Geschatte leestijd: 2 minuten

Eens per jaar houdt Karel met een vaste groep vrienden een feestje. Het zijn allemaal mensen die hij kent vanuit zijn werk. Zo heb je Pjotr de stukadoor, bekend om zijn extra natte stucwerk (want zo doen ze dat nou eenmaal in Polen waar hij vandaan komt); Kees de metselaar, die nog nooit van een metseldraad heeft gehoord (“op zicht gaat het ook prima”); en Harry de tegelzetter, fan van Chinese extra goedkope tegellijm (wat prima houdt, als je maar van de tegels af blijft). De vrienden doen elk jaar iets om het (hopelijk) succesvolle jaar een leuk einde te geven. Dit jaar was Karel verantwoordelijk voor de organisatie. Hij had voor de gelegenheid een groot zwembad in de tuin gezet en mevrouw Karel had de hele dag met de waterkoker heen en weer gelopen om de temperatuur – in deze tijd toch niet heel tropisch – dragelijk te krijgen. Karel had flink wat bier in geslagen en bij de slager een grote verpakking steengrilvlees gehaald. Kortom, het zou een topdag worden. Toen de mannen om een uur of drie binnen kwamen werd er maar direct gestart met een rondje bier met duik in het zwembad, en die rondjes gingen door totdat de mannen zin kregen in een hamburgertje bij hun biertje. Mevrouw Karel had de steengril op de tafel neergezet, maar dat vond Karel veels te veel gedoe. Hij wilde met zijn maten lekker in het zwembad blijven bieren. Gelukkig had Karel binnen no-time een briljante oplossing verzonden, waardoor het vreet en zuipfestijn gewoon door kon gaan.

Hopelijk voor Karel zijn gabbers was dit niet hun laatste biertje!