Geschatte leestijd: 2 minuten

Nieuwbouwwoningen die na 2020 worden opgeleverd moeten bijna energieneutraal zijn. De strenge BENG-normen dwingen architecten en aannemers om anders te denken over ontwikkelen, ontwerpen en bouwen. Passiefbouw is een manier van bouwen die hiervoor een basis biedt. De 51-jarige Doetinchemmer Peter Stein bouwde zijn eigen passiefhuis. Het huis heeft een energiebehoefte van 15 kWh/m2 per jaar. Daarmee voldoet het huis ruimschoots aan de norm voor BENG1 van maximaal 25 kWh/m2 per jaar.

Vanaf 1 januari 2021 moeten alle nieuwe gebouwen in Nederland bijna-energieneutraal zijn, ofwel voldoen aan de BENG-norm. BENG bestaat uit drie onderdelen: maximale energiebehoefte (25 kWh/m2 per jaar thermisch), maximaal primair fossiel energiegebruik (25 kWh/m2 primair fossiel) en minimaal aandeel hernieuwbare energie (minimaal 50%). BENG begint dus bij het minimaliseren van de energiebehoefte van een huis, ofwel BENG1. Een uitstekend geïsoleerde schil van het huis levert daar een grote bijdrage aan, weet Peter Stein.

Duurzaam en economisch courant
De vertegenwoordiger in kozijnen bouwde recent een extreem energiezuinig huis in het plaatsje Wehl, nabij Doetinchem. Hij koos voor het bouwen van een passiefhuis. “Door mijn werk in de kozijnenbranche heb ik veel affiniteit met energiezuinig bouwen. Daardoor speelde ik al jaren met het idee om een passiefhuis te bouwen. Ook een comfortabel binnenklimaat vind ik belangrijk. Maar ik wilde bovenal graag een huis bouwen dat niet alleen vandaag de dag aan de normen voor energiegebruik voldoet, maar ook over tien tot vijftien jaar. Deels uit het oogpunt van milieu, maar vooral omdat de energie- en duurzaamheidprestaties mijn woning economisch courant houden.”

Voordelen van passiefbouwen
Passiefbouwen om te voldoen aan BENG kan meerdere voordelen opleveren. Als eerste biedt de bouwmethode meer zekerheid; door te rekenen met vastgestelde (materiaal)waardes is de energiebesparing nauwkeuriger vast te stellen. Ook is de absolute energiebesparing in de regel (flink) groter, waarbij niet alleen op vaste energielasten wordt bespaard, maar ook op dure installaties. Daar staan geen andere investeringen tegenover. Een passiefhuis is bovendien toekomstbestendig: in de regel voldoet het zonder problemen aan huidige en toekomstige BENG-eisen.

Isolatie het uitganspunt
Het uitgangspunt van passiefbouw is een zeer goede isolatie van de gebouwschil. Daarnaast zijn de oriëntatie van het gebouw, plaatsing van de ramen en thermische bruggen belangrijk. Stein kwam na een zoektocht naar geschikte bouwmaterialen voor de gevelconstructie uit bij Ytong MassiefBlokken. Hiermee kan hij in één keer een dragende buitenwand met een Rm-waarde tot 6,25 m2 K/W optrekken. Voor de afwerking van de buitenwand koos hij Multipor minerale isolatieplaten van Xella. EPS (piepschuim) met stuclaag sloot hij eerder al uit. “In tegenstelling tot Ytong is EPS zeer brandbaar en het reguleert het vocht in de constructie niet, waardoor algengroei kan ontstaan.”

Koudebruggen uitgesloten
Het materiaal is vochtregulerend, brandwerend en vormt met Ytong MassiefBlokken een homogene constructie van cellenbeton waardoor koudebruggen uitgesloten zijn. Samen met zijn aannemer is Stein nagegaan welke dikte nodig is voor de beoogde Rc van 6,7. Resultaat is een combinatie van 240 mm Ytong MassiefBlokken (gewichtsklasse 4 en lambdawaarde = 0,12) met 200 mm Multipor.