuur warmtepomp die we in de toekomst op de markt zullen brengen. Hiermee kunnen de Nederlandse woningen stapsgewijs, makkelijk en betaalbaar helemaal van het gas af.”
Inmiddels zijn er bij Quatt in de afgelopen maand ruim 100 pre-orders voor de hybride warmtepompen geplaatst, die naar verwachting in de herfst van 2022 worden geïnstalleerd.

 

 

Woning op waterstof moet draagvlak creëren voor aardgasvrij gasnet

Gepubliceerd op

Sinds deze week stroomt er via een container waterstof naar een woning in het Zuid-Hollandse Stad aan ’t Haringvliet. In dit zogenaamde Inspiratiehuis, midden in een woonwijk, kunnen de inwoners bekijken hoe een woning met waterstof wordt verwarmd. In het project Stad Aardgasvrij werkt Stedin samen met onder meer de gemeente Goeree-Overflakkee en inwoners van Stad aan ‘t Haringvliet om in 2025 volledig aardgasvrij te zijn. Voorwaarde is dat minimaal 70% van de inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties in Stad aan ’t Haringvliet al in 2025 van het aardgas af wil. Daarom volgt er later dit jaar vanuit Stad Aardgasvrij een draagvlakmeting onder de inwoners en ondernemers in het dorp.

Stad Aardgasvrij is voor Stedin een belangrijk demonstratieproject. In dit project werkt Stedin onder andere samen met de gemeente Goeree-Overflakkee, Remeha, GasTerra en Nefit-Bosch die de waterstof cv-ketels leveren, energieconsultant DNV, installateur Kievit Warmte en woningcorporatie Oost West Wonen die de woning beschikbaar heeft gesteld. Met de lokale brandweer, DCMR en de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond zijn alle vereisten op het gebied van veiligheid geborgd.

Draagvlak
“In 2020 hebben we 14 sloopwoningen in Uithoorn verwarmd met waterstof en aangetoond dat het mogelijk is om het bestaande aardgasnet om te bouwen naar waterstof”, vertelt David Peters, CTO van Stedin. “In Stad aan ’t Haringvliet doen we het onderzoek in een tussenwoning waar links en rechts buren wonen. Hiermee laten we zien dat ons gasnet in de praktijk geschikt is om van aardgas naar waterstof over te gaan. Bij voldoende draagvlak, is het dan mogelijk dat alle woningen in het dorp in 2025 verwarmd worden met waterstof. Voor Stedin is dit project belangrijk om te laten zien dat we waterstof door het bestaande gasnet kunnen transporteren voor de verwarming van woningen.”

Goede optie
“Ik ben erg trots op dit project, vooral om hoe er wordt samengewerkt met de inwoners van Stad aan ’t Haringvliet. Want dat maakt het project Stad Aardgasvrij zo bijzonder, vertelt wethouder Tea Both-Verhoeven (Duurzaamheid en Innovatie) van de gemeente Goeree-Overflakkee. “Een groep inwoners van Stad onderzocht samen met de gemeente en deskundigen uit het bedrijfsleven hoe hun dorp het beste van het aardgas af kan, en waterstof bleek een goede optie. We produceren veel groene energie op ons eiland, waardoor waterstof hier op een duurzame manier gemaakt kan worden. En we blijven intensief samenwerken met de inwoners van Stad en gaan ze ook vragen om hun stem. Als minimaal 70% uiteindelijk achter het plan staat, gaan we door.”

Ombouw naar waterstof
Aangezien er nog geen waterstof via het bestaande aardgasnet beschikbaar is, wordt voor de ombouwproef in Stad aan ’t Haringvliet waterstof gebruikt die is opgeslagen in een container (zie foto). Vanuit de waterstofcontainer gaat de waterstof via de bestaande gasleiding onder de grond naar het Inspiratiehuis. In de ombouw naar waterstof is de gasleiding zorgvuldig gecontroleerd op lekdichtheid. Door de leiding eerst te spoelen en te beproeven met stikstof en vervolgens met waterstof, is vastgesteld dat de leidingen lekdicht zijn. In het Inspiratiehuis hangen drie waterstof cv-ketels. Deze ketels zijn geïnstalleerd op de eerste verdieping in een van de kamers en uitgebreid getest. De komende twee maanden wordt de woning verwarmd met waterstof.

Rol waterstof in de gebouwde omgeving
Vóór 2030 verwacht Stedin niet dat waterstof een grote rol gaat spelen in de gebouwde omgeving, maar wel een belangrijke. Om na 2030 waterstof als volwaardig alternatief in te kunnen zetten is het daarom belangrijk om kennis en ervaring op te doen en te ontdekken welke rol waterstof kan krijgen. Innoveren en experimenteren.

Sprinkler op accu voor gebouwen

Gepubliceerd op

Boele Fire Protection introduceert een sprinkler- of watermistsysteem voor gebouwen dat werkt op een accu. Niet alleen is het een duurzame brandveiligheidsoplossing maar het heeft tevens een hogere betrouwbaarheid en kan forse besparingen opleveren, benadrukt de fabrikant. Het eerste systeem zal de komende maanden worden geïnstalleerd bij de Churchill Tower in Rijswijk.

De Battery Power Supply (BPS) is een accupakket bestaande uit batterijen en een omvormer die een elektrische sprinkler- of watermistsysteem voeden. Met dit systeem is ruim voldoende energie beschikbaar om periodieke testen aan de installatie(s) uit te voeren en calamiteiten zoals een brand te bestrijden.

Voordelen
Peter Boele, oprichter van Boele Fire Protection en verantwoordelijk voor Business Development, licht toe: “We hebben veel research gedaan naar een elektrisch sprinkler- en watermistsysteem dat werkt op een accupakket. De voordelen zijn groot: de totale installatie is eenvoudiger, ook voor middelgrote organisaties betaalbaar, de betrouwbaarheid is nog hoger dan gebruikelijk en er is geen sprake meer van geluidsoverlast en emissies zoals bij dieselaggregaten. Voor het product is octrooi aangevraagd en de oplossing is volledig gecertificeerd. De Battery Power Supply kent de grootste voordelen bij toepassing in kleinschalige tot middelgrote hoogbouw zoals appartementencomplexen, fabrieken, kantoren en parkeergarages.”

Gemakkelijke aanleg
Met de Battery Power Supply kan de stroomaansluiting van een sprinkler- of watermistinstallatie substantieel lichter worden uitgevoerd en zijn dikke voedingskabels en transformatoren voor sprinklerpompsets overbodig. Hierdoor kunnen de aanlegkosten tientallen procenten lager uitvallen, aldus de fabrikant. Vanzelfsprekend zijn de milieuvoordelen het grootst wanneer de accu´s met groene energie zijn geladen. Naast periodieke testen, wordt de Battery Power Supply jaarlijks onderhouden in dezelfde cyclus als van de pompset. De accu’s worden deze om de 8 à 10 jaar vervangen. Daarbij wordt rekening gehouden met onderhoud, inspecties en levensduur.

Herziene norm voor verbrandingsinstallaties

NEN 3028 ‘Eisen voor verbrandingsinstallaties’ is herzien en gepubliceerd ter commentaar. Tot nu toe was de norm van toepassing op ...
Verder Lezen

Veilig werken aan installaties voor gasverbranding

Om het aantal ongelukken door koolmonoxide terug te dringen, mogen werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties vanaf 2022 alleen nog worden uitgevoerd door ...
Verder Lezen

Herziene norm voor sprinklerinstallaties gepubliceerd

NEN heeft de Nederlandse aanvulling op de Europese (in het Nederlands vertaalde) norm voor ontwerp, installatie en onderhoud van automatische ...
Verder Lezen

BENG-regelgeving in de praktijk

Gepubliceerd op

In de praktijk blijkt de nieuwe BENG-regelgeving voor behoorlijk wat uitdagingen te zorgen bij de ontwikkeling, het ontwerp en de realisatie van nieuwbouwwoningen. Onzekerheid over de haalbaarheid van de eisen, het aantonen dat aan de eisen wordt voldaan en de consequenties bij het overschrijden van de eisen leidt tot hoofdbrekens. Om concrete antwoorden te geven op de vragen die spelen over de haalbaarheid en aantoonbaarheid van energieprestaties heeft House Energy Optimum (HEO) een serie kennispapers geschreven.

Deze serie papers bestaat uit vier delen:
1. Een jaar ervaring met BENG, lessen voor de toekomst
2. Bouwkundige maatregelen voor betere BENG-prestaties van woningen
3. Efficiënte installaties voor energiezuinige, comfortabele en gezonde woningen
4. Slimme nieuwbouwconcepten om te voldoen aan BENG, Energieneutraal en NOM

In het eerste deel staat wat er feitelijk is veranderd ten opzichte van het oude stelsel van EPC. De kennispaper deelt praktijkervaringen van het eerste jaar onder BENG en geeft lessen voor de toekomst. Zo is duidelijk wat de verschillen zijn tussen BENG-woningen, Energieneutrale woningen en NOM-woningen en welke eisen en voorwaarden hiervoor gelden. Bovendien laten het zien welke bewijsstukken u moet verzamelen voor het afgeven van het voorlopige energielabel voor de omgevingsvergunning en het definitieve energielabel voor de oplevering van een nieuwbouwwoning.

Het eerste deel van de serie kennispapers is gratis te downloaden op www.bouwheo.nl/download

Wilt u liever de samenvatting lezen? Deze is beschikbaar op: https://www.bouwheo.nl/downloads/samenvatting-kennispaper-heo-smart-concept-een-jaar-ervaring-met-beng-lessen-voor-de-toekomst-/

Brede coalitie wil grootste knelpunten op stroomnet aanpakken

Gepubliceerd op

Een brede coalitie van 14 partijen waaronder Techniek Nederland, netbeheerders, een aantal andere branches en overheid wil de komende kabinetsperiode structurele oplossingen realiseren voor de huidige knelpunten op het elektriciteitsnet. Daarmee wordt meer grootschalige productie van energie uit zon en wind mogelijk en kan de elektrificatie van woningen, vervoer en de industrie versnellen. Dat is belangrijk voor de verduurzaming van onze energiehuishouding en voor het vestigingsklimaat in ons land. De coalitie, onder de naam ‘Actieteam Netcapaciteit’, vraagt minister Jetten voor Klimaat en Energie onder meer om een aantal wettelijke aanpassingen. Ook is voor een stimuleringsprogramma voor innovatieve oplossingen 200 miljoen euro per jaar nodig uit de nieuwe middelen voor klimaatbeleid.

Nederland investeert nu al jaarlijks gemiddeld circa 3 miljard euro in het elektriciteitsnet om zon- en windparken te kunnen aansluiten en elektrificatie van zowel huishoudens als bedrijven mogelijk te maken. Daardoor is ons land wereldwijd één van de koplopers als het gaat om zonnestroom. Veel grote zon- en windparken, ondernemers en woningbouwprojecten wachten als gevolg van schaarste op het elektriciteitsnet echter op aansluiting. Ook voor de industrie moet vanwege de verduurzamingsplannen in het MIEK (Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat) veel capaciteit beschikbaar komen op het elektriciteitsnet. Voor de plannen van gemeenten en provincies, gebundeld in de RES’en (regionale Energie Strategie) is ruimte op het net ook onmisbaar.

Belemmeringen
Grote tekorten aan technici, lange realisatietermijnen en regelgeving belemmeren echter snelle verzwaring en aanpassing van het net. Ook kunnen domweg niet overal tegelijk de straten open. Voor de komende drie jaar staan er veel grote zon- en windparken op de planning die zonder creatieve oplossingen vooralsnog niet aangesloten kunnen worden. Het gaat dan om ruim 10 Gigawatt aan zonnestroom en 3,7 Gigawatt aan windprojecten die in de pijplijn zitten, goed voor het elektriciteitsverbruik van ruim 6 miljoen huishoudens.

Snelle oplossingen zijn nodig
Het nieuwe Actieteam Netcapaciteit wil voor de grootste knelpunten snelle oplossingen zoeken in de komende kabinetsperiode en schetst in haar voorstel de hoofdlijnen waarlangs dit kan. Daarbij ligt er een kans voor bestaande en nieuwe marktpartijen om slimme technieken in te zetten. Denk aan lokale opslag van energie, vraagstimulering of curtailment (regeltechnieken op basis van data, waarbij bijvoorbeeld aanbod-  of vraagpieken worden afgevlakt). Daarnaast blijven verzwaring van het net en congestiemanagement structurele oplossingen.

Randvoorwaarden
De 14 partijen nemen met hun voorstel verantwoordelijkheid voor gezamenlijke oplossingen maar vragen tegelijkertijd minister Jetten voor Klimaat en Energie om mede-eigenaarschap en concrete acties. Zo is op korte termijn invulling nodig van een aantal randvoorwaarden:
-           het verkorten van realisatietermijnen voor netuitbreiding, bijvoorbeeld door het inrichten van een fast lane met gespecialiseerde (juridische) beleidsmedewerkers;
-           De mogelijkheid voor overheden om – in overleg met betrokkenen – maatschappelijk afgewogen keuzes te maken bij het verdelen van de schaarse elektriciteit.
-           Snellere aanpassing van wet- en regelgeving die het mogelijk maakt dat netbeheerders en marktpartijen samen optimaal flexibiliteit (zoals batterijen) kunnen inzetten;
-           Onderzoek naar het effect van financiële prikkels in het technisch beroepsonderwijs. Denk bijvoorbeeld aan een afstudeerbonus voor mbo’ers techniek en extra financiering voor techniekopleidingen. Er zijn ook nu al veel te weinig technische vakmensen voor netverzwaring, maar óók om zonnepanelen en warmtepompen te plaatsen.

Stimuleringsprogramma
Voor de inzet van flexibiliteit en creatieve oplossingen adviseert het Actieteam Netcapaciteit een stimuleringsprogramma van jaarlijks 200 miljoen euro gedurende deze kabinetsperiode. Hiermee kan de invoering van bestaande en nieuwe technieken bij grote knelpunten in het net een impuls krijgen. Denk bijvoorbeeld aan grootschalige opslag of het sturen van de lokale vraag.

De volledige coalitie bestaat uit: Energie-Nederland, Energie Samen, Energy Storage NL, FME, Holland Solar, IPO, Koninklijke Bouwend Nederland, Netbeheer Nederland, NVDE, NWEA, Techniek Nederland, VNG, VNO-NCW/MKB Nederland en WENB.

 

Hernieuwbare energie vereist bij ingrijpende renovatie

Gepubliceerd op

Per 1 februari a.s. gaat er alsnog een eis gelden in verband met de minimale hoeveelheid hernieuwbare energie bij ingrijpende renovatie. Hierdoor is het installeren van bijvoorbeeld een warmtepomp, zonneboiler of zonnepanelen onvermijdelijk.

Een aangenomen motie van VVD’er Daniël Koerhuis werd door – toen nog – demissionair minister Ollongren van Binnenlandse Zaken naast zich neergelegd. In deze motie wilde Koerhuis van deze verplichting af. Volgens Ollongren biedt de richtlijn hernieuwbare energie (REDII) echter geen ruimte om huiseigenaren als categorie uit te zonderen van de verplichting tot een minimumwaarde hernieuwbare energie gebruik wanneer zij ingrijpend renoveren.

Minimumwaarde hernieuwbare energie
Europese lidstaten moeten op grond van artikel 15, vierde lid, van de REDII bij nieuwbouw en ingrijpende renovatie een minimumwaarde hernieuwbare energie eisen voor zover dit technisch, functioneel en economisch haalbaar is en rekening houdend met de resultaten van de kostenoptimaliteitsberekening, op voorwaarde dat dit de binnenluchtkwaliteit niet negatief beïnvloedt. Het is aan lidstaten om vast te stellen in welke specifieke gevallen het vanuit deze drie voorwaarden niet haalbaar is om aan de verplichting te voldoen. Deze eis wordt gesteld in artikel 5.6 (lid 5 en lid 6) van Bouwbesluit 2012 en – na inwerkingtreding van de Omgevingswet - artikel 5.20 (lid 6 en 7) van het Besluit bouwwerken leefomgeving.

Beleidsmatige redenen
Ollongren vond, naast juridische redenen, dat er ook beleidsmatige redenen zijn om huiseigenaren niet uit te zonderen van deze verplichting. Een ingrijpende renovatie van een gebouw vindt mogelijk slechts één keer in de 30 jaar plaats. Over 30 jaar, ruim na 2050, dient de gebouwde omgeving in Nederland klimaatneutraal te zijn, net als alle andere sectoren (industrie, landbouw en landgebruik, mobiliteit en de elektriciteitsvoorziening). Voor de gebouwde omgeving geldt dat een ingrijpende renovatie van een gebouw hét moment bij uitstek is om slimme keuzes te maken ten aanzien van de energievoorziening. Zo worden desinvesteringen voorkomen die niet passen bij een klimaatneutrale gebouwde omgeving in 2050. De Europese verplichting voor een minimumwaarde hernieuwbare energie bij ingrijpende renovatie is hiermee in lijn.

Bron: NEN

‘Véél technische vakmensen nodig voor One Planet plan van Eneco’

Er moet snel een Deltaplan komen voor de instroom van technische vakmensen met green skills. Alleen dan zijn de plannen ...
Verder Lezen

Vooral dankzij verduurzaming blijft omzet Bosch in pandemietijd stabiel

Ondanks de pandemie van het coronavirus handhaafde Bosch Thermotechnology in 2020 zijn omzet op het niveau van het voorgaande jaar: ...
Verder Lezen

Stimulerende maatregelen in duurzame warmte nodig

De warmtebranche heeft door de coronacrisis behoefte aan maatregelen om het investeringsklimaat voor duurzame warmte te verbeteren. Dat stelt Stichting ...
Verder Lezen

Binnen 20 jaar ruim 30 gebouwen overheid op schone energie

Rijksvastgoedbedrijf en het consortium Motion2040+, bestaande uit DWA, Rebel, TwynstraGudde en Witteveen+Bos, hebben afgesproken om voor 2040 ruim 30 overheidsgebouwen ...
Verder Lezen

Geen planning bij woningcorporaties om woningen te verduurzamen

Gepubliceerd op

Woningcorporaties worstelen met de vraag hoe ze hun bestaande woningvoorraad moeten verduurzamen. Met name de onzekerheid over technische oplossingen en onduidelijkheid op beleidsniveau zorgen ervoor dat driekwart van de ondervraagde woningcorporaties nog geen planning heeft gemaakt voor het gasarm of gasloos maken van hun woningvoorraad. Dit en meer blijkt uit het vandaag gepresenteerde ‘Marktonderzoek Verduurzaming Warmtevoorziening’ dat econic, met de financiële steun van de Rijksdienst voor Ondernemers (RVO) en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK), onder 60 woningcorporaties in Nederland heeft uitgevoerd.

Om inzichtelijk te krijgen op welke manieren woningcorporaties invulling geven aan het Klimaatakkoord, hoe zij de verduurzaming van hun woningen organiseren en welke mogelijkheden er zijn om het overstappen op duurzame alternatieven toegankelijker en attractiever te maken, verleenden RVO en EZK in 2021 subsidie aan een consortium van partijen die met hun projectplan ‘In twee stappen naar een aardgasvrije en comfortabele Nederlandse woonomgeving’ technische en financiële oplossingen zoeken om vastgoedpartijen te helpen bij hun verduurzamingsopgave. Het vandaag gepresenteerde marktonderzoek is de eerste output van het consortium, dat de markt onder andere inzicht moet geven in de rol die een hybride warmtepomp en de bijbehorende dienstverlening kunnen spelen in de verduurzamingsopgave van woningcorporaties.

Betrokkenheid is groot, uitvoering is een worsteling
Wat opvalt in de onderzoeksresultaten is dat de betrokkenheid van woningcorporaties bij de thema’s duurzaamheid, klimaat en CO2-reductie groot is. Doorrekeningen zijn gemaakt, visies opgesteld, adviseurs zijn ingeschakeld en er wordt volop samengewerkt, maar ondanks alle inspanningen wordt er duidelijk geworsteld met de vraag hoe de verduurzaming van de warmtevoorziening het best uitgevoerd kan worden en of deze haalbaar is. Met name voor hun bestaande woningvoorraad. Ook is het de vraag wat de beste technische oplossing per woningproject is: warmtenet, all-electric of hybride, individuele of collectieve systemen? Vaak zijn er verschillende oplossingen nodig voor het diverse woningbestand dat zich in meerdere gemeenten bevindt.

Routekaart voor de verduurzaming ontbreekt
Mede door de onduidelijkheden op zowel beleids- als oplossingenniveau heeft driekwart van de ondervraagde woningcorporaties nog geen concrete planning gemaakt voor het gasarm of gasloos maken van hun woningvoorraad. Het merendeel van de ondervraagden geeft aan dat het toepassen van nieuwe installatietechnieken om woningen gasarm of gasloos te maken pas gebeurt als alle woningen energetisch op niveau zijn gebracht door extra isolatie aan te brengen én wanneer corporaties er zeker van zijn dat ze spijtvrij kunnen investeren.

CO2-neutraal in 2050 is financieel niet haalbaar
Ruim 50 procent van de ondervraagden geeft aan dat de opgave van CO2-neutraal in 2050 voor hun organisatie financieel niet haalbaar is. De ondervraagden maken zich grote zorgen over de almaar stijgende bouwkosten en het gebrek aan menskracht en expertise in de bouwkolom, in hun eigen organisatie en bij gemeenten. Als gevolg daarvan kloppen eerdere doorrekeningen niet meer en zijn de kosten veel hoger dan waar eerder mee is gerekend. Daarbij komt nog de onzekerheid over de toe te passen technieken – all-electric of hybride, individueel of collectief. Ook geven de woningcorporaties aan  dat zij hun investeringen, die steeds groter worden door stijgende kosten, niet kunnen terugverdienen.

Het volledige marktonderzoek met daarin de belangrijkste observaties en conclusies is vanaf vandaag gratis te downloaden op econic.homes 

 

‘Groene ambities coalitieakkoord zijn stap in goede richting’

Techniek Nederland ziet perspectief in de groene ambities van het coalitieakkoord dat VVD, D66, CDA en ChristenUnie hebben gepresenteerd. Doekle ...
Verder Lezen

Energiebesparing met behoud van comfort

Het demissionaire kabinet heeft plannen om de gebouwde omgeving te verduurzamen. Er is €800 miljoen beschikbaar voor de warmtetransitie, waarvan ...
Verder Lezen

Energie uit damwanden

Door stalen damwanden te voorzien van collectoren, kunnen havenkades, kanaaloevers, bouwkuipen, dijken en alle andere waterkeringen ons van warmte en ...
Verder Lezen

Nieuwe vakdiscipline: Verduurzamer

Tijdens Building Holland is de oprichting van het Gilde van Verduurzamers aangekondigd. Initiatiefnemers Wietse Walinga (Smart Workplace/Duurzaam Gebouwd), John Lens ...
Verder Lezen

Circulaire basisschool met duurzame installatietechniek

Gepubliceerd op

Basisschool De Verwondering in Almere is een circulair en duurzaam gebouw. Dat betekent dat het gebouw makkelijk is te demonteren aan het einde van zijn levensduur. Bovendien zijn er de nodige passieve bouwkundige maatregelen genomen om ongewenste opwarming of warmteverlies te voorkomen. Gekozen is verder voor een ijsbuffer warmteopslagsysteem, geïntegreerd ontworpen met zonnecollectoren en andere energiebesparende systemen.

Rondom de basisschool staan bomen die het daglicht filteren. De centrale ruimte heeft overstekken. Klaslokalen met glaspartijen op het zuiden en zuidwesten hebben passieve zonwering bestaande uit een semitransparante luifel die directe zoninstraling verhindert. Ook de vegetatie op het dak en de klimrekken met beplanting op zonrijke gevels gaan oververhitting van het gebouw tegen.

Isolatie
De ramen zijn van dubbel of triple glas. De lemen binnenwanden hebben als extra voordeel dat ze de warmte of koude langer vasthouden. Ze fungeren dus dankzij hun thermische massa als buffers.

Stroom
Op het dak liggen onder andere PV-panelen. Ze leveren voldoende energie om aan de gebouwgebonden vraag te voldoen. De Verwondering kan de resterende stroomvraag invullen via het reguliere net. Het is behoorlijk druk op het dak. Naast de PV-panelen, liggen er ook zonnecollectoren en wordt een deel benut als groen dak. De Verwondering heeft daar een buitenspeellokaal op laten plaatsen, bovendien lopen er kippen rond en worden er onder andere tomaten gekweekt.

Warmteopwekking
Bijzonder is ook de verwarmingsinstallatie met een ijsbuffer, die een variatie is op een warmteopslagsysteem. Dit ijsbuffer warmteopslagsysteem is geïntegreerd ontworpen met zonnecollectoren en andere energiebesparende systemen. Het opslagsysteem verwarmt en koelt gebouwen door slimme toepassing van bestaande natuurwetten. De clou: bij de overgang van koud water naar ijs wordt een enorme hoeveelheid energie omgezet, de zogenaamde kristallisatiewarmte. Zodra het volledig geautomatiseerde systeem signaleert dat de energie van de zon en de lucht niet langer toereikend is om de warmtebehoefte te dekken, onttrekt het systeem extra energie uit de ijsbuffer. De ijsbuffertank staat in een betonnen kelder onder het buitenterrein.

Afgiftesysteem
Voor de warmteafgifte zijn verschillende opties de revue gepasseerd. Vloerverwarming lag voor de hand, maar viel af, omdat het een te traag werkend systeem is. Vandaar dat er is gekozen voor een combinatie van luchtverwarming met elektrische naverwarming. Het pand heeft een gebalanceerd ventilatiesysteem met WTW, per cluster staat er een LBK opgesteld. Via airsocks worden in de lokalen grote hoeveelheden lucht aangevoerd met een lage snelheid. De gebruikte lucht gaat via de gangen naar de centrale ruimte en wordt daar afgezogen.

Zomernachtventilatie
De basisschool heeft daarnaast een natuurlijk ventilatiesysteem. Ieder lokaal heeft een ventilatienachtluik. Dat is een inbraakwerend ventilatierooster met thermisch onderbroken klep. Deze is zo hoog mogelijk in het raamkozijn geïntegreerd. Als je overdag intensief wilt ventileren, dan zet je het luik open en schakelt de basisventilatie uit. Noodzakelijk, want anders krijg je kortsluiting in de luchtstroom. 's Avonds gaan sowieso de luiken open, maar ook de dakkappen. Zo ontstaat er een thermische trek, waardoor de school ieder uur met 5 tot 7 keer het gebouwvolume aan lucht ververst wordt. En dat met een snelheid vanaf 2 meter per seconde.

Meer weten over dit project? Het uitgebreide artikel is terug te vinden in het praktijkblad InstallateursZaken van januari. Ontvangt u het blad nog niet? Vraag dan hier een gratis proefabonnement aan.

Adviseur bodemenergie nu ook ondergronds actief

Gepubliceerd op

Techniplan Adviseurs heeft de certificering behaald voor het ontwerp van het ondergrondse deel van open bodemenergiesystemen. Hiermee ontwikkelt het adviesbureau zich verder tot totaaladviseur op het snijvlak van installaties, energie en milieu. Techniplan Adviseurs biedt nu advies en integrale ontwerpen voor zowel gebouwinstallaties als het boven- én ondergrondse deel van bodemenergiesystemen.

Voor het boven- en ondergrondse deel van bodemenergiesystemen bestaan twee aparte beoordelingsrichtlijnen. Techniplan Adviseurs is nu gecertificeerd voor beide richtlijnen. De BRL SIKB 11000 is de beoordelingsrichtlijn voor het ontwerp van het ondergrondse deel van bodemenergiesystemen. Bedrijven en adviesbureaus die betrokken zijn bij het ontwerp en de exploitatie van deze systemen moeten voldoen aan wettelijke eisen. Partijen die niet gecertificeerd zijn, mogen hier geen advieswerkzaamheden voor uitvoeren.

Grootschalige projecten
Binnen de BRL SIKB 11000 bestaan acht scopes, waarvoor Techniplan Adviseurs de certificering voor het ontwerp van open bodemenergiesystemen in bezit heeft (scope 1a). Dit zijn de bodemenergiesystemen voor grootschalige projecten, waarbij grondwater omhoog wordt gepompt, in tegenstelling tot gesloten bodemenergiesystemen waarbij een bodemlus wordt ingezet en die meestal bij kleinere projecten voorkomen. Volgens Rik Molenaar, senior adviseur bij Techniplan Adviseurs, is het behalen van de certificering een logische stap voor het adviesbureau: “Wij waren al vaak betrokken bij het ontwerp van het bovengrondse deel van bodemenergiesystemen. In de praktijk merkten we toch dat het belangrijk is om ook het ondergrondse deel erbij te pakken om echt een integraal ontwerp te kunnen leveren. We geloven namelijk dat hierdoor uiteindelijk betere energiesystemen ontstaan en we onze klanten zo beter kunnen bedienen.”

Combi tussen gebouwinstallaties en bodemenergiesystemen
Met het behalen van de certificering is Techniplan Adviseurs een van de weinige partijen die het ontwerp van gebouwinstallaties combineert met dat van bodemenergiesystemen. Dick van der Kooij, directeur van Techniplan Adviseurs: “Het unieke is dat wij vanuit de advisering over gebouwinstallaties komen. Dat doen we al dertig jaar, waarbij duurzaamheid altijd onze focus heeft gehad. In de markt zien we dat de partijen die zich met geohydrologie bezighouden, dus kijken naar de ondergrond en aardlagen, daar echt in gespecialiseerd zijn. Er zijn ook een aantal bedrijven die zich bezighouden met zowel boven- als ondergrondse energiesystemen, maar de combinatie met gebouwinstallaties is zeldzaam.”

Onmisbare schakel in de energietransitie
Het belang van geohydrologie en een goede kwaliteit van bodemenergiesysteem staat voor Molenaar buiten kijf: “Bodemenergie is een onmisbare schakel in de energietransitie. Wij vinden geohydrologie een belangrijk onderdeel van een volledig duurzaam ontwerp. Als adviesbureau zijn we al jaren gefocust op duurzaamheid en dit is eigenlijk de perfecte aanvulling hierop vanwege de mogelijkheden die de bodem biedt qua opslag. Je kan vraag en aanbod beter op elkaar afstemmen, ook verdeeld over de seizoenen. Lucht en oppervlaktewater bieden deze optie niet als bron voor warmte.”

 

Unica Building haalt grootste opdracht ooit binnen

Technisch dienstverlener Unica heeft opdracht gekregen om de klimaatinstallaties van 1.250 Defensiegebouwen in Noord- en Zuid-Nederland te inspecteren, keuren en ...
Verder Lezen

‘Véél technische vakmensen nodig voor One Planet plan van Eneco’

Er moet snel een Deltaplan komen voor de instroom van technische vakmensen met green skills. Alleen dan zijn de plannen ...
Verder Lezen

‘Betere uitvoering energiesystemen in bodem noodzakelijk’

Op 10 mei jl. heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) een signaalrapportage ‘Risico’s bij de aanleg van gesloten bodemenergiesystemen’ ...
Verder Lezen

Risico’s voor bodem en grondwater bij aanleg van gesloten bodemenergiesystemen

Boorbedrijven houden bij de aanleg van bodemenergiesystemen onvoldoende rekening met de eisen die daaraan worden gesteld, waardoor er risico’s ontstaan ...
Verder Lezen

Diverse onderdelen stelsel EPG geactualiseerd

Gepubliceerd op

Vanaf begin 2022 worden verschillende geactualiseerde onderdelen van het Stelsel Energieprestatie van gebouwen (EPG) beschikbaar gesteld aan de markt. Na een gewenningsperiode van vijf maanden is het voornemen om de onderdelen op 1 juni 2022 wettelijk in werking te laten treden.

Sinds het Stelsel EPG op 1 januari 2021 van kracht werd, zijn kleine aanpassingen en verduidelijkingen verwerkt in bepalingsmethode NTA 8800, opnameprotocollen en BRL-en. In samenwerking met het ministerie van BZK worden begin 2022 nieuwe versies of wijzigings- en interpretatiedocumenten gepubliceerd bij NTA 8800, de opnameprotocollen en de BRL’en van het stelsel.

Gewenningsperiode
Voor een soepele overgang voor marktpartijen en adviseurs, is er een gewenningsperiode van vijf maanden. Het voornemen is om de onderdelen op 1 juni 2022 wettelijk in werking te laten treden, waarna gewerkt moet worden op basis van de nieuwste wijzigingen en interpretaties.

Actualisatie van de verschillende onderdelen
Vanaf 1 januari 2022 zijn de volgende geactualiseerde onderdelen beschikbaar:

  • Een nieuwe versie van de bepalingsmethode, NTA 8800:2022, waarin interpretaties, omissies en aanvullende inhoudelijke wijzigingen zijn geïntegreerd. Om inzichtelijk te maken welke wijzigingen zijn aangebracht, wordt een informele versie van de NTA gepubliceerd op gebouwenergieprestatie.nl. Hierin zijn de aanpassingen met track changes bijgehouden.
    • Interpretatie- en wijzigingsbladen bij de opnameprotocollen, te weten ISSO-publicatie 75.1 voor utiliteitsbouw en ISSO-publicatie 82.1 voor woningen en woongebouwen. In januari komen de geïntegreerde versies van de opnameprotocollen beschikbaar voor de markt.
    •             Wijzigingsbladen bij de beoordelingsrichtlijnen BRL 9500 Utiliteitsbouw en Woningbouw.
    Vanaf 15 februari 2022 is geattesteerde software op de markt:
    •             Deze software is geattesteerd volgens BRL 9501 en het meest actuele wijzigingsblad, dat aansluit bij NTA 8800:2022, is geschikt voor het berekenen van de energieprestatie van een gebouw volgens NTA 8800.
    •             Tussen 15 februari 2022 en 1 juni 2022 zijn twee versies van de software voor de markt beschikbaar. De nieuwe geattesteerde versie is beschikbaar om voor te bereiden op de voorgenomen regelgeving.

Opfriscursus EP-adviseurs
Beoogd wordt dat vanaf 1 juni 2022 de geactualiseerde versies van NTA:8800, BRL 9500 Utiliteitsbouw en Woningbouw en BRL 9501 wettelijk in werking treden. Begin april kunnen adviseurs een opfriscursus volgen, te vinden op de websites van de verschillende opleiders. Hierin worden zij geïnformeerd over de wijzigingen en veelgemaakte fouten. Het is voor de markt van belang dat de wijzigingen zo snel mogelijk worden toegepast, daarom kunnen adviseurs hier al voor 1 juni mee aan de slag. Adviseurs dienen deze opfriscursus uiterlijk op 1 oktober gevolgd te hebben.

Voor 2023 werken de betrokken partijen aan een jaarlijkse cyclus voor het verwerken van aanpassingen in NTA 8800, de opnameprotocollen, software en BRL’en.

Onderdelen Stelsel Energieprestatie gebouwen geactualiseerd

Per 1 januari 2021 treedt het nieuwe Stelsel EPG in werking waarmee de energieprestatie van gebouwen wordt bepaald en de ...
Verder Lezen

Wat is de rol van de techniek over 20 jaar?

Aanstaande woensdag 24 juni verschijnt Scenario2040, een studie waarmee Techniek Nederland in beeld brengt hoe de samenleving er over twintig ...
Verder Lezen

Garantie op duurzame nieuwbouw

Bewoners van nieuwbouwwoningen kunnen een garantie krijgen op de energiezuinigheid ervan als deze worden gebouwd volgens het House Energy Optimum ...
Verder Lezen

Eerste woning met individuele aansluiting op ondergronds waterstofnet

Gepubliceerd op

Medio november krijgt voor het eerst in Europa een bestaande woning een individuele aansluiting op een lokaal, ondergronds waterstofnet. Daardoor kunnen de bewoners hun huis en tapwater volledig met waterstof verwarmen. Waterstof is een alternatief voor aardgas, waarvan de levering en prijs momenteel onder druk staan. In de proefwoning onderzoekt consortium H2@Home ‘live’ hoe je waterstof zo optimaal en veilig mogelijk in een woonomgeving toepast.

“Er is geen enkele reden om aan de veiligheid van waterstof te twijfelen, en dat gaan we in dit huis aantonen”, zegt Ben Mureau namens H2@Home1. De woning is onderdeel van een replica jaren-70 woonblok van het DreamHûs dat op het terrein van fieldlab The Green Village (TGV) van de TU Delft Campus staat. Afgelopen zomer ondertekenden de partners van het H2@Home-consortium meerdere overeenkomsten voor het project. Doorslaggevend voor de start was de toestemming van Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) om het lokale waterstofnet te gebruiken. Sindsdien leggen de consortiumpartners de waterstofinstallatie en testfaciliteiten in de woning aan. Na aansluiting op het net zullen de bewoners in gebruik, warmte en comfort geen verschil merken ten opzichte van hun huidige cv-installatie.

Primeur: de eerste woning op waterstof
De proefopstelling van H2@Home is een primeur op het Europese vasteland. Volgens H2@Home zit dat unieke karakter in een combinatie van factoren: de waterstof wordt via een ondergronds leidingnet (vergelijkbaar met een aardgasnet) aangevoerd, de woning is bewoond, het gaat om een individuele woonaansluiting en de waterstofleidingen lopen ook door de meterkast en gebruiksruimten van het huis. Juist deze combinatie maakt de testomgeving realistisch en de resultaten van groot belang om huishoudens in de toekomst toegang tot waterstof te kunnen bieden.

Reële testomgeving
Waterstof is een alternatief voor aardgas, maar speelt momenteel nog slechts een zeer beperkte rol in de gebouwde omgeving. Waarschijnlijk gaat dit na 2030 veranderen. Het overzetten van een aardgasinstallatie op waterstof is nog onbekend terrein. De standaard procedures voor de installatie en het gebruik van aardgas zijn niet zonder meer op waterstof toepasbaar. Juist de brede expertise van het H2@Home consortium2, dat uit netbeheerders, fabrikanten en andere partijen bestaat, maakt het mogelijk om gezamenlijk allerlei facetten te onderzoeken. Wat is er nodig om veilig en betrouwbaar te installeren en monteren? Hoe reageren de leidingen en apparaten op waterstof? Welke eisen moeten in wet- en regelgeving verankerd worden? Enzovoorts. “Wij kunnen in deze reële omgeving perfect leren hoe we met waterstof moeten omgaan; de risico-analyses zijn uitvoeriger dan straks nodig is.”

Veiligheid boven alles
Vanaf medio november gaat H2@Home intensief testen en zullen er incidenteel calamiteitenoefeningen plaatsvinden, zoals met het uitvallen van de waterstofketel. Sensoren in de woning meten onder meer druk en temperatuur en de leidingen worden gecontroleerd op met name trillingen en lekkages. Tevens worden nieuwe modules getest, zoals een beveiliging die de waterstoftoevoer bij eventuele lekkage meteen afsluit. De proef wordt in juli 2022 afgerond.

Remeha in documentaire National Geographic over waterstof

Remeha is betrokken bij de National Geographic documentaire ‘Waterstof, onze nieuwe energie? Hierin onderzoekt presentatrice Anic van Damme de mogelijkheden ...
Verder Lezen

Fabriek Bosch Deventer geleidelijk over van gasketels op systeemoplossingen en waterstof

De overheidsdoelen voor de energietransitie zijn ambitieus en als gevolg hiervan zal de Nederlandse markt voor verwarmingsoplossingen de komende jaren ...
Verder Lezen

Brede coalitie van bedrijven wil dat waterstof sneller volwassen wordt

Meer dan 80 Nederlandse bedrijven hebben de handen ineengeslagen om te laten zien dat waterstof in Nederland een succes gaat ...
Verder Lezen

Voor het eerst een jaren 70 woonwijk op waterstof

In het Groningse Wagenborgen wordt een jaren 70 woonwijk aangesloten op een waterstofnetwerk. Van de 40 aangeschreven bewoners heeft bijna ...
Verder Lezen

Nieuwe vakdiscipline: Verduurzamer

Gepubliceerd op

Tijdens Building Holland is de oprichting van het Gilde van Verduurzamers aangekondigd. Initiatiefnemers Wietse Walinga (Smart Workplace/Duurzaam Gebouwd), John Lens (TVVL) en Harm Valk (Nieman Raadgevende Ingenieurs) presenteerden het Gilde van Verduurzamers en haar eerste voorzitter: Suze Gehem (foto, Groene Grachten). Het gilde wil zich ontwikkelen tot de beroepsvereniging van alle professionals in de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Het zet zich in voor kennisdeling en kennisontwikkeling dwars door alle branches in de sector heen: van bouwers en installateurs tot beleidsmakers en adviseurs.

De aankondiging van het Gilde van Verduurzamers viel samen met de afsluiting van de vijfde editie van de cursus Basiscertificaat Energietransitie Gebouw Omgeving, waarin de initiatiefnemers intensief samenwerken met de transitiemakers van Squarewise. De deelnemers horen bij de eerste Verduurzamers, net als hun voorgangers van de afgelopen jaren. Daarmee maken de Verduurzamers een vliegende start. Vanaf begin 2022 kunnen ook andere professionals zich aanmelden.

Het verschil maken
Voorzitter Suze Gehem: “Onze maatschappij heeft een schreeuwend tekort aan goede vakmensen om de verduurzaming van de gebouwde omgeving te realiseren. Van duurzame planvorming tot aan de uitvoering. Het gilde gaat daarom samen met talentvolle vakmensen aan de slag om het verschil te maken, want alleen samen kunnen we grenzen verleggen en de ambitieuze doelstellingen behalen.”

Gedreven professionals
Daarmee benadrukt ze dat de Verduurzamers een groeiende groep is van gedreven professionals, die samenwerking en kennisuitwisseling in hun DNA hebben. Het Gilde van Verduurzamers faciliteert het onderlinge contact, schoolt bij, geeft een podium, maakt herkenbaar. Het gilde wil Verduurzamer als vak op de kaart zetten, zodat iedereen kan antwoorden op de vraag ‘Wat wil je worden?’ Verduurzamer! Hiervoor gaan de Verduurzamers intensieve gesprekken voeren met onderwijs, kennisinstellingen, overheden en brancheverenigingen. Het gilde heeft de ambitie te groeien naar een omvang van 3000 leden in drie jaar, zodat het een betekenisvolle speler is in kennisontwikkeling en opleiding.

Nieuwe discipline
Gideon Jan Willem van de Groep herkent de noodzaak van professionals met een brede blik: “Het verduurzamen van de gebouwde omgeving is niet iets wat aannemers en installateurs ‘er bij’ kunnen en moeten doen. Verduurzamen is een vak en het verduurzamingsbedrijf een nieuwe discipline. De vakmensen zijn kennisrijke generalisten die worden opgeleid om van alles wat te kunnen, ze hoeven immers niet een heel gebouw te kunnen maken. Wellicht gespecialiseerd in specifieke woningtypes en technieken. De vertegenwoordiging van deze nieuwe vakdiscipline bestond nog niet, nu wel!”

Vers bloed

Uit onderzoek van TechniekOpleiding.nl blijkt dat het animo voor omscholing naar een technisch beroep laag is. Opleider ROVC is niet ...
Verder Lezen

Knvvk & young cool en TVVL intensiveren samenwerking

Knvvk & young cool heeft haar verenigingsbureau gehuisvest bij dat van TVVL, kennisplatform voor gebouwgebonden installatietechniek. De knvvk & young ...
Verder Lezen

‘Véél technische vakmensen nodig voor One Planet plan van Eneco’

Er moet snel een Deltaplan komen voor de instroom van technische vakmensen met green skills. Alleen dan zijn de plannen ...
Verder Lezen

Vraag naar bekwaam technisch personeel blijft onverminderd groot

Uit recent onderzoek blijkt dat voor ruim vier op de tien (43%) technische werkgevers het tekort aan nieuwe aanwas de ...
Verder Lezen

Haagse vastgoedprojecten aangesloten op duurzame energievoorziening

Gepubliceerd op

In Den Haag slaan ontwikkelaar Stebru en Eneco de handen ineen. Er worden 1141 woningen en 9.311 m2 nieuw te realiseren commercieel vastgoed aangesloten op een duurzame energievoorziening. Het project ‘Frank is een Binck’ wordt aangesloten op BinckNet® en de projecten ‘Maestro’ en ‘Levels’ krijgen een warmte- en koudeopslag (WKO).

De Binckhorst wordt in de toekomst CO2-vrij dankzij een netwerk voor verwarmen en koelen dat vanaf 2024 beschikbaar is. De slimheid van het BinckNet zit in het optimaal inzetten van diverse lokale bronnen, afgestemd op de vraag voor Warmte & Koude vanuit de eindgebruikers. BinckNet groeit flexibel mee in het tempo dat de woningen gebouwd worden en koppelt uiteindelijk alle energienetwerken van de gebouwen in deze stadswijk aan elkaar. De energie die nodig is in het gebied, wordt lokaal opgewekt en opgeslagen. Denk aan warmte- en koudeopslag (WKO) en warmtepompen, maar ook aan aquathermie en/of geothermie. Bestaande woningen, bedrijven en voorzieningen krijgen in de toekomst duurzame warmte uit BinckNet, zonder dat ingrijpende wijzigingen nodig zijn. Het resultaat is een duurzame, betaalbare en lokale energievoorziening die zorgt voor een comfortabel binnenklimaat: verwarming in de winter en koeling in de zomer.

Samenwerking Stebru en Eneco
Projectontwikkelaar Stebru en Eneco starten met drie nieuwbouwprojecten in Den Haag: ‘Frank is een Binck’, ‘Maestro’ en ‘Levels’. Dit is de eerste stap. De samenwerking wordt in de toekomst verder uitgebreid, zodat ook nieuwe projecten aangesloten worden op duurzame energievoorziening. Bart Snijders, Adjunct Directeur Ontwikkeling van Stebru, en Martijn van der Zande, Commercieel Directeur Warmte & Koude van Eneco, tekenden hiervoor op 27 oktober op de Provada Vastgoedbeurs in de RAI de overeenkomst.

Start 2021
De realisatie van de drie projecten start deze maand met het project ‘Frank is een Binck’ en wordt gefaseerd opgeleverd. ‘Frank is een Binck’ is naar verwachting klaar in het tweede kwartaal van 2024. Daarna volgen in 2025 ‘Maestro’ en ‘Levels’.

Online een eigen PvE samenstellen

Gepubliceerd op

Na het uitbrengen van het rapport Programma van Eisen (PvE) Gezonde Kantoren kan nu ook online een eigen PvE worden samengesteld. De nieuwe tool biedt de mogelijkheid van een maatwerk PvE op basis van de eisen uit de publicatie. Per deelaspect kan het gewenste ambitieniveau worden gekozen. Zo ontstaat er een PvE, specifiek gericht een gebouw.

Met het PvE, ontwikkeld door Binnenklimaat Nederland, Platform Duurzame Huisvesting, RVO en TVVL, krijgt de gebouweigenaar handvatten om een gezond, comfortabel en productiviteit-bevorderend binnenklimaat te waarborgen. Regels en eisen voor kantoorgebouwen waren er altijd al, maar niet overzichtelijk bij elkaar gebracht in een document. Met deze reden werd in 2018 het Programma van Eisen Gezonde Kantoren opgesteld. Inmiddels is het PvE Gezonde kantoren door veel installateurs, adviseurs en opdrachtgevers toegepast.

Vooraf eisen formuleren
Uitgangspunt is dat bij nieuwbouw en renovaties van kantoren vooraf eisen worden geformuleerd waarop ontwerpers, installateurs en aannemers hun plannen kunnen baseren. Het PvE bestaat uit vier onderdelen: lucht, klimaat (thermisch binnenklimaat), licht en geluid, waarbij voor elk onderdeel wordt gewerkt met drie ambitieniveaus (A t/m C).

Kijk voor meer informatie op de website van Platform Binnenklimaattechniek https://www.binnenklimaattechniek.nl/kwaliteit/pve-gezonde-kantoren/

Kantoor DWA Gouda voorzien van eerste Binnenklimaat Label

Het verduurzaamde kantoorgebouw van DWA aan de Harderwijkweg in Gouda is als eerste in Nederland voorzien van een gecertificeerd Binnenklimaat ...
Verder Lezen

Juiste keuze en ontwerp hybride warmtepompen

ISSO heeft een nieuw kennisproduct uitgegeven: het ISSO-kleintje Hybride warmtepompen. De kennis richt zich op de keuze, het ontwerp, de ...
Verder Lezen

PvE Gezonde Kantoren geactualiseerd

Er is een geactualiseerde versie beschikbaar van het Programma van Eisen Gezonde Kantoren. Dit PvE is ontwikkeld door Binnenklimaat Nederland, ...
Verder Lezen

Platform voor het realiseren van een gezond binnenklimaat vernieuwd

Omdat technische kennis en informatie voor het realiseren van een gezond binnenklimaat erg gefragmenteerd beschikbaar zijn, lanceren TVVL en Binnenklimaat ...
Verder Lezen

Kantoor DWA Gouda voorzien van eerste Binnenklimaat Label

Gepubliceerd op

Het verduurzaamde kantoorgebouw van DWA aan de Harderwijkweg in Gouda is als eerste in Nederland voorzien van een gecertificeerd Binnenklimaat Label. Het gebouw heeft het allerhoogste niveau gekregen: Binnenklimaat Label A ‘zeer goed’. Met het label kunnen zowel gebouweigenaren als werkgevers aantonen dat de werkplek gezond en comfortabel is.

Jaap Dijkgraaf, algemeen directeur bij DWA: “Bij de renovatie van ons kantoor in Gouda is vanzelfsprekend aandacht besteed aan gezondheid en comfort. Het is voor ons buitengewoon inspirerend dat onze resultaten getoetst en gewogen zijn en bekroond met Binnenklimaat Label A ‘zeer goed’. Opnieuw hebben we daarmee aangetoond dat met vakmanschap, creativiteit en doorzettingsvermogen ook bij renovatie hoge standaarden zijn te halen.”

Tweede leven
Reinier van Kooten, directeur bij Duijnstede Beheer: “Wij zijn enorm trots op deze certificering voor een kantoorpand uit de jaren ’80. Velen hadden dit pand al afgeschreven, maar zowel DWA als Duijnstede waren ervan overtuigd dat we met onze gezamenlijke ambitie en de professionele kennis van DWA dit pand een tweede leven zouden kunnen geven. Gezien de bijzonder goede certificering kunnen we niet anders dan concluderen dat dit is gelukt. Zo’n resultaat is ook voor ons weer een inspiratiebron om binnen onze portefeuille verder te verduurzamen en op zo’n wijze onze bijdrage te leveren aan het klimaat.”

Klasse A-gebouw
Of een kantoor voldoet aan de normen van het Binnenklimaat Label, wordt getoetst aan de hand van vier onderdelen uit het Programma van Eisen Gezonde Kantoren: lucht, licht, klimaat en geluid. Het PvE Gezonde Kantoren is een handreiking voor het ontwikkelen en herontwikkelen van kantoren die niet alleen energiezuinig moeten worden, maar ook gezond en comfortabel moeten zijn. Voor de vier onderdelen zijn drie ambitieniveaus geformuleerd. Klasse C geeft een ‘voldoende’ aan, klasse B betekent ‘goed’ en de beste beoordeling is klasse A, met een ‘zeer goed'.

Historische ruimte in Vaticaan voorzien van speciale klimatisering

De historische Rafaël-zalen van de Vaticaanse Musea zijn voorzien van een maatoplossing voor verwarming en koeling. Het is voor het ...
Verder Lezen

Masterclass ‘Ventilatie in Scholen’

Het ventileren van klaslokalen is integraal onderdeel geworden van de strijd tegen corona. Met de masterclass ‘Ventilatie in Scholen’ speelt ...
Verder Lezen

Innovatie

De pandemie en klimaatverandering fungeren op veel fronten als een katalysator. Zowel in de sanitaire technieken als in de klimaattechniek ...
Verder Lezen

Ventileren is een werkwoord

Goed nieuws, op woensdag 14 juli jl. heeft de Tweede Kamer bijna unaniem meerdere moties aangenomen waardoor nu eindelijk is ...
Verder Lezen

Remeha in documentaire National Geographic over waterstof

Gepubliceerd op

Remeha is betrokken bij de National Geographic documentaire ‘Waterstof, onze nieuwe energie? Hierin onderzoekt presentatrice Anic van Damme de mogelijkheden van waterstof en de uitdagingen die er zijn voordat de energiedrager op grote schaal toepasbaar is. Een onderdeel in de documentaire zijn de activiteiten van Remeha om waterstof in te zetten voor het verwarmen van de gebouwde omgeving. De documentaire is op 22 september om 22.00 uur voor het eerst te zien op National Geographic.

Remeha is een van de eerste bedrijven die de mogelijkheden van waterstof onderzocht en aan de slag ging met oplossingen. Zo presenteerde de fabrikant en leverancier van klimaatoplossingen een prototype van een waterstofketel. Daarnaast is Remeha actief in diverse waterstofprojecten om zo meer kennis op te doen over dit alternatief voor aardgas.

Waterstofketel
Op de Bouwbeurs van 2019 lanceerde Remeha de eerste waterstofketel, een hr-ketel die waterstof verbrandt in plaats van aardgas. Nog hetzelfde jaar maakte het duurzame toestel zijn debuut bij een project in Rozenburg, waar het een bijdrage levert aan de verwarming van een appartementencomplex. Hierna won de waterstofketel op de VSK 2020 de VSK Award. Later zette Remeha het toestel ook in bij diverse waterstofprojecten.

Waterstofprojecten
Zo levert de Apeldoornse fabrikant de Remeha Hydra, zoals de waterstofketel werd gedoopt, voor de toepassing in het Hydrogen Experience Centre. Op deze demo- en opleidingslocatie in Apeldoorn leren installateurs hoe ze de aardgasvoorziening in woonwijken kunnen aanpassen om huizen met waterstof te verwarmen. Daarnaast is Remeha projectpartner bij de ontwikkeling van een waterstofwijk in Hoogeveen en doet het mee aan Stad Aardgasvrij, waarbij het dorp Stad aan ’t Haringvliet op Goeree-Overflakkee volledig wil overstappen op waterstof.

Toestellen geschikt voor (bijmenging met) waterstof
Behalve de Remeha Hydra, die 100% waterstof als brandstof gebruikt, brengt Remeha ook andere verwarmingstoestellen op de markt die (deels) op waterstof werken. Zo zijn de Remeha GAS 120 Ace, de GAS 320 Ace, de GAS 620 en de Quinta Ace al geschikt om op aardgas bijgemengd met 20% waterstof te branden. Ook de wandtoestellen uit de Avanta-, Calenta-, en Tzerra-serie zijn geschikt voor bijmenging met 20% waterstof. Tegelijk werkt Remeha door aan een aangepaste versie van de GAS 320 Ace die uitsluitend op waterstof kan branden.

Duurzame keuzes met een knipoog

Gepubliceerd op

Nefit Bosch wil met video’s en andere uitingen consumenten en installateurs met een knipoog verleiden tot het maken van duurzame keuzes. Tijdelijk voordeel moet dit nog aantrekkelijker maken. Bovendien kunnen consumenten ook dit jaar hun CO2-uitstoot compenseren door bomen te laten planten.

Naast volledig elektrische oplossingen, zoals bodemwarmtepompen, luchtwarmtepompen en ventilatiewarmtepompen, staan de spotlights bij Nefit Bosch op hybride oplossingen. Met de grootschalige uitrol van hybride warmtepompen kan op de middellange termijn grote klimaatwinst behaald worden, wijst de producent op verschillende rapporten. Toch blijft ook de cv-ketel voorlopig nog gewild. “De grote groep die bij vervanging kiest voor een hr-ketel bieden we ook dit jaar de mogelijkheid hun CO2 te compenseren”, zegt Jan Blom van Nefit Bosch. “Zelf werken we sinds 2020 100% CO2-neutraal. Niet alleen wij in Deventer, maar al onze 400 vestigingen.”

150.000 bomen
In het kader van de vorige actie heeft Nefit Bosch 150.000 bomen laten planten. Die zijn samen goed voor CO2-reductie van 30.000 ton en dragen voor een deel ook bij aan het natuurherstel in Nederland. Naast de bomenactie maken consumenten dit najaar aanspraak op een financieel voordeel tot 375 euro.

Installateursactie
Bij het installeren van twee of meer hr-ketels, airco’s, warmtepompen of zonneboilers van Nefit Bosch kunnen installateurs dit najaar professioneel Bosch Blauw gereedschap cadeau krijgen met een winkelwaarde tot 290 euro.

Recycle-service
Installateurs kunnen het hele jaar door kosteloos gebruikmaken van de Recycle-service van Nefit Bosch. Oude cv-ketels worden opgehaald en voor 90% gerecycled door een gecertificeerd bedrijf. Voor elke ingeleverde ketel ontvangt de installateur een vergoeding. Meer informatie over de acties is te vinden op www.nefit-bosch.nl/alle-acties.

 

Milieuprestatie en ‘BENG 4’

Gepubliceerd op

Per 1 juli 2021 is een milieuprestatie-eis van 0,8 van kracht voor nieuwe woningen. Het doel is om de eis stapsgewijs scherper te stellen en uiterlijk in 2030 te halveren. Deze regelgeving zal op termijn ook verregaande gevolgen hebben voor installateurs, vertelt Harm Valk, senior-adviseur energie & duurzaamheid bij Nieman Raadgevende Ingenieurs.

De MilieuPrestatie Gebouwen (MPG) is bij elke aanvraag voor een omgevingsvergunning verplicht. De MPG geeft aan wat de milieubelasting is van de materialen die in een gebouw worden toegepast. Het gaat hierbij om nieuwe kantoorgebouwen (groter dan 100 m2) en om nieuwbouwwoningen. Let op, de nieuwe eis van 0,8 geldt alléén voor nieuwbouwwoningen.

Levenscyclus
Hoe lager de MPG, hoe duurzamer het materiaalgebruik. De milieuprestatie van materialen van gebouwen zal een steeds belangrijkere factor worden in de totale milieubelasting van een gebouw. Om de milieubelasting van een enkel materiaal te bepalen, wordt een LevensCyclusAnalyse (LCA) uitgevoerd. De LCA moet wordt uitgevoerd door een gekwalificeerde deskundige. De LCA resulteert in 11 indicatoren voor de milieubelasting van een product. Deze 11 indicatoren worden samengevoegd tot één waarde: de schaduwkosten per eenheid van het product (kg, m3, m2 of iets dergelijks).

Som schaduwkosten
De MPG van een gebouw is de som van de schaduwkosten van alle toegepaste materialen in een gebouw. Hierbij moet ook rekening worden gehouden met de materialen die worden vervangen tijdens de levensduur van het gebouw. De totale som wordt gedeeld door de levensduur en door het bruto vloeroppervlak van een gebouw. De MPG wordt vervolgens uitgedrukt in de schaduwkosten per vierkante meter bvo per jaar.

Rekenregels
Om een MPG uit te rekenen, moet elk materiaal in een ontwerp worden geïdentificeerd en moet worden bepaald hoeveel ervan wordt toegepast. Ondanks dat in de softwarepakketten veel met standaardproducten gewerkt kan worden, kost het goed uitrekenen van de MPG relatief veel tijd. De rekenregels zijn gedefinieerd in de EN 15978. Programma's waarmee je de MPG kan berekenen, vind je op Rekeninstrumenten - nationale milieudatabase.

Maatwerk
Gebouwdelen die de grootste bijdrage aan de MPG leveren zijn gevels, vloeren en installaties. In totaal is dit vaak 60% tot 80% van de MPG. Een en ander kan echter sterk variëren, afhankelijk van de geometrie en het installatieconcept.

Installateurs
Welke consequenties heeft de aanscherping van de milieuprestatie-eis nu voor de installateur? Harm Valk van Nieman Raadgevende Adviseurs maakt eerst een kritische kanttekening. “Het probleem is dat er voor veel installaties geen goede milieudata beschikbaar zijn”, vertelt hij. De bouw lijkt haar zaakjes al meer op orde te hebben, de installatiebranche moet nog een inhaalslag maken.

Belang data
Die inhaalslag is broodnodig, om nieuwbouwprojecten in de toekomst ook te laten voldoen aan de steeds strenger wordende milieuprestatie-eisen. Hier ligt een taak voor de fabrikanten en leveranciers. Zij zullen in eerste instantie alle data moeten vergaren over de milieu-impact van de door hun gebruikte materialen, waarbij ze kijken naar de gehele levenscyclus van winning tot het moment dat ze worden afgedankt. “Daarbij worden onder andere de toxiciteit en embedded energy meegenomen.” Voor alle duidelijkheid: embedded CO2, in het Nederland ‘ingesloten energie’ is de som van alle energie die nodig is om goederen of diensten te produceren, beschouwd alsof die energie in het product zelf was opgenomen of 'belichaamd’. “In de (nabije) toekomst zal het invloed gaan hebben op het werk van de installateur; als een leverancier zijn gegevens niet op orde heeft, kan toepassing van zijn producten lastig worden; de aanwezigheid en kwaliteit van de informatie in de materiaaldatabase wordt dan een extra selectiecriterium in de werkvoorbereidingsfase”, aldus Valk.

Energieprestaties
Zoals iedereen weet, worden niet alleen de materiaaleisen aangescherpt, maar liggen de energieprestatie-eisen ook al jarenlang onder de loep. Ook op het laatgenoemde terrein zijn dit jaar belangrijke wijzingen doorgevoerd, stipt Valk nog maar eens aan.

EPDB
Om die aanscherping toe te lichten en begrijpelijk te maken, is wel enige achtergrondinformatie vereist. Op 10 juli 2018 heeft de Europese Commissie de herziene Europese Energy Performance of Buildings Directive (EPBD III) vastgesteld. Deze richtlijn heeft als doel om de energie-efficiëntie van gebouwen te verbeteren, waardoor het energiegebruik daalt. De richtlijn is op 10 maart 2020 geïmplementeerd in de Nederlandse wet- en regelgeving. Vanaf deze datum moet aan de regeling en eisen worden voldaan. De regeling bevat onder andere bepalingen over:
-systeemeisen voor technische bouwsystemen;
-het documenteren van de energieprestatie van technische bouwsystemen;
-zelfregulerende apparatuur voor het regelen van de temperatuur per kamer of zone;
-laadinfrastructuur voor elektrische auto’s;
-keuringen van verwarmings- en airconditioningssystemen;
-gebouwautomatisering- en -controlesystemen.

Technische Afspraak
Een deel van de EPBD is in Nederland uitgewerkt in de Nederlands Technische Afspraak (NTA 8800). In de NTA 8800 is de bepalingsmethode voor de energieprestatie van gebouwen vastgelegd. Op 1 januari 2021 is de NTA 8800 in werking getreden. Een prestatieberekening volgens, in overeenstemming met de NTA 8800 is verplicht bij de aanvraag van een Omgevingsvergunning. Het gaat hierbij dus alleen om nieuwbouw. Voor nieuwe en bestaande gebouwen wordt het Energielabel ook op een NTA 8800-berkening gebaseerd.

BENG
De energieprestatie wordt uitgedrukt in drie indicatoren, de zogenaamde BENG-eisen. Het gaat dan om de behoefte aan energie voor verwarmen en koelen, het primair (fossiele) energiegebruik en het aandeel hernieuwbare energie. Met het van kracht worden van de drie BENG-eisen is de EPC vervallen. Een Omgevingsvergunning mag alleen worden verleend als uit berekening blijkt dat een gebouw aan de eisen voldoet.

Systeemrendement
Daarnaast wordt er een aparte eis gesteld aan het systeemrendement van installaties in de woningbouw en utiliteit. We hebben het dan over de totale prestaties van ingebouwde verlichting en een ruimteverwarmings-, ruimtekoelings-, warm tapwater- en ventilatiesysteem. “Zowel in de nieuwbouw als bij vervangingswerkzaamheden in de bestaande bouw geldt nu dat installaties een bepaald minimum rendement moeten hebben, en ingeregeld moeten kunnen worden en dat de eindgebruiker invloed moet kunnen hebben op de instellingen.” Stel dat je als installateur een ketel gaat vervangen, dan gebruik je dus nu voorinstelbare ventielen. Overigens geldt deze eis van instelbaarheid en regelbaarheid in de bestaande bouw alleen als de meerkosten niet hoger uitvallen dan 20% van de oorspronkelijke kosten.

BENG 4
Ook nieuw is de TO-juli-eis, ook wel ‘BENG 4 eis’ genoemd op de werkvloer. TO-juli staat voor ‘Temperatuur Overschrijding juli’ en is een aanvullende eis. TO-juli is een indicator voor verlaging van het risico op oververhitting. Om dit tegen te gaan staat de installateur en ook bouwkundig aannemer een breed pallet aan oplossingen tot zijn beschikking. Je kunt dan onder andere denken aan zonwering, de toepassing van warmtepompen met koelingsmogelijkheden en zomernachtventilatie. Kortom: op het gebied van regelgeving zijn belangrijke wijzingen doorgevoerd. Het is raadzaam om alles nog eens rustig na te lezen.

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Installatieconcepten

Als we het over comfort hebben, kan er naast wettelijke eisen ook sprake zijn van persoonlijke wensen waaraan een bouwproject ...
Verder Lezen

NTA 8800 certificering voor Samsung lucht/water-warmtepompen

De Samsung EHS ClimateHub Split lucht/water-warmtepomp met geïntegreerde boilertank is gecertificeerd volgens de NTA 8800 testwijze. De kwaliteitscertificaten voor de ...
Verder Lezen

Refurbished ready ventilatie-unit

Jaga heeft haar ventilatie-unit Oxygen2 vernieuwd. Hierbij is vooral gekeken naar refurbishment en materiaalgebruik. De losse componenten van de Oxygen2 ...
Verder Lezen

Warmteterugwinning in badkamer in gestapelde bouw

Warmteterugwinning (wtw) in de badkamer bestaat al geruime tijd. In de gestapelde bouw is het realiseren van deze energiebesparende maatregel ...
Verder Lezen

All-electric wonen en ondernemen in beeld

Gepubliceerd op

De verduurzaamheidsopgave is groot. De communicatie daarover wordt voor een belangrijk deel op de schouders van de installateurs gelegd. Het is echter een verantwoordelijkheid voor de hele keten vindt Alklima, distributeur van de klimaatoplossingen van Mitsubishi Electric. Het bedrijf initieerde daarom de Balanced Living-campagne. Als onderdeel daarvan maakte het bedrijf met John Williams acht filmpjes bij particulieren en ondernemers over de ervaringen met een warmtepomp en andere duurzame maatregelen.

De vele voordelen van warmtepomptechniek zijn bij de meeste mensen nog niet of nauwelijks bekend. Zoals geen verbruik van waardevolle fossiele brandstof, een hoog energetisch rendement en een lage energierekening, en het comfort om naast verwarmen ook te koelen. Daarnaast leven er ook veel vragen: hoe groot is de binnenunit, maakt de buitenunit veel geluid, is het ook in de winter wel voldoende warm?

Acht filmpjes
De nieuwste stap in de veelzijdige Balance Living-campagne zijn de acht filmpjes bij mensen thuis en ondernemers bij hun bedrijf. John Williams, bekend van tv-programma’s als ‘Help, mijn man is Klusser’ en ‘Een dubbeltje op zijn kant’ neemt poolshoogte en stelt vragen aan mensen met ervaringen. Vanaf 29 juli komt om de week een nieuw filmpje online via Youtube, Facebook en andere social mediakanalen van Alklima.

Voorbeelden
John Williams ging onder andere langs bij Jenny, die met vijf personen vrijstaand woont in Best. De enige verwarming is vloerverwarming door het hele huis, zelfs op zolder. Dit dankzij een warmtepomp die ook kan koelen. De buitenunit zit weggewerkt in een schoorsteen, dus geen aparte kast aan de gevel. Jenny legt het helder uit, maar John snapt niet hoe het allemaal mogelijk is.

Ook ging Williams op bezoek bij het meest duurzame hotel-restaurant van Nederland: Van Rossum in Woerden. Sensoren zorgen ervoor dat in de keuken niet te veel en niet te weinig lucht wordt afgezogen. De ene hotelkamer wordt verwarmd, met de warmte uit de andere hotelkamer die wordt gekoeld.

Balanced Living-campagne
Alklima is dit jaar onder de naam Balanced Living gestart met een brede informatiecampagne voor zakelijke en particuliere eindgebruikers. Zo is het hoofdkantoor uitgebreid met een grote showroom waarin Alklima-adviseurs voor installateurs een deel van de voorlichting overnemen. Ook zijn er twee e-books verschenen, eentje over warmtepompen en eentje over airconditioners, die al veel vragen van eindgebruikers wegnemen en hen voorbereiden op de offerteaanvraag bij een installateur. Andere activiteiten omvatten onder meer webinars, blogs, configurators en on- en offline advertising in onder meer Eigen Huis magazine.

Prefab installatie-unit ontzorgt installateur bij grootschalige renovatie

Onder de noemer ‘Fit to Fit’ ontwikkelt Nefit Bosch, samen met ketenpartners, oplossingen om op installatiegebied snelheid en efficiëntie te ...
Verder Lezen

Lucht zuiveren van virussen, bacteriën en fijnstof

Alklima introduceert een luchtzuiveringsunit die bescherming biedt tegen onder meer virussen (waaronder Covid-19), bacteriën, PM2,5 fijnstof en stof. De filtertechnologie, ...
Verder Lezen

Voor het eerst een jaren 70 woonwijk op waterstof

In het Groningse Wagenborgen wordt een jaren 70 woonwijk aangesloten op een waterstofnetwerk. Van de 40 aangeschreven bewoners heeft bijna ...
Verder Lezen

Visie All-Electric

Is All-Electric de heilige graal? LG en Alklima-Mitsubishi Electric, twee toonaangevende spelers, geven hun visie op de ‘Road to All-Electric’ ...
Verder Lezen

Winkelketen Action zet grootschalig in op hergebruik koudemiddel

Gepubliceerd op

De discountwinkelketen Action wint koudemiddel terug uit zijn gerenoveerde winkels voor hergebruik in vijftien nieuwe panden verspreid over Europa. Hiermee wil de winkelketen bijdragen aan een circulaire economie van koudemiddelen. Michiel Coolen, Construction Manager bij Action Group: “In 2020 hebben we meer dan 300 kg aan koudemiddel teruggewonnen uit meer dan 70% van onze gerenoveerde panden.”

Action werkt hiervoor samen met Daikin in het actieplan ‘L∞P by Daikin’. Er wordt koudemiddel teruggewonnen uit bestaande systemen en ‘geupcycled’ (of hergebruikt) tot een kwaliteit die niet te onderscheiden is van nieuw koudemiddel. Dit koudemiddel wordt ingezet in nieuwe Daikin-systemen. Daikin garandeert – onder toezicht van externe auditors – dat de hoeveelheid teruggewonnen koudemiddel uit de winkels van Action overeenkomt met de hoeveelheid die gebruikt wordt in nieuwe, gecertificeerde panden. Uiteindelijk zal zo koudemiddel uit ongeveer 40 panden worden teruggewonnen.

Beter milieu
Toshitaka Tsubouchi, vicepresident van Daikin Europe: “De basisprincipes van L∞P by Daikin dragen enorm bij aan een beter milieu. Het actieplan biedt Europese bedrijven toegang tot teruggewonnen en hergebruikt koudemiddel, zodat er jaarlijks maar liefst 250.000 kg minder nieuw koudemiddel geproduceerd hoeft te worden. Wij zijn blij dat een bedrijf als Action ons initiatief heeft ontdekt en geïntegreerd heeft in zijn eigen processen.”

Strategisch framework voor circulaire bestaande gebouwen beschikbaar

Gepubliceerd op

Het framework voor circulaire bestaande gebouwen is beschikbaar. Met dit internationale framework wil DGBC de circulaire bouwoplossingen verbreden en toepasbaar maken naar de gehele bouwsector. Een belangrijke vraag daarbij is: hoe krijgt circulariteit een plek in de gehele bouwopgave, zo ook voor bestaand vastgoed? Het framework biedt een definitie voor een bestaand circulair gebouw en indicatoren om dit meetbaar te maken.

DGBC heeft in 2018 het ‘Framework for Circular Buildings’ opgesteld gericht op nieuwbouw. Maar hoe zit het met bestaande gebouwen? 80% van het huidige vastgoed bestaat nog in 2050 en er is nog geen leidraad voor circulariteit in het bestaande vastgoed. Hoe kan die 80% op circulaire wijze beheerd en gebruikt worden? En waar moeten we voor bestaande bouw prioriteit aan geven? Dit rapport geeft invulling aan de behoefte van veel partijen om ook voor bestaande bouw circulariteit (en een circulair gebouw) te concretiseren. Het framework bestaat uit indicatoren voor bestaande gebouwen: voor de prestaties van het gebouw, het beheer en het gebruik.

Circulaire strategieën
Gebouwen vergen continu hulpbronnen, zoals energie, materialen en water, maar hebben ook een functie om bij te dragen aan het welzijn van mensen en aan de biosfeer. Deze indicatoren zijn opgenomen in dit framework. Het is dan ook niet alleen toepasbaar voor BREEAM, maar ook voor gebouweigenaren, beleidsmakers en adviseurs, die dit kunnen gebruiken om een scherp beeld van circulariteit voor de bestaande bouw te krijgen. Het framework is ook bedoeld als inspiratiedocument voor de ontwikkeling van circulaire strategieën in andere projecten en programma’s om de bestaande gebouwde omgeving sneller circulair te maken.
“Dit framework geeft een duidelijke kapstok in een woud aan allerlei ontwikkelingen”, stelt Inge van Baardwijk, Schiphol. “Energie wordt al langer geborgd in meerjarige onderhoudsplannen. Circulariteit moet een veel grotere plek krijgen in MJOP. Het framework helpt daarbij.” Pam van de Klundert, Bouwinvest, vult aan: “Met het framework kunnen we voortborduren op bestaande processen. Dit framework biedt handvatten om aan de slag te gaan met circulariteit binnen alle facetten van het gebouwmanagement.”

Indicatoren voor BREEAM(-NL) In-Use
Dit framework is een vervolg op het eerste framework, met een verdieping naar de bestaande bouw. Daarom wordt de koppeling nu gemaakt met BREEAM(-NL) In-Use, in plaats van BREEAM(-NL) Nieuwbouw. it framework is ook een handreiking aan de BRE om de Nederlandse expertise over de circulaire (bouw)economie te vertalen naar de internationale BREEAM In-Use standaard.
Tijdens de WasteBuild-conferentie op vrijdag 16 juli is het internationale rapport aangeboden aan Tom Wilson, Delivery manager BREEAM bij BRE. Wilson: “BRE en DGBC werken nauw samen om BREEAM verder te ontwikkelen. Dit rapport is een goed voorbeeld van het ontwikkelen van thought leadership op het gebied van circulariteit en duurzaam materiaalgebruik. Het framework zal richtinggevend zijn voor ons denken over circulariteit en we zullen bekijken hoe het kan worden opgenomen in toekomstige versies van BREEAM.”

Samenwerking
Het rapport kwam tot stand in een samenwerking tussen DGBC, Circle Economy, Metabolic, SGS Search, Alba Concepts en Valstar Simonis. Het framework is mede mogelijk gemaakt door de Laudes foundation, Bouwinvest en Schiphol.

PvE Gezonde Kantoren geactualiseerd

Gepubliceerd op

Er is een geactualiseerde versie beschikbaar van het Programma van Eisen Gezonde Kantoren. Dit PvE is ontwikkeld door Binnenklimaat Nederland, Platform Duurzame Huisvesting, RVO en TVVL. Het geeft de gebouweigenaar handvaten om een gezond, comfortabel en productiviteit-bevorderend binnenklimaat te waarborgen.

Regels en eisen voor kantoorgebouwen waren er altijd al, maar niet overzichtelijk bij elkaar gebracht in een document. Met deze reden werd in 2018 het Programma van Eisen Gezonde Kantoren opgesteld. Inmiddels is het PvE Gezonde kantoren (versie 1.0 uit 2018) door een groot scala partijen in gebruik genomen. Uitgangspunt is dat bij nieuwbouw en renovaties van kantoren vooraf eisen worden geformuleerd waarop ontwerpers, installateurs en aannemers hun plannen kunnen baseren. Het PvE bestaat uit vier onderdelen: lucht, klimaat (thermisch binnenklimaat), licht en geluid, waarbij voor elk onderdeel wordt gewerkt met drie ambitieniveaus (A t/m C). Een C betekent dat je al presteert boven de wettelijke normering.

Update gebruikersfeedback
In de praktijk blijkt dat sommige van de klasse A-, B- of C eisen uit het document tot discussies leidden of niet helemaal aansloten bij wat als ‘gangbaar’ geacht wordt. Ook waren sommige onderdelen in het PvE niet meer in lijn met algemene normen en richtlijnen. Samen met bba binnenmilieu hebben Binnenklimaat en TVVL daarom het Pve Gezonde Kantoren een inhoudelijke update gegeven.

Platform voor het realiseren van een gezond binnenklimaat vernieuwd

Omdat technische kennis en informatie voor het realiseren van een gezond binnenklimaat erg gefragmenteerd beschikbaar zijn, lanceren TVVL en Binnenklimaat ...
Verder Lezen

Is het binnenklimaat wel gezond?

Al jaren is er veel te doen over het binnenklimaat in Nederland. Gebouwen worden steeds beter geïsoleerd en inmiddels bijna ...
Verder Lezen

Te veel of te weinig?

Jarenlang werd er steen en been geklaagd over het binnenklimaat van scholen. Met name het ventilatieregime bleek vaak niet op ...
Verder Lezen

Nieuw Programma van Eisen woningventilatie

Problemen met ventilatiesystemen in woningen kunnen leiden tot gezondheidsklachten van bewoners, bijvoorbeeld door het ontstaan van schimmel. Daarom heeft Aedes ...
Verder Lezen

Platform voor het realiseren van een gezond binnenklimaat vernieuwd

Omdat technische kennis en informatie voor het realiseren van een gezond binnenklimaat erg gefragmenteerd beschikbaar zijn, lanceren TVVL en Binnenklimaat ...
Verder Lezen

Is het binnenklimaat wel gezond?

Al jaren is er veel te doen over het binnenklimaat in Nederland. Gebouwen worden steeds beter geïsoleerd en inmiddels bijna ...
Verder Lezen

Te veel of te weinig?

Jarenlang werd er steen en been geklaagd over het binnenklimaat van scholen. Met name het ventilatieregime bleek vaak niet op ...
Verder Lezen

Nieuw Programma van Eisen woningventilatie

Problemen met ventilatiesystemen in woningen kunnen leiden tot gezondheidsklachten van bewoners, bijvoorbeeld door het ontstaan van schimmel. Daarom heeft Aedes ...
Verder Lezen

‘Véél technische vakmensen nodig voor One Planet plan van Eneco’

Gepubliceerd op

Er moet snel een Deltaplan komen voor de instroom van technische vakmensen met green skills. Alleen dan zijn de plannen haalbaar om Nederland klimaatneutraal te maken. Voorzitter Doekle Terpstra van Techniek Nederland: ‘Eneco wil in 2035 klimaatneutraal zijn. Dat is een prachtige ambitie, die wij van harte ondersteunen. Maar daar hebben we véél technische vakmensen voor nodig. De techniek is het probleem niet, maar de beschikbaarheid van technici wel. Er zijn nú stevige maatregelen nodig.’ Techniek Nederland vindt dat de instroom in de techniek een speerpunt moet zijn voor het volgende kabinet.

De instroom in het technisch beroepsonderwijs daalt al jaren. Binnen enkele jaren dreigt daardoor een tekort te ontstaan van 40.000 technische vakmensen. De verduurzaming van woningen en gebouwen komt daardoor in het gedrang. Terpstra: ‘Het technisch beroepsonderwijs heeft op álle niveaus een serieuze impuls nodig. Als het klimaat en de energietransitie belangrijke onderwerpen zijn bij de kabinetsformatie, is het vanzelfsprekend dat de instroom in het technisch beroepsonderwijs óók bovenaan de agenda staat.’

Zij-instromers
Het plan van Eneco zal ten koste gaan van banen in de fossiele energiesector. Techniek Nederland ziet dat niet als een sombere ontwikkeling, maar als een kans. Technici die nu nog werkzaam zijn in bijvoorbeeld olie en gas worden in de duurzame technieksector met open armen ontvangen. Terpstra: ‘In de groene installatiebranche kunnen we zij-instromers uit de fossiele energiesector een garantie op werk bieden. Dat geldt trouwens ook voor werknemers uit andere krimpsectoren en uit sectoren die hard getroffen zijn door de coronacrisis.’ Ook hier ziet Techniek Nederland een taak voor het nieuwe kabinet. De overheid zou ondernemers in de techniek extra moeten ondersteunen bij het opleiden en begeleiden van zij-instromers.

Hybride warmtepompen
In de plannen van Eneco hebben (hybride) warmtepompen een belangrijke rol op weg naar een klimaatneutrale toekomst. De ideeën sluiten grotendeels aan bij het plan dat Techniek Nederland eerder dit jaar samen met Natuur & Milieu en Netbeheer Nederland presenteerde. Terpstra: ‘Als we op koers willen blijven voor de klimaatdoelen, zijn hybride warmtepompen onmisbaar. Dat geldt overigens ook voor andere duurzame verwarmingsopties zoals warmtenetten, groen gas, groene waterstof, aquathermie (energie uit water) en geothermie (bodemenergie). We hebben alle duurzame energieopties nodig.’

Energietransitie betaalbaar maken
Techniek Nederland wijst erop dat investeringen in een nieuwe energie-infrastructuur nodig zijn voor de overgang op aardgasvrije alternatieven. Dat is één van de redenen dat de brancheorganisatie om krachtig overheidsbeleid vraagt. Terpstra: ‘Een nieuw kabinet moet scherpe keuzes maken om de energietransitie voor iedereen betaalbaar te maken. Geef woningbezitters extra financiële ondersteuning voor de overstap naar duurzame warmte. En zorg ervoor dat duurzame oplossingen fiscaal aantrekkelijker worden dan het gebruik van fossiele energie.’

“Smart is een containerbegrip”

Gepubliceerd op

De ene na de andere fabrikant brengt ‘slimme oplossingen’ op de markt. Van slimme thermostaten, tot software voor Smart Grids. Maar hoe slim zijn deze oplossingen eigenlijk en wat voegen ze toe aan de vraag naar duurzaamheid? We vroegen het Kris de Decker, voormalige techjournalist en tegenwoordig adviseur en auteur.

Wat valt jou op als je leest over Smart Technology voor de gebouwde omgeving?
“Het is een containerbegrip. Waarom is een apparaat Smart als je er een computer inzet? Dat blijft in veel gevallen onduidelijk. Ook verdenk ik fabrikanten ervan bewust hun producten in de markt te zetten als slimme en duurzame oplossingen om zo in aanmerking te komen voor groene subsidiepotjes.”

Daar kom je op een heikel punt: er wordt immers gezegd dat slimme oplossingen ons uit de duurzaamheidscrisis gaan helpen…
“Verwarmingssystemen op zonne- en windenergie en warmteopslag in thermische massa zijn interessante oplossingen, maar daar heb je niet noodzakelijk veel elektronica voor nodig. Een technologische oplossing zoals een ‘slimme’ thermostaat is zeker geen vereiste om duurzamer te gaan verwarmen. Dat kan namelijk ook met meer lokale verwarmingssystemen of een betere lichaamsisolatie. Voor veel minder geld en energie, want al die slimme technologie kost ook veel grondstoffen. Tot slot mogen we ook wel met het nodige wantrouwen kijken naar de fabrikanten. Uiteindelijk draait een Google Nest allereerst om het vergaren van data van de gebruikers, waar dan een commerciële draai aan wordt gegeven.”

Maar Smart Grids lijken wel daadwerkelijk een bijdrage te leveren aan het duurzaam en efficiënt opwekken en distribueren van energie toch?
“Ten eerste ontbreekt vaak de fysieke infrastructuur om op deze manier te gaan schuiven met energie. Die moeten we dus eerst nog gaan bouwen. En door alles te delegeren naar machines, schuif je alle verantwoordelijkheid van je af en houdt je bepaalde gewoontes in stand. Het is zinvoller om mensen aan te sporen zelf na te denken over hun energiegebruik en besparingsmogelijkheden. Wij zijn veel slimmer dan ‘slimme’ technologie.”

Jij bent een voorstander van Low Tech oplossingen, in de praktijk is er juist sprake van een Technology Push in onze maatschappij. Hoe komt dat?
“Als je de economie wilt laten doorgroeien, moet je voortdurend nieuwe producten bedenken. Bovendien valt er veel geld te verdienen met de data die zogenaamde slimme oplossingen verzamelen. Verder is technologie echt een religie geworden. Er is een heilig geloof bij grote delen van onze maatschappij dat meer technologie de oplossing is voor alle vraagstukken.”

Tot slot, welk advies heb jij voor de installatiebranche?
“Probeer in te zetten op simpele, robuuste oplossingen die eenvoudig zijn te repareren. Wat dat betreft vind ik de manier waarop men in Afrika omgaat met onze tweedehandsauto’s wel erg verhelderend. Ze slopen er altijd als eerste alle elektronica uit, want die is veel te kwetsbaar en vaak moeilijk en alleen tegen hoge kosten te vervangen.”

Dit artikel verschijnt binnenkort in de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Meld je aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Smart infra sector sluit aan bij Techniek Nederland

De brancheorganisaties Techniek Nederland en Astrin fuseren op 1 januari 2021. Astrin vertegenwoordigt bedrijven in de smart infra, de sector ...
Verder Lezen

Nieuw: SMART.SWS voor waterbeheer op afstand

De Duitse armaturenspecialist Schell heeft een uitbreiding geïntroduceerd voor zijn bekroonde watermanagementbeheersysteem SWS, dat elektronische Schell-armaturen met elkaar verbindt en ...
Verder Lezen

Smart thermostaat nu ook met standaard verkrijgbaar

De thermostaat van het Fonterra Smart Control systeem heeft een standaard gekregen. Dit betekent dat de door Viega geleverde thermostaat ...
Verder Lezen

Wat is er slim aan Smart?

Tegenwoordig is alles smart. Voor de meeste mensen begonnen met de smartphone en nu gebruikt voor allerlei doeleinden. Maar wat ...
Verder Lezen

Iedereen kan het dak op

Gepubliceerd op

Esther Wienese (foto) wordt de DakenDiva genoemd. Zij schreef Het Rotterdamse Dakenboek: nieuw gebruik van dak en stad, is daarnaast spreker, adviseur en gids. Een gesprek over de ontwikkelingen op de daken in Nederland, de kansen die er liggen en de inzet van techniek.

Esther Wienese kreeg voor het eerst interesse in daken tijdens haar werk voor Rijkswaterstaat. Het spel tussen ruimte en water heeft impact op de inrichting van de stad, en het dak is hierbij bepalend. Als journalist kreeg ze samen met een ambtenaar van de gemeente Rotterdam het idee om te werken aan het Rotterdamse Dakenboek. “En direct was het kippenvel. Ik was gefascineerd. In 2030 woont wereldwijd naar verwachting 70% van alle mensen in een stad, waarvan 50% alleen. Ook in een stad als Rotterdam. Eenzaamheid, ontmoeten, drukte en behoefte aan stilte worden belangrijke thema’s in de stad. Steden moet zich hierop voorbereiden en dat betekent ook de daken benutten. Voor woningen, recreatie, daktuinen, daktuinbouw, wateropvang, duurzame energieopwekking. En als dat ergens kan, dan is dat in Rotterdam. Want Rotterdam heeft de meeste platte daken van Nederland: 18,5 km² ligt smachten te wachten op invulling.”

Rotterdamse aanpak
Het benutten van die daken is belangrijk, want Rotterdam groeit. En om de stad leefbaar, gezond, bereikbaar en aantrekkelijk te houden, is het dak van groot belang. Een multifunctioneel dak is een dak waarop meerdere functies te vinden zijn. Bij nieuwbouwprojecten heeft Rotterdam als voorwaarde dat elk dak minimaal twee extra functies heeft. Elke functie heeft een eigen kleur:
- Groene daken zorgen voor vergroening, dragen bij aan de luchtkwaliteit en bieden kansen om zelf groente of fruit te verbouwen.
- Blauwe daken kunnen water opvangen, vertragen overtollig regenwater, wat het riool ontlast en de kans op overstroming terugdringt.
- Gele daken wekken duurzame energie op uit zon of wind.
- Rode daken hebben allerlei sociale functies, zoals een terras, speelplek of een bar op het dak.
- Oranje daken worden gebruikt voor mobiliteit, zoals bijvoorbeeld een dakverbinding of dakbrug.
- Paarse daken zijn woondaken.
- Grijze daken zijn voor technische functies, zoals luchtbehandelingskasten en schoorstenen.

Rotterdam is koploper in het benutten van daken met een Multifunctioneel Dakenprogramma en een visie op het Rotterdamse Dakenlandschap. Wienese: “En dit kan de stad niet alleen natuurlijk. Bij het ontwikkelen van een dakenlandschap is het zaak nauw samen te werken met de dakeigenaren, -ontwikkelaars, en -makers. En de vakmensen in de techniek zijn de sleutelpersonen die het mogelijk maken. Een dak ligt er voor circa 30 jaar, dus alle partijen moeten zich ervan bewust zijn dat aanleg of vervanging van de dakbedekking hét moment is om er meer mee te doen.”

Een dak is meer
Wienese praat vol passie. Het gaat namelijk niet alleen om het dak zelf, maar vooral om de brede maatschappelijke impact. “Groene daken zorgen voor afkoeling in de stad. Het kweken van groente, fruit en bloemen in op daken heeft veel voordelen; zo kan de productie van groente en fruit lokaal afgezet worden zodat transportafstanden worden verkort. Een dakpark draagt bij aan biodiversiteit en kan een ontmoetingsplek zijn voor mensen en eenzaamheid verminderen. En wonen in een groene stad is beter voor de mens.” Als Rotterdams dakengids leidt ze mensen rond en bezoekt ze met groepen verschillende daken. “Altijd is er verwondering wat er allemaal mogelijk is, hoe prachtig een dak kan zijn. Het is pionieren met een goede missie: bijdragen aan een leefbare stad.”

Stappen zetten
Om daken zo multifunctioneel mogelijk in te zetten is er wel wat nodig. “Het begint bij bewustwording bij architecten, projectontwikkelaars, woningcorporaties, bedrijven, bewoners. Het dak is geen sluitpost, maar een extra kans om ruimte op een duurzame en kwalitatieve manier in te zetten. Er moet hier meer bewustwording voor komen. Omdat er kansen liggen, maar ook omdat het nodig is. We hebben met elkaar de opdracht om een leefbare stad te realiseren in een veranderend klimaat.” Maar het is ook nodig om samen te werken. “Een multifunctioneel dak vraagt om samenwerken met iedereen die een rol heeft.” Vakmensen in de techniek horen daar absoluut bij. Hoe meer functionaliteiten, hoe meer techniek en hoe meer vakmanschap nodig zijn. Samenwerken aan duurzaamheid en klimaatadaptie. Een thema dat ook in het Huis van Sarah aan de orde komt, een nieuwe multimediale productie voor de vakmensen in de techniek. Zes grote verhuiskisten met ieder een eigen kamer en verhaal, waar je geconfronteerd wordt met uitdagende vragen over de toekomst van technische installatiebranche en die van jezelf, op weg naar 2025 en verder.

Samenwerken
En er is volgens Wienese ook een opdracht aan de overheid. “Regels belemmeren nu vaak namelijk de mogelijkheid om écht multifunctionele daken te realiseren. Ze werken elkaar nu soms tegen. Maar dat is ook logisch op het moment dat je nieuwe mogelijkheden gaat benutten en disciplines in elkaar verweven raken.” Het is noodzakelijk dat regels meebewegen met nieuwe mogelijkheden en dat partijen met elkaar samenwerken om nieuwe totaalconcepten te ontwikkelen. “Er bestaan al voorbeelden van bedrijven die met elkaar samenwerken, juist omdat ze elkaar hard nodig hebben. Maar ook om duidelijk te maken aan overheden wat er nodig is.”

Inspiratie
Er is veel mogelijk. En het vraagt soms om in onbeperkte mogelijkheden denken. Maar het dak is er klaar voor. “Architectenbureau MVRDV – van bijvoorbeeld het Depot Boijmans van Beuningen – heeft net in opdracht van de gemeente Rotterdam een Dakencatalogus ontwikkeld met bijna 150 voorbeelden ter inspiratie. Daar heb ik een adviesrol in gehad. Denken in oneindige mogelijkheden voor fantastische steden. Deze catalogus verschijnt tijdens de Rotterdamse Dakendagen en ik zou zeggen: ‘bekijk ‘m, want je wordt er enthousiast van!’”
Dan rest er nog één vraag: waar staan we over 10 jaar? Wienese is voorzichtig optimistisch. “Ik denk dat we dan echt stappen hebben gezet. Misschien niet zover als we hopen, maar onze daken zullen niet langer lege bitumen daken zijn! We hebben ingezien dat het dak een fantastische plek is om een leefbare stad te realiseren.” 

Dit is een artikel uit de print-editie van het vakblad IZ. De digitale edities van IZ zijn gratis te raadplegen via www.installateurszaken.nl. Liever een print-editie op uw deurmat? Maak dan gebruik van onze tijdelijke actie en meld u nu aan voor een gratis abonnement op IZ via www.installateurszaken.nl

Artist impression:
Studio Walden

Rotterdams dakentour: een unieke tour door Rotterdam Je ziet wat er al her en der gebeurt op de daken en hoort over de ambities van de stad. Onderweg geniet je van prachtige uitzichten op de skyline van Rotterdam. Ook leuk voor bedrijven. Meer info via:
www.insiderotterdam.com

Woonstad Energie Challenge oplossing in de praktijk gebracht!

Eind 2019 zijn Breman en Itho Daalderop met hun Collectief Hybride Systeem uitgeroepen tot winnaars van de Woonstad Energie Challenge ...
Verder Lezen

Wasco breidt zonnepanelen op distributiecentrum flink uit

Technische groothandel Wasco heeft op zijn distributiecentrum op bedrijventerrein aan de Ecofactorij in Apeldoorn 1100 extra zonnepanelen geplaatst. Deze uitbreiding ...
Verder Lezen

Test met opwekking én opslag van duurzame energie in pilotwoning

Een geïntegreerd systeem voor PV-thermische energieopwekking met seizoensgebonden energieopslag. In Helmond bouwen studenten van de TU EIndhoven samen met woningcorporatie ...
Verder Lezen

Hemelwater afvoeren bij gebouwen met gecombineerd gebruik

Bij gebouwen met gecombineerde functies worden steeds hogere eisen gesteld aan functionaliteit, brandveiligheid en vandaal-bestendigheid van dakafvoeren- en leidingsystemen. Hoe ...
Verder Lezen