Gemiddelde leestijd voor dit bericht is 385 seconden

Blijven we woningen, kantoren en andere gebouwen tot in lengte van dagen verwarmen met gas? Of gaan we naar het all electric gebouw, dat dankzij nieuwe technieken, gevoed door groene stroom, volledig energieneutraal is? Exposanten op de VSK 2016 (van 2 – 5 februari 2016 in de Jaarbeurs in Utrecht) laten zien dat op beide fronten innovaties hoogtij vieren.

Begin 2015 is de EPC waarde van een woning al fors teruggebracht van 0,6 naar 0,4. Over amper vier jaar moeten nieuwe woningen bijna energieneutraal zijn. Ze mogen dan nog slechts net zoveel energie voor verwarming en warm water gebruiken als er wordt opgewekt. “Dat lukt niet meer door een paar PV-panelen extra op het dak te leggen, zoals dit jaar wel nog is gebeurd bij de overgang van 0,6 naar 0,4”, zegt Jordy Schouten, verkoopleider installateurs bij BUVA. Daarvoor zijn eenvoudigweg de daken op de doorsnee Nederlandse woningen te klein. BUVA heeft voor de transitie van EPC 0,6 naar 0,4 vijf oplossingen uitgewerkt, waarvan er in vier van de vijf een cv-ketel wordt toegepast. Voor de volgende stap, van een EPC van 0,4 naar 0,0 zijn er slechts vier oplossingen, waarvan er twee met een cv ketel zijn ingevuld en de andere twee met een warmtepomp.

Voor Rimme van der Ree, directeur bij Ambrava, distributeur van Samsung klimaatsystemen, staat de warmtepomp op nummer 1 als het gaat om duurzame systemen voor de verwarming, koeling en ventilatie van gebouwen. Duurzame klimaatsystemen zorgen voor méér dan een aangenaam en gezond binnenklimaat. Ze zorgen er ook voor dat dit met een zo laag mogelijke belasting voor het milieu tot stand komt. Met name de luchtwarmtepomp verdient in dit kader aandacht, omdat dit de enige oplossing is die helemaal niets aan de aarde onttrekt.

Bij een waterwarmtepomp blijven we energie aan de bodem onttrekken, terwijl energie in lucht oneindig beschikbaar is. “De luchtwarmtepomp creëert een vicieuze cirkel van energie”, zegt Van der Ree. “Elk gebouw verliest energie door het dak, de deuren, ramen en vloeren. Deze energie wordt teruggegeven aan de lucht. De luchtwarmtepomp pakt deze op en hergebruikt deze.”

Warmtepompen in combinatie met decentraal opgewekte groene stroom – met de zon of wind – én vergaande isolatie vormen de weg naar de energieneutrale woning. Rimme van der Ree: “Voor elke kW elektrische energie die je in de warmtepomp stopt, krijg je 4 kW energie terug. En we hebben al pompen met een COP waarde van 5. Ook bij -10 haalt de warmtepomp voldoende energie uit de lucht om de woning te verwarmen.” Hij bestrijdt de veelgehoorde opmerking dat warmtepompen in de winter onvoldoende warmte uit de buitenlucht kunnen winnen. “In de natuurkunde is het pas koud bij -273. Dus tot -100 hoeven we ons geen zorgen te maken over de effectiviteit van de warmtepomp.”

Voor een eerlijke vergelijking tussen gasverwarming en warmtepompen moet je rekening houden met de PER-factor (primary efficiency rate), die het verlies weergeeft dat optreedt tussen de primaire energiebron en de hoeveelheid warmte in het gebouw. Bij het transport van gas naar de woningen treedt 10% verlies op. Dat moet je dus eigenlijk aftrekken van het rendement van de cv-ketels.

Toch denken de fabrikanten van cv-ketels op aardgas, verenigd in de VFK, dat de vertrouwde technologie wel degelijk inzetbaar blijft voor energieneutrale woningen. Henk Sijbring, voorzitter van de VFK: “We denken allereerst dat er een isolatieslag gaat plaatsvinden. Daarnaast zullen de cv-ketels nog zuiniger worden. In combinatie met andere technieken, zoals warmtepompen, kunnen we zo tot de 50% reductie van het energieverbruik in alle woningen komen.”

Bij de VFK gelooft men in hybride oplossingen: keteltechnologie met bijvoorbeeld warmtepompen, micro-WKK of systemen voor thermische energieopslag van zonlicht. “De ketelfabrikanten zitten echt niet stil. Vanuit het maatschappelijk verantwoord ondernemen voelen wij ons verantwoordelijk iets aan de klimaatdoelstellingen te doen”, zegt Henk Sijbring. Hij gelooft echter niet dat de warmtepomp alleen de oplossing is. Om deze optimaal te laten draaien, heb je voor de piekmomenten nog een ketel nodig, zegt hij. “Met de combinatie haal je uit beide systemen het maximale rendement.”

Daarnaast denken de ketelfabrikanten dat de cv-ketel nog langer houdbaar is als we overstappen op groen gas. Biogas maar ook Power 2 Gas. Daarmee zijn recent in Duitsland maar ook al in Nederland de eerste proeven gestart. Duurzaam opgewekte elektriciteit wordt hierbij omgezet in waterstof, waaraan CO2 wordt toegevoegd waarna methaan ontstaat. Dat heeft dezelfde structuur als aardgas. Gas kan zo een duurzame energiebron worden voor verwarmingsdoeleinden. “Zo ontstaat een mooi speelveld van energiebronnen die beide groen zijn: electra als er zon en/of wind is en altijd gas.”

Dat denkt ook Jordy Schouten van BUVA. Hier gelooft men dat de cv-ketel als stand alone systeem op lange termijn geen houdbaar product is. Daarvoor worden de EPC-eisen die aan nieuwbouw worden gesteld te hoog. De cv-ketel vervangen door een warmtepomp is evenmin een oplossing, denkt Schouten. “Bij een warmtepomp blijft het tapwater een probleem. We willen allen graag onder een regendouche staan. De energiebehoefte om tapwater te verwarmen, is te groot voor een warmtepomp. Daarom geloven wij in de warmtepomp voor de verwarming aangevuld met een cv-ketel voor warm tapwater.”

De voordelen van een dergelijke combinatie zijn dat de ketel veel minder branduren gaat maken – en dus minder CO2 uitstoot – én de warmtepomp eventueel zelfs gebruikt kan worden voor het koelen van de woning in de zomer. De hogere isolatie-eisen houden de temperatuur namelijk niet alleen in de winter goed binnen. Daardoor wordt het belang van goede ventilatie overigens alleen maar groter om zo een gezond en aangenaam binnenklimaat te houden.

Bij BUVA ziet men daarom de komende jaren een integratie ontstaan van verwarmings-, koelings- en ventilatiesystemen. Nu al kan men met de SmartStream woonhuisventilator detecteren of er mensen aanwezig zijn in een ruimte en dan gericht gaan ventileren, terwijl in andere ruimten de warmte wordt vastgehouden.

Jordy Schouten denkt dat de intelligente aansturing van ventilatiesystemen op basis van gedetecteerde aanwezigheid verder gaat toenemen. “Overal komen sensoren en systemen gaan meer en meer met elkaar communiceren. Ook daarmee kunnen we een besparing op de energie realiseren.” Met de SmartStream woonhuisventilator reduceert BUVA het energieverbruik van een reeds vraaggestuurd ventilatiesysteem nog eens met circa 40%.

Een opvallende stap op de komende VSK zet Magnum Heating, dat meer dan 20 jaar geleden met een volledig elektrisch vloerverwarmingsysteem op de markt kwam. Dit jaar vindt de introductie plaats van watergedragen vloerverwarmingssystemen.

Michael Utermark van Magnum Heating ziet beide marktsegmenten groeien. Elektrische vloerverwarming omdat warmtepompen en PV-installaties heel goed passen bij de energie neutrale woning. “Maar we denken dat bij de renovatie van bestaande woningen de cv-ketel een belangrijke rol blijft spelen.”

Daarom is het nieuwe systeem zo ontwikkeld dat het op bestaande dekvloeren kan worden aangebracht. In de dunste uitvoering is het systeem slechts 9 mm dik, terwijl er ook een systeem komt dat juist geschikt is voor renovatieprojecten. Bij Magnum Heating denkt men dat de radiator aan de wand zijn langste tijd heeft gehad. “Op lange termijn zullen deze verdwijnen. Het is een minder rendabele manier van transport van warmte. Lage temperatuursystemen zijn daar beter voor geschikt.”

Een andere route naar energiebesparing is het verbeteren van de besturingssystemen. Alex van Haaren ziet de komende jaren de iPad als tool in de gereedschapskist van de installateur belanden. “Door het inregelen van de systemen te verbeteren, zelfdenkende thermostaten en regelingen die aansluiten op leefpatronen van mensen, kunnen we nog veel verbeteren voor een hoger rendement aan de bron.”

Magnum Heating introduceert op de VSK 2016 een nieuwe thermostaatlijn die met een smartphone bediend wordt. Ook domoticasystemen gaan qua besturing de cv-installatie bedienen. Dat betekent wel dat het kennisniveau van de installateurs absoluut omhoog moet, merkt VFK-voorzitter Henk Sijbring op. “De installatiebranche gaat naar een hoger niveau. Er is meer kennis van meet- en regeltechniek nodig. Ook beheer en onderhoud op afstand nemen hand over hand toe.”

Voor meer informatie: www.vsk.nl